grootvader
op het tuinpad
bij de worteltjes, schorseneren
onzichtbaar voelbaar
de hand van mijn grootvader
ik hoor je nog
de neus optrekken
het druppeltje wegvegend
met de bolletjeszakdoek
de wetende ogen stralend
de erwten, de selder, de prei
diepvoelend de dokwerkershand
vereelte tederheid
de vreugde de blijheid
voor de rabarbersteel
daar en toen
door grootvader zorgvuldig gesneden
bert

