Herenhuis


Herenhuis

Malware plundert je rekening!

Een nieuw stuk malware leegt je bankrekening terwijl je zelf ingelogd bent. De trojan Urlzone toont een verkeerd bedrag op je rekening en schrijft gelijktijdig een deel van het werkelijke bedrag over.
Dit blijkt uit onderzoek van beveiligingsbedrijf Finjan. Vooralsnog lijkt de infectie zich te richten op Duitse internetgebruikers.
De belangrijkste vernieuwing aan deze trojan is dat hij een poging doet om gangbare detectiesystemen die verdachte transacties waarnemen te omzeilen. Zo wordt aan de hand van het bedrag op de rekening berekend hoeveel geld er veilig gestolen kan worden.
6.400 besmettingen
De beveiligingsonderzoekers wisten de server waar de malware mee communiceert te achterhalen. Deze bleek onbeveiligd. Uit gegevens op de computer is afgeleid dat bijna 90.000 mensen de site waar de trojaan op staat hebben bezocht. Ongeveer 6.400 van hen zijn geïnfecteerd. Van de besmette gebruikers zijn er een paar honderd bestolen.
Over een periode van 22 dagen in augustus hebben de beheerders van deze malware bijna 300.000 euro buit gemaakt. Het geld is overgemaakt naar zogenaamde mules. Dit zijn tussenpersonen die geld van een bankrekening halen en met andere diensten versturen, zodat het niet te traceren is.
Rekening niet meer geblokkerd na overlijdenFISCUS Vanaf maandag 31 augustus tworden bankrekeningen na een overlijden niet meer geblokkeerd. Nu gebeurt dat nog met alle rekeningen van de betrokkene en van zijn (huwelijks)partner. Dat leidde vooral bij een onverwacht overlijden soms tot schrijnende situaties waarbij nabestaanden wekenlang zelfs geen geld hebben om boodschappen te doen. Mensen hebben overigens steeds minder cash in huis.
Vanaf maandag kan de langstlevende tot de helft van het bedrag dat op alle rekeningen samen staat, vrij afhalen, weliswaar tot een plafond van 5.000 euro. Of hij of zij zich aan die regel houdt, wordt niet door de bank gecontroleerd. Dat zou in de praktijk moeilijk zijn omdat steeds meer mensen rekeningen aanhouden bij diverse banken.
Maar wie meer dan het toegestane bedrag opneemt hangen sancties boven het hoofd. Om te beginnen wordt de langstlevende dan automatisch geacht de erfenis te hebben aanvaard, ook als die meer schulden dan geld of vastgoed bevat. Meteen vervalt ook de mogelijkheid om de erfenis 'onder voorbehoud van boedelbeschrijving' te aanvaarden. Daarnaast kan het te veel opgenomen bedrag afgetrokken worden van het deel van de erfenis dat de langstlevende wettelijk toekomt, als de andere erfgenamen daarom vragen.
Portret van Da Vinci

NVT - Peter Silverman is de gelukkigste kunstverzamelaar van Europa. Het '19de-eeuwse portret' dat hij twee jaar geleden kocht, blijkt een echte Leonardo Da Vinci te zijn. Geschatte waarde: 100 miljoen euro.
Martin Kemp, een gezaghebbende Da Vinci-expert die doceerde aan de universiteit van Oxford, meldt in het vakblad Antiques Trade Gazette dat er een nieuw schilderij van de beroemde kunstenaar is opgedoken. Het vrouwenportret werd in 1998 bij Christie's in New York voor zowat 13.000 euro geveild als een 'Duits, waarschijnlijk 19de-eeuws' werk in de stijl van Leonardo da Vinci.
De koper verkocht het in 2007 door aan Peter Silverman, een Canadees die in Zwitserland verblijft. Die geloofde dat het om een echte Da Vinci ging en slaagde erin het werk te laten onderzoeken. Op het portret werd een linkshandige vingerafdruk ontdekt die 'zeer goed vergelijkbaar' is met de vingerafdruk op De Heilige Hiëronymus, een schilderij van Da Vinci dat in de Vaticaanse musea hangt. Er werd ook een afdruk van Leonardo's handpalm gevonden. Alle stijlkenmerken wijzen in de richting van Da Vinci.
Het portret in krijt en inkt stelt in profiel Bianca Sforza voor, de dochter van de hertog van Milaan. Het wordt in maart tentoongesteld in Göteborg.
Weekendje voor één cent

'Romantisch weekendje in Venetië voor slechts 1 cent', zo stond te lezen op de website van het viersterrenhotel Crowne Plaza in de buurt van Venetië. Hoewel het bericht slechts één avond op de site stond, regende het reservaties: liefst 200.
Yoga

YOGA
De Indische goeroe Baba Swami Ramdev doet aan yoga op het Little Cumbrae-eiland bij de westkust van Schotland. Het Indische koppel dat het eilandje bezit, gaat er een handeltje van maken: het gaat Indische pelgrims ontvangen op het eilandje voor intensieve yogacursussen.
IntelligentietestGuy Verhofstadt zit bij Jean-Luc Dehaene een pintje te pakken.
Zegt Guy Verhofstadt :
"Toen gij premier waart, draaide de regering toch beter.
Hoe deed ge dat?"
"Wel" zegt Dehaene
"ge moet zien dat ge u omringt met slimme medewerkers."
"Hoe kunt ge weten dat ze wel slim zijn?" vraagt Guy Verhofstadt.
"Door een klein raadseltje" antwoordt Dehaene en roept zijn vrouw en vraagt haar:
"Celie, uw vader en uw moeder hebben een kind. Het is niet je broer en ook niet je zus. Wie is het?
Zegt Celie "Dat is simpel, dat ben ik."
Terug op zijn kabinet denkt Verhofstadt eventjes zijn ministers te testen en roept Steve Stevaert bij zich en vraagt:
"Kijk Steve, je vader en je moeder hebben een kind. Het is niet je broer ook niet je zus, wie is het?"
De Steve fronst zijn wenkbrauwen en denkt diep na.
"Ik weet het niet zo direct, ik kom straks even terug."
Steve Stevaert gaat terug naar zijn bureel en komt onderweg Gerolf Annemans tegen.
"Zeg Gerolf, ken jij het antwoord op dit raadseltje:
"Uw vader en uw moeder hebben een kind.
Het is niet je broer en ook niet je zus. Wie is het?"
"Wel, dat is gemakkelijk" antwoordt Annemans "dat ben ik."
De Steve bedankt hem en fier als een gieter gaat onze Steve Stevaert terug naar Guy Verhofstadt en zegt hem:
"Ik weet het antwoord. Het is Gerolf Annemans"
Waarop Guy Verhofstadt paars kleurt en brult:
" Neen, jij idioot, het is Celie Dehaene!"
Geen proces verbaal in het Vlaams

Tienen - Dr. Paul Kempeneers (zie de bijdragen over dialect en oude straatnamen) vertelt deze taalgebonden anecdote: 'Aanvaard nooit een proces verbaal in het Vlaams.' Hij verwijst naar de wetgevende rol van Rik Boel.
Paul Kempeneers: 'Het eerste decreet dat in de Vlaamse Raad (nu Parlement genoemd) werd goedgekeurd, was ingediend door de Tienenaar Rik Boel. Het is een zeer kort decreet waarin staat "De taal die wij spreken, heet Nederlands". Dit was vooral bedoeld om onze taal meer prestige te geven bij de Franstaligen, die het altijd hadden over "le flamand" en nooit over "le néerlandais". Het toonde ook aan, dat Vlamingen en Nederlanders dezelfde taal spreken.
Het gevolg hiervan is, dat voor ambtelijk gebruik Nederlands de officiële taal is. Vlaams (evenals Leuvens, Tiens, enz.) is geen officiële taal. Op een dag kreeg ik een boete uitgeschreven door een rijkswachter, die opschreef: "Deze bekeuring is in het Vlaams opgesteld". Ik maakte hem attent op de tekst van het eerste decreet, en kreeg hierdoor geen boete. Echt waar.'
Daarmee herinnert Kempeneers ons aan de politieke rol van Rik Boel, de eerste niet-liberale burgemeester van Tienen. Hij eindigde zijn officiële loopbaan als voorzitter van het Arbitragehof. Het Hof vat als volgt zijn loopbaan samen:
Geboren te Tienen op 5 september 1931.
Doctor in de rechten (KU Leuven, 1954).
Advocaat (1954-1986); gemeenteraadslid (1959-1986) en burgemeester (1965-1977 en 1983-1986) te Tienen; volksvertegenwoordiger (1965-1981); senator (1981-1986); minister van Binnenlandse Zaken (1977-1978); voorzitter Cultuurraad voor de Nederlandse Cultuurgemeenschap (1979-1980); voorzitter Vlaamse Raad (1980-1981); erevoorzitter Vlaams Parlement.
Benoemd tot rechter in het Grondwettelijk Hof bij K.B. van 24 november 1986.
Verkozen tot voorzitter door de Nederlandse taalgroep, met ingang van 14 maart 2001. Emeritus voorzitter sedert 5 september 2001.
Plasmaraket

Merijn Gelens
Voormalig NASA-astronaut Franklin Chang Diaz heeft met zijn bedrijf Ad Astra een plasmaraket ontwikkeld waarmee onder meer het internationaal ruimtestation ISS van positie kan worden veranderd.
In een test wist de zogenaamde Vasimir-raket 200 kilowatt vermogen te halen. Met het prototype van de Vasimir (variable specific impulse magnetoplasma rocket), de VX-200, is zo aangetoond dat er genoeg vermogen is om het ISS voort te drijven.
De plasmaraket gebruikt met radiogolven verhitte plasma in een magnetisch veld om voor voortstuwing te zorgen. De eerste ideeën over zo'n motor ontstonden in 1979. Met behulp van een plasmaraket moet het mogelijk zijn om in 39 dagen van de aarde naar Mars te vliegen.
Het prototype heeft nu in een vacuüm testruimte zijn solid-state RF-versterkers, supergeleidende magneet en geïntegreerde computerbediening kunnen bewijzen. Verwacht wordt dat in 2013 de eerste vliegende versie in gebruik zal zijn.
Toen de dieren nog vochtenauteur: Jan Van Hove
CLOSE-UP — BRUSSEL - LEGERMUSEUM TOONT BIJDRAGE VAN DIEREN TOT EERSTE WERELDOORLOG Het Legermuseum heeft een originele tentoonstelling gemaakt over dieren in oorlogstijd. Het decor is de Eerste Wereldoorlog, die de geschiedenis inging als de ‘eerste moderne oorlog', maar die ook de laatste was waarin paarden, honden en duiven een belangrijke rol speelden.
Je komt binnen via een loopgraaf en je staat ineens midden in de Eerste Wereldoorlog. De enscenering die het Legermuseum bedacht voor de tentoonstelling Hondse oorlog, is een voltreffer. Dankzij realistische decors en uniek filmmateriaal krijgt de bezoeker de ellende van de gevechten in het slijk van de Westhoek recht in het gezicht geslingerd.
Het Legermuseum heeft een internationaal befaamde collectie over de periode 1914-1918. Doordat de Eerste Wereldoorlog voor een flink stuk in ons land uitgevochten werd, verhuisden heel wat stukken linea recta van het slagveld naar het museum. De presentatie van die collectie kan een opknapbeurt gebruiken, maar in afwachting biedt de tentoonstelling over dieren in oorlogstijd soelaas. Het verhaal van de dieren is immers ook het verhaal van de soldaten en burgers in die bange jaren.
Het uitbreken van de oorlog in juli 1914 was slecht nieuws voor de boeren. In het hele land verschenen aanplakbiljetten waarin paarden en voertuigen werden opgeëist voor het leger. Daardoor verloor de landbouw kostbare werkkrachten. De toon was meteen gezet, want later zouden ook de Duitsers dieren opeisen. Het beslag dat de vechtende legers op de veestapel legden, betekende dat er minder vlees en melk overbleef voor de burgerbevolking. Ook wol en leder werden schaars.
Krekels
Wij kunnen ons vandaag nog moeilijk voorstellen dat minder dan een eeuw geleden dieren onmisbaar waren om oorlog te voeren. Paarden werden niet alleen bereden, maar ook ingezet om kanonnen en andere zware artilleriestukken te transporteren. Duiven brachten boodschappen over. In de loopgraven hingen kooitjes met sjirpende krekels – als het gesjirp ophield, wisten de soldaten dat er een gasaanval op komst was.
De meest ‘polyvalente' viervoeters waren de honden. Zij gingen mee op patrouille, speurden op het slagveld naar gewonden en brachten informatie over naar de achterste linies zonder door de vijand te worden opgemerkt. Typisch voor het Belgische leger waren de ‘mitrailleurhonden', die zelfs over de moeilijkste terreinen karretjes met mitrailleurs voorttrokken.
De tentoonstelling illustreert het samenleven tussen mens en dier aan de hand van ruim driehonderd stukken. Er staat bijvoorbeeld een veldsmidse waar paarden beslagen werden. Wat verder zie je de gasmaskers van de honden en de koffertjes met medische apparatuur waarmee de veeartsen rondtrokken. Er hangen schilderijen en tekeningen waarop kunstenaars als Jos Verdegem en Alfred Ost dieren in actie vereeuwigden, maar ook karikaturen die Duitse soldaten als varkens ten tonele voeren. Zelfs het ‘samenleven' van de soldaten met ratten, vlooien, luizen en muggen – een ware plaag aan het front – wordt met dagboekfragmenten geëvoceerd.
Dieren waren niet alleen onschatbare ‘hulptroepen' voor de soldaten, ze waren in barre omstandigheden ook troostend gezelschap. Heel wat soldaten hadden een affectieve band met honden en andere dieren. Zelfs een aap werd aan het front gesignaleerd. Sommige dieren brachten het tot ‘mascotte' van hun eenheid en werden geacht het onheil te bezweren. Winnie the Pooh, het beroemde beertje van Walt Disney, begon zijn carrière als mascotte van de tweede Canadese infanteriebrigade.
De grote troef van de tentoonstelling in het Legermuseum zijn de prachtige foto's en films die de Eerste Wereldoorlog, en de rol van de dieren daarin, documenteren. Een buitenbeentje zijn de stereoscopische platen die je een dieptezicht geven van het front, bijvoorbeeld van een groepje muildieren die over de modderige wegen van de Westhoek verse voorraden naar de voorste linies sleepten. De plaats die de dieren later in sommige oorlogsmonumenten kregen, hadden ze dubbel en dik verdiend.
Legermuseum, Jubelpark 3, Brussel, tot 11 april 2010,
dinsdag tot zondag 9-12 en 13-16.45 uur.
www.legermuseum.be
Robotvis zwemt met golfbeweging

Een op de Britse universiteit van Bath ontwikkelde robotvis is uitgerust met een uniek nieuw voortdrijfsysteem.
Aan de onderzijde van het apparaat zit een vin die wiebelt als een golf. De ingenieurs in Bath zeggen dat de Gymnobot als inspiratie kan dienen om efficiëntere en lichtere robotonderzeeërs mogelijk te maken.
Andere recente robotvissen, zoals de goedkope polymer fish van MIT, hebben een flexibel lichaam. Gymnobot is rigide, op de door twee krukassen aangedreven vin na.
Mesvis
Het ontwerp is geïnspireerd op de in zoetwater voorkomende familie van mesvissen. Deze vissen kunnen vooruit en achteruit zwemmen en zelfs in het water zweven met hun lange buikvin. De huid van deze vin bevat honderden vinstralen die zijwaarts oscilleren, wat een golfbeweging in het water veroorzaakt.
Hoewel andere wetenschappers dit unieke voortbewegingsmechanisme eerder hebben bestudeerd, zijn de ingenieurs in Bath de eersten die er een werkend model rond hebben gebouwd.
Geschikt voor ondiep
Gymnobot kan gebruikt worden om de biodiversiteit in oceanen en rivieren te bestuderen. Ook kan er vervuiling mee opgespoord worden. Dankzij de buikvin is het toestel in ondieper water in te zetten. Met propellers aangedreven robots kunnen daar verstrikt raken in wier.
Volgens de ingenieurs van de universiteitsafdeling Ocean Technologies Laboratory zou het ook een energiezuiniger manier van voortbewegen zijn.
Het lab werk tevens aan een robotversie van de reuzenmanta, om daarmee de vissenpopulatie in de fjorden van Brits-Columbia te onderzoeken.
Geen diploma betekent: geen werk

NVT - De crisis doet de werkloosheid bij jongeren hoog oplopen. In Brussel dreigt een hele generatie verloren te gaan.
Het aantal werkloze jongeren (tot 30 jaar) in ons land is in de voorbije maanden met 17.000 gestegen tot een totaal van 137.000. De schoolverlaters van dit en allicht ook volgend jaar komen op een arbeidsmarkt terecht met weinig vacatures. Voor jongeren met een diploma is er hoop. Als de economie herleeft, zal er bij de bedrijven snel opnieuw vraag zijn naar jonge werkkrachten. Maar dat zal niet het geval zijn voor de vele duizenden jongeren die zonder diploma de schoolbanken hebben verlaten.
Vooral in Brussel dreigt een generatie jongeren verloren te gaan. Liefst een op de vijf van alle Brusselse jongeren verlaat de school vroegtijdig, zonder diploma. Met desastreuze gevolgen: slechts zes Brusselse jongeren op de tien hebben werk. In Vlaanderen is dat bijna negen op de tien.
Ondanks die grote regionale verschillen pleitte de federale minister van Arbeid, Joëlle Milquet (CDH), gisteren nadrukkelijk voor een nationaal jongerenbanenplan. In het Vlaams Parlement hebben partijen van zowel meerderheid als oppositie kritiek geleverd op het federale initiatief. Ze verweten Milquet inmenging in het regionale arbeidsmarktbeleid. Een sceptische Philippe Muyters (N-VA), de Vlaamse minister van Werk, liet zich ontvallen dat het om 'dure maatregelen' gaat die het risico inhouden 'niet zinvol te zijn'.
Gelukkig meent de Hoge Raad voor de Werkgelegenheid dat de stijgende jeugdwerkloosheid niet van blijvende duur zal zijn. Als de economie herleeft, en onder druk van de toenemende vergrijzing van de bevolking, zal er heel snel opnieuw veel vraag zijn naar jonge werkkrachten, aldus Jan Smets, de ondervoorzitter van de Hoge Raad gisteren, bij de voorstelling van een lijvig rapport over de 'inschakeling van jongeren op de arbeidmarkt'.
Smets benadrukte bij herhaling het belang van een goede scholing van jongeren om met kans op succes naar een baan op zoek te gaan. Alle statistieken geven hem gelijk. Van alle jongeren die hogere studies hebben gedaan, vindt 90 tot 95 procent binnen de eerste twee jaar na afstuderen een baan. Bij laaggeschoolden zakt dat percentage tot amper 60 procent. Of nog: bij hoger geschoolde jongeren is de helft al aan het werk op de leeftijd van 22 jaar; bij lager geschoolden (die veel vroeger de schoolbanken hebben verlaten) is dat pas het geval op de leeftijd van 25 jaar.
Al bij al lopen de Belgische cijfers over het aantal werkende (78 procent) en het aantal werkloze jongeren (10 procent) min of meer gelijk aan de Europese gemiddelden (76 en 10). Maar voor twee categorieën scoort ons land veel slechter: voor lager geschoolde jongeren en voor jongeren van allochtone afkomst in het bijzonder. Bij deze groepen loopt de werkloosheid op tot 25 procent.
Bovendien maskeert het Belgische cijfer enkele bijzonder grote verschillen tussen de drie regio's. Terwijl in Vlaanderen bijna negen op de tien van alle jongeren (tot 30 jaar) een baan hebben, geldt dat in Brussel voor maar zes jongeren op de tien (zie tabel). In Brussel ligt de jeugdwerkloosheid driemaal hoger.
De verklaring is eenvoudig. In Brussel is de groep laaggeschoolde of zelfs helemaal ongeschoolde jongeren vele malen groter dan in Vlaanderen. Liefst een Brusselse jongere op de vijf (19,9 procent) verlaat vroegtijdig de schoolbanken, zonder zijn studies af te maken en dus ook zonder diploma. In Vlaanderen gaat het om 8,5 procent, ook geen klein aantal. Nog een verschil in scholing: in het onderwijs van de Franse Gemeenschap heeft 60 procent van de 17-jarigen al een jaartje (of meerdere schooljaren) moeten overdoen - in Vlaanderen is dat 38 procent.
Jongeren met een gebrek aan scholing betalen dat cash als ze op zoek gaan naar een job, aldus Smets. Hij pleitte nadrukkelijk voor een herwaardering van het technisch onderwijs ('broodnodig om alle technische knelpuntberoepen in te vullen') en voor bijkomende taalcursussen voor allochtone kinderen (en hun ouders!). Voor werkloze jongeren zonder diploma moeten er aangepaste opleidingen en werkervaringsformules opgezet worden.
Militaire basis in vervalStad wil overwoekerde terreinen kopen van Defensie
GOETSENHOVEN - Na tien jaar verwaarlozing is de militaire basis van Goetsenhoven haast onherkenbaar. De stad Tienen wil de terreinen nu graag aankopen, maar wacht op groen licht van Defensie.
Amper tien jaar geleden was de vliegbasis van Goetsenhoven (Tienen) nog het decor voor een stoet aan militairen. Netjes in het pak, fier om door de kraaknette en onderhouden gebouwen te mogen marcheren. Van die militaire pracht blijft vandaag geen spaander meer heel. Het overgrote deel van de basis staat al ruim tien jaar leeg en de natuur kan er al een decennium lang haar gang gaan. Resultaat: de site is overwoekerd, de gebouwen hebben meer weg van een ruïne dan van een militaire basis en ook vandalen hebben hun weg naar de verlaten gebouwen gevonden.
Het bos is intussen opgeschoten tot op de drempels. Er is geen enkele ruit nog heel en in de gebouwen zijn de wanden gesloopt. Gebroken sanitair is overal te vinden. Oud-militairen treuren om de teloorgang van de nochtans nieuwe sporthal. Hun tennisterreinen kunnen ze gewoon niet meer vinden.
Eerdere suggesties om de gebouwen op te knappen en om te toveren tot een jeugdgevangenis, asielcentrum of bedrijvenzone werden weggelachen. Intussen lijkt de basis uit te groeien tot een van de schandvlekken van de Suikerstad.
Burgemeester Marcel Logist (SP.A) zit verveeld met de hele situatie. 'Een deel van de gebouwen is inderdaad volledig verkommerd', zucht hij. 'Maar als stad kunnen wij daar weinig aan beginnen. De basis is nog steeds eigendom van Defensie. Wij hebben de intentie al eens geuit om ruim zes hectare van de basis te kopen, maar tot vandaag staat het licht voor die aankoop nog niet op groen.'
Logist droomt ervan verblijfstoerisme te kunnen uitbouwen op de site. Hij hoopt stiekem nog steeds dat Defensie de terreinen van de hand zal doen. Met het oog op een eventuele aankoop wordt het ruimtelijk structuurplan alvast onder de loep genomen. 'Momenteel is de militaire basis ingekleurd als een terrein voor dagrecreatie. Dat willen we omvormen tot verblijfsrecreatie.'
Bij Defensie lijkt er intussen dan toch schot in de zaak te komen. 'Wij leggen momenteel de laatste hand aan een globaal structuurplan voor al onze kazernes', zegt Ingrid Baeck, woordvoerster van Defensie. 'Bedoeling is op die manier te zien welke kazernes in aanmerking komen voor een eventuele verkoop. Ook de basis van Goetsenhoven behoort tot die kazernes.'
Maar voor de eerste toeristen hun intrek nemen op de militaire basis, hebben ze aan de Hannuitsesteenweg nog heel wat werk voor de boeg. De wachtlokalen, de infirmerie, de logementsblokken en de sporthal zijn momenteel niet veel meer dan een ruïne en ook de grond is ernstig vervuild. Het gevolg van jarenlange verwaarlozing en het onderhouden van legervoertuigen op de terreinen. Bij Defensie zijn ze zich er van bewust dat de militaire basis van Goetsenhoven de jongste jaren niet meteen op de eerste plaats op het takenlijstje van de onderhoudsploeg stond.
'In principe moeten ook ongebruikte gebouwen onderhouden worden', zegt Baeck. 'Maar in de praktijk zitten we door de rationalisering natuurlijk met een beperkt budget voor het onderhoud van onze gebouwen. Daarom hebben we er de voorkeur aan gegeven prioriteit te geven aan gebouwen die wél gebruikt worden.'
Tranen

TRANEN
Of de opwarming van de aarde er voor iets tussen zit, is duidelijk, maar een ijsschots in het Noorse Spitsbergen lijkt wel te wenen. De gletsjer heeft een uitzonderlijke vorm en heeft veel weg van een verdrietige vrouw.
Pareltje in het Hageland

Het Hageland nodigt uit voor een verblijf van enkele dagen en dan zit je goed in het nieuwe gastenverblijf Nokernote in Vissenaken.
Chris De Backer en Lode Vandermeulen transformeerden een annex van hun landelijke woning tot een schitterend gastenverblijf met drie kamers.
Een nokernote is de Middelnederlandse naam van de meer bekende okkernoot, en deze lekkernij vinden we in elke kamer terug, elk met een exotisch accent. De thematische aanpak laat de gast vrij te kiezen tussen een Scandinavische, Afrikaanse of Arabische sfeer. Met veel oog voor detail zijn het werkelijke pareltjes geworden. Twee kamers hebben een extra slaapruimte in een alkoof, wat vooral voor kinderen een bijzonder avontuur kan betekenen. Chris en Lode richten zich dan ook vooral op gezinnen met kinderen, en uiteraard ook op fietsers of wandelaars.
Het ontbijt kan genoten worden in een gemeenschappelijke ruimte of buiten op het terras.
Prijs: Maghreb (twee personen) per nacht 60 euro, Savanne (twee tot vier personen) 70 euro, Het Hoge Noorden (twee tot vijf) 80 euro, telkens met ontbijt. Minimaal twee nachten.
Info: Nokernote, Romeinsebaan 55, 3300 Vissenaken- Tienen, tel. 0495/58 84 47 en www.nokernote.be
Ongelijke strijd

ONGELIJKE STRIJD
Een brandweerman probeert met de moed der wanhoop om bosbrand te bestrijden in het Californische Wrightwood.
Werkgelegenheid in Tienen
Naar aanleiding van de recente herstructureringen bij Bosch en Sylvania en de problemen waarmee andere ondernemingen in de regio kampen, vraagt burgemeester van Tienen Marcel Logist (sp.a) aan Vlaams minister-president Kris Peeters maatregelen om in de streek de werkgelegenheid weer aan te zwengelen. Peeters moet ook dringend werk maken van het in het regeerakkoord beloofde duurzaam werkgelegenheids- en investeringsplan.
Enkele maanden terug kondigde ruitenwisserfabricant Bosch aan het aantal jobs met 420 te verminderen. Deze week besliste lampenfabriek Havells Sylvania Lighting Belgium 182 medewerkers te laten afvloeien. In diverse Tiense bedrijven is er bovendien een hoge economische werkloosheid. Citrique Belge besliste de productie eind dit jaar zelfs een volledige maand stil te leggen. De ontslagen bij Bosch hadden ook nefaste gevolgen voor de beschutte werkplaats Blankendale, dat de ruitenwissers verpakt.
"Deze firma's voelen duidelijk het effect van de economische crisis. Vele van onze getroffen Tiense bedrijven werken immers voor autofabrikanten en luchtvaartbedrijven die extra kwetsbaar zijn voor de crisis", aldus Logist. (belga/ka)
Naar aanleiding van de recente herstructureringen bij Bosch en Sylvania en de problemen waarmee andere ondernemingen in de regio kampen, vraagt burgemeester van Tienen Marcel Logist (sp.a) aan Vlaams minister-president Kris Peeters maatregelen om in de streek de werkgelegenheid weer aan te zwengelen. Peeters moet ook dringend werk maken van het in het regeerakkoord beloofde duurzaam werkgelegenheids- en investeringsplan.
Enkele maanden terug kondigde ruitenwisserfabricant Bosch aan het aantal jobs met 420 te verminderen. Deze week besliste lampenfabriek Havells Sylvania Lighting Belgium 182 medewerkers te laten afvloeien. In diverse Tiense bedrijven is er bovendien een hoge economische werkloosheid. Citrique Belge besliste de productie eind dit jaar zelfs een volledige maand stil te leggen. De ontslagen bij Bosch hadden ook nefaste gevolgen voor de beschutte werkplaats Blankendale, dat de ruitenwissers verpakt.
"Deze firma's voelen duidelijk het effect van de economische crisis. Vele van onze getroffen Tiense bedrijven werken immers voor autofabrikanten en luchtvaartbedrijven die extra kwetsbaar zijn voor de crisis", aldus Logist. (belga/ka)
Authentieke straatnaamborden

Tienen - Een oud Tiens debat voor/tegen dialect op straatnaamborden laait weer op. Aanleiding een studie van de Tienenaar Paul Kempeneers in Aarschot en een voorstel in de Cultuurraad van Hoegaarden.
Taalkundige dr. Paul Kempeneers is voorstander van het herstel van oude straatnamen. 'Maar niet in 't dialect', licht hij toe. 'Afschaffing van vroegere straatnamen om er de naam van een vooraanstaand iemand op te plakken, noem ik al flauwekul en de voorstanders van een herstel van de vroegere naam in 't dialect, noem ik personen die een slecht woordenboek gebruiken. Ze hebben niet eens een vaste schrijfwijze van hun dialect.'
Kempeneers sneert naar het stadsbestuur. '25 jaar geleden sprak ik politici aan om onder de bordjes met de officiële straatnaam een bordje te hangen met de oude naam. Iedereen vond het een geweldig idee. Ik kreeg al veel schouderklopjes. Voor de rest? Niets, door een gebrek aan interesse. Namen in 't dialect? Neen, met zo'n zever hou ik me niet bezig.'
Het Kommetèet va Pikke Stijkès in Tienen heeft een andere mening. Het ijvert voor instandhouding van het Tiense dialect. 'Straatnamen in het Tiens is daar een aspect van', meent Gilbert Declercq van het comité. 'Maar ons voorstel is afgeketst omdat bewoners en handelaars zicht kantten tegen een tweede straatnaam. Ze vreesden voor verwarring.' Voorzitter Jef Vanderstappen van de Cultuurraad meent dat ook het financiële aspect een rol speelde: 'Nieuwe bordjes zouden aan de stad veel geld hebben gekost.'
Kempeneers kreeg bij de voorstelling van zijn boek over de stad Aarschot te horen dat het schepencollege besliste enkele oude straatnamen opnieuw te vermelden, maar niet in het dialect. 'Ik ben blij dat Aarschot het voorbeeld van Leuven niet volgt. Leuven bezigt wel dialectnamen, maar voor Aarschot zie ik het niet zitten dat de Kardinaal Mercierstraat, voorheen Eeuwigheidsstraat, zoiets wordt als Iêwichaatstreut en de Jozef Tielemansstraat, voorheen Kortstraat, de Kutstreut.' (be in Het Nieuwsblad).
MeeuwenplaagTIENEN - Honderden meeuwen veroorzaken de jongste tijd heel wat ongemak aan de Meendijk en de Goossensvest. Bewoners klagen omdat iemand voedsel strooit.
‘Ze geven een pak overlast', klaagt bewoner Willy Mues. ‘Trottoirs, daken, dakgoten en geparkeerde auto's zitten geregeld onder een pak drek.' Een vrouw uit de buurt wordt ervoor met de vinger gewezen. Zij strooit nagenoeg elke ochtend voedsel uit, vooral brood, voor de vogels op alle hoeken en kanten nabij het gebouw van de belastingdiensten. De meeuwen blijven rond die voedselplaatsen vliegen van het ene dak naar het andere of, zoals aan de kust, van verlichtingspaal tot verlichtingspaal.
Bij burgemeester Marcel Logist (SP.A) en de wijkagent is de toestand al meermaals aangeklaagd. ‘Maar zij kunnen niets doen', aldus Mues. De kwestie kwam zelfs al voor de rechtbank, maar de rechter deed geen uitspraak.
Schepen van Leefmilieu Marc Soens (SP.A) heeft weet van de ongemakken. ‘Meeuwen zijn een beschermde vogelsoort. Er wat aan doen, is dan ook moeilijk. Maar wanneer de ongemakken blijven toenemen, zullen we niet anders kunnen dan andermaal de juridische toer opgaan. Dat voederen moet ophouden.'
De vrouw in kwestie voedert ook de duiven op de Grote Markt. Ook daartegen is al meermaals gesakkerd en op het balkon van het stadhuis zijn zelfs speciale netten aangebracht om duiven weg te houden. De vrouw zegt te handelen door ‘een goddelijke ingeving'.
Ook aan de Grote Gete aan de Getestraat is ze actief, maar daar komen ook ratten op het voedsel af. Het bestuur van de Tiense Getevissers, die daar hun visserijgebied hebben, houden angstvallig de wacht. Zij willen de gulle voedster uit hun buurt houden.
Stijlvol logeren in Hoegaarden

Stijlvol logeren in een charmant hotelletje of mooie bed & breakfast hoeft echt niet duur te zijn. Uitgeverij Lannoo bundelde honderd Belgische adresjes waar je voor minder dan 75 euro overnacht met zijn tweetjes ('100 x stijlvol logeren in België onder 75 euro' - uitg. Lannoo - 15,95 euro).
Huilewind in Hoegaarden
Bij Hoegaarden denk je niet meteen aan vakantie, maar wie door het Hageland rijdt, begrijpt dat dit een ideale regio is voor een paar dagen ertussenuit. Een verblijf in Huilewind maakt dat compleet. Op de eerste verdieping hebben Ivo Leflot en zijn dochter Isabelle drie gastenkamers die elk de naam van een schilder kregen: Dalí, Degas en Klimt. Ze kozen voor een strakke inrichting. De badkamers werden op een originele manier ingebouwd. De hedendaagse inrichting van de kamers contrasteert met de klassieke gezelligheid van de ontbijtkamer. In de tuin nodigen zetels uit om te luieren onder de notelaars. Vanaf 60 euro per nacht per kamer, inclusief ontbijt.
Meer info: b&b Huilewind, Meerstraat 15, 3320 Hoegaarden, tel. 0494/05 48 05, www.huilewind.be
05/02/09 10u55
De snelste

DE SNELSTE
Twee Italiaanse politieagenten poseren samen met een Zwitserse collega bij een Lamborghini Gallardo van de Italiaanse wegenpolitie. Het zou gaan om de snelste politiewagen ter wereld!
Oranje gloed

ORANJE GLOED
De inwoners van het Australische Sydney stonden kuchend op. De hele stad werd bedolven onder een gigantische stofwolk. felle windstoten en hoge temperaturen veroorzaakten het fenomeen . Het leverde alvast spectaculaire en vooral oranje beelden op.
WoordenschatWOORDENSCHAT (Tiens)
Kérklamijr: roddelaarster die na de eucharistieviering in de kerk blijft rondhangen
Koazel: gebabbel, gezever
Sermoeën: homolie, preek
Kéëskeummeke: kaaskommetje, kaasdoosje
De Méat: (de maand) maart
Ter krot veur zitte: weinig geld hebben
De mejèès ni hèmme: het geld niet hebben
Oep den haspel dansen: niets te eten hebben, arm zijn
Oere boere bédstrooiwj: armoedig, rommelig
Gewallebak: deugnieterij uitgehaald
Béssembinger: (letterlijk) bezembinder (figuurlijk) vrolijke deugniet
Terichten: tegenover
En étamejoor: (Frans –état-major) de generale staf, legerleiding
Koukelishaat: zoethout
Ouvebiëste: kakkerlakken
Moeëre, morren, oorspronkelijke bewoners van Mauritanië, zwarten
Zwakkemaa: nogal rap, vrij snel
In ’t fas: in de nek
Lossen huëtzwijr: hoofdpijn
De smoel: (Frans – semoulle) griesmeel
De sèfrooën: saffraan
Vloajespéés: vulling van de taart
Kriekmoech: kriekenconfituur
Rèngeloode: (Frans –Reine Claude) pruimentaart
’n heureke: een zakje
Ne gewooëregen: iemand die snel van begrip is
De koeikijtel: ketel waar het eten van de koeien in wordt bereidt
Ne zillevere balanswaar: (Frans – balançoire) een zilveren schommel
Vlaikskes mat: vlokjes watten
Afmoare: zeuren, zaniken
Mé hiel riëseme voll’naflooëte: niet heel veel aflaten
Cheque voor minikoeienBron: Passe-Partout
HAKENDOVER - De vriendenkring van Maurice Claeskens en Anita Sterkendries hebben een cheque van 1.250 euro geschonken aan Staf Deboes uit Hakendover. Met dat geld kan hij twee minikoeien betalen, ideale dieren voor z'n zorgboerderij.
Wagenimport op Grijpenveld
Tienen - Carconnex en CarsOnTheWeb hebben zich gevestigd op de CARs-site aan de Grijpenlaan 19 in Tienen.
Op zondag 11 oktober zet het bedrijf de deuren open voor een kijk achter de schermen. Er zijn gratis attracties zoals de unieke en nostalgische kartbaan Grand-Prix, een adembenemende race-ervaring op groot scherm en springkastelen voor de kleine racers.
Carconnex-Stelimo is sinds 1994 gespecialiseerd in het aan- en verkopen van nieuwe, jonge en tweedehandswagens, zowel binnen België als in het buitenland.
Via internationale aankoopkanalen worden wagens aangeboden aan groothandelsprijzen.
Het klantenbestand bestaat uit zowel groothandelaars, concessiehouders als onafhankelijke handelaars die rechtstreeks aan particulieren verkopen
Gezondheidszorg bij Hestia
Tienen - Hestia, het beschut wonen vanuit de kliniek der Broeders Alexianen, houdt een open dag op minstens vier locaties.
Op zaterdag 24 oktober houdt vzw Hestia een open dag van 15u tot 18u.
Het thema : ‘Proost op je geestelijke gezondheid’
Er wordt gestart met een woordje uitleg over de ontwikkelingen in Beschut Wonen Hestia. Dit informatief moment vindt plaats in het Ontmoetingscentrum 'Den Band' om 15u.
Doorlopend kan men de verschillende locaties van Hestia bezichtigen
- Hestia, Liefdestraat 1, Tienen
- Activiteitencentrum ‘Het werkhuis’, Liefdestraat 10, Tienen
- Ontmoetingscentrum 'Den Band', Veldbornstraat 15, Tienen
- Enkele huizen van Hestia
Deze open dag wordt mede gerealiseerd met de steun van ‘Anders Gewoon’.


LANDSCHAP
De rechten van de patientDe rechten van de patiënt
Vertrouwen is cruciaal als u uw gezondheid in handen legt van een arts of andere zorgverlener. Maar vertrouwen is iets anders dan onderwerping. De zorgverlener mag u dan wel een behandeling voorstellen, u beslist of u ze (en de gevolgen ervan) wil of niet. U hebt rechten, u kunt ze ook laten gelden en in geval van problemen kunt zich laten bijstaan door een ombudsdienst . Neen, u staat er niet alleen voor.
Niks is kostbaarder dan ons lichaam en onze gezondheid. Maar waar de meesten van ons zich nog probleemloos weten te verdedigen tegen pakweg een lastige belastingcontroleur of een aannemer die maar niet opschiet, is het alsof we al bij voorbaat ontwapend zijn wanneer we tegenover een arts of andere zorgverlener te staan komen.
Dat werd alvast bevestigd in de enquête die Test Gezondheid in zijn decembernummer van 2008 publiceerde : we gaan anders om met een arts, tandarts, apotheker, kinesist enz. dan met bv . een aannemer.
Bijna 90 % van de respondenten beschouwde toen dat ze matig tot slecht op de hoogte waren van hun rechten en plichten tegenover een zorgverlener.
Slechts 44 % wist dat die rechten bij wet zijn vastgelegd, en meer dan
35 % dacht dat het louter een soort van gedragscode voor de medische sector was waar de patiënt zich naar te schikken had. Die onwetendheid laat zich voelen in het aantal klachten.
Slechts 3 % van de respondenten had ooit een klacht ingediend tegen een zorgverlener of zorginstelling. Bij de andere 97 % overheerste grotendeels een gevoel van onmacht : « het zou compleet tijdverlies zijn » (70 %), « ik zou bang zijn daarna geen goede behandeling meer te krijgen » (28 %), « ik zou niet weten waar of hoe ik een klacht kan indienen » (27 %), enz.
Als patiënt hebt u nochtans wel degelijk rechten : ze zijn verankerd in de wet van 22/8/2002 (zie het kaderstuk op blz. 36) en er is geen enkele reden om ze niet te laten gelden.
En aangezien het voor gezondheidsaangelegenheden niet altijd voor de hand ligt om een rechtszaak aan te spannen, werd in het kader van de wet op de patiëntenrechten een netwerk van ombudsdiensten opgericht. Zij hebben als taak uw klacht te ontvangen,
de situatie te beoordelen en mee naar een oplossing te zoeken. Zo wordt geprobeerd om de zaak in der minne te regelen. Maar als u daar geen vrede mee neemt, kunt u nog altijd een procedure voor het gerecht beginnen.
Of u voelt zich beledigd door iets dat uw kinesist u heeft gezegd.
In al die gevallen staat een ombudsdienst klaar om naar u te luisteren en om samen met u te bekijken of en in welke mate uw rechten als patiënt met voeten werden getreden.
Zo'n ombudsdienst is evenwel niet voor alles bevoegd. U kunt er in principe niet terecht met een klacht over de werking, de organisatie of de hygiene
van een artsenpraktijk of een zie kenhuis . Maar stel dat u niet tevreden bent over de ware maaltijden in het ziekenhuis : dan zal men u in de praktijk meestal toch helpen in plaats van u door te verwijzen naar de bevoegde instantie, in dit geval de directie van de instelling. Doorverwijzen doet men veelal alleen als men echt op geen enkele manier kan bemiddelen.
Ook worden alleen klachten behandeld over artsen (huisartsen en specialisten, « geconventioneerd » en « niet-geconventioneerd »), apothekers, kinesisten , verplegers en paramedici, maar niet over psychologen, psychotherapeuten, sociale assistenten enz.
Hij mag dus nooit partij kiezen. Niet voor u en evenmin voor de zorgverlener of de instelling in kwestie. Het is zijn taak om te bemiddelen tussen de betrokkenen. Hij mag het geschil dan ook niet zelf beslechten, hij moet alleen proberen om de betrokkenen zo ver te brengen dat zij binnen een redelijke termijn een oplossing vinden die voor iedereen aanvaardbaar is.
Er werd ook bij Koninklijk Besluit vastgelegd dat hij volkomen onafhankelijk moet kunnen werken. Dat is nodig, want anders riskeert men belangenconflicten wanneer een ombudsdienst een klacht moet behandelen die werd ingediend tegen de instelling waar hij op de loonlijst staat.
Als u van oordeel bent dat de ombudsdienst van een ziekenhuis zijn rol niet naar behoren heeft vervuld, kunt u aankloppen bij de Federale Ombudsdienst .
Let wel : dat is geen instantie bij wie u in beroep kunt gaan tegen een bepaalde beslissing, die dienst is alleen bevoegd om na te gaan of er niet eventueel iets is fout gelopen in de procedure. Voorlopig kunt u nergens terecht als u het over de grond van de zaak niet eens bent met de ombudsdienst .
De procedure bij de ombudsdienst verloopt als volgt :
De klacht wordt ingediend. U moet dat in principe zelf doen, eventueel bijgestaan door uw vertrouwenspersoon. Dat mag schriftelijk (brief, mail, fax) of mondeling (in een persoonlijk onderhoud of telefonisch). Indien u uw rechten niet zelf kunt laten gelden, mag iemand dat in uw plaats doen, uw « vertegenwoordiger ». Dat kan bv . het geval zijn wanneer u dementeert (dan bent u juridisch handelsonbekwaam) of wanneer u in coma ligt (dan bent u feitelijk handelsonbekwaam). In dat geval moet u in principe vooraf schriftelijk te kennen hebben gegeven wie u mag vertegenwoordigen als de noodzaak zich voordoet. Als dat niet is gebeurd, mag een van de volgende personen in uw naam een klacht indienen : de partner met wie u bent gehuwd of met wie u wettelijk of feitelijk samenwoont, een meerderjarig kind, uw vader/moeder. Een meerderjarige broer/zus mag dat vreemd genoeg niet. Een minderjarige moet zijn rechten altijd door zijn ouders of zijn voogd laten behartigen.
De ombudsdienst oordeelt of hij al dan niet bevoegd is en hij uw klacht dus kan behandelen of niet.
De ombudsdienst bespreekt samen met u het probleem, wat u verwacht en hoe te werk zal worden gegaan. Hij kan voorstellen dat u met de tegenpartij samenzit , of hij speelt voor tussenpersoon. Hoe dan ook begeleidt hij u in de zoektocht naar een verzoening. Als het tot een akkoord komt, wordt het bemiddelingsdossier afgesloten. Lukt dat niet en/of stelt de ombudsdienst vast dat de zaak zijn bevoegdheid te buiten gaat, bv . omdat een medische fout wordt vermoed, dan zal hij u uitleggen tot wie u zich moet wenden. De bemiddeling door de ombudsdienst is gratis. Het akkoord dat eventueel tot stand komt, heeft niet de waarde van een rechterlijke uitspraak, maar de ombudsdienst houdt het wel bij.
Als we kijken naar het soort van klachten dat wordt ingediend bij de Federale Ombudsdienst « Rechten van de patiënt », wordt al snel duidelijk hoe delicaat de relatie patiënt/zorgverlener is en hoe ontzettend belangrijk een goede communicatie.
Het leeuwendeel van de klachten heeft betrekking op medische handelingen (kwaliteit van de prestatie). Daarna volgt de houding die de zorgverlener ten aanzien van de patiënt aanneemt.
Op de derde plaats komt voor de Vlamingen het tekort aan informatie vóór een medische behandeling of ingreep, en voor onze Franstalige landgenoten het feit dat het vaak zo vaak moeilijk is om inzage te krijgen in het eigen medische dossier of een kopie ervan te krijgen.
Zowat in een derde van alle gevallen wordt een fi nanciële compensatie gevraagd.
Maar er zijn ook mensen die louter een klacht indienen omdat ze willen dat men toegeeft dat hun klacht gegrond is of die gewoon excuses willen horen.
Uit onze enquête in Test Gezondheid bleek dat de gemiddelde Belg vrij gelaten is. Slechts 6 % van de respondenten zou ooit een advocaat inschakelen om zijn patiëntenrechten te behartigen. Wie zich tot de ombudsdienst wendt, heeft een ander doel voor ogen dan wie naar de rechtbank stapt.
Een ombudsdienst dient niet om uit te maken in welke mate een zorgverlener aansprakelijk is voor een medische fout.
Evenmin om een grote schadeclaim te steunen. Daarvoor bestaan de juridische diensten van de ziekenfondsen en het systeem van de gerechtelijke bemiddeling.
De essentie van een ombudsdienst is dat de patiënt een luisterend oor vindt en uitleg krijgt, en dat er wordt bemiddeld als er een communicatieprobleem is met een zorgverlener.
De ombudsdienst is ook ideaal voor wie wil dat zijn rechten worden nageleefd maar niet bereid is om naar een rechtbank te stappen. Bijvoorbeeld omdat men een gebrek aan respect heeft ervaren, zich persoonlijk gekrenkt voelt, informatie wil over zijn gezondheidstoestand of de kwaliteit van een medische prestatie, enz.
Een andere belangrijke taak van een ombudsdienst is om de zorginstellingen en zorgverleners te informeren over de rechten waar hun patiënten over beschikken. Dat kan preventief werken. De beslissingen mogen dan al niet afdwingbaar zijn, ze kunnen een belangrijke psychologische impact hebben.
· Om een klacht in te dienen tegen een algemeen ziekenhuis wend u tot : de ombudsdienst van het ziekenhuis
· tegen een psychiatrisch ziekenhuis of verzorgingstehuis, een instelling voor beschut wonen wend u tot : de ombudsdienst van de instelling of de externe ombudsdienst van het Overlegplatform Geestelijke Gezondheidszorg van de provincie
· tegen een ambulante zorgverlener : huisarts, specialist in een privépraktijk , kinesist, tandarts, zelfstandig verpleegkundige ...
· tegen deombudsdienst van een ziekenhuis wend u tot : de Federale Ombudsdienst « Rechten van de patiënt »
· tegen de manier waarop een ombudsdienst van een ziekenhuis of de Federale Ombudsdienst heeft Bemiddeld wend u tot : de Federale Commissie « Rechten van de Patiënt »
De wet van 22/8/2002 legt vast welke uw rechten zijn wanneer u als patiënt met een zorgverlener in contact komt, ongeacht de aard van de behandeling.
1. U hebt recht op een kwaliteitsvolle dienstverlening en de nodige verzorging om uw pijn te bestrijden.
2. U hebt recht op de vrije keuze van de zorgverlener.
3. U hebt recht op duidelijke informatie over uw gezondheidstoestand.
4. Het is uw recht om met een behandeling of ingreep in te stemmen of ze te weigeren.
5. U hebt recht op een zorgvuldig bijgewerkt medisch dossier dat op een veilige plaats wordt bewaard.
6. U hebt het recht uw medisch dossier in te kijken en er een kopie van te vragen.
7. U hebt recht op bescherming van uw privacy (beroepsgeheim, enz.).
8. U hebt het recht om een klacht in te dienen.
De ombudsdiensten opgericht in het kader van de wet op de patiëntenrechten zijn zonder twijfel een stap vooruit. Toch is er nog ruimte voor :
· een betere informatieverstrekking over de rechten en plichten van de patiënt, zowel vanuit de zorgverlenende sector als vanuit de ziekenfondsen ;
· een inspanning van de patiënt zelf om zich goed te informeren ;
· een leerplan voor zorgverleners waarin patiëntenrechten en communicatievaardigheden een plaats krijgen ;
· meer info over de ombudsdiensten zodat ze zichtbaarder worden en makkelijker toegankelijk, waardoor patiënten weten waar ze terechtkunnen ;
· een speciaal statuut voor ombudsdiensten om hen nog onafhankelijker te maken van de instellingen waarvoor ze werken ;
· een federale instantie om de ombudsdiensten te erkennen ( bv . via de Federale Commissie « Rechten van de pati ënt »).
--------------------------------------------------------------------------------------------------------------
TEST AANKOOP 22/09/2009
Belgische kiwibes

De Belgische kiwibes: lekker maar duur
De Belgische fruitteelt is een soort rijker: de kiwibes. Deze “kleine kiwi” is niet nieuw, want werd al vanuit Frankrijk en Italië in ons land ingevoerd, maar groeit nu ook op onze bodem en in ons klimaat. Dat is het resultaat van een samenwerking tussen de Wase fruitveiling Profruco en de Hogeschool Gent. De nieuwe Belgische fruitsoort kan een boost betekenen voor een nichemarkt in onze fruitteeltsector en komt bovendien tegemoet aan de vraag naar Belgisch gebruiksvriendelijk fruit.
Een kiwi, maar dan in het klein
De kiwibes of Actinidia Arguta, ook wel de Siberische kruisbes genaamd, behoort tot hetzelfde geslacht als de gewone kiwi, maar komt oorspronkelijk uit koudere streken in Noordoost-Azië en zelfs Siberië. Dat maakt dat de vrucht ook in onze streken goed gedijt.
De kiwibes is een kleine kiwi, nauwelijks groter dan een druif en met een haarloze dunne schil. Daardoor kan men het zo uit het vuistje eten, in tegenstelling tot de gewone kiwi die men moet schillen of doorsnijden en uitlepelen. Qua voedingswaarde en smaak moet de kiwibes niet onderdoen voor een gewone kiwi. Het vruchtvlees is zacht en sappig, en smaakt zoet. Op kamertemperatuur is de kiwibes zowat een week houdbaar, in de frigo langer.
De Vlaamse tuinbouw diversifieert
De telercoöperatie Profruco, het departement biowetenschappen van de Hogeschool Gent en de provincie Oost-Vlaanderen slaagden erin om de teeltomstandigheden zo te optimaliseren dat een selectie kiwibesrassen in het Belgische, gematigde klimaat kan groeien in openlucht.
Dat is een opsteker voor onze landbouw, die de laatste tijd rake klappen te incasseren kreeg. Vooral voor de telers van aardbeien en ander zacht fruit, die te maken hebben met hoge energiekosten voor de kweek in serres, is dit een interessante neventeelt en een commerciële opportuniteit in een nichemarkt
Consument kijkt niet naar de prijsOnderzoeksbureau Rogil slaat klant gade tussen winkelrekken
NVT - En u dacht dat u prijsbewust winkelde? 'Als we boodschappen doen, zijn we irrationeel, lui en letten we absoluut niet op de prijs', zegt onderzoeker Ludovic Depoortere. En daar spelen fabrikanten en supermarkten handig op in.
Waarom kopen we in de supermarkt wat we kopen? Omdat we dat zelf thuis zo gepland hebben en omdat we daar rationele en objectieve redenen voor hebben? Vergeet het. Het begint al bij ons boodschappenlijstje, als we het al maken: 'Er zijn maar heel weinig mensen die het merk opschrijven van een product dat ze willen kopen', zegt Ludovic Depoortere, zaakvoerder van onderzoeksbureau Rogil uit Leuven. 'Voor wasmiddelen bijvoorbeeld vermelden acht op de tien consumenten geen merknaam. Dat betekent dat de strijd tussen de fabrikanten losbarst in de supermarkt zelf en dat ze al hun troeven nog kunnen uitspelen.'
En of het een strijd is. Wie nog maar een voet in de winkel zet, wordt al meteen overvallen door keuzestress. Twaalf verschillende soorten tomaten, twintig varianten van ontbijtgranen en dertig yoghurtsmaken. 'Er zijn te veel varianten. Een gemiddelde supermarkt heeft 20.000 artikelen en we winkelen ongeveer 30 tot 35 minuten. Het is evident dat we niet alles kunnen en willen bekijken. En in dat eerste selectieproces laten we allerminst de ratio zegevieren.'
Om dat te bewijzen, haalt Depoortere futuristisch ogende apparatuur boven. 'We laten proefpersonen door een speciale camera naar een winkelrek kijken. We registreren aan de hand van de oogbewegingen naar welke product iemand kijkt en hoe lang dat duurt.'
Die simulatie levert verrassende inzichten op: 'Per milliseconde zijn we in staat om drie tot vier merken te scannen. Jonge mensen zijn er nog sneller in omdat ze getraind zijn door computerspelletjes. Het duurt amper twee tot drie seconden vooraleer iemand een beslissing heeft genomen en zijn of haar arm naar het gekozen product gaat. Langer dan zeven seconden twijfelen we nooit.'
Consumenten die de producten op een winkelrek scannen, gaan meestal niet systematisch te werk. 'Bij zeven op de tien consumenten schieten de ogen kriskras over het rek, van contrastpunt naar contrastpunt (zie foto). Producten die bij de eerste drie gescande contrastpunten zitten, maken het meeste kans om in het winkelkarretje te belanden. Een minderheid van dertig procent gaat systematisch het rek af, netjes van de wasverzachters naar de vloeibare wasmiddelen tot de waspoeders, bijvoorbeeld. We hebben nog niet kunnen achterhalen of daar uitgesproken verschillende persoonlijkheden achter zitten.'
Niemand geeft graag toe dat reclame ons koopgedrag beïnvloedt. Meestal zijn we ons er zelfs niet van bewust. 'Maar onze ogen blijven wel het eerst rusten op verpakkingen en producten die we even tevoren gezien hebben in een advertentie of in een spotje op tv. Een merk dat investeert in naambekendheid, vertrekt dus met een voorsprong.'
En de prijs? Is die echt helemaal niet belangrijk? 'Toch wel, maar veel minder dan we onszelf wijsmaken. Negen op de tien consumenten zeggen dat de prijs een van de belangrijkste drie redenen is om een product al dan niet te kopen. Maar bij observaties zien we dat maar heel weinig mensen naar de prijs op het schap kijken. Dat valt dus dik tegen.'
Daarenboven zijn we lui aangelegd, en dat weten de supermarkten. 'In tegenstelling tot wat je zou denken, is de ooghoogte op een winkelschap niet de beste plaats om producten verkocht te krijgen. Het is de armhoogte, omdat we daar het beste bij kunnen. Op ooghoogte verkoopt een product al 10 procent minder goed dan op armhoogte. Producten op het onderste schap verkopen 20 procent minder goed. Boven ooghoogte daalt de kans dat iemand iets in zijn winkelkarretje legt al met 30 procent.'
Vroeger werd die beste plaats op het schap voorbehouden voor nationale merken. 'Maar nu supermarkten volop inzetten op hun huismerken, omdat ze daar een grotere marge op hebben, palmen hun eigen producten de beste plaatsen in. Tot grote frustratie van de merkfabrikanten natuurlijk.'
Supermarkten profiteren nog op een andere manier van de investeringen van merkfabrikanten. 'Ze kiezen voor hun huismerken dezelfde kleurcode als het gelijkaardige merkproduct. Blauw voor paprikachips, pastelkleuren voor wasverzachters. En daarbij beelden ze hetzelfde visuele element af. Denk aan de verpakking van vaatwastabletten van Calgonit, met het kenmerkende blinkende glas. Dat beeld heeft Carrefour ook gebruikt voor het huismerk. En het werkt. In testomgevingen belichten we producten gedurende één duizendste van een seconde. Bij dit voorbeeld denken consumenten dat het om een merkproduct gaat, omdat het hen bekend voorkomt. Huismerken profiteren dus van de marketinginspanningen van merkenfabrikanten.'
Overigens zijn zowel de merkenfabrikanten als de supermarkten klant bij onderzoeksbureau Rogil, om elk hun eigen product zoveel mogelijk te doen opvallen in het rek: 'Dat is niet altijd even gemakkelijk, maar ik heb de indruk dat ze een evenwicht nodig hebben. Ze lijken te beseffen dat ze niet zonder elkaar kunnen.'
Chimpansee geen voorouder van de mens

WASHINGTON - Het verhaal van de menselijke geschiedenis gaat opnieuw een miljoen jaar verder terug nu wetenschappers meer te weten zijn gekomen over 'Ardi', een mensachtige die 4,4 miljoen jaar geleden leefde in wat nu Ethiopië is.
Ardi werd in 1994 gevonden, maar de mensachtige is nu in het wetenschappelijke tijdschrift Science voor het eerst gedetailleerd beschreven.
Het vijftig kilo zware en 1 meter 22 lange vrouwtje scharrelde een miljoen jaar eerder door het bos dan de beroemde Lucy, van wie de botten lang werden bestudeerd als het vroegst gevonden skelet van een voorouder van de mens.
Chimpansee
Het oudere skelet van Ardi verandert de kennis van de menselijke evolutie, liet antropoloog C. Owen Lovejoy van de Universiteit van Kent weten. In plaats van de gedachte dat de mens zou afstammen van een oud chimpansee-achtig wezen, bewijst Ardi dat mens en chimpansee geheel los van elkaar zijn geëvolueerd uit een gezamenlijke voorouder.
'Dit is niet die gezamenlijke voorouder, hoewel ze van wat we tot nu toe hebben het meest in de buurt komt', zei Tim White, directeur van het onderzoekscentrum voor menselijke evolutie van de Universiteit van Californië in Berkeley. Die gedeelde voorouder zou zo'n zes tot zeven miljoen jaar geleden geleefd moeten hebben.
Ardi vertoont kenmerken die niet voorkomen in huidige Afrikaanse apen, waaruit de conclusie kan worden getrokken dat deze apen sterk zijn geëvolueerd toen hun en onze wegen zich scheidden. Ardipithecus ramidus, zoals de latijnse soortnaam van Ardi luidt, leefde in bosrijk gebied en kon met alle vier ledematen in bomen klimmen, maar de ontwikkeling van armen en benen wijzen erop dat de soort niet veel tijd in bomen doorbracht. Bovendien kon Ardi rechtop, op twee benen, lopen.
'Dit is een van de belangrijkste ontdekkingen voor de studie van de menselijke ontwikkeling', aldus David Pilbeam, curator in het Peabody Museum of Archeology and Ethnology van de Universiteit Harvard. 'Het is vrij compleet, want hoofd, handen, voeten en enkele andere belangrijke delen zijn overgebleven. Het vertegenwoordigt een geslacht dat mogelijk voorafging aan de Australopithecus, het geslacht dat aan ons geslacht Homo voorafging.' De één miljoen jaar jongere Lucy bijvoorbeeld behoort tot de Australopitheci.
'Met Ardipithecus hebben we een ongedefinieerde vorm die nog niet ver in de richting van de Australopithecus is geëvolueerd. Als je van kop tot teen kijkt zie je een mozaïek dat noch chimpansee noch mens is', zegt White.
White wijst erop dat ook Charles Darwin, wiens onderzoek in de negentiende eeuw de weg vrijmaakte voor de evolutieleer, voorzichtig was waar het ging om het aanwijzen van de gezamenlijke voorouder van mens en aap. 'Darwin zei dat we erg voorzichtig moeten zijn. De enige manier waarop we erachter kunnen komen hoe die gezamenlijke voorouder eruit zag is door hem te vinden. Maar met 4,4 miljoen jaar geleden zij we aardig in de buurt gekomen. En, zoals ook Darwin onderschreef, de evolutie van apen en mensen is sinds we afscheid namen van elkaar in onderlinge onafhankelijkheid verlopen.'
Fruit en noten
Ardi werd gevonden in de regio Afar in Ethiopië, een plek waar veel fossielen van uitgestorven planten en dieren zijn ontdekt. Vondsten wijzen erop dat het gebied waarin Ardi destijds rondliep erg bosrijk was. Door de vulkanische lagen boven en onder het skelet te dateren kon de geoloog Giday WoldeGabriel bepalen dat het 4,4 miljoen jaar oud is.
De hoektanden van de Ardipithecus lijken meer op de stompe hoektanden van mensen dan op de lange, scherpe tanden van chimpansees en andere primaten. Een analyse van het tandglazuur wees uit dat ze met fruit, noten en bladeren een gevarieerd dieet had. Hoewel haar neus niet zo lang was als die van veel hedendaagse apen gaf Ardi's reukorgaan haar een aapachtige verschijning.Ook de verbreding van het bot aan de bovenkant van haar oogkas verschilt van die van bijvoorbeeld een chimpansee.
De manier waarop zenuwen en bloedvaten aan de binnenkant van Ardi's schedel liepen wijst erop dat haar brein op dezelfde wijze was gepositioneerd als bij moderne mensen, wat erop lijkt te duiden dat Ardi's visuele en ruimtelijke beleving van de wereld leek op die van modernere mensachtigen.
Ardi's handen en polsen vertonen zowel primitieve kenmerken als modernere. Ze vertonen echter niet de kenmerken waarmee chimpansees en gorilla's aan takken hangen of op hun knokkels steunen bij het lopen. Haar handpalmen waren kort en haar vingers flexibel, zodat ze zich in een boom kon voortbewegen waarbij haar gewicht op haar palmen rustte. Ze moest wel voorzichtig zijn, omdat ze de anatomie ontbeerde waarmee huidige apen slingeren, hangen en soepel van tak tot tak gaan.
Dat Ardi ook rechtop kon lopen blijkt uit de manier waarop haar bilspieren op haar bekken en heupen lagen en waarmee ze zich in evenwicht kon houden. Daarnaast waren haar voeten stug genoeg om op te lopen, hoewel er ook nog steeds een duim aanwezig was om mee te kunnen klimmen.
Boer verdient helft minder

Landbouw Vlaamse land- en tuinbouwer verdient slechts 14.451 euro
NVT - Het inkomen van de Vlaamse land- en tuinbouwers staat voor het tweede jaar op rij op een historisch laag peil. Dat blijkt uit cijferwerk van de Boerenbond.
Werd in 2008 het inkomen van de land- en tuinbouwers ondergraven door de enorme prijsstijgingen voor veevoeders, meststoffen en energie, dan hebben dit jaar de forse prijsdalingen voor de meeste plantaardige en dierlijke landbouwproducten zwaar gewogen op het inkomen van de boer. De Boerenbond schat het gemiddelde inkomen van de Vlaamse land- en tuinbouwer voor dit jaar op 14.451 euro. Dat is ruim 63 procent minder dan het gemiddelde brutoloon van een Vlaamse werknemer, voegt de Boerenbond er nog aan toe.
De crisis begint volgens de Vlaamse landbouworganisatie overigens zijn tol te eisen. De Boerenbond zegt almaar meer signalen op te vangen dat de financiële reserves van heel wat land- en tuinbouwbedrijven uitgeput raken.
Het enige echte lichtpuntje dit jaar is dat voor de meeste akkerbouwgewassen de oogsten goed zullen zijn. Maar dat volstaat helemaal niet om de instorting van de prijzen te compenseren. De prijsval was zo goed als algemeen. Zowel de prijs van graan, aardappelen, suikerbieten, vlas, glasgroenten, champignons als appelen is sinds begin dit jaar fors gedaald. Met als resultaat een omzetdaling voor de plantaardige producten van ruim 11 procent. Wat de dierlijke eindproducten betreft, is er sprake van een terugval van de omzet met 9,5 procent. Dat is op het eerste zicht verwonderlijk omdat de melkveehouders van alle land- en tuinbouwers wellicht het zwaarst getroffen zijn. Maar tegelijk deden de rundvlees-, de kalfsvlees- en de eiersector het beter dan in 2008.
Op basis van de prijzen van de eerste acht tot negen maanden van dit jaar schat de Boerenbond dat de omzet van de hele Vlaamse land- en tuinbouw in 2009 tien procent lager zal liggen dan vorig jaar.
Het inkomen van alle land- en tuinbouwers in Vlaanderen samen kent niet zo'n daling. Het blijft beperkt tot een terugval met 3 procent. De boeren zagen niet enkel de prijzen van hun landbouwopbrengst instorten, maar ook hun productiekosten terugvallen omdat hun grondstoffen aanzienlijk goedkoper werden. Veevoeders werden 17 procent goedkoper, meststoffen 27 procent en energie zelfs 35 procent goedkoper vergeleken met vorig jaar. Het verklaart de beperktere daling van het globale inkomen.
Wanneer het inkomen per land- en tuinbouwer wordt bekeken, is er zelfs geen daling meer. Dat komt omdat dit jaar het aantal arbeidsplaatsen vier procent lager zal liggen, vergeleken met 2008. De Boerenbond schat dat dit jaar de Vlaamse land- en tuinbouw nog goed zal zijn voor iets minder dan 42.000 voltijdse arbeidsplaatsen.
Volgens de Boerenbond is de stabilisatie van het landbouwersinkomen op het niveau van 2008 maar een magere troost. Als de vergelijking wordt gemaakt met 2007 verdient de gemiddelde land- en tuinbouwer vandaag immers 47 procent minder dan twee jaar geleden. Deze vergelijking illustreert volgens de belangenorganisatie de diepe crisis in de hele sector.
De biblotheek in oktober

Tienen - Van zaterdag 10 t/m zaterdag 17 oktober loopt de Bibliotheekweek.
VERWENDAG
Zaterdag 10 oktober van 10.00 tot 13.00 uur
? Smul gratis koffie, muntthee en Marokkaans gebak.
? Zowel nieuwe als trouwe leden worden in de watten gelegd en krijgen leuke verrassingen, waaronder een heuse bibkalender.
? Verkoop boeken voor volwassenen – sla je slag!
GRATIS UITLEEN VAN SPEELFILMS
Van zaterdag 10 t/m zaterdag 17 oktober
Max. 5 materialen per bibliotheekbezoek.
BLU-RAY: NIEUW IN DE COLLECTIE!
Op een blu-rayschijfje kan vijf keer meer informatie dan op een gewone dvd. Hierdoor is het mogelijk om films in de allerhoogste beeld- en geluidskwaliteit te zien (high definition). Blu-raydiscs kan je afspelen op blu-rayspelers, recente computers en Playstation 3. Vanaf 10 oktober ’09 vind je een collectie in de stadsbibliotheek van Tienen. Gratis uitleen tijdens de bibliotheekweek.
INFOSESSIE ‘HET STADHUIS BIJ JOU THUIS’
Maandag 12 oktober om 20.00 uur (ca. 1.30 uur)
Deelname gratis, wel vooraf inschrijven.
Spreker: Marijke Tritsmans
De website van de stad Tienen, www.tienen.be, biedt een schat aan informatie voor alle inwoners en bezoekers van de stad. Wil je weten wat er allemaal te vinden is en hoe je er zelf mee aan de slag kan? Kom dan zeker naar deze infosessie. Www.tienen.be zal daarna geen geheimen meer voor je hebben!
LEZING ‘VERFILMDE BOEKEN’
Donderdag 15 oktober om 20.00 uur (ca. 1.30 uur)
Deelname € 5 (drankje en cursustekst inbegr.) – Vooraf inschrijven.
Spreker: Martine Kouwenhoven (Leesweb vzw)
In deze cursus bekijken we zowel de boeken als de films. Verschillen ze veel van elkaar? Geeft de film een meerwaarde? Klopt het beeld dat je krijgt tijdens het lezen van het boek? Is het boek beter dan de film?
Kortom, een boeiende mengeling van films en boeken!
BIBLIOTHEEKINTRODUCTIE
Zaterdag 17 oktober om 10.00 uur (ca. 1.30 uur)
Deelname gratis, wel vooraf inschrijven.
We nodigen je graag uit om samen met je partner, familie, vrienden of buren naar de stadsbibliotheek te komen. De bib is immers gedurende de laatste jaren flink veranderd en daar mag wel een woordje uitleg bij. We gaan samen op verkenning!
Inschrijven voor de activiteiten kan in de stadsbibliotheek, Grote Markt 3 in Tienen, tel 016 80 56 70, tienen@bibliotheek.be.
Identiteitskaart als treinkaartje

Uw identiteitskaart als treinkaartje
Sinds begin juni 2009 kunt u met uw elektronische identiteitskaart in ons land online een treinkaartje kopen zonder dat u nog een papieren vervoerbewijs hoeft af te printen. U hoeft ook niet over een kaartlezer te beschikken. Uw rijksregisternummer vormt het "Sesam open u".
Makkelijk
Wij deden meermaals de test en geraakten probleemloos op onze eindbestemming.
Wij zetten ons achter onze computer en surften naar de NMBS-website. Via “koop on line” gaven we aan dat we een gewoon biljet enkele reis wilden en we vinkten de optie “elektronische identiteitskaart” aan. Vervolgens moesten we onze naam, ons rijksregisternummer en ons e-mailadres invullen alsook naam en adres van de persoon die de betaling zou uitvoeren. De betaling moest online worden uitgevoerd, en wij betaalden met een kredietkaart.
Daarna kregen we via e-mail de bevestiging dat de betaling correct was uitgevoerd en dat het vervoerbewijs aan onze identiteitskaart was gelinkt.
In de trein zelf verliep de controle vrij vlot, al merkten we wel dat de conducteurs nog niet vertrouwd waren met het nieuwe systeem.
Milieuvriendelijk
Met het nieuwe systeem hoeft u geen treinkaartje meer af te printen. Het vervoerbewijs is gelinkt aan uw elektronische identiteitskaart, en die kaart moet u sowieso altijd op zak hebben. De conducteur beschikt over een toestel waarmee hij bij een controle in de trein aan de hand van uw identiteitskaart en uw rijksregisternummer kan checken of u over een vervoerbewijs beschikt.
En mijn privacy?
Volgens de NMBS hoeft u niet te vrezen voor schending van uw privacy omdat uw rijksregisternummer naar verluidt alleen wordt gebruikt voor de controle van uw vervoerbewijs in de trein, en dat het nummer na de controle meteen wordt gewist uit de bestanden van de NMBS.
Eén minpuntje
U kunt uw elektronische identiteitskaart nog niet voor alle treinkaartjes gebruiken. Voor een B-dagtrip zoals een dag naar de zoo van Antwerpen moet u bij een onlineboeking voorlopig nog altijd het elektronische treinkaartje afprinten. Misschien komt daar in de toekomst verandering in.
MuggenbetenMuggen, ze hebben heel wat mensen de voorbije zomermaanden wakker gehouden en jeukende plekken op het lichaam bezorgd. Maar niet iedereen is het doelwit van die ongewenste bezoekers en volgens de Sunday Telegraph weten we nu eindelijk hoe dat komt: het is zoetgeurend zweet dat de mug op afstand houdt.
We gaan de zomer missen, maar voor veel mensen is er toch een pluspunt: de muggen verdwijnen uit onze slaapkamers, wat goed is voor de nachtrust van wie voortdurend wordt gebeten (of eigenlijk: gestoken). Zeker wanneer die merkt hoe de bedgenoot daar helemaal geen last van heeft.
Over de oorzaak doen heel wat verhalen de ronde, maar aangezien ook wetenschappers niet immuun zijn voor de mug, is nu echt onderzoek verricht en daardoor weten we nu waarom de mug discrimineert: dat heeft niets te maken met 'zoet bloed', zoals vaak wordt gezegd; de echte oorzaak zit in zoet zweet. Want doelwitten van de muggen blijken minder fruitachtige, zoete elementen in hun zweet te hebben dan de mensen die geen ongewenst bezoek krijgen van de insecten. Want het zijn die zoete componenten, ketonen genaamd, die de mug weghouden. Dus hoe meer je daarvan, hebt, hoe ongestoorder je slaapt.
Volgens dr. James Logan, onderzoeksleider aan het Britse Rothamsead Research Institute, 'kunnen muskieten een breed gamma van chemicaliën en signalen opsporen die hen zeggen dat ze te maken hebben met een mens. Maar als zo'n mens een grote hoeveelheid ketonen in het zweet heeft en dus zoet ruikt, denkt de mug dat het niet om een mens gaat en laat hij die dus met rust'.
Dr. Logans ploeg analyseerde de lichaamsgeuren van een aantal vrijwilligers die werden gebeten en van mensen die daar geen last van hadden. Hen werd gevraagd geen alcohol te drinken, geen parfums of andere geurmiddelen te gebruiken, zodat alleen hun natuurlijke lijfgeur te ruiken was. Dat leidde tot de ontdekking van vijf ketonen die muggen op afstand houden. Als die op de huid werden gespoten van mensen die normaal gesproken door muggen werden belaagd, hadden die er geen last meer van.
Op basis van die bevinding wordt nu, in samenwerking met een commercieel bedrijf, een manier uitgewerkt om met die ketonen (waarvan de geur doet denken aan extreem zoet fruit of aan aceton om nagellak te verwijderen) een nieuw anti-muggenproduct te lanceren. Dat is al uitgetest in Kenia en Brazilië, waar muskieten ook gevaarlijke ziektes als malaria veroorzaken, en daaruit bleek dat ze succesvol zijn in de strijd tegen verschillende soorten muskieten, waaronder de 'Culex', die in deze contreien voor zoveel slapeloze nachten zorgt.
Het ontstaan van de familienaamOnze voorouders, de Germaanse volksstam van de Franken, hadden een éénnaamsysteem. Eén naam volstond, omdat bijna iedereen een verschillende naam kreeg. Dit was mogelijk door het combineren van naamelementen tot steeds nieuwe, tweeledige samenstellingen.
In de middeleeuwen is het Germaanse éénnaamsysteem langzaam maar zeker in verval geraakt en geleidelijk vervangen door een tweenamensysteem, bestaande uit een voornaam + een toenaam.
Deze ontwikkeling is toe te schrijven aan een samengaan van verschillende factoren:
De christianisering deed onrechtstreeks heel wat Germaanse persoonsnamen in vergetelheid raken.
Hoewel het tot aan het concilie van Trente (1545-1563) geen verplichting was om een christelijke doopnaam te dragen, werd begrijpelijkerwijze toch vaak de voorkeur gegeven aan een naam uit de Bijbel. Meteen werden heel wat vreemde namen geïntroduceerd: Hebreeuwse (bv. Johannes), Griekse (bv. Stefaan), Latijnse (bv. Marcus). De Germaanse namen bleven behouden inzoverre er heiligen met deze namen waren, bijv. Bernard, verlatijnst tot Bernardus.
In de 12de eeuw werden enkele heiligennamen zeer populair: Johannes, Petrus, Nicolaus en Wilhelmus voor jongens; Maria, Catharina, Margaretha voor meisjes. Mede door het gebrek aan voldoende heiligennamen kregen een massa dopelingen dezelfde naam. In de 10de eeuw waren er bijvoorbeeld in het Gentse voor 287 mensen nog 259 verschillende namen; maar in de 13de eeuw droeg een derde van de mannen vermeld in de oorkonden van St.-Bernards-aan-de-Schelde de namen Johannes, Nicolaus of Wilhelmus.
Het beperkte aantal beschikbare namen vormde een belangrijke oorzaak voor de afbraak van het éénnaamssysteem. Om de vele personen die Jan of Willem heetten, van elkaar te kunnen onderscheiden, werd een tweede naam toegevoegd, bv. Jan Jans sone > Janssen (zoon van Jan); Wilhelmus de Smet.
Het Germaanse naamgevingssysteem verarmde door mechanische vernoeming: vader en (oudste) zoon kregen dezelfde naam.
Het oudste voorbeeld dateert uit 867: vader Liodricus heeft een zoon Liudricus (aan de IJzer).
Vernoeming werd een mode bij de hoogmiddeleeuwse adel. In adellijke families werden bepaalde namen van generatie op generatie overgedragen: Isbrand in het geslacht Haarlem, Diederik bij de Hollandse graven, Boudewijn bij de graven van Vlaanderen, Berthold bij de Zähringer, Friedrich bij de Hohenzollern. Van de adel zakte de mode af naar de lagere adel, naar de patriciërs en tenslotte ook naar de gewone lieden.
Een andere aanleiding tot uitbreiding van het éénnaamsysteem was de bewuste wil van de hogere standen om zich te onderscheiden van het volk.
De adel was de eerste groep die een geografische toenaam aannam, waarin op het feodale bezit gewezen werd, bv. 1296: dominus Johannes de Berthoudt dictus de Berlaer (de Berthouts hadden heel wat bezittingen in de omgeving van Berlaar). Het Franse de en het Duitse von als aanloop in familienamen wijzen overigens op adellijke afkomst, bv. d'Udekem de Guertechin, von Droste zu Hülshoff. De mode van de tweenamigheid waaide over naar de burgerij: ook de burgers uit de steden begonnen een tweede naam toe te voegen. Die toenaam hoefde niet noodzakelijk geografisch van aard te zijn, maar kon ook de naam van de vader zijn, bv. Wolther, Bruyns soen 'Wouter, de zoon van Bruin'.
Een vierde factor is de opkomst van de steden en de enorme bevolkingstoename die daarmee gepaard ging vanaf de 12de eeuw, eerst in Vlaanderen, daarna in Brabant, vervolgens in Holland. Toename van de bevolking in de steden bij gelijktijdige verarming van het namenbestand deed een praktisch naamgevingsprobleem ontstaan, dat werd opgelost door over te schakelen op een systeem van tweenamigheid.
Het typeren van de medemens is een motief dat van alle tijden is. Het identificeren en typeren van de medemens gebeurt niet alleen op grond van herkomst (bv. Van Brussel, Van de Velde), maar ook op basis van het beroep (bv. Desmet, Bakker, Cuypers) of van opvallende fysieke en psychische eigenschappen (bv. De Wilde, De Groot, Roobaert). Dit zijn types die overal ter wereld voorkomen, allicht niet minder bij onze voorouders dan elders.
De ontwikkeling van vaste achternamen verloopt geleidelijk: de invoering van erfelijke geslachtsnamen verloopt van zuid naar noord, van stad naar platteland, van de hogere naar de lagere klassen van de bevolking.
In de Zuidelijke Nederlanden, die vroeger dan de Noordelijke tot bloei zijn gekomen, zijn er al vanaf de 13de eeuw namen die van vader op zoon/dochter worden overgedragen. In Vlaamse steden als Brugge en Gent hebben de meeste burgers al in de 14de en de 15de eeuw vaste achternamen. In Brabant en Limburg ontstaan vaste geslachtsnamen iets later dan in het graafschap Vlaanderen.
In het Noorden is het gewest Holland het eerst met het aannemen van vaste geslachtsnamen: de ontwikkeling komt er op gang in de 16de en 17de eeuw. De noordelijke provincies Friesland, Groningen en Drenthe bereiken pas in de 18de en 19de eeuw hetzelfde peil als Holland, wat het aantal burgers die een vaste achternaam voeren betreft.
De vaste achternaam vindt in de hogere klassen van de bevolking vroeger en sneller ingang dan meer onderaan op de sociale ladder.
In de steden is het gebruik van een vaste geslachtsnaam sneller gemeengoed geworden dan op het platteland.
Eend

Vliegende eend
Berglandschap

Berglandschap met hoeve
Partner in functie van de job

Het loon en de status die vasthangen aan de job van onze partner bepalen grotendeels het beeld dat we van hem of haar hebben. Dat blijkt uit een onderzoek van Jobat, Editions de l’Avenir en Actu24 bij 7.200 tweeverdieners.
Driekwart van die ondervraagde tweeverdieners zegt dat zowel de job als het loon van zijn of haar partner zonder meer het beeld bepalen dat ze van hem of haar hebben. Vier op de tien kiest zijn partner zelfs in functie van zijn job. Hoe hoger het loon van die partner, hoe meer tevreden we zijn over zijn of haar job, geven de meer dan 7.000 tweeverdieners toe.
“Loon is inderdaad een sterke motivatie”, zegt Dimitri Mortelmans, professor sociologie aan de Universiteit Antwerpen. “Lange dagen werken voor weinig loon leidt tot ontevredenheid. Een hoger loon zorgt voor compensatie en plaatst alles in perspectief.”
Eén op vijf is helemaal niet tevreden met de job van zijn of haar partner. Een te laag loon, te weinig ambitie en te veel overuren zijn de grootste boosdoeners. “Overuren kan men compenseren met een hoger loon, maar dat lukt niet altijd. Zeker niet als het loon niet evenredig is met de geleverde inspanning”, meent Mortelmans.
Het meest tevreden over de job van onze partner zijn we als die in het onderwijs werkt of een kaderfunctie heeft. “Logisch. De eerste is vastbenoemd en heeft veel vakantie. De andere verdient goed, wat het gebrek aan tijd en aandacht compenseert”, legt Mortelmans uit.