Naar de inhoud

goegestapt

akke.beakke.be

Categorie: Reisduif

Bezoek aan Hamburg, mei 2018

10.05: Gisteren vertrok ik na 07:00 uur naar Hamburg waar ik, door enkele zelf gekozen stops (tanken, eten, ...) vooral in de files veel tijd spendeerde zodat ik pas rond 18:00 uur aan het hotel aankwam. Ik ging dus nergens meer heen, behalve bij de nabije dierentuin kijken wanneer de poort open ging. Maar vandaag bezocht ik de stad. Eigenlijk zocht ik eerst vruchteloos naar de halte voor de HafenCityRiverBus, een bus die ook als bootje vaart. Eerst zocht ik in de Brooktorkai naar huis nummer 16, maar vond enkel de panden met huisnummer 18 en 20. Bij ons zou huisnummer 16 dan aan de andere kant van het pand met huisnummer 18 staan, maar hier niet. smiley-surprised.gif De receptionist van het nabije Maritiem Museum stuurde mij naar het station (Hauptbahnhof), dus stak ik eerst mijn licht op bij de DB, en daar stuurde men mij naar het HVV ("De Lijn" voor Hamburg), daar zei men mij dat ik moet telefoneren, en gaf me een informatiekaart, waar ook een e-mail adres en een website adres staan. Toen ik het station verliet, stond daar net zo'n toeristenbus waar je op de verdieping geen dak hebt (behalve als het zou regenen, dan kan het dak wel dicht). Die bus reed natuurlijk langs de belangrijkste plekken maar ook langs minder bekende plekken en de gids bracht me op een idee voor morgen: rond de Aussenalster wandelen. Ik stapte uit aan de Speicherstadt, waar die Brooktorkai gelegen is, maar nog geen huisnummer 16 gelokaliseerd. Dus ging ik met het stadsvervoer naar de Landungsbrücke want toevallig dit verlengd weekend viert de haven van Hamburg een hoge verjaardag: de 829ste. Ik wandelde wat heen en weer, ontmoette zo per toeval een Duitse wandelkennis (en zijn broer), kocht een T-shirt in het Hard Rock café en wachtte dan, boven op het metrostation, op de zeil- en andere schepen. Intussen werd het weer iets minder fraai, het had al gedruppeld, in de verte weerklonken donderslagen en de temperatuur was gezakt. Nadien ging ik terug naar het hotel voor het avondmaal. 

11.05: Na het ontbijt telefoneerde ik (gratis van op de kamer!) naar dat nummer op die informatiefolder over de rivierbus, maar niemand antwoordde, het was nog geen tien uur... Dus nam ik het openbaar vervoer naar het centrum en nabij het stadhuis stuurde ik een mail naar dat adres. Na tien 10 kreeg ik antwoord dat ik om 15 uur mee kon. En dan wandelde ik rond de Aussenalster, een stadsmeer waarrond een pad gelegen is, en die is 7,4 km lang, juist 100 m korter dan het pad rond de laguna in Ipanema, Rio de Janeiro. smiley-smile.gif Ik liet het stadsmeer aan mijn linkerkant en moest maar enkele meters een eindje langs de openbare weg zonder zicht op de oevers, voor de rest had ik een goed zicht op de plas. Zo passeerde ik aan de andere kant huizen en flats waar je wellicht goed voor in de slappe was moet liggen alsook een moskee met twee minaretten die blijkbaar bovenaan groot genoeg zijn voor een muezzin (maar ik vraag me wel af of die minaretten wel geluid voortbrengen met al die bewoning errond). Wanneer ik ongeveer 3/4 van het meertje rondgewandeld heb, nam ik een pauze op een groot terras, en ging dan verder terug naar de twee bruggen die de Aussenalster van de Binnenalster "scheidt" (het water loopt door). Ik wandel nog een stuk langs die Binnenalster tot waar de twee stadskanalen uitkomen. Overigens is op de oever van de Aussenalster het Alsterpark aangelegd met veel bebloemde struiken, veel watervogels (vooral eenden) en zelfs enkele standbeeldjes en een paar Japanse attributen. Er is ook meer sportieve bedrijvigheid dan op de lagune in Ipanema (daar zou het water niet bepaald zuiver zijn, dat was al een klacht tijdens de Olympische Spelen, twee jaar geleden). 

Dan ging ik terug naar de Brooktorkai, maar ik was veel te vroeg dus ging ik eerst iets eten in een groot Italiaans restaurant met buffet en bediening aan de toog. In mijn reisgidsje las ik over een restaurant op de Brooktorkai 17, daarnaast vond ik inderdaad de halte voor de rivierbus en dat voor een gebouw dat huisnummer 16 draagt... Bizarre toekenning van huisnummers hebben ze hier. Rond 14:45 uur kwam de bus eraan, en ook ik meldde me aan. Maar de gids zei dat zijn collega in het kantoor mijn naam niet doorgegeven had... Ik werd dan opgeschreven voor de bus om 18:00 uur.  Ik wandelde dan nog wat rond in de winkelstraat tussen het stadhuis en het station alvorens op het gemakje terug te keren naar de bushalte. De rivierbus vertrok eigenlijk een paar minuten voor zes uur, maar het is dan ook geen gewone bus met diverse haltes. Al zijn er in de bus wel belletjes om een halte aan te vragen. smiley-smile.gif Dat is verplicht net als b.v. een scheepsklok, alles wat een bus moet hebben en alles wat een bootje moet hebben zit er in. Zolang de bus op de openbare weg reed, vielen er wel enkele trekpleisters te zien, maar eens het water in, was juist dat het sensationele. We voeren langs een steenkoolfabriek, aanlegsteigers voor private boten, onder een brug door, tot aan de Holzhafen en langs dezelfde weg terug. 

Ik ging dan terug naar 't hotel, ditmaal met de bus vanaf het stadhuis, om eens wat meer te zien van de stad dan enkel metrostations. Tijdens het avondmaal zag ik ineens enkele spelers van Borussia Mönchengladbach (de tegenstander van morgen) passeren. Hazard heb ik niet gezien of herkend, alleen de enige speler met (te) lang haar.

12.05: Om geen openbaar vervoer te "moeten" nemen en toch iets te zien, ging ik (net als enkele jaren geleden) naar de nabije zoo, Hagenbecks Tiergarten. Daar passeerde ik zo'n 2 1/2 uur met dieren kijken en fotograferen, alvorens terug naar het hotel te gaan om enkele supportersattributen. Toen ik net de zoo buitenwas, zag ik opnieuw enkele spelers van de tegenstander, en deze keer herkende ik duidelijk Hazard. Ik riep hem aan en vroeg, in 't Frans om zeker te zijn dat hij het begreep, om niet te overdrijven, "wij" willen in eerste Liga blijven. smiley-wink.gif En de rest van het verhaal staat bij de rubriek over HSV. 

's Anderendaags, na het ontbijt, betaalde ik de rekening, gaf de sleutel terug en reed terug naar huis, deze keer niet via Bremen met de vele wegenwerken over lange afstand, maar via Hannover. Het weer viel goed mee, behalve die paar uurtjes op donderdagnamiddag, met volop zon en aangename temperaturen.

Mijn foto's staan bij Google.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Helga om 00:00

Peru, 24 september – 11 oktober 2017

24.09 Brussel - Lima

We vertrekken per lijnvlucht van Iberia naar Lima via Madrid (waar ik een broodje met warme chocolade doorspoel) en komen nog dezelfde dag aan, want Peru heeft nog zeven uur te goed op West-Europa. Tussen Madrid en Lima krijgen we drie keer te eten: 1 keer warm, twee keer een broodje. Bij aankomst in de luchthaven van Lima onthaalt Ruth ons, Domingo rijdt ons naar het hotel, Casa Andina Select Miraflores. Aan de naam te zien ligt dat hotel in het stadsdeel Miraflores, een van de betere buurten van de hoofdstad. Veel spoken we 's avonds niet meer uit.

25.09 Lima

Met Agnes als gids brengen we een eerste stadsbezoek aan Lima, maar dan wel op wandelafstand. Eens in de buurt van de kustlijn, test ze gymnastiektoestellen uit, dat is iets typisch in Latijns-Amerika, in Rio de Janeiro en Santiago de Chili heb ik dat ook al gezien (maar Denderleeuw zou dat ook hebben, achter 't Kasteeltje in de Stationsstraat). We genieten van het uitzicht op de kustlijn en wandelen door het Parque de Amor. Dat park ligt op de klippen van Chorrillos. Er staat een langgerekte zitbank met romantische zinnen in mozaïektegels en er staat een standbeeld van twee geliefden die elkaar beminnen. Volgens Agnes zou er een wedstrijd (geweest) zijn wie om 't langst kan kussen. We gaan dan middagmalen in de Vivienda, zo'n restaurant als ik er in Ipanema ook een weet zijn: je betaalt volgens het gewicht wat op je bord ligt, of dat nu geraspte groentjes zijn of een flink brok vlees.

Met Ruth brengen we in de namiddag een bezoek aan het historisch centrum, beginnend met de Plaza Mayor (tiens, niet de Plaza de Armas, er zal geen arsenaal onder opgeslagen geweest zijn) met het stadhuis, de kathedraal en het bisschoppelijk paleis. Het eerste gebouw wat we bezoeken is het San Francisco klooster met basiliek, een prachtig voorbeeld van koloniale architectuur, Het werd in 1546 gebouwd in barokke stijl. Wij bezoeken de Casa Aliaga, de best bewaarde koloniale woning (Aliaga was een vriend van Francisco Pizarro die Peru kolonialiseerde), de residentiële wijken Miraflores en San Isidro gelegen aan de oceaan. Ruth doet het eerst overkomen alsof wij bijzonder gegunstigden zijn dat we deze villa mogen bezoeken, maar 't staat gewoon op het stadsplan. Nadien wandelen we terug naar het hotel.

Foto's.

26.09 Lima - Chiclayo

In de buurt van Lima ligt de pre-Inca site van Pachacamac en die bezoeken we. Deze site was een belangrijk pelgrimsoord en bestaat uit verschillende paleizen en tempels die gebouwd werden ter ere van de god Pachacamac. Pre-Inca, dus, voor hen woonden daar de Yunca's, dat waren landbouwers die irrigatiekanalen groeven. Ze versierden hun gebouwen met bas-reliëfs en fresco's, en waren bekwame goud- en zilversmeden Op die site staat het Taurichumpigebouw, of toch de muren, uitgegraven in de jaren '60 door Alberto Bueno. Terug in Lima verorberen wij in het bekende La Rosa Nautica restaurant (wat we daags voordien tijdens de ochtendwandeling zagen liggen) het middagmaal en we krijgen er eerst een pisco sour. Nadien bezoeken we het Museum voor Antropologie en Archeologie, rijk aan aardewerk en textiel. In de late namiddag nemen wij het vliegtuig naar Chiclayo in het Noorden.

Foto's

27.09 Chiclayo - Trujillo

Na het ontbijt bezoeken we het Museo Tumbas Reales, waar binnen niet gefotografeerd mag worden (er is zelfs controle...) en waar de recent ontdekte graftombes van de Heren van Sipan ondergebracht zijn. De Moches waren de meest vooraanstaande beschaving voor de komst van de Inca's. Zij begroeven hun leiders met hun kostbaarste bezittingen. In Chiclayo krijgen we lekkers te eten en op weg naar Trujillo bezoeken wij in het Archeologisch Complex van El Brujo (= de tovenaar). In het museum mag ook alweer niet gefotografeerd worden, gelukkig wel errond, waar prachtig gedecoreerde muren staan. van de rijk getatoeëerde mummie van de Lady van Cao, een 25 jarige vrouwelijke leider, heb ik dus ook geen eigen beeldmateriaal. Het beeld van gevangenen en soldaten werd beschadigd door goudzoekers. Tegen de avond komen we aan in Trujillo, gekend voor zijn koloniale huizen met typische balkons en patio's en waar we in het hotel een welkomstdrank krijgen (pisco sour).

Foto's

28.09 Trujillo - Lima

We brengen een stadsbezoek aan de barokke kathedraal (gewijd aan de Heilige Maria, de bouw duurde van 1647 tot 1666), de nationale bank, de Casa Emancipación (BBVA bank). maar niet aan de Plaza de Armas, want die is afgesloten met doeken (wegens werken aan het park ter gelegenheid van het bezoek, begin volgend jaar, van de paus). Buiten het stadscentrum bezoeken we zonne- en maantempels (of toch deze laatste). Vooral de piramide van de maan is indrukwekkend. De stenen, die voor de muren gebruikt werden, werden door de burgers zelf gemaakt (adobestenen werden niet in een steenoven gebakken maar gewoon in de zon te drogen gelegd) en kregen een tekentje zodat duidelijk was wie welke stenen ter beschikking gesteld werden. Deze piramide van de maan is bedekt met veelkleurige bas-reliëfs van bovennatuurlijke wezens met uitpuilende ogen en scherpe hoektanden. In het Museo Huacas de Moche ("huacas" zijn heiligdommen) mocht alweer niet gefotografeerd worden.

In Huanchaco gaan we lekker eten, 't is in buffetvorm, dus je kan kiezen wat je graag lust, ik schuif twee keer aan met mijn bord, en als dessert krijgt iedereen ijs van lucuma (lekker en nog gezond op de koop toe!). Intussen is er een opvoering door een danskoppel dat de wedstrijd La Manirera gewonnen had. Op het strand van Huanchaco zien wij vissers die nog steeds gebruik maken van hun ˜caballitos de totora", de letterlijke vertaling van kleine paarden uit totora riet geweven. Zo'n bootje kan door 1 visser bestuurd worden. Daarna verkennen wij Chan-Chan, de grootste adobe stad ter wereld en hoofdstad van de Chimu beschaving. De muren dragen er geen kleuren maar wel reliëfs, ook mooi. In een muur zijn al reparaties gebeurd, waar enkele vissen vervaagd zijn, zijn dat de originele. Nadien vliegen we terug naar Lima en dat vliegtuig loopt 15 minuten vertraging op.

Foto's

29.09 Lima - Paracas - Ica

Om 4.15 staan we reeds op, we hebben om 5u ontbijt en om 5.30 vertrekken we naar Paracas met gids Pedro (tot Arequipe) en chauffeur Máximo. Halverwege houden we een sanitaire stop in Asia. Nadien, in de bus, krijgen we een document in het Engels waarin Lima Tours alle verantwoordelijkheid afwijst voor gebeurlijke ongevallen tijdens de bootuitstap (en 's anderendaags voor de vlucht over de Nascalijnen) en wie mee wil, ondertekent dat, ondanks hevige discussie (Trees doet dat niet, dus zij blijft aan wal). Eerst varen we traag bij een eiland met de Kandelaar op een heuvelrug (wat doet denken aan de Nazcalijnen). Dan blijven we lang rond de Ballestaseilanden dobberen, zien daar pelikanen, jan-van-genten, aalscholvers, zee- en Peruaanse meeuwen, Humboldtpinguïns en zeerobben. Terug aan wal eten we zeevruchtensoep op een terras in Paracas, wandelen wat langs souvenierkramen en winkels. Rijdend van Paracas naar Ica wordt het steeds warmer, reeds tot 31 graden in de bus. In het hotel worden we welkom geheten met een drankje (pisco met passievruchtensap), toewijzing van de kamer en om 16.30 is er een rondleiding. Tijdens de uitleg onthoud ik dat witte en rode wijn naar Lima (Pachacamac) vervoerd wordt, de pisco blijft hier (druiven voor pisco worden geoogst in maart-april). Voor de zonsondergang met cava op domein buiten hotel moeten we het laatste stuk helling op wandelen. Nadien keren we op dezelfde manier terug: te voet de heuvel af en net buiten het domein met de bus terug naar het hotel voor een wijnproeverij: sauvignon (wit), malbec-merlot (rood), moscatel (wit), dessertwijn, vooral bij fruit.

Foto's

30.09 Ica - Nazca

Onderweg naar Nasca (Palpa) neem ik een foto van droog landschap. Maria Reiche onderzocht de Nascalijnen en woonde in het huis dat nu dat een museum is (maar dat bezoeken we niet). Nasca- en Palpalijnen werden eerst ontworpen en dan uitgetekend door stenen en rotsen opzij te leggen. We melden ons aan als voor een reguliere vlucht, worden gewogen (om de plaatsen in het vliegtuig toe te wijzen, maar ik denk niet dat er onderling grote verschillen zijn) en wachten dan, nogal lang, onze beurt af. Nadine en Luc kunnen mee met een eerder vliegtuigje en met mensen die zij niet kennen. De rest (zonder onbekende medepassagiers) van ons vliegt ook tot 2500 voet hoog en dat 4 km lang. Steeds kondigt de piloot aan welk beeld we moeten herkennen, fotograferen is iets minder eenvoudig met een eenvoudig fototoestel als het mijne. Wanneer we terug voet aan grond zetten, nemen we een lichte lunch nabij het hotel. We bezoeken dan eerst het kerkhof van Chauchilla met mummies, waarbij in het graf steeds aarden potten staan. Het is opnieuw zonnig bij zo'n 30 graden. Een Peruaanse griel loopt daar ook rond. Nog voor we naar het hotel rijden bezoeken we een ceramist in Nasca, hij maakt & verkoopt zelfgemaakte kunstwerken van Nasca-cultuur.

01.10 Nazca - Arequipa

We houden een fotostop voor een breuk na een aardbeving en een sanitaire stop in Yauca, waar ook olijven en afgeleide producten geproefd en gekocht kunnen worden, achteraan de winkel staan hanenhokken met vechthanen. Pech onderweg met een aandrijfriem, de 2 chauffeurs lossen het op, nabij Arequipa. We houden ook een koffiestop in Chala en terug in de bus is het vragenuurtje voor Pedro... Ik vraag naar "Taxi Cholos", dat zijn motortaxis, het idee komt uit India. Zo'n motor kost ongeveer 3500 Soles, een rit kost 3 Soles. Taxi cholos mogen niet op de Transamerican (maar ik zie ze wel eens op parallelle wegen). Ze worden vooral gevraagd naar en van de markt of de scholen. Mijn tweede vraag gaat over de politiekorpsen, wat ik van Pedro versta is iets anders dan wat Agnes vertaalt. Civiele en republikeinse politie zijn samengevoegd in de Nationale politie (maar ik zie toch diverse korpsen, hoor, ook later in Arequipa). Intussen rijden we door de Ocona vallei. We smullen een ferme maaltijdsoep (sopa criolla met ei, spaghetti en stukjes vlees) in Camana, waar we wel dicht op elkaar zitten. Dan maken we nog een mooie rit naar Arequipa, de witte stad met op de achtergrond de El Misti vulkaan. Het hotel heeft 5 sterren maar bij aankomst neem ik er in gedachten een af omdat het zwembad en de jacuzzi wegens onderhoudswerken niet beschikbaar is.

02.10 Arequipa

We wandelen naar het klooster van Sta Catalina di Siena waar we gids Lizzie ontmoeten, Sta Catalina di Siena is de patroonheilige van 't klooster dat gebouwd werd in 1579 uitgebreid in de 17de eeuw. Dat klooster is eigenlijk een stadje binnen de stad, daar zouden nu nog 20 nonnen verblijven, maar we ontmoeten er nauwelijks een. De stichtster van het klooster was een rijke weduwe, María de Guzmán. De traditie destijds wou dat de tweede zoon of dochter van een familie zich tot de kerk zou wijden en dit klooster aanvaardde enkel vouwen van de hogere Spaanse klasse. Elke familie betaalde een soort bruidsschat wanneer hun dochter toegelaten werd tot het klooster. De nonnen moesten ook 25 opgesomde zaken meebrengen, daarbij een standbeeld, een schilderij, een lamp en kledij. De rijkste nonnen brachten wellicht fijn Engels porselein, zijden gordijnen en tapijten. Hoewel het voor minder begoede nonnen mogelijk was om in te treden zonder een "bruidsschat" te betalen, zien we aan de cellen (bijna appartementen met meerdere ruimtes en fraaie meubels) dat de meeste nonnen zeer rijk waren We zien twee kleuren op de gevels en die hebben een betekenis: bruine verf duidt op aarde, blauw op hemel. Sommige "straten" zijn naar Spaanse steden genoemd, zoals Sevilla, Córdoba, enz. Nadien bezoeken we de Jezuïetenkerk met een barok altaar en een binnenplein waar nu winkels met alpaca-kleding gevestigd zijn. We rijden naar Yanahuara (vanwaar we 3 vulkanen zien) en Carmen Alto (om naar de terrascultuur te kijken) voor de mooie panorama's. Op een van mijn foto's staan papaya, passievrucht, maca, cocablaadjes en afgeleide producten. Na het lekker middagmaal met "chicha morada" (fruitsap gemaakt van purper graan en kruiden, lijkend op rode bietensap) gaat elk eigen weg. Ik zoek met Isabelle, Ilse, Suzanne en Hubert om geld te wisselen, we bezoeken alpacawinkels, doen een terrasje, bewonderen de kathedraal en wachten op de Plaza de Armas op Trees. We gaan, in dezelfde straat waar we op 't terras zaten, een hapje eten en keren dan naar het hotel terug.

03.10 Arequipa - Colca Canyon

Onderweg, in de bus, toont Lizzie hoe de Peruanen hun cocabladeren klaarmaken om op te sabbelen (tegen honger en vermoeidheid): in een stapeltje van zo'n 5 blaadjes draaien ze een "catalizer" en proppen die daar dan in hun wang (ze knabbelen er niet op), dat is afgeraden na 16 uur, anders slaap je niet. Langs een spectaculaire weg rijden we naar de Colca Canyon. We zien indrukwekkende vulkanen (Chachani, Misti, Pichu Pichu) en passeren uitgestrekte grasvlaktes waarop vicuñas (die worden om de 3 tot 4 jaar geschoren, enkel op de rug), alpaca's en lama's grazen. We houden halt aan mooie uitzichtpunten en passeren kleurrijke stalletjes waar lokale vrouwen hun koopwaar uitstallen, er passeert ook een goederentrein met koper, een rit van 10 uur. Onderweg op 4018 m hoogte stoppen we voor een thee van cocabladeren of verschillende kruiden, zoals ik (behalve cocabladeren liggen er ook muntblaadjes in). Nadien stopt de bus nog aan een wijde waar veel lama's en alpaca's liggen en staan te wachten om gefotografeerd te worden. Na weer enkele kilometers stoppen we aan een schooltje om het klasje te bezoeken. De onderwijzeres geeft vandaag les aan drie jongens van verschillende leeftijden. Wanneer de ene aan een taak werkt, geeft ze les aan de andere. Aan de affiches te zien, geeft ze alle vakken, ook Quechua. De 2 oudsten komen met de fiets vanaf het werk van de moeder, de jongste (Carlos, 7 jaar, 2de schooljaar) wordt gebracht met de brommer. Ze amuseren zich kostelijk met ballons van Suzanne, vooral nadat Isabelle toont hoe ze de lucht zodanig kunnen lossen dat de ballon een fluitend geluid maakt. We krijgen een buffetmaaltijd in het centrum nabij de Plaza de Armas. We stoppen nog eens in een dorpje waar de markt gehouden wordt (Suzanne en Hubert kopen er nog pootaardappelen). Wij verblijven in de buurt van Chivay in een bijzonder mooie omgeving. Nadat de kamers verdeeld zijn, is er nog tijd om op het domein te wandelen. 's Avonds, maar nog voor het avondmaal, plons ik nog in het thermaal bad, samen met Agnes, Trees, Ilse en Isabelle.

04.10 Colca Canyon - Puno

Alvorens we naar de condors kijken, stoppen we in Yanque om te kijken naar dansers in vrouwenkleding, ook mannen. Vroeger mochten meisjes niet uitgaan met jongens en die verkleedden zich dan als meisjes. De meesten van ons gaan ook even de kerk binnen. Dan rijden we (eindelijk) naar de condorvallei. We moeten een poos wachten eer de eerste condor zich toont, in totaal kunnen er wel vijf zijn. Er is veel volk om de gieren te fotograferen, het domein is ook groot met enkele terrassen. Ik moet wel denken aan het condor kijken in Colombia (2012): dat was toen in een stiltegebied en er was veel minder volk, alleen de Hobo-groep, het was toen ook gemakkelijker om de condors van dichtbij te fotograferen. Na de condorshow, rijden we verder naar het dorp Maca voor een pauze en kunnen er sancayo proeven, de vrucht van een cactusplant, en om de Sta-Ana-kerk te bezoeken. We houden onze picknick (waar Lima Tours voor zorgde) op hetzelfde terras waar we gisteren inca-thee dronken. Dan hebben we nog ongeveer 4 uur rijden tot Puno voor de boeg, maar onderweg stoppen we voor wat foto's op, letterlijk, het hoogtepunt van de reis: aan het uitkijkpunt van de Andes op 4910 m hoogte, met zicht op de Cordillera Volcánica en de Centrale Andes. Verder passeren we lagunes met Chileense flamingo's. We stoppen aan het "bergmeertjes-uitkijkpunt", op 4444 m hoogte. Als we dan in Puno zijn, hebben de grootste geluksvogels in het hotel zicht op het Titicacameer. 's Avonds zijn we niet voltallig om te avondmalen (enkelen lijken toch wat last te hebben van de hoogte, bij mij bleef de hinder eerder beperkt).

05.10 Puno - Titicaca meer - Puno

Met gids Suleima en chauffeur Eddy rijden we naar de haven voor inscheping voor een ganse dag op het Titicacameer, 's werelds hoogstgelegen bevaarbare meer. De totale oppervlakte is 8560 km², de lengte maximaal 165 km, en de langste breedte is 60 km. We stappen uit op een vlottend eiland (het water eronder is 15 m diep) van het Uros-volk dat drijft op compact geperste rietwortels (dat drijft als kurk). De voorzitter van het eiland, bestaand uit 11 blokken, Elias, helpt Suleima met een demonstratie: blokken bijeen binden en dan 2 m riet opleggen. Dit eiland telt 5 families, 18 personen. De vrouwen moesten vroeger, voor de toeristen kwamen aanmeren, mee helpen met de mannen maar sinds ze toeristen ontvangen, doen ze bijna niets anders dan souvenirs maken (vooral naaien, rieten souvenirs maken de mannen), vandaar dat ze er wat gezet uitzien. Met een rieten boot roeien Elias en een oudere man ons naar een ander eiland, daar krijgen we stempel in ons paspoort. Daar schepen we weer in op de catamaran om op het Taquile eiland aan te meren. Door het microklimaat bloeien de planten daar het hele jaar door. Op het eiland wonen 3000 mensen en ze spreken Quechua (geen Aymara, dat was op het rieten eiland). We wandelen bergop tot na de 2de boog, slaan ervoor linksaf door een houten poortje tot waar de tafel gedekt staat, iedereen heeft zicht op het meer (al zijn er enkele die aan de andere kant van de tafel gaan zitten). Opa is 87 jaar en breit nog lustig met vier naalden. De heupband wordt voor de helft door de man en de andere helft door zijn vrouw geweven, het steunt hun rug als ze iets zwaar dragen en het bewijst hun trouw. Opa, vader, moeder en kleinzoon. Alle 4 dansen ze voor ons en dan nog eens met Nadine, Paula en Isabelle. Dan is 't eten klaar: quinoasoep, zalmforel met rijst, frietjes en groenten, muntthee. We wandelen verder naar de Plaza Principal (er zullen nooit wapens onder gelegen hebben, anders heette het ook wel Plaza de Armas), en dalen dan over ongelijke rotstreden zeer voorzichtig naar de kade. Terug aan wal doen we een wandelingetje rond het hotel doch zien weinig dieren: enkele alpaca's van het hotel en verder spechten, koeten en andere eenden. 's Avonds hebben alleen Paula, Johan en ik trek in een avondmaal.

06.10 Puno - Cuzco

Met de bus rijden wij naar Cuzco en onderweg vertelt de gids dat Puno op gebied van carnaval het Aalst van Peru is. Behalve het weer en wellicht de uitbeelding van thema's is het grote verschil dat Puno geen drie dagen maar twee weken carnaval viert. Tijdens die twee zotte weken wordt daar zoveel bier gedronken dan elders in Peru tijdens het gehele jaar. De eerste stop is in Sillustani, de raadselachtige pre-Inca graftorens, voor hoge graven. Het laag stenen torentje is van de Colla, de grotere met gladde stenen is van de Inka, de zonnetempel staat er nog voor de helft. Het rond graf met laag muurtje is een kindergraf. De ingangspoort naar de graftoren is redelijk laag. Een eindje verder stoppen we aan een boerderij in traditionele bouwstijl. Bovenop de toegangspoort staan twee beeldjes van stieren, om vruchtbaarheid van de grond en de dieren te bekomen van de goden. Voordien zou men daar beeldjes van goden uit hun eigen cultuur opgestaan hebben, maar de Spanjaarden vonden dat verafgoding, dus zette men er stierenbeeldjes op, daar konden de Spanjaarden geen bezwaar tegen hebben. In Juliaca rijdt van alles als taxi: gewone, "toritos" (kleine wagentjes), "taxi cholo" (aangedreven door fiets of moto). Onderweg kopen wij onze eigen lunch in Pucara, voor mij is dat een vegetarische sandwich, 99% pure chocolade en een fruitsapje (wegens de metaalsmaak van het drinkwater dat we in de bus aangeboden krijgen). Dat eten wij op in La Raya langs de weg met zicht op bergen en een passerende passagierstrein op stoom, 3 wagons en misschien restaurantwagon, die naar Puno rijdt, volgens Agnes aan 50 km/h. In Raqchi bezoeken we de ommuurde stad uit de Inkatijd, dat gebouwd werd voor Wiraqcocha. Aan Luc en mij vallen meteen de dakpannen op, die liggen op een muur wat de middelste muur was van een gebouw. Het water uit de bergen wordt naar het artificieel meertje geleid. Een colca is ronde opslagplaats in steen met dak uit speciaal gras (een borée uit de Pyreneeën, maar dan veel groter), daar staan veel colca's en aan enkelen worden herstellingswerken uitgevoerd. Op ca 1 u rijden van Cusco houden we nog een kerkbezoek. We verlaten de bus en worden meteen individueel gefotografeerd. Ik vraag 1 Sol, wat ik betaal wanneer ik iemand in klederdracht of bij handwerk fotografeer (en dat vraag ik nog eerst). smiley-tongue-out.gif In de kerk krijgen we een boekje met cd met foto's, want zelf mogen we geen foto's nemen, zelfs niet zonder flits. In Cusco stappen we over in een minibus, met de grote bagage in een andere minibus en bereiken zo het chique hotel. Het uitzicht van mijn kamer is niet zo chique, ik kijk op een andere gevel. Bij het avondmaal hebben we dat zaaltje van het restaurant voor ons alleen, het tafeltje voor 2 blijft onbezet.

Foto's

07.10 Cuzco

We brengen een bezoek aan de stad met Miguel, te beginnen met het Dominikanenklooster. Tawantinsuyu is het rijk van de 4 regionen (Chinchasuyu (Noordwest), Antisuyu (Noordoost), Contisuyu (Zuidwest) en Collasuyu (Zuidoost)), de provincies werden bestuurd door een gouverneur, die werd aangewezen door de Sapa Inca, de absolute vorst van de Inca's. De stenen werden zodanig gepolijst en bewerkt dat ze aardbevingen doorstonden en de muren ook. Er is een offertafel met 3 gaten, wellicht voor het vergoten bloed. Een maquette bewijst dat er echt goud op de muren lag! De uitsteeksels in de muren gaven indicaties wanneer de zon schaduwen gaf. Dan wandelen we wat rond in het centrum in Cusco. Met het busje rijden we naar de kathedraal, in de kapel van de Heilige Familie mogen ook al geen foto's genomen worden... Daar zijn veel barokstijlen en bladgoud te bewonderen. We bezoeken dan de kathedraal zelf, de grootste in heel Amerika samen met die in Mexico. De School van Cusco heeft kunstwerken in o.a. Buenos Aires, Santiago, Bogotá. Er zit 2500 pond zilver in het altaar. De Zwarte Jezus is zo donker omdat een artiest het met agave instreek, maar de Peruanen achtten het dat Hij er als de Peruanen wou uitzien en kleedden zijn beeld zoals hen. De 2 orgels zijn eens niet Belgisch maar Frans. Het Laatste Avondmaal is ook eerder lokaal met "cuy", cavia, als hoofdschotel. Andere levensmiddelen op tafel zijn ook Andes-specialiteiten. Judas ziet eruit als Francisco Pizarro. Er is ook een Kapel van de Triomf. En in de kathedraal staat een beeld van Santiago Mata Moros (maar in Peru heet hij Santiago Mata Indios). We verlaten dan het centrum en brengen een bezoek aan Saqsaywaman (door Isabelle omgedoopt tot "sexy woman" smiley-laughing.gif), een archeologische locatie ten noorden van de stad Cuzco in Peru. Deze plek ligt op ongeveer 3500 meter boven zeeniveau, het gebied is 3094 hectare groot. Het woord Saqsaywaman betekent in het Quechua Doorvoede Valk. In de tijd van de Inca's bevond zich op het plateau boven de drie nog bestaande terrassen een groot complex met als middelpunt een vier of vijf verdiepingen hoge toren. De gebouwen boden ruimte aan 5000 personen. Inka betekent trouwens koning. De Inkas kregen de grote blokken de heuvels op door ze op ronde stenen of boomstammen omhoog te rollen. En de spierkracht van mensen die 3 maand per jaar voor de heerser werkten bij wijze van belastingen. Er is ook een rotsige heuvel met Inkamuren waar Johannes Paulus de mis ooit opdroeg. Een eind verder zien we een Christusbeeld geschonken door Palestijnse gemeenschap in Cusco. Dat beeld is 3 keer zo klein als die in Rio en uit graniet. Van daar gaat het naar Tambomamchay, (waarschijnlijk uit het Quechua tampu inn, zijnde gasthuis plus "mach'ay cave", of zat worden) is een archaeologische site uit de Inca-tijd. Een alternatieve Spaanse naam is El Baño del Inca ("het bad van de Inka"). Het bestaat uit een serie aquaducten, kanalen en watervallen die door de rotsen in terrassen lopen. De functie van de site is niet duidelijk: het kan een militaire voorpost geweest zijn, een wellness-resort voor de politieke elite van de Inca's, of beide. Er zijn 4 nissen voor mummies in het bovenste terras. Beide fonteintjes geven tegelijk evenveel water. We houden een fotostop in Pula Pukara waar de Inkas uitrustten en zich verfristen. We stoppen nog eens in Q'enqo, een laatste rustplaats, een grot met altaar van Pachacutec. Onderweg naar de bus zie ik een arena dat lijkt op dat van stierengevechten, zo rond, maar Miquel verzekert me dat het een voetbalstadion is (La Bonbonera van Boca Juniors is half rond). Ah, OK, de Inca Arena van Cusco. smiley-wink.gif Terug aan het hotel trek ik mijn sandalen aan en ga het stad in. Aan de Plaza de Armas maak ik gauw een paar selfies en ga dan schuilen voor de 1ste regenbui. De zon zien ondergaan in Cusco zal niet lukken, want na de bui blijft het bewolkt. Tijdens de bui ga ik met Agnes Café Bagdad binnen, zij drinkt enkel een chicha morada, ik eet een club sandwich en drink een donkere Cusqueña. Dan gaan we terug naar het hotel, ik laat er mijn hoed achter, en neem een jasje mee. We wandelen samen in de stad, door een markt en straten waar je alleen Peruanen treft, en langs het Justitiepaleis, waar net een fanfare (Santa Cecilia) doorkomt. 's Avonds gaan we met zijn allen samen eten bij Pachapapa, voor sommigen heeft Miguel een taxi voorzien, maar dat blijkt dan een minibusje. Na het eten rijden we allemaal terug mee. Overigens, dat van die zon zien ondergaan in Cusco, komt uit een lied van Johan Verminnen, waarin hij verkondigt de wereld te willen zien. Toen ik het daar eens over had tegen Agnes (maar eerder dan vandaag in Cusco), zei ze dat de melodie eigenlijk afkomstig is van een supporterslied, ze wist echter niet van welke ploeg (competitieploeg of nationaal).

Foto's

08.10 Cuzco - Chinchero - Ollantaytambo - Heilige Vallei

Zij die de Virgen del Rosario vieren, wuiven ons uit aan de poort van de kerk. Aan de rand van het centrum stappen we weer over in een grote bus. We stoppen in Chinchero voor een bezoek aan een weverij waar gedetailleerd uitgelegd wordt hoe de wol gewassen, gekleurd en geweven wordt. Natuurlijk kunnen we er ook iets kopen, en sommigen doet dat alvorens we tot een pittoresk pleintje wandelen. We rijden dan verder naar een archeologische site, waar gewerkt wordt aan herstellingen. De huidige terrassen zijn egaler dan toen. De koloniale kerk staat op de vernielde Regenboogtempel. Terrassen zijn goed voor landbouw en ter voorkoming van landverschuivingen. Nadien wandelen we vlug de markt rond, volgens Agnes is die gecommercialiseerd maar er komt ook lokaal volk boodschappen doen. In Moray bezoeken we ronde terrassen. De site bevat ongewone Inca ruïnes, meestal bestaand uit meerdere cirkels in terrasvorm, de grootste is ongeveer 30 m diep. Zoals bij veel andere Inca-plekken heeft het ook een irrigatiesysteem. Het doel van deze putten is niet zeker maar hun diepte, design en oriëntatie met betrekking tot wind en zon veroorzaakt een temperatuurverschil van 15 °C tussen de top en de bodem. Het is mogelijk dat dit hoge temperatuurverschil door de Inca's gebruikt werd om de effecten van verschillende klimaatomstandigheden op gewassen te bestuderen. Speculaties over de plaats leidden tot een discussie over Moray als een laboratorium. Dan bezoeken we de zoutpannen in Maras. Daar werken nu 400 families, maar alleen voor een 2de inkomen, en er is nog plaats voor nieuwe zoutpannen. Alleen leden van de gemeenschap mogen er komen zout oogsten, een buitenstaander moet voorspraak krijgen van een inwoner. De grootte van een zoutpan hangt af van de gezinssamenstelling. Het is trouwens zeer druk op de weg erheen, en op de keerzijde van het toegangsticket zie ik dat je er van 't centrum van Maras te voet ook geraakt. We rijden dan naar restaurant Munia om er "pachamanca" te eten: vlees en enkele groenten worden diep in de grond "gebraden" tussen stro en dikke keien, en in dik papier gewikkeld, en dan nadien aan ons aangeboden in buffetvorm. Te Ollantaytambo bezoeken we de Zonnetempel (helaas regent het nu juist). En dan rijden we naar het hotel, nu ja, posada. We krijgen eerst een pisco sour aangeboden en worden dan naar de kamers begeleid, want die zijn in blokken gegroepeerd. De posada heeft overigens een mooie tuin.

Foto's

09.10 Heilige Vallei - Machu Picchu - Cuzco

We zijn op weg naar Machu Picchu, rijdend met de bus naar het treinstation van Ollantaytambo. Met de trein rijden we over de brug van de Incatrail, en onderweg worden we verwend met wortelcake en fruitsap. In Aguas Calientes verlaten we de trein, gaan door een permanente souvenirmarkt om de bus naar de ingang van het Inca-dorp te nemen. Op mijn foto4s staan onder andere de oude berg en daar tegenover de nieuwe berg (met terrassen bovenaan, maar die zijn niet voor landbouw, eerder tegen aardverschuivingen). De funderingen voor de muren zijn enkele meters diep. Het altaar boven terrassen is er om de "zon vast te binden". Dat helpt vandaag alvast niet want we krijgen regen en onweer, en ons bezoek duurt dan nog een half uur. Er staat ook een muur die op instorten lijkt, maar zo staat hij daar al vele jaren, ten gevolge van een natuurverschijnsel onder de bodem. Machu Picchu (van Quechua Machu Pikchu) is een stad (nu ja, er woonden op zijn meest 500 inwoners, maar eerder 300) van de Inca's in Peru die door de Spanjaarden nooit is ontdekt en daardoor ook niet vernietigd werd. Het werd ontdekt door Hiram Bingham (die daar niet eens naar op zoek was, maar hij werd ingelicht en begeleid door Peruanen), doch hij was de eerste niet, eerder woonden daar al enkele Peruaanse gezinnen, maar die maakten het niet bekend aan de hele wereld. Onlangs werd, volgens Wikipedia, vastgesteld dat in 1866 de Duitse goudzoeker en houthandelaar Augusto Berns de bergstad vond en plunderde, met toestemming van de Peruaanse regering. Berns verkocht de historische schatten aan Europese musea. Er is in deze stad nog veel van de Inca-beschaving terug te vinden. De stad Machu Picchu is voornamelijk opgetrokken uit graniet. Er is in de stad een woonzone met middenin een groot plein, een militaire zone en een godsdienstige zone. Tussen de godsdienstige gebouwen stonden ook de woonvertrekken van de hofhouding. In de godsdienstige zone vindt men tempels voor de zonnegod en de maangodin. Ook staat daar een zonnewijzer op het hoogste punt van de stad. Voor mijn vertrek had ik gehoopt dat we tot aan de Zonnepoort zouden geraken om het einde van de Inca-trail te zien, doch helaas, dat geluk viel me niet te beurt, een bezoek aan Machu Picchu is altijd en aldoor met een gids, je wandelt daar niet zomaar rond. Trouwens, het dorp was niet helemaal af, om een of andere reden vertrokken de daar wonende Inca's ineens naar andere oorden.

Terug bij de ingang gaan we eten in het buffetrestaurant maar we moeten wel wachten op vrije plaatsen en zitten dus niet alle 13 samen. Nadien mogen we nog langer wachten op een pendelbus naar treinstation, Agnes zegt wel dat we te voet kunnen afdalen (en even zijn Isabelle en ik dat van plan, maar we laten het zo), de trappen zijn echter van hetzelfde type als in Machu Picchu of het eiland Taquile. We hebben wat tijd van de bushalte naar het station en kuieren tussen de kramen waar ik nog een paar praktische souvenirs koop. We worden alweer verwend in de trein met een stuk pizza, wat fruit en een chicha morada. Een personeelslid heeft zich verkleed in een carnavalsvierder en komt wat dansen. Nadien geven een paar andere personeelsleden een modeshow ten beste.

Foto's

10.10 Cuzco - Lima - Brussel

Er zijn enkele supporters van de Peruaanse nationale ploeg in het vliegtuig naar Lima waar Ruth en chauffeur Raul ons opwachten. We bezoeken het Museum Larco Herrera, ondergebracht in een 18de-eeuws herenhuis, met een ruime verzameling van precolumbiaanse kunst. Maar eerst mogen we lekker smullen in het restaurant van het museum. Het museum werd gesticht door Rafael Larco Hoyle. Op de officiële website van het museum staat als naam gewoon Museum Larco, Herrera is de tweede naam van de vader van de stichter. Larco Hoyle bestudeerde van jongs af aan het oude Peru. Het museum staat vol met verzamelobjecten, en dan heeft het museum nog een opslagplaats met meer verzamelstukken, dus ze kunnen daar de vitrines op tijd van andere voorwerpen voorzien. Er is ook een tentoonstelling van erotische verzamelstukken. Maar de rijk bebloemde tuin van het museum krijgt ook veel aandacht van ons, zoals de twee katten die er huizen. Dan rijden we naar de luchthaven waar we afscheid nemen van Ruth. Er worden nog wat Soles uitgegeven en gewacht... Het valt me op dat nogal wat passagiers wel een T-shirt dragen van de nationale ploeg, maar ze vliegen toch naar Europa (spijt dat ze de wedstrijd niet kunnen bijwonen?). In het vliegtuig zit ik naast Trees, later vernemen de passagiers dat Peru 1-1 speelde tegen Colombia (later opzoekwerk leert mij dat ex-HSV-speler Guerrero voor Peru scoorde). Om de tijd te spenderen heb ik een filmpje gekeken en bejeweled gespeeld, maar nauwelijks geslapen.

Foto's

11.10 Brussel   

Rond 12 uur krijgen we een ontbijt. In Madrid begeven we ons naar terminal 4, poort K91 en zijn 15' eerder dan verwacht in Zaventem, ik keer met een vooraf geboekte taxi naar huis.

Conclusie: het was een mooie reis, ik heb zeer veel gezien waaraan ik vooraf niet aan gedacht had bij het idee een reis naar Peru te boeken. Deze reis is ten zeerste aanbevolen aan wie gek is op geschiedenis, en dan vooral oude geschiedenis. Van Inca's hebben de meeste Europeanen wel al gehoord, maar de Chancas, Chachapoyas, Moche's, Wari's, Chimu en zelfs Nasca's waren mij onbekend (al denk ik, zoals veel mensen, dan aan de Nasca-lijnen). We hebben 4 musea en zeker 13 historische sites bezocht.

Vooral naar het zuiden reden we al eens over de Transamerican Highway. Verwacht geen autosnelweg, denk eerder aan een gewestweg, of steenweg, met snelheidsremmers en verkeerslichten. Ten zuiden van Lima heet deze weg Carretera Panamericana Sur.

Ik had dus graag gezien waar de Inca Trail de Zonnepoort van Machu Picchu bereikt. Dat pad is de meest bekende trektocht in Zuid Amerika en behoort tot de top 5 in de wereld. Het is 43 km lang en biedt een natuurlijke verscheidenheid. Volgens Miguel duurt het vier dagen om die tocht te doen, maar als je in zeer goede conditie bent, kan dat in 1 dag. De Inca's trokken eigenlijk veel paden voor hun boodschappers, vertelde Agnes tijdens de reis, maar deze is dus de bekendste.

Wij, Europeanen, schrijven Nazca en Cuzco met een z, de Peruanen met een s (ik doe dat ook in dit verslag) omdat ze in Zuid-Amerika een eigen accent hebben: de z en de c gevolgd door een e of een i spreken zij gewoon als s uit, zonder de punt van hun tong tegen de achterkant van hun tanden te houden.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Helga om 00:00

Wandelweekend te Renesse (NL) met De Pajotten

Vrijdag, 21 april: Aankomst via Zierikzee

Meer dan op tijd kom ik op de parking in Zierikzee aan, waar Patrick mij toertjes ziet draaien en me wijst op nog plaats een eind verder op. Omdat het toch nog ruim een half uur is eer we allen samen (28 Pajotten) het stadje bezoeken, wandel ik wat in de buurt. Om half elf is iedereen er en met Johny op kop bezoeken we het stadje, met haar stadswallen, poorten, de oude haven, het voormalig stadhuis, de St. Nicolaaskerk, het Jagershuis en Waaggebouw, het ouderhuis en het standbeeld van Jacob Cats, de molen “De Haan” en de kleine molen “Windlust”. We eten er ook wat want onze kamers zijn toch pas om 14 uur beschikbaar.

Dan rijden we in file naar Renesse, naar het hotel, Hotel Hampshire - Arc Hotel Zeeland, waar onze kamers al vrij zijn. Om drie uur hebben we afspraak voor de welkomstdrank, zijnde een kop koffie of thee met gebak ('t ziet er raar uit maar het smaakt wel). Dit, helaas, zonder Gillaine en Gustaaf die wegens dringende familiale omstandigheden spoorslags moesten terugkeren. We wandelen dan een eindje in het centrum, eindigend op het markt- of kerkplein waar we een terrasje doen (allez, sommigen, toch, ik ook). 's Avonds genieten we van het lekkere eten en drinken en vooral elkaars gezelschap.

Zaterdag, 22 april: Renesse en Westenschouwen

Na het rijk ontbijtbuffet wandelen we langs goed begaanbare en gelukkig niet allemaal verharde wegen naar het strand, via een visvijver waar twee sportvissers elk een reuze karper gevangen hebben, ze poseren er graag mee, waarna ze de vissen opnieuw te water laten. We gaan verder naar het strand, door de duinen waar we een fazant en een haas spotten. Van op het strand met een sterke verrekijker zijn ook zeehonden te zien op de hoek van een zandbank. We keren terug naar het centrum en bezoeken daar de Oranjemarkt (de wekelijkse markt is op woensdag), waarna de meesten opnieuw een terrasje doen. We keren dan terug naar het hotel voor een licht middagmaal (eigenlijk het ontbijt, aangevuld met versgebakken kroketten).

Ik mag met Johny, Julia en François meerijden naar Westerschelde want daar moet betaald worden om te mogen parkeren, dus is carpoolen aangewezen. We wandelen vanaf de Boswachterij het bos in langs onverharde paden, langs een paar vijvers en wie wou, bestijgt de uitkijktoren om een leuk overzicht te hebben. Van wandelen krijgen we dorst dus bij terugkeer nabij de Boswachterij genieten we van vloeibaar lekkers op een zonovergoten terras (gelukkig schijnt de zon, want het is ook hier te fris voor eind april). We keren dan terug naar het hotel.

Na het avondmaal worden we in een ander zaaltje verwacht voor een kwis, die in paren gespeeld wordt. Er zijn 4 singles, gezien Eliane toch al meegekomen is met Piet, spelen zij samen, en François en ik (in een "vorig leven" nog clubsecretaris) proberen ook om de kwis te winnen. Lydia leest de vragen voor (van het niveau "Blokken" of "De Slimste Mens"), Anny is jury (om de juiste antwoorden te tellen doet ze dat samen met Lydia). De eerste ronde is wat moeilijker dan de tweede en op het einde winnen Paul & Linda; François en ik zijn tweede en Luc en zijn vrouw winnen brons. Daar François, naar eigen zeggen, geen wijn maar alleen of vooral bier drinkt, mag ik de fles rode Bordeaux nemen en kiest hij voor een flinke doos pralines. Een zakje paaseitjes krijgt elke deelnemer.

Zondag, 23 april: Voorgronden en Gadra-bos (Renesse)

Via Voorgronden, een waterplas, en net voorbij Biesterveld bereiken we het Gadra-bos en de rand van Nieuw-Haamstede. Van daar hebben we zicht op de vuurtoren. Via het Verklikkerpad bereiken we het strand en even verder doen we een terrasje want we willen ook iets eten. We stappen nog een flink eind over het strand tot ongeveer ter hoogte van de zandbank die bij vloed onder water staat. En zo bereiken we opnieuw het hotel, mooi op tijd voor enkele aperitieven op het hotelterras en het avondmaal. Nadien betalen we onze drank.

Maandag, 24 april: Terugkeer via Neeltje Jans en Veere

Het uitchecken verloopt zo vlot dat we vóór 10 uur al vertrekken naar Neeltje Jans voor enkele foto's van de Deltawerken. Van daar rijden we naar Veere, op het schiereiland Walcheren. Op de kaart te zien is het Veerse Meer geen meer maar een natuurlijke watergrens met Noord Beveland. In Veere betalen we ook om de auto achter te laten en wandelen dan in en rond het stadje. Bij de langere wandeling (enkelen blijven in het centrum) steken we twee keer een sloot over met een vlot, door de mannen (Luc, Paul, ...) voortgetrokken. Weiden zijn er afgesloten en de poortjes vermelden geschiedkundige details over de passage van Napoleon. We bereiken opnieuw het centrum en de meesten blijven er eerst wat eten, ik doe dat samen met Paul & Linda, Piet en Eliane, wat later komen nog vier Pajotten binnen. We nemen dan afscheid van elkaar en van Zeeland.

Het is een leuk weekend geweest met mooie wandelingen, relaxmomenten en vooral het leuke gezelschap. Het weer viel ook mee, op zaterdag heeft het even geregend, maar voor het overige heeft de zon wel geschenen, vooral op zondag; de temperatuur mocht wel wat hoger. Mijn foto's staan bij Google.

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Helga om 21:23

Argentinië, deel 2

Dag 10 (07.12) Buenos Aires - Ushuaia
Na het ontbijt gaan we te voet naar het Teatro Colón. Marleen moet nogal aandringen, met een ontvangen e-mail als bewijs, voor een rondleiding in het Engels en het is haar gelukt, om 10.15 uur komt de vrouwelijke gids en leidt ons rond in het theater, ze is erg goed en spreekt accentvrij Engels. Het Teatro Colón heeft 2500 zitplaatsen en 1000 staanplaatsen en we krijgen ook uitleg over welk type toeschouwers waar precies zit, ’t is hen niet altijd te doen om de voorstelling te zien, maar om zelf gezien te worden. De akoestiek van het theater wordt als een van de besten ter wereld beschouwd, maar dat hebben we niet gemerkt, want er is geen opvoering (’s avonds wellicht pas, van “Porgy & Bess”). Overigens hebben daar meerdere architecten gewerkt, onder andere een Belg, Jules Dormal Godet, geboren in Luik in 1846, overleden in Buenos Aires in 1924 en daar bekend als Julio Dormal. Van daar gaan we naar El Ateneo, dat was vroeger een theater (“Grand Splendid”), en ’t is er aan te zien, maar nu een grote boekenwinkel. De groep valt dan uiteen in twee delen en met Brigitte, Gilbert, Marijke, Frans, Diane Marc en Nicole ga ik te voet via een broodjeszaak, “Green Eat” (het lijkt een klein beetje op Exki) naar het hotel. Met onze bagage gaan we naar de straathoek voor de bus, die de middagspits trotseert (een wilde staking bij het metropersoneel is uitgebroken na een dodelijk ongeval met een collega). We haasten ons naar poort 1, het vliegtuig is dan met vertraging vertrokken en aangekomen. Aérolineas Argentinas bestaat blijkbaar 66 jaar, zo wordt in het vliegtuig omgeroepen, maar we worden niet getrakteerd… In Ushuaia, de meest zuidelijke stad van de wereld, druppelt het, Inés wacht ons op voor de transfert naar het mij nog bekende hotel Los Acebos, waar het avondeten niet bijzonder in de smaak valt, net als het glas rode wijn (dat is wel anders dan 5 jaar geleden: ik kan me niet herinneren dat er toen algemeen geklaagd werd over het eten, hebben ze hier een nieuw keukenteam?).
Fotoalbum

Dag 11 (08.12) Ushuaia
We rijden naar het station voor de Trein naar het Einde van de Wereld waar we een hele poos te wachten hebben, een medewerkster van dat station zal ervoor zorgen dat wij allemaal in hetzelfde wagon kunnen zitten. Uiteindelijk is het dan zo ver en tuffen we zo’n 7 km, met een fotostop aan de watervalletjes van Macarena. Waar dat station staat, stond vroeger de gevangenis, de gevangenen moesten toen bouwmaterialen halen nabij de Susanaberg. Aan boord van de trein krijgen wij geschiedenis en andere informatie in het Spaans, Engels en Portugees. We genieten met volle teugen van de natuur waar we een uur lang langs rijden. Aan het einde van de rit stappen we uit, daar staat de bus op ons te wachten en hij voert ons naar het echte einde van het vasteland (allez, ja, dat is ook relatief, want Ushuaia ligt eigenlijk op een groot eiland, genaamd Vuurland). Wanneer we uitstappen, doen we een mooie wandeling (anders dan 5 jaar geleden smiley-wink.gif) waarbij Inés ons veel uitlegt over de flora (zoals Indianenbrood, een soort schimmel dat aan boomtakken en stammen groeit, eetbaar als je hem meteen na het plukken verorbert; calafatestruiken met de besjes die nu nog niet rijp zijn, eerder in januari of februari, ook al zien ze al blauw) en de fauna, zoals de caracara, die op een staak van een omheining zit. We stappen weer in en een eind verder opnieuw uit om een beverdam te zien. Als laatste wandeling is die op de houten paden die ik vijf jaar geleden wel bewandeld heb. We rijden dan terug naar Ushuaia voor het vrij te kiezen middagmaal, samen met Diane en Marc ga ik eten bij “Tia Elvira”, en daar zitten nog medereizigers.

Vervolgens schepen we in op de catamaran Massimo voor een toer op het smaragdgroene Beaglekanaal om te genieten van de schitterende aanblikken, maar die neemt een valse start: pas vertrokken keert hij alweer terug, Nicole meent dat enkele passagiers afstappen: vergist van catamaran? Pinguïns, zeeleeuwen en vogelkolonies bevolken de eilanden, en daarvoor dobbert de catamaran zodat iedereen ruim tijd heeft om ze te vereeuwigen. Verschillend met de Patagoniëreis is dat we nu uitstappen op het eilandje Bridge om daar nog wat mooie foto’s te nemen, we hebben daarvoor een kwartier. We schepen opnieuw in en draaien rond de vuurtoren, daar liggen zeehonden. We keren vervolgens terug naar het hotel voor het eten waarvan de hoofdschotel opnieuw niet veel succes kent.
Fotoalbum

Dag 12 (09.12) Ushuaia - El Calafate
Wegens een late vlucht hebben we nog wat tijd om de hoofdstad van Vuurland nog eens te bezoeken, de bagage blijft zolang nabij de receptie staan. Na het ontbijt bekijk ik het pad om enkele bochten naar het centrum af te snijden, maar ik beslis toch de pendelbus van het hotel te nemen, samen met o.a. Nicole, Marc, Diane, Gilbert en Brigitte. Met hen kuier ik wat rond, we wandelen dan naar de hoek waar “onze“ bus ons en Inés oppikt. We halen onze bagage en vertrekken allemaal naar de luchthaven. Ik zit links aan het raam en tegen dat de landing ingezet wordt, zie ik de Lago Argentino en een gletsjer (de Perito Moreno? Of de Spegazzini? Of nog een andere?). Weldra komen we aan en in de luchthaven worden we verwelkomd door gids Pablo en chauffeur Marcelo. Ongeveer 22 km verder is Imago Hotel and Spa, waar veel me nog bekend voorkomt. Nadat de bagage op de kamer staat, ga ik naar ’t centrum wandelen via de kustweg met Marleen, Nicole, Marijke, Frans, Inge, Luc en verderop Lisette en Maud. Waar ’s winters op ijs kan geschaatst worden, keren enkelen terug. De andere (zoals Marleen, Nicole en ik) gaan naar de pendelbushalte, we kunnen niet allemaal samen met het eerste busje mee, dus die keert even later terug om ons ook naar het hotel te brengen. ’s Avonds genieten we volop van het eten. El Calafate is dus een aangenaam stadje dat aan de rand van het Andesgebergte en Chili ligt. Het is de toegangspoort van een adembenemend natuurschouwspel, het nationale park Los Glaciares, tot werelderfgoed uitgeroepen door de UNESCO (en door mij tot ‘t Calafaat smiley-cool.gif).
Fotoalbum

Dag 13 (10.12) Bezoek aan de Perito Moreno gletsjer
We rijden naar het nationaal park Los Glaciares, waar we inschepen op de catamaran “Victoria Argentina” voor een toertje van 1 uur naar de Perito Moreno-gletsjer, of toch een zijde. We hebben meer geluk dan ik in 2011 want de zon schijnt en ’t regent niet. De prachtige azuurblauwe Perito Moreno gletsjer is 30 km lang, 5 km breed, tot 74 m hoog. Het is de enige gletsjer in de wereld die nog groeit. De gletsjer leeft maar tijdens de boottocht valt geen enkel brokje van de ijsmuur. Eens terug aan land rijden we met de bus naar de passarelle (plankenpaden) maar eerst genieten we van 20 minuten koffiepauze. Allen samen wandelen we dan naar een platform, waar Pablo groepsfoto’s neemt met onze toestellen, en dan splitsen we ons op. Marleen volgt met enkele medereizigers het korte en gemakkelijkste pad naar de cafetaria waar we daarjuist waren. Pablo volgt met de grootste groep de hele toer, we genieten met volle teugen van het zicht aan de andere kant van de gletsjer en van de natuur, vooral de flora. Op het einde gaan enkelen van onze groep recht naar de cafetaria, de rest volgt met Pablo de rest van het “blauwe” pad. Overigens vertelt Pablo dat de berg genaamd Perito Moreno niet erg hoog is (een goeie 1600 m, in de Pyreneeën zijn er hogere bergen) maar hem beklimmen is wellicht technisch moeilijk, want dat is slechts 4 mannen en 1 vrouw gelukt. Dan komen ook wij aan de cafetaria waar tijd is om een broodje met drank, alvorens terug naar El Calafate te rijden. Enkelen stappen af aan het hotel, de meesten krijgen een lift naar de pendelbushalte in het centrum. Ik wandel een beetje rond en koop wat souvenirs, daarna neem ik de pendelbus van het hotel, met nog enkele medereizigers.
Fotoalbum

Dag 14 (11.12) Boottocht Lago Argentino
Via een fotostop rijden we naar Puerta Bandera om daar in te schepen op een catamaran voor een tocht op het Lago Argentino. Wij varen voorbij de mooie blauwe ijsschotsen, een schitterende belevenis wanneer de boot tussen de ijsmassa’s door laveert. De Upsala gletsjer is 80 m hoog en 7 km breed, maar verliest elk jaar wat meer terrein, hij reikt niet meer tot aan het meer. Ik wacht binnen tot deze gletsjer in het zicht is, want het weer is iets minder goed dan gisteren. Ik schuil daarna opnieuw binnen en eet het lunchpakket leeg, wat niet echt praktisch is zonder tafeltje. Dat lunchpakket is in eenzelfde rugzakje als 5 jaar geleden uitgedeeld werd bij het schiereiland Puerto Madryn smiley-wink.gif. Op de terugweg varen we langs de ijsmuur van de 135 m brede Speggazini gletsjer en dan ben ik weer op het dek te vinden want die gletsjer is nog zeer indrukwekkend. Eens terug aan de kade rijden we terug met een onverwachte fotostop voor een kudde guanacos, en een geplande aan een ijsmuseum, waar enkele medereizigers een bezoek aan brengen. Dan stopt de bus aan het hotel en opnieuw op de pendelparking. Van daar gaan Brigitte, Gilbert en ik naar het natuurreservaat Laguna Nimez om er vogels te fotograferen. Enkele caracaras (een soort valk) kunnen ons getalm nabij hun broedplaats niet appreciëren en dwingen ons onder een houten schuilplaats, waar we hen verder kunnen zien. We gaan dan voort en eindigen ons bezoek bij de flamingo’s alvorens terug te keren naar de shuttleparking.

Tijdens het avondmaal krijgen we het leuke nieuws dat de kamers morgen pas tegen 13 uur vrijgegeven moeten worden. smiley-smile.gif
Fotoalbum

Dag 15 (12.12) El Calafate - Buenos Aires
Na ’t ontbijt ga ik met de pendelbus naar het centrum, samen met Marleen, we wandelen daar wat, ik koop alsnog kaartjes en postzegels, we kopen empanadas en blijven daar even iets drinken. Om 10.30 is er geen pendelbus, zo zien wij te laat, dus nemen we een taxi, want Marleen moet nog wat werk afhandelen, intussen schrijf ik de kaarten en kleef er de zegels en de adresetiketten er op. Om 13 uur vertrekken we dan naar de luchthaven voor de vlucht naar de hoofdstad. Met een andere gids rijden we naar het hotel voor de voetbalsupporters (de wegenwerken zijn nog aan de gang) en later naar La Esquina de Carlos Gardel voor het diner en de tango show, één van de beste plaatsen om de tango te bekijken en typische liederen te beluisteren, maar het begint met een film om de geschiedenis van de tango en van Gardel te vertellen, intussen kunnen we op ’t gemak eten en drinken. Voor de echte show gaat het licht natuurlijk zo goed als uit en zelf mogen wij geen flash gebruiken voor onze foto’s. Het is al na middernacht wanneer we het hotel opnieuw bereiken.
Fotoalbum

Dag 16 (13.12) Buenos Aires - Brussel
Gezien we een vrije voormiddag hebben om deze bruisende stad verder te verkennen, beginnen we daar om 10 uur aan, tenminste voor wie mee wil wandelen met Marleen. Zij had de dag voordien, tijdens de rit van de luchthaven naar het hotel, al een blad met voorstellen laten rondgaan zodat elk zijn voorkeur kon aanmerken. Ik denk wel dat de groep compleet is voor een bezoek aan het Palacio Barolo, op wandelafstand van het hotel. Dat wordt voorgesteld als het beste panoramisch adres van Buenos Aires. Wanneer we daar aankomen, blijkt dat we moeten wachten tot 11 uur op de gids van het paleis. Intussen bewonderen wij de inrichting en vooral de antieke liften. Maar we wandelen eerst nog het eindje naar het Congresgebouw in de buurt, ’t is beter nog wat van de zon en de warmte genieten zolang we de gelegenheid nog hebben. We keren dan terug, wachten nog even en krijgen uitleg van de gids over de details in de inrichting. Dan nemen we de lift, maar we kunnen er niet allemaal tegelijk in dus wordt in groepjes steeds enkele verdiepingen gestegen. Zo zien wij ook een groot terras, geschikt voor drinks, want in dat paleis zijn veel kantoren ingericht, zoals van advocaten, architecten, … Hoe hoger we gaan kijken, hoe beter het overzicht en dan, als klap op de vuurpijl, heeft de gids ervoor gezorgd dat we een kantoor van een architect mogen doorkruisen om de rondgang te kunnen doen. Dat is veel te smal om als terras te dienen, maar je hebt wel een schitterend zicht op de stad. We gaan nog hoger, met de lift en te voet. Vooral het laatste stuk is eerder moeilijk: de trapgang is smal en niet echt hoog. Maar de moeite wordt ruimschoots beloond op de 22ste verdieping met de glazen koepel waarin trouwens het lichtsysteem van een vuurtoren staat. En dan blijkt eens te meer dat de monumentale gebouwen van Buenos Aires simpelweg tussen eerder anonieme hoogbouw staan. En dan keren we, in groepjes, terug naar het gelijkvloers. De uitstap die ik op Marleens voorstellenblad had aangemerkt was het park van Palermo (in grootsteden bezoek ik graag parken, kwestie van nog wat van ’t goeie weer te genieten en endemische bloemen op een geringere oppervlakte te kunnen zien), met o.a. een botanische Tuin, een dierentuin en de Japanse Tuin. Met Marleen bezoek ik die laatste, die zij veel mooier vindt dan wat zij in Japan zelf al gezien heeft. We drinken er nog wat en keren dan terug naar het hotel.

Mooi op tijd komt Rocio ons halen, deze keer moeten we niet het lange stuk naar de bus, maar staat die geparkeerd waar we gisteravond in – en uitgestapt waren, dat is veel dichter bij. In de luchthaven merk ik dat ik maar 1 boardingpass heb: die naar Madrid. Weldra blijkt dat slechts 5 van ons ook hun pas voor de vlucht naar Brussel hebben, en Marleen is daar niet bij. We hebben dan toch nog tijd genoeg en, in het vliegtuig zit ik aan het raam (wat me tijdens zo’n lange vlucht niet interesseert). Hoewel we behoorlijk laat opstijgen, krijgen we toch nog een warme maaltijd, de rode wijn smaakt afschuwelijk (nochtans gemaakt met Malbec-druiven als ik het ticket mag geloven). Dan proberen we toch nog wat te slapen eer het ontbijt wordt opgediend.
Fotoalbum

Dag 17 (14.12) Aankomst in Brusselse luchthaven
We zijn dan weldra in Madrid waar we de transitzone betreden, daar spreekt Marleen iemand in de kledij van Aerolineas Argentinas aan, die belooft dat “binnen 5 minuten” een collega komt met de ontbrekende boardingpasses. Die 5 minuten worden een half uur en zo enorm veel tijd om naar de gate te gaan hebben we nu ook weer niet. Dus begint onze zoektocht, onderweg spreekt Marleen diverse geüniformeerde personen aan, ook de politie, maar de slotsom is dat we naar de toog van Brussels Airlines moeten gaan voor die ontbrekende boarding passes. In het vliegtuig naar Brussel/Zaventem is niets gratis, maar ik bestel toch een portie frieten met een frisdrank. In Zaventem stond de taxi al klaar.

Slotsom van deze reis: met het noordwesten, de streek van Salta, Cafayate, Purmamarca, heb ik een nieuw stuk Argentinië ontdekt, en daarvan blijven mij vooral de gekleurde rotswanden en de pittoreske dorpen bij. Van Salta herinner ik me nog dat er nogal wat blauw op straat was (als Belg valt me dat op ). Dat valt me ook op bij het derde bezoek aan Buenos Aires, zelfs in de metro (die Marleen en ik genomen hebben om de Japanse Tuin te bezoeken). Verder zijn de metaaldetectors voor personen in de luchthavens behoorlijk gevoelig, haast keer op keer werd ik gefouilleerd.

Zoals ik bij wandeltochten ook vermeld: het weer. In de streek van Salta was het eerder bewolkt al hadden we ook een uitgesproken mooie dag maar we hadden toch ook twee keer wat regen. In Buenos Aires was het weer ook mooi, zonnig en warm, al was het op onze laatste dag minder warm, eerder rond 25°C. Waarschijnlijk bedoeld opdat wij geen thermoschok zouden krijgen bij aankomst in Europa.  Aan de watervallen van Iguazú was het zonniger aan de Argentijnse dan aan de Braziliaanse kant. In Patagonië hadden wij veel geluk, zowel aan ’t einde van de wereld (’t was misschien niet warm, maar het regende alleen even wanneer we op de toerbus stonden te wachten om dan toch verder te reizen) als in de streek van de Lago Argentino (de dag van de twee gletsjers regende het wel even, maar daar is ’t toch koud op de catamaran).

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Helga om 20:36

Argentinië, deel 1

Dag 1 (28.11) Brussel – Buenos Aires
Dankzij twee files kom ik met wat vertraging aan in de nationale luchthaven waar Marleen mij meteen welkom heet en mij naar de andere medereizigers stuurt terwijl zij voor haarzelf een boardingpass voor de vlucht naar Buenos Aires moet vragen (wij hebben wel de twee boardingpasses)… We checken samen in en, eens de controle voorbij, gaan we iets eten, ik kies mijn gebruikelijke club martino bij Panos met meervruchtensap. De vlucht naar Madrid heeft al 10’ vertraging. In Madrid Barajas nemen we eens geen transfertmetro maar kunnen in dezelfde terminal blijven voor de vlucht naar Buenos Aires. Het aanbod aan films en series bevalt me niet dus spendeer ik mijn tijd aan een boek en een spelletje. Het avondmaal is redelijk lekker voor een vluchtmaaltijd, maar ik heb weinig geslapen.

Dag 2 (29.11) Buenos Aires
Het ontbijt daarentegen is zonder brood (doch met boter…), maar met een energiereep, confituur, fruitsalade en yoghurt. Wanneer we dan eindelijk op de internationale luchthaven van Buenos Aires zijn, stappen we uit, passeren de controle, halen onze bagage op die wij ook voor controle via een scanner moeten aanbieden. Samen met stadsgids Rocio wachten we op Marcelo en zijn bus, bij aankomst in hotel Lancaster (hetzelfde als 5 jaar geleden maar niet dezelfde kamersmiley-wink.gif) zijn de kamers al beschikbaar! We ontbijten samen om 8 uur en gaan met Rocio en Damián (een andere chauffeur, dus) ’t stad in. Op ongeveer 5 uur tijd moet Rocio ons alles tonen wat in haar contract staat: Plaza de Mayo met het Casa Rosada (de ambtswoning van de president, en dat is Macri), de omliggende gebouwen, de wijk La Boca (waar een ander kunstwerk ter ere van de schiptrekker is dan 5 jaar geleden), het kerkhof van Recoleta maar dan alleen het graf van Eva Perón Duarte (om te kuieren tussen andere graven is dan geen tijd, en anders “ligt” er wellicht toch niemand die wij kennen, al is ’t van naam, het graf van Juan Perón passeren we trouwens toch). De rest van de bezienswaardigheden bekijken we van in de bus, zoals de gewezen opslagruimtes aan de haven, dat zijn nu woningen, met op het gelijkvloers een bar, restaurant of winkel (en het doet wat denken aan de Hamburgse Speicherstadt). Dan gaan we eten in Posada 82, niet ver van het hotel. Nadien doen we wat we willen en ik ga de winkelstraat Av. Florida op en af. Zelfs zonder de kiosken in het midden van de straat is die wel smaller dan de Aalsterse Nieuwstraat, maar langer. Aan een winkel hoor ik uit de luidspreker ineens de zoetgevooisde stem van die Oostendenaar, Arno… Ik wandel even in het Parque San Martín en keer dan terug naar het hotel via een winkeltje voor een frisdrank en een fruitsap, die laatste hou ik voor het ontbijt van morgen, want we vertrekken dan te vroeg voor het ontbijt in ’t hotel. Nadat ik me even verfris en verpoos op de kamer, ga ik samen met Marleen (andere geïnteresseerden dagen niet op) een straat verder in El Estable een kleinigheid eten (ik kies voor gnocchi met tomatensaus en spoel die door met een donkere pint).
Fotoalbum

Dag 3 (30.11) Buenos Aires - Salta
Om vier uur sta ik op, drink mijn fruitsap op en om 5 uur vertrekken we naar de nationale luchthaven (J. Newbury). Daar neem ik een ontbijt, aan de controle moet ik zelfs mijn sandalen uittrekken… In het vliegtuig zit ik aan het raam en zonder buren. Bij aankomst in Salta heeft het al geregend, met gids Pablo en chauffeur Marco rijden we naar het hotel waar de kamers al klaar zijn. Met de bus rijden we naar San Bernardo, een heuvel, waar we door een parkje wandelen en naar standbeelden kijken. Intussen krijgen we geschiedenisles van Pablo over de drie voornaamste volkshelden van Argentinië van wie Generaal Güemes er ene is en wiens standbeeld iets dichter bij het stadscentrum staat. We rijden terug naar het hotel, wachten daar op Pablo & Marco die onze lunchpakketten mee hebben, wij rijden dan naar de Quebrada de San Lorenzo, maar daar staan de banken op elkaar en vastgeketend. We trekken onze plan wel op betonnen treden en eten ons lunchpakket op. Met Marleen & Pablo en nog enkele medereizigers wandel ik tot zover het pad loopt bij de kolkende bergrivier. Het begint te regenen en we gaan iets warm drinken bij de medereizigers die niet mee gewandeld hebben. Terug aan het hotel haal ik mijn regenjas en van daar gaan we te voet de stad in om te kijken naar en in o.a. de basiliekkathedraal (Sanuario del Señor y Virgen del Milagro), het Amerikaans cultuurhuis (met schilderijen van dit jaar overleden artiesten plus de Rolling Stones). Aan het klooster van de Karmelietessen nemen we afscheid van Pablo. We gaan dan naar het MAAM: Museo de Arqueología de Alta Montaña. Al gaat dat niet zonder problemen! Ter plekke deelt Marleen de tickets uit en zo ongeveer de helft van ons heeft er ene met aan de achterkant de stempel “in voorverkoop gekocht” (maar dan in ’t Spaans, hé: venta antecipada), en de andere helft niet (zoals Marleen en ik). Van de receptionist mogen alleen zij binnen wiens kaart zo’n stempel heeft, want de andere kunnen al eens gebruikt geweest zijn. Marleen onderhandelt dan, belt met het reisbureau (van Pablo) en bekomt dat we toch allemaal binnen mogen. Ha ja, is ’t haar fout dat iemand in het museum of het reisbureau van Pablo verzuimd heeft om alle tickets af te stempelen? Of dat ze in dat museum b.v. geen stukje scheuren van het ticket zodat het niet meer kan herbruikt worden? Enfin, binnen mogen we dan ook nog niet fotograferen… In dat museum, dat focust op de tradities van de Inca’s, staat een van de drie bevroren kinderen (het museum wisselt af), dat gebeurde zo’n 500 jaar geleden en de drie kinderen zijn nog in perfecte staat zoals ze waren toen ze geofferd werden op de top van de vulkaan Llullaillaco.

Daarna gaat elk zijn gang, ik wandel wat rond, tot ik om zowat 19 uur Marleen tegenkom aan een door Pablo voorgesteld restaurant, maar die gaat pas om 20.30 uur open dus gaan we (9 personen) elders eten, bij restaurant Madera.

Het hotel Design Suites heeft 4 sterren, is romantisch gelegen in het centrum van Salta, beschikt over een health club, sauna en massageruimte, maar in de kamers is het betonnen plafond niet geverfd. smiley-foot-in-mouth.gif
Fotoalbum

Dag 4 (01.12) Salta - Purmamarca - Salta
We staan weer vroeg op, maar we zijn niet alleen, er is veel volk in de ontbijtzaal. Om 7 uur vertrekken we in noordwestelijke richting met fotostops voor kleurrijke rotsformaties, een gerestaureerd Inca-dorp in Tilcara en een middagmaal in Humahuaca, een gezellig en pittoresk stadje (bij ons is dat een dorp met ongeveer 8000 inwoners) met een – van buiten gezien alvast – mooi dorpshuis (daar kunnen ze in Denderleeuw maar jaloers op zijn, met zo’n 10000 inwoners meer smiley-tongue-out.gif), waar het lijkt alsof het verleden blijven hangen is. In Purmamarca stappen we ook eens uit, het ligt aan de voet van de Cerro de los Siete Colores. Op het hoofdplein kuieren we door de plaatselijke markt, waar de verkopers lokale souvenirs verkopen (zoals dekens, ponchos, hoeden, …). Op de terugweg naar Salta maken we nog een stop aan een zonnewijzer, maar ’t regent net. ’s Avonds eten we in restaurant Adelina.
Fotoalbum

Dag 5 (02.12) Salta - Cafayate
En weer vertrekken we vroeg naar Cafayate met minder bagage: wat we niet nodig hebben, blijft in ’t hotel in Salta achter. We rijden via kloven en dorpjes als Cachi waar we ons middagmaal zelf zoeken, in het gezelschap van 6 anderen eet ik een flinke smos. In de namiddag doen we een terrasje bij een hacienda waar de rust duidelijk heerst. Na nog enkele fotostops komen we in Cafayate aan bij ’t hotel Vinas de Cafayate Resort op zo’n 2 km van het centrum. Argentijnen spreken de y uit als “zj” dus klinkt de naam van het dorp als “kafazjate” wat doet denken aan een “zjat kaffee”. smiley-laughing.gif ’s Avonds, in het hotel, mogen we van de kaart kiezen. smiley-laughing.gif
Fotoalbum

Dag 6 (03.12) Cafayate - Salta
Vandaag kunnen we een beetje langer slapen, ontbijten, en het hotel met zwembad en tuin ontdekken. We bezoeken het wijnmuseum, wandelen in het centrum, eten daar in La Carreta de Don Olegario (waar nog grote groepen komen middagmalen). We bezoeken dan een wijnmakerij, La Banda, krijgen daar een rondleiding en mogen natuurlijk proeven van 3 wijnen.

We rijden via grillige rotsformaties, stoppen regelmatig voor foto’s, en een baancafé, la Posta de las Cabras, terug naar Salta. We plaatsen gauw de bagage in de kamer, frissen ons op en gaan dan naar het restaurant waar blijkt dat Pablo helemaal niet doorgegeven bleek te hebben dat er een groep van 17 gasten om 20 uur komt eten. De bediening is niet erg professioneel en blijkbaar dik tegen de goesting van het personeel maar mijn steak saignant is wel naar mijn zin, en de wijn smaakt ook.
Fotoalbum

Dag 7 (04.12) Salta - Iguazú
We nemen een binnenlandse vlucht naar Puerto Iguazú, in Buenos Aires moeten we niet lang wachten. Ik zit aan het raam tijdens de vlucht naar Puerto Iguazú. smiley-laughing.gif Helaas verzuimt de piloot om een cirkel te vliegen zodat iedereen een goed zicht heeft op de watervallen, en dan vooral de Duivelshals. smiley-undecided.gif Tatiana en Hector wachten op ons met een bus die 2 keer zo lang is als die in het NW van het land en met meer beenruimte. We logeren in hetzelfde hotel, Amerian Portal del Iguazú, als ik 5 jaar geleden deed (omdat er werken zijn in het hotel dat vermeld staat in de Hobo-catalogus) en het eerste (en nadien zal blijken: enige) hotel waar we een welkomstdrink krijgen. Tatiana wil daar weten wie mee doet voor een boottochtje met douche van de watervallen, dat kost 800 Pesos (tiens, vroeger was dat inbegrepen). Omdat ik dat al twee keer gedaan heb en je op ’t hoogtepunt van die boottrip toch geen foto’s kan nemen, doe ik niet mee. Ik herontdek het hotel met zwembad en tuin en dan het drielandenput, even verderop, samen met Inge en Luc. We gaan dan zonnebaden aan het zwembad. Bij het avondmaal krijgen we eerst een aperitief (bloedappelsiensap met rum) van Hobo (en een fles water van ’t hotel).
Fotoalbum

Dag 8 (05.12) Iguazú watervallen (Argentijnse zijde)
Om 07.20 uur al vertrekken we (met een Braziliaanse bus smiley-smile.gif) voor een bezoek de Argentijnse zijde van de watervallen. Het nationale park is het grootste beschermde natuurgebied van Zuid-Amerika en heeft een ongekende rijke flora. Vanuit het bezoekerscentrum nemen wij het eerste treintje naar het derde en laatste station (nog altijd zonder muziek, wat er in 2009 wel was, dus fluit ik zelf “Gabriel’s Oboe”, filmmuziek van Ennio Morricone voor “The Mission”). Via een uitgebreid netwerk van staketsels en wandelpaden gaan we naar de Duivelshals (die de naam geeft aan dat derde stationnetje) en nemen dan het treintje terug tot aan de tweede halte, “Cataratas”. We volgen eerst het “hoge pad” en dan het “lage pad”, en ik blijf me vergapen aan de watervallen (de derde keer ben ik ze nog niet beu gezien). Terwijl 7 medereizigers (Inge & Luc, An, Lisette & Maud, Lydie & Nancy) naar de kade gaan, nemen wij onze tijd. We wandelen verder, de talrijke watervallen van dichtbij bewonderend (en op zeker moment zien wij de zodiac met onze 7 medereizigers), maar ook de flora en fauna (schildpadden, een meerval, de onvermijdelijke neusberen, enkele vlinders). Kaaimannen zijn er niet meer, zo vertelt me Tatiana, met de meest recente zondvloed zijn ze afgedreven en hebben het goed op hun nieuwe verblijfplaats. Wanneer ons bezoek er ver op zit, passeren we nog langs een galerij met foto’s en uitleg over de watervallen (die stonden in de jaren ’70 eens zeer droog), en ook een paar foto’s van de film “The Mission”, waar ik al eens naar verwijs tijdens ons bezoek. Ik denk dat achteraf die film wel zal bekeken worden, via internet of een gehuurde DVD. smiley-wink.gif Nabij de bushalte, wanneer de wandelaars wachten op de bootreizigers, nemen Mariana en ik een ijsje. Intussen komen de 7 ook aan, drinken wat en we rijden dan terug. Aan het hotel zwem ik een beetje en puzzel wat op de smartphone. Nadien hebben we weer een lekker avondmaal.
Fotoalbum

Dag 9 (06.12) Iguazú watervallen (Braziliaanse zijde) - Buenos Aires
Sinterklaas is naar Puerto Iguazú afgezakt en Marleen mag voor Witte Piet spelen, bij het ontbijt liggen snoepjes. smiley-laughing.gif Aan de Argentijnse grens wachten we lang om het land even te verlaten. Gelukkig zijn de Brazilianen zo content ons te zien dat ze ons zo lang niet laten wachten. Aan de ingang van het Nationaal Park stappen we uit, kopen iets te drinken (zo geraak ik enkele reais kwijt), geven geld uit aan souvenirs en stappen even verder weer in om aan een gezapig tempo te rijden tot aan het Hotel Cataratas (waar ik 7 jaar geleden verbleef tijdens de Brazilië-reis). Daar geeft Tatiana rendez-vous boven aan de lift aan het eind van de korte wandeling. Er is ruim tijd om ons te vergapen aan de watervallen en de omringende natuur. Het weer is iets minder gunstig want de zon geraakt niet door het wolkendek en we blijven op onze honger zitten wat betreft fraaie, bijna helemaal ronde regenbogen. Ik denk dat ik deze twee dagen ongeveer 100 foto’s genomen heb van dit watervallenpark, die met de GSM inbegrepen. Bij de Duivelshals wordt iedereen tamelijk goed nat (sommige toeristen zijn daarop voorzien, ik heb dat opzettelijk vertikt, zoals in 2009 en 2011) en ik merk dat het geraas van de vallende liters waters zo’n 80 dB voortbrengt. Het wordt dan stilaan tijd voor de rit naar de luchthaven. Overigens, over een breedte van 3 km liggen maar liefst 275 watervallen waarvan sommige met een verval van 80 m.

Tijdens de transfer naar luchthaven, maar nog wel in het nationaal park, vraagt Marleen of iemand een helikoptervlucht wil meemaken, maar niemand reageert, dus we rijden verder. Het vliegtuig naar Buenos Aires vertrekt met enige vertraging en ook nu weer wordt geen extra toertje gemaakt boven de watervallen. In de hoofdstad wacht Rocio ons op met chauffeur Cristián om de avondspits te aanschouwen en ons op 40 m van het hotel te laten uitstappen. Dat eind van de Tacuarí-straat is opgebroken wegens werken. Hotel Boca Juniors Is van dezelfde stijl als dat in Salta, alleen is het plafond van de kamer wel geverfd. smiley-wink.gif Zowel de openbare ruimtes als de gangen en de kamers zijn versierd in het Boca Juniors-thema (de ploeg waar Maradona speelde voor hij naar Europa kwam), de kleuren geel en blauw komen veel voor. De kamers zijn voorzien van houten meubels en parketvloeren, grote ramen en badkamers met bubbelbad. Met zijn 13 gaan we eten in het Grand Café Tortoni. Het eten is gewoon (de meesten zoals ik nemen een pizzetta) maar het interieur zou in Parijs of Brussel ook niet misstaan.
Fotoalbum

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Helga om 20:28

Chili 2015

Chili: 28.11.2015 – 16.12.2015

Dag 1, 28.11.2015 Brussel - Santiago

Ik had mijn treinbiljet al de dag voordien gekocht, en dat heb ik geweten toen ik in het station van de nationale luchthaven mijn treinbiljet (met toeslag want de reiziger moet de werken van de NMBS bekostigen…) moest scannen: omdat de datum van aankoop niet de datum van gebruik is, herkende de scanner het biljet niet… Een werkneemster van de NMBS moest me dan binnenlaten met haar personeelskaart. Aan de Délifrance was ik de eerste reizigster, reisbegeleider Robert was al ter plaatse. Gaandeweg kwamen de andere 14 toeristen ook aan en we gaven onze grote bagage af, waarna we naar de poort gingen voor het vliegtuig naar Madrid. Daar hadden we ruim tijd en ik laadde mijn gsm bij. In het vliegtuig naar Santiago de Chile zat ik aan het raam, Karen twee plaatsen verder, maar ineens kwam een te breed uitgevallen passagier tussen ons zitten… Hij zat comfortabel, wij iets minder, wat helemaal niet leuk is als je wil eten of slapen. Over eten gesproken, bij LAN wordt de passagier verwend met echt bestek, niet met plastieken lepels, vorken en messen. Om de tijd te passeren, luisterde ik verder naar wat muziek, bekeek een film met Matthias Schoenaerts (“Far from the Madding Crowd”) en speelde Bejeweled.

Dag 2, 29.11.2015 Santiago

Bij aankomst in Santiago haalden we de bagage af en lieten die, net als de handbagage, scannen (!!!). Gids Patricia en chauffeur Ricardo wachtten ons op en brachten ons naar ’t hotel, gelegen in stadsdeel Providencia. Dat ligt aan de Ciclovía, een fietsroute van alles samen 270 km dat op zondag voorrang verleent aan de fietsers (een beetje te vergelijken met de Ciclovia in Bogotá, Colombia), en dus koersten veel fietsers langs, de ene al wat rapper dan de andere, sommige in wieleroutfit. Met de bus verkenden we wat later de stad met de voornaamste bezienswaardigheden zoals het presidentieel paleis “La Moneda” (daar werden vroeger de Peso’s gedrukt en geslagen). De achterkant ervan grenst aan een plein waar een standbeeld staat van Allende, wier tweede naam Gossens was (klinkt bijna Vlaams, hé). Langs druk bewandelde en autovrije straten gaan we naar een spijszaal waar wij bij voorbeeld een hotdog “completo” aten, en daar trakteerde Milly op haar verjaardag. Nadien wandelden we naar de Plaza de Armas met de kathedraal, het huidig postkantoor en een museum. Met de bus reden we naar het museum MAC in het Parque Forestal, en verder naar een panoramisch punt vanop de Cerra San Cristobal. Voor het eten ging ik met Urbain, Milly en José in een winkelcentrum op de hoek geld afhalen. Om bijna 8 uur ’s avonds kregen we een pisco sour als aperitief en welkomdrankje, bij het eten was de frisdrank gratis, wijn of bier moest betaald worden.

Hotel: Torremayor 4*

Dag 3, 30.11.2015 Santiago - wijnstreek - Santiago

In de voormiddag maakten we een uitstap naar de wijnstreek ten zuiden van Santiago (en stopten onderweg aan een restaurant/feestzaal in een speciale, sprookjesachtige stijl gebouwd, en aan een monument voor de bodyguards van Pinochet die in een voor hem opgestelde hinderlaag vielen). We brachten een bezoek aan de Vina Concha y Toro, één van de grootste wijngaarden van Chili met wijndegustatie. Patricia had daar niets meer te zeggen, ze moest het overlaten aan Roxana van ’t bedrijf. Zij leidde ons eerst in de wijngaard, of toch de eerste rijen, die er als voorbeeld staan, maar ik volgde de meer ervaren fotografen in onze groep en naderde zo de echte wijngaard (waar we eigenlijk niets te zoeken hadden) en troffen er enkele personeelsleden aan het werk. Ook binnen kregen we een rondleiding en in totaal drie wijntjes te proeven: een witte Cordillero del Diablo (die ze in supermarkten in België ook verkopen), en het glas kregen we mee. Verder een rode Terrunyo (erg lekker) en een rode Marques (niet zo lekker). Nadien reden wij terug naar Santiago om de stad verder te bezoeken, en eten in een restaurant met zicht op de overdekte markt. We kregen eerst een pisco sour en lieten ons het eten smaken. We wandelden, zonder Patricia en Ricardo, in groep onder leiding van Robert dan nog wat in de stad, door leuke parkjes (Castillo Hidalgo en Cerro Santa Lucía) en tot aan een terras, waar we onze keel verfristen met wat lekkers (voor mij een Austral Calafate), intussen kort babbelend met een jong koppel uit Deerlijk dat bijna aan het eind van zijn vakantie was. We gingen dan terug naar het hotel, de helft van de groep (met Robert) met de metro, de overige (zoals ik, en José op kop, Marleen, Paul, Alice en Sadi achter ons) te voet.

Dag 4, 01.12.2015 Santiago - Valparaíso - Vina del Mar - Santiago

Alvorens in in Valparaiso aan te komen, bezochten we nog een wijngaard nabij Casablanca, waar we uit zes flessen 1 wijn moesten kiezen die we wilden proeven, ik koos een rode Carmenere van vorig jaar (Carmenere is een wijndruivensoort die enkel in Chili voorkomt), maar vond hem niet echt zo lekker. Valparaiso is de grootste havenstad van Chili, de naam zou te maken hebben met een historisch figuur die zei:” Va al paraìso”, die moet van een andere kant de stad bereikt hebben; ik vond onze aankomst iets minder paradijselijk uitzien. De sfeervolle en kleurrijke volkswijken, waar we rond wandelden, staan op de Werelderfgoedlijst van de Unesco. We bezochten ‘La Sebastina’, een van de huizen van Pablo Neruda , de meest beroemde schrijver (van vooral gedichten). In dat huis mochten we niets van het interieur fotograferen, wel naar uitleg luisteren met een wandeltelefoon en een plannetje, zodat we konden kiezen waarover we uitleg wilden. Neruda verzamelde nogal wat, sommige kitsch, sommige leuke dingen en meubels. Na nog een wandeling, zoals langs een trap die enerzijds een beetje doet denken aan die in Lapa (Rio de Janeiro) en anderzijds de lange trap naar de citadel van Luik, en langs leuk beschilderde huizen (om de stalen platen te versieren), kwamen we aan een plein, Plaza Sotomayor, bij de haven, waar Ricardo ons in de bus liet stappen. Wij reden dan naar Viña del Mar, waar we de sfeer opsnoven in deze chique en trendy badplaats met veel tuinen, en lekker aten in een mooi ingericht restaurant, met zicht op de oceaan. Er leven ook zeehonden en natuurlijk zeevogels. We reden dan terug naar ’t hotel, trotseerden daarbij de file.

Dag 5, 02.12.2015 Santiago - Calama - San Pedro de Atacama

We moesten erg vroeg opstaan en genoegen nemen met een elementair ontbijt voor de vlucht naar Calama, de hoofdstad van de Atacamawoestijn. Bij aankomst reden we met chauffeur Ivan en gids Miguel Angel (voortaan Mike genaamd) naar het dorpje San Pedro de Atacama, waar het hotel is, maar wel met enkele tussenstops voor enkele korte wandelingen en fotosessies in de Cordillera de la Sal, van de Duivelswoestijn, en het archeologisch park van Tulor. In deze nederzetting zagen we overblijfselen van cirkelvormige huizen en opslagplaatsen, alles met natuurlijke materialen opgetrokken (geen schroeven of nagels, dus!). We reden dan naar het hotel, waar we de kamers toegewezen kregen, ons even verfristen en dan in het dorpje (op 2.400 m hoogte, trouwens) een kleinigheid gingen eten (allez, kleinigheid: mijn salade was een berg sla met daarop wat kaas, hardgekookt ei, tomaat en vlees). Het dorpje met de smalle straatjes en huizen in adobesteen (die stenen worden niet gebakken zoals bij ons maar in de zon te drogen gelegd) ademt nog de sfeer uit de koloniale tijd. Na deze pauze, bezochten we het fort (pucara) van Quitor, 700 jaar geleden door de Atacameños gebouwd op de flanken van een heuvel. Vanop de top van het fort hadden we een mooi zicht op de omgeving. Tegen de valavond reden wij naar de Valle de la Luna waar de natuur de meest bizarre rotsformaties heeft gebeeldhouwd. Al wandelend genoten we van de schitterende omgeving, net allemaal uitgestrekte zandbakken. De zonsondergang was adembenemend, vooral gezien wat Ivan had geregeld terwijl wij naar het verkleuren van de bergwanden keken, in plaats van naar de ondergaande zon (dat zou ons toch maar verblinden): een tafeltje met wijn en schaaltjes kaas, met en zonder noten en kruiden. ;-)

Hotel: La Casa de Don Tomás 4*

Dag 6, 03.12.2015 San Pedro de Atacama - Salar de Atacama - Toconao - San Pedro de Atacama

Wij reden naar het grote zoutmeer Salar de Atacama, dat is het grootste zoutmeer ter wereld. In dit zoutmeer leven 3 soorten flamingo’s. Een mooie weg bracht ons tot een hoogte van 4500m naar de schitterende lagunes van Miscanti en Miñiques. Zo ver boven de zeespiegel was ik nog niet (ik denk dat mijn hoogterecord dan nog lag op iets meer dan 3000m, op de Monserrate-heuvel bij Bogotá) en ik heb het heel even een paar keer gevoeld, een lichter gevoel in het hoofd. Wij genoten van een schitterend uitzicht op deze turkoois blauwe meren en de omliggende bergen en vulkanen en zagen vicuñas (lama-achtigen, lijken wat op guanaco’s), alpaca’s en verschillende soorten watervogels. Vicuñas zijn, zoals lama’s, alpaca’s en guanaco’s kameelachtigen die in Zuid-Amerika voorkomen (de andere twee kameelachtigen, de kameel zelf en de dromedaris, leven vooral in Afrika).Op de terugweg zagen we een enkele vicuña, volgens Mike zou die uit zijn gemeenschap verdreven zijn, moest hij elders een vrouwtje gaan zoeken en vinden. Intussen trakteerden Pedro en Mike met hete maté en koekjes, in Socaire genoten we het middagwaal. Nadien stopten wij even bij het mooie San Lucas-kerkje in Toconao, we bezochten ook twee lama’s in een tuintje van een winkel van artisanale souvenirs. We waren op tijd terug in San Pedro zodat ik nog zegels kon kopen in ’t postkantoor (na 17 uur nog open!) en postkaarten in een souvenirwinkel. ’s Avonds aten we in restaurant La Casona, waar vanaf 20.30 uur een pianist kwam tokkelen en zingen.

Dag 7, 04.12.2015 San Pedro de Atacama - El Tatio-geisers - San Pedro de Atacama

We moesten vroeg op (geeuw!) om op ons nuchter maag naar de El Tatiogeisers op een hoogte van 4.500 m gevoerd te worden, en daarbij moesten we dan nog ervoor zorgen dat we warm gekleed waren, voor zonsopgang kan het er namelijk nog ijzig koud zijn. De tientallen geisers treden alleen bij zonsopgang in werking. De meeste geisers gaven vooral of alleen veel damp af, bij sommige kon ik de damp in druppels zien opstijgen. Alleen, de geiser waar zowat een maand eerder een Waalse toerist in gleed, die gaf zelfs geen damp af. Rond elke geiser zijn stenen gelegd als veilige grens, dus normaal kan je er niet in donderen. In de dichte buurt van de geisers is een warmwaterbad en daar doken Robert en José in voor enkele minuten. Samen, zij tweeën dus goed verwarmd, gingen we naar de busparking waar Pedro intussen voor het ontbijt, met warme chocomelk, had gezorgd. J Met enkele fotostops, zoals voor enkele kuddes vicuñas en het dorp Machuca, niet meer dan een gehucht maar met een heel mooi kerkje die enkel op deze hoogte te vinden is, reden we terug voor een zelf in te vullen namiddag. In San Pedro kocht ik een empanada napolitana (dat is met kaas, ham en tomaat) en at die naast het zwembad van de Casa op, bleef er dan de zon kloppen en op de gsm spelen, alvorens naar de kamer te gaan waar het bed zachter is dan de strandzetel. ’s Avonds gingen we eten in de Adobe.

Dag 8, 05.12.2015 San Pedro de Atacama - Calama - Santiago - Puerto Montt - Puerto Varas

Vandaag hadden we tijd zat, ik heb dan ontbeten en wat geluierd tot 11.15, we vertrokken om 11.30 uur naar de luchthaven waar ik een snack gegeten heb. Van dienstverlening was daar nauwelijks sprake, de dienster schreef de bestelling niet op en wanneer ze dan opdiende, was dat niet per tafel, maar per bestelling. Mijn “completo” (hotdog zoals in Santiago) heb ik niet gezien, ik kreeg een portie frietjes aangeboden die ik dan maar aannam, of ik had niets gegeten. Betalen ging al even “vlot” en er werd al aan boord gegaan van het vliegtuig wanneer ik de rij kon aanvullen. In het vliegtuig had ik geluk want er was geen 10A en ik had 10B. ;-) In Santiago hadden we allemaal geluk want we stapten uit aan de poort waar we even later weer aan boord gingen, we moesten dus ter plaatse wachten. In Puerto Montt werden we opgewacht door gids Matias. Puerto Varas herinnerde ik me nog wat van vier jaar geleden, toen we op bezoek waren in Patagonië maar daar met de bus vanuit Santiago aankwamen (de Puehuye blies nog veel as uit en het vliegtuig mocht niet landen in Puerto Montt), een charmant 19de eeuws vissersstadje. Ons hotel ligt vlakbij het Llanquihemeer en herkende ik ook nog, want we mochten er toen even verpozen, bekomen en ons verfrissen. Van ’t hotel hadden we een prachtig uitzicht op de Osorno vulkaan. Ik had nu wel een andere kamer als waar de vrouwen in ’t gezelschap toen even verpoosden. ;-)

Hotel: Solace 4* (volgens Hobo en mijn eigen bevindingen; Chileense autoriteiten gaven slechts 3*)

Dag 9, 06.12.2015 Puerto Varas - Puerto Montt - Frutillar - Petrohue - Puerto Varas

Vandaag verkenden we de Duitse ziel van de streek met een Lutheraans kerkhof (de zerken staan richting Duitsland), het Museum van de Duitse Kolonisatie in Frutillar (lijkt een beetje op een boerderij in ’t Zwarte Woud) met woonhuis, smidse, ronde stal. ’s Middags aten wij in Ensenada, “Bonbón Oriental”, wat enkele maanden geleden opgetrokken werd, het vorige restaurant was totaal beschadigd door een nog recente vulkaanuitbarsting. Van daar reden we naar de Petrohué rivier met zijn talrijke smaragdgroene watervallen, of toch de Salto Grande, en verder naar Petrohue gelegen aan de oevers van het Lago Todos los Santos. Het was al de hele dag regenachtig, en aan de Salto Grande regende het zacht. Om 17.15 uur, opnieuw terug in Puerto Varas, trakteerde Robert voor onze Sinterklaas op een terras in de stad. Nadien vertrok de ene na de andere en ik wandelde terug via een omweg. Terug op de kamer zag ik dat de was, die ik in de kast liet want in weekends werd zogezegd niet gewassen, al gedaan was en in de kast lag, waar ik de zak met ingevuld formulier had gelaten. ;-)

Dag 10, 07.12.2015 Puerto Varas - Ancud - Castro (Chiloe eiland) - Puerto Varas

We reden naar Puerto Montt om in te schepen, met bus en al, voor de overtocht naar het eiland Chiloé, het 2de grootste eiland van Chili. Het eiland is gekend voor de rijke flora met naaldbossen van cipressen en regenwoud. Door zijn geïsoleerde ligging ontstond de typische Chilote cultuur van mythen en sagen. De architectuur van het eiland is gekenmerkt met prachtige houten huizen en kerken, en daarvan bezochten wij er enkele, we hielden regelmatig halt in typische dorpjes (Ancud, Quemchi, Dalcahue). In Castro bekeken wij de palafitos, kleurrijke paalwoningen die op het water werden gebouwd. ’s Middags aten wij in de overdekte markt, allemaal naast elkaar, de meesten met zicht op de kust, sommigen aten curante: schelpdieren, vlees en wat aardappels (ik hield het bij zalm). De toerist wordt wijsgemaakt dat Chilenen neerkijken op Chilotes, maar volgens Matias is daar niets van aan. Chilenen beschouwen de Chilotes wel als vriendelijk, behulpzaam en naïef, maar niet als dom en ze komen wel goed overeen.

Dag 11, 08.12.2015 Puerto Varas - Punta Arenas - Puerto Natales

Met de bus reden we naar de nochtans nabijgelegen Duitse kerk. ;-) Daar was net een dienst bezig, dus we bleven achteraan de kerk om het interieur te bewonderen. We wandelden verder langs huizen die er wat Duits uitzien, sommige zijn beschermd als monument, maar de bewoners krijgen geen subsidies om hun huis te onderhouden. Het station aan de niet meer gebruikte spoorlijn heeft een andere bestemming gekregen, o.a. de Lyon d’Or is er gevestigd. We reden dan naar Puerto Montt om daar een bezoek aan de stad te brengen, beginnend met een panoramisch overzicht. We pauzeerden aan een plein en bezochten er de kerk, en wat verder de vismarkt, in welks nabijheid we eerst aten. Aan de rand van het meer stopten we want Matias wou trakteren op zijn verjaardag van een dag eerder (maar door de planning met de ferry kon dat gisteren niet) met wijn en broodjes zalm & kaas, dat viel allemaal zeer in de smaak. ;-) Op weg naar de luchthaven passeerden we langs het Estadio Chinquihue, Robert zag de Rode Duivels daar al spelen tegen Chili, maar dat zou een affront zijn voor beide ploegen, want er kunnen slechts 10.000 toeschouwers in. In de luchthaven van Puezrto Montt was zelfs geen snack meer te bekomen, dus kocht ik wat donkere chocolade en chips. Door de desolate en immense vlaktes van de Patagonische steppes reden we naar Puerto Natales, een rit van zowat 3 uur met een halte onderweg. We waren wat laat in het hotel, en de bediening in het restaurant was niet echt vriendelijk te noemen.

Hotel: Costaustralis 4* (zeer breed hotel, precies passend tussen twee zijstraten)

Dag 12, 09.12.2015 Puerto Natales - Torres del Paine National Park - Puerto Natales

Per boot voeren wij door de Ultima Esperanza Fjord naar de Serrano en de Balmaceda gletsjers, onderweg kregen we een kop koffie of thee aangeboden. Op het dek was het nogal fris, vooral waar de wind waaide, maar we genoten van schitterende zichten, en enkele regenbogen. Deze gletsjers vormen de zuidelijkste uitlopers van de Patagonische ijskap en monden uit in de baai. Tot aan de Serrano gletsjer zagen we de monding van de Eberhardfjord, een veeranch, een kolonie aalscholvers, de Perales boerderij (waar we later zouden middagmalen), een kolonie zeeleeuwen, een klip waar nog al eens condors op de loer liggen en de Balmacedagletsjer en –berg. Aan die Serrano gletsjer gingen we, na ongeveer 3 ½ uur varen, van boord voor een wandeling van ongeveer een uur door het typische Patagonische woud naar de voet van de Serrano gletsjer. Tijdens de lunch op een authentieke farm proefden we van een typische maaltijd van Patagonië en gingen nadien even in de grote tuin wandelen en fotograferen. En tijdens de terugvaart kregen we een (blended, weliswaar) whisky met gletsjerijs aangeboden, en later nog eens koffie of thee. ;-) Het was nog steeds fris en winderig aan dek, maar de zichten waren dat zeker waard.

Dag 13, 10.12.2015 Puerto Natales - Balmaceda en Serrano gletsjers - Puerto Natales

Eerst gaan we naar de grot van Milodón, een historisch voorouder van de luiaard. Deze dag was een hoogtepunt van de reis. Het 242.000 ha grote Torres del Paine National Park is genoemd naar de 3 markante granieten pilaren (sommigen, zoals ik, dachten aan de Drei Zinnen in de Dolomieten). Het gebied is uniek omdat alle landschappen van Patagonië hier te zien zijn en het gebied bezit een uitzonderlijke rijke flora en fauna. Wij genoten van de diepblauwe meren (Lago de Sarmiento, Nordenskjöldmeer, Pehoé meer, Grey meer), rivieren, gletsjers (zoals de Grey gletsjer, van verre) en vooral de soms stevige wind, waartegen we ons moesten schrap zetten! Ook al wegens deze stevige wind volgden we niet het pad naar het uitzichtpunt voor die gletsjer. We aten er wel in de buurt in het restaurant
waar we 4 jaar geleden al waren. Maar nu was er geen zalm meer en het buffet was vervangen door een schaaltje salade. De grootste dieren zijn de guanaco’s en de zeldzame poema (zo zeldzaam dat ik ze niet zag). Per bus en al wandelend bewonderen we deze unieke natuur, met als laatste de Lago Toro.

Dag 14, 11.12.2015 Puerto Natales - Punta Arenas – Santiago

’s Anderendaags, na ontbijt en afrekenen wat eventueel moest afgerekend worden, reden we terug naar de luchthaven, met een tussenstop voor een warme drank. Tijdens de rit van ongeveer 3 uur kregen we vier sneeuwbuien en eenmaal hagelde het zelfs. In Santiago wachtte Patricia ons weer op. We reden naar het hotel, lieten er onze bagage achter (de handbagage in de kamer, de valies zou wel gebracht worden – maar de mijne “mocht” ik ’s avonds zelf meenemen…) en reden naar een Italiaans restaurant waar we lekker aten en dronken. Terug in het hotel namen de terugkeerders afscheid van de Paaseilandbezoekers.

Hotel: Torremayor 4*

Dag 15, 12.12.2015 Santiago - Brussel

We hadden tot 17 uur tijd om te spenderen in de stad, Robert had al voor richtlijnen en een stadsplan met suggesties voor bezoek gezorgd. Na het ontbijt ging ik wandelen naar de Grande Torre, maar de winkel van het Hard Rock Café ging pas om 11 uur open, en ik wandelde dan door het Beeldenpark en het Park van Uruguay. Daar staan fitnesstoestellen zoals die ook in b.v. Rio de Janeiro staan, dus hier en daar heb ik me geamuseerd. Ik nam ook een kijkje in de Costanera, het winkelcentrum waar het Hard Rock Café een extra toegang had. Terug in de buurt van ’t hotel heb ik een belegde foccacia gegeten en erbij een warme choco gedronken op ’t terras van Starbucks. Onderweg kwam ik Robert tegen die me zei dat blijkbaar de kamers toch om 12 uur leeg moesten, dus moest ik eerst vragen om het slot te deblokkeren. Ik haalde dus mijn bagage uit de kamer en bracht die bij de andere bij de receptie, gelijk met Karen. Daarna ging ik nog wat wandelen, keerde terug en ging wat aan het zwembad zitten sudoku invullen tot het tijd was om te vertrekken. In de luchthaven van Santiago kocht ik twee flessen Pisco Sour in de taksvrije winkel voor de vlucht richting Madrid. Ik zat naast een koppel, Karen twee rijen voor mij en beiden hadden we zicht op de brede vent die onze heenvlucht verstoorde… Slapen ging mij nu iets beter af, wellicht door de twee wijntjes bij het eten en de (ook blended) whisky achteraf.

Dag 16, 13.12.2015 Aankomst te Brussel

In Madrid was tijd genoeg en mijn taksvrije flessen moesten toch gekeurd worden in de douane. Bij aankomst te Brussel en nadat elk zijn bagage van de band haalde, namen we afscheid van elkaar. Net als Els & Jurgen ging ik naar het station voor de trein naar huis.

Chileens Patagonië kende ik al een beetje, nu heb ik een iets vollediger beeld van het land.

https://goo.gl/photos/ZTXbGe4xWRokYA3HA

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Helga om 20:37

Rio de Janeiro 2014, deel II

15.12.2014: BarraShopping

Daar heb ik enkele uren rondgewandeld, drie shorts gekocht in een winkel dat hier ook een keten heeft. Op de middagsnack moest ik nogal lang wachten, verder maakte ik foto’s van de leuke kerstversieringen. Eigenlijk wou ik naar ’t strand van Barra da Tijuca maar ik vond geen bus, ook niet in Ipanema, die ernaartoe reed dus nam ik maar de gebruikelijke bus 525 naar Alvorada. Daar moest de bus een iets andere weg nemen want er stond een andere bus in panne in het tunneltje.  De Expresso naar Salvador Allende was te lang, ik stond achteraan en kon niet uitstappen in de eerste halte, ook niet in de tweede, dus schoof ik door naar voren en kon uitstappen in Recreio Shopping, en daar de bus terug nemen. Toen ik thuis kwam, stond Tina een reisverslag op te maken, en Toni maakte een caipirinha, deed dat voor mij ook, dank, dat heeft gesmaakt!

16.12.2014: Lagoa Rodrigo de Freitas

Vandaag wandelde ik dat meer rond, de omloop langs een door fietsers en voetgangers te delen pad is 7,5 km lang en ik volgde het in wijzerzin. Onderweg passeerde ik een kajak club met trainingsfaciliteiten, een plek waar je een helikoptervlucht kan maken, verder kan je peddelen in een zwaantje of eendje, en er is een bruggetje naar een eilandje, maar dat is helaas privaat. Ik keerde dan terug naar de strandlaan van Ipanema en dronk een frisse caipirinha in een kiosk waar ze ook donker bier hebben. smiley-wink.gif

Met bus 525 reed ik naar de terminus en daar bleek ik de directe bus naar Santa Cruz genomen te hebben, hoewel ik de vermelding “Directo” nooit op een bus of aankondiging van bussen gezien heb. In ieder geval, de eerste halte was Vendas de Veranda, een heel eind van Salvador Allende, ik stapte er pas om 20:21 uit en kon enkele minuten later terug keren.

17.12.2014: Recreio dos Bandeirantes

De bus- en metromaatschappijen hebben aan mij niets verdiend, vandaag. smiley-smile.gif Met het overzetbootje van Ocean Rio werd ik met enkele andere toeristen overgezet, van de oever moest ik de strandlaan oversteken en ik was aan het strand met een kiosk en gratis te bezetten strandstoelen en parasols. Zwemmen deed ik er niet – wie zou op mijn spullen passen? – wel kruiswoordraadsels oplossen in de zon, die gaandeweg stevig scheen. Intussen ging ik nog een snack eten en doorspoelen met een fris maltbier, want het WC was enkel voor klanten gratis. In de namiddag ging ik terug, zo tegen 4 uur, want onder de parasol was het te fris door de stevige zeebries, en in de zon was het te heet onder de voeten. Tussen de oever en de Casa vond ik nog een aapje in een boom, andere dieren heb ik er niet gezien, dus ook geen kaaimannen, volgens Pedro moeten die er echter zijn (er is alleszins plaats genoeg in het oevergewas om zich te verstoppen). In de Casa zwom ik enkele baantjes in het zwembad en ging me dan klaar maken voor de barbecue die Toni en Tina verzorgden. Ik was ruim op tijd om eerst nog in de Mundial een fles lekkere wijn te kopen, Braziliaanse vond ik er niet, dus werd het een Argentijnse Malbec-wijn.

Omdat ik, zoals Pedro, Toni en Tina, toch al ter plaatse was, was ik ook de eerste om aan te schuiven, aan de bar op het terras, waar ook de gemetselde barbecue staat. Enkele hapjes waren al klaar en de eerste pinten werden opengetrokken (alles in blik, dus ik hoefde geen glas). Tegen negen uur was iedereen aanwezig: behalve Olivier ook Suzi, een vriendin van de Fransman, Carlota, de vriendin van Pedro, en Marcio, een Braziliaanse collega van Toni. Met enkele instructies van Pedro zorgde Toni voor perfect gebakken stukken vlees, en er werd heerlijk getafeld en gezellig gebabbeld. Tijdens die praatjes werd afgesproken dat we ’s anderendaags gingen peddelen ergens bij Barra de Guaratiba.

Het was zo gezellig dat de barbecue tot ongeveer middernacht duurde.

18.12.2014: Barra de Guaratiba

Zoals afgesproken reed Olivier ons (Pedro, Tina, Suzi, Carlota en mij – Toni moest nog werken want ’s namiddags gingen hij en Tina terug naar Duitsland) naar Barra de Guaratiba, waar de peddels en planken gehuurd werden bij Ecomarambaia, nabij de Restinga da Marambaia, een heel eind van Recreio dos Bandeirantes.  Om op die planken (een beetje te vergelijken met surfplanken) te staan, is het best niets mee te nemen dat voor het peddelen niet nodig is. Helaas heb ik dus ook geen foto’s van de peddelpartij. smiley-wink.gif Hoewel de stroom ondiep was, deed ik alles om te vermijden om er toch in te vallen, dus ik bleef liever zitten, op de knieën of op ’t achterwerk, met mijn verbrande voeten in ’t water (die is toch te ondiep voor piranha’s en andere vissen met scherpe tandjes). Schildpadden zag ik niet (Pedro wel, onder een brug) maar wel een compagnie witte ibissen. Na een uur gaven we het materiaal terug aan Ecomarambaia en keerden terug. Onderweg stopte Olivier nog om te trakteren op fris kokoswater. Eerst zouden we zeevruchten gaan eten, maar blijkbaar was het beoogde restaurant niet open dus keerden we terug naar de Casa. Daar had Luciana voor een licht en lekker middagmaal gezorgd, en gezellig mee gegeten. Voor al die traktaties wou Olivier niet eens een bijdrage (zoals we de avond voordien wel deelden in de kosten van de BBQ, 30 R$ per persoon wat zeker billijk was).

Iedereen bleef ter plekke, ik vooral in de hangmat.  Om ongeveer 18 uur ging ik even 3 bushaltes van de Transoeste verder tot de winkel Shopping da Pedra, waar Pedro me attent op maakte wegens leuke souvenirs, maar de winkel sloot om 17 uur. Van wat ik in de etalage zag, kan ik echter in de Denderstreek ook mijn gading vinden: tuinversiering zoals fonteintjes. Ik was ruim op tijd terug om afscheid te nemen van Tina en Toni, zelfs nog om een pastel (wat in Argentinië een empanada heet) te verorberen.

19.12.2014: Jardim Botánico

Omdat het nog hoogzomer is met hogere temperaturen (ergens tussen 35 en 40°C) bezocht ik de botanische tuin. Helaas lijkt er geen bus te zijn van Pr. Gen. Osório (Ipanema) naar de tuin, dus ging ik te voet, een eindje het meer volgend. Ik bleef ongeveer 5 uur in de tuin, foto’s nemend, schuilend in de schaduw, de orchideeën en de bromelia’s in hun kassen bewonderend. Ik at een snack (zoals in Barra Shopping moest ik er weer lang op wachten) en spoelde die door met fris water. Het laatste bezoek was aan de kaktussen, want de plantjes die de naam geven aan de tuin, waren niet te bezoeken, dat hoekje was aan onderhoud onderhevig.

Met de bus reed ik tot bijna aan Pr. Gen. Osório (Ipanema), de Fazendola was net dicht, afgezien van het terras van hun pizzeria, dus ging ik even terug want aan de bushalte is ook een buffetrestaurant, waar ik mijn bordje vol schepte.

20.12.2014: Largo de Machado

Met bus en metro (in ’t weekend overstappen in Estació) naar metrostation Glória, en eindelijk vond ik de trap van Lapa naar Santa Tereza. Volgens de stadsgids moet je de Rua da Glória doorlopen en linksaf de Rua de Joaquim Silva gaan. Maar dan zie je de Trap van Selarón ook niet meteen, ik merkte die op omdat er een groepje mensen naar links stond te kijken en foto’s te nemen. Nog volgens de stadsgids zou hij nog steeds tegeltjes in ontvangst nemen om die ergens in te werken, maar volgens wikipedia is Selarón begin vorig jaar overleden, hij werd levenloos op zijn trap gevonden. Of er dan nog tegeltjes ingewerkt worden door iemand anders, is mij onbekend. Volgens Wikipedia is die trap een toeristische attractie (en dat klopt ook) maar er is geen enkele wegwijzer ernaartoe, zoals naar kerken, musea en theaters.  Goed, ik vond de trap en besteeg hem, behoorlijk wat foto’s nemend, o.a. van Belgische tegels. Die trap maakt ergens na 2/3 een bochtje naar rechts, naar nog meer leuke tegels. Waar geen tegeltjes ingewerkt zijn, zijn ze rood. Toen ik boven was, zou ik terugkeren, maar de trap ziet er nogal steil uit en trapleuningen zijn er natuurlijk niet (dat zou nogal misstaan op foto’s), dus keerde ik via de straat, Ladeira de Santa Teresa, terug en eens beneden, merkte ik op dat je de trap meteen ziet als je van de Rua da Lapa naar de Rua Teotônio Regadas gaat.

Even verder nam ik de metro naar Largo de Machado en op dat plein was een boekenmarktje al een maand aan de gang, nog tot en met 22 december. Ik kuierde daar natuurlijk rond alvorens in een zeer groot buffetrestaurant te gaan eten. Op het plein staan, behalve marktkraampjes, ook enkele fitnesstoestellen, speeltuigen voor senioren, en ik heb daar een eindje gestapt zonder omhoogstekende tegels, obstakels of passanten, kwestie van mijn eten al wat te verteren. smiley-wink.gif De kerk Nossa Senhora da Glória leek niet open, door de spijlen van de omheining slaagde ik er toch in foto’s van de kerststal te maken. Dan ging ik wat wandelen volgens de stadsgids, langs het kasteeltje van Flamengo, tegenwoordig zit daar het gemeentelijke Centro Cultural Oduvaldo Vianna Filho, het gebouw Praia do Flamengo (duidelijk van dezelfde architect als het grote Copacabana Palace), het gebouw Seabra en vandaar naar het Parque do Flamengo. Als ze er eens een andere naam voor zoeken: Parque dos Gatos. smiley-laughing.gif Nog voor ik het park betrad, vielen mij de vele katten op, ik vermoed dat zij eten en drinken krijgen van naburige bewoners die in hun flat geen huisdieren mogen houden.  Het Flamengo park was ontworpen door Lota de Macedo Soares, en artiest Roberto Burle Marx (die in de buurt van Barra de Guaratiba gewoond heeft, men kan zijn villapark ook bezoeken maar alleen op vastgestelde dagen en uren en op afspraak). Het 120 ha grote park was voltooid in 1965. Het is inderdaad een groot park met speeltuigen voor kinderen, enkele sportpleintjes en veel wandelpaden. Ik wandelde langs de strandboulevard tot aan het eind, en keerde dan terug via Parque do Flamengo, wandelde langs voetbalvelden waar wedstrijden werden gespeeld.

In het metrostation van Flamengo kon ik mijn RioCard niet opladen, dus wandelde ik verder naar Botafogo, ging nog eens naar het winkelcentrum, maar alleen om gratis naar ’t WC te kunnen. smiley-wink.gif Nadien wandelde ik tot bij het strand en de jachthaven en bekeek het rustige leven daar, zittend in de schaduw. Ook in dat metrostation kon ik mijn RioCard niet opladen, dus betaalde ik maar een gewoon ticket (3,5 R$), en herlaadde mijn kaart in ’t BRT-station. ’s Morgens had Pedro het over lichte regen, maar die was wel erg licht: enkele druppeltjes.

21.12.2014: Ipanema

Bij het ontbijt vertelde ik aan Olivier dat ik naar Ipanema zou gaan, ’t is immers zondag. Meteen stelde hij voor met hem mee te rijden, hij had een werkafspraak en zou om 11 uur vertrekken. Terwijl hij en Suzi gingen zwemmen en nadien ontbeten, zat ik op ’t terras een oud Engels voetbalboekje te lezen. Om elf uur vertrokken we dus en ongeveer een half uur later stapte ik uit nabij het Gen. Osórioplein, hem hartelijk dankend, en een veilige terugreis (hij zou vertrekken terwijl ik hier nog rondslenterde) en leuke feesten wensend. Ik spendeerde mijn tijd dus op de strandlaan, slenterde tot aan het eind, want er is een herdenkingsplaat aan de wand van de weg naar Vidigal en verder. Op dat grote bord staat de naam Niemeyer, de naam ook van de laan die tot zeker São Conrado loopt, en ik dacht altijd dat die laan naar de eind 2012 overleden architect genoemd was, maar dat bleek dus niet waar. Dat bord is er geplaatst door de Braziliaanse automobielclub: op 22 oktober 1916 (terwijl de eerste Wereldoorlog zo ongeveer halfweg was in tijd) werd de Avenida Niemeyer ingehuldigd door het Eerste Nationaal Congres van de Wegen. De naamgever van die laan was Conrado Jacob de Niemeyer (op het bord staat Jacob, bij Wikipedia is het Jacó), dat moet wel familie zijn van de ingenieur, Álvaro Conrado de Niemeyer. Zeker van de architect, Conrado is met name de overgrootvader van Oscar. Ik zat er dus niet ver naast. smiley-wink.gif Intussen zag ik dat skateboarders die wilden kunstjes uithalen, daar hun eind strandlaan in Leblon  voorbehouden kregen van de stadspolitie (die overigens dezelfde slogan draagt als die van Denderleeuw-Haaltert: dienen en beschermen) na een officieuze snelheidswedstrijd waarvoor ik de vrij weg maakte. Ik bezocht ook de hippiemarkt en kocht er een souvenir voor mijn beste vriendin haar verzameling en ging intussen ook eten in de Fazendola.  Tevens permitteerde ik mij twee maltbieren (4% alcohol), water drink ik al genoeg, zeker 2 liter per dag, terwijl ik een regenwolk van ongeveer Barra da Tijuca overzee zag drijven.

Ik ging dan terug naar het plein voor de bus 525.  Na een poosje vertrok de bus maar de chauffeur bleek zijn weg niet goed te kennen, ineens waren we in parochie Gávea, de passagier voor mij wees hem dan de juiste weg en zo kwamen we toch weer op het juiste “pad” terecht. De rest van het parcours was de chauffeur bekend en de verplaatsing verliep vlot want hij reed flink door. In de terminal kocht ik een portie van 12 kaasbroodjes, at die eerst met veel smaak op vooraleer de groep staande reizigers voor de Transoeste te vervoegen. Bij het uitstappen in Salvador Allende zou het willen regenen, maar het bleef eens te meer bij gedruppel.

22.12.2014: BarraShopping

Vandaag bezocht ik dus alweer het winkelcentrum, maar vanuit Alvorada is dat niet evident met bus 525, die heeft wel een halte pal voor het winkelcentrum, maar niet aan de overkant van de Avenida das Américas, zo bleek al gauw… OK, dan reed ik maar mee naar Ipanema, in de vaste overtuiging dat er op maandag een gewone markt zou zijn (vier jaar geleden bezocht ik daar even de markt en kocht er toen kersen). Helaas, er was geen markt te zien, dus stapte ik uit, wachtte mijn beurt af, zoals anderen. De ontvangster zat nog wat in de schaduw te verpozen, ineens kwam een passagier aan en stapte meteen in, wellicht had hij ook een oplaadbare kaart (net als ik, maar ik wachtte dus gedisciplineerd), er steeg gemor op en daar kwam de ontvangster op af. Ze zette de ongeduldige op zijn plaats en nam dan haar plaats in, liet ons allen instappen.  Na een halte of zo kwam er een vrouw naast mij zitten die anderhalve keer zo breed was als ik (en ik had net genoeg aan 1 zitje, zo smal zijn ze), en ik zat niet op een voorbehouden plaats. Pas in Barra da Tijuca, nog niet op de winkellaan, ging ze elders zitten, naast een slankere jonge man (misschien haar zoon).

In het winkelcentrum, in de Lojas Americanas, kocht ik een nieuw paar havaianas want de andere waren toch een half maatje te klein. Na enkele uren sloffen echter bleek het stukje plastiek tussen mijn tenen te “snijden”, enfin, mijn voeten zijn dus niet gemaakt voor die havaianas. In het cybercafé van de Fnac betaalde ik 6 R$ om een half uurtje te internetten. Ik moest me virtueel inschrijven voor de terugvlucht van ’s anderendaags (dat kan van 30 uur voor de voorziene vertrektijd) en koos meteen ook mijn zitplaats, twintig plaatsen meer naar voor dan Air France had voorzien, zo ongeveer halfweg tussen de toiletten en de “keuken”. ’s Anderendaags zal ik me afvragen waarvoor ik die moeite deed… Ik keek dan nog gauw even op de website van “mijn” twee voetbalploegen, de ene behaalde wat beter resultaten dan de andere, maar alle 2 zijn ze nu met vakantie.

De rest van de tijd tot het donker werd spendeerde ik met eten van een buffet, rondkuieren, beetje zitten, een sudoku kopen, op ’t eindje een portie kaasbroodjes kopen en opeten. Toen ik buiten was (ongeveer 20 uur), was het dus donker en stond de kerstboom mooi in de lichtjes, ik ging er dan ook een zo goed mogelijke foto van nemen. Het was zoals gebruikelijk druk aan het busstation, ik kocht nog gauw een flesje koel water van een straatverkoper, en nam bus 525 naar Alvorada en de express naar Salvador Allende.

In de Mundial kocht ik 6 pakken koffie van elk 250 gr, zelfs aan de kassa van maximaal 20 producten ging het niet vooruit, en zo zijn er 4 kassa’s. rond 22 uur was het nog 27°C warm.

23-24.12.2014: Terug naar huis…

Ik pakte op ’t gemak mijn bagage, intussen had Pedro tijd om het ontbijt klaar te zetten. smiley-wink.gif Aan het ontbijt vroeg ik hem wat mijn schuld nog verder was, en dat was het bedrag dat op de bevestiging van mijn reservatie staat (ik vernam dan van hem dat Olivier ook het extra middagmaal van donderdag had getrakteerd), ik had natuurlijk niet genoeg cash op zak, dus wou ik geld trekken in de Barra World. Omdat het om een aanzienlijk bedrag ging, voerde Pedro me erheen, ik kon echter niet het volle bedrag afhalen, volgens hem omdat er al mensen onder dwang moesten geld afhalen voor criminelen, daarmee bleef hun schade beperkt. Ik paste dan bij met Dollars maar dan ontbrak nog een bedrag, en voor dat bedrag ging hij tanken, daarmee was de rekening betaald. Tja, als je geen kaartlezer hebt… Intussen had hij al een taxi besteld, want in die Transcarioca-bussen naar de luchthaven is geen plaats voorzien voor bagage, had ik twee weken eerder gemerkt.

Die taxi kwam er om half drie en intussen had ik zitten puzzelen. Het was nogal druk op de weg en het duurde zijn tijd eer ik kon uitstappen, maar het kostte toch minder dan de 150 R$ waar Pedro van gesproken had, nl 106 R$, inbegrepen de bagagetoeslag. Ik zette nog geen voet binnen of werd al aangesproken om geld te wisselen met iemand die daar rond hing, maar daar ging ik natuurlijk niet op in, waarop hij een andere toerist aansprak. Ik liet mijn bagage in plastiek inpakken en gaf het dan af aan een medewerkster aan de incheckbalie, zodat ik kon rondwandelen. Maar veel te wandelen is daar niet, in vergelijking tot de luchthaven in Zaventem, al kocht ik een etage hoger een doosje met 5 flesjes cachaça en een plak zwarte chocolade van Zwitserse makelij. Bovendien was het vliegtuig nog eens in vertraging (hij stond er evenwel al), die vertraging zou evenwel ingehaald worden (en dat was gelukkig ook zo). Eerst mochten de bijzondere mensen inchecken, en dan het “plebs”. smiley-wink.gif Ik zat nog niet goed neer of ik werd al gevraagd van plaats te wisselen. Toen ik zag waar ik terecht kwam, beklaagde ik het mij meteen en beloofde mezelf dat nooit meer te doen. Voor mijn goedheid werd ik gestraft met een plaats naast de wand, niet eens aan een venstertje, wat mijn bewegingsvrijheid serieus inperkte. Per slot van rekening heeft iedereen de kans zijn plaats te kiezen via de website van Air France. Mijn humeur zakte dan ook tot de temperatuur die in België heerste. smiley-yell.gif Een geluk dus dat de vertraging inderdaad ingehaald werd en ik tegen 8 uur ’s anderendaags die krappe plaats kon verlaten (na twee maaltijden, twee flesjes witte wijn en wat spelletjes). Ik had trouwens intussen mijn schoeisel verwisseld en mijn fleece aangetrokken.  Nog voor de echte pascontrole moest iedereen zijn paspoort al eens laten zien, en dan dus zijn beurt afwachten. De bagage van een andere vlucht toerde nog  rond op de band dus ging ik eerst nog eens naar ’t WC, en toen ik mijn ingepakte reistas beet had, zocht ik naar het treinstation. Ik moest me dan nog eerst aanmelden bij Air France voor mijn zitje in de Thalys, die overigens met vertraging was… Op het perron voor die Thalys-trein stonden medewerkers van Air France die de keuze gaven om de bagage bij te houden of in een apart rijtuig op te bergen, ik koos voor dat laatste. De Air France reizigers werden dan ook de juiste wagons aangewezen. Die bagage werd in Brussel Zuid rap gelost (een beetje als van een reisbus) en ik kon dus op zoek naar een trein naar huis, waar ik niet lang hoefde op te wachten (lang genoeg om rap een Metro door te bladeren), het werd er ene naar Aalst. Omdat het kerstavond was, vond de NMBS dat drie rijtuigen genoeg was, een geluk dat ze niet te nauw rekende, ik kon zitten. En zo kwam ik veilig, voorspoedig en vooral nat – want hier regende het wel – thuis.

Die twee weken pure zonne-energie hebben me goed gedaan (al zette ik mijn voeten wel in de fik en de blaren). Met mijn keuze voor deze B&B heb ik goed gekozen, maar er zijn toch enkele tekortkomingen: er was plaats voor een TV in de grote wandkast, maar er was geen TV en bij die in de ontbijtkamer lag geen afstandsbediening. De afwerking is ook niet 100% perfect, er zitten nog gaten in de muur waardoor draden zichtbaar zijn. En als het raam niet 100% sluit is een spuitbus tegen muggen en ander ongedierte niet efficiënt genoeg (of je moet op de muggen individueel mikken, dan vallen ze van hun stokje smiley-wink.gif). Maar de vriendelijkheid van Pedro en vooral zijn moeder en Luciana maakten veel goed. Of het echt voor toeristen als ik geschikt is, weet ik niet juist, volgens Pedro zijn de gasten meestal mensen op dienstreis die in het niet zo verre conferentiecentrum moeten zijn, hotels zijn nu eenmaal tamelijk duur. Het is was wat afgelegen (en dus rustig in de veilige wijk vol grote villa’s), maar de busverbindingen zijn OK, zeker met die twee lijnen van de BRT. Binnen een paar jaar moet het nog beter worden, met een vierde metrolijn en de Transolimpico, nog een verbinding van de BRT. Brazilianen zijn over ’t algemeen in alle geval vriendelijk, behalve als ze een bus of metro moeten nemen, de mensen die willen/moeten uitstappen, zouden ze liever terug duwen en mee instappen. smiley-wink.gif En voetgangers worden ginds nog minder in de watten gelegd als hier.

Toen ik thuis was en mijn mailboxen opende, bleek Air France mijn opinie gevraagd te hebben over de heenvlucht, ik hoop op nog zo’n verzoek betreffend de terugvlucht, dan zeg ik eens goed mijn gedacht over dat plaatsen wisselen. smiley-tongue-out.gif Het is niet omdat iemand alleen reist, dat die altijd zijn plaats zou moeten afstaan, zeker als de mogelijkheid geboden wordt je plaats te boeken op de website.

Mijn fotoalbum staat hier: https://picasaweb.google.com/9470hvds/RioDeJaneiro14

X

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Helga om 20:31

Rio de Janeiro 2014, deel I

08.12.2014: Vertrek naar Rio de Janeiro

Ondanks de provinciale staking die Brussel en de twee Brabantse provincies trof, ben ik toch in Brussel Zuid (per stipte taxi) en Parijs Charles de Gaulle (alternatieve en al even stipte bus georganiseerd door Air France) geraakt. smiley-tongue-out.gif In Brussel Zuid heeft Air France een kantoortje en daar ontving ik mijn boordkaart al. Bij aankomst in Charles de Gaulle ging het vlot naar terminal 2E waar ik wachtte om in te schepen voor de vlucht van 23:20 uur.

09.12.2014: Aankomst in Rio de Janeiro

Na een avondmaal, wat filmpjes en muziekjes, het ontbijt en een poging tot slapen, kwam ik in Rio nog voor 07:50 uur (eerder half acht) aan. En van dan was ’t gedaan met stiptheid. Iedereen moest lang wachten voor de pascontrole (ik ging intussen zelfs mijn schoenen en kousen verwisselen voor sandalen), maar de reistas stond dan toch al op de band toen ik daar geraakte. Ik sleurde ermee naar een loket van de BRT, niet de Belgische radio en TV maar de snelle busdienst (Bus Rapid Transit) die twee lijnen uitbaat, de Transcarioca en de Transoeste. Ik kocht er een RioCard met 3 R$ (nog geen euro!) op geladen, daarmee geraak ik tot bijna aan mijn verblijfplaats. Bizar genoeg is er in de Transcarioca die de luchthaven met Barra da Tijuca (waar de terminal Alvorada is) geen plaats voorzien voor bagage, zodat ik moest mijn plan trekken met de grote reistas. Eens in de terminal aangekomen kreeg ik de suggestie de express naar Santa Cruz te nemen en in Salvador Allende af te stappen. Gelukkig was er nu niet veel volk en ik kon ook nu zitten. Toen ik uitgestapt en de Av das Americas was overgestoken, vroeg ik naar de juiste richting voor de B&B, maar niemand wist dat daar goed en stuurde me compleet de verkeerde richting uit. Op de duur nam ik een taxi die er net passeerde, maar de chauffeur wist het ook niet, al reed hij toch al de goeie richting uit (ik had een Google plannetje uitgeprint)… Hij belde dan naar de uitbater en die stuurde hem in de goede richting. Even bizar is dat de naam en de straat anders opgegeven staat op de website waar ik boekte, het heet niet Rock in Rio maar Casa da Bier (van Beatrice) en het ligt niet in Av. Djalma Ribeiro maar in de tweede straat rechts (na de wachtpost) van Village Marapendi. In alle geval, de uitbater, Pedro, stond me op te wachten en heette me hartelijk welkom. Ik kreeg alvast een glas koel water (hij heeft zo’n koelsysteem in de keuken staan, dat zal nog dikwijls van nut zijn smiley-wink.gif) en toen dat op was, werd ik naar mijn kamer geloodst, Luciana, de huishoudhulp, droeg mijn reistas boven. De kamer was gewoon, met dubbel bed, grote kleerkast, nachttafeltje, zitbank en uitzicht op een binnenkoertje. De badkamer is met wastafel, WC, douche en sproeiertje.

Ik verfriste me eerst en ging dan naar Barra World omdat ik wat Braziliaans geld moest hebben (ik had de taxichauffeur cash betaald), dat vond ik dan op de eerste verdieping in ’t Nederlands hoekje. Zoals de naam het laat vermoeden, staat er ’t een en ’t ander uit andere werelddelen (vooral Europa) met de scheve toren van Pisa pal naast het Dogenpaleis van Venetië… Nadat ik wat geld had opgehaald, ging ik naar een buffetrestaurantje (waar je betaalt volgens het gewicht dat op je bord ligt), at er smakelijk en kuierde dan wat rond vooraleer terug te keren naar de Casa. Daar maakte ik kennis met een van de drie andere gasten, Toni, die er samen met zijn vrouw (of vriendin)Tina was. Ik genoot van de hangmat en ging dan naar de aanlegsteiger voor de bootjes naar de overkant van het meer van Marapendi, maar ik was te laat om nog mee te varen (gratis, want aan mijn kamersleutel hing ook een kartonnen jeton voor dat bootje). Op de terugweg passeerde ik een voetbalpleintje waar kinderen van het Flamengo-schooltje aan ’t trainen waren, intussen at ik een snack en spoelde die door met donker bier. In de Casa las ik nog wat op ’t terras, daarvoor koos ik dan ook voor een B&B met tuin.

10.12.2014: Maracanã

Na het ontbijt, wanneer ik ook met Tina en Fransman Olivier kennis maakte, vertrok ik met de Transoeste en de Transcarioca tot halte Vicente de Carvalho, daar stapte ik naar het metrostation met dezelfde naam tot station Maracanã. Vier jaar geleden bezocht ik het stadion al, maar toen waren ze naarstig aan het werk met de verbouwingen voor het Wereldkampioenschap voetbal. Toen was het bezoek alvast met gids en het kostte 10 R$, nu kon men kiezen tussen een bezoek met gids (36 R$) en zonder (24 R$), bij deze laatste moest ik niet wachten, dus koos ik hiervoor. Binnen in het stadion kreeg ik dan een plannetje en de melding dat een paar ruimtes niet te bezoeken was wegens in voorbereiding voor een evenement. Wat ik dan wel bezocht, waren de tribunes: gewone, eretribune, de plaatsen voor de media: pers en rechtstreekse verslaggeving, verder ook de dug-out met lederen zetels en een kleedkamer met shirts van enkele spelers, helaas geen Belgen zoals Hazard of Courtois. De winkel is nu ook groter dan vier jaar geleden maar nog altijd (ongeveer 3 tot 4 keer) kleiner dan dat van HSV (zelfs de winkel nabij het stadhuis is nog groter), waar een stadionbezoek overigens gratis is. smiley-tongue-out.gif

Ik nam dan de metro verder naar Ipanema, waar ik wandelde tot in Copacabana, onderweg passeerde ik een laan gewijd aan een vorige koningin (die van de Kon. Elisabethwedstrijden voor piano, viool of zang) en in die straat een standbeeld voor haar man, Albert I. Ik keerde terug met twee metro’s en twee BRT-bussen. De werkwijze om de Transoeste te vullen is nogal bijzonder: eerst stappen de mensen in die recht hebben op een speciale plaats: ouderen, mobiel gehandicapten, zwangeren, ouders met een kind op de schoot, passagiers met obesitas. Dan mogen anderen die willen zitten instappen. Dan rijdt de bus een eindje verder en stappen zij op die blijven staan. En dat was wat ik van dan af deed, omdat ik in het eerste station uitstapte.

11.12.2014: Centrum

Na het ontbijt met Olivier (Toni en Tina waren voor enkele dagen naar Paraty) belandde ik met het openbaar vervoer (bussen en metro) in Cinelândia, zo genoemd door de Carioca’s omdat er zoveel cinema’s in de buurt zijn (of waren). Nabij het metrostation zijn het Museum voor Schone Kunsten, de Nationale Bibliotheek (nu in restauratie, alvast van de gevel, want die was ingepakt), het Stadstheater en het stadhuis. Voor een bezoek aan het Stadstheater stond een lange file, en ik had geen zin in wachten, dus ging ik naar de kathedraal van Sint Sebastiaan. Hoewel het niet uitziet als de kathedralen die we in Europa kennen, is het niet ontworpen door Niemeyer maar door Edgar Fonseca. Ze is gebouwd tussen 1964 en 1979 en heeft een externe diameter van 106 meter en een interne diameter van 96 meter. Kenmerkend voor het gebouw zijn de vier kleurige glas-in-betonvensters van elk 64 meter hoog die over de gehele hoogte van de kerk doorlopen. In het plafond worden deze vensters verbonden door een lichtend kruis. De kerk heeft een vrijstaande klokkentoren en biedt plaats aan 20.000 mensen. Ik keek er op mijn gemak eens rond en nam wat foto’s waarna ik op zoek ging naar de tegeltrap van Lapa naar Santa-Teresa, doch niet vond, wel het witte aquaduct waarop normaal de bondinho (tram) rijdt, maar die is blijkbaar al enkele jaren niet in gebruik na een ongeluk. Volgens wat ik op Wikipedia vind is dat ongeluk, waar 6 mensen het leven verloren en minstens 50 anderen gewond werden, gebeurd eind augustus 2011, toen een tram ontspoorde. Sindsdien is de heropstart steeds weer uitgesteld en zou het pas in 2015 plaats vinden.

Ik spoorde dan maar naar Botafogo omdat ik dat reuzenrad, waarvan ik via Facebook vernam, wou zien. In het winkelcentrum is een panoramisch terras, maar van daar zag ik ook geen reuzenrad, misschien stond het er tijdelijk? Ik genoot wel van het uitzicht, maar dat zie je nog beter van op het strand. J Met metro en 2 bussen ging het terug naar “huis”.

12.12.2014: Niterói

Met bussen en metro reed ik naar de ferryhaven voor de overzet naar Niterói. Daar en nabij de ferryhaven is de busterminal van het eiland en met bus 47B reed ik een eind verder. Ik zag een modernistisch gebouw, dacht dat dit al het MAK (Museum voor Actuele Kunst) was maar vond geen toegang. In de buurt was een buffetrestaurant waar ik eerst maar mijn middagmaal nam, en bij het afrekenen naar dat museum vroeg. Bleek dat ik te vroeg afgestapt was, ik moest nog een eind verder met die bus, en toen kwam ik inderdaad in de buurt van het museum aan. Ik moest 10 R$ betalen, maar men kon me niet terug geven op 50 (bizar, want ik was er niet alleen), ik mocht dan maar gratis binnen, twee van de drie expositieruimtes waren toch niet open voor bezoekers. Wat ik daar zag, ging mij boven mijn petje (en deden me denken aan de lessen handwerk in ’t lager secundair…): geometrische kleurvakken op canvas of een andere achtergrond en een paar objecten, die werken behoorden toe tot een Braziliaan met Italiaanse familienaam. Ik ging dan maar terug buiten, wachtte op de bus, keek intussen rond want het uitzicht was er leuk. Terug bij de busterminal kuierde ik eerst wat rond in de winkelgalerij (deze geeft via verschillende gangen toegang tot de juiste perrons in die terminal).

Eens terug op het vasteland nam ik de metro tot Copacabana, verder dan Sequiera Campos reed hij niet, wellicht door een defect. Ik ging naar de strandlaan en nam daar naar Alvorada een fraaie bus, maar met te ver neergeklapte rugleuning en ik kon die niet verstellen. Ter hoogte van Barra Shopping botste deze bus tegen een andere, dat duurde een tijdje voor de formaliteiten maar op de duur reed hij dan toch verder. Hij passeerde ook Alvorada zonder daar te stoppen, en ik zag dat hij ook voorbij Salvador Allende zou rijden. Omdat hij er moest stoppen voor het verkeerslicht, vroeg ik of ik mocht afstappen, en dat kon. Ik ging dan even supermarkt Mundial binnen, maar daar stonden geen frisdranken noch bieren in de ijskast, nadien kuierde ik nog wat in Barra World rond.

13.12.2014: Centrum

Met bussen en een metro kwam ik opnieuw in het centrum terecht, ik treuzelde echter wat te lang en de Kandelaarskerk was gesloten toen ik er aan kwam. Ik ging ook een paar keer door de Rua do Ouvidor, via Facebook weet ik dat daar een café-restaurant met terras op straat is waar drie keer in de week gratis muziek aangeboden wordt, en op zaterdag is dat samba. Ik heb er, na 13 uur, inderdaad iemand horen en zien zingen, niets dat ik ken maar op een tafel zag ik wel een paar flesjes Belgisch witbier (anders zie ik dat alleen in de supermarkt), de Brazilianen genieten daar dus ook van. smiley-wink.gif Op Praça Pio X was een marktje waar ik een lang bezoek aan bracht, evenwel zonder iets te kopen. Ik nam dan de metro terug naar Ipanema, at er in de Fazendola op het Gral. Osorioplein en keerde terug naar huis, onderweg begon het te regenen, dus ik kon mijn cape eens gebruiken. Daar nam Annaluz (de moeder van Pedro) de zaken waar tijdens het weekend. Nadat ik me verfrist en wat gelezen had, deelde ik een pint (Skol) met haar en we babbelden wat (haar Engels is zo goed als mijn Portugees). Tijdens het kaartjes schrijven op de kamer, viel de stroom uit voor een paar uur, Annaluz kwam me twee kaarsen en een aansteker brengen, zette een kaars op een glazen schaaltje en stak de kaars aan om het met het vet vast te zetten op het schaaltje.

14.12.2014: Ipanema

Annaluz zei me de kaarsen te houden, je weet maar nooit, het bleek echter niet meer nodig. Met bussen en metro’s reed ik naar Ipanema, want ’t was zondag en dan mogen zwakke weggebruikers op de drie stroken bij het strand van de strandlaan wandelen, fietsen, skaten en wat verder nog. Bizar is dat fietsers die toch op het fietspad bleven, er geen wandelaars op duldden. ’s Middags at ik bij Fazendola, verder bezocht ik de hippiemarkt en wandelde verder over de strandlaan. Tot op een gegeven moment een grote groep een wedstrijd hield, wellicht gesponsord door biermerk Skol, want de deelnemers hadden een glas of blik bier vast, de ene liep al sneller dan de andere.

Terug thuis was Pedro terug van zijn weekend en hij had een kennis meegebracht. Ik ging er wat bij zitten (lezen in een oud Engels voetbaltijdschrift) maar ging toch naar de kamer want die kennis rookte ferm stinkende en op de adem pakkende zelf gerolde sigaretten.

Mijn fotoalbum staat hier: https://picasaweb.google.com/9470hvds/RioDeJaneiro14

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Helga om 20:20

Citytrip Hamburg 1-4 mei 2014

01.05.2014: Om zowat zeven uur 's morgens verliet ik mijn thuisbasis en kwam, na twee stops (een langere en een korte) voorspoedig aan bij hotel Mercure aan de Kieler Str. in Hamburg, want van hier begin ik mijn weg naar 't stadion (Imtech Arena) wat te kennen. smiley-smile.gif Nadat ik mij aanmeldde bij de receptie en mijn intrek nam in de kamer, ging ik 't stad in, gewapend met een groot stratenplan met twee uitgepijlde wandelingen, maar die zijn voor 's anderendaags. De receptioniste raadde mij aan om naar station Dammtor te sporen om van daar het park Planten un Blomen te bezoeken. Maar vanaf Langenfelde zou ik moeten overstappen, terwijl ik in een ruk naar de Landungsbrücke kan, en vandaar door enkele andere parken Planten un Blomen te bereiken. Aan het havengebouw, vooral voor rondvaarten, keek ik eerst wat rond en toog dan naar het dichtstbijzijnde park, het Elbpark, waarin een groot monument voor Otto Bismarck staat. Helaas zijn de wanden van zijn sokkel ontsierd door graffiti, als ze dan hun spuitbussen willen legen, willen ze dat dan wat kunstzinniger doen? Tussen dit parkje en Planten un Blomen liggen nog de Große Wallanlagen en, voorbij het gerechtsgebouw de Kleine Wallanlagen. Ik was al eens in Planten un Blomen geweest, maar nu liep ik er wel enkele uurtjes in. Het is, zoals de naam het zegt, rijk aan planten en bloemen, er is ook de botanische tuin, eigendom van de universiteit. De toegang is gratis, een schenking is welkom. In die kruidtuin staan talrijke exotische planten, zoals de "flessenborstel", de natuurkundige naam ken ik niet, maar die zijn allicht inheems voor Madeira, want daar heb ik ze het eerst gezien. Er is ook een verzameling cactussen, groot en klein, met of zonder bloemen. Van daar ging ik terug naar 't hotel, at er smakelijk en plande 's anderendaags eerst wandeling 2 te doen, want de aankomst ligt dicht bij de start.

02.05.2014: Na een lekker ontbijt nam ik het stadsvervoer naar het stadhuisplein, Radhausplatz, ging eerst het stadshuis eens van binnen bekijken, alsook de koer alvorens de wandeling aan te vatten. Die leidde mij langs de Trostbrücke, de oudste verbinding tussen de oude en de nieuwe stad. De restanten van de St.-Nikolaikerk had ik ook al eens gezien, en de toren beklommen met de lift, maar het was nu wat bewolkt, dus liet ik de toren, overigens in de steigers, links liggen en ging verder naar de Deichstraße en de Speicherstadt. Hier staan opslaghuizen die intussen erg verfraaid zijn (speichern is Duits voor bewaren, zoals een document op je PC). Daar is ook het miniatuurmuseum, ik had dat al op TV gezien en wou dat ook met eigen ogen zien. Helaas, als je niet tot een speciale categorie behoort (gereserveerd, in groep, via 't internet geboekt) moest je een gewoon ticket kopen en een lange wachttijd trotseren, tot wel twee uur. Toen hield ik het voor bekeken (of ook niet, natuurlijk) en wandelde verder. Aan Hamburg Dongeon stond de file tot buiten, maar dat was ik toch niet van plan te bezoeken en ik ging verder langs de HafenCity, de traditionele scheepshaven, de Elbphilarmonie. Deze nieuwe concdertzaal is nog in opbouw, het zou tegen 2017 moeten af zijn. Verder ging het naar het Magelaanterras, het Hamburg Cruise Center en, uiteindelijk, het mooie Chilehaus. Ik geraakte zo terug op het stadhuisplein waar ik in een koffiehuis een belegd broodje doorspoelde met warme chocomelk.

Ook de tweede wandeling, of de eerste op het plan, begon bij het stadhuis, stak de Alsterleet over via de Jungfernstieg, langs het Hamburg Museum en de St.-Michaelskerk die ik nogmaals bezocht (maar niet de toren), omdat hij zo mooi is. Verder ging ik langs de Landungsbrücke, nog eens, en dan nam ik de oude tunnel onder de Elbe. Die is breed genoeg voor twee trottoirs, de fietsers moeten uit de weg als er dan al eens een auto passeert. Van aan de overkant is het zicht op de skyline van Hamburg mooi, met de Landungsbrücke en markante torens. Ik keerde terug naar de overkant van 't water, de andere kant van de Elbe, en bekeek nog wat schepen, die er als museum liggen. Het was nog tijd genoeg dus ik ging nog even naar Blankenese. Tussen het station en de oever staan grote villa's, het is er erg rustig en ik wandel een eind stroomopwaarts. Aan de overkant van de Elbe is een vliegveld, er staan enkele vliegtuigen, maar er stijgt noch landt geen enkel, het is misschien een vrachtluchthaven. Ik wandelde zo ver dat ik een station eerder de S-Bahn terug neem en in Altonastation twee volkorenbroden kocht.

03.05.2014: Ik genoot lang van het ontbijt en spoorde dan naar Stellingen, 't is maar een station verder, maar als 't gratis is, met mijn tribunekaart, waarom niet? Daar wandelde ik een drietal uurtjes in het Volkspark, bezocht het kerkhof van Altona (met een zone voor HSV-supporters, die zich de laatste weken wellicht zat gedraaid hebben in hun graf...), volgde de gele driehoekjes, bezocht zo een parkje dat vroeger door scholieren werd aangelegd en onderhouden. Ik keerde dan terug naar 't stadion, en wat daar gebeurde, staat in het verslag over de wedstrijd. Nadien ging ik terug naar 't hotel voor 't avondmaal, een TV-avond en een zalig, langere nachtrust.

De foto's van het stadsbezoek staan hier: https://picasaweb.google.com/9470hvds/Hamburg14

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Helga om 22:05

Costa Rica, 1-16.12.2013, deel II

9 december: Arenal National Park - Monteverde

Na het ontbijt rijden we rond een groot artificieel meer naar Santa Elena, niet alleen over degelijk asfalt, maar ook lange tijd over veldwegen vol steentjes. Dat was de bedoeling van de Quakers, die zo wilden bekomen dat toeristen niet zomaar in een dag vanuit San José zouden op bezoek komen en dezelfde dag nog terugkeren. Wij middagmalen lekker in Monteverde, in een restaurant, “Tree House”, waar een boom in staat. In een supermarkt vind ik toevallig Belgisch bier. smiley-wink.gif Leffe blond, Hoegaarden (witbier en rosé) en wat je overal wel vindt, Stella Artois. Om 14 uur vertrekken we naar het Kinderbos om er quetzals te fotograferen, we moeten dan wel zeer stil zijn en hooguit fluisteren. Quetzals zien we toch niet, misschien hebben ze het ook niet nodig om voedsel zoeken, of enkele bezige werkers maken meer lawaai dan wij. We zien toch mooie bloemen, en vooral een waterval in drie etages. Het wereldbekende nevelwoudreservaat biedt een zeer gevarieerde fauna en flora: 400 vogelsoorten waaronder dus de quetzal, 490 vlinders, 100 zoogdieren, 2.500 plantensoorten en 200 varens. We rijden dan maar naar het hotel waar de kamers per negen of tien in gebouwen in een zeer groot domein staan, op de flank van een helling. Het doet me wat denken aan het hotel in Bariloche (Argentinië), maar het bad is geen bubbelbad. Er is tijd genoeg voor een douche, het arrangeren van de bagage en TV kijken, alvorens met zijn allen (behalve Gerardo en Luis, die gaan te voet) met de pendelbus van het hotel naar het restaurant te rijden. Het is in buffetvorm maar erg uitgebreid is het niet. Wij zijn de laatsten om te vertrekken en de lichten springen al eens uit en weer aan. We nemen dan maar de pendelbus terug.

10 december: Monteverde

Na het ontbijt leidt onze gids ons in Selvatura park langs mooie paden en 8 hangbruggen (tussen 57 en 120 m lang, tussen 187 en 515 m hoog) in dit unieke natuurreservaat, dat biedt een speciaal zicht op de bomen, van ongeveer de helft wandelen we boven de toppen. In het meer dan 10.000 ha grote park vind je met enig geluk 1.500 soorten orchideeën, varens en andere tropische flora en fauna zoals de zwarte leguaan en de luiaard. Terug aan het begin van de wandeling splitst de groep in 2, 8 van ons (inclusief Marijke) gaan zoeven langs de “zipline” (maken een “canopy tour” zoals het hier heet, in 13 etappes, de langste is 1 km en die is ook het hoogst boven de grond), ik en de anderen worden in het stadscentrum gebracht, waar we eerst een snack eten en dan de orchideeëntuin bezoeken. Doordat we met een goeie groep komen eten zijn, krijgen we groepsreductie en de jongedame die ons het ticket verkoopt, leidt ons ook rond en geeft op een vlotte manier uitleg over de bloemen. Wanneer de kabelzoevers terug zijn, voert Luis Josse en Louis naar het hotel, zij gaan niet mee naar de koffieplantage. Dat bezoek is nochtans leerrijk en leuk met interactie en proeverijen, gevolgd door een kopje koffie en een koekje. De uitleg over de koffie en over het suikerriet, waarvan karamel gemaakt wordt, ken ik van vorig jaar in Colombia, maar de uitleg over het maken van chocolade is wel nieuw (en lekker smiley-wink.gif). Bij de rondleiding hoort ook een toertje met de ossenkar, en allen krijgen kans om even mee te rijden, al is het in twee ploegen.

We rijden dan naar het hotel terug en in de vooravond rijden we naar een Italiaans restaurant, “Tramonti”, waar ze evenwel geen cappuccino hebben (ik kies minestrone, spaghetti pesto, we krijgen allen een lekker dessert, water en frisdrank of bier).

11 december: Monteverde - Dominical

Nog voor het ontbijt kan ik in de tuin een bruine gaai fotograferen, een mens is rap content met een eigen vondst. smiley-wink.gif Ik ben zo vroeg op omdat de bagage al om 6.15 uur aan de deur moet staan, we vertrekken naar beneden voor het ontbijt om 7 uur, maar wel met Luis en zijn bus. Onderwerg stopt Luis net voor een lange brug, wij stappen uit om de talrijke krokodillen te fotograferen, als we maar in ganzenpas blijven gaan om het verkeer niet te hinderen. Aan de overkant van de brede stroom stappen we weer in en rijden verder. Op weg naar Dominical stoppen we aan een souvenirwinkel met WC. In een supermarkt kopen we ons middagmaal in een supermarkt (ik koop er tevens 5 pakken koffie) en die eten we op aan het strand. Onderweg, in Portalón, stoppen we bij Gerardo thuis, zodat hij zijn was kan afgeven. smiley-wink.gif Zijn Wendy (die daags voordien jarig was en nog gefeliciteerd wordt) weet al van onze komst en heeft gezorgd voor verse koffie, fris fruitsap en koekjes. In de namiddag komen we aan het leuke hotel Cuna del Angel, waar onze kamers niet alleen een nummer maar ook een letter hebben, de eerste letter van een naam van een engel (voor mij p van Paschar, maar ik zeg steeds “P van Parking” – Parqueo, in ’t Spaans smiley-wink.gif). Bij aankomst aan dit hotel krijgen we overigens weer een welkomstdrank. Het is een leuke kamer, maar de waterleiding in de badkamer is wel verouderd. Ik installeer me, neem wat foto’s, ook van een valse kat, en ga dan zwemmen. ’s Avonds eten we het vooraf gekozen en aangegeven menu, dit na een aperitief. Over Paschar de engel gesproken, die bewaakt de sluier tussen onze wereld en de Hemelen, tussen bewustzijn en onderbewustzijn, tussen werkelijkheid en illusie.

12 december: Dominical

Na het ontbijt pikken we parkgids Celso op aan zijn kantoor in Sierpa waar we met 8 zijn om zwemvliezen te passen en mee te doen. We vullen elk (ook wie niet zal snorkelen) onze gegevens in op een lijst. Onderweg stoppen we aan een oude locomotief en, ertegenover, aan sfeerbollen (in een steensoort dat lijkt op graniet) waarvan de oorzaak en producenten niet zeker zijn. In Palmar Sur schepen we in op een motorboot voor ons alleen (Luis blijft aan wal bij de bus) voor een boottocht op de Sierpe rivier door de grootste mangrove van Centraal Amerika turend naar het rijke dierenleven op de oevers. We spotten vogels, apen en krokodillen. Aan de monding botst de boot over de golven en eens voorbij de monding van de rivier komen wij in de oceaan terecht waar wij op zoek gaan naar zeeschildpadden, walvissen (geen gezien) en dolfijnen (die zijn te rap voor mijn fototoestellen). Aan het eiland, Isla del Caño, blijven de snorkelaars (dus ik ook) zitten, de anderen (ook Gerardo, want Marijke snorkelt eveneens) worden aan wal geholpen, waar ze kunnen zwemmen, wandelen langs het strand en verpozen. Samen met Celso en Mauricio (Cristiano blijft aan boord) gaan we visjes bekijken. Met de zwemvliezen en vooral zwemvest is deze snorkelbeurt leuker dan vorig jaar bij Islas del Rosario (Colombia, tegenover Cartagena), want ik kan nu zeker niet ondergaan. Mauricio moet me eerst nog even helpen met de bril en het mondstuk, maar na een tijdje drijf ik alleen rond en bewonder vooral de visjes, kleurrijk en in diverse maten. Enkele zien er uit als miniatuurversies van haaien, met hun vinnen aan hun flanken. Na zowat 45 minuten was het over met het waterplezier en worden we weer aan boord geholpen. We geven al het gerief terug en varen naar het strand om de blijvers op te pikken. We varen dan naar het Nationaal Park Corcovado, waar ik het niet kan laten een (beetje mislukte) imitatie weer te geven van het Kristusbeeld op de Corcovadohelling in Rio de Janeiro. J Daar helpen Marijke en Gerardo bij het voorbereiden, dat de zorg is van Celso, Mauricio en Cristiano, van het middagbuffet, intussen houden wij ons bezig met fotograferen, zonnen en onze voeten afspoelen. Het buffet is behoorlijk gevarieerd en vooral lekker. Nadien luieren we wat verder (ik in een harde, smalle, geknoopte hangmat) tot we terug varen. Ook dan nog is er mogelijkheid om te fotograferen.

’s Avonds heb ik geprofiteerd van de laptop van het hotel (om mijn mailbox eens na te kijken) en drink een zoveelste caipirinha, voor het eten.

13 december: Dominical - Manuel Antonio

We hebben tijd om rustig op te staan, te ontbijten, foto’s te maken en om 9 uur te vertrekken, ’t is niet ver naar Manuel Antonio. We stoppen in het naburige Quepos voor eventuele boodschappen (postzegels, vers cash geld, flesje water) en een wandelingetje tot aan de kade. Quepos ziet er authentiek uit, helemaal niet toeristisch. In het hotel El Parador krijgen we wel de kamernummer maar kunnen er nog niet in, dus laten we de bagage labelen per kamernummer, en gaan dan naar ’t strand, waar geen zitbankjes zijn, tenzij aan de bushalte. We kuieren wat rond en eten dan bij Merlin een hap (ik een gemengde sla). Terug aan het hotel zijn de kamers nu wel vrij, de singles (ook Louis en Josse) zitten in een ander gebouw, de mannen en ik ruilen van kamer zodat zij twee bedden hebben en ik een kingsizebed. Leuke kamers hebben wij, alleen het uitzicht is niet spectaculair met een tennisterrein. Ik ga op ontdekking in het hotel (dat op veel hectares gelegen is) en beslis dan het zwembad te reserveren voor HOBO. smiley-wink.gif Weldra komt Nadine ook, even later gevolgd door Monique, Walter, Carine en Eddy, Remi, Marijke. Na zowat 2 uur plonsen droog ik me af, geholpen door de zon, en wat later naar de kamer. Deze keer horen bij de Happy Hour (twee caipirinhas) wel hapjes, we gaan dan eten met keuzemenu, en krijgen een glas rode wijn van de zaak, dit avondeten is dan ook op verplaatsing, en tijdens de happy hour speelt Eddy poolbiljart, eerst tegen Remi, en dan tegen Marijke.

14 december: Manuel Antonio

In het nationaal park (waar we gauw Wendy begroeten, die met een welgevulde rugzak voorop gaat) vinden we veel kapucijnapen en neusberen, maar minder, luiaards, brulapen en soorten vogels. Onderweg naar Playas Gemelas keer ik met Andrea terug, het pad lijkt me toch niet veilig genoeg voor mijn sandaaltjes, wij wachten op het strand naar de anderen. Helaas mag er niet gezwommen worden want er zit al een krokodil. We babbelen dan wat en bekijken intussen de kapucijnapen en neusberen. Wanneer de overige wandelaars er ook zijn, begint Gerardo meteen het fruit te kuisen en versnijden dat Wendy zo lang had bijgehouden. We laten ons de watermeloenen, ananas en mango’s smaken! Intussen is Wendy er stilletjes van onder gemuisd. We bewandelen (zonder Andrea en Rita) het kardinaalspad met af en toe zicht op de baai met de Playas Gemelas. Het laatste stuk loopt over het strand met zicht op een krokodil (dezelfde als welke ik zag toen ik met Andrea zat te wachten?). we rijden terug naar het hotel, waar ik het zand van mijn voeten en sandalen spoel, even het internet op surf en dan groene salade eet op het zwembadterras, met Andrea en Harry. Intussen barst een regenbui los en het regent uren aan een stuk.

15 december: Manuel Antonio - San José - Brussel

’s Morgens bij het ontbijt komt een geelkopcaracara zien of er iets te pikken valt. Voor onze laatste dag en gezien de terugvlucht in de namiddag, is nog tijd om ons middagmaal te kopen in dezelfde supermarkt als enkele dagen eerder, en naar de kade te rijden voor een boottocht van meer dan 2 uur op de Tarcoles rivier. We spotten een van de grootste kolonie krokodillen in de wereld, ontdekken de rijkste mangrove van de Pacific en het belangrijkste reservaat voor de geelvleugelara. Opnieuw aan land verorberen we onze picknick nabij de kade, wat een rustige omgeving is. Dan wordt het toch tijd voor de verplaatsing naar de hoofdstad waar wij node afscheid nemen van Gerardo en Luis (onderweg trakteert deze op een scheut rum in de kokosmelk die Marijke trakteert) en het vliegtuig richting Europa nemen. Deze keer moeten we de taks van 29 $ betalen (aan een nors mens dat geen kik geeft, zeer on-Costaricaans) en deze keer word ik niet gevraagd om plaats te wisselen, maar zit ik naast een jongedame die niet echt rustig slaapt.

16 december: Brussel

Slapen doe ik dan even in Madrid Barajas, waar we toch veel tijd hebben. Terwijl we in de rij aanschuiven om in het vliegtuig te stappen, zie ik een mijner collega’s in dezelfde rij staan. smiley-wink.gif Bij aankomst in Brussels airport, neem ik afscheid van Marijke en de medereizigers en vind de taxichauffeur die op nog een koppel wacht. Dit was het einde van een mooie natuurreis.

Nabeschouwing: natuurlijk hebben we niet alle dieren gezien die in Costa Rica thuis zijn, maar we hebben wel mooie exemplaren gezien. Dankzij Gerardo heb ik ook mooie foto’s: hij heeft een kloeke verrekijker en doorheen de lens maakte hij voor mij mooie beelden met mijn fototoestel (een zakformaat, nochtans) door deze ook goed af te stellen. We zijn in het droogseizoen geweest, maar we hadden toch een beetje regen, een keer tijdens ons bezoek aan de Arenal vulkaan, en dan tijdens een namiddag in Manuel Antonio, aan het zwembad, aan enkele andere regenbuien zijn we ontsnapt. Ik ben ook geslaagd in mjin opzet om zowel in de Atlantische als in de Stille Oceaan te zwemmen (wel, zwemmen en snorkelen). Costaricanen heten vriendelijke mensen te zijn, en meestal vind ik dat ook, alleen het hotelrestaurantpersoneel in Santa Elena vind ik eerder afstandelijk, ze zijn daar precies al ingesteld op Amerikaanse toeristen. Maar in Monte de la Cruz en aan de Pacifistische kant van ’t land leek het hotelpersoneel het toch leuk te vinden dat ik wat Spaans spreek. smiley-wink.gif We vormden een leuke groep en hadden een toffe reisbegeleidster, plaatselijke gids en chauffeur (Luis is ook baas en eigenaar van de bus en bijhorende onderneming).

Mijn foto’s van het tweede deel zijn hier: https://picasaweb.google.com/9470hvds/CostaRica13b

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Helga om 21:20

Meer van goegestapt

↑ Terug naar de berichten