
Vroeger, dat was een lege straat zonder auto's en alleen maar het geluid van tsjilpende mussen... Toen de boer op zijn akker het angelus bad en daarna weer zijn werk voortzette met paard en ploeg. Het was de tijd van Tony Corsari en Bonanza.
In die lang vervlogen tijden waren er charmante dorpsschooltjes zonder bruine nieuwkomertjes. Het zonnetje op de speelplaats scheen er alleen voor de wittekopjes. Vogeltjes floten blij in bomen, bomen die pronkten met hun zomerse volbloei. En rondom de speelplaats groeiden er overal kleurige bloemetjes. Het was de tijd van zon, van kleur en van bloemen.
Kinderen speelden er met de hoelahoep, met de bal, speelden krijgertje en zakdoekleggen, en ze maakten nooit ruzie. Het was de tijd van eenvoud, van sereniteit en geluk.
Opgewekte moedertjes kwamen hun kindjes halen na schooltijd. Geen opa's, geen oma's. Moedertjes werkten vroeger niet, ze zorgden thuis voor een liefdevolle opvang van hun kindjes. Het was de tijd van Vlaamse kroostrijke gezinnen.
Vroeger kregen we op de dag van onze Plechtige Heilige Communie wijwatervaatjes en paternosters cadeau. Het was de mooiste dag van ons leven, werd ons wijsgemaakt. Het was de tijd van kerk, pastoor en klokkengelui.
Vroeger was iedereen in het dorp 'eigen volk'. Iedereen voelde er zich thuis. En de achterdeur stond altijd open omdat iedereen welkom was voor een praatje. Het woord 'criminaliteit' moest nog uitgevonden worden. Pier en Pol zeurden wat zorgeloos aan den toog achter hun pintje, en daarna gingen ze hun vrouwtje verwennen. De radio liet horen: "Over 25 jaar zal ik jou nog steeds beminnen"... Het was de tijd van eigen mensen, van eigen volk, van mensen die elkaar begrepen en meevoelden met elkaar, die van elkaar hielden omdat ze elkaar kenden.
De tijd van de Cartwrights en van Tony Corsari is allang voorbij, en nonkel Bob heeft ook allang geen gitaar meer. Een geforceerde multiculturaliteit wordt nu in stand gehouden, waarin we ons onwennig voelen, onveilig voelen, niet thuisvoelen... Geen open achterdeur meer voor een praatje met de buren.
Vroeger bestonden rare woorden zoals 'allochtoon', 'asielzoeker', 'multiculturaliteit' niet. Die moesten nog uitgevonden worden omdat de samenleving begon te ontaarden. Het wérd toen de tijd van verandering, van verwildering en ontkenning van eigenheden...
3 reacties op dit bericht
Lieve
Iedereen is er intussen wel achter gekomen dat die adriaensens een ordinaire lul is, veel lullen en zakken vullen is zijn motto. Dat heb je nu eenmaal met die mediafiguren.
Alles begint met tucht en stilzitten.
Mijn generatie kenden tucht, gehoorzaamheid en vooruit kijken. Moeten wij terug naar de basis? Ik zeg ja, als ik teveel verander aan mijn spaghettisaus moet ik terug naar mijn begin. Het was verkeerd om de kleintjes vrij te laten in de jaren '70 en stil te zitten, te liggen of rond te lopen naar eigen goesting. Mijn pijnlijke rug heb ik van 't werken en zeker niet van stil te moeten zitten in de kleuterklas en in het eerste leerjaar met een lat van 30 cm onder de kin en niet zoals vele jongeren die met hun neus op hun laptop liggen. Het enige waar ik spijt van heb is dat ze mij afgeleerd hebben om links te schrijven.
Goede morgen