
Geachte heer Oz,
Ik denk niet dat de naam Amos Oz bij het grote publiek een belletje doet rinkelen, net zomin als die van Meir Shalev of A.B. Yehoshua.
Omdat literatuur nu eenmaal mijn dada is, klonk uw naam mij wél bekend in de oren, maar tot meer dan wat nieuwsgierig geflapper heeft dat nooit geleid. Ik wist wel dat u tot het land van de Sharons en Peressen, de Talmud en de pijpenkrullen behoort, maar daar waar David Grossman op een blauwe maandag op mijn leestafel belandde, bleef uw werk mij vooralsnog onbekend.
Ik lees nu dat u een links georiënteerd schrijver bent, oorspronkelijk actief binnen de Labourpartij, maar dat u later naar de extremere (Meretz)kant bent opgeschoven en de grote bezieler van de Vrede Nu-beweging werd. Ik lees ook dat u een gerespecteerd leraar literatuur bent en na het behalen van talloze internationale prijzen tot het selecte kransje kanshebbers op de Nobelprijs bent toegetreden. Mag daardoor mijn nieuwsgierigheid geprikkeld zijn?
Als je een Joodse roman ter hand neemt, verwacht je ergens over de holocaust te lezen of over de gespletenheid die het huidige Israël kenmerkt, al is het maar in de kantlijn. Ik geef toe: het is clichématig denken, maar zolang de Jodenstaat niet tot rust is gekomen en de geest van de gaskamers niet bezworen, zullen deze thema’s blijven terugkeren als een brandhaard die blijft opflakkeren.
Dat u Israël in twee blokken verdeelt, is een open deur intrappen: je hebt de ultraconservatieven die het land zijn bijbelse grenzen wensen terug te bezorgen en je hebt de tolerantere helft die begrip toont voor de Palestijnse verzuchtingen en inziet dat Joden niet de enigen zijn die door de geschiedenis werden verdreven. De kracht van de literatuur is realiteiten op oorspronkelijke wijze in fictie doen opgaan en personages in het leven roepen die met de stem van de schrijver spreken.
Dit is één reden waarom ik uw roman ‘Black Box’ (1987) zozeer gewaardeerd heb. Een puur literaire dus.
Literatuur stopt echter niet bij het verhaal, maar zet zijn reflecterende tocht in het onderbewuste verder. ‘Black Box’ refereert aan de beruchte zwarte doos die specialisten de oorzaak van een vliegramp helpen detecteren. Analoog probeert u in uw roman het hoe en waarom van het deficit van enkele relaties te achterhalen. Het samenvallen van twee personages met de Israëlische realiteit is slechts één aspect van deze roman, waarin liefde, haat, afstoting en verzoening angstwekkend dicht bij elkaar aanleunen, haast versmelten. Er is ook het religieus fanatisme dat soms op een verdoken maar steeds vaker op een expliciete manier ingrijpt in de Joodse en Arabische samenleving en als een permanente dreiging boven het boek hangt. Uw hoofdpersonage, professor Gid’on, wordt zelfs wereldwijd geprezen om zijn studie van het fanatisme.
Met de ketting van brieven, telegrams en ideeënkaartjes geeft u ons inzicht in de psyche van uw personages. Het is een interessant procédé om de stukjes van de puzzel te doen samenvallen. Literatuurlovers als ik breken na lectuur de puzzel snel weer op om het plezier te smaken hem een tweede keer te kunnen uitleggen, weliswaar met voorkennis, wat het lezen eens zo aangenaam maakt.
Er zijn romans die me boeien omdat het thema me aanspreekt of omdat ze schitterend zijn geschreven, wat mijn bloed sneller doet stromen, maar de romans die beide combineren, daar lig ik wakker van. Van ‘Black Box’ heb ik drie nachten niet geslapen en ik verzeker u: dat is een zalig gevoel.