Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht
ZWEVEN ALS EEN VOGEL
Het is een prachtige winterdag. Het is zonnig en het waait ook nog aardig. Kortom: een uitgelezen dag om twee soorten vogels te zien zweven. Net nog heb ik mijn kijker gepakt om twee buizerds omhoog te zien schroeven op de thermiek. Zij maken gebruik van de zon die de aarde verwarmt, waardoor er warme lucht omhoog stijgt. Het zijn mooi-weer-vogels, ze worden gedragen door de warmte van de aarde. Meeuwen en stormvogels moeten het vooral hebben van de wind. Tegen de wind in stijgen ze omhoog en dan gebruiken ze de wind om grote afstanden af te leggen - moeiteloos en met vrijwel stil gehouden vleugels. In de storm zijn zij pas echt in hun element. Zij hebben de aarde niet nodig, je vindt ze ook midden op zee. Je vindt deze twee soorten vogels ook onder christenen. Sommige gedijen alleen bij mooi weer, bij goede omstandigheden. Ze bereiken dan moeiteloos grote hoogten. Ze moeten bij storm en regen echter aan de grond blijven en toekijken hoe de stormvogels de elementen trotserend de aarde ontstijgen. Waaraan ontlenen wij onze geestelijke kracht? Zijn wij alleen sterk als alles meezit? Gebruiken we de stormen in ons leven voor geestelijke groei? Of zijn we dan als aan de grond genageld?
ZICH ONNODIG ZORGEN MAKEN?
In Markus 16 lezen we van vrouwen die heel vroeg op de eerste dag van de week op weg zijn naar het graf van de Here Jezus. Op vrijdagavond hebben zij erbij gestaan en hebben toegekeken toen Hij in het graf werd gelegd. Als laatste bewijs van hun liefde voor Hem willen ze Zijn lichaam nog balsemen. Als ze zo onderweg zijn, hebben ze een probleem, waarover ze discussiëren. Zij zijn maar zwakke vrouwen en de steen die voor de ingang van het graf ligt, is zwaar. Ze zeggen tegen elkaar: \'Wie zal ons de steen van de ingang van het graf afwentelen?\'
Dit mogen we toepassen op onszelf. Ook wij maken ons vaak zorgen voor morgen. We denken aan de taak die voor ons ligt, we denken aan zorgen en problemen. Hoe zal het aflopen? Wat kan er gebeuren? Soms worden de zorgen en problemen ons te veel. De \'steen\' is te zwaar voor ons. De last die we moeten dragen, is te zwaar. Maar we maken ons, net als de vrouwen, vaak onnodig zorgen. Wat lezen we? \'En toen zij opkeken, zagen zij dat de steen was afgewenteld, want hij was zeer groot.\' Wat een zorgen hadden zij zich, onnodig, gemaakt. En hoe geweldig is alles afgelopen! Moeten wij ook niet vaak, achteraf, zeggen: \'De Here heeft alles welgemaakt!\'
AAN DE ANDERE KANT
Met haar neusje tegen de etalageruit gedrukt, kijkt een klein meisje verrukt naar de prachtige poppen in de speelgoedwinkel. Ze is wèg van de poppenhuizen met al die kleine meubeltjes. O, als je eens naar binnen zou mogen om met al dat moois te spelen!
Een man staat aan het strand en kijkt naar de prachtige zonsopgang. Zijn hoop is op Christus en hij denkt aan de heerlijkheid van de hemel. O, om daar te mogen binnengaan - wat een onuitsprekelijke vreugde!
C.W. Lewis zegt dat zolang we op aarde zijn, we 'aan de verkeerde kant van de deur zijn'. Maar hij voegt er aan toe:'Al de bladen van het Nieuwe Testament ritselen van het gerucht dat het niet altijd zo zal zijn.' De Here Jezus laat ons niet 'aan de verkeerde kant van de deur'. Door Hem hebben we de zekerheid eens bij Hem te zijn in de heerlijkheid. Niet door onze eigen verdienste, maar op grond van Zijn volbracht werk. Als we in de hemel zijn, zullen we begrijpen wat er staat in 1 Korinthiërs 2:9 :
'Wat heen oog heeft gezien en geen oor heeft gehoord en wat in geen mensenhart is opgekomen, al wat God heeft bereid voor degenen die Hem liefhebben.'
De Ziel
MOEITE VOL
De Bijbel die geveild werd
Ik zal
wen als ik mij niet een liefhebbend gezin kan
herinneren, een constante investering in de
levens van andere mensen en een serieuze
poging om de God te dienen die mij geschapen
heeft.
\'Ieder heeft gaven gekregen. Gebruik die om elkaar te
dienen, want zo geeft u de rijkdom van Gods genade
aan elkaar door.\'
l Petr. 4:10 Het Boek
(Dobson)
REGENBOOG EN ENGELEN
Bescherming tegen depressies
Wist u dat de Spanjaarden veel minder lijden onder depressiviteit dan bijvoorbeeld de Engelsen? Dit blijkt uit Europees onderzoek. Zo heeft bijvoorbeeld in de Spaanse stad Santander 3% van de inwoners last van depressies, terwijl dat in het Engelse Liverpool 18% is! Volgens wetenschappers leidt de armoedekloof tussen Zuid- en Noord-Europa ertoe, dat de armere gezinnen elkaar door dik en dun bijstaan. De kinderen gaan pas op latere leeftijd uit huis, omdat ze afhankelijk zijn van hun ouders. Ouderen worden niet gemakkelijk in een bejaardentehuis gestopt. Volgens de onderzoekers zijn de nauwe sociale contacten voor de voorkoming van depressiviteit heel belangrijk.
Mozes leefde ongeveer 1400 jaar voor Christus. Ook hij besefte het belang van het gezin. Farao wilde het volk Israël niet vrijlaten uit de slavernij, tenzij de kinderen achterbleven. Maar Mozes stond erop dat het héle volk zou gaan, jong en oud. Zonen en dochters moesten mee. Samen wilden zij God eren, dat was hun doel. Daar zette Mozes zich voor in. Ook vandaag is het gezin nog de beste basis voor ons welzijn, én niet in de laatste plaats ook voor het dienen van God
DE OGEN VAN VON TISCHENDORF

Toen hij nog jong was, had Von Tischendorf zich voorgenomen met de grootst mogelijke zorg en nauwkeurigheid zoveel mogelijk van de oorspronkelijke tekst van de Bijbel te achterhalen. Hij had vooral belangstelling voor het Nieuwe Testament. Met dit doel voor ogen reisde hij naar Parijs, waar zich twee oude handschriften van het Nieuwe Testament bevonden. Zoals in de oudheid vaak gebeurde, was het perkament waarin het oorspronkelijke schrift verbleekt was, uit zuinigheid opnieuw beschre- ven. De verbleekte tekst was de bijbelse tekst en daar was het om te doen. Heel wat wetenschappers hadden al geprobeerd deze originele tekst te ontcijferen, maar ze waren niet ver gekomen. De handschriften waren volgens de geleerden niet meer te ontcijferen. Von Tischendorf vroeg of hij deze handschriften ook mocht bestuderen. Men gaf het aan hem, met de opmerking: 'Je mag het proberen, maar het zal je ook niet luk- ken.' Von Tischendorf liet zich door deze opmerking niet ontmoedigen. Hij ging aan de slag. Tot grote verwondering van de geleerden, slaagde Von Tischendorf erin eerst de éne en later de andere codex te ontcijferen. God had hem namelijk gezegend met een buitengewoon gezichtsvermogen. Aan de ogen van Von Tischendorf is een geschiedenis verbonden. Kort voordat Tischendorf geboren zou worden, zag zijn moeder een blinde man. Daar was zij zo van onder de indruk, dat ze God bad of haar kind niet blind zou zijn. God verhoorde haar gebed. En Hij deed veel meer dan zij vroeg: haar zoon kreeg bijzonder scherpe ogen. Zo heeft God al voordat hij geboren is, een plan met ieder mens. Een plan dat dient tot zijn ver- heerlijking. De scherpe ogen van Von Tischen- dorf kon Hij gebruiken in de dienst van de Heer om zijn Woord duidelijker te maken. Zonder twijfel heeft God aan ieder van ons iets gegeven, een talent waarmee wij Hem mogen dienen en verheerlijken. Dat is de eerste les die wij van deze geschiedenis kunnen leren. De andere les is, dat God onze gebeden soms boven bidden en denken verhoort, tot zijn verheerlijking.
LEVENSLANGE GARANTIE

Als u een wasmachine gaat kopen,
een televisie of een videorecorder of
iets van dien aard, dan krijgt u er een
gebruiksaanwijzing bij.
Die moet u dan goed doorlezen, want
bij verkeerd gebruik kan het apparaat
onherstelbaar worden vernield.
Onoordeelkundig gebruik gaat u dan
geld kosten, want in zo'n geval geldt
de garantie niet.
Ook is de garantietermijn van een
apparaat slechts een beperkt aantal
jaren. Soms zelfs maar één jaar. Als
het apparaat dan net na het verstrijken
van die termijn kapot gaat, betaalt de
fabrikant de herstellingskosten meestal
niet. Afgezien van het verspilde, vaak
zuurverdiende geld, ergert u zich dan
ook nog groen en geel.
Nog veel kostbaarder is uw leven! Een
mens zit heel ingewikkeld in elkaar.
Toch knoeien heel veel mensen maar
raak met hun leven. Met de bekende
gevolgen: stress, hartproblemen en
allerlei soorten ziektes. Deze opsom-
ming is gemakkelijk aan te vullen met
nog een groot aantal van die 'door
onoordeelkundig gebruik' optredende
gebreken.
Na korte of langere tijd loopt zo'n
leven vast. Dan volgen vaak angst,
drankmisbruik, drugs, agressief
gedrag, echtscheiding enzovoort. Het
zijn de uiteindelijke gevolgen van het
verkeerde gebruik van ons lichaam.
God, de Schepper van de mens, heeft
ons ook een gebruiksaanwijzing
gegeven.
Dit boek, de bijbel, is een feilloze gids
voor ieder mensenleven.
Nog belangrijker dan bij een gekocht
apparaat is het om uw leven te richten
naar deze gebruiksaanwijzing.
De bijbel vertelt ons onder meer hoe
wij een zinvol leven kunnen ont-
vangen, dat niet beheerst wordt door
angst, stress, verslaving of depressies.
God garandeert u geen leven zonder
moeiten of zorg. Als u Hem echter
niet alleen als uw Schepper, maar ook
als uw Verlosser erkent, geeft Hij u
wel de garantie, dat Hij er altijd bij zal
zijn; dat u in alles Zijn hulp en kracht
zult ervaren.
Ga daarom in op de boodschap van
het Evangelie van Jezus Christus, Gods
Zoon, die ook voor u stierf op
Gogotha's kruis en daar onder meer
de schuld boette voor het 'onoordeel-
kundig gebruik'van uw leven. De
bijbel noemt dat 'zonde'.
Jezus' uitnodiging aan u is:
"Komt tot Mij, allen, die vermoeid en
belast zijt, en Ik zal u rust geven."
(Mattheüs 11:28)
Wie dat oprecht doet, mag ervaren dat
hij/zij een nieuw leven ontvangt. Een
leven gevuld met liefde en blijdschap.
Een leven waarop de HERE zelf levens-
lange garantie geeft; een leven dat na
dit aardse bestaan, tot in eeuwigheid
verder gaat.
Zou u zo'n leven willen ontvangen?
Geef dan via een eenvoudig gebed uw
leven aan Hem over!
Aangeboden door:
Evangelische Kerk
Leegstraat 208 8780 Oostrozebeke
www.vegoostrozebeke.v3.be
De Bijbel

De Bijbel is Gods boek. De HERE God heeft zijn gedachten door mensen op laten schrijven. God is dus zélf de Auteur van dit meest verkochte boek ter wereld. Eigenlijk vinden we op elke bladzijde van dit opzienbarende boek als hoofd- onderwerp een Vader die op zoek is naar zijn kinderen. De HERE God zoekt ook u! Mensen dwalen weg Maar mensen dwalen weg van God, ook vandaag nog. Ze slaan Gods normen en raadgevingen in de wind. In een van de eerste hoofdstukken van de Bijbel lezen we al over dit zoeken van God: "Adam, waar ben je?" vroeg Hij. Dit gaat door tot op de laatste bladzijde. Maar... dan lezen we teslotte dat de HERE in vrede en harmonie bij de mensen woont. Het dwalen van de mensen leidde ertoe dat God zijn enige Zoon naar de aarde zond om mensen die in Hem willen geloven, terug te brengen tot die Vader-God. Het kostte de Here Jezus zijn leven; zijn liefde voor mensen won het van zijn rechtvaardig- heidsgevoel. Hij stierf als straf voor de zonde van de mensen. Geschreven door 40 mensen De Bijbel is door zo'n 40 mensen geschreven over een periode van vele eeuwen. Toch is het een wonder van eenheid en inspiratie. Het boek werd 30 eeuwen lang vertaald en toch is zijn inhoud precies hetzelfde als eeuwen terug. Dit onvernietigbare boek heeft miljoenen mensen in hun diepste ellende troost en weer hoop gegeven en hen de weg tot vergeving van zonden verteld. Ga dit boek lezen, het is geweldig interessant en verrijkend. Je intellect zal er zeker door groeien, maar daar gaat het de HERE God niet in de eerste plaats om, Hij wil je hart bereiken en dat kan alleen als je je aan God zelf overgeeft en het offer van Jezus aan het kruis aanvaardt. Hij stierf in jouw plaats! Dan zal Hij door zijn Geest in je komenAangeboden door:
Evangelische Kerk
Leegstraat 208 8780 Oostrozebeke.
www.vegoostrozebeke.v3.be
MEEPRATEN
Soms praten mensen over dingen die je niet begrijpt. Ze hebben ervaringen die jij niet kent en het is dan heel moeilijk om te begrijpen wat men bedoelt. Je kunt er niet over meepraten. Zo verging het ons ook. Vaak hadden we mensen horen zeggen: 'We voelden een muur van gebeden rondom ons.' Tot voor kort zeiden die woorden ons weinig. Toen gebeurde er iets waardoor ons levenshuis op zijn fundamenten schudde. Hoe zouden we overeind kunnen blijven? U raadt het al: het was door die muur van gebed, die familie en vrienden bouwden rondom ons. Hoewel het huis schudde, kreeg de stormwind toch geen kans. De beschermende muur hield de zwaarste rukwinden tegen. Het was alsof we in dat noodweer onaantastbaar waren. Zulk noodweer wens je niemand toe; zo'n ervaring wel. Helaas is het ene niet mogelijk zonder het andere. Je moet het allebei hebben meegemaakt om erover te kunnen meepraten. Maar als dat het geval is, ben je er ook niet zomaar over uitgepraat. Want dat God het gebed van Zijn kinderen verhoort en in de zwaarste storm rust en vrede kan geven, ervaar je als zo'n wonder dat je het iedereen graag wilt laten weten. Zelfs als men niet begrijpt wat je bedoelt en voelt.
VERGEEF EN VERGEET
Johan lag op sterven en wilde alles in orde maken. Hij had onenigheid met Wim die vroeger een van zijn beste vrienden geweest was. Ze hadden jarenlang geen woord tegen elkaar gezegd. Omdat hij het goed wilde maken, vroeg hij Wim bij hem te komen. Wim kwam en Johan zei tegen hem dat hij bang was de eeuwigheid in te gaan met slechte gevoelens tussen hen. Toen stak hij zijn hand uit naar Wim en zei: `Ik vergeef je. Wil je mij vergeven? Wim zei dat hij dat wilde, maar net toen hij op het punt stond de kamer uit te gaan, riep Johan: \'Maar denk eraan, dit geldt niet als ik beter word!\' We glimlachen misschien om dit verhaaltje. Maar het geeft wel een duidelijk beeld van de manier waarop we elkaar soms behandelen. De vergiffenis die we geven, is vaak denkbeeldig. Misschien is het ingegeven door vrees, of door een zelfzuchtig voordeel of om ons geweten te sussen - maar niet uit waarachtige liefde voor God en voor degene die ons benadeeld heeft. Ja, we zeggen misschien wel dat we vergeven, maar er hoeft maar een kleinigheid te gebeuren of onze grieven leven weer op.
In Ef. 4:12 zegt Paulus dat we elkaar moeten vergeven zoals God ons vergeven
EEN ANDERE WERELD
Het is heel dubbel om het boekje van Richard
Wurmbrand, dat gaat over martelingen van
christenen in Roemenië, in mijn tas te stoppen
als ik een weekendje naar mijn moeder ga. Ik
twijfel dan ook een tijdje, neem andere boekjes
ter hand, stop er dan voor de zekerheid een paar
bij, maar dat van Roemenië leg ik niet terug.
En dan, als ik in een comfortabele, goed ver-
warmde trein zit, uitgezwaaid door mijn man,
pak ik het boek. \'Wil ik dit wel?\', vraag ik mijzelf
af en mijn blik gaat naar buiten. De zon schijnt
over een landschap dat zich opmaakt voor de
lente. Uitbottende bomen, paarden in de wei,
eenden scharrelend langs de waterkant.
Tegenover me nemen twee dames plaats. Vlotte
zestigers, sportief gekleed in makkelijke wan-
delschoenen en praktische jacks. Kort geknipte
haren en een rugzak. Ze gaan duidelijk een dagje
uit. Aan de andere kant van de coupé praatten
twee\'jonge meisjes honderd uit, zo te horen over
het wel en wee van hun stage bij het onderwijs.
Een man is verdiept in zijn krant. Dan begin ik
in het boekje en ik weet dat ik het mezelf moei-
lijk ga maken.
Mijn geest betreedt een heel andere wereld. Ik
maak kennis met een eenvoudige Roemeense
man. Hij verhuist naar een bepaald dorpje,
waarvan er, zoals hij zelf schrijft, \'in Roeme-
nië\' twaalf duizend zijn. Maar hij wordt tot dat
bepaalde dorpje getrokken en daar komt hij
- vlak voor de tweede wereldoorlog - door een
oude timmmerman tot geloof. Zijn vrouw komt
ook tot bekering en samen brengen ze zoveel
mensen tot de Heer dat er een nieuwe Lutherse
gemeente ontstaat.
Dan komen de Duitsers. Er begint een verdruk-
king die nog maar een voorproefje blijkt te
zijn van wat er later volgt: Roemenië wordt
vele jaren lang met ijzeren hand door het com-
munisme geregeerd. Het christendom wordt
met man en macht uitgeroeid en onmogelijk
gemaakt. Zo ontstaat de ondergrondse kerk,
waarvan de leden zwaar worden vervolgd. Als ze
worden opgepakt, worden ze vreselijk gemarteld
en vermoord.
De schrijver van het boekje heeft veertien jaar
van gevangenschap overleefd.
Hij beschrijft heel aangrijpende situaties, zoals
een congres van de communisten met vier-
duizend priesters, pastoors en predikanten als
vertegenwoordigers van alle christelijke kerken.
Als de een na de ander opstaat om te verklaren
dat communisme en christendom hetzelfde
zijn, zegt zijn vrouw: \'Richard, sta op en wis
deze schande van het gelaat van Christus af! Ze
spuwen Hem in het gezicht.\' Hij antwoordt dan:
\'Als ik dat doe, verlies jij je man\', waarop ze
zegt: \'Ik wil geen lafaard als man hebben.\'
Toen is hij opgestaan en heeft het congres toe-
gesproken. De toespraken in dit congres werden
per radio uitgezonden: het hele land heeft vanaf
het spreekgestoelte van het communistische
parlement de boodschap van Christus kunnen
horen. Naderhand heeft hij ervoor moeten boe-
ten, \'maar het is het waard geweest\', schrijft hij.
Speciaal voor de Russen, die in die tijd veel in
Roemenië gelegerd waren, heeft hij een zwakke
plek. Hij schrijft erover: \'Ik heb het evangelie
verkondigd aan mensen uit allerlei volkeren,
maar nooit heb ik een volk het evangelie zo zien
indrinken als de Russen. Zij hebben zulke dor-
stige zielen.\'
In 1948 wordt hij opgepakt en maakt dan onbe-
schrijfelijke dingen mee. \'Wat de communisten
de christenen hebben aangedaan gaat ieder men-
selijk begrip te boven\', schrijft hij. Toch is hij ook
in staat om bepaalde ervaringen als \'prachtig\' te
beschrijven. Bijvoorbeeld \'het preek-akkoord\';
\'Het was ons ten strengste verboden voor andere
gevangenen te preken. Ieder die daarop betrapt
werd, zou geducht worden afgeranseld. Een aan-
tal van ons besloot deze prijs voor het preken te
betalen. Wij accepteerden hun condities. Het was
als het ware een akkoord: wij preekten en zij sloe-
gen. Wij waren gelukkig in het preken. Zij waren
gelukkig als ze sloegen; zo was iedereen gelukkig.
Het volgende tafereel heeft zich vaker afgespeeld
dan ik mij kan herinneren. Een broeder was aan
het preken voor de andere gevangenen, toen
plotseling de bewakers binnenstormden en hem
midden in een zin verrasten. Ze sleepten hem de
gang door naar de \"ranselkamer\". Na een schier
eindeloze afranseling brachten ze hem terug en
smeten hem op de gevangenisvloer. Hij krab-
belde met zijn gebeukte lichaam overeind, trok
met een pijnlijk gezicht zijn kleren recht en zei:
\"Wel, vrienden, waar was ik gebleven toen ze me
in de rede vielen?\", en dan ging hij verder met
zijn evangelieprediking!\'
Verderop schrijft hij: \'Het is in Rusland geen
ongewoon gezicht, dat plaatselijke beambten
voor de kerken gaan staan om naar kinderen uit
te kijken. Als ze ontdekken dat die naar de kerk
gaan, worden ze geslagen en eruit gesmeten.
De toekomstige verwoesters van de christenen
worden zorgvuldig en stelselmatig opgevoed!\'
Mede daardoor waren er geen lauwe christenen.
Of men is christen met heel zijn hart, of men is
helemaal geen christen, want het kost heel wat
om een discipel van de Heer Jezus te zijn. \'Zo
was dat in de vijftiger jaren in Rusland, maar
nu, in deze eeuw, geldt dit net zo voor bijvoor-
beeld China\', denk ik bij mezelf en ik vergelijk
het met de leegloop in onze kerken.
Terwijl ik een gezellige avond doorbreng met
mijn moeder, laat het boekje me niet los. Je
krijgt dan de vreemde situatie, dat je in de ene
wereld leeft en die telkens vergelijkt met die
andere wereld. Ik schep gezellig op van de bami
en denk aan de zin uit het boek over christenen
die gedwongen werden hun eigen uitwerpselen
te eten. Of het gesprek gaat over de rollator die
niet meer door het ziekenfonds vergoed wordt,
en ik moet denken aan de onteigening van alle
bezittingen van de gezinnen van opgepakte
christenen.
De rest van de avond maken mijn broer en
mijn moeder zich druk over de politiek. Ik laat
het maar wat langs me heen gaan - niet alleen
omdat ik daar niet zo veel van weet...
De volgende ochtend gaan we naar de kerk van
mijn moeder. Het is een prachtig gebouw, een
monument uit de achttiende eeuw. Echt zo\'n
ouderwetse dorpskerk, waar kennelijk destijds
geld geen rol speelde. Mijn blik gaat naar de
koperen kroonluchters aan het plafond, het
kolossale orgel en de prachtige eikenhouten
preekstoel, opnieuw bekleed met donkergroen
pluche. Zeer goed verzorgde dames en heren
beginnen de stoelen te vullen en dan zet het
orgel in. Het thema is: \'Het brood des levens\'.
De liederen zijn zorgvuldig bij het thema geko-
zen. Bij het wegsterven van de laatste tonen,
blijven de woorden bij me hangen:
\'Gij zijt genoeg om van te leven, voor iedereen
en voor altijd. Gij voedt ons nog, o hemels
brood, met leven midden in de dood.\'
Dan hoor ik om mij heen het gekraak van
snoeppapiertjes. Links en rechts zie ik handen
naar de mond gaan. De preek begint.
De HAAN
WACHTEN OP DE HAAN
Een man die kippen hield, had ook een haan wiens gekraai nu en dan een grote ergenis was voor zijn buurman. Eens op een vroege morgen belde de boze buurman op en mopperde: \'Die ellendige haan van u houdt me de hele nacht uit de slaap.\'
\'Daar snap ik niks van,\' was het antwoord van de kippenhouder. \'Hij kraait haast nooit, maar als hij het doet, is het nooit meer dan twee of drie keer.\'
\'Dat is mijn probleem niet,\' zei de buurman vinnig. \'Niet hoe vaak hij kraait, irriteert me! Wat me wakker houdt, is dat ik niet weet wanneer hij misschien gaat kraaien!\'
Velen van ons lijken op die man. We maken ons zorgen over de moeilijkheden en beangstigende omstandigheden die misschien morgen wel kunnen ontstaan. In plaats van bij de dag te leven en ons te verblijden in Gods genoegzaamheid in het heden, worden we angstig door ons zorgen te maken voor de toekomst.
Als u Jezus Christus als uw Heiland kent, mag u Hem vertrouwen. Hij heeft gezegd: \'Wees niet bezorgd voor de dag van morgen, iedere dag heeft genoeg aan zijn eigen kwaad.\'
Ga niet \'liggen wachten op de haan\'!
Waarom doet God er niets aan?

Waarom doet God er niets aan? Deze vraag komt bij velen op. Er zijn dan ook problemen genoeg. Neem bijvoorbeeld: ... dat van de onschuldige, die lijdt voor degene die wel schuld heeft; ... of de steeds weer terugkerende oorlogen, de honger in Afrika, het milieu, de natuurrampen; ... de in veel opzichten hopeloze verwarring in de wereld; ... het devalueren van de normen van goed en kwaad. Deze dingen maken dat we God gaan wantrouwen en dat we zelfs gaan twijfelen aan zijn bestaan. Maar als Hij tóch bestaat... waarom doet God er dan niets aan? Waaraan moet God iets doen? Zijn het niet de mensen zelf, die het alles veroorzaken? De wortel van alle pro- blemen is de menselijke natuur. Onze agressie, zelfzucht, jaloezie, hebzucht en oneerlijkheid... die resulteren in haat en geweld. Alleen... Hij begint bij de oorzaak, bij u en bij mij. Hoe staat het met uw zelf- zucht, uw jaloezie, uw egoïsme? Bent u bereid God bij het begin te laten beginnen - bij uzelf? We kunnen gemakkelijk praten over natuurrampen, over oorlogen, over Afrika enzovoort, maar de problemen beginnen al veel dichter bij huis, namelijk in ons eigen leven! Als God alle oorlogen vandaag liet ophouden, zouden ze morgen opnieuw beginnen! Daar zou de agressieve natuur van het menselijk hart wel voor zorgen. Hetzelfde gebeurt als God de rijkdom- men van de aarde eerlijk zou verdelen. Binnen enkele dagen zouden we weer gaan potten en elkaar afzetten. Het unieke van de mens is dat hij een vrije wil heeft. Dat hij een keuze kan maken. Maar dat is juist zijn grootste probleem. Men kan geen vrije wil hebben zonder verantwoordelijk te zijn voor de keuze die men maakt. Waarom doet God er niets aan? God wil de mensen niet veranderen in auto- maten of robots, die alleen maar goede dingen doen. Hij laat ze de vrije keuze. Maar Hij heeft ook de oplossing: Hij maakte het mogelijk dat onze harten veranderd zouden worden! Omdat Jezus voor ons stierf en opstond uit de dood, is Hij in staat het gebed te ver- horen van elke zondaar die bidt: "Schep mij een rein hart, o God, en ver- nieuw in mijn binnenste een vaste geest" (Palm 51:12). Bovendien zal Jezus spoedig terugkeren in deze wereld en zijn rijk stichten - het Rijk waar vrede heerst en gerechtigheid. Zult u daar deel aan hebben? U kunt er nu al deel aan hebben door Jezus in uw leven toe te laten en God toe te staan er "eerst wat aan te doen"... bij uzelf.
Een centje tussen de euro\'s
Een leraar met een korte gedrongen gestalte stond eens tussen een groep collega\'s die ver boven hem uitstaken. Iemand vroeg: \'Sam,voel jij je niet vreemd als er zoveel lange mensen om je heen staan? \'Hij zei: \'Ja,inderdaad. Ik voel me als een centje tussen een stel euro\'s!\' Gelovige mensen zijn misschien niet \'groot\' in de ogen van anderen en vaak kijkt de wereld op ons neer. Maar in Gods ogen zijn we van grote waarde! De apostel Paulus schreef:\'...niet vele wijzen naar het vlees, niet vele invloedrijken, niet vele aanzienlijken. Integendeel, wat voor de wereld dwaas is, heeft God uitverkoren om de wijzen te beschamen\'(1 Kor.1:26,27) We hebben misschien geen hoge positie in maatschappelijk opzicht, maar in Christus hebben we een positie ver boven de \'groten\' van deze wereld. We zijn kinderen van God...en mede - erfgenamen van Christus (Rom.8:16,17). Hoe klein we ook mogen lijken in vergelijking met anderen, we zijn kostbaar in Gods oog!
Weet je dat je van waarde bent?
Weet je dat je een parel bent,
een parel in Gods oog?
Waarheid
Hij heeft nooit een boek geschreven.
Hij heeft nooit een ambt uitgeoefend.
Hij heeft nooit een gezin of een eigen huis gehad.
Hij is niet naar de universiteit geweest.
Hij heeft nooit verder gereisd dan 300 km van de plaats waar Hij geboren werd. Hij heeft geen van deze dingen gedaan die men doorgaans in verband brengt met grootsheid.
Hij had geen referenties behalve zichzelf.
Hij was slechts 33 toen de publieke opinie zich tegen Hem keerde. Zijn vrienden holden weg. Hij werd overgegeven aan Zijn vijanden en onderging een schijnproces. Hij werd tussen twee dieven aan een kruis genageld.
Toen Hij stervende was, dobbelden Zijn beulen om Zijn klederen, het enige bezit dat Hij op aarde had.Toen Hij dood was, werd Hij vanwege het medelijden van een vriend in een geleend graf gelegd.
Twintig eeuwen zijn gekomen en gegaan, en vandaag is Hij de centrale figuur van het menselijk ras, de leider van de voortschrijding van de mensheid.
Al de legers die ooit gemarcheerd hebben, al de marineschepen die ooit gevaren hebben, al de parlementen die ooit gezeteld hebben, al de koningen die ooit geregeerd hebben, hebben bij elkaar het leven van de mens hier op aarde niet zo beïnvloed als dat Ene Enkele Leven.


