De HERE heeft aan ons gedacht.
De HERE heeft aan ons gedacht.
Vandaag nog even terug naar de Psalmen. Israël is nog altijd omringd door de heidenen. Het wachten is nog steeds op het grote 'beven van de aarde' uit Psalm 114, die de definitieve doorbraak zal inluiden naar de volledige vervulling van Gods belofte aan Abraham. Vele malen al had God in hun geschiedenis bewezen aan Israël te denken. Daarom waren ze wat de toekomst betreft ook vol goede moed. Zij hadden de innerlijke overtuiging: Hij zal zegenen. Niet de doden zullen de Heer prijzen, maar wij, wij zullen de Heer prijzen van nu aan tot in eeuwigheid. Wie zijn vertrouwen stelt op wat God gesproken en beloofd heeft, kan God prijzen. God doet altijd wat Hij gezegd heeft.
Hij heeft aan ons gedacht! Hij lag in de kribbe van Bethlehem. Is mens geworden zoals wij. Hij leerde spreken in de taal van de mensen. Hij maakte kennis met het slechtste dat in de mens is. Ze hebben Hem gepest, uitgescholden, gehaat, geslagen, in het gezicht gespuugd, zijn rug gegeseld, op zijn hoofd een kroon van doornen gedrukt en Hem vastgespijkerd aan een kruis. Gehoond en bespot. Hij liet het allemaal over Zich komen, omdat Hij zijn haters liefhad en wilde bevrijden van de boze machten die hen tot deze gruweldaden dreven. Hun schuld wilde Hij betalen, hun zonden dragen. Hij wilde voor hen sterven, opdat zij door het geloof in Hem eeuwig leven zouden ontvangen. Nee, Hij dacht niet, nooit, aan zijn eigen belang. Hij dacht aan zijn vijanden, Hij dacht aan ons! Daarvoor had God maar één reden. Een simpele reden: liefde. Liefde met buitengewone proporties aan lengte, breedte, hoogte en diepte.


