Hij keek naar me met argusogen
rillingen liepen over mijn huid
hij wilde me strelen
maar geschrokken
deinde ik achteruit
mijn handen zijn niet ruw
sprak hij
ik reageerde
ik weet het
buitengewoon zacht is
de huid van een jonge kat.
Edith Oeyen
Gedichten: Edith Oeyen, poëzie is mijn passie

Hij keek naar me met argusogen
rillingen liepen over mijn huid
hij wilde me strelen
maar geschrokken
deinde ik achteruit
mijn handen zijn niet ruw
sprak hij
ik reageerde
ik weet het
buitengewoon zacht is
de huid van een jonge kat.
Edith Oeyen
zie hoeZie hoe zacht de ochtend gloort
in stilte weer een nacht vermoordt
en dankbaar drentelt weer een wolk
voorbij het morgenlied van ’t vogelvolk
de middag legt in stille rust
haar stralen neer en ongeblust
werpt zij de warmte op onze huid
wij leven blij ten voeten uit
niemand die de avond mist
of zich in het late uur vergist
wel afscheid neemt van weer een dag
in vreugde en met blijde lach
want de nacht komt met zijn zalige rust
als ergens een moeder haar kindje kust
terwijl de wind door de bomen blaast
wil elke mens slapen weg dodelijke haast
dan komen dromen in ons bestaan
straks komt de ochtend er weer aan.
Edith Oeyen
EEN NAALD ZONDER OOGEen naald zonder oog
Gedichten van Edith Oeyen
EEN BUNDEL UITZONDERLIJKE GEVOELSPOËZIE
De knieprothese als ondertitel van een gedichtenbundel. Het verdict, de operatie, het verblijf in het ziekenhuis, de revalidatie als bronnen van inspiratie. Het lijkt mij zoiets als het kappen van een ruwe steen tot hij kubiek wordt. Hij krijgt een nieuwe vorm, maar de inhoud blijft gelijk.
Dit leken mij geen items waarbij een dichterlijke ziel zich geroerd voelt. In dit orthopedisch landschap van bevroren tranen vind je enkel “verbeterde operatietechnieken”, zoals dokter E. Van Vlerken in het voorwoord schrijft.
Ik maakte echter een grote inschattingsfout: patiënte Edith Oeyen schreef een bundel uitzonderlijke gevoelspoëzie. Authentieke gedichten, geen sentimentaliteit, geen trukenpoëzie.
De originele wijze waarop zij dokters, verplegers, kinesisten, therapeuten een poëtische identiteit geeft, is knap vakwerk. Doorheen gevoelens van pijn, opluchting, onzekerheid, vreugde en verdriet geeft zij haar medespelers de plaats die hun toekomt. Zij schreef een “document humain” dat niet alleen veel zegt over de boodschap, maar evenveel over de boodschapper: een dichteres die de helende kracht van woorden bezit, die verwoordt en verbeeldt wat zij denkt, voelt en aanvoelt.
Een naald zonder oog is een multifunctionele bundel: een relaas, een dagboek, een handleiding voor lotgenoten.
Op meesterlijke wijze analyseert de dichteres wat haar overkomt. Ook in Een naald zonder oog is dat de drijfveer van haar schrijven: overleven! Zij doet dit altijd op een diep doorleefde manier, authentiek, niet aangedikt, geen pose, tegen een sober decorum. Een naald zonder oog straalt zoveel persoonlijkheid uit, lees: morele moed, die nergens wordt verstoord door opgeklopte ontroering.
Ook nu brengt zij op een verfijnde wijze verslag uit van haar medisch avontuur.
De titel van haar bundel, Een naald zonder oog, deed mij bij een eerste lezing niet nadenken, zelfs geen frons, tot ik in een eerste versie van mijn recensie de titel las als: Het oog van een naald. Door het oog van een naald kruipen: nauwelijks aan een gevaar ontkomen, net goed afgelopen, op het nippertje. Zeg nu zelf: zijn dit niet de juiste woorden om te zeggen dat de kapotte knie is hersteld, dat de knieprothese goed is geplaatst?
Waarom Een naald zonder oog als titel voor een poëtisch dagboek? Biedt een naald zonder oog geen uitzicht op wat komen zal? Is dit de reden waarom de dichteres worstelt met inzicht in haar toestand, waardoor twijfel, wanhoop, angst ontstaan?
De bundel kunnen wij indelen in twee delen:
8670deel 1: één: de prefase of alles wat haar overkomt, hoe ze zich voelt, wat zij erover (na)denkt, de beslissing, twéé: in het ziekenhuis: de opname, de gesprekken met de anesthesist en de dokter, de eerste operatie, op intensieve zorgen, het bezoek, haar contact met verpleegsters en verplegers, haar hoop op beterschap, drie: naar huis, de kine, de controles, de (te) trage beterschap,
8670deel 2: één: een nieuwe opname, tweede ingreep, het begin van genezing (het kunnen plooien), twéé: een jaar later, een tweede opinie, een nieuwe afspraak, een nieuwe opname, een nieuwe operatie, de hulpverlening, de kine, de hoop, de ergotherapie, drie: nieuwe hoop op beterschap.
Uit bovenstaande opsomming (de structuur van de bundel) blijkt duidelijk dat de omschrijving “poëtisch dagboek” juist is. De wijze waarop zij haar dagboek verwoordt, is voor mij niet alleen origineel (orthopedie en poëzie hebben weinig of geen affiniteit), maar vooral beheerst, ontroerend toch hoe zij met haar gevoelens omgaat, hoe zij twijfel, angst, hoop, boosheid, dankbaarheid oproept. Dit is een gave die aan weinig dichters is gegeven: in dezelfde verpakking (dagboek), in dezelfde omstandigheden (tijd maken voor poëzie) en in een zelfde woordverkeer het plaatsen van een knieprothese als onderwerp van een gedichtenbundel kiezen.
Ik heb woorden (begripswoorden) als pijn, kwelling, vertrouwen, hoop, tijd, angst in de bundel aangestreept, om de wijze te duiden waarop Edith Oeyen poëtisch en vruchtbaar aan het delven is geweest. De gelaagdheid van haar gedichten is opvallend. Zij heeft haar dagboek, dat drijft op lyrische ontboezeming, ondersteunt door nieuwe ervaringen en ingevingen. Haar observaties leiden tot een levenswijsheid die niet iedereen gegeven is.
Bij het lezen van de meeste gedichten word je stil, doodstil. Hoe vaak en hoe diep moet zij zich over deze specifieke gebeurtenis in haar leven gebogen hebben om dit zo intens te kunnen verwoorden. Wat zo simpel lijkt, en haar zo groot maakt is als dichter, is de wijze waarop zij voortdurend het geleefde leven condenseert in versregels.
Soms begrijp je de diepere betekenis pas na een tweede lezing. Op het eerste gezicht lijkt het gedicht zo eenvoudig dat niets wijst op de gevatte verwoording. Omdat zij het experiment schuwt en zich niet waagt aan woordspelletjes en spitsvondige taalcreaties en zich nooit beweegt op de rand van helderheid en ontoegankelijkheid, wil niet zeggen dat zij geen goede poëzie schrijft. Zij verwoordt haar gevoelens en gedachten in een eenvoudige, particuliere taalkleur.
Argeloosheid, twijfel, vlucht zijn de drie emotionele “kwaliteiten” die in elke bundel van haar opduiken en die zij zorgvuldig met elkaar mixt in poëzie. In Een naald zonder oog was de kans groot dat de dichteres zou vervallen in egotripperij, maar de wijze waarop zij het decorum omhult, haar gevoelens herkenbaar verwoordt, de taal beheerst, verhindert deze valkuil. Bovendien koos zij wijs voor de derde persoon.
wilde een vlinder omarmen
die opvloog
blz. 29
terwijl zijn zachte stem
een lied in haar liet zingen
blz. 41
droefheid weent
in de poriën van zijn huid
blz. 50
ze is een spring-in-’t veld
die huivert
als iemand een traan verpinkt
blz. 65
Wat mij eveneens opvalt, is de zorg waarmee Edith Oeyen elk gedicht en de volledige gedichtenbundel opbouwt. Ik wees hierboven al op de structurering, maar er is meer: op het einde van elk gedicht slaat zij een brug naar de werkelijkheid buiten haar, naar de natuur, de wereld van gezonde mensen. Deze eindverzen geven het gedicht niet alleen een pointe, maar zij zorgen vooral voor breedbeeld, een venster op, een verankering in de wereld van de lezer.
Enkele voorbeelden:
blz. 9: de avond daalt reeds/in de verte
blz. 17: de winter is nog veraf/dan volgen vleugels vol sneeuw/en dromen kinderen van spelen.
blz. 19: het weiland in de verte/draagt nog steeds een groene kleur.
blz. 21: opwaarts vliegt een vogel/die naar vrede smacht.
blz. 22: met jonge tederheid/omarmt ergens moeder/een kind dat lacht.
blz. 24: de nacht heeft in stilte/dauw op het gras gelegd.
blz. 25: de dood is een witte vlinder/die geurt naar nacht.
blz. 33: schaamteloos loopt een vos/door de donkere nacht onhoorbaar haast/likt hij zijn lippen.
blz. 35: het was hopeloos tasten naar jong mos.
blz. 45: het is al te lang wintertijd geweest.
Het beeld dat zij voor de titel van haar bundel koos, komt voor in het gedicht “Doelloos tasten” (blz. 35):
Hoeveel duisternis
moest ze doorstaan
vooraleer ze weer rozen zag
bezoekers waren
soms als een profeet
elk had zijn verhaal
vertelde over lange tijd
vertelde over hoe het moest
pijnstillers
pijnstillers
ze telde de strepen op de muur
voelde zich verstrikt
in een lus vol twijfels
trachtte de boosdoener te ontmaskeren
maar hoe dan ook
het was een naald zonder oog
een nacht zonder licht
het was hopeloos tasten naar jong mos
Edith Oeyen is een dichteres die met gevoelens om kan. Ook wanneer zij nauw betrokken partij is, overstijgt zij haar eigen wereld.
Warm aanbevolen.
Thierry Deleu
Edith Oeyen, Een naald zonder oog, KVLS, 2009, ISBN 978-90-8003-020-6
slaapsronkenSlaapdronken hol ik achter olifanten aan
plots indianen aan mijn zij
geschrokken door een leeuwenklauw
vlucht ik op een fiets naar de tuin
waar ik bloemen schik
de plaats waar ik ontwaak is me onbekend
hallucineren na een verdovende inspuiting
de huivering liep over mijn huid.
Edith Oeyen
kil isKil is februari en
nog killer werd het uur
na je heengaan
al schittert een lauwe winterzon
ze kan ons niet verwarmen
rust nu de rust die je toekomt
vlieg in de blauwe lucht
met de vogels mee
en straks
als je op je bestemming bent
leg dan je hoofd op een kussen
en kijk van daarboven
even naar ons
als de zon dan schijnt
weten wij dat zij
jouw glimlach weerkaatst.
Edith Oeyen
Nu mijnen ik de weg niet meer vind
gun me dan de rust van altijd
de wind zal me dragen
tot daar waar het steeds vredig is.
Edith Oeyen
uitnodiging
UITNODIGING
Ze telde de strepen op de muur
voelde zich verstrikt
in een lus vol twijfels
trachtte de boosdoener te ontmaskeren
maar hoe dan ook
het was een naald zonder oog
een nacht zonder licht
het was hopeloos tasten naar jong mos.
Edith Oeyen
De Koninklijke Vereniging van Limburgse Schrijvers en Edith Oeyen hebben de eer u uit te nodigen op de voorstelling van de bundel ‘EEN NAALD ZONDER OOG’ of ‘De knieprothese’ van Edith Oeyen. Deze voorstelling zal plaatsvinden op zaterdag 18 april te 20.15 uur in het Casino te Beringen, Kioskplein 25.
Voorstelling van de bundel : Ina Stabergh, auteur
Moderator en woordje over de dichter : Willy Nelissen, dichter en bestuurslid KVLS
Voordracht uit de bundel : Ingrid Lenaerts en Edith Oeyen
Muzikale intermezzo : Raymond Alberghs, piano
en enkele liedjes door Het Beverkoor…
De bundel kan bekomen worden de avond zelf en door overschrijving van 12.00 euro plus 2.00 euro verzendingskosten op rekeningnummer 784-5321310-13 van Edith Oeyen, Hanebergstraat 75, 3581 Beringen.
Graag een berichtje over uw aanwezigheid en met hoeveel personen, dit om praktische redenen.
Gsm: Edith 0497-663850 of edith.oeyen@telenet.be
iedereen is hartelijk welkom

Laat de woorden zacht tot je komen
en je zal het stromen
van je bloed voelen
als heling van al je wonden en pijn
laat de zonnestralen
binnen in je dag
en je zal ontdekken
dat ondanks alles
er toch mooie uren zijn.
Edith oeyen

sneeuwvlokken dansen in het maanlicht
wij luisteren dan naar een oeroud verhaal
horen kinderstemmen smeken om eeuwige vrede
voorbij de grens van morgen begint weer een nieuw jaar
argeloos wensen we weer aan iedereen het allerbeste
warmen onze handen aan het brandhout bij de haard
hopen op wat vreugde en een eerlijke glimlach
voor volgende dagen.
Edith Oeyen
OP DE TOPOp de top van de Calvarieberg
staar ik naar de hoop op morgen
bestudeer de heuvelflanken
geniet van de mildheid
die een kinderlach me biedt
op vleugels van zijde
fladdert een vlinder voorbij
zijn broosheid doet me huiveren
maar in zijn schoonheid
zie ik weer leven
adem me vrij
en daal traag af
stap voor stap
op de begane grond
vind ik weer moed
morgen wordt alles beter.
Edith Oeyen
INDIAINDIA 1-71-01-0322
Genieten van het moment
waarop een glimlach
een glimlach tovert
zo broos als glas
en vergankelijk als de tijd
zij kijken de toekomst aan
ontdekken een regenboog
met vele kleuren
en weten
het leven is niet altijd gunstig
toch kijken ze met open blik
naar zoveel meer dan nu
hun lach is een flits
die de bergwand weerspiegelt.
Edith Oeyen
Groeten
Guatemala 1-76-07-0288
Hun morgengroet brengt
de vrede dichterbij
samenhorigheid in de ochtend
kleurt de lucht helderblauw
wit hoort nu eenmaal
bij de onschuld van kinderen
zij trachten naar oneindigheid
naar een glimlach
naar een handdruk
hoe talrijk ook
voortdurend zullen zij
zwijgend groeten
hun trouw is als een hemelstijgen
van de vogels
zij zijn jonge kinderen
die leren over duizend dingen
het zingen van hun bloed geeft leven
hoop en liefde
regendruppels die vallen
lijken op zilveren kindertranen
die de maan hebben gezien
in een heldere nacht
waarop een nieuwe ochtend volgt
en weer wordt er gegroet.
Edith Oeyen
een jaar later
1
Het is de onmacht
die haar om de oren slaat
haar klein maakt en opstandig
nee
ze wil geen medelijden
begrip dat mag
toch is het tellen van de dagen
in traagte verlopen
zo vaak welden tranen op
telkens weer werden ze verbannen
nu echter draagt zij de twijfel
die iemand aan haar opdroeg
zij zou een enigma zijn
een moeilijkheid voor hulpverleners
wat kan zij het maken
dat haar lijf tegenwerkt
dat medicijnen allergieën geven
dat mes en beitel niet helpen
zij vraagt even om begrip
en nieuwe cellen in haar lijf
want haar geest is nog jong
en wil weer werken.
HET DIRECTEURSPARK
Nu zomerlucht uit de hemel valt
hebben bomen en mensen
in dit park een afspraak met elkaar
deze offergave van de natuur
is een wegwijzer naar rust
ruines van woningen
dragen oude dagen
verbergen geheimen
als een gesloten mantel
het blikkeren van de zon
geeft de bladeren een gouden glans
wij zijn de pelgrims
die smeken om het behoud
van zoveel zuiverheid
want deze bomen zijn
de schakel tussen mensen
en hun adem
dit directeurspark
heeft schoonheid
op ons netvlies gebrand.
Edith Oeyen
IN DIT VERHAALIN DIT VERHAAL
In dit verhaal
speelt niemand de hoofdrol
maar vullen mensen
en bomen elkander aan
want zonder bomen
is er ademloosheid voor de mensen
bomen snakken
naar mensenhanden
die hen strelen en waarderen
ook vogels horen in
deze ruimte thuis
zij beitelen met hun snavel
een ongezongen lied
in boomschors
de mens slaat vol bewondering
het hele gebeuren gade
en drinkt leven uit de milde gaven
van de natuur.
Edith Oeyen
HET LICHTHET LICHT
Het licht
waar zal ik het halen
als de lente
duistere dagen brengt
hier tussen deze bomen
zal ik het stelen
om het dan met mondjesmaat
los te laten
daar waar donkere wolken zweven
even wil ik lopen
over dit jonge gras
en met zachte hand
streel ik dan de jonge boomtakken
die morgen uitgroeien tot stoere bomen
zij zijn de steunpilaren voor het behoud .
Edith Oeyen
MUSSENMussen sjilpen
in een onverstaanbare taal
een credo om deze schoonheid
maar als regen en sneeuw
dit landschap trotseren
fluit zelfs
de nachtegaal bedroefd
als hij in deze blauwe tuin
naar vrede zoekt
nu het lente is bouwen vele vogels hier hun nest.
Edith Oeyen
HIER HEERSTHier heerst een zeldzame stilte
hebben wandelpaden zich uitgestrekt
in de wijde wijdste voor onze ogen
voetsporen tonen de weg
verschrikte spindraden breken
bij ons passeren
hier spreekt de pijn
uit oude bomen
verdriet sijpelt uit hun bast
maar als de mensen wandelen komen
ontdoen zij zich van winterheimwee
reiken hun takken
met veel verlangen naar het blauw
ademen ze zuurstof vol zuiverheid
wij lopen gearmd
onder hun goedkeurend oog
en ze beamen onze liefde.
Edith Oeyen
VergisIs dit een vergissing
of vergis Ik mij
hier is het paradijselijk mooi
vliegen slanke merels
van boom tot boom
presenteren jonge twijgen
hun jurk van witte bladeren
schrijven ze
in het zachte deinen
van de wind
drinken ze van het lentegroen
terwijl jong gras zingt
om de verse vruchten
van morgen
geen zorgen
nu het weer lente is.
Edith Oeyen
hier4
Hier tussen deze bomen
ben ik een vrije vogel
die zijn vleugel uitslaat
het roepen van de verte
laat me brievieren
boven in het zonnelicht
roerloos soms
bewonder ik
het wisselen van de dagen
zij leren mij bidden
om zoveel schoonheid.
Edith Oeyen