Laat de woorden zacht tot je komen
en je zal het stromen
van je bloed voelen
als heling van al je wonden en pijn
laat de zonnestralen
binnen in je dag
en je zal ontdekken
dat ondanks alles
er toch mooie uren zijn.
Edith oeyen
Gedichten: Edith Oeyen, poëzie is mijn passie

Laat de woorden zacht tot je komen
en je zal het stromen
van je bloed voelen
als heling van al je wonden en pijn
laat de zonnestralen
binnen in je dag
en je zal ontdekken
dat ondanks alles
er toch mooie uren zijn.
Edith oeyen

sneeuwvlokken dansen in het maanlicht
wij luisteren dan naar een oeroud verhaal
horen kinderstemmen smeken om eeuwige vrede
voorbij de grens van morgen begint weer een nieuw jaar
argeloos wensen we weer aan iedereen het allerbeste
warmen onze handen aan het brandhout bij de haard
hopen op wat vreugde en een eerlijke glimlach
voor volgende dagen.
Edith Oeyen
OP DE TOPOp de top van de Calvarieberg
staar ik naar de hoop op morgen
bestudeer de heuvelflanken
geniet van de mildheid
die een kinderlach me biedt
op vleugels van zijde
fladdert een vlinder voorbij
zijn broosheid doet me huiveren
maar in zijn schoonheid
zie ik weer leven
adem me vrij
en daal traag af
stap voor stap
op de begane grond
vind ik weer moed
morgen wordt alles beter.
Edith Oeyen
INDIAINDIA 1-71-01-0322
Genieten van het moment
waarop een glimlach
een glimlach tovert
zo broos als glas
en vergankelijk als de tijd
zij kijken de toekomst aan
ontdekken een regenboog
met vele kleuren
en weten
het leven is niet altijd gunstig
toch kijken ze met open blik
naar zoveel meer dan nu
hun lach is een flits
die de bergwand weerspiegelt.
Edith Oeyen
Groeten
Guatemala 1-76-07-0288
Hun morgengroet brengt
de vrede dichterbij
samenhorigheid in de ochtend
kleurt de lucht helderblauw
wit hoort nu eenmaal
bij de onschuld van kinderen
zij trachten naar oneindigheid
naar een glimlach
naar een handdruk
hoe talrijk ook
voortdurend zullen zij
zwijgend groeten
hun trouw is als een hemelstijgen
van de vogels
zij zijn jonge kinderen
die leren over duizend dingen
het zingen van hun bloed geeft leven
hoop en liefde
regendruppels die vallen
lijken op zilveren kindertranen
die de maan hebben gezien
in een heldere nacht
waarop een nieuwe ochtend volgt
en weer wordt er gegroet.
Edith Oeyen
een jaar later
1
Het is de onmacht
die haar om de oren slaat
haar klein maakt en opstandig
nee
ze wil geen medelijden
begrip dat mag
toch is het tellen van de dagen
in traagte verlopen
zo vaak welden tranen op
telkens weer werden ze verbannen
nu echter draagt zij de twijfel
die iemand aan haar opdroeg
zij zou een enigma zijn
een moeilijkheid voor hulpverleners
wat kan zij het maken
dat haar lijf tegenwerkt
dat medicijnen allergieën geven
dat mes en beitel niet helpen
zij vraagt even om begrip
en nieuwe cellen in haar lijf
want haar geest is nog jong
en wil weer werken.
HET DIRECTEURSPARK
Nu zomerlucht uit de hemel valt
hebben bomen en mensen
in dit park een afspraak met elkaar
deze offergave van de natuur
is een wegwijzer naar rust
ruines van woningen
dragen oude dagen
verbergen geheimen
als een gesloten mantel
het blikkeren van de zon
geeft de bladeren een gouden glans
wij zijn de pelgrims
die smeken om het behoud
van zoveel zuiverheid
want deze bomen zijn
de schakel tussen mensen
en hun adem
dit directeurspark
heeft schoonheid
op ons netvlies gebrand.
Edith Oeyen
IN DIT VERHAALIN DIT VERHAAL
In dit verhaal
speelt niemand de hoofdrol
maar vullen mensen
en bomen elkander aan
want zonder bomen
is er ademloosheid voor de mensen
bomen snakken
naar mensenhanden
die hen strelen en waarderen
ook vogels horen in
deze ruimte thuis
zij beitelen met hun snavel
een ongezongen lied
in boomschors
de mens slaat vol bewondering
het hele gebeuren gade
en drinkt leven uit de milde gaven
van de natuur.
Edith Oeyen
HET LICHTHET LICHT
Het licht
waar zal ik het halen
als de lente
duistere dagen brengt
hier tussen deze bomen
zal ik het stelen
om het dan met mondjesmaat
los te laten
daar waar donkere wolken zweven
even wil ik lopen
over dit jonge gras
en met zachte hand
streel ik dan de jonge boomtakken
die morgen uitgroeien tot stoere bomen
zij zijn de steunpilaren voor het behoud .
Edith Oeyen
MUSSENMussen sjilpen
in een onverstaanbare taal
een credo om deze schoonheid
maar als regen en sneeuw
dit landschap trotseren
fluit zelfs
de nachtegaal bedroefd
als hij in deze blauwe tuin
naar vrede zoekt
nu het lente is bouwen vele vogels hier hun nest.
Edith Oeyen
HIER HEERSTHier heerst een zeldzame stilte
hebben wandelpaden zich uitgestrekt
in de wijde wijdste voor onze ogen
voetsporen tonen de weg
verschrikte spindraden breken
bij ons passeren
hier spreekt de pijn
uit oude bomen
verdriet sijpelt uit hun bast
maar als de mensen wandelen komen
ontdoen zij zich van winterheimwee
reiken hun takken
met veel verlangen naar het blauw
ademen ze zuurstof vol zuiverheid
wij lopen gearmd
onder hun goedkeurend oog
en ze beamen onze liefde.
Edith Oeyen
VergisIs dit een vergissing
of vergis Ik mij
hier is het paradijselijk mooi
vliegen slanke merels
van boom tot boom
presenteren jonge twijgen
hun jurk van witte bladeren
schrijven ze
in het zachte deinen
van de wind
drinken ze van het lentegroen
terwijl jong gras zingt
om de verse vruchten
van morgen
geen zorgen
nu het weer lente is.
Edith Oeyen
hier4
Hier tussen deze bomen
ben ik een vrije vogel
die zijn vleugel uitslaat
het roepen van de verte
laat me brievieren
boven in het zonnelicht
roerloos soms
bewonder ik
het wisselen van de dagen
zij leren mij bidden
om zoveel schoonheid.
Edith Oeyen
IK WIL NIET3
Ik wil niet
langer blind zijn
voor voorbij schuivende wolken
die per seconde
van gedaante verwisselen
zij omgorden boom en mens
toveren licht tussen donker
laten winterpijn genezen
bloem
bloesems
bloed
boom
alles rondom ons
getuigt van groen in deze meimaand.
Edith Oeyen
KEVERS2
Kevers slapen nog
zij dromen
over het zachte fluisteren
van hoge bomen
onbedwingbaar is mijn verlangen
hen te wekken
de weg te wijzen
naar de kleuren
van verborgen woningen
tussen zoveel park
met open mond
staar ik naar dit tafereel
en voel een traan loskomen
uit een ooghoek.
Edith Oeyen
DE ONTGOOCHELIN GVOORBIJ1
De ontgoocheling voorbij
heb ik de winter
achter mij gelaten
zie nu hoe het gras
groener kleurt
en in de glooiing van het landschap
heeft God zo wonderbaarlijk
duizenden bomen geplant
mijn adem
schrijft in mijn bloed
zoveel vreugde om jou
om de zon
en om dit lentepark.
Edith Oeyen
ER LIGGEN
ER LIGGEN
Er liggen kruimels op de tafel
die ik wegveeg
als de lente komt aangewandeld
reeds eerder snoeide ik
dorre plekken uit mijn leven
dronk zure wijn
die mij wankelen deed
voorzichtig ging ik
door een galzen deur
zocht naar bomen in een park
terwijl mijn bevende schouders
een rugzak vol tegenslagen droegen
het was me genoeg
liep naar het kruispunt
waar ik wilde schuilen
in de nabijheid van je warmte
even heft de zon geschenen.
Edith Oeyen
mussen sjilpenMussen sjilpen
in een onverstaanbare taal
een credo om deze schoonheid
maar als regen en sneeuw
dit landschap trotseren
fluit zelfs
de nachtegaal bedroefd
als hij in deze blauwe tuin
naar vrede zoekt.
Edith Oeyen

Elke waterdruppel
verliest zijn eigenheid
als hij in de grote plas valt.
Edith Oeyen
HIER HEERSTHier heerst een zeldzame stilte
hebben bloesem zich uitgestrekt
in de wijde wijdste voor onze ogen
karsporen tonen de weg
verschrikte spindraden breken
bij ons passeren
hier spreekt de pijn
uit oude bomen
verdriet sijpelt uit hun bast
maar als de lente komt
ontdoen zij zich van winterheimwee
reiken hun takken
met veel verlangen naar het blauw
ademen ze zuurstof vol zuiverheid
wij lopen gearmd
onder hun goedkeurend oog
en ze beamen onze liefde.
Edith Oeyen