Foto
Foto

Lees mijn Geraardsbergse gedichten en gedachten via een klik op bovenstaande foto of klik op de foto hieronder voor een reeks fotogedichten.

Foto
Klik op onderstaande foto en lees enkele persberichten.
Het is niet veel maar toch iets, dus meer dan niets.
Foto
Kom effe bij je zitten

Ik koos bewust voor geen gastenboek. Je kan reageren onder elk gedicht via de reageerknop of via E-mail.

Inhoud blog
  • Poezie tijdens retrospectieve van Daniel Janssens
  • Ode aan de mattentaart
  • Woordje vooraf
  • Voorleesmoment van Marleen De Smet
  • Spiegels
  • Spiegels
  • Spiegels
  • Gedichtendag 2013 te Geraardsbergen - Thema muziek
  • Muzikale gedichtendag 2013 te Geraardsbergen: Wat zingt, klinkt.
  • Gemis in een roodblozende herinnering
  • Poëzie langsheen de biZARroute van Zarlardinge (Geraardsbergen)
  • Marleen in dichtbundel: Zalig in de strandstoel van haar adem (samengesteld door Thierry Deleu)
  • De biZARroute
  • Kopzorg bij een schilderij van Peggy Wauters
  • Gaby Desmyter en Marleen De Smet in levende lijve
  • Galmaarden
  • Annie M.G. Schmidt - Een dichter
  • Bestendiging dorpsgedicht op de tuinmuur van het Galmaardse Baljuwhuis
  • kruisje
  • Marleen op Meander
  • Stromen en stormen
  • Herfst
  • Rozentuin, klavierklanken & Spiegels, bakens
  • Tweede jaarboek van de Vlaams-Nederlandse Dichtergenootschap 'De 50 Meesterdichters van de Lage Landen bij de zee'
  • Marleen op Meander
  • Marleen De Smet en Willie Verhegghe in 'Dichter bij mijn stad'
  • Dichter bij mijn stad
  • Avondluchten in Diepenbeek door Hannie Rouweler
  • Inleiding bij voorstelling 7de roman van Thierry Deleu
  • vanzelfsprekend
  • "Vanzelfsprekend" in De Vallei
  • Viviane Burssens veert met de veerman
  • Van alles 1 + 1 (nieuwe verzamelbundel Demer Uitgeverij)
  • Twee dorpsdichters en een stadsdichter verzamelden bij Marnixring
  • Ebbe en vloed - nieuwe dichtbundel van Thierry Deleu
  • De drie stadsdichters - poëzie uit de Denderstreek
  • De drie stadsdichters
  • Gedichtendag te Geraardsbergen
  • Galmaardse Dorpsdichter 2011
  • Dichters dromen Lucide (2de druk) door Thierry Deleu
  • Puppie
  • Poëzie is overal gelijk - Gesprek met Thierry Deleu
  • Die Liebe in Holland und Flandern (Liefde in Holland en Vlaanderen)
  • Klein festival van de Europese dichtkunst te Antwerpen
  • Gewoon lekker
  • Tussen schaduw en schittering (Magazine Info Geraardsbergen - september)
  • Klein festival van de Europese dichtkunst
  • Tussen schaduw en schittering
  • Vleesbrochette en een wesp (door Eddy Keyaerts)
  • Vlaamse poëzie na 1975 - Een andere bedding?
  • Ik ben grote fan van Nicole Van Overstraeten
  • Dichterlijk Vlaanderen (door Thierry Deleu)
  • Postergedichten t.g.v. Curieuse kunstroute Geraardsbergen 'Home Art'
  • Een bewogen gebaar: Zacht (door Thierry Deleu)
  • Bellen Blazen
  • Hond en kat en andere beestjes
  • Op de schommel met Didier De Deken
  • 'Klaprozen en Kamermuziek' & 'Poppies and Chamber Music'
  • De zee, het water (Hannie Rouweler)
  • Verslag 'Poorten van de avondzon - Pforten der Abendsonne
  • insomnia
  • Rue Haute
  • zelfportret
  • Rietje rijmt (nieuw boek van Viviane Burssens)
  • Mijn muze is hij die voor mij zong
  • Hagelanddichter Ina Stabergh
  • zuivering (met Duitse vertaling door Fred Schywek)
  • spiegelbeeld
  • winterwandel (met papa)
  • De 50 Meesterdichters van de Lage Landen bij de zee
  • schaduwlopen
  • Camellia Japonica
  • Marie-Thérèse
  • Wat maakt je groot in letterenland?
  • Zintuiglijk avontuur
  • applaus (met dank aan Steven en Ben)
  • Dat wie zich poëet noemt, het eerste woord werpe.
  • land zonder ooievaars
  • Viviane Burssens laait in sterrenstof
    © Niets mag overgenomen of verveelvoudigd worden op eender welke wijze zonder de schriftelijke toestemming van de auteur.
    Mailinglijst

    Geef je e-mail adres op en klik op onderstaande knop om je in te schrijven voor de mailinglist.


    Onderweg met Marleen De Smet

    10-12-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De 50 Meesterdichters van de Lage Landen bij de zee


    Het is zo ver!



    De voorstelling van het eerste jaarboek van het Vlaams-Nederlands dichtersgenootschap "De 50 Meesterdichters van de lage Landen bij de zee" was een groot succes tijdens de voorstelling in de 'kok-pit' van het gemeentehuis te Koksijde. 

     


    HOE DE DICHTER ZICH EEN WEG GESELT TEGEN WIND







     


    onder het voorzitterschap van dichter/schrijver Thierry Deleu

    Zandzeggelaan 18-102

    B-8670 Oostduinkerke (België)

    GSM: 0478/745498

    E-mail: thierry.deleu@skynet.be

    Zie link in de rechtermarge (klik op desbetreffende foto) en ook

    http://www.geletterdemens.blogspot.com 




    Toch even een overzicht

     


    Aanvankelijk

     

    “De 50 Meesterdichters van Vlaanderen” werd gesticht begin 2000 op initiatief van “The Order of the Razorblades” (“De Orde van de Scheermesjes”), de eerste online ridderorde in Vlaanderen en Nederland. Het idee kwam van enkele “geridderde” dichters.

    Het initiatief beantwoordt aan de wens van talrijke dichters, die de essentiële waarden van hun creativiteit willen veilig stellen: de kwaliteit van hun gedichten, het respect voor elkaar en een welkome promotie van hun poëzie.

     

    Daarna

     

    Toen echter ook dichters uit Nederland belangstelling toonden voor het initiatief, werden er gesprekken gevoerd over de wenselijkheid van een uitbreiding tot “de Lage Landen bij de zee”. Na overleg werd deze optie genomen.




     

     

    Wie zijn de 50 Meesterdichters en wat zijn de modaliteiten

     

    Het aantal werkende leden “Meesterdichters” werd vastgesteld op maximum 50 leden.

    Het zijn (in alfabetische volgorde en niet volgens de datum van hun selectie):

     

    Marcella Baete

    Bert Bevers

    John Brookhouse

    Marc Bungeneers

    Gunnar Callebaut

    Martin Carrette

    Greta Casier

    Frans Claus

    Jeannine Debbaut

    Frans de Birk

    Lidy De Brouwer

    Pierre Declerck

    Leni De Goeyse

    Jenny Dejager

    Marleen De Smet

    Thierry Deleu

    Luc Demiddele

    Ferre Denis

    Gwen Deprez

    Astrid Dewancker

    Germain Droogenbroodt

    Fernand Florizoone

    Ludo Geloen

    Hejatomsma

    Patricia Lasoen

    Paul van Leeuwenkamp

    Frédéric Leroy

    Cathy Mara

    Mark Meekers

    Peter Motte

    Edith Oeyen

    Ruud Poppelaars

    Eric Rosseel

    Annmarie Sauer

    Maurits Sterkenburg

    Pien Storm van Leeuwen

    Ina Stabergh

    Annemieke Steenbergen

    Jet van Swieten

    Henri Thijs

    Annette van den Bosch

    Guy Vandendriessche

    Yerna Van Den Driessche

    Eric Vandenwyngaerden

    Jozef Vandromme

    Jan Van Loy

    Dirk Vekemans

    Katelijn Vijncke

    Pom Wolff

    Peter Wullen

     

    Om tot “Meesterdichter” te kunnen worden benoemd dient er onherroepelijk een periode als “solliciterende Meesterdichter” te worden doorgemaakt. Die periode omhelst één jaar.

    De titel van “solliciterende Meesterdichter” wordt verleend aan dichters die minstens drie gedichten hebben gepubliceerd in een tijdschrift/e-zine of bloemlezing, ofwel gelauwerd of geprijsd werden in de Lage Landen.

    “Razor’s Edge Editions” stelt een jaarboek in het vooruitzicht, met als ondertitel “De 50 Meesterdichters van de Lage Landen bij de zee”.
    Vermits de “solliciterende Meesterdichters” pas en precies na één jaar “Meesterdichter” worden (de proefperiode), kon die bundel ten vroegste één jaar na de geselecteerde 50ste “solliciterende Meesterdichter” verschijnen, dus op 3 december 2008.

    Een eerste aanpassing van "De 50 Meesterdichters" komt er aan voor de periode 2009-2010. Alleen bij overlijden, ontslag of klacht wordt een naam geschrapt en door een andere "Meesterdichter" vervangen.

    Alle "Meesterdichters" moeten een goede reputatie hebben als mens en als dichter. Zij zijn de toekomst van het poëtich patrimonium van de Lage Landen bij de zee.


     

     

    De kok-pit in het gemeentehuis van Koksijde.

     

    10-12-2008 om 00:00 geschreven door Marleen De Smet


    >> Reageer (2)
    11-10-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.schaduwlopen





    schaduwlopen

     

     

    aan het hoofdpunt

    van mijn schaduw

    vraag ik in de lengte

    van de dagen

    of de uren lang duren

    er is zon, antwoordt de morgen

    uit mijn licht, schreeuwt de zon

     

    tegen de middag loop ik

    mezelf tegen het lijf

    waan me op de evenaar

    en zie bij een tros duiven

    de vergeten r

    r ruil ik voor huivering

    ik kroop er binnenin

     

    de avond fraseert

    me tot schuivende schim

    west werpt naar oost

    achtervolgingswaanzin

    verbolgen sta ik, ga ik, ren en

    breek mijn lijf tegen een muur

    ik geraak er niet meer in

     

    © Marleen De Smet 

    11-10-2008 om 23:34 geschreven door Marleen De Smet


    >> Reageer (4)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Camellia Japonica

     

     

      

     

     

     

    Camellia Japonica

     

     

    als een bloesemjapon

    met hemelparels besprenkeld

    draagt Camellia

    haar kinderen groengekranst

    zo bloei ik mijn woorden, roosblozend

     

    in slow motion groeten

    haar kelken flinterfleurig

    hoe broos is sentiment

    als storm haar stut neigt

    zo vorm ik mijn zinnen, bloemend

     

    tot welken gedoemd

    als uitgebotte proppen

    een kort leven beschoren

    tot de volgende groei

    zo worden mijn verzen geboren

     

    © Marleen De Smet

     

    11-10-2008 om 15:09 geschreven door Marleen De Smet


    >> Reageer (0)
    14-09-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Marie-Thérèse


     
    Augustus 2008. Samen met de eerste schooljuf.

     

     


    Mijn eerste schooljuf was juffrouw Marie-Thérèse. Wist ik veel dat ik -als ukkepuk van 2,5- 46 jaar later samen met haar naar de lens zou glunderen. Groots was het weerzien toen ze me op mijn huwelijksdag een bos bloemen overhandigde. Onlangs ontmoette ik haar weer en gretig werd het verleden opgedist. Ik voelde me geborgen omdat ik nog steeds haar zachte blik waarnam, zo ook haar helende stem en troostende handen.

     

     

    De eerste schooldag

     

     

    “En nu zijt ge een groot meiske, zenne. Ge moogt naar ‘t scholeke gaan waar ge in de zandbak kunt spelen. In je boekentaske zit nen boterham, ne koek, nen appel en een propere onderbroek. En nu flink zijn, om vier uur kom ik je weer halen”

     

    “Kom ik je weer halen? ~§#* ?” sloeg in als een whleiiiii mmammmaaa bij heldere hemel tijdens die eerste schooldag in 1962.

     

    Ik overstijg de tijd en alsof het gisteren was zie ik mezelf in het witte jurkje en dito truitje. Verlatingsangst overvalt me als ik stilsta bij het moment dat mama me achterliet in het grote glazige huis met op de vensters mastodonte schilderingen. Juist, Sneeuwwitje en de zeven dwergen bezorgden me een huiveringwekkende gewaarwording: het waren schrikwekkende reuzen.

     

    Die morgen begon wellicht normaal, want daarvan herinner ik me niets. Maar toen mama voor het schreeuwerige gebouw de fietsremmen dichtkneep en me handig van het kinderzitje zwaaide, wist ik meteen wat me te wachten stond. Dat zal mama hebben geweten. Elke poging die ze ondernam om me te sussen was tevergeefs, niets hielp.

     

    Het was lente, het zonlicht flitste. Schreiend peddelde ik aan haar hand over de speelkoer waar ze me toevertrouwde aan juffrouw Marie-Thérèse.

    “Ga maar, Simonne” zei de juf met hese stem, “eens je weg bent zal Marleentje wel stoppen met schreien”.
    De stem van juffrouw Marie-Thérèse klonk fluisterend hees. Niet dat ze door overmatige inspanning een onhelder stemgeluid voortbracht. Neen, zij klonk zoals ze was: zacht en teder. 

    Mama gaf me een zoen, een natte zilte zoen. Ze twijfelde minutenlang waarna ze als een wemelende stip in de verte verdween. In de verwarring krijste ik de pannen van het dak, stampte de tegels uit de vloer en zwaaide wild in het rond met alles wat kon bewegen. Tot op de dag van vandaag voel ik de drang mijn handen naar mama uit te steken, haar vast te grijpen, mijn armen te verankeren rond haar hals om haar uiteindelijk nooit meer los te laten.

    En zucht, mama kwam terug, nam me nog één keer stevig vast en knuffelde en zoende me weer, maar euh… mama weende nog een keer en ik, ik wilde weg uit die lawaaierige keet.

     

    Mams was bang, ik was bang, de hele wereld was bang. Maar de juf bleef rustig. De juf hield me in haar buurt terwijl ze met open armen de volgende niet te bedaren waterlanders verwelkomde.

     
    MarLeen

    14-09-2008 om 21:35 geschreven door Marleen De Smet


    >> Reageer (0)
    13-07-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Wat maakt je groot in letterenland?


    In het kielzog van 50 meesterdichters

     

     

    “Ontmoet de juiste persoon op het juiste moment en op de juiste plaats”. 
    Gemakkelijker gezegd dan gedaan.


    Ik schaar me achter onderstaand artikel van Thierry Deleu. Toegegeven dat ik op geen vijf plaatsen tegelijkertijd wil en kan aanwezig zijn en bovendien opteer voor bescheiden profileren.

    Kwaliteit gaat boven kwantiteit… waar hoorde ik dat eerder?

    Is succes verzekerd voor de durvers? Ik kan ze geen ongelijk geven. Maar het plaatje van elleboogwerkers en snakes is snel doorknipt?

    Of geniet je van elk moment dat je tevreden bent met wat je presteerde, weliswaar zonder buitensporige belangstelling maar met bewondering voor dàt wat je doet met de vrijheid je eigen standpunten te verdedigen?

    Ik ga voor het laatste omdat ik voornamelijk voor mezelf schrijf. Hoewel (en ik glimlach bedenkelijk), bloggen is een explosieve schrede in de richting van willen gelezen worden, een-bereid-zijn tot openbaring. De anonieme lezer staat het bovendien vrij te blijven of zich uit te klikken. Wat een comfort!

    MarLeen




    Thierry Deleu


     

    Wat maakt je groot in letterenland?

    (met dank aan en door Thierry Deleu)

     

     

    Deze vraag wordt mij meestal gesteld door vrienden en ex-collega’s, die geen flauw benul hebben van hoe groot GROOT is. Wanneer zij het MIJ vragen, wil het ook zeggen dat zij het over een “GROTE auteur” hebben. Ik heb het al zo dikwijls uitgelegd en geargumenteerd, maar zij blijven het mij vragen. Laten wij aannemen dat het niet is om mij een pleziertje te doen en even met mij mee te lopen in het smalle literaire weggetje, dat grillig door de Lage Landen bij de zee kringelt. Dit is een opportuniteit en ik heb geleerd in opportuniteiten te denken.

     

    Jij die mij deze vraag stelt, je moet natuurlijk willen lezen, daarom niet eens een boek (indien je mijn boeken kóópt, ben ik al tevreden), maar toch moet je bereid zijn om met gretigheid te bladeren in kranten, weekbladen en tijdschriften of op internet te surfen naar literaire oneline magazines. Daar vind je mijn antwoord. Daar vind je welk advies ik geef aan de overheid en aan uitgevers en bibliothecarissen.

     

    In het Vlaamse letterenland moet een mens op zijn woorden letten, zeker als het gaat over macht en centen. De machthebbers (die zich verstoppen achter structuren) zijn niet gediend met pottenkijkers zoals ik. Maar op mijn 68ste kan ik tegen discriminatie en verbanning indien het mijzelf betreft. Ook de collegialiteit onder de auteurs is niet voorbeeldig. Het zijn individualisten. Ze beconcurreren elkaar graag, maar ze verenigen zich niet graag. Nochtans “eendracht maakt macht”: macht in de vorm van inspraak, controle, medebeheer, beleid.

    Erger: auteurs laten zich opnemen in vermelde structuren waar ze worden opgehemeld (mentaal als financieel), maar waar ze eigenlijk worden ingekapseld en geneutraliseerd. “Je kunt maar beter goede maatjes zijn met de bazen!” is hun argument.

     

    Opnieuw zullen velen zeggen: die krasse knar is daar weer! Soit! Ik voel mij niet zo, maar ik ben ook geen jonge hemelbestormer meer!

     

    Hoe word je GROOT? Onze ouders (die van mij toch, in de jaren ’50) zouden zeggen: door naar het bord te kijken! Zij bedoelden: door hard te studeren om later “voor de staat” te kunnen werken, dit biedt zekerheid!

    Opleiding en werkzekerheid zijn zeker sterke troeven. “Plus kwaliteit,” hoor ik je met nadruk zeggen. Je maakt grote kans om een GROOT auteur te worden indien je geen imbeciel bent, goed je brood verdient en vast werk hebt.

    Ik ben geen imbeciel, ik heb mijn boterham verdiend en ik “stond rotsvast in het onderwijs”. En toch ben ik geen GROOT schrijver geworden. (Of ik een goed schrijver ben, laat ik in het midden.) Neen, ik geef niet uit bij bekende (erkende) uitgeverijen, over mij wordt nauwelijks geschreven en gepraat in de nationale media, ik krijg geen ronkende recensies in vakbladen, ik word niet geldelijk gesteund door de overheid. In termen van maatschappelijke status: ik ben niet GROOT. Waarom is het mij niet gelukt? Ik had toch alles in handen om te slagen.

     

    Wat had ik niet dat véél belangrijker is? Een gunstige wind! Toeval? Toeval bestaat niet, maar ik kwam nooit terecht in “gunstige omstandigheden”. Hugo Claus kwam Henri Vandeputte tegen, enkele kleinkunstenaars vonden genade bij Johan Anthierens, Magritte en Delvaux liepen Gustave Nellens tegen het lijf, Paul Snoek had veel te danken aan Anton van Wilderode en schurkte zich tegen Hugues C. Pernath… Wat ik wil zeggen, is simpel: via via is de juiste weg naar succes. Op één voorwaarde: de persoon die jou wil helpt, mag zelf niet hulpbehoevend zijn! Vele getalenteerde auteurs blijven ter plaatse trappelen, omdat zij een netwerk hebben opgebouwd van enerzijds “zuchtigen” - en daar is niets van te verkrijgen - en anderzijds komedianten die veinzen en valse hoop creëren.

    Het is mooi als je met de nodige huisvlijt en vooral veel liefde aan je boek vijlt, maar het helpt je niet vooruit. Toch niet wat je naambekendheid betreft. En je weet: geen naam, geen faam, geen uitgever, geen subsidie, geen aankoop door de bibs.

     

    Wat betekent dit in de praktijk? Hopen op een gunstige wind? Op een mecenas? Op een “gearriveerde” die het met jou wel ziet zitten? Op een vriend die een vriend kent die bevriend is met?

     

    Deze wereld is een komedie en een groot circus. Het leven is een spel, soms wreed, soms aangenaam, maar we spelen allemaal naar best vermogen. Ik word dit spelletje moe. Ik kan het niet langer aanzien hoe jonge debutanten en begaafde auteurs niet aan hun trekken komen, omdat ze niet behoren tot het establishment en/of het kleine kransje critici en academici en/of de literaire elite in Vlaanderen en Nederland. Waar zijn onze waarden? Waarom deze normenvervaging? Waarom geen transparant beleid? Waarom geen objectieve criteria? Waarom geen gelijkwaardige behandeling?

     

    Het geld moet worden verdeeld over meer schrijvers, over alle schrijvers die kwaliteit leveren. Alles in het literaire wereldje is perceptie. Een goed boek kan helpen, maar het is geen voorwaarde om in de belangstelling te komen. Mooi en mediageil zijn, is even belangrijk. En dit laatste is niet evident: je moet een vriend hebben die een vriend kent die bevriend is met… En zo ontstaan er literaire fabrieken, zoals de fabriek Lanoye, de fabriek Brusselmans, de fabriek Moeyaert…

     

    Ik voel mij geen loser van het zuiverste water, helemaal niet. Ik voel mij geen eeuwige belofte die maar niet echt doorbreekt in de literatuur. Ik ben al lang voorbij alle dromen en schaamte. Ik heb niets te verliezen. Ik hoef niet te vervallen in loos gebabbel of opgesmukte deftigheid om te behagen. 

     

    Zijn stompzinnigheid, egoïsme en een goede gezondheid de sterkste troeven om te slagen? Heeft Flaubert gelijk? Ik zou er ook grofheid bij vermelden. Spelbederf.

     

    Thierry Deleu

    13-07-2008 om 13:51 geschreven door Marleen De Smet


    >> Reageer (0)
    04-07-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Zintuiglijk avontuur

     



    Zintuiglijk avontuur



    Samengepakt in rechtover elkaar staande duozitjes worden de reizigers door de verzengende hitte gespoord. Er hangt een broeierige hitte in de wagon waardoor de tocht beslist niet zonder bezwaren verloopt. En toch lijken de passagiers windstille levens beschoren. De trein zwiept pijlsnel door het Vlaamse landschap waar verschroeide graskanten als een bruin lint voorbijglijden. Een onweerstaanbare neiging naar het scheppen van een luchtje onder de blauwe hemel voert me naar exotische oorden. Maar twijgentakken met daarin het hinderlijk spelend licht brengen me terug naar waar ik me bevind.

     

    Door het monotoon maar vertrouwd cadansen over de rails gapen enkele slaperigen als koeien naar elkaar. Mijn overbuur naast het raam -een boom van een vent- doch ietwat te kort afgezaagd, is inmiddels ingeslapen. Het zweet parelt langs zijn neus in zijn snor en kwijl sijpelt in zijn baard die als een sjaaltje om een laagje halsvet ligt. Met gekruiste armen zakt hij onderdoor. Naast hem zit een lezende dame, blootsbeens met melkwitte borsten. Na elke bladzijde die zij omslaat, wipneust zij haar afzakkend kettingbrilletje op de juiste plaats. Ik slaap niet, ik lees niet, maar observeer en noteer alles wat zich rondom mij afspeelt met een innerlijke wanhoopskreet een passend woord te vinden. Een briesje door het halfopen venstertje hindert een donkerharige furie met een middelvinger. Uitgebroed op de zonnebank verzoekt zij met een spervuur van woorden het venster te sluiten. Een sirene op poten zo lijkt het mij.

    “Rails worden stevig door de dwarsliggers,” mompel ik naar de lezende dame, terwijl ze bedenkelijk in mijn richting staart.


    Snerpend ritsen de wagons door de wissels. Mijn overbuur ontwaakt en met een oogopslag als van een roofdier loenst hij naar mijn boezem. Hij rekt zich, buigt voorover en leunt op het tafeltje dat ons scheidt. Ongeremd probeert hij mijn geschrift ondersteboven te lezen. Geraffineerd trek ik mijn bloesje wat hoger en schrijf verder: “hij moest eens weten… de gluiperd geeuwt luidruchtig. Zijn opengesperde bek blaast een zilte zeelucht in mijn gezicht. Help, het venster is dicht!”

     

    Als hij tenslotte houterig rechtveert, merk ik dat zijn buik zich een weg naar buiten vreet. Luttele seconden later stopt de trein bruusk en met heel zijn reutemeteut wordt de overbuur weer in zijn hoek geworpen. De lezende dame wipt een standje hoger en knipoogt. Hij verontschuldigt zich niet als hij de trein verlaat, maar bromt binnensmonds in de overtuiging dat mijn oren alleen maar mijn gezicht omlijsten.

     

    Het geschal van een binnenrijdende trein aan de andere kant van het perron boort door de lucht en trekt mijn aandacht. Ik kijk naar buiten. De lichtsterkte drukt mijn ogen dicht en turend schuift mijn blik over het perron dat door drommen mensen een benepen sfeer uitademt. In de hoop door een toeval of een verdwaalde passant te worden geïnspireerd, kijk ik roerloos door het venster in de tegenoverstaande trein. Ik observeer weer en het peinsparcours begint.

     

    Ogen priemen op mijn voorhoofd, ik voel me bekeken. Een man aan het venster? Of is het een vrouw? Ik geef me het voordeel van de twijfel en kies voor haar.

    Ik knipper met mijn ogen. Zij lijkt wel versteend, een standbeeld, gesculpteerd met strakke lijnen, haast vormeloos. Ik blijf star in haar richting kijken. Zij verpinkt niet, ik evenmin. Haar hand ondersteunt onmiskenbaar haar zware hoofd. Waaraan denkt zij?

     

    Aan de overkant van het perron ziet ook zij een gedaante als een beeldhouwwerk zonder contouren. Zij staart strak naar de trein aan de overkant. Zij beweegt niet, de andere evenmin. Haar hand torst duidelijk de hele aardbol. Waaraan denkt zij dan?

     

    Behoedzaam etaleer ik mijn pen op het tafeltje en vraag me af of zij een schim is. Misschien is zij een creatie van de zakkende zon. Zal ik toetsen naar een teken van leven, stiekem mijn wijsvinger opsteken of toch maar een paar vingers bewegen, een handzwaai? Nee, niet doen. Zoiets doe je niet naar een onbekende. Wat als zij dan toch een schim is, wat dan? Ik schuif mijn terughoudendheid aan de kant en maak toch maar een hoekig gebaar, terzelfdertijd doet de vrouw dat ook. Onverschrokken recht ik mijn rug, mijn houding staat niet in verhouding met wat ik wil bereiken. Mijn gebaar is zo doorzichtig dat de drang naar dominantie er zo doorheen schijnt. Ik vertrek geen spier meer. Zou zij aan de overkant er ook zo over denken?

     

    Het heeft er alle schijn van dat ook zij met haar schaamteloosheid koketteert. Pfff, ja ze wuift en dan! Voor de rest beweegt ze geen krimp. Het is haar aan te zien, met een blik vol onbestemde zorgelijkheid, een beetje zoals je iemand aankijkt die na een lange periode van rouw of ziekte weer in het openbaar verschijnt. Wat wil zij? Ik zou ik niet zijn, ik wuif terug.

      

    Ik trotseer haar blik, vragend, vrezend, verzoekend en grinnik als antwoord op haar gebaar. Zij grinnikt ook. Zijn wij gelijkgestemden? Is een treinreis dan toch een beetje avontuur? In een voortdurende stroom van waarnemingen wacht ik in alle rust op wat komen gaat.

     

    De trein ontkoppelt en verplaatst zich een meter. Door de schaduw die er overheen glijdt, valt het doek. Het verblindend zonlicht verdwijnt, de vrouw verschijnt. Ik buig me naar haar toe met een uitdrukking van inzicht, mijn neus platgedrukt tegen het venster. Zij doet mij na! Het is geen zicht. Wij kijken elkaar aan, schieten tegelijk in een lach, schrikken samen en plots… niets meer. Het niet meer bewegen, de stilstand…, iets flitst door mij heen en zoals in een ogenblik van verheldering besef ik dat ik naar mezelf keek als naar een protserig monument dat telkens werd teruggeworpen in een weerspiegeling van vensters, niet meer en niet minder dan dat.

     

    © Marleen De Smet

    04-07-2008 om 00:00 geschreven door Marleen De Smet


    >> Reageer (0)
    30-05-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.applaus (met dank aan Steven en Ben)
     

    © Ben Lanoot

     

     


    applaus

     

     

    Half mei 2008 vroeg Steven De Schuiteneer, webmeester van Spoorvreter (reizigersverhalen tussen Geraardsbergen en Antwerpen ), of ik een gedicht wilde schrijven bij een foto van Ben Lanoot.

    Beeld en woord zijn soms onlosmakelijk met elkaar verbonden en zijn te vergelijken met een stomende relatie. Maar deze keer werd het een kunstzinnige driehoeksverhouding die omwille van de samenwerking een ‘U’ verdient.

     

    De twee mannen werden deels getuige van hoe een gedicht ontstaat. Ik maakte een uitzondering en betrok hen vanaf de ruwe schets tot op het moment dat ik het spoorvaardig vond.

     

    De dag nadat ik het gedicht aan beide treinfanaten bezorgde, ontmoette ik Steven aan het station van Geraardsbergen. Het was een aangenaam treffen waarbij we in een paar minuten heel wat wilden vertellen. Dacht Steven dat wat Ben me mailde? Ik citeer:

     

    ‘Een teken dat je toch een beetje gebeten bent door de diepwortelende spoorwegmicrobe waartegen geen enkel antibioticum helpt, of is het de onmetelijk grote drang om die oude dampende zuchtende kolenverslindende vuurvreter in die o zo rustige omgeving in een paar zinnen te verstenen? De woordcombinatie loco-motief is origineel.
    Je speelt meer in op de loc zelf en de hieraangekoppelde capaciteiten:  sterk, betrouwbaar.

    Bovendien vergeet je het menselijke aspect niet: één met de machinist, om zo een echte levensnoodzakelijke symbiose te bereiken, nuttig voor het spoorwegvervoer. Geen menselijke handelingen vormen deze machine om tot een roestige waterketel zonder macht.’

     

    Ik zuchtte toen ik dat las en dacht: ‘Wat schrijft die man prachtig en hoe sterk weet hij een gedicht te ontleden!’

     

    Ik citeer verder:

     

    ‘Applaus heeft een sterk functionele realistische inhoud meegekregen overgoten met een flinke scheut vertedering (vogels die applaudiseren; de bomen die wuiven etc.), wat erin
    gaat als een vers broodje met ambachtelijke hesp. Let wel, een plat overgeromantiseerd gedicht à la 'o zalige stoomloc, koningin der machines badende in uw heilig vuur dwepend met rijtuigen op een goudkleurige avond in een met rozengeur gevulde lucht' wordt bij mij direct van de rails geduwd en ontdaan van zijn wielen!

    Stoerheid: ik ben wie ik WAS maakt het gedicht krachtig en geen rozenblaadje.Het hoort wel bij zo een stoomloc.’

     

    Dank je wel, Ben en Steven!

     

    Bekijk alvast de site van Ben Lanoot en Steven De Schuiteneer (http://spoorwegknooppuntfgra.be)


    En nu de rails op.

     

    applaus

     


    raspend roest de prikkeldraad

    in contrast de gladde vaart

    van het glimmend groen

    neen, niet het groen van de bomen

    de bomen, zij reiken elkaar

    de takken om de terugkeer,

    het weerzien, het weleer

     

    gebeiteld in het beeld

    schalt de loco zijn motief

    ik-ben-wie-ik-was

    nooit van het spoor afgeweken

    in beweging onherroepelijk

    geliefd en wezenlijk

     

    en als stro vat het stalen ros

    vuur in de strijd tegen tijd

    geen aarzeling die zich

    een moment van zwakte toemeet

    slechts rookpluimen rangeren

    in de verte het zwoegzweet

     

    van de machinist ’s nachts slipslapend

    in de bedding van het spoor

    hij labeurt overdag met lijf half ontbloot

    het niet ontkomen aan de volharding

    van de ijzeren weg

     

    hoor hoe snelheid boort

    door de geluidsmuur van stoom

    hoor hoe elke vogel applaudisseert

    hoog aan de hemelboog

     

    © Marleen De Smet

     

    30-05-2008 om 00:00 geschreven door Marleen De Smet


    >> Reageer (0)
    05-03-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Dat wie zich poëet noemt, het eerste woord werpe.


     

    ‘Dat wie zich poëet noemt, het eerste woord werpe’

     


    denk ik als ik een gedicht de w(ijde)w(ereld in)w(erp). Ik wil almaar beter worden en ben zelden tevreden. Daarom dank ik mijn strenge lezers om hun reacties en commentaren.

     

    Bijna iedereen heeft poëzie in zich maar niet iedereen legt met dezelfde bevlogenheid dezelfde accenten waarmee uiting wordt gegeven aan wat door het hart of hoofd wordt waargenomen.

     

    Wat levert brandstof voor een gedicht? Inspiratie? Meestal wel. Maar een ervaring die iemand ontroert of waar iemand voor openstaat kan eveneens aanzetten tot dichten. Zo zag ik laatst iemand huilen waardoor ik besefte dat tranen de zuiverste schrijfvlekken zijn. Ze laten vlekkeloos sporen na en verheffen na droogtijd het blad in spatjes pure poëzie. Zo ook in een lukrake lach ontdaan van alle remmingen heeft poëzie in vele opzichten vele gezichten.

     

    Ik heb niet de pretentie te verklaren wat poëzie is. Toch meen ik dat poëten door taal zijn bezeten en dat ze met weinig woorden spreken van wat niet spreken doet. Bovendien schrijf ik zelden wat ik zeg of zeg ik zelden wat ik schrijf. Dat samen maakt poëzie tot een merkwaardig communicatiemiddel.

     

    Poëzie beaamt en kleurt, onderlijnt of ademt sensitiviteit in & intensiviteit uit en is verder moeilijk te definiëren. Wat ik weet is dat een goed gedicht appel doet op de totale persoonlijkheid van de lezer.

    Hoe krijgt een dichter dat voor elkaar? Door wakker te schudden, beelden te tonen, te overreden of te ontroeren en door het ritme de lezer te laten meezingen binnenin. Het is overigens ook aan de lezer om uit te maken of een gedicht recht voor de raap is of door de gelaagdheid vast te stellen dat hij op het verkeerde been werd gezet.

     

    Dichters zijn niet enkel delvers maar ook durvers en denkers, soms doemdenkers die hun ervaringen sublimeren. Het is zoals met ongeluk worden geconfronteerd door diep in een ervaring of zichzelf te graven om van daaruit het geluk weer te verheffen, m.a.w. het ongeluk recht in de ogen kijken om te beseffen wat geluk is. Beroering en ontroering doen dichters dichten, lezers lezen.

     

    Kortom, met het schrijven van poëzie tel ik op, trek ik af, ventileer en doe ik aan zelfheling. Daarna vermenigvuldig ik dat wat ik wil delen met wie er voor open staat.

     

    Marleen De Smet

     

    05-03-2008 om 22:05 geschreven door Marleen De Smet


    >> Reageer (3)
    23-02-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.land zonder ooievaars

     


    land zonder ooievaars

     

     

    wat heb je aan kennis uit boekenkast-

    wanden als je niets leest uit schuddend

    hand noch naderend gezoen

     

    ooievaars zonder land

    wat heb je aan stormen als

    geen wind je richting waait

     

    wat blijft als ik gaten vul

    scheuren stop, breuken lijm

    en bramen slijp is een duik

     

    in wat heb je aan koele meren

    waarin geen hart te bezielen valt

    en alles verstijft met zoveel

    binnen handbereik

     

    © Marleen De Smet

    23-02-2008 om 00:00 geschreven door Marleen De Smet


    >> Reageer (0)
    20-02-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Viviane Burssens laait in sterrenstof
    Klik op de afbeelding om de link te volgen








    Viviane Burssens laait in sterrenstof


     


    Ik heb een vriendin. Ik heb twee vriendinnen. Ik heb drie vriendinnen en zo kan minutenlang doorgaan. Maar ik heb maar één dichtersvriendin waarmee ik met de regelmaat van de klok van gedachten wissel.

    Wat is daar zo bijzonder aan? Zij is me in alles stapje voor. Over leeftijden praten we niet. Het is moeilijk in te schatten want ze oogt bijzonder fris en jong.

    Viviane Burssens is me telkens een stapje voor? Zij publiceerde eerder en zij... en deed nog voor ik... .
    Over zielenkwaaltjes of -roerselen of een visie voor de dingen en het doen en het laten? Ik hinkel haar achterna en vind bevestiging.

    Door het toeval leerde ik Viviane Burssens kennen? Een gemeenschappelijke vriend -wijlen Dany Dehandschutter en in een eerder leven zanger Jerry Blondel- was van oordeel dat ik maar een zielsgenote en dichteres Viviane Burssens moest contacteren. De eerste stap werd gezet via telefoon. Het oor leende zich daartoe. De daaropvolgende telefoongesprekken van gemiddeld eentje per maand zijn uiterst interessant & vrouwelijk én doorgaans manvriendelijk. De intenties voor een ‘hey hallo, alles goed?’ mondt uit in een ‘overkwam jou dat ook dat als je iets wilt schrijven dat…; en ben jij ook van oordeel dat de laatste poëzietrend neigt naar...; én dat meno-gedoe wanneer begint en stopt die pauze?’ Ach, we hebben niets dwingend, het klinkt als schakels in een ketting.

    Viefke –zo spreek ik haar aan- schrijft parels. Haar cursiefjes zijn eenvoudig en subliem. Haar recente gedichten zijn zuiver en ontdaan van alle ballast waarbij de woorden zorgvuldig werden gewikt en gewogen. Haar poëzie bezorgt mij kippenvel.

    U, als lezer, wil ik laten meegenieten. Ziehier haar gedicht dat werd genomineerd voor de Niewegijnse poëzieprijs:
     

     




    zen


    de dag trekt krom van woorden

    die zich stoten aan betekenis

    met ogen vol brakwater

    schemering onthult wat schrijnt

     

    ik laat me inpalmen door Massenet

    die de kamer vult

    -frêle loopbrug naar geluk-

    langzaam val ik samen met mezelf

    een rivier in haar trage bedding die zich niet

    spiegelt aan het stampen en dagen van de tijd

     

    op de bodem spoelt fijn zand mijn

    dromen in witgewassen water

    dansende druppels op mijn huid

    tranen uit het spaarbekken van mijn brein

    vragen verdampen tot ijs

    vloeibaar heden als tripelpunt

     

    de muziek verstilt

    buiten kapseist de dag

    lucht wordt zilt van zee

    ik drijf in een zee van tijd

     

     

    ©Viviane Burssens

    (september 2007)

     


    Viviane werd:

     

    -   laureate Michel Casteelsprijs voor cursiefjes met ‘Duivels Gent’(1998),

    -   laureate Michel Casteelsprijs voor cursiefjes met ‘Venus’ (1999),

    -   houder van eigen gedichtenbundel ‘Sterrenstof’ (2001),

    -   gepubliceerd in verschillende tijdschriften zoals Meander, Opspraak…

    -   gepubliceerd in ‘Schuinschrijverij’ en ‘Woordenvloed’

    -   houder van een eervolle vermelding voor gedicht ‘Ontwakend licht’ bij Mengmettaal te Herent (2005)

    -   genomineerd voor kortverhaal ‘De vrouw die at’ in Nieuwegeinse literatuurprijs Nederland (2006)

    -   genomineerd voor gedicht ‘Ankerplaats’ in Nieuwegeinse literatuurprijs Nederland (2007)

    20-02-2008 om 00:00 geschreven door Marleen De Smet


    >> Reageer (3)


    Eigen publicaties. Klik op de respectievelijke afbeeldingen voor meer informatie.


    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Je kan me ook lezen bij Meander & Opspraak. Enkele spinsels werden  in de bundel bekroonde gedichten “Wat zoudt gij zonder ’t werkvolk zijn”, Bloemlezing “Vlaamse Feestgedichten”, bundel “Een gebloemde lezing” en “Vreemd” van Schrijversplaza, het Koerszakboekje, bloemlezing van de 52 Meesterdichters van de Lage Landen bij de zee 'Hoe de dichter zich een weg geselt tegen wind', verzamelbundel "Beestjes", "verzamelbundel "Klaprozen en Kamermuziek" en de Engelse vertaling "Poppies and Chambermusic", verzamelbundel "Bellen Blazen", verzamelbundel "Toekomst", verzamelbundel "Die Liebe in Holland und Flandern" (Duits en Nederlands) en verzamelbundel "Gewoon lekker", enzovoort... Voor meer info, klik op de respectievelijke afbeeldingen.


    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Ik schreef bij werken van onderstaande kunstenaars:

    Hieronder samen met Rudy Baeten, kunstschilder, beeldhouwer en keramist.

    Voor meer info, klik op onderstaand kunstwerk.


    Foto

    Samen met Jacky Duyck, kunstschilder
    Voor meer info, klik op onderstaand kunstwerk.

    Foto

    Foto

    Yves Poelman, kunstschilder en beeldhouwer.
    Voor meer info, klik op onderstaand kunstwerk.


    Foto

    Foto

    Samen met Remy Victor, kunstschilder
    Voor info, klik op onderstaand kunstwerk.

    Foto

    Foto

    Samen met Rob DeLange, kunstschilder
    Voor info, klik op onderstaande kunstwerk.

    Foto

    Foto

    Toon Torrekens, kunstschilder en bronssculpteur.
    Klik op de afbeelding voor meer info.

    Foto

    Keramiekatelier "Den Boelover"
    Marnic De Lange

    Foto

    Henri Victor, kunstschilder
    Klik op de afbeelding voor meer info.

    Foto

    Enkele dichters/schrijvers uit mijn kennissenkring.
    Viviane Burssens, dichteres
    Voor meer info, klik op de foto.


    Foto

    Dichter Rik Wouters


    Foto


    Welkom op de site van
    Lidy De Brouwer.


    Foto

    Thierry Deleu, dichter/schrijver
    Voor meer info, klik op de foto.

    Foto

    Frank De Vos, dichter.
    Klik op de afbeelding voor meer info.

    Foto

    Ruud Poppelaars, dichter.
    Voor meer info, klik op de foto.


    Foto

    Bob van Laerhoven, schrijver
    Foto

    Nicole Van Overstraeten, dichteres


    Foto

    Paul Bernhard, poëzie en fotografie.
    Voor meer info, klik op de foto.

    Foto

    Sabine Luypaert, verhalen en gedichten.
    Voor meer info, klik op de foto.

    Foto

    Marc Eyskens
    Voor meer info, klik op onderstaande foto.


    Foto

    Lin, dichteres.
    Klik op de afbeelding voor meer info.

    Foto

    Stater, dichter.
    Klik op de afbeelding voor meer info

    Foto

    Hannie Rouweler, dichteres
    Voor meer info, klik op de foto.

    Foto

    Muzikanten:

    Michel Kuijken, bezieler van Rue Haute, een geweldig ensemble, sloot de partituren voor iets nieuw in ontwikkeling.
    Michel Kuijken: zang, gitaar speelt samen met Laurent Bynens (accordeon) nieuwe akkoorden. Later meer.
    Maak alvast kennis via een klik op de eerste foto.

    Foto

    Foto

    Jan Oelbrandt, gitarist, componist, producer.
    Voor meer info, klik op de foto.
     


    Foto

    Mixart is een ondersteuningproject voor kunstenaars.
    Bezieler is Hugo Tanghe.

    Foto

    Mijn overige links
  • Verbruikte toekomst van Warket
  • Vereniging van Vlaamse Letterkundigen


  • View My Stats
    Site Meter
    Een interessant adres?


    Blog tegen de regels? Meld het ons!
    Gratis blog op http://blog.seniorennet.be - SeniorenNet Blogs, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!