Leiding
Leiding betekent
dat ik op God
kan rekenen;
toewijding betekent
dat God op mij
kan rekenen.
Intenties kun je met
potlood opschrijven;
toewijding zou je in
steen moeten graveren
WAT JE AAN JEZUS GEEFT,BEN JE NIET KWIJT
Leiding
Leiding betekent
dat ik op God
kan rekenen;
toewijding betekent
dat God op mij
kan rekenen.
Intenties kun je met
potlood opschrijven;
toewijding zou je in
steen moeten graveren
Door het geloof gehoorzaamdeDoor het geloof gehoorzaamde
Abraham.
Hebreeën 11:8
Geloven en gehoorzamen zijn twee begrippen die bij
elkaar horen. Je moet ze niet scheiden, maar je kunt ze
wel onderscheiden. Ons geloof moet namelijk handen
en voeten krijgen. Wanneer dat niet gebeurt, is ons
geloof in feite alleen maar een (vaag) gevoel of een
gedachte en zal het niet veel betekenen. Veronderstel
eens dat u een recept van de dokter krijgt omdat u al
dagenlang hoofdpijn hebt. Vervolgens leest u de bij-
sluiter aandachtig en u gelooft dat dit medicijn u van
uw pijn kan afhelpen. Hoeveel geloof u dan ook hebt,
het medicijn zal alleen effectief kunnen zijn wanneer u
het Inneemt - er aan gehoorzaamt. Abraham gehoor-
zaamde door het geloof...
Als je vergeetAls je vergeet
te plannen,
kun je je plannen
wel vergeten.
'God heeft geen
problemen,
alleen plannen
Corrie Ten Boom
Een oudere timmerman was aan zijn pensioen toe. Hij vertelde zijn
werkgever dat hij van plan was de huizenbouw vaarwel te zeggen om
met zijn vrouw een wat rustiger leven te gaan leiden en van zijn familie
te genieten. Hij zou het geld wel missen, maar hij moest er echt mee
stoppen. Ze zouden het wel redden.
De aannemer zag zijn goede werker met lede ogen vertrekken en vroeg
of hij niet nog een huls wilde bouwen, als een persoonlijke gunst. De
timmerman stemde toe, maar op den duur zag je duidelijk dat hij het
werk niet meer met zijn hart deed. Hij begon slordig te werken en
gebruikte inferieure materialen. Het was een betreurenswaardige manlei
om zijn loopbaan te beëindigen.
Toen de timmerman het huis opleverde en zijn werknemer de boel
kwam inspecteren, overhandigde de aannemer hem de sleutel van de
voordeur. 'Dit is jouw huls', zei hij. 'Het is mijn geschenk aan jou.'
Wat een schok! Wat zonde! Had hij maar geweten dat hij zijn eigen huls
aan het bouwen was, dan had hij alles heel anders aangepakt.
Nu moest hij wonen in het huls waarop hij niet zo erg zijn best had
gedaan.
Zo Is het ook met ons. We bouwen ongeconcentreerd aan ons leven,
nemen een afwachtende houding aan en zijn al snel tevreden. Op be langrijke punten die onze volledige Inzet vergen , laten we het afweten.
Dan kijken we met een schok naar de situatie die we gecreëerd hebben
en we beseffen dat we nu in het huis wonen dat we zelf hebben ge-
bouwd. Als we dat geweten hadden, hadden we het anders aangepakt.
Je moet jezelf zien als de timmerman. Sta eens stil bij je huls.
Elke dag sla je er een spijker in, breng je een plank aan of trek je een
'zie, het Lam Gods, dat de zonde der wereld wegneemt' (v.29b)Johannes 1:29-34')
'zie, het Lam Gods, dat de zonde der wereld wegneemt’ (v.29b)
Toen God de hemel en de aarde geschapen
had, kon Hij zeggen dat alles 'zeer goed' was
(Gen. 1:31). En nu? Door onze hebzucht en ons
egoïsme is er zoveel aan Gods prachtige schep-
ping verknoeid. Dat Is zonde In Gods ogen.
Voordat Jezus kwam, offerden de mensen God
een schaap als zoenoffer voor hun zonden. Een dergelijk
offer wees vooruit naar het offer van het Lam van
God, zijn eigen Zoon. Jezus, de Onschuldige
nam onze zonden op Zich en gaf zijn leven aan
het kruis, opdat wij vergeving konden krijgen.
Daarna gaf Hij hun die Hem als hun Heiland ver-
trouwden, zijn eigen Geest. Die Geest kan men-
sen van binnenuit veranderen.
Toen Johannes de Doper de Geest van liefde
en zachtmoedigheid op Jezus zag neerdalen, wist
hij zeker dat Jezus al bestond voordat Hij naar de
aarde kwam (v. 15,30) en dat Hij alleen de kracht
heeft om onze zonden weg te nemen.
Wij zullen verzadigd worden met hetWij zullen verzadigd worden met het
goede van uw huis.
Psalm 65:5
Davld begint deze Psalm met 'U komt stilheid toe'.
Een mooi begin - ook voor het jaar 2007. Stil zijn voor
God!
Maar kunnen we dat nog - écht stil zijn? En dan luiste-
ren naar wat Hij ons wil zeggen? Dat valt niet mee. We
hebben veel aan ons hoofd. En in ons gebed hebben we
God veel te vertellen en te vragen. We willen aan Hem
vertellen wat ons bezighoudt en wat we nodig denken
te hebben. We willen bidden voor de mensen in nood.
Allemaal heel goed! God verlangt naar mensen die hun
leven met Hem willen delen. Maar mag God ook nog
aan het woord komen? Als we Hem willen horen, dan
moeten we leren stil te zijn. God wil graag tot ons spreken. Hi| doet dat op veel
manieren. De Allerhoogste 'spreekt' tot ons in de
schepping. De zon, de maan, de sterren, de aarde en
alles wat daarop leeft en groeit; het is het werk van
zi|n handen. In al deze dingen kunnen we iets van de
heerlijkheid van God zien en bewonderen. Sta eens
stil, kijk om u heen en wees u van deze dingen bewust.
Luister naar God - Hij spreekt. Davld deed dit ook en
schreef een danklied voor Gods rl)ke zegen. In vers 10
zegt hij: 'U bezoekt het land en verleent het overvloed,
U maakt het zeer rijk. De beek Gods is vol water, U
bereidt hun koren. Ja, zo bereidt U alles.' Voor mensen
- die zo om zich heen kijken, schittert alles in het licht
van Gods aangezicht. Maar onze Schepper spreekt op
veel meer manieren. Hi| doet dat ook door de Bijbel
- zi|n Woord. Wanneer wl| daarin lezen, is God aan het
woord. Dan moeten we Ieren stil te zijn. God is immers
aan het woord. Wellicht begrepen we niet alles, maar
God vraagt ook niet van ons alles te begrepen. Hij wil
dat we Hem vertrouwen. Ook voor het jaar dat voor
ons ligt...
Een miljoen jaarEen miljoen jaar
is voor jou als
een seconde
voor mij
Een jonge man vroeg eens aan God hoe lang
één miljoen jaar voor Hem duurde. God ant-
woordde: Eén miljoen jaar is voor jou als één
seconde voor mij. De jonge man vroeg aan
God wat één miljoen euro voor Hem was.
God antwoordde: Eén miljoen euro is voor
mij als één cent voor jou.
Toen trok de jonge man de stoute schoenen
aan en vroeg:
God, mag ik één van uw centen?
God glimlachte en antwoordde:
maar natuurlijk. Heb je een seconde?
onze nieuwe viervoeter

Ik heb geleerd tevreden te zijnIk heb geleerd tevreden te zijn
met de omstandigheden waarin
Ik ben. F11.4:11
OUDE JAARSDAG
Weel een jaar voorbij. Was het voor u een goed
of een slecht jaar? En als we dan antwoorden
dat het een 'goed' jaar was - of een 'slecht jaar -
waar meten we dat dan aan af? Waar denken we
dan aan; aan ons geluksgevoel,óf aan ons geld of
onze gezondheid? Misschien zijn wij wel te veel
geneigd om onze jaren (of dagen) in te delen in
goede en minder goede dagen. We zouden ons
'welbevinden' niet te afhankelijk moeten maken
van de dagen waarop het ons meezat, of de
dagen dat het ons tegenzat.
Op een zonnewijzer heb ik eens de woorden
gelezen: Ik tel alleen de zonnige uren. Er zijn
mensen die dat ook doen. Het zijn doorgaans
heel tevreden mensen
Paulus gaat nog een stapje verder. Toen hij de
brief aan de Filippiërs schreef, was'hij in Rome
in gevangenschap. De apostel was oud geworden
en zijn doorn in het vlees (wat dat dan ook pre-
cies was) zal hem nog pijn hebben gedaan. Het
werk dat hij altijd zo graag deed voor de Heer
kon hij niet meer doen. Anderen hadden dit van
hem overgenomen. Nota bene met de bedoeling
om zijn gevangenschap te verzwaren (Fil. 1:17).
Toch was de apostel niet depressief. Integendeel!
Toen hij terugkeek naar het jaar dat achter hem
lag, was hij vervuld met vrede en blijdschap, en
was hij niet bezorgd voor de toekomst. Paulus
telde niet zozeer alleen maar de 'zonnige uren',
de dagen dat hij jong, gezond en sterk was en
niet gevangen, nee, hij zag op Christus! Dat was
zijn geheim; dat telde. De apostel had dankzij
deze houding geleerd tevreden te zijn met de
omstandigheden waarin God hem had gebracht.
Een gelovig man verhuisde van een ruime
woning met een grote tuin naar een klein huisje
met maar een paar vierkante meter tuin. Wan-
neer bezoekers hem zeiden dat hij nu wel een
erg kleine tuin had, zei hij: 'Jullie letten alleen
maar op de lengte en de breedte van de tuin, je
moet eens zien hoe hoog hij is.'
KARAKTER.KARAKTER.
Karakter, heeft een wijs mens eens gezegd, is
wat we doen wanneer er niemand toekijkt. Het
is niet hetzelfde als reputatie - dat is wat andere
mensen van ons denken. Het is niet hetzelfde
als succes of prestaties. Karakter is niet wat we
gedaan hebben, maar wat we zijn! (...) Maar
hoe geweldig uw karakter ook is, het zal nooit
geweldig genoeg zijn om er Gods goedkeuring
mee te verdienen. U kunt met uw karakter Gods
aandacht niet trekken, of uw hemelse krediet
vergroten. Hoe belangrijk karakter ook is, het
is niet een middel om verlossing te verdienen.
Verlossing is niet te verdienen - zelfs niet door
moed of discipline, visie of uithoudingsvermo-
gen, hard werken of goed. gedrag. Verlossing is
een geschenk van de hemelse Vader aan ons.
Het heeft Hem alles gekost - de dood van zijn
geliefde Zoon. Het kost ons niets.
Bill Hybels
uit 'Wie je bent als niemand kijkt'
Wij hebben zijn heerlijkheid aanschouwd.Wij hebben zijn heerlijkheid aanschouwd.
Een rabbi zei tegen een atheïst: 'Morgen zal ik
God aan jou laten zien.' Waarop de man, die
niet in het bestaan van God geloofde, zei: 'Dat
kun )lj niet, want God bestaat niet.' De mannen
spraken met elkaar af om elkaar de volgende dag
te ontmoetten in een bos, waar de rabbi zijn
belofte zou inlossen. Toen beide mannen de vol-
gende dag op een open plek in het bos stonden,
zei de rabbi: 'Kijk maar omhoog, naar de zon.'
De man keek omhoog, maar begon meteen met
zijn ogen te knipperen en beschermde deze met
zijn handen. 'Ik kan niet in de zon kijken', zei
de atheïst. Waarop de rabbi zei: 'Hoe kan ik jou
God laten zien, wanneer je nog niet eens in staat
bent om in de zon te kijken?
Geen mens kan zonder bescherming voor zijn
ogen in de zon kijken. Zo kan ook niemand
God zien. De heerlijkheid van God is zo groot
en overweldigend, dat we dat niet zouden kun-
nen verdragen. Onze God is een verterend vuur
en niemand ^an Hem zien en blijven leven. En
tóch heeft de Allerhoogste het mogelijk gemaakt
om Hem te ontmoeten. Het Woord is vlees
geworden - God is mens geworden. De Heer
Allen die het hoordenAllen die het hoorden, verwon-
derden zich.
Luk. 2:17
Wanneer was het voor het laatst dat u zich
enthousiast over iets hebt verwonderd? Velen
van ons zijn onder de indruk van bijvoorbeeld
de medische wetenschap. Er is heel veel moge-
lijk op dat gebied, de ontwikkelingen staan niet
stil. Wie deze vooruitgang enigszins volgt, kan
van de ene verbazing in de andere vallen. Maar
óp den duur raken we er aan gewend. Een mens
is in staat om aan veel dingen te wennen. Wie
vlak bij voorbijrazende treinen woont, hoort
de treinen op den duur niet meer - je raakt er
aan gewend. Het verhaal van de geboorte van
de Heer Jezus; Maria, Jozef, de herders enz., we
raken er aan gewend. Zijn we nog in staat om
ons te verwonderen?
De herders hebben gehoord dat Christus de Heer
geboren is m de stad van David. Ook hebben ze
gehoord dat het kindje in doeken gewikkeld
zou zijn, liggend in een kribbe. En dat wat ze
gehoord hebben, nemen ze voor waar aan. Ze
zijn enthousiast geworden en willen het alle-
maal met eigen ogen gaan bekijken. Precies zoals
het hun is voorspeld, zo is het. De Allerhoogste
ligt als een kleine baby in een kribbe, gewikkeld
in doeken. De hele schepping zou haar adem in
moeten houden: de Eeuwige stapt in de tijd en
bindt Zich aan de beperkingen van het mense-
lijke bestaan. Paulus schrijft jaren later: 'Want
u kent de genade van onze Heer Jezus Chris-
tus, dat Hij, terwijl Hij rijk was, ter wille van
u arm is geworden, opdat u door zijn armoede
rijk zou worden' (2 Kor. 8:9). De schaapherders
zijn diep onder de indruk en zij vertellen het
aan iedereen die het maar horen wil: Wees niet
bang, maar blij, u is heden een Heiland gebo-
ren, die Christus de Heer is. Zijn wij nog tot
verwondering te bewegen - tot aanbidding? De
hemel kan niet zwijgen bij de wereldschokkende
gebeurtenis van de geboorte van de Zoon van
God. Een machtig spreekkoor van engelen zegt
in die nacht: Heerlijkheid zij God in de hoogste
hemelen, en vrede op aarde, in mensen van zijn
welbehagen.
God stelt Zich heel kwetsbaar en afhankelijkGod stelt Zich heel kwetsbaar en afhankelijk
op: de Schepper wordt mens! En God begint als
mens zoals we allemaal zijn begonnen; klein en
broos. Als baby! Liggend in de kribbe is de Heer
Jezus helemaal afhankelijk van de zorg van zijn
moeder Maria. Toch is Hij tegelijkertijd de Aller-
hoogste God. Het is bijna niet te geloven, maar
voor mensen die het wél geloven is het uiterst
kostbaar. De Heer Jezus is God ! Hij is gekomen
voor alle mensen. Jaren later wordt de Heer
Jezus geconfronteerd met het ongeloof van
veel mensen. Dan is Hij blij met die mensen die
wilden worden als 'de kleine kinderen'. De Heer
zegt dan: 'Ik prijs U, Vader, Heer van de hemel
en van de aarde, dat U deze dingen voor wijzen
en verstandigen hebt verborgen en ze aan kleine
kinderen hebt geopenbaard' (Matth. 11:25). Wij
moeten worden als 'kleine kinderen'. Niet onbe-
zonnen en onvolwassen, maar ontvankelijk,
open, toegankelijk. Van al onze 'grote mensen
hoogmoed en betweterigheid' worden we wan-
hopig en raken we uit ons evenwicht. De Heer
Jezus zegt: 'Komt tot Mij, allen die vermoeid en
belast bent, en Ik zal u rust geven. Neemt mijn
juk op u en leert van Mij, want Ik ben zacht-
moedig en nederig van hart, en u zult rust vin-
den voor uw zielen; want mijn juk is zacht en
mijn last is licht'(Matth. 11:28-30).
Zij baarde haar eerstgeborenZij baarde haar eerstgeboren
zoon.
Luk. 2:7
Veel mensen lezen het elk jaar weer: het evan-
gelie van Lukas, hoofdstuk twee: de geboorte
van de Heer Jezus. Een heel ongewoon verhaal,
wat heel gewoon is geworden, wat ons heel
vertrouwd in de oren klinkt. Maar het is niet
alledaags dat een maagd zwanger is. Onmogelijk
zelfs! Maar bij God is het mogelijk, vóór Hem is
niets te wonderlijk. Veel mensen vinden het een
dwaas verhaal, de maagdelijke geboorte van de
Heer Jezus. Dat moet je niet letterlijk nemen,
niet serieus. Maar God heeft deze 'dwaasheid'
uitgekozen om zijn Zoon geboren te laten wor-
den. Paulus schrijft in l Kor. 1:25 dat het 'dwa-
ze' en het 'zwakke' van God wijzer en sterker is
dan de mensen.
KERST - NIEUWJAARSWENSEN

......VREDE............VREDE......
Tweeduizend jaar geleden was het oorlog en
bezetting in Israël. Op allerlei gebied was het
pikdonker en van de belofte die God ooit had
gegeven aan Abraham, was nog niets uitgeko-
men. Na het wegzenden van het eerste mensen-
paar uit de hof van Eden leken er alleen maar
engelen met grote zwaarden te zijn die de men-
sen de toegang tot het geluk en de vrede ontzeg-
den. De Romeinse heersers regeerden met harde
hand en bloedige straffen.
En de wereld is nog niets veranderd, zeggen we.
Toch ben ik het daar niet helemaal mee eens.
Want in de diepste duisternis van het volk Israël
werd de belofte aan Abraham waar. En in die
belofte aan Abraham werden alle geslachten op
de aarde gezegend.' Opeens waren er engelen in
het veld bij de herders die de wereld aankon-
digden dat er hoop was voor deze aarde, en dat
Gods plan gestalte kreeg. We kregen de belofte
dat er vrede zou dagen. Geen engelen met oor-
delende zwaarden meer, maar een uitnodiging
om met Gods plan mee te gaan en vrede en
geluk te vinden.De vrede die was beloofd kwam niet direct.
Herodes regeerde gewoon door. Hij vervolgde
zelfs in zijn grote haat de allerkleinste kinderen
in de hoop de Vredevorst te treffen. Als we dit
even doortrekken naar vandaag, dan moeten We
constateren dat er nog steeds zoveel haat is, dat
het lijkt alsof de vrede nooit haalbaar is. Maar
de belofte blijft dat de vrede is gaan dagen, hoe
donker het ook lijkt. Door alle donkerheid en
verdriet heen wordt het Koninkrijk van de vrede
gesticht. Niet door politici of dictators, maar
door de Vredevorst Zelf.
Het rijk lijkt onzichtbaar, maar het zal ooit
openbaar worden: als, in de donkerste periode
van de geschiedenis, de wereld in al zijn voegen
kraakt.
Tweeduizend jaar geleden is de vrede gaan
'dagen'. Maar pas als Jezus regeert, zal er vrede
'heersen'. Dan komt er vrede op de manier van
de Vredevorst. Hij geeft geen enkele ruimte aan
haat en ongerechtigheid. De mensen zullen
vluchten voor de heerlijkheid van de Vredevorst,
die ooit als kind in een kribbe is gelegd.
Wat moeten wij intussen met het woord 'vrede'?
Wat moet ons bange hart met onze verliezen,
onze angst, onze onzekerheden van elke dag,
die zo vaak in schril contrast staan met de
belofte van vrede in ons hart? Vol ontzag kijken
we naar het kind in de kribbe dat zorgde dat
het zwaard van oordeel werd weggenomen. Hij
beloofde dat er vrede zou komen in het hart van
ieder die in Hem zou geloven.
Te midden van de wrede slavernij en de ellende
die dat met zich meebracht, waren er in Amerika
slaven die tot geloof kwamen. Als ze 's avonds,
moe van het harde werken (en vaak veel slagen
met de zweep), in hun slavenverblijven zaten,
zongen ze hun liederen: 'Met mijn ziel is het
goed, met mijn ziel is het goed.' Ze hadden
begrepen wat het was om de vrede in het hart
te hebben. Ze hielden zich niet bezig met gevoe-
lens van haat of wraak. Hoe het ook zou gaan,
ze wisten dat het goed was met hun ziel.
Daar ligt de basis voor de vrede. De vrede daagt.
Temidden van de slavernij van deze aarde kun-
nen we zingen dat het goed komt met ons
door de komst van Gods Zoon naar deze aarde.
HET BETREKKELIJKE VAN DE Rijkdom.HET BETREKKELIJKE VAN DE Rijkdom.
In 1943 stierf de Amerikaanse multimiljonair
John Pierpont Morgan. Hij was een wereld-
beroemt bankier en financieel expert. In zijn
Leven heeft hij enorme financiële transacties
afgesloten en ontelbare keren zijn handtekening
gezet onder documenten, waarbij het ging om
fantastisch grote bedragen. Maar bij dit alles was
er toch iets anders dat het belangrijkste voor
hem was. Zijn testament begon niet met de ver-
melding voor wie zijn rijkdommen zouden zijn,
maar met de woorden: 'Ik beveel mijn ziel in
de handen van mijn Heiland, in het volste ver-
trouwen dat Hij, die mij heeft verlost en mij in
zijn bloed heeft gewassen, mij ook onsterfelijk
voor de troon van mijn hemelse Vader zal stel-
len. Ik raad mijn kinderen aan om te blijven bij
de gezegende leer van de vergeving van zonden
door het bloed van Jezus Christus, eens en voor
altijd geschied!'
Allen Welkom
Allen welkom

WEEST DAN NIET BEZORGD VOOR MORGEN..WEEST DAN NIET BEZORGD VOOR MORGEN..
De Gemeente waartoe ik in de jaren '80 behoor-
de, had een enorme zendingsdrang. Zo is er vele
jaren voor Rusland gebeden: we baden of er een
opening voor het evangelie mocht komen en
of er een einde mocht komen aan het commu-
nisme. Toen eind 1989 het begin van de val van
het communisme mluidde, werden er al gauw
plannen gemaakt om daar te evangeliseren.
Dit werd vanuit een zustergemeente in Balti-
more geregeld. Van daaruit werd contact gezocht
met een gemeente in Finland: die wilden de
mensen uit diverse landen wel een onderdak
verschaffen, om van daaruit verder te reizen
naar Leningrad (het huidige Sint Petersburg).
Vanuit Nederland ging ik samen met een vrien-
din en een pastor. We vlogen naar Helsinki en
hadden heel wat bijbels (vooral kinderbijbels)
bij ons, plus medicijnen, want in Rusland was
nog aan alles gebrek.
We werden met nog anderen uit andere lan-
den op het vliegveld verzameld en naar diverse
adressen gebracht. Toen ik voor het avondeten
mij wat wilde opknappen, bleek mijn handtas
met al mijn papieren zoek. Dat was om wanho-
pig te worden, want ik moest ik mijn paspoort
bij me hebben.
Men belde diverse adressen op, maar niemand
had een handtas gevonden. Er bleef mij maar
één ding over: naar bed, bidden en de Bijbel
lezen. Ik sloeg tobbend mijn bijbeltje open
en wat las ik in Matth. 6:34: 'Weest dan niet
bezorgd voor morgen, want morgen zal voor
zichzelf zorgen; voor elke dag is zijn eigen
kwaad genoeg.'
Ik werd er heel rustig onder en dankte God voor
deze troost. Ik ging gerust slapen.
WIE IS DE VOORNAAMSTE?.WIE IS DE VOORNAAMSTE?.
Iemand die de. kroning van Edward VII van
Engeland bijwoonde, vertelde hoe de West-
minster Abbey volstroomde met veel adellijke
personen. Graven, gravinnen, prinsen en prin-
sessen kwamen binnen. Men lette erg op elkaar
en overal werd gebogen en gegroet. Maar toen
de koning binnenkwam, viel er een diepe stilte.
Iedereen keek alleen nog maar naar hem. Nie-
mand lette nog op de mensen om hem heen.
Men had alleen aandacht voor de koning.
Zo hoort het ook te zijn bij een gelovige. De
Heer Jezus is de Koning van de koningen en
hoort de eerste plaats In ons leven in te nemen.
Wl] kunnen bewondering hebben voor vrien-
den, voor'grote mannen uit de wetenschap,
de kunst of de maatschappij. We zien soms op
tegen vooraanstaande gelovigen die in onze
ogen een belangrijke positie in de gemeente
innemen. Maar als de Heer Jezus in ons leven
komt, zou Hij de voornaamste in ons leven
moeten zijn. Laten we maar naar Hem kijken,
in plaats van naar elkaar. Hij is onze lof en aan-
bidding waard. Hij moet in alle dingen de eerste
plaats innemen.
MIEKE MANTEL
MIEKE MANTEL