Naar de inhoud

WAT JE AAN JEZUS GEEFT,BEN JE NIET KWIJT

IK BEN DE ALFA EN DE OMEGA
seniorennet.beseniorennet.be
GEBED IS DE SLEUTEL VAN DE OCHTEND EN DE GRENDEL VAN DE AVOND.

Lucas

Lucas
10, 1-9

In die tijd stelde de Heer tweeënzeventig anderen aan, die Hij twee aan twee voor zich uit zond naar iedere stad en plaats waar Hij van plan was heen te gaan.
Hij zei tegen hen: ‘De oogst is groot, maar arbeiders zijn er weinig; vraag dus de eigenaar van de oogst of hij arbeiders wil sturen om de oogst binnen te halen. Ga op weg, en bedenk wel: Ik zend jullie als lammeren onder de wolven. Neem geen geldbuidel, geen reistas en geen sandalen mee, en groet onderweg niemand. Als jullie een huis binnengaan, zeg dan eerst: “Vrede voor dit huis!” Als er een vredelievend mens woont, zal jullie vrede met hem zijn; zo niet, dan zal die vrede bij je terugkeren. Blijf in dat huis, en eet en drink wat men je aanbiedt, want de arbeider is zijn loon waard. Ga niet van het ene huis naar het andere. En als jullie een stad binnengaan en daar welkom zijn, eet dan wat je wordt voorgezet, genees de zieken die er zijn en zeg tegen hen: “Het Koninkrijk van God heeft jullie bereikt.”

Als je de woorden van Jezus die we vandaag horen omzetten in onze moderne taal, klinkt dat heel gewoon: zoek je kracht niet in je kredietkaarten of je bankrekening, verlies je tijd niet met oppervlakkig gepraat, met vrijblijvende discussies, durf dieper contact nemen met de mensen, met hun verlangens en noden. Straal vrede en vreugde uit. Je komt in een harde wereld terecht, er lopen wolven rond, wees niet naïef; als het hen niet interesseert, ga dan verder, wees goed voor zieken en zwakken.

Er staat ook iets eigenaardigs bij: 'eet wat ze je presenteren'. Let op, het gaat hier niet over beleefdheid! Joden in Jezus' tijd, en nu nog, aten alleen wat zij rein vonden, kosjer, Jezus was dus wel erg revolutionair voor zijn tijd. Eet wat u wordt voorgezet, ook al verbiedt je godsdienst of je cultuur dat. Voor ons betekent dat: als je met vreemden omgaat, hou dan niet halsstarrig vast aan je westerse gebruiken, wordt Griek met de Grieken, Afrikaan met de Afrikanen, Turk met de Turken. Misschien worden die dan ooit wel Vlaming met de Vlamingen, of Nederlander met de Nederlanders.

We horen ook dat er veel werk is aan de winkel. Jezus zegt: genees de zieken. Ook in onze tijd zijn er zieken genoeg. Want nu worden ook veel gezonde mensen ziek, omdat de maatschappij zelf dikwijls ziek is. Mensen raken in de put omdat ze ontevreden zijn, omdat ze alleen maar met zichzelf bezig zijn of omdat er niemand in hun omgeving tevreden is, velen zitten te kankeren en te kritiseren. Werk genoeg dus. Je moet niet eerst een paar jaar gaan studeren om dat soort zieken te helpen. De ziekte van onze tijd is toch duidelijk het materialisme, alsmaar meer willen hebben, nooit tevreden zijn, steeds meer willen profiteren ten koste van de samenleving, ten koste ook van jezelf, van je gezondheid, van je geweten. Je moet geen theologische of zelfs medische opleiding hebben om die diagnose te kunnen stellen, om de mensen te laten aanvoelen dat het materialisme hen ziek maakt.

Wij kunnen een van die tweeënzeventig zijn die niet ziek zi
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 06:33 Stuur door Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

Lucas

Lucas
11, 42-46

'Wee jullie Farizeeën, want jullie geven tienden van munt, wijnruit en andere kruiden, maar gaan voorbij aan de gerechtigheid en de liefde tot God; je zou het een moeten doen zonder het andere te laten. Wee jullie Farizeeën, want jullie zitten graag op een ereplaats in de synagoge en worden graag begroet op het marktplein. Wee jullie, want jullie zijn als ongemarkeerde graven waar de mensen overheen lopen zonder het te weten.'
Daarop zei een wetgeleerde tegen Hem: 'Meester, door die dingen te zeggen beledigt u ook ons.'
Maar Jezus zei: 'Wee ook jullie, wetgeleerden! Want jullie leggen de mensen ondraaglijke lasten op, maar raken die zelf met geen vinger aan.'

 

Aan andere mensen vragen wat men zelf niet doet, dat ontneemt ons niet alleen elk recht van spreken, maar maakt ons huichelachtig. Als wij ons dan nog laten eren en dienen, stijgt de huichelachtigheid ten top. Jezus is hard tegenover dergelijke houding.

Het gaat om de binnenkant. De buitenkant zou daarvan een gevolg moeten zijn.
We moeten leven van binnen naar buiten, en niet van buiten naar buiten.
Dat ‘binnen’ is de Heer; zijn inwoning, zijn aanwezigheid, zijn Liefde.

Laten we ons niet bezig houden met over anderen te oordelen, met roddel, met lasterpraat, enz…
Laten we ons eenvoudig en in een diep geloof nestelen in de Liefde, in de Heer zelf, om vanuit Hem zijn liefde te bezingen in al ons doen en laten.

Ja, laat ons christen zijn.

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 06:35 Reageer op dit bericht Stuur door

17, 11-19

17, 11-19

Op weg naar Jeruzalem trok Jezus door het grensgebied van Samaria en Galilea.
Toen Hij daar een dorp wilde binnengaan, kwamen Hem tien mensen tegemoet die aan huidvraat leden; ze bleven op een afstand staan. Ze verhieven hun stem en riepen: ‘Jezus, meester, heb medelijden met ons!’
Toen Hij hen zag, zei Hij tegen hen: ‘Ga u aan de priesters laten zien.’
Terwijl ze gingen werden ze gereinigd.
Een van hen, die zag dat hij genezen was, keerde terug en loofde God met luide stem. Hij viel neer aan Jezus’ voeten om Hem te danken. Het was een Samaritaan.
Toen zei Jezus: ‘Zijn er niet tien gereinigd? Waar zijn de negen anderen? Wilde niemand anders terugkomen om God eer te bewijzen dan alleen deze vreemdeling?’
Hij zei tegen de Samaritaan: ‘Sta op en ga. Uw geloof heeft u gered.’

 

Op grond van de Joodse wet werden melaatsen niet alleen uit de samenleving, maar zelfs uit de tempel - weg van Gods ogen - verbannen. Jezus stuurt tien melaatsen die voor hun genezing naar Hem gekomen waren, terug naar de tempelpriesters om zich aan hen te tonen. Onderweg worden ze allen genezen, gereinigd. Ondanks de vreugde om het opnieuw verkrijgen van een menswaardig leven, keert slechts die ene terug om voor Jezus te knielen en Hem te loven en te danken.

Wij zijn allemaal een beetje melaats, niet uiterlijk, maar wel innerlijk. Ons hart is soms besmet door zoveel liefdeloosheid. En dat is de ziekte waardoor wij weldra totaal afgesloten geraken, van de anderen en van God. Een hartvochtige zelfgenoegzaamheid, waarbij wij weigeren nog enige liefde te tonen of te ontvangen, kan soms als een melaatsheid onze innerlijke gezondheid helemaal aantasten. Wie kan ons daarvan genezen?

Zoals de tien melaatsen roepen wij misschien Jezus om hulp. Jezus biedt inderdaad innerlijke genezing aan allen, zonder uitzondering, ook aan diegenen die van op een afstand tot Hem roepen. Elke mens, van welke ras of kleur, geaardheid of opvatting ook, ieder die zich, met vertrouwen op een ver woord van Jezus, op weg begeeft, kan worden genezen van de liefdeloosheid in zijn hart.

Alleen stelt niet iedereen zich de vraag waar die genezende liefdekracht vandaan komt. Velen, die het nochtans goed bedoelen, leven vrij onbewust en oppervlakkig. Zij genieten van de weldaden van de schepping, worden door allerlei diensten en mensen geholpen en met veel zorg omringd, maar vinden dat alles eigenlijk heel normaal en vanzelfsprekend.
Wanneer worden mensen "gelovig"? Wij worden gelovigen, als wij de weldaden die wij elke dag ervaren, niet meer beschouwen als dingen die heel normaal zijn of waarop wij recht zouden hebben, maar als Gods weldaden, die ons van harte worden geschonken.

Natuurlijk kunnen wij niet elke moment van de dag onze erkentelijkheid tonen tegenover de Heer van het Leven. Dat zullen wij op sommige ogenblikken inderdaad wel uitdrukkelijk doen, bv. in een moment van persoonlijk gebed of van viering op zondag. Maar het gaat hem vooral over de grondhouding van dankbaarheid gedurende de week, die invloed heeft op alles wat wij doen. Ook al lukt ons niet alles, ook al krijgen wij tegenslagen te verwerken, eigenlijk hebben wij altijd duizend keer meer reden om dankbaar te zijn voor het goede dat toch ook gebeurd is, dan om ons te laten overspoelen door opstandigheid of verbittering voor hetgeen is mislukt. Gelovigen zijn mensen die leven met een fundamenteel "dank u" in hun hart.

En dat merkt men aan hen! Er is inderdaad een verschil tussen iemand die dankbaar is en iemand die zelfgenoegzaam in het leven staat. Dat merkt men o.a. aan de manier waarop die mens omgaat met kleine dingen: respectvol of verkwistend; aan de manier waarop hij omgaat met zwakkeren: zorgend of miskennend. Wie gelooft, wie dus met een dankbaar hart door het leven gaat, is blij, ook met het kleine, leeft verbonden, ook met de zwakkeren, voelt zich vooral erkentelijk, ook jegens de onzichtbare God. Beginnen geloven is dankbaar zijn! Meer geloven is meer dankbaar worden!

Wanneer worden wij dan "christelijke" gelovigen? Als wij, om te danken regelmatig terugkeren naar Jezus, zoals die éne melaatse. Die bleef niet meer op een afstand staan, maar wierp zich in erkentelijkheid voor Jezus' voeten neer. Daarmee erkende hij niet alleen dat zijn genezing van lichaam en ziel een geschenk was van God, maar daarmee durfde hij ook tonen dat Jézus de Bemiddelaar was van Gods weldaden aan hem, en bv. niet de priesters van de Joodse Wet. "Diegene in Wie gij nú gelooft, Die heeft u gered!"

Dankbaar zijn, kunnen wij alleen tegenover een God van Wie wij geen schrik moeten hebben, maar Die van ons houdt. Jezus merkte op dat de enige die Hem kwam danken de Samaritaanse vreemdeling was, en niet de joden. De streng-religieuze joden konden hun Jahweh-God eigenlijk niet echt danken. Zij konden Hem alleen vrezen. Want zij meenden met hun vele uiterlijke wetsregels vooral verdiensten te moeten opstapelen om die veeleisende en straffende Jahweh te dienen. Maar intussen stootten zij wel de zwakkeren uit hun gemeenschap uit.

Jezus prees het geloof van de dankbare Samaritaan die Hem erkentelijkheid toonde voor de weldaden van een God, die van de mensen geen slaafse onderdanigheid eist, maar die hen allen, dus ook de zwakkeren onder hen, bemint als een liefdevolle Vader.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 22:02 Reageer op dit bericht Stuur door

Spreuken 3:5-8

Vertrouw op de HERE met uw ganse hart en steun op uw eigen inzicht niet. Ken Hem in al uw wegen, dan zal Hij uw paden recht maken. Spreuken 3:5-8

Op de Here vertrouwen is synoniem aan het vertrouwen dat je hebt in zijn raadgevingen die in de bijbel staan.
Stel dat je jong bent en een uitdagende carrière voor je ligt. Je zult wel je ellebogen moeten gebruiken om vooruit te komen, of je zult het niet al te nauw moeten nemen met de waarheid. Jouw inzicht laat je een gouden toekomst zien, maar God wil je waarschijnlijk op een andere weg wijzen, waardoor je gespaard wordt voor veel teleurstellingen.
De hoogmoed die in je woont is een slechte raadgever, die je op kronkelpaden leidt, maar als je Gods raad zoekt leidt Hij je leven op de weg die je gelukkig maakt.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 07:20 Reageer op dit bericht Stuur door

Lucas

Lucas
10, 17-24

De tweeënzeventig keerden vol vreugde terug en zeiden: ‘Heer, zelfs de demonen onderwerpen zich aan ons bij het horen van uw naam.’ Hij zei tegen hen: ‘Ik heb Satan als een lichtflits uit de hemel zien vallen! Bedenk wel: Ik heb jullie de macht gegeven om slangen en schorpioenen te vertrappen en om de kracht van de vijand te breken, zodat niets jullie kan schaden. Verheug je er echter niet over dat de geesten zich aan jullie onderwerpen, maar verheug je omdat jullie naam in de hemel opgetekend is.’
Op dat moment begon Hij vervuld van de heilige Geest te juichen en zei: ‘Ik loof U, Vader, Heer van hemel en aarde, omdat U deze dingen voor wijzen en verstandigen hebt verborgen, maar ze aan eenvoudige mensen hebt onthuld. Ja, Vader, zo hebt U het gewild. Alles is mij toevertrouwd door mijn Vader, en niemand dan de Vader weet wie de Zoon is, en wie de Vader is weet alleen de Zoon en iedereen aan wie de Zoon het wil openbaren.’
Jezus richtte zich apart tot de leerlingen en zei tegen hen: ‘Gelukkig de ogen die zien wat jullie zien! Want Ik zeg jullie dat vele profeten en koningen hebben willen zien wat jullie zien, maar ze kregen het niet te zien, en hebben willen horen wat jullie horen, maar ze kregen het niet te horen.’

Vervuld van de heilige Geest begon Jezus te juichen en zei: ‘Ik loof U, Vader, Heer van hemel en aarde, omdat U deze dingen voor wijzen en verstandigen hebt verborgen, maar ze aan eenvoudige mensen hebt onthuld. Ja, Vader, zo hebt U het gewild. Alles is mij toevertrouwd door mijn Vader, en niemand dan de Vader weet wie de Zoon is, en wie de Vader is weet alleen de Zoon en iedereen aan wie de Zoon het wil openbaren.’

God is groot in het kleine en tegelijk is Hij klein in het grote. Jezus - Gods Zoon - was arm, nederig, klein, Hij ontledigde zich, was gehoorzaam, legde z'n eigen wil in de wil van de Vader. Hij sprak geen eigen Woord, maar keek naar de Vader en sprak Gods woord. Dat is kind-zijn in de religieuze betekenis van het woord.

Dit 'geheim' wordt inderdaad verborgen gehouden voor zogenaamde wijzen en verstandigen, maar wordt gelovig begrepen en geleefd door hen die zijn als kleinen, als kinderen.

Hoe kijken wij naar Jezus ?
Hoe dragen wij Hem in ons hart ?
Hoe laten wij ons door Hem opnemen ?

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 08:14 Reageer op dit bericht Stuur door

1 Johannes 4:20

Als iemand zegt: 'Ik heb God lief,' maar hij haat zijn broeder of zuster, is hij een leugenaar. Want iemand kan onmogelijk God, die hij nooit gezien heeft, liefhebben als hij de ander, die hij wel ziet, niet liefheeft.
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 06:52 Reageer op dit bericht Stuur door

Meer van WAT JE AAN JEZUS GEEFT,BEN JE NIET KWIJT

↑ Terug naar de berichten