Het moet maar zo goed niet zijn!

In eten en drinken hoeft de Vlaming voor niemand het hoofd te buigen. Waren onze voorouders reeds ten tijde van Julius Caesar befaamd voor hun 'mede', een uit gegiste honing gemaakte drank, die ze zonder blikken of blozen kwistig door hun keelgat goten, dan genieten wij, meer dan twintig eeuwen later nog steeds de reputatie de meest degelijke bierdrinkers van de wereld te zijn.Het is zeer gemakkelijk zijn dorst te lessen met water en ietwat goedkoop, maar van in de alleroudste tijden heeft de mens gezocht naar een drank waar hij meer plezier kon aan beleven.
Op weinig terreinen van het menselijk streven werd zoveel vindingrijkheid aan de dag gelegd dan aan het bereiden van een drank die en zeker gevoel van welbehagen opdrong, om niet te spreken van een roes.
Onze verre, verre voorouders en onze eigen grootouders én ouders waren en zijn verlekkerd op een delicieus biertje. Waarom zouden wij er dan afkerig van zijn? Nogal logisch dat wij die lijn doortrekken...
Als het bier bruin of blond in 't glas vloeit, als het parelt en prikkelend geurt, dan brengen we het glas aan de mond. We drinken het in teugen , de ene keer al wat profijtiger dan de andere, maar toch genietend van elke slok... Soms verglijdt de weemoed in een geestelijke blijheid. Er bestaat in feite geen beter medicijn voor elkeen die een tegenslag te verwerken krijgt... Maar, het drinken moet bij mate gebeuren.
Wellicht wordt bier meer geschonken in de herbergen dan thuis, hoewel in gezellige huiskring een lekker pintje ook niet te versmaden is. Maar het café is toch wel eigenlijk de plaats bij uitstek om een stevige pint te verzetten...
Bier is niet gemaakt voor de varkens, en 'dat het maar zo goed niet moet zijn' hebben wij reeds vaker gehoord. En inderdaad, wij Belgen gaan er prat op dat wij goed bier hebben en daarbij nog goede cafés!
Neem nu Engeland... Alle pubs sluiten juist op het moment dat voor de échte drinkers de gesprekken gaan beginnen en dus wanneer de basis wordt gelegd voor het oplossen van wereldproblemen als het moet! In Ierland is het iets beter, alhoewel je vaak de indruk hebt dat je binnengesukkeld bent op een vergadering van alcoholverslaafden... In Frankrijk zijn de glazen vaak niet fatsoelijk gespoeld en smaakt het bier naar aangelengd zeepsop. Hoewel door de Belgische invoer het al sterk verbeterd kan zijn...
In Duitsland zijn de bierpotten dan weer iets te groot. En als je dan de tegenslag hebt dat je de pot krijgt van een vorige klant die net een goeie portie vettige worst heeft verorberd, zijn zelfs de meest geconcentreerde detergenten nog te zwak en hebben die vooralsnog niet kunnen beletten dat het schuim onmiddellijk verdwijnt. In Nederland tappen ze hun pintje dan weer in colaglazen. Hun bier is eigenlijk niet zo slecht, maar het wordt verwaarloosd door de hoeveelheid die je maar krijgt toebediend.
Dus, waar kunnen wij nog beter zijn??? Hier bij ons voor een goei Belgische pint!
Hoe was dat spreekwoord ook alweer? "Bierke, bierke, 'k zsal u zuipen, al moest ik op handen en voeten naar huis toe kruipen"... Hoewel dit de laatste tijd veel geld kan kosten!!!





































