Naar de inhoud

POEZIE EN GEBED.

Op het ritme van het hart, het leven, de seizoenen en vanuit mijn christelijk geloof geschreven.
akke.beakke.be

KINDERTIJD

KINDERTIJD

 

De tijd ging vlug

van mijn kinderjaren,

toen ik in de blauwe lucht

naar de witte wolkjes stond te staren.

 

Toen ik met mijn glimlach

liefde schonk,

bij elke nieuwe dag

weer vreugde vond.

 

Toen ik dartelend liep

de vlinders achterna,

terwijl mijn popje sliep

in de armen van zijn ma.

 

Toen ik de wereld zag

als een milde zomerboom

die veel te bieden had

diep aan de meren van mijn droom.

 

Want klein zijn is blij zijn

stralen van zon en vreugd

om met een hartje jong en rein

te groeien in eer en deugd.

 

Francine De Wilde.

 

 

Parijs - Montmatre - 15 juni '07

15 juni 2007 Parijs – Basilique du Sacre-Coeur de Montmartre

 

Een huisje in Montmartre

hoog op de heuveltop

-         zong Will Tura – toch?

 

In Montmartre staat ook het huis van God

hoog op die heuveltop

De basiliek van het Heilig Hart

in al zijn majestueuze pracht.

We hebben daar vandaag een bezoek gebracht,

met velen waren we op het feest van ‘t Heilig Hart.

Het voor ons altijd geopende Hart van de Heer,

daarin legt menig  mens zijn wonden neer.

De zusters in hun wit habijt,

Staan dag en nacht bereid,

in altijddurende aanbidding van het Heilig Sacrament

maken zij aan de wereld Gods liefde bekend.

Parijs, een wereldstad, mensen van alle ras en kleur,

daar boven op de heuveltop verzameld rond Jezus’ Hart,

broers en zussen samen, ver weg is de terreur.

 

‘O hart dat liefde en trouw bewaart,

o tempel Gods die blijft gespaard,

wiens voorhangsel niet wordt gescheurd,

wat in de wereld ook gebeurt.’(hymne H.Hart)

 

ã Dagmar

 

 

Wees bevriend met kleine dingen

 

 

 

Wees bevriend met kleine dingen

met ’t bloempje dat bloeit

met de vogeltjes die zingen

met ’t vlindertje dat stoeit

met de heldere regendroppen

met de warme zonneschijn

wees bevriend met kleine dingen

en je zult gelukkig zijn.

 

(Op een muursteen)

DE ZWARTE ZWAAN

 

DE ZWARTE ZWAAN

 

Ik zie de zwarte zwaan

geruisloos over ’t water gaan,

kringen draaien om haar heen,

ze is met haar spiegelbeeld alleen.

 

Ze zwemt over ’t wijde meer

en drijft stil heen en weer,

haar kop gaat sierlijk staan,

als heeft ze een sluier aan.

 

Haar vleugels, vederlicht, zo elegant,

voeren haar naar ’t beloofde land,

weg van ’t vuil en slijk,

gehuld in rouw om ’t dierenrijk.

 

Zit even aan de rand,

bezint tot aan de overkant,

de natuur zal je leren,

heel de schepping te eren.

 

 

ã Francine De Wilde.

 

Volg de bewegingen van jouw hart


'Volg de bewegingen van jouw hart'!


Laat mij U volgen ,

U die leeft in ’t diepst van mijn hart

geef mij Uw verborgen woorden

in de stilte van de nacht.

Laat mij Uw taal verstaan

in de beweging en de golven

waarop ik voort kan gaan

In harmonie van eenheid,

lichaam en geest.

Een hart dat danst,

U geeft de toon en de cadans,

ik hoef slechts te volgen,

overgave, gave

in deze mystieke dans.

ÓDagmar








DE HEILIGE GEEST OVER ONS

PINKSTEREN

  

DE HEILIGE GEEST OVER ONS

 

Pinksteren vieren betekent de gaven van de H. Geest met kracht en intensiteit afsmeken, vragen, afbidden.

 

Wij weten dat wanneer wij in ons gebed goede dingen aan de Vader vragen, verhoord worden en we weten ook dat het goede bij uitstek,dat door God wordt verleend aan wie het vragen, de Heilige Geest is.

 

Het gaat niet om een supplementair goed ten opzichte van de andere goederen, maar het gaat hier om het leven zelf, om het goddelijk leven zonder hetwelk wij tot het niets terugvallen.

 

Abt Enzo Bianchi;

 

 

 

GEBED

 

Kom, o Geest van heiligheid.

Kom, o Geest van genade.

Kom, o Geest van vuur.

Kom, ontvlam ons hart.

Gij, geurige balsem, de levensbron,

versterk ons hart, genees onze pijn.

Laat ons de liefde van God ondervinden,

Wijs ons de weg naar het hart van de Heer.

Kom, Heilige Geest, kom!

Maria, moeder van Jezus en van ons allen

Maria, moeder van Jezus en van ons allen


‘Mijn hart prijst hoog de Heer

van vreugde juicht mijn geest

om God, mijn Redder:

daar Hij welwillend neerzag

op de eenvoud van zijn dienares.

Barmhartig is hij

voor wie Hem trouw zijn.

Heersers ontneemt hij hun tronen,

maar geringen verheft Hij.

(Lucas 1)

De rozen bloeien vroeg dit jaar

De rozen bloeien vroeg dit jaar,

De rozen bloeien vroeg dit jaar,

De rozen waar je zo van hield,

onder het vensterraam,

weelderig en rood,

We hebben een boeket geplukt,

en naar uw graf gebracht,

op uw verjaardag,

de rozen bloeien vroeg dit jaar,

terwijl ik in het raamkozijn,
no
g wat herinneringen

vergaar.

 

Uw dochter M.D.W.

DE GOEDE HERDER

JEZUS, DE GOEDE HERDER ROEPT ONS OP, OM TE LUISTEREN NAAR ZIJN STEM!

"Mijn schapen luisteren naar Mijn stem en Ik ken ze en zij volgen Mij. Ik geef hun eeuwig leven; zij  zullen in eeuwigheid niet verloren gaan en niemand zal ze van Mij wegroven. Mijn Vader immers die ze Mij gegeven heeft is groter dan allen."

Jezus Christus  (Johannes 10, 27-29)

HET PARADIJS

Het Paradijs

 

Tuin der gelukzaligheden

waarin alle bloemen staan

langs bergen en dalen

bij dag en nacht

in gedachten verdwalen

God houdt steeds de wacht

daar in ’t tuintje van ons hart.

 

Francine De Wilde

Uit: Bloemenweelde1995

 

 

 

GEDICHT - VERRIJZENIS - PASEN

GEDICHT – VERRIJZENIS – PASEN

 

In het lijden van de mensen

ligt het trachten naar geluk.

En zovele innerlijke wensen

gaan dagelijks stuk.

 

De Heer verlangt van ons een offer

elk op zijn manier.

Soms zijn de dagen grauw en doffer

’t onvergankelijke is niet van hier.

 

De Heer toonde het aan

al doorheen pijn en verdriet.

Hij heeft het ons voorgedaan

en verlaat ons niet.

 

De Heer zegt: wilt gij Mij volgen

met ’t kruis op Golgotha?

Denkt daaraan alle volken

de weg is smal die Ik bega.

 

Maar er komt een einde aan

gij zult met Mij verrijzen.

Ik ben uit het graf opgestaan

’t zijn levende bewijzen, Halleluija!

 

Francine De Wilde

 

GOEDE VRIJDAG 6 april 2007

GOEDE VRIJDAG 6 april 2007

 

Voor de kristenen is er geen sprekender bewijs van de gave Gods dan het doorstoken hart van Christus, waaruit water en bloed vloeien.

 

Het bloed herinnert ons eraan hoezeer en tot welke prijs Hij ons heeft liefgehad. “Hij beminde de zijnen die in de wereld waren, en Hij beminde hen tot het uiterste toe.” zegt de heilige Johannnes.

Het onthult tevens hoe wij door het Sacrament der sacramenten, (de H. Eucharistie) tot eeuwig leven worden gevoed: “Wie Mijn vlees eet en Mijn bloed drinkt zal leven.”

 

Het water is het symbool van de Geest, de gave die alle gaven omvat. In de Geest worden de aangenomen  kinderen van God herboren en in dezelfde Geest leeft de Kerk tot aan het Hemelse Jeruzalem.

Albert Decourtray

aartsbisschop van Lyon. 1983

 

WOORDEN VAN CHRISTUS AAN DE H. ZR. FAUSTINA

Deze twee stralen, die neerdalen uit mijn Hart, zijn het symbool van het Water en het Bloed die er uitvloeien op de dag van mijn kruisdood. De witte straal is het Water waardoor de zielen gezuiverd worden (doopsel en biecht); de rode straal stelt het Bloed voor dat het ziele leven bevordert (Communie en andere Sacramenten). Wie in hun schaduw leeft zal Gods toorn niet hoeven te vrezen.

 

 

GEBED

 

Zeer Barmhartige Jezus,

steeds geneigd tot erbarmen en vergiffenis, zie niet naar onze zonden,

doch naar het vertrouwen dat we stellen in uw oneindige goedheid.

Verleen ons toegang tot uw Barmhartige Hart, zonder ooit iemand te verstoten.

Zo bidden wij U, met de Vader en de H. Geest verenigd. Amen.

Zuster Faustina

Moeder - mijn

MOEDER – mijn

 

Wie zal ooit begrijpen

dat aan het eind

van elk bestaan

wij langs onbekende verten

weer nieuwe wegen gaan.

Jozef Vandromme.

 

Uit het Evangelie volgens Johannes Hoofstuk 14

 

Jezus: de weg naar de Vader

Jullie moeten je niet zo laten verontrusten. Jullie geloven in God; geloof zo ook in Mij! [2] In het huis* van mijn Vader kunnen velen hun verblijf houden. Zou* Ik anders gezegd hebben dat Ik wegga om voor jullie een plaats gereed te maken? [3] Ja, Ik moet weggaan en voor jullie een plaats gereedmaken, maar Ik kom terug, en dan neem Ik jullie bij Me op, zodat daar waar Ik ben, ook jullie zullen zijn. [4] En waar Ik heen ga – de weg daarheen is jullie bekend.’ [5] ‘Maar Heer,’ zei Tomas*, ‘we weten niet eens waar U heen gaat; hoe zou de weg ons dan bekend kunnen zijn?’ [6] Jezus antwoordde: ‘Ik* ben de weg, en de waarheid en het leven. Alleen door Mij heeft men toegang tot de Vader. [7] Als jullie Mij hebben leren kennen, zul je ook mijn Vader leren kennen. Sterker, nu* al kennen jullie Hem en heb je Hem gezien.’ [8] Hierop zei Filippus: ‘Laat ons de Vader zien, Heer, dan zijn we tevreden!’ [9] En Jezus weer: ‘Ik ben al zo lang bij jullie, Filippus, en je hebt Me nog niet leren kennen? Wie Mij gezien heeft, heeft de Vader gezien. Hoe kun je dan nog zeggen: “Laat ons de Vader zien”? [10] Geloof je niet dat Ik in de Vader ben en de Vader in Mij? De woorden die Ik tot jullie spreek, spreek Ik niet uit Mijzelf: het zijn daden van de Vader, die in Mij blijft. [11] Geloof Me toch: Ik ben in de Vader en de Vader is in Mij; of geloof het anders op grond van de daden. [12]

Woordeloos Avondgebed

 

Woordeloos Avondgebed

 

 

De vogeltjes fluiten buiten

Ik hoor de lente weer ontluiken

Genadig uur waarin ik stil kan worden

Dan weet ik mij bij U geborgen

Vredig, zacht,

Meer dan ik had verwacht,

Uw gave voor de nacht.

 

Dagmar

7 - DE DODEN BEGRAVEN

DE  ZEVEN WERKEN VAN BARMHARTIGHEID

    7 – DE DODEN BEGRAVEN

 

De mens is lichaam en ziel. De hele mens is eerbied verschuldigd, ook zijn lichaam, want zijn lichaam bepaalt evenzeer als zijn geest wie hij is.

Daarom betoont de katholieke Kerk op het einde van de uitvaart eer aan het dode lichaam.

De kist wordt bewierookt met het oog op het definitieve afscheid.

Toen in Bethanië een vrouw een flesje kostbare balsem over Jezus’ hoofd had uitgegoten, zei Hij:

“Bij voorbaat heeft ze mijn lichaam gezalfd met het oog op mijn begrafenis.”

Op het einde van de Blijde Boodschap krijgt Jezus het graf van Jozef van Arimatea, nadat Hij ons met zijn dood had vrijgekocht.

 

 

Deze stukjes DE ZEVEN WERKEN VAN BARMHARTIGHEID

 

werden opgemaakt aan de hand van teksten uit het Parochieblad ‘kerk en Leven’ 1999.

Geschreven door hoofdredacteur Mark Van De Voorde.

 

6 - DE GEVANGENEN BEVRIJDEN

DE ZEVEN WERKEN VAN BARMHARTIGHEID


   

6 – DE GEVANGENEN BEVRIJDEN

 

 

In het Matteüsevangelie zegt Jezus:

“Ik was in de gevangenis en jullie kwamen naar Mij toe.”

 

De diepe betekenis van de bijbelse oproep om gevangenen te bevrijden is: mensen blijven erkennen als medemensen, ook al heeft de samenleving hen vergeten.

 

Ook Jezus wist zich gezonden om aan : ‘Aan gevangenen de vrijlating te melden, aan de geboeiden de terugkeer naar het licht.’

Gevangen  behoren voor Jezus tot de groep van “de geringsten der Mijnen.”

“Ik was in de gevangenis en gij hebt Mij bezocht.”

 

Het is niet gemakkelijk om gevangenen te blijven beschouwen als medemensen. Het betekent voor hen wel ‘de terugkeer naar het licht’.

Meer nog dan tussen de muren, zit de gevangene opgesloten in zijn weigering om schuld te bekennen of in zijn bezwaard geweten.

Psalm 79:” Zie onder ogen hoe gevangenen zuchten.”

 

 

 

 

5 - DE ZIEKEN BEZOEKEN.

             DE ZEVEN WERKEN VAN BARMHARTIGHEID

 
     

5 – DE ZIEKEN BEZOEKEN.

 

In het Matteüsevangelie zegt Jezus:

“Ik was ziek en jullie hebben naar Mij omgezien.”

 

Zieken bezoeken is het meest beoefende werk van barmhartigheid. We zijn immers allen kwetsbaar.

Die kwetsbaarheid verscherpt ons oog voor zieke medemensen.

 

Twee soorten mensen werden door Jezus nooit geweigerd: de kinderen en de zieken.

Kinderen en zieken tonen de kwetsbare kant van ons bestaan: wat nog groeien moet en wat aftakelt.

 

Ziekte is een kruis. Op dat moment wil de Gekruisigde Heer aanwezig zijn.

Jezus wil aanwezig zijn in onze aanwezigheid. We gaan met de ziek mee, weg van het leven naar verlatenheid en eenzaamheid.

“Blijf nog even, want het wordt al avond.”

Dan moeten we blijven, onszelf in liefde breken zoals het Brood.

4 - DE VREEMDELINGEN HERBERGEN

             DE ZEVEN WERKEN VAN BARMHARTIGHEID




     

4 – DE VREEMDELINGEN HERBERGEN.

 

Uit het Matteüs evangelie 25, 38:

“Wanneer hebben we U als vreemdeling gezien en hebben we U opgenomen?” vragen de volkeren verbouwereed aan de Heer.

 

Het gaat ook om de vreemdelingen van het asielcentrum.

Zijn we niet allemaal een beetje vreemdeling, allemaal op zoek naar geluk, allemaal op  de vlucht voor het boze, allemaal uitkijkend naar het beloofde land.

Op zoek naar een thuis en altijd onderweg, zo is de mens.

“Vreemdeling ben ik op aarde”  klinkt het in psalm 119.

 

Altijd weer vreemdelingen worden en vreemdelingen ontvangen; geherbergd willen worden en de herberg openhouden.

En de vreemden van elders maken er ons wel eens attent op dat de hoop bestaat. En wanneer begint die hoop, die toekomst?

“Ik was vreemdeling en gij hebt Mij opgenomen”, zegt Jezus tot ons.

3 - DE NAAKTEN KLEDEN

             DE ZEVEN WERKEN VAN BARMHARTIGHEID

    3 – DE NAAKTEN KLEDEN

 

Jezus’ woorden “Ik was naakt en jullie hebben me gekleed’ (Matteüs 25) hebben minder te maken met kleding of naakt zijn, dan met armoede en eerbied.

 

Wie de naakten kleedt, zoals de werken van barmhartigheid ons opdragen, geeft aan de schamele mens zijn waardigheid terug.  Kleren zijn symbool van en daardoor ook de eerste stap naar erbij mogen horen. Wie ‘gekleed’ is , kan verschijnen, mag naar voren komen.

 

Naakten kleden behelst dan ook alle daden die mensen uit de verborgenheid lichten, uit de onwetendheid halen, bekleden met waardigheid en zelfrespect.

 

Meer van POEZIE EN GEBED.

↑ Terug naar de berichten