dat had u nog tegoed uit de reeks " Brussel keramiek"
HUIS VERMEREN-COCHE
Vele kunstenaars hebben met dit huis samengewerkt , gesticht door CHARLES WINDISH IN 1830.In het begin "DE AUBERGE CABARET" met als zaakvoerder Jacques Coché-Mommens. Hernomen in 1852 door EMILE THEODORE VERMEREN - COCHE. Om in het kort de geschiedenis te schetsen vinden we verscheidene katalogen , brieven en kalenders van het bedrijf in het begin van de 20 ste eeuw, volgende tekst ; De belgische manufactuur , Vermeren-Coché dateert van 1832 en kent een bescheiden start. Het was een oud werknemer van de fabriek ' Sèvre' , die als eerste een vergunning kreeg, om een porseleinfabriek te bouwen. Sindsdien is deze industrie dusdanig uitgebreid , dat ze de oppervlakte tussen de CH. De Waverstraat en de Milaanstraat en de Conseilstraat in beslag nam.
De kalender, in een inleidende tekst tekst voegt eraan toe dat ; het huis V-C onderscheidt zich vooral door zijn goede smaak die ze vooral in haar afdeling " decoratie" beoogt. Sinds enkele jaren houdt de manufactuur zich vooral bezig met keramisch aardewerk, bestemd voor architekturale doeleinden.
De verscheidene bestellingen die de overheid aan het bedrijf heeft willen gunnen, bevestigen de waarde van het produkt die werden geleverd door de directie om tot een produkt te komen dat de weersomstandigheden trotseerde en kleurvastheid garandeerde. Vanaf het bestuur van weduwe Coché in 1891 tot 1901 en haar neef Louis De MEULDRE-COCHE tussen 1901 en 1933 ,produceert men "keramisch aardewerk" . De hoofdzetel met expositieruimte en magazijnen zijn gelegen aan de Waverse Steenweg 141, maar de fabriek heeft intussen ook 3 bijhuizen : 1. Madeleinestraat, 56 Antwerpen 2. De tanneurstraat, 49, Oostende en Vlaanderenstraar, 11.
Door het feit dat Mevr. VC geen kinderen had hechtte ze zich vooral aan de dochter van haar broer , Marthe Coché , die ze in haar nabijheid opvoedde . Deze huwde in 1895 met Louis Robert De Meuldre, afkomstig uit een militaire familie. Deze nam na het huwelijk ontslag bij het leger om de zaken verder te behartigen die vanaf 1869 waren geleid door wedeuwe CH. V-C .
Een verkoopscataloog van 1898 met betrekking tot keramisch aardewerk maakt gewag van enkele merkwaardige producten gemaakt door één van de talentrijkste kunstenaars uit die tijd, ISIDOOR DE RUDDER, In de tekst wordt de kwaliteit, de weersbestendigheid en de waarde van het produkt benadrukt. Zelfs wordt de vergelijking gemaakt met buitenlandse profukten waar, in dit geval, de kwaliteit hoger wordt geprezen qua duurzaamheid. Men geeft daarbij volgende voorbeelden: men geeft daarbij de volgende voorbeelden : de panelen van het provinciaal gouvernement van Gent, station van Peruwelz en Jemappes, Old England brussel ( nù museum van musiekinstrument door architekt Paul Saintenoy. Men richt eveneens een uitnodiging aan de architekten en bouwheren voor een bezoek aan de fabriek, waar werken te zien zijn van o.a. Isidoor De Rudder, De tombay, Jacobs, Van Hove, Vandenbosch, ....Mevrouw Coché schrikt er niet voor terug om samen te werken met de beste modeleurs , perfekte tekenaars, en gerenomeerde kunstenaars-schilders. Onder de kunstenaars die er tijdens de art nouveau-periode werkten dienen we zeker Adolphe DE MOL te vermelden, zoon van Jean Martin De Mol, auteur van een prachtig paneel welke vrouw met hond voorstelt. Edmond Van Hove welke een médaillon ontwierp genaamd " la libellule" eveneens bewaard in de familiearchieven. De decorateur JEAN ANTOINE MERTEL . De keramiekschilder " EMILE DE VALORIA" waarvan 3 generaties elkaar zullen opvolgen aan het hoofd van de ateliers V.C. . Verder nog CHARLES AUGIST FRAIKIN, de keramist en chemist M SETTE, de beeldhouwer JULES LAGAE, ALFRED CRICK en vanzelfsprekend ISIDOOR DE RUDDER , ontwerper van 3 wondermooie muzen ; "la musique, la couleur en architecture" . Op de muren van de zetel , vandaag omgebouwd tot verkoopsruimte voor geschenken " DE MEULDRE " OP DE WAVERSE STEENWEG 141, Ixelles .
De beroemste onder hen is zonder twijfel De Rudder ( 1855/1943), leerling van Stallaert en Simonis. IDR behaalde de tweede prijs van Rome in 1882 .Hij was professor aan de koninkllijke Academie van 1911 tot 1927 en was zeker één van de grondleggers van de AN in Brussel. De produktie van keramiek AN was in die tijd noch voor De Rudder noch voor de andere kunstenaars hun hoofdbezigheid. Zij maakten meestal bustes, maskers of gebruiksvoorwerpen allerlei. De Rudder werkte samen met zijn vrouw HELENE MENIL, veelal aan borduurwerk. Aldus kregen ze de opdracht voor de trouwzaal van de stad brussel en van Sint Gillis, alsook die van de erezaal van de tentoonstelling te Tervuren in 1887. In 1892 komt De Rudder werken in de ateliers van mevr wed Coché , die openstaat voor nieuwigheden, zoals trouwens later haar neef, Louis Demeuldre. Zo werd aan tal van kunstenaars de kans geboden tot realisaties van een commerciële productie. Voor de kleurbepaling van zijn werken liet IDR zich bijstaan door Emile De Valeriola, die op dat ogenblik de leiding had van het atelier-schilders. De rudder is op dat ogenblik de enige kunstenaar die zich interesseert in dat domein en geeft zijn ondervinding door in een opmerkelijke toespraak , gehouden ter gelegenheid van het internationaal Congres voor Volkskunde, met betrekking tot " KERAMIEK IN OPEN LUCHT"
De rudder bleef bij de fabriek tot 1914 waar hij o.a. verschillende maskers ontwierp zowel in aardewerk als porcelein, geïnspireerd op legendarische figuren van de literatuur als van de opera. Eveneens maakte hij panelen zoals " les 4 arts" waarvan er slechts 3 bewaard zijn gebleven en waarvan het vierde verdween tijdens de tweede wereldoorlog.
Onder de voornaamste werken van het bedrijf VC vermelden we :
Conraetstraat, 56, St Gillis . ( realisatie rond 1895) die veel gelijkenis veroont met deze van het atelier op de waverse steenweg 141. Verschillende antiquairs en aannemers van herstellingen bevestigen ons dat deze figuren regelmatig voorkwamen in grote Brusselse huizen maar werden vernietigdtussen 1960 en 1970. Diezelfde heren hebben er zelfs veel afgebroken om door te verkopenaan buitenlanders vooral japanners. We (B Verbrugge / M Baeck) waren zelf getuige van een verkoop van panelen aan buitenlanders waarvan we de bestemming niet kennen . Bovenvernoemde panelen zijn de enkele overgeblevene kunstwerken waarvoor we bijzonder veel zorg moeten dragen en bewaren voor het nageslacht. Het warenhuis ( nu muziekinstrumenten meuseum) " Old England" Hofberg Brussel van architekt Paul Saintenoy verkoos de combinatie van staalstructuur van de gevel versierd met keramiektegels uit het bedrijf VC, welke hij zeer goed kende . De gevel van dit gebouw werd met prachtige medaillons uit het atelier afgewerk. Saintenoy maakte er eveneens gebruik van op de gevels van de Kroonstraat nummers 88 / 90 / 188.
Een grote fries is te zien onder de dakgoot op de Generaal Jacqueslaan, 31, Ixelles . Men ziet er witte waterlelies. Recht daar tegenover op nr 36 ziet u 3 panelen met wit/rozige bloemen op een blauw/groene achtergrond.
Eén van de mooist uitgevoerde werken van IDR is te bewonderen op het bedrijf zelf genaamd " le printemps" uitgevoerd in polychroom aardewerk. Eventjes terug naar het werk van IDR waarvan een paneel is verdwenen. Het wordt als het topwerk van De Rudder beschouwd en is te bewonderen in de zetel van VERMEEREN-COCHE !
Mijn oprechte dank gaat nogmaals naar allen die het mogelijk hebben gemaakt deze schitterende tentoonstelling in te richten en er een kataloog hebben aan toegevoegd welke ik vrij heb vertaald .
Ik kan niets beloven maar zal trachten van de drie fabrikanten enkele schitterende werken te tonen. Ik hang af van iemand die mooie foto's kan maken , alleen de tijd ontbreekt haar !
|