Herfstmijmering

Herfstmijmering
De herfst rukt aan de bomen
dra zal de winter komen.
Bladeren vallen keer op keer
insgelijks lopen mensen heen en weer.
Zo gaat het seizoen,
zo gaat de tijd van toen.
Zo komen wij en gaan,
wie kan er aan weerstaan?
Eenmaal zal het licht verschijnen,
en zullen de wolken verdwijnen.
Kunnen velen het nog aan,
om in de schijnwerpers te staan?
Want jaren en tijden gaan,
doch de eeuwigheid blijft bestaan.
Blijven dromen, blijven hopen,
de vrede des harten kan men niet kopen.
Met de herfst dwalen zovelen af,
als koren tussen het kaf.
Alleen wie in een zuiver hart durft te kijken,
zal zien dat de lente niet veraf is te lijken.
Francine De Wildeã



















