30.05.2010 - Pedrouzo - Santiago de Compostela, 20,1 km

Omdat Annemie geen armbanduurwerk had en er al vroeg rumoer was, wekte ze mij ook, het was toen net 5 uur voorbij. We ontbeten en toen we klaar waren, vertrokken we, niet als enigen. Weldra bereikten wij een bos, dus haalde ik mijn zaklamp uit en dat was echt nodig, want het was geen sinecure de wegwijzers te zien. Zelfs andere pelgrims moesten op hun stappen terugkeren. Gelukkig begon de dag weldra te krieken zodat ik na zowat een half uur mijn zaklamp kon wegbergen. Ineens waren er geen sokkels meer met afstanden, maar nog wel duidelijke wegwijzers, dat bevestigt dus ons vermoeden dat de afstanden die er op staan, niet kloppen (ik denk dat ze tellen tot de stadsgrens, reken er dus 5 km bij). We naderden ons einddoel zienderogen, dat bleek aan de luchthaven, de Tv-studio’s van eerst TV Galicia en dan RTVE (zender die ik “dankzij” Telenet hier niet meer ontvang…). Nadien bereikten we Monte do Gozo, de laatste helling van onze tocht. Daar was het ook behoorlijk druk, men kan er tevens overnachten, en er is een camping. Maar wij hadden enkel een stempel voor ons boekje gewild, en toen we die helling over waren, kon ik het niet laten een vreugdekreet te slaken. We waren er nog niet, maar ’t scheelde niet zo veel meer. Het bord van Santiago (te vergelijken met ons verkeersbord voor bebouwde kom) staat op een brug, maar het duurde toch nog een tijdje, we moesten eerst de helft van de stad door tot we aan de kathedraal kwamen. Voilà, we waren er, onze pelgrimstocht was beëindigd.
We gingen dan naar de dienst voor de pelgrims in een straat nabij de kathedraal, daar kregen we onze eindstempel maar ook een bewijs, in het Latijn opgesteld, dat we de pelgrimstocht gedaan hadden (men wilde nog wel weten of we onderweg geen bus genomen hadden). Dan gingen we onze rugzak (zonder wandelstokken) in bewaring geven voor 1 EUR, want met rugzak mocht men de kathedraal niet binnen. We gingen eerst naar het toerismebureau, waar men ons verzekerde dat de openbare pelgrimsherberg, in een gebouw van het klein seminarie (Seminar Menor), nog plaats genoeg had, en men toonde ons op een stadsplan hoe we er moesten geraken. Maar eerst gingen we naar de kerkdienst, die volledig in het Spaans was, behalve dat een Duitse ook een woordje mocht plaatsen voor Duitse pelgrims. Het moment suprême, na het uitdelen van de communie (zodat wij wat konden opschuiven voor een beter zicht), was natuurlijk het bewieroken van de pelgrims en andere aanwezigen, dat wierookvat is zo groot en zwaar dat het aan een dik touw hangt waaraan wordt getrokken door twee of drie mensen, zo zwiert dat vat over en weer, tot bijna aan de gewelven. Na de dienst gingen we navragen waar we het beeld van Sint Jacob vonden om te omhelzen, maar daarvoor stond steeds een lange file, en wij hadden al genoeg op onze voeten gestaan, we hadden geen zin in die file. In de kathedraal zelf staat wel nog een beeld van Sint Jacob op zijn paard, dat was toen hij de Moren verjoeg (in het Spaans: Santiago Matamoros). Waarschijnlijk is het daarom dat wij in de stad geen gehoofddoekte moslims zagen...
Daarop gingen we ons verblijf zoeken, dat ligt een eindje verder en we konden enkele trappen bestijgen. Maar het was de moeite waard, al moesten we ook daar weer wachten tot we aan de beurt waren. We moesten dan naar de hoogste verdieping, de derde, zonder lift dus met de trappen. Maar we mochten in de derde rij, waar geen vierde rij rechtover stond, daar waren alleen ramen die uitgaven op een fraai onderhouden binnentuintje. Ook nu hadden we een kast voor onze bagage en, voor het eerst, geen stapelbedden, dus Annemie moest geen trapje meer op (dat deed ze liever dan het onderstel van een bed boven haar te zien). Hier was in de ruime keuken wel genoeg kookgerief maar voor onze laatste dag gingen we op restaurant. Het werd een Italiaans restaurant met een ruime keuze aan pastabereidingen. We gingen ook enkele souvenirwinkels langs voor een T-shirt en enkele aandenkens, in een gespecialiseerde winkel kochten we flessen Orujo, en we waren zo bepakt, dat we een taxi terug namen. Terug in de herberg dronken we in de kelder, waar de keuken is, alsook de eetzaal maar tevens een winkeltje, warme chocolade uit de koffiemachine, voor amper 60 cent. Slapen deden wij natuurlijk heerlijk.
Mijn fotoalbum: http://picasaweb.google.be/helgavds/Pelgrimstocht


