MANNA VOOR ELKE DAG
MANNA VOOR ELKE DAG.
Een student vroeg eens aan een rabbijn: 'Waar-
om gaf de Heer elke dag manna aan het volk
van Israël in de woestijn? Waarom gaf Hij niet
in één keer voldoende voor een lange tijd?' De
rabbijn gaf het volgende antwoord: 'Een koning
had een zoon aan wie hij een jaarinkomen gaf.
Wat gebeurde er? De zoon kwam één keer per
jaar bij zijn vader om het geld voor een heel
jaar in ontvangst te nemen. Dat was niet goed.
Daarom bracht de wijze koning er verandering
in. Voortaan moest de zoon dagelijks komen om
zijn geld voor één dag te ontvangen. Zo bracht
de zoon elke dag een bezoek aan zijn vader.
Daardoor leerde hij zijn vader beter kennen en
begreep hij hoe hij de tegenwoordigheid, de
liefde en de wijsheid van zijn vader elke dag
nodig had. Zo had ook het volk van Israël niet
alleen elke dag het manna nodig, maar ook de
aanwezigheid van God.'
Tot zover de rabbi. Voor ons geldt hetzelfde. Wij
kunnen dankbaar zijn voor de goede gaven die
God ons geeft. Maar kennen we ook de Gever
en danken we Hem? Ook wij hebben elke dag
voedsel nodig: dat voedsel vinden we in het
Woord van God. Op die manier leren we onze
vader beter kennen.




