DE GROOTSTE VREES

Wapen je kinderen tegen ontvoerders met deze 6 tips

Het is de grootste vrees van elke ouder: de ontvoering van hun kind. Nadat eerder deze week alarm werd geslagen over de mogelijke kidnapping van een meisje in Canada, stelde de Canadese opvoedingsexpert Alyson Schafer zes regels op die je kinderen moeten helpen om zich te wapenen tegen vreemde mensen met slechte bedoelingen.
Statistisch gezien gebeurt het erg zelden dat een kind ontvoerd wordt door iemand die het niet kent. De meeste kidnappings gebeuren door ouders zonder hoederecht.
Maar omdat ontvoeringen door onbekenden vaak een gruwelijke afloop kennen, moeten we er alles aan doen om ze te kunnen voorkomen, aldus Schafer.
Kinderen zijn goedgelovig en daar proberen ontvoerders gebruik van te maken, zegt ze. Daarom moeten ouders hun kinderen leren om "een aantal regels te volgen", eerder dan hen te vragen om de "situatie in te schatten". Kinderen beschikken immers nog niet over voldoende redeneringsvermogen om te beslissen hoe ze moeten reageren.
Beter is om met hen zes regels vanbuiten te leren waaraan ze zich moeten houden.
1. Niet meegaan met iemand die ze niet kennen. Ontvoerders proberen kinderen vaak te overtuigen om bij hen in de auto te stappen: omdat het regent, omdat ze dezelfde kant uitgaan, omdat hun moeder dat gevraagd heeft, enz. Er zijn zoveel excuses, dat je als ouders onmogelijk op alles kan anticiperen.
Hanteer daarom de eenvoudige regel: "Ik ga niet mee met iemand die ik niet ken". Druk de kinderen daarbij op het hart dat ze het zich niet moeten aantrekken als ze de persoon in kwestie daarmee kwetsen, ze dienen enkel de regel volgen.
2. Zet twee stappen terug. Als een auto nadert, neem twee stappen terug en blijf op de stoep. Als kinderen benaderd worden door een voetganger, vraag hen dan om er altijd voor te zorgen dat er minstens twee stappen afstand tussen hen en die persoon behouden blijven. Het is belangrijk dat ze zich niet binnen handbereik bevinden.
3. Volwassenen zoeken hulp bij andere volwassenen, niet bij kinderen. Normaal gezien vragen volwassenen hulp van andere volwassenen, niet van kinderen. Dus als een volwassene om een of andere reden de hulp van een kind inroept, is dat verkeerd.
Neem dus twee stappen terug en ga meteen op zoek naar een andere volwassene die de persoon uit de nood kan helpen.
4. Toon nooit je naam, adres of GPS-locatie. Kinderen tuinen er snel in als iemand hun naam of adres kent. Vaak valt die info gewoon af te lezen van hun rugzak of van een GPS-locator die nog aanstaat in een of andere app.
Zelfs al beweert iemand dat hij hen kent, dan nog moeten kinderen de eerste regel hanteren: "Ik ga niet mee met iemand die ik niet ken". Ouders doen er goed aan om de GPS-locator op de GSM van hun kinderen uit te zetten.
5. Voorzie een codewoord. Geef je kinderen een geheim codewoord. Als iemand je kinderen benadert om hen in jouw naam op te pikken, dan zou die persoon dat geheime codewoord moeten weten. Geen code? Dan gaan de kinderen niet mee. Verander je codewoord regelmatig.
6. Maak lawaai. Als je kinderen benaderd worden door een onbekende en ze voelen zich onveilig: druk hen dan op het hart zoveel mogelijk lawaai te maken.
Hoe luider, agressiever en vervelender ze reageren, hoe beter. Vraag hen om aandacht te trekken van omstaanders en voorbijgangers en om om hulp te roepen door erop te wijzen dat deze persoon niet hun ouder is.






















































