Lucas
Lucas
12, 35-38
Jezus sprak: 'Sta klaar, doe je gordel om en houd de lampen brandend, en wees als knechten die hun heer opwachten wanneer hij terugkeert van een bruiloft, zodat ze direct voor hem opendoen wanneer hij aanklopt. Gelukkig de knechten die de heer bij zijn komst wakend aantreft. Ik verzeker jullie: hij zal zijn gordel omdoen, hen aan tafel nodigen en hen bedienen. Gelukkig degenen die hij zo aantreft, ook al komt hij midden in de nacht of kort voor het aanbreken van de dag.'
Het Koninkrijk is reeds midden
onder ons; anderzijds moet het nog komen. Dit vraagt een voortdurende
onthechting en waakzaamheid. Op elk ogenblik moeten we klaar staan om de Heer
te ontvangen.
Zo ook voor het leven na onze dood.
Waakzaamheid heeft te maken met drie zaken :
Enerzijds voor de dag van ons sterven.
Normaal sterven we als we ‘oud’ zijn. Een jonge mens is daar doorgaans niet mee
bezig. Oudere mensen over het algemeen meer. Doch is het voor beide leeftijden
belangrijk. Immers, ons sterven zal altijd onverwacht komen. Het kan bij wijze
van spreken vandaag nog zijn.
Een trieste gedachte ? Ja, toch wel, een mens wilt immers leven, het zit in de
natuur van de mens te willen leven, niet dood te gaan. Toch is het iets waar we
niet zullen aan ontkomen, het is ons aller lot. Dit hoeft geen trieste gedachte
te zijn. Als gelovigen geloven we immers dat we na onze dood hierboven zullen
ontvangen worden in de eeuwige liefde van de Heer.
Vraag is of we er klaar voor zijn. Eigenlijk zouden we zo moeten leven alsof deze
dag onze laatste kan zijn. Leven in het licht van de eeuwigheid doet ons immers
anders leven. Ons handelen zal gebeuren vervuld van hoop en geloof dat we niet
voor niets handelen, maar mét Iemand en voor Iemand. Ons handelen krijgt een
eeuwigheidswaarde en zal vervuld zijn van een diepe vrede en vreugde, de deur
van de hemel nu reeds op een kier.
Waakzaamheid heeft ook te maken met de
aanwezigheid van de Heer vandaag. Immers elke minuut van de dag roept Hij,
nodigt Hij uit, trekt Hij aan ons. Waakzaamheid betekent dan je hart afstellen
op die aanwezigheid, openstaan voor Christus’ tegenwoordigheid, bereid zijn
Gods Liefde in je leven welkom te heten. Zo kan je al je doen en laten laten
bevruchten door Gods aanwezigheid, opdat al wat je doet vervuld mag zijn van
zijn liefde.
Het is tevens oog hebben voor Jezus in de naaste; Hij die via de andere naar
ons toekomt als bedelaar naar liefde. Het is zien en doen.
Het is ook aandacht hebben voor Jezus' aanwezigheid is veelerlei situaties die
zich voordoen doorheen de dag. Gewoonlijk beleven we die als zeer
vanzelfsprekend. Doch is de Heer er meer in aanwezig dan we doorgaans
vermoeden. Doorheen alles wat zich aandient openbaart Hij zich, nodigt Hij uit.
De afwas doen, het vegen van de kamer, het schillen van de aardappelen,... het
zijn maar voorbeelden.
Waakzaamheid heeft in wezen ook te maken met het maken van onderscheid; onderscheid tussen wat van God komt en wat niet, wat God je aanbiedt of wat het kwade je influistert. Het is onderscheid maken tussen licht en donker, goed en kwaad. En dan kiezen voor het goede, tegen het kwaad in.
Deze drie vormen van waakzaamheid - die in het dagelijks leven naadloos in elkaar overvloeien - zullen vruchtbaar zijn in die mate dat ons leven verbonden is met het leven van de Heer in ons.


