Naar de inhoud

WAT JE AAN JEZUS GEEFT,BEN JE NIET KWIJT

IK BEN DE ALFA EN DE OMEGA
seniorennet.beseniorennet.be
GEBED IS DE SLEUTEL VAN DE OCHTEND EN DE GRENDEL VAN DE AVOND.
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

De Bijbel die geveild werd

bijbel5jl.jpg\" In de buurt van Wuppertal-Elberfeld (Duitsland) ligt Wiltzhelden. In 1817 trouwde daar de schoenmaker Arnold Breidenbach zijn verloofde Frederike. Tot die tijd had hij in de schoenmakerij van het leger in Keulen gewerkt en het prachtige bedrag van 200 zilveren daalders kunnen sparen. Met dit geld kon het jonge paar een vervallen huisje met wat grond kopen. Ze vestigden zich hier en hier ook begon Arnold zijn bedrijfje. Er heerste in die streek grote armoede. Het land had erg onder het geweld van de Fransen geleden. Na hen waren nog eens de Russen plunderend rondgetrokken en … twee misoogsten volgden. De Breidenbachs hadden het ook arm. Arnold was godvrezend. Hij maakte van zijn geloof geen geheim. In het café of op de dansvloer zag men hem niet. Grappenmakers had hij ook niet tot zijn gezelschap. Nu, het is niet te verwonderen dat men hem op het dorp al gauw de naam “de vrome Breidenbach” gaf. Als hij klaar was met zijn werk, zat hij meestal in zijn Bijbel te lezen. De mensen in Witzhelden glimlachten wat over het leven van hun schoenmaker. Wel lieten ze graag door hem hun schoenen repareren of nieuwe schoenen maken, want hij was een vakman. Hij verdiende een 8 groschen per dag en daar had hij genoeg aan. Ja, hij kon zelfs nog iets opzij leggen voor de spaarkous. Vrouw Breidenbach was het met haar man eens. Ook zij vreesde God maar zij kende de Heere Jezus nog niet persoonlijk. Zover als haar man was, was zij nog niet. We zijn een paar jaar verder. Er waren kinderen geboren. Het oudste kind sliep bij de ouders in bed. Er was slechts één bed. Het tweede kind lag nog in de wieg, maar het hoofdje en de voetjes raakten de beide uiteinden van het wiegje. Moeder verwachtte haar derde. Hoor! Wat wordt daar omgeroepen? Wat schreeuwt de dorpsomroeper? Dat in de herberg een boeldag gehouden zal worden. Meubelen, huisraad en nog meer zullen bij opbod verkocht worden. Vrouw Breidenbach tot haar man: “Arnold! Dit is een mooie gelegenheid. Ga eens een bed kopen. We hebben nu 17 daalders gespaard. Dat zal toch wel genoeg zijn.” Zwijgend luisterde de schoenmaker naar zijn vrouw. Hij was geen man van veel woorden. Maar op de dag van de verkoop, legde hij het werk neer, trok zijn blauwe kiel aan, nam het gespaarde geld en trok naar de herberg. Daar staken de mensen de hoofden bij elkaar. Wie kwam daar binnen? Breidenbach? Hij was daar toch nog nooit geweest! Maar nu dan toch maar voor het eerst! “Nu, meester, wat wilt u nu hier doen?”- “Ik heb een bed nodig.” “O, er zijn bedden genoeg hier!” De verkoop begon. Men kletste wat, maakte lawaai en dronk. Het eerste wat te koop aangeboden werd was… een Bijbel. Een heel grote en oude. Wel 120 jaar oud en wel 41 cm x 25 cm; gewicht: 7 kg. Geen gewone Bijbel, maar één met verklaringen. De meeste aanwezigen waren al door de alcohol in de greep genomen. Ze begonnen te spotten en grappen te maken, toen de Bijbel te koop geboden werd. Er werden verzen uit de Bijbel aangehaald en er werd om gelachen. Een koopman bood al 15 groschen. Hij had inpakpapier nodig. Het hart van Breidenbach trok samen. Hier werd met dát boek gespot waar hij zoveel van hield! Hij bood een daalder. De Bijbel mocht niet voor inpakpapier gebruikt worden! “Wie heeft er een daalder geboden?” - “De vrome Breidenbach!” “Opdrijven”, schreeuwden de mensen. Onder gespot en gelach bood nu de één, dan weer een ander en ze maakten maar grapjes. Arnold Breidenbach bood ook steeds nog. Hij dacht niet meer aan het bed. Hij wilde maar één ding: De Bijbel redden uit de handen van die woeste spotters. Maar… de prijs was al opgelopen tot 16½ daalder. Breidenbach bood nog eens: 17 daalder. Daar klonk: Eenmaal, andermaal, de derde maal!” En een klap volgde. De Bijbel was toegewezen aan Arnold en nu moest hij zijn 17 daalders betalen. Stil pakte hij de Bijbel op en ging naar huis. Thuisgekomen was natuurlijk de eerste vraag van zijn vrouw: “Maar wat heb jij daar toch?”- “Een Bijbel.” “En waar is dan het bed?”- “Ik heb geen bed.” “Waarom niet?”- “Door die Bijbel.” “Wat kostte die Bijbel?”- “Zeventien daalders.” Nu, wat barstte toen een stortvloed van scheldwoorden los! Arnold trok zijn blauwe kiel uit, deed zijn schort weer voor en ging aan het werk. Op de verwijten en argumenten van zijn vrouw kon hij slechts antwoorden: “Ik kon het niet langer verdragen dat er zo over het Boek gespot werd.” Toen Arnold die avond uit de Bijbel wilde voorlezen, liep zijn vrouw de kamer uit. Die dag leek de zegen uit de woning te zijn verdwenen. De volgende dag kwam al heel vroeg een molenaar uit de buurt in zijn werkplaats. Arnold vroeg hem: “Waarmee kan ik u van dienst zijn?” De molenaar krabbelde zich verlegen op het hoofd. “De zaak zit zo. Ik kom wegens de Bijbel en het bed. Toen ik mijn vrouw gisteren het verhaal helemaal verteld had, heeft zij mij niet zo zuinig de les gelezen: “Jullie mannen moeten altijd spotten als je gedronken hebt.” Die hele avond heeft ze me niet met rust gelaten en de hele nacht heeft ze, naar ze zei, niet geslapen. Ik moest opstaan en met de knecht een bed uit het personeelskamertje halen. Dat bed werd niet meer gebuikt. Ze heeft vers stro fijn gesneden en een nieuwe beddezak -soort matras- opgevuld. “Alsjeblieft”, zei ze vriendelijk, “neem dat bed en ga, anders krijg ik geen rust.” Arnold heeft intussen zijn vrouw geroepen. Ze keken beiden en vrouw Breidenbach ging al gauw naar binnen en ze deed als Petrus. Ze… huilde! – Het bed werd van de wagen genomen en in de kamer gezet. Die avond las Arnold zijn vrouw voor uit Ps. 37. “En verlustig u in de Heere, zo zal Hij u geven de begeerten uws harten. Wentel uw weg op de Heere, en vertrouw op Hem. Hij zal het maken…” Frederike Breidenbach overleefde haar man wel 21 jaar. In het sterfjaar van haar man leerde zij de Heere persoonlijk kennen.
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door lucky om 07:29 Reageer op dit bericht Stuur door

Ik zal

Ik zal mijn aardse bestaan als verspild beschou-
wen als ik mij niet een liefhebbend gezin kan
herinneren, een constante investering in de
levens van andere mensen en een serieuze
poging om de God te dienen die mij geschapen
heeft.
\'Ieder heeft gaven gekregen. Gebruik die om elkaar te
dienen, want zo geeft u de rijkdom van Gods genade
aan elkaar door.\'
l Petr. 4:10 Het Boek
(Dobson)
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door lucky om 07:17 Reageer op dit bericht Stuur door

REGENBOOG EN ENGELEN

regenboog1jo.gif\" Na de zondvloed gaf God de regenboog als een teken dat Hij nooit meer de aarde door water zou verdelgen. Uit de wolken kwam de vloed, maar God plaatst in de wolken Zijn kleurrijke boog van beloofte. De regenboog herinnert ons eraan dat er schoonheid in ons leven kan komen dóór de wolken van beproeving heen. In een Duits schilderijenmuseum hangt achter in een lange, donkere zaal een schilderij getiteld: \'Bewolkte weg\'. Op het eerste gezicht lijkt het een lelijke, reusachtige massa van verwarde kleuren - onaantrekkelijk en onheilspellend. Maar bij nader onderzoek zie je een onnoemelijk aantal engelen. Zo ziet een hart dat bevreesd is door een beproeving, vaak niets anders dan een samenhoping van gebroken verwachtingen. Maar als hij de toestand bekijkt vanuit het geloof, zal hij ontdekken dat de wolk Gods wondervolle zegenwagen is, vol engelen van genade. Misschien hangt er vandaag over uw leven ook een zware wolk. Zoek dan de regenboog van de hoop op. U kunt er zeker van zijn dat Gods engelen er zullen zijn om u te ondersteunen.
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door lucky om 18:15 Reageer op dit bericht Stuur door

Bescherming tegen depressies

Wist u dat de Spanjaarden veel minder lijden onder depressiviteit dan bijvoorbeeld de Engelsen? Dit blijkt uit Europees onderzoek. Zo heeft bijvoorbeeld in de Spaanse stad Santander 3% van de inwoners last van depressies, terwijl dat in het Engelse Liverpool 18% is! Volgens wetenschappers leidt de armoedekloof tussen Zuid- en Noord-Europa ertoe, dat de armere gezinnen elkaar door dik en dun bijstaan. De kinderen gaan pas op latere leeftijd uit huis, omdat ze afhankelijk zijn van hun ouders. Ouderen worden niet gemakkelijk in een bejaardentehuis gestopt. Volgens de onderzoekers zijn de nauwe sociale contacten voor de voorkoming van depressiviteit heel belangrijk.

Mozes leefde ongeveer 1400 jaar voor Christus. Ook hij besefte het belang van het gezin. Farao wilde het volk Israël niet vrijlaten uit de slavernij, tenzij de kinderen achterbleven. Maar Mozes stond erop dat het héle volk zou gaan, jong en oud. Zonen en dochters moesten mee. Samen wilden zij God eren, dat was hun doel. Daar zette Mozes zich voor in. Ook vandaag is het gezin nog de beste basis voor ons welzijn, én niet in de laatste plaats ook voor het dienen van God

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door lucky om 07:08 Reageer op dit bericht Stuur door

DE OGEN VAN VON TISCHENDORF

ogen7ep.gif Toen hij nog jong was, had Von Tischendorf zich voorgenomen met de grootst mogelijke zorg en nauwkeurigheid zoveel mogelijk van de oorspronkelijke tekst van de Bijbel te achterhalen. Hij had vooral belangstelling voor het Nieuwe Testament. Met dit doel voor ogen reisde hij naar Parijs, waar zich twee oude handschriften van het Nieuwe Testament bevonden. Zoals in de oudheid vaak gebeurde, was het perkament waarin het oorspronkelijke schrift verbleekt was, uit zuinigheid opnieuw beschre- ven. De verbleekte tekst was de bijbelse tekst en daar was het om te doen. Heel wat wetenschappers hadden al geprobeerd deze originele tekst te ontcijferen, maar ze waren niet ver gekomen. De handschriften waren volgens de geleerden niet meer te ontcijferen. Von Tischendorf vroeg of hij deze handschriften ook mocht bestuderen. Men gaf het aan hem, met de opmerking: 'Je mag het proberen, maar het zal je ook niet luk- ken.' Von Tischendorf liet zich door deze opmerking niet ontmoedigen. Hij ging aan de slag. Tot grote verwondering van de geleerden, slaagde Von Tischendorf erin eerst de éne en later de andere codex te ontcijferen. God had hem namelijk gezegend met een buitengewoon gezichtsvermogen. Aan de ogen van Von Tischendorf is een geschiedenis verbonden. Kort voordat Tischendorf geboren zou worden, zag zijn moeder een blinde man. Daar was zij zo van onder de indruk, dat ze God bad of haar kind niet blind zou zijn. God verhoorde haar gebed. En Hij deed veel meer dan zij vroeg: haar zoon kreeg bijzonder scherpe ogen. Zo heeft God al voordat hij geboren is, een plan met ieder mens. Een plan dat dient tot zijn ver- heerlijking. De scherpe ogen van Von Tischen- dorf kon Hij gebruiken in de dienst van de Heer om zijn Woord duidelijker te maken. Zonder twijfel heeft God aan ieder van ons iets gegeven, een talent waarmee wij Hem mogen dienen en verheerlijken. Dat is de eerste les die wij van deze geschiedenis kunnen leren. De andere les is, dat God onze gebeden soms boven bidden en denken verhoort, tot zijn verheerlijking.
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door lucky om 18:23 Reageer op dit bericht Stuur door

LEVENSLANGE GARANTIE

garantiesmall7gi.jpg



Als u een wasmachine gaat kopen,
een televisie of een videorecorder of
iets van dien aard, dan krijgt u er een
gebruiksaanwijzing bij.
Die moet u dan goed doorlezen, want
bij verkeerd gebruik kan het apparaat
onherstelbaar worden vernield.
Onoordeelkundig gebruik gaat u dan
geld kosten, want in zo'n geval geldt
de garantie niet.
Ook is de garantietermijn van een
apparaat slechts een beperkt aantal
jaren. Soms zelfs maar één jaar. Als
het apparaat dan net na het verstrijken
van die termijn kapot gaat, betaalt de
fabrikant de herstellingskosten meestal
niet. Afgezien van het verspilde, vaak
zuurverdiende geld, ergert u zich dan
ook nog groen en geel.
Nog veel kostbaarder is uw leven! Een
mens zit heel ingewikkeld in elkaar.
Toch knoeien heel veel mensen maar
raak met hun leven. Met de bekende
gevolgen: stress, hartproblemen en
allerlei soorten ziektes. Deze opsom-
ming is gemakkelijk aan te vullen met
nog een groot aantal van die 'door

onoordeelkundig gebruik' optredende
gebreken.
Na korte of langere tijd loopt zo'n
leven vast. Dan volgen vaak angst,
drankmisbruik, drugs, agressief
gedrag, echtscheiding enzovoort. Het
zijn de uiteindelijke gevolgen van het
verkeerde gebruik van ons lichaam.
God, de Schepper van de mens, heeft
ons ook een gebruiksaanwijzing
gegeven.
Dit boek, de bijbel, is een feilloze gids
voor ieder mensenleven.
Nog belangrijker dan bij een gekocht
apparaat is het om uw leven te richten
naar deze gebruiksaanwijzing.
De bijbel vertelt ons onder meer hoe
wij een zinvol leven kunnen ont-
vangen, dat niet beheerst wordt door
angst, stress, verslaving of depressies.

God garandeert u geen leven zonder
moeiten of zorg. Als u Hem echter
niet alleen als uw Schepper, maar ook
als uw Verlosser erkent, geeft Hij u
wel de garantie, dat Hij er altijd bij zal
zijn; dat u in alles Zijn hulp en kracht
zult ervaren.
Ga daarom in op de boodschap van
het Evangelie van Jezus Christus, Gods
Zoon, die ook voor u stierf op
Gogotha's kruis en daar onder meer
de schuld boette voor het 'onoordeel-
kundig gebruik'van uw leven. De
bijbel noemt dat 'zonde'.
Jezus' uitnodiging aan u is:
"Komt tot Mij, allen, die vermoeid en
belast zijt, en Ik zal u rust geven."
(Mattheüs 11:28)
Wie dat oprecht doet, mag ervaren dat
hij/zij een nieuw leven ontvangt. Een
leven gevuld met liefde en blijdschap.
Een leven waarop de HERE zelf levens-
lange garantie geeft; een leven dat na
dit aardse bestaan, tot in eeuwigheid
verder gaat.
Zou u zo'n leven willen ontvangen?
Geef dan via een eenvoudig gebed uw
leven aan Hem over!

Aangeboden door:
Evangelische Kerk
Leegstraat 208   8780 Oostrozebeke

www.vegoostrozebeke.v3.be

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door lucky om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

De Bijbel

debijbelwateenboeksmall2py.jpg De Bijbel is Gods boek. De HERE God heeft zijn gedachten door mensen op laten schrijven. God is dus zélf de Auteur van dit meest verkochte boek ter wereld. Eigenlijk vinden we op elke bladzijde van dit opzienbarende boek als hoofd- onderwerp een Vader die op zoek is naar zijn kinderen. De HERE God zoekt ook u! Mensen dwalen weg Maar mensen dwalen weg van God, ook vandaag nog. Ze slaan Gods normen en raadgevingen in de wind. In een van de eerste hoofdstukken van de Bijbel lezen we al over dit zoeken van God: "Adam, waar ben je?" vroeg Hij. Dit gaat door tot op de laatste bladzijde. Maar... dan lezen we teslotte dat de HERE in vrede en harmonie bij de mensen woont. Het dwalen van de mensen leidde ertoe dat God zijn enige Zoon naar de aarde zond om mensen die in Hem willen geloven, terug te brengen tot die Vader-God. Het kostte de Here Jezus zijn leven; zijn liefde voor mensen won het van zijn rechtvaardig- heidsgevoel. Hij stierf als straf voor de zonde van de mensen. Geschreven door 40 mensen De Bijbel is door zo'n 40 mensen geschreven over een periode van vele eeuwen. Toch is het een wonder van eenheid en inspiratie. Het boek werd 30 eeuwen lang vertaald en toch is zijn inhoud precies hetzelfde als eeuwen terug. Dit onvernietigbare boek heeft miljoenen mensen in hun diepste ellende troost en weer hoop gegeven en hen de weg tot vergeving van zonden verteld. Ga dit boek lezen, het is geweldig interessant en verrijkend. Je intellect zal er zeker door groeien, maar daar gaat het de HERE God niet in de eerste plaats om, Hij wil je hart bereiken en dat kan alleen als je je aan God zelf overgeeft en het offer van Jezus aan het kruis aanvaardt. Hij stierf in jouw plaats! Dan zal Hij door zijn Geest in je komen

Aangeboden door:
Evangelische Kerk
Leegstraat 208   8780 Oostrozebeke.

www.vegoostrozebeke.v3.be
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door lucky om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

MEEPRATEN


 
Soms praten mensen over dingen die je niet begrijpt. Ze hebben ervaringen die jij niet kent en het is dan heel moeilijk om te begrijpen wat men bedoelt. Je kunt er niet over meepraten. Zo verging het ons ook. Vaak hadden we mensen horen zeggen: 'We voelden een muur van gebeden rondom ons.' Tot voor kort zeiden die woorden ons weinig. Toen gebeurde er iets waardoor ons levenshuis op zijn fundamenten schudde. Hoe zouden we overeind kunnen blijven? U raadt het al: het was door die muur van gebed, die familie en vrienden bouwden rondom ons. Hoewel het huis schudde, kreeg de stormwind toch geen kans. De beschermende muur hield de zwaarste rukwinden tegen. Het was alsof we in dat noodweer onaantastbaar waren. Zulk noodweer wens je niemand toe; zo'n ervaring wel. Helaas is het ene niet mogelijk zonder het andere. Je moet het allebei hebben meegemaakt om erover te kunnen meepraten. Maar als dat het geval is, ben je er ook niet zomaar over uitgepraat. Want dat God het gebed van Zijn kinderen verhoort en in de zwaarste storm rust en vrede kan geven, ervaar je als zo'n wonder dat je het iedereen graag wilt laten weten. Zelfs als men niet begrijpt wat je bedoelt en voelt.
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door lucky om 14:12 Reageer op dit bericht Stuur door

VERGEEF EN VERGEET

 


Johan lag op sterven en wilde alles in orde maken. Hij had onenigheid met Wim die vroeger een van zijn beste vrienden geweest was. Ze hadden jarenlang geen woord tegen elkaar gezegd. Omdat hij het goed wilde maken, vroeg hij Wim bij hem te komen. Wim kwam en Johan zei tegen hem dat hij bang was de eeuwigheid in te gaan met slechte gevoelens tussen hen. Toen stak hij zijn hand uit naar Wim en zei: `Ik vergeef je. Wil je mij vergeven? Wim zei dat hij dat wilde, maar net toen hij op het punt stond de kamer uit te gaan, riep Johan: \'Maar denk eraan, dit geldt niet als ik beter word!\' We glimlachen misschien om dit verhaaltje. Maar het geeft wel een duidelijk beeld van de manier waarop we elkaar soms behandelen. De vergiffenis die we geven, is vaak denkbeeldig. Misschien is het ingegeven door vrees, of door een zelfzuchtig voordeel of om ons geweten te sussen - maar niet uit waarachtige liefde voor God en voor degene die ons benadeeld heeft. Ja, we zeggen misschien wel dat we vergeven, maar er hoeft maar een kleinigheid te gebeuren of onze grieven leven weer op.

In Ef. 4:12 zegt Paulus dat we elkaar moeten vergeven zoals God ons vergeven

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door lucky om 07:07 Reageer op dit bericht Stuur door

EEN ANDERE WERELD


       
Het is heel dubbel om het boekje van Richard
Wurmbrand, dat gaat over martelingen van
christenen in Roemenië, in mijn tas te stoppen
als ik een weekendje naar mijn moeder ga. Ik
twijfel dan ook een tijdje, neem andere boekjes
ter hand, stop er dan voor de zekerheid een paar
bij, maar dat van Roemenië leg ik niet terug.

 En dan, als ik in een comfortabele, goed ver-

 warmde trein zit, uitgezwaaid door mijn man,

 pak ik het boek. \'Wil ik dit wel?\', vraag ik mijzelf

 af en mijn blik gaat naar buiten. De zon schijnt

 over een landschap dat zich opmaakt voor de

 lente. Uitbottende bomen, paarden in de wei,

 eenden scharrelend langs de waterkant.

 Tegenover me nemen twee dames plaats. Vlotte

 zestigers, sportief gekleed in makkelijke wan-

 delschoenen en praktische jacks. Kort geknipte

 haren en een rugzak. Ze gaan duidelijk een dagje

 uit. Aan de andere kant van de coupé praatten

 twee\'jonge meisjes honderd uit, zo te horen over

 het wel en wee van hun stage bij het onderwijs.

 Een man is verdiept in zijn krant. Dan begin ik

  in het boekje en ik weet dat ik het mezelf moei-

  lijk ga maken.
Mijn geest betreedt een heel andere wereld. Ik
maak kennis met een eenvoudige Roemeense
man. Hij verhuist naar een bepaald dorpje,
waarvan er, zoals hij zelf schrijft, \'in Roeme-
nië\' twaalf duizend zijn. Maar hij wordt tot dat
bepaalde dorpje getrokken en daar komt hij
- vlak voor de tweede wereldoorlog - door een
oude timmmerman tot geloof. Zijn vrouw komt
ook tot bekering en samen brengen ze zoveel
mensen tot de Heer dat er een nieuwe Lutherse
gemeente ontstaat.
Dan komen de Duitsers. Er begint een verdruk-
king die nog maar een voorproefje blijkt te
zijn van wat er later volgt: Roemenië wordt
vele jaren lang met ijzeren hand door het com-
munisme geregeerd. Het christendom wordt
met man en macht uitgeroeid en onmogelijk
gemaakt. Zo ontstaat de ondergrondse kerk,
waarvan de leden zwaar worden vervolgd. Als ze
worden opgepakt, worden ze vreselijk gemarteld
en vermoord.
De schrijver van het boekje heeft veertien jaar
van gevangenschap overleefd.
Hij beschrijft heel aangrijpende situaties, zoals
een congres van de communisten met vier-
duizend priesters, pastoors en predikanten als
vertegenwoordigers van alle christelijke kerken.
Als de een na de ander opstaat om te verklaren
dat  communisme  en  christendom  hetzelfde
zijn, zegt zijn vrouw: \'Richard, sta op en wis
deze schande van het gelaat van Christus af! Ze
spuwen Hem in het gezicht.\' Hij antwoordt dan:
\'Als ik dat doe, verlies jij je man\', waarop ze
zegt: \'Ik wil geen lafaard als man hebben.\'
Toen is hij opgestaan en heeft het congres toe-
gesproken. De toespraken in dit congres werden
per radio uitgezonden: het hele land heeft vanaf
het spreekgestoelte van het communistische
parlement de boodschap van Christus kunnen
horen. Naderhand heeft hij ervoor moeten boe-
ten, \'maar het is het waard geweest\', schrijft hij.

 Speciaal voor de Russen, die in die tijd veel in

 Roemenië gelegerd waren, heeft hij een zwakke

 plek. Hij schrijft erover: \'Ik heb het evangelie
verkondigd aan mensen uit allerlei volkeren,

 maar nooit heb ik een volk het evangelie zo zien

 indrinken als de Russen. Zij hebben zulke dor-

 stige zielen.\'
In 1948 wordt hij opgepakt en maakt dan onbe-
schrijfelijke dingen mee. \'Wat de communisten
de christenen hebben aangedaan gaat ieder men-
selijk begrip te boven\', schrijft hij. Toch is hij ook
in staat om bepaalde ervaringen als \'prachtig\' te
beschrijven.  Bijvoorbeeld  \'het  preek-akkoord\';
\'Het was ons ten strengste verboden voor andere
gevangenen te preken. Ieder die daarop betrapt
werd, zou geducht worden afgeranseld. Een aan-
tal van ons besloot deze prijs voor het preken te
betalen. Wij accepteerden hun condities. Het was
als het ware een akkoord: wij preekten en zij sloe-
gen. Wij waren gelukkig in het preken. Zij waren
gelukkig als ze sloegen; zo was iedereen gelukkig.
Het volgende tafereel heeft zich vaker afgespeeld
dan ik mij kan herinneren. Een broeder was aan
het preken voor de andere gevangenen, toen
plotseling de bewakers binnenstormden en hem
midden in een zin verrasten. Ze sleepten hem de
gang door naar de \"ranselkamer\". Na een schier
eindeloze afranseling brachten ze hem terug en
smeten hem op de gevangenisvloer. Hij krab-
belde met zijn gebeukte lichaam overeind, trok
met een pijnlijk gezicht zijn kleren recht en zei:
\"Wel, vrienden, waar was ik gebleven toen ze me
in de rede vielen?\", en dan ging hij verder met
zijn evangelieprediking!\'
Verderop schrijft hij: \'Het is in Rusland geen
ongewoon gezicht, dat plaatselijke beambten
voor de kerken gaan staan om naar kinderen uit
te kijken. Als ze ontdekken dat die naar de kerk
gaan, worden ze geslagen en eruit gesmeten.
De toekomstige verwoesters van de christenen
worden zorgvuldig en stelselmatig opgevoed!\'
Mede daardoor waren er geen lauwe christenen.
Of men is christen met heel zijn hart, of men is
helemaal geen christen, want het kost heel wat
om een discipel van de Heer Jezus te zijn. \'Zo
was dat in de vijftiger jaren in Rusland, maar
nu, in deze eeuw, geldt dit net zo voor bijvoor-
beeld China\', denk ik bij mezelf en ik vergelijk
het met de leegloop in onze kerken.
Terwijl ik een gezellige avond doorbreng met
mijn moeder, laat het boekje me  niet los. Je
krijgt dan de vreemde situatie, dat je in de ene
wereld leeft en die telkens vergelijkt met die
andere wereld. Ik schep gezellig op van de bami
en denk aan de zin uit het boek over christenen
die gedwongen werden hun eigen uitwerpselen
te eten. Of het gesprek gaat over de rollator die
niet meer door het ziekenfonds vergoed wordt,
en ik moet denken aan de onteigening van alle
bezittingen van de gezinnen van opgepakte
christenen.
De rest van de avond maken mijn broer en
mijn moeder zich druk over de politiek. Ik laat
het maar wat langs me heen gaan - niet alleen
omdat ik daar niet zo veel van weet...
De volgende ochtend gaan we naar de kerk van
mijn moeder. Het is een prachtig gebouw, een
monument uit de achttiende eeuw. Echt zo\'n
ouderwetse dorpskerk, waar kennelijk destijds
geld geen rol speelde. Mijn blik gaat naar de
koperen kroonluchters aan het plafond, het
kolossale orgel en de prachtige eikenhouten
preekstoel, opnieuw bekleed met donkergroen
pluche. Zeer goed verzorgde dames en heren
beginnen de stoelen te vullen en dan zet het
orgel in. Het thema is: \'Het brood des levens\'.
De liederen zijn zorgvuldig bij het thema geko-
zen. Bij het wegsterven van de laatste tonen,
blijven de woorden bij me hangen:
\'Gij zijt genoeg om van te leven, voor iedereen
en voor altijd. Gij voedt ons nog, o hemels
brood, met leven midden in de dood.\'
Dan hoor ik om mij heen het gekraak van
snoeppapiertjes. Links en rechts zie ik handen
naar de mond gaan. De preek begint.

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door lucky om 07:38 Reageer op dit bericht Stuur door

De HAAN

dierenhaankraait1xw.gif\"
WACHTEN OP DE HAAN
 
Een man die kippen hield, had ook een haan wiens gekraai nu en dan een grote ergenis was voor zijn buurman. Eens op een vroege morgen belde de boze buurman op en mopperde: \'Die ellendige haan van u houdt me de hele nacht uit de slaap.\'
\'Daar snap ik niks van,\' was het antwoord van de kippenhouder. \'Hij kraait haast nooit, maar als hij het doet, is het nooit meer dan twee of drie keer.\'
\'Dat is mijn probleem niet,\' zei de buurman vinnig. \'Niet hoe vaak hij kraait, irriteert me! Wat me wakker houdt, is dat ik niet weet wanneer hij misschien gaat kraaien!\'
Velen van ons lijken op die man. We maken ons zorgen over de moeilijkheden en beangstigende omstandigheden die misschien morgen wel kunnen ontstaan. In plaats van bij de dag te leven en ons te verblijden in Gods genoegzaamheid in het heden, worden we angstig door ons zorgen te maken voor de toekomst.
Als u Jezus Christus als uw Heiland kent, mag u Hem vertrouwen. Hij heeft gezegd: \'Wees niet bezorgd voor de dag van morgen, iedere dag heeft genoeg aan zijn eigen kwaad.\'
Ga niet  \'liggen wachten op de haan\'!
Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door lucky om 16:26 Reageer op dit bericht Stuur door

Waarom doet God er niets aan?

waaromsmall2kz.jpg Waarom doet God er niets aan? Deze vraag komt bij velen op. Er zijn dan ook problemen genoeg. Neem bijvoorbeeld: ... dat van de onschuldige, die lijdt voor degene die wel schuld heeft; ... of de steeds weer terugkerende oorlogen, de honger in Afrika, het milieu, de natuurrampen; ... de in veel opzichten hopeloze verwarring in de wereld; ... het devalueren van de normen van goed en kwaad. Deze dingen maken dat we God gaan wantrouwen en dat we zelfs gaan twijfelen aan zijn bestaan. Maar als Hij tóch bestaat... waarom doet God er dan niets aan? Waaraan moet God iets doen? Zijn het niet de mensen zelf, die het alles veroorzaken? De wortel van alle pro- blemen is de menselijke natuur. Onze agressie, zelfzucht, jaloezie, hebzucht en oneerlijkheid... die resulteren in haat en geweld. Alleen... Hij begint bij de oorzaak, bij u en bij mij. Hoe staat het met uw zelf- zucht, uw jaloezie, uw egoïsme? Bent u bereid God bij het begin te laten beginnen - bij uzelf? We kunnen gemakkelijk praten over natuurrampen, over oorlogen, over Afrika enzovoort, maar de problemen beginnen al veel dichter bij huis, namelijk in ons eigen leven! Als God alle oorlogen vandaag liet ophouden, zouden ze morgen opnieuw beginnen! Daar zou de agressieve natuur van het menselijk hart wel voor zorgen. Hetzelfde gebeurt als God de rijkdom- men van de aarde eerlijk zou verdelen. Binnen enkele dagen zouden we weer gaan potten en elkaar afzetten. Het unieke van de mens is dat hij een vrije wil heeft. Dat hij een keuze kan maken. Maar dat is juist zijn grootste probleem. Men kan geen vrije wil hebben zonder verantwoordelijk te zijn voor de keuze die men maakt. Waarom doet God er niets aan? God wil de mensen niet veranderen in auto- maten of robots, die alleen maar goede dingen doen. Hij laat ze de vrije keuze. Maar Hij heeft ook de oplossing: Hij maakte het mogelijk dat onze harten veranderd zouden worden! Omdat Jezus voor ons stierf en opstond uit de dood, is Hij in staat het gebed te ver- horen van elke zondaar die bidt: "Schep mij een rein hart, o God, en ver- nieuw in mijn binnenste een vaste geest" (Palm 51:12). Bovendien zal Jezus spoedig terugkeren in deze wereld en zijn rijk stichten - het Rijk waar vrede heerst en gerechtigheid. Zult u daar deel aan hebben? U kunt er nu al deel aan hebben door Jezus in uw leven toe te laten en God toe te staan er "eerst wat aan te doen"... bij uzelf.
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door lucky om 13:34 Reageer op dit bericht Stuur door

Een centje tussen de euro\'s

 
Een leraar met een korte gedrongen gestalte stond eens tussen een groep collega\'s die ver boven hem uitstaken. Iemand vroeg: \'Sam,voel jij je niet vreemd als er zoveel lange mensen om je heen staan? \'Hij zei: \'Ja,inderdaad. Ik voel me als een centje tussen een stel euro\'s!\' Gelovige mensen zijn misschien niet \'groot\' in de ogen van anderen en vaak kijkt de wereld op ons neer. Maar in Gods ogen zijn we van grote waarde! De apostel Paulus schreef:\'...niet vele wijzen naar het vlees, niet vele invloedrijken, niet vele aanzienlijken. Integendeel, wat voor de wereld dwaas is, heeft God uitverkoren om de wijzen te beschamen\'(1 Kor.1:26,27) We hebben misschien geen hoge positie in maatschappelijk opzicht, maar in Christus hebben we een positie ver boven de \'groten\' van deze wereld. We zijn kinderen van God...en mede - erfgenamen van Christus (Rom.8:16,17). Hoe klein we ook mogen lijken in vergelijking met anderen, we zijn kostbaar in Gods oog!
 
 
Weet je dat je van waarde bent?
Weet je dat je een parel bent,
een parel in Gods oog?
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door lucky om 07:11 Reageer op dit bericht Stuur door

Waarheid

Hij werd in een onbekend dorp geboren, als kind van een plattelandsvrouw. Hij groeide op in weer een ander dorp, waar Hij tot Zijn dertigste als timmerman werkte.Toen was Hij drie jaar lang rondtrekkend prediker.
Hij heeft nooit een boek geschreven.
Hij heeft nooit een ambt uitgeoefend.
Hij heeft nooit een gezin of een eigen huis gehad.
Hij is niet naar de universiteit geweest.
Hij heeft nooit verder gereisd dan 300 km van de plaats waar Hij geboren werd. Hij heeft geen van deze dingen gedaan die men doorgaans in verband brengt met grootsheid.
Hij had geen referenties behalve zichzelf.
Hij was slechts 33 toen de publieke opinie zich tegen Hem keerde. Zijn vrienden holden weg. Hij werd overgegeven aan Zijn vijanden en onderging een schijnproces. Hij werd tussen twee dieven aan een kruis genageld.
Toen Hij stervende was, dobbelden Zijn beulen om Zijn klederen, het enige bezit dat Hij op aarde had.Toen Hij dood was, werd Hij vanwege het medelijden van een vriend in een geleend graf gelegd.
Twintig eeuwen zijn gekomen en gegaan, en vandaag is Hij de centrale figuur van het menselijk ras, de leider van de voortschrijding van de mensheid.
Al de legers die ooit gemarcheerd hebben, al de marineschepen die ooit gevaren hebben, al de parlementen die ooit gezeteld hebben, al de koningen die ooit geregeerd hebben, hebben bij elkaar het leven van de mens hier op aarde niet zo beïnvloed als dat Ene Enkele Leven.
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 07:17 Reageer op dit bericht Stuur door

Twee Meren

Er zijn twee grote meren in Palestina. Het ene is zoet en bevat vis. De oevers van dit meer zijn getooid met weelderige stukken groen. Bomen spreiden hun takken uit over het wateroppervlak en strekken hun dorstige wortels uit om zich te laven aan het weldadige water. De kinderen spelen langs de oevers, zoals er kinderen speelden toen Hij daar was. Hij genoot ervan. Jezus kon over het zilveren oppervlak kijken als Hij zijn gelijkenissen vertelde. En op een golvende vlakte niet ver daarvandaan, voedde Hij vijfduizend mensen.
De rivier de Jordaan voedt dit meer met sprankelend water uit de heuvels, zodat het lacht in de zonneschijn. Mensen bouwen hun huis er dichtbij, vogels bouwen er hun nest, elke vorm van leven is blij dat het meer er is.
De Jordaan komt in het zuiden in een ander meer uit. Hier geen geplons van vissen, geen ruisende bladeren, geen gezang van vogels, geen lachende kinderen. Reizigers kiezen een andere route, tenzij zij echt langs het meer moeten. De lucht hangt zwaar boven het water, en mens noch dier drinkt ervan.
Wat veroorzaakt toch dit enorme verschil tussen deze buurmeren? Niet de Jordaan; die laat in beide meren hetzelfde goede water stromen. Niet de grond waarin ze liggen, niet het land er omheen.
Dit is het verschil: het meer van Galilea ontvangt de Jordaan, maar houdt hem niet vast. Voor elke druppel die erin stroomt, stroomt een andere druppel eruit. Het geven en ontvangen vindt gelijkmatig plaats.
Het andere meer is sluwer en houdt het instromende water angstvallig vast. Het is niet te verleiden tot enige vrijgevigheid. Elke druppel die het krijgt, houdt het vast.
Het meer van Galilea geeft en leeft. Het andere meer geeft niets. Het wordt de Dode Zee genoemd.
Er zijn twee soorten mensen in deze wereld.
Er zijn twee meren in Palestina.
 
Gayle D.Erwin
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door lucky om 07:03 Reageer op dit bericht Stuur door

VOOR MIJN ZUS

 Er is een waar verhaal over een kleine jongen van wie de zus een bloedtransfusie nodig had. De dokter legde uit dat ze dezelfde ziekte had waarvan de jongen twee jaar eerder genezen was. Haar enige kans op herstel was een transfusie van iemand die van die ziekte genezen was. Aangezien beide kinderen dezelfde bloedgroep hadden, was de jongen een ideale donor. \"Zou je je bloed aan Mary willen geven?\" vroeg de dokter. De kleine jongen aarzelde. Zijn onderlip begon te trillen. Toen glimlachte hij en zei: \"natuurlijk, voor mijn zus.\"Al spoedig werden de twee kinderen de ziekenhuiskamer binnengereden. Mary, bleek en mager, de kleine Johny, sterk en gezond. Geen van beiden sprak, maar toen hun ogen elkaar ontmoetten, grinnikte Johny. Toen de zuster de naald inbracht in zijn arm, verdween Johny\'s glimlach geleidelijk. Hij keek hoe het bloed door de buis stroomde. Toen de beproeving bijna voorbij was, verbrak Johny\'s stem ietswat trillig, de stilte. \"Dokter, wanneer ga ik dood?\" Toen pas besefte de dokter waarom Johny geaarzeld had, waarom zijn lip getrild had toen hij ermee akkoord ging zijn bloed af te staan. Hij dacht dat het geven van zijn bloed aan zijn zusje zou betekenen dat hij zijn leven gaf. In dat korte moment, had hij zijn grote beslissing genomen. David C.Needham
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door lucky om 07:05 Reageer op dit bericht Stuur door

Merkwaardige geschiedenis van een schilders-atelier

Dat alles heeft Hij gedaan voor mij! Vele jaren geleden woonde in de stad Dusseldorf (Duitsland) een jong kunstenaar, Stenburg genaamd, die mooie schilderijen maakte. Op zekere dag kwam een priester in zijn atetier om een schilderij te bestellen, een groot altaarstuk dat een van de mooie kerken in de stad zou versieren. Stenburg nam de opdracht aan nadat hij eerst voor zijn schilderij een hoge prijs had bedongen. Het moest de kruisiging van de Heere Jezus voorstellen. Stenburg ging met ijver aan het werk. In de Jodenwijk van de stad zocht hij personen die hem tot model konden dienen en enige weken arbeidde hij ijverig. Maar toen kwam het voorjaar en de jonge schilder verlangde naar de vrije, nieuw ontwaakte, heerlijke natuur. Met zijn schetsboek onder de arm zwierf hij rond in de omgeving van de stad, en daar ontmoette hij op zekere dag een zigeunermeisje dat aan de rand van een bos manden zat te vlechten. Haar vriendelijk gelaat en heel haar levendig voorkomen trokken hem aan, en hij ging haar vragen of zij bij hem in de stad wilde komen om als model te dienen. Het zigeunermeisje nam de uitnodiging aan en er werd een afspraak gemaakt. Op de bepaalde dag kwam Pepita. De vele mooie schilderijen in het atelier trokken haar opmerkzaamheid en wekten haar bewondering, maar een schilderij was er dat bijzonder haar belangstelling trok: het bijna voltooide altaarstuk. Lang stond zij ontroerd er voor te kijken. "Wie is dat daar?", vroeg ze ten slotte, terwijl ze naar den Gekruisigde wees. "Dat is Christus," antwoordde Stenburg achteloos. "Wat doen ze met Hem?" vroeg zij verder. "Zij kruisigen Hem," antwoordde de kunstenaar kortaf. "Wat voor mensen zijn dat daar in het rond, die zo boos kijken?" "Ja, kijk, ik kan nu niet langer met je praten," zei de schilder. "Blijf zo staan als ik je gezet heb." Voor dit maal durfde het meisje niets meer te vragen, maar telkens als ze weer in het atelier kwam, werd ze meer aangegrepen door het schilderij. Tenslotte kwam ze weer met een vraag: "Waarom kruisigden ze Hem? Was Hij zo slecht?" "Neen, Hij was heel goed." "Maar als Hij goed was, waarom deden zij Hem dat aan?", verstoutte Pepita zich nog te vragen. "Of deden ze het maar voor een korte poos? Maakten ze Hem weer los?" "Dat gebeurde omdat ..." en de schilder schikte wat terecht aan de kleding van Pepita. "Nu, dat gebeurde omdat?" herhaalde Pepita. Haar levendige, vragende blikken wekten het medelijden van de kunstenaar en hij zei: "Luister, dan zal ik je de hele geschiedenis eens vertellen. Maar dan moet je mij ook niet verder vragen." Daarop vertelde hij haar de oude geschiedenis van de kruisiging van de Heere Jezus die hij uit zijn kInderjaren nog heel goed wist. Hij kon echter het kruis van Christus schilderen, terwijl zijn hart er koud voor bleef. Voor Pepita daarentegen was de geschiedenis geheel nieuw. Haar hart bloedde, en haar grote zwarte ogen vulden zich met tranen. De beide schilderijen waren tegelijk voltooid, en Pepita kwam voor de laatste keer in het atelier. Stenburg gaf haar haar loon, maar zij bleef staan en zag hem aan met een ernstige blik in haar diepe, schitterende ogen. "Dank u, mijnheer", zei ze. Maar plotseling vervolgde zij ontroerd: "Dan hebt u Hem zeker heel lief als Hij dat alles voor u gedaan heeft?" Stanburg werd getroffen door die eenvoudige woorden van het arme zigeunermeisje. Hij trachtte ze te vergeten, doch het gelukte hem niet. Hij verzond het schilderij naar de kerk maar hij kon de woorden: "Dat alles voor u gedaan" niet kwijt worden. De vraag van Pepita: "Dan hebt u Hem zeker heel lief?" drong zich steeds weer aan hem op en eiste een antwoord. Voortdurend werd Stenburg gekweld door onrust zodat hij niet werken kon. Toen kwam God in Zijn barmhartigheid hem tegemoet. Op zekere dag zag de jonge schilder een aantal personen binnensluipen in een klein, onaanzienlijk huisje, dichtbij de stadsmuur. Hij ging navragen wat in dat huisje uitgevoerd werd, en kon in het begin geen antwoord krijgen. Na een paar dagen vernam hij echter dat daar een Protestants predikant woonde. Stenburg was Rooms-Katholiek. Dusseldorf was toen overwegend Rooms-Katholiek en het Protestantisme werd in die dagen slechts oogluikend toegelaten. Toch kreeg hij een verlangen om de vergaderingen van de Protestanten te bezoeken, hun woorden te horen, en misschien, als de gelegenheid het toeliet, enige vragen te stellen. Hij bezocht dus de predikant, en vond in hem een man, wiens gehele persoonlijkheid getuigde dat hij leefde in gemeenschap met zijn Heiland. Stenburgs nieuwe vriend leende hem een Nieuw-Testament, maar dat kon hij slechts korte tijd behouden want de predikant moest de stad verlaten. Toch had de waarheid al wortel geschoten in Stenburgs hart en in zijn hart voelde hij nu een warme wederliefde voor de Gekruisigde. Veel was zijn geest bezig met zijn Zaligmaker en zo gebeurde het hem eens dat hij, zonder er bij te denken, bezig was met een stuk houtskool een hoofd, gekroond met doornen, te tekenen. Plotseling ging hem een nieuwe gedachte door het hoofd. "Ik kan niet heengaan om te prediken," zei hij bij zichzelf, "maar God heeft mij de gave gegeven om te schilderen. Voortaan zal mijn penseel de liefde van de Heere Jezus verkondigen." De kunstenaar viel op zijn knieen en stortte zijn ziel uit in een ernstig gebed om een waardig beeld van de Gekruisgde te mogen schilderen en daardoor voor de wereld te getuigen van Diens liefde. Daarop begon hij te werken. Dat schilderij werd een heerlijk, een wonderbaar werk. In zijn eerste schilderij over hetzelfde onderwerp had hij in het aangezicht van Christus grote smart en doodsangst geschilderd, maar in de tweede trad Zijn grote liefde, Zijn bereidwilligheid om te sterven op de voorgrond. Stenburg wilde deze schilderij niet verkopen maar hij gaf ze aan zijn vaderstad ten geschenke. Zij werd in een openbaar museum geplaatst en de inwoners van de stad verdrongen elkaar om het te zien. Velen gingen naar huis met een indruk van de grote liefde van de Heer Jezus en ze herhaalden in hun gedachten de woorden die Stenburg onder het schilderij had geplaatst: "Dat deed Ik voor u. Wat doet u voor Mij?" Stenburg zelf ging af en toe naar het schilderijenmuseum en als hij daar onopgemerkt in een hoek zat, dan bad hij in stilte tot God dat Hij Zijn zegen mocht doen rusten op die geschilderde prediking. En die zegen liet niet op zich wachten ... Op zekere dag toen de meeste bezoekers al heengegaan waren, zag hij een meisje dat voor het schilderij stond te huilen. Hij ging naar haar toe en vroeg haar wat er aan scheelde. Het meisje wendde het hoofd om - het was Pepita. "Ach, mijnheer, Ik wenste dat Hij mij ook zo liefhad," zei ze, terwijl zij opzag naar het liefdevolle gelaat dat op haar scheen neer te blikken. "U heeft Hij lief maar niet zo een als ik ben;" en haar tranen stroomden nog meer dan daarvoor. "Maar Pepita dat alles was ook voor jou." En weer begon hij te vertellen aan het meisje van het wonderbare leven van de Heer Jezus, van Zijn dood en van Zijn heerlijke opstanding. Maar hoe totaal anders vertelde hij nu dan vroeger. Toen was het puur een geschiedenis uit ver verleden tijden waar hij wel een schilderij van kon maken omdat hij, de schilder, het zich zo levendig kon voorstellen. Nu echter was dezelfde geschiedenis van het kruis van Christus de grootste vreugde van zijn leven, de grond van zijn hoop voor de eeuwigheid. Nu sprak hij van een levende Heiland Die zijn zonden had gedragen en Die hij daarom onuitsprekelijk liefhad. Lang zaten ze daar samen totdat eindelijk het uur gekomen was dat het museum gesloten werd. En toen zij weggingen, was Pepita een gevonden lam, dat rustte in de armen van den Goede Herder. Twee jaren waren verlopen, sinds het eerste schilderij was besteld en geschilderd. Het was weer winter en de kou was streng. Stenburg had voor deze dag zijn arbeid beeindigd en zat nu voor het warme haardvuur te lezen in het Nieuwe Testament dat hij met moeite had weten te verkrijgen. Daar werd aan de deur geklopt en een oud man kwam binnen. Hij droeg een schapenhuid om de schouders waarop de sneeuw vast gevroren was, en het haar hing hem in donkere lokken om het hoofd. "Wil mijnheer met mij mee gaan?" zei hij. "Het gaat om een belangrijke zaak." "Waarheen?" onderzocht Stenburg. Ja, dat vertelde de oude zigeuner niet. Zigeuners mochten in de nabijheid van Dusseldorf niet wonen en hij was bang dat de politie hun schuilplaats in het bos zou ontdekken en hen zou wegjagen. "Waarom wilt u dan dat ik met u zal gaan?" "Dat weet ik niet," antwoordde de man, "maar een stervende wenst u te spreken." De kunstenaar volgde zijn gids die hem de straten doorleidde tot buiten de stad. De maan scheen en bij haar licht zag Stenburg dat ze naar het bos gingen. Daar was geen pad te ontdekken, maar de gids aarzelde geen ogenblik. Zwijgend gingen ze voort totdat ze kwamen bij een open plek in het bos waar de zigeuners hun tenten hadden opgeslagen. "Daar moet u wezen," zei de oude, terwijl hij naar een van de tenten wees. Stenburg ging naar binnen. Daar lag in een bed van droge bladeren een jong meisje wier aangezicht zeer vermagerd was. "Pepita!" Op het horen van zijn stem opende het meisje haar donkere ogen. Een glimlach gleed over haar gelaat en zij richtte zich enigszins op. "Ja," zei ze, "Hij is gekomen om mij te halen. Hij strekt Zijn doorboorde handen naar mij uit. Dat alles heeft Hij gedaan voor mij!" En met deze woorden nam ze afscheid van de schilder die haar tot de Heiland had gebracht. Vele jaren later kwam een rijk man in Dusseldorf en hij zag de schilderij. Op hem had ze zulk een uitwerking dat hij besloot zijn hele leven en al zijn bezittingen te stellen in dienst van de Heere Jezus. Die edelman was de bekende Graaf Von Zinzendorf, de stichter van de bekende Broedergemeente. Een man van wie getuigd kan worden dat zijn enig verlangen was zielen te winnen voor het Lam. Nu bestaat het schilderij niet meer. Bij een brand in het museum is ze vernietigd. Maar al bestaat de geschilderde prediking niet meer, het woord van de prediking blijft bestaan. Ook voor jou, die dit leest!
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door lucky om 07:08 Reageer op dit bericht Stuur door

ONDER HET DAK

gebouw2076fu.gif
Onlangs zag ik een huis met deze woorden als
opschrift. Ik vond deze naam heel terecht, want
het dak van het huis maakte op mij een domi-
nerende indruk. Zo zijn er nog heel wat oudere
huizen die door hun overstekende dak sterk
opvallen. Wie er oog voor heeft, vindt de indruk
van veiligheid en beschutting die zo'n dak geeft,
weldadig. Zo'n dak ligt als het ware als een grote
beschermende hand over de woning en over het

 gezin dat erin woont.

 Deze bouwstijl heeft ook een symbolische bete-

 kenis voor ons. Want eigenlijk heeft ieder mens,

 hoe flink en zelfstandig hij voor de buitenwereld

 ook mag schijnen, behoefte aan een plaats van

 rust, veiligheid en geborgenheid.

 Nu is een woning maar een tijdelijke beschut-

 ting. Een blijvende schuilplaats vinden we alleen

 bij God: 'De Here God is u een woning en onder

 u zijn eeuwige armen' (Deut. 33:27) en 'Here, U

 bent ons een toevlucht geweest van geslacht tot

 geslacht' (Ps. 90:1).

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door lucky om 08:25 Reageer op dit bericht Stuur door

DE MEESTER DIE ALLES WEET

Ruim een eeuw geleden werd een jonge man in India getroffen door een zin uit één van zijn schoolboeken: \'De meester bij uitstek is hij die ons alle dingen leren kan.\' Wat wilde hij graag een leerling zijn van zo\'n meester. Maar nie- mand kon hem zeggen waar hij de meester die alles weet, kon vinden. Hij zocht tevergeefs in alle heiligdommen van zijn land en kwam ont- moedigd terug in zijn eigen dorp. In die tijd vond daar onder leiding van kapi- tein Haig evangelisatiewerk plaats. Elke zondag nodigde deze de mensen uit, om hun de Bijbel voor te lezen en te verklaren. Op dat moment was alleen maar het evangelie van Mattheüs in de taal van het land beschikbaar. De man, die zocht naar de meester die alles weet en die hem alles kon leren, was net aanwezig op het moment dat uit Mattheüs 6 gelezen werd: \'Uw Vader, die in het verborgene ziet, zal het u vergelden\' (vs. 4). Hij dacht: \'Wie zelfs belonen kan wat in het geheim is gebeurd, weet zeker alles.\' Hij stond op en vroeg beleefd of hij ken- nis mocht nemen van de hele inhoud van dat boek. Hij ontving het evangelie, las en herlas het, en werd een gelovig en trouw discipel van \'de Meester die alles weet\'.
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door lucky om 19:09 Reageer op dit bericht Stuur door

Meer van WAT JE AAN JEZUS GEEFT,BEN JE NIET KWIJT

↑ Terug naar de berichten