o primavera
heerlijke bloemennaam,
betekent ook begin
Over mijzelf
Ik ben Van Overstraeten Nicole, en gebruik soms ook wel de schuilnaam yasmin.
Ik ben een vrouw en woon in Halle 1500 (België) en mijn beroep is gepensioneerde leerkracht Nederlands.
Ik ben geboren op 30/06/1946 en ben nu dus 65 jaar jong.
Mijn hobby's zijn: poëzie, theater, oosterse cultuur, muziek en koken.
Ik publiceerde 4 dichtbundels (De dagen van de winter, Jagen, Sapkracht en De tuinen van Thevenet). In 2006 acteerde ik in 'De koffers zijn gepakt', een theaterproductie van het Masereelfonds, als eerbetoon aan Bertold Brecht.
Ja, dames en heren, ondergetekende gaf onlangs een poëzieles aan een
groepje anderstalige Brusselse jongeren, leerlingen van een Nederlandstalige
school.
De uiteindelijke opdracht was een sms-gedicht te schrijven, een
dichtvorm bedacht door de Italiaans-Nederlandse Sofie Cerutti. Kijk maar naar onderstaand filmpje, en naar de resultaten in bijlage:
dit is het vijfde en voorlopig laatste filmpje van hoover productions, omtrent de tuinen van thevenet. in de opname sporen en verwijzingen naar mijn gedicht it ’s not only rock and roll baby, not only rock and roll. de muziek is van adèle. titel: my hometown glory. dit vind ik het mooiste filmke. en warempel: ik dans, dans, dans...
it ’s not only rock and roll baby, not only rock and roll
het meisje met de kippen, ze beweegt
in wolkjes van ijs. de bijenjongen wiegt het meisje
zachtjes in slaap. haar gele jurk gonst van verlangen,
haar dromen dampend en rozig en violet. zij danst
een wervelende dans, zij danst vierkanten, driehoeken,
cirkels, ze kijkt naar de blauwgroene patronen
van een zeshoekige ster, zij veranderen voortdurend,
zij vloeien over en door elkaar, lava stroomt naar binnen.
haar lichaam gloeit (wil je thee, baby, een ijsje van thee,
een ijsje, een sapje, een witte krokante chocoladekrul?)
ze opent zich. de stroperigheid van de lucht glijdt
gelijkmatig over haar huid, ze kijkt met haar ogen, ze kijkt
met haar mond. het meisje, het fuchsia meisje doet het condoom
aan en uit, aan en uit, de drempelwaarde bepaalt de verhouding
van de opwaartse kracht van de reeds genoemde factoren
stroperigheid & warmtegeleidingsvermogen.
scenario: emwé buig camera: natasja productie: von diesel hoover geluid: my hometown glory, adèle
jaja, rundskop
heeft geen oscar behaald, en van de kat geen kwaad (zie trailer), het charmante frans-belgische tekenfilmpje ook niet.
rundskop vond ik een kanjer van een film.
maar waarom gaan vlaamse films
meestal over boertigheid (ook de helaasheid der
dingen van verhulst had dit euvel) of
over helden (de leeuw van vlaanderen, daens...) over geweld en seks (loft) of over zotten (urbanus & co)? in de top tien* van de vlaamse films vond ik pauline en
paulette van
lieven debrauwer met dora van der groen en ann petersen dan nog een van de
meest subtiele.
ach, ik zou dit blogbericht niet moeten beginnen met een commentaar
betreffende professionele films, want dan zinken onze filmkes, van
productiehuis HOOVER, totaal in de modder, maar toch durf ik hier een paar utube
filmkes te publi, gemaakt bij mijn gedicht room in
new york.
want wij, onhandige en naïeve amateurs,
wisten van de prins geen kwaad, maar waren er authentiek mee bezig, op een supergrappige manier. dit blog is mijn
bewaardraaiboek!
room
in new york
is dit nu echt jouw droom? een
avond
samen in een groene kamer.
rechts speel ik
verveeld een liedje uit het
hoofd. ik draag
een rode jurk met strikje. ik
wil dat je het zoent,
ik wil dat je mijn witte armen
streelt. maar jij
zit aan de linkerkant en leest.
ik tokkel woorden
neer terwijl ik speel, ik
schuifel op de pluchen stoel,
ik wiebel heen en weer. ik
draai een tomeloze pirouette.
maar ach: die muur van letters
tussen jou en mij.
binnenkort hebben wij samen
geen gelaat,
geen ogen meer, geen bleke
stipneus -
nauwelijks een mond
tja, het strikje was onze obsessie, en het zoenen.
het lint dat ik voor dit filmpje bezigde, was een breed rood en goud gekleurd lint voor in de kerstboom, gekocht in de wibra en ongebruikt in mijn lade teruggevonden. het was een tamelijk stijf lint, beetje onhandelbaar, dat zie je op het filmke, maar met spectaculair effect. ergens heb ik bij het bekijken van dit filmpje de indruk dat ik een strik maak voor een paasei of een paashaas, vreemd toch, hoe mijn fantasie altijd maar alles vervormt.
we zitten wel in een een groene keuken (de mijne) en dat we geen gelaat hebben klopt ook, want het filmje is zeer onduidelijk en onze gelaatsvormen faden weg. het eerste filmke is een blooper, en als u het tweede filmke bekijkt ziet u dat het lint al afgeknipt was en dat ik heel voorzichtig het lint aan de zijkant vasthou, omdat ik niet meer gebeten (!) wilde worden....
en tenslotte: dit is een stomme film, erg trendy dus, zoals the artist (die dan toch een oscar won): een zwijgende film, een film met alleen beeld en geen spraak...
het is niet omdat het een tijdje stil is op mijn blog, dat yasminneke in de realiteit niet bezig is met een of andere literaire 'affaire'.
lezen bijvoorbeeld.
ondanks enige opeenvolgede slapeloze en nachtmerrie-achtige nachten (let u op de opeenvolging van de ach-klank) lees ik weer als bezeten.
drie en meer boeken tegelijk.
ik selecter enkele covers:
dit is een boekje over een fietsend nederlands koppel in japan, een soort reisverslag. ondanks de ingewikkelde titel is het boekje netjes verdeeld in hoofdstukjes waarboven japanse wijsheden of levensvisies prijken: wabi-sabi (het schoonheidsideaal van eenvoud, terughoudendheid en elegantie), mono no aware (diep geroerd raken door de schoonheid en de vergankelijkheid van de natuur), en ukiyo-e (de drijvende wereld, ook zeepwereld genoemd, de wereld van het vertier).
een heerlijk, bijna hallucinant boekje, dat bij mij herinneringen oproept aan de tijd toen ik nog dol was op japan.
dit boek met en verzameling erotische verhalen van nederlandse en vlaamse schrijvers. kreeg ik als valentijnscadeau. ik lees elke avond voor het slapengaan een verhaal. louis couperus beschrijft niks seks, maar daarom is zijn verhaal juist super-langoureus-erotisch.
al verschillende andere verhalen gelezen, van vergeten kanjers als ferdinand bordewijk (1884-1965), de feministe ethel portnoy (1927-2004) , maar ook van jonge moderne auteurs als saskia decoster, eef lanoye enz.. ook de spaane sjaal van de nog levende maar blijkbaar toch ook vergeten hugo raes (1929), waarbij een koppel een soort trage bolero danst en tegelijk seks heeft, vond ik schitterend.
heel opwindend, niet vulgair, in een speciale verdichte en suggestieve stijl geschreven. expliciet seksueel, maar niet afstotelijk of vervelend, zoals sommige verhalen, die rechttoe-rechtaan seks bieden, maar totaal niet op de verbeelding werken.
de kers op de taart vind ik deze bundel verhalen over paranormale heiligenlevens van ludo noens. ik lees deze (horror)verhalen niet om de heilgheid of religieuze inhoud, wel om de spanning te voelen van de wonderlijke en toch wel horribele toestanden van de vreemde 'ziekten' en 'genezingen' die deze personages ervaren, waarbij de aanvaarding en de adoratie van het lijden (om de mensheid te redden?) bijna een doel op zich is.
ongelooflijk, dat de liefde en vooral het verlangen naar liefde die deze heilige mensen voor hun godheid vertonen (een totaal abstracte en dus niet geconsumeerde liefde) kan ontsporen in -laat ons zeggen- die soort elektrische en magnetische energie die lichamen doet zweven, kankers doet genezen en dode lichamen omgeeft met de lieflijkste bloemengeuren.
tussen haakjes, ook hildegard von bingen, van wie een geschrift is overgeleverd, dat zou kunnen gelden als de vroegst gekende beschrijving van het vrouwelijk orgasme:
(vert. uit het Engels) 'Als een vrouw de liefde bedrijft
met een man, voelt ze de warmte tot in haar brein, het brengt een
zinnelijke verrukking teweeg…'
is erbij.
ik wist dat zij een componiste en schrijfster was uit de middeleeuwen, maar niet dat ze vermeld wordt op de heiligenkalender.
maar onze mystieke hadewijch is er niet bij.
zij die haar bezetenheid dan toch heeft omgetoverd tot verrukkelijke literatuur...
tot slot:
in de krant weer een onheilsbericht gelezen
betreffende de poëziezomer van watou: de subsidies zouden op de helling
komen te staan omdat het programma te zeer op de toeristische leest zou
zijn geschoeid.
ach wat, het is nooit goed: soms krijgen dichters
het verwijt dat ze te moeilijk zijn, te hermetisch, dat ze te zeer
schrijven voor een bepaalde elite. als dan pogingen worden ondernomen
om poëzie dichter bij het volk te brengen, dan wordt de geldkraan
dichtgedraaid! foei!
het is maar pas volgende week valentijn, toch vond ik vanmorgen in mijn mailbox deze prachtige song van adele, en met deze wil ik niemand, en zeker niet mijn lezers, deze mooie song + songtekst onthouden...
woeps! de lieve dame die naast me zit in de yogales verwent me de laatste tijd niet alleen met steviachocolaatjes en een namiddagje keuvelen in mozart's café in de basiliekstraat in halle, maar ook met superleuke verhalen over haar familie.
en waarempel, er kwam ook een dichteresje tevoorschijn!
sidonie germaine thienpont (roepnaam germaine), geboren op 23/12/1905 te galmaarden en gestorven op 20/08/2005 te sint - pieters - woluwe (op enkele maanden van haar 100ste verjaardag).
een honderdjarige dichteres!* op de foto ziet u haar (links) met haar zus maria (zij waren beiden onderwijzeres) en op de tweede foto ziet u de dames nog eens, maar nu in gezinsformatie.
deze foto's zijn super, want tijdsdocumenten. let u maar op de klederdracht, de houding, de uitdrukking op het gelaat.
germaine ziet er streng uit, maar zij schreef de lieflijkste poëzie...
natuurlijk is germaine ondertussen compleet vergeten (bijvoorbeeld niet opgenomen in de auteurslijst van dbnl), maar ik wil hier even benadrukken dat er altijd dichters zjin geweest en vooral dichteressen die in het geheim de mooiste poëzie schreven en die natuurlijk nooit de literaire encyclopedieën hebben gehaald.
HAAR NAAM
Haar naam uit zijden draad geweven prijkt op elk blad in kleuren rein; zij heeft hem minzaam neergeschreven waar honing vloeit en lekkere wijn;
Waar bloesems lichte kleedjes dragen en balsem aan hun lippen kleeft; waar bijen drinken zonder vragen zolang een blomme voorraad heeft.
De lieve lente houdt van pralen, haar blos is jonge levenskracht, haar taal zijn boeken vol verhalen, al weelde als ze op ons lacht.
Het paradijs is aan 't genieten van wat z'in stilte heeft volbracht; zij blijft met goedheid overgieten en houdt de toekomst in haar macht.
* bij mijn weten gaf germaine thienpont twee dichtbundels uit:
TUSSEN BOT EN VLECHT (47 gedichten) PARELS UIT DE NATUUR (30 gedichten)
het zijn niet-gedateerde uitgaven, zelfgemaakte boekjes met behulp van stencilmachine en fotocopieerapparaat, wellicht nog op een ouderwetse typmachine getypt.
. germaine voegde er wel een inhoudsopgave aan toe.
winter. zelfs op de wasdraad prijkt een laagje sneeuw.
er
sterven buiten mensen van de vrieskou. wij, de gelukzaligen, zitten in
een luxepositie: onze kleum verdwijnt bij de warmte van ons kolen- en
houtkacheltje. een aberratie in deze moderne tiid, maar wat voor een!
de
centrale verwarming kan dicht, heel de benedenverdieping is zalig warm,
een warmte die naar boven stiigt en ook de slaapkamers warmhoudt.
alleen in de badkamer blijft het bibberen - ondanks de centrale...
in polen stierf een paar dagen geleden dichteres-nobelprijswinnares wislawa szymborska, in nederland stierf doeschka meijsing.
ik wil hieronder om te beginnen een gedicht van elk van deze dames publiceren, om ze te eren en te koesteren. Voorbeeld
Een stormwind
heeft vannacht alle bladeren van de boom gerukt
behalve een enkel blaadje,
achtergelaten,
om solo te wapperen aan een naakte tak.
Met dit voorbeeld
demonstreert het Geweld,
dat het, jawel —
soms van een geintje houdt.
Vertaling: Karol Lesman
Daarachter
De diepte ja,
die kennen we.
Die is vaak nogal hartgrondig.
Maar de geur van violieren.
De deur naar de andere
kamer.
Waar ieder
voorwerp specifiek de geliefde
spiegelt.
vanochtend was ik al om
vier uur beneden. was vroeg gaan slapen, begon te dommelen naast het
kacheltje, midsummer murders kon mij niet langer boeien. wou gedichten
lezen van johanna kruit, maar viel terstond in slaap. daarom kipwakker,
zo vroeg. het verbaast mij niet dat ik een paar jaar geleden een gedicht schreef over de winterkou in februari, intocht der orchideeën...
de sfeer is helemaal terug. wat een beetje sneeuw en temperaturen tot - 15 graden al niet vermogen!
tot slot dus deze flimpjes bij dit gedicht. de opnamen behoren tot een nieuw genre, object art, in het nederlands dingdingart. u zult zien, beste lezer, dat wij de objecten uit mijn gedicht een speciaal plaatsje geven in onze cast.
wijzelf hebben de opdracht er zo gloomy mogelijk uit te zien. ik zeg mijn tekst met een eresaluut aan julien schoenaerts, vader van mathias, en probeer de woorden te proeven zoals hij dat deed....
intocht der orchideeën
eind februari, nog woelt winterkou door mijn gebeente, ijsrif, bevroren skelet. vrouw van aardalkali ben ik, met heupen als kurkentrekkers, knobbelvoeten, eelt. nog dreigt sneeuw, maagdelijke snertsneeuw, merde. bij het haardvuur rommel ik stiekem met de telramen: zij zijn met honderden, de orchideeën. wereldvreemd, als van papier, parmantig op hun stengel. zij staren mij aan, ietwat verwilderd, gracieus, in bochten gewrongen, met open mond en nog opener exotische kont. ach, mijn lachende afghaanse kruidenier, mijn vreselijk bruine buurman, vraagt 15 euro voor een orchidee. daarbij krijg ik nog een toefje kersttomaatjes cadeau. waw! glimlachend glijd ik in de afgrond, mijzelf bevrijdend van referenties of onterechte angst. kocht ik tekens van leven? met nog 2 potjes kersenjam erbij, de meest exquise toevoeging.
gisteren op de valreep de tentoonstelling wunderkammer, hedendaags curiositeitenkabinet gezien in de botanique, de kruidtuin in het centrum van brussel*. het was een hele kronkelweg tussen winterslapende planten, struiken en bomen, maar na wat gepuzzel beklommen we toch de trappen van de met een groene koepel bedekte rotonde. de ingang was echter helemaal aan de zijkant, recht tegenover de schaarbeekse poort.
'De Wunderkammern – of
curiositeitenkabinetten – die tijdens de Renaissance in Europa zijn
opgedoken, liggen aan de grondslag van de musea voor kunst- en
natuurgeschiedenis. Het waren echte verzamelaarskamers, en men
vond er allerhande curiositeiten, met een uitgesproken voorkeur voor het
vreemde en het ongeziene. Er werden meer bepaald kunstwerken,
antieke of symbolische voorwerpen voorgesteld, maar ook voorwerpen uit
de natuurgeschiedenis zoals opgezette dieren, zeldzame insecten of geraamtes.
Ze gingen hand in hand met de grote universele classificeringsprojecten
waar de humanisten uit die periode zo dol op waren. Vaak werden
geïllustreerde catalogi uitgegeven met een inventaris van deze op zijn
zachtst gezegd gevarieerde collecties. Daardoor kon de inhoud ervan
verspreid worden bij geleerden in heel Europa.
Deze curiositeitenkabinetten waren dan
wel doordrongen van volkslegendes en bijgeloof – men vond er immers maar
al te vaak sporen van mythische dieren zoals drakenbloed of hoorns van
de eenhoorn –, maar ze speelden wel een fundamentele rol in de
ontwikkeling van de moderne wetenschap. In de loop van de 19deeeuw raakten ze in onbruik en moesten ze plaats ruimen voor de officiële instellingen.'
(Perstekst)
hehe, deze tentoonstelling was helemaal mijn ding! ik maakte fotootjes en ben echt van plan mij verder te documenteren omtrent de wonderlijke objecten, tekeningen, foto's en schilderijen die ik heb gezien. ik kwam o.a. onder de indruk van de vederlichte gracieuze vrouwenfiguren die versmolten met libellen van de duitse kunstenares ulrike bolenz, de vreemde mutanten van de italiaan roberto kusterle en het doodshoofd dat een vogel bijt van jan fabre.
deze fillesbellules zijn mooi als in een droom
het haar van deze mutant, half zebra (?), half mens is zo waarachtg afgebeeld dat ik er aan wou voelen...
deze dame heeft geen haar, maar er groeien aalbessen uit haar hoofdje
er bestaan vele mythische waterwezens*, maar deze halfmens, half vispersoon is hallucinant
een doodshoofd bijt in een papegaai
* De Kruidtuin (Frans: Botanique) is een park in de Belgische hoofdstad Brussel dat werd aangelegd in 1826 als botanische tuin. Het is gelegen aan de rand van het Brusselse centrum in de gemeente Sint-Joost-ten-Node, niet ver van het station Brussel-Noord. De Kruidtuin huisvest ook een cultureel centrum van de Franse Gemeenschap van België. De "Botanique" is uitgegroeid tot een van de bekendste concertzalen in België.
2012 zal het jaar zijn van de poëzie, of het zal niet zijn. dames en heren, ter gelegenheid van gedichtendag 2012 (volgende donderdag) ben ik zo vrij u de publicatie van mijn vierde dichtbundel officieel aan te kondigen.
De tuinen van Thevenet bevat, naast poëzie bij beelden van Sabine Pintelon uit Lembeek, ook een reeks gedichten over de Halse schilder Louis Thevenet.
In deze bundel zijn ook 12 Edward Hopper-gedichten opgenomen. Tenslotte schreef ik een mysterieuze cyclus met als titel: De Orpgedichten.
Wie een (gesigneerd) exemplaar van deze bundel wil, kan het boekje rechtstreeks bij mij bestellen! Klik op de link 'bijlagen' en u kunt alle informatie raadplegen.
.
tot zover de officiele aankondiging!
nu het leukere deel van dit bericht:
een geheimzinnge jonge acteur, genaamd emwé buig, maakte waarempel een utube-filmpje, waarop hij een van de sleutelgedichten uit mijn bundel vertolkt.
ik publi hier even de tekst, zodat u kunt volgen:
roses tremières
stokrozen bestaan. oude stokrozen, jonge stokrozen. peaches & dreams, crème de cassis. vroeger mocht je nog zeggen: althaea rosea van althos, geneesmiddel. tegenwoordig, wil je nog meedoen, zeg je: de alcea bestaat. gelukkig is de familienaam tenminste dezelfde gebleven: kaasjeskruid of malvaceae.
ach, in een gesprek worden bloemennamen niet meer genoemd, de namen van bomen, mist of regenwolken. de tuinen worden niet meer genoemd, de kleine, de vriendelijke of de verwaarloosde. houten blinden, wankel tafeltje, witte muren. waarlangs, nonchalance ten top, een zacht windje waait - door de heen en weer wiegende, heerlijke roses tremières.
let op de emotie ien het timbre in zijn stem als hij zegt: de alcea bestaat, en op de stemstijging en de afgeronde articulatie als hij zegt: nonchalance ten top!
de cineaste was aan haar eerste proefstuk toe, daarom begint het filmke met de uitroep 'oei' en het finale woord 'stop'.
poëzie is een ernstige zaak, dames en heren, maar kan af en toe ook superleuk zijn!
bovenstaand leuk fotootje van een voor de lezers van dit blog niet onbekende dame (rara) vind ik denderend.
wie goed toekijkt ziet dat iemand het woord occupy heeft gewijzigd in fokcupy, een verbastering, veronderstel ik, van fuck en occupy.
wat zijn mijn gevoelens hierbij? ik denk dat, als ik nu 20 was, ik misschien ook zou gaan meedoen met de occupy-beweging. eigenlijk ben ik ook, nog steeds, voor altijd, immer verontwaardigd.
maar vanmorgen een artikel gelezen over jan de cock, 36-jarige brusselaar en gevierd beeldend kunstenaar.
ik wil een paar uitspraken van hem noteren, waarmee ik het nieuwe jaar 2012 wil inzetten.
'voor mij is de enige conclusie van 2011: we moeten opnieuw leren tuimelen. je hebt alles al gezien, iedereen heeft zijn mening. we luisteren ook niet meer. ik wil blijven tuimelen. dat is niet springen, tuimelen doe je van niets naar niets.'
'politiek in belgië, wat is dat? waar gaat het over? het gaat echt over niets.'
'in fukushima zijn alle waarden en principes weggeslagen. het land van de zon heeft ons duidelijk gemaakt dat alles kan vergaan. water dat een schip van honderdduizend ton als wrakhout tegen een bergflank gooit. picasso had het niet kunnen schilderen.'
'de arabische lente was hoopgevend, maar nu duikt het doembeeld van een barre winter op.'
'stilstand is de tragedie van onze tijd.'
'stilstand moet je bestrijden met nieuwe experimenten en visies.'
ach, ach, waarom zetten die quotes me zo aan het denken? waarom wil ik eigenlijk, ondanks mijn verslaving aan de nieuwsberichten, eigenlijk de tv en de kranten uit mijn leven verbannen? waarom wil ik het allemaal niet meer weten?
tot slot nog een quote, weet niet meer wie dit gezegd heeft, maar de woorden zullen me nog lang bijblijven:
'de afstand tussen wat we allemaal willen en wat we nodig hebben noemt men: vrijheid.'
wil dit vruchtbare jaar 2011 afsluiten met een bericht over een van mijn lievelingsschrijfsters van franse origine (jaja, joost houtman*, je hebt gelijk, ook ik heb het gevoel dat sinds we een nieuwe regering hebben 'het weer mag', houden van franse cultuur*), namelijk de magistrale annie ernaux.
ter gelegenheid van het verschijnen van haar verzameld werk* vertelt zij in een interview (in de internetkrant rue 89*) over haar leven. over haar immense woede, over haar schaamte ook, omdat zij, die van eenvoudige afkomst was, haar ouders heeft verloochend, hun vulgariteit, hun slonzigheid, hun onhandigheid in de liefde niet langer kon verdragen. omdat zij hun wereld heeft verlaten zonder ooit tot een andere wereld te hebben toebehoord, de wereld van 'zij die een badkamer hadden', de wereld van geparfumeerde vrouwen die zeiden 'c'est sensas'.
annie ernaux heeft zich van deze problematiek niet kunnen losmaken, integendeel, zij heeft er schaamteloos en in alle vrijheid over geschreven. zij is een geëngageerd schrijver, met marxistische en feministische uitgangspunten; toch heeft het geen zin haar op deze eenzijdige manier te omschrijven, want haar taal is zeer persoonlijk en uniek, naar binnen gericht en intiem.
voor haar is het onmogelijk haar leven te verzoenen met de 'klassenstrijd'. uiterlijk behoort zij nu tot de dominante klasse en leeft zij ook volgens hun regels, maar haar herinneringen bevinden zich in een andere wereld. innerlijk heeft zij nog altijd de visie van het jonge meisje dat opgroeide in yvetot, waar haar ouders een kleine kruidenierswinkel hadden. desondanks deelt zij niet de zogenaamde 'marxistische vreugde' die handenarbeid verheerlijkt, want als zij de RER neemt naar parijs, ziet zij door het raam arbeiders op bouwwerven zwoegen, en zij beseft dat dit zware en onmenselijke arbeid is.
tijdens haar carrière als docent literatuur herkende zij leerlingen die tot dezelfde sociale klasse behoorden als zij en bij wie het belangrijker was boekhouden te leren of te leren typen. de beheersing van taal (eerst en vooral de mondelinge) was al een teken te behoren tot een andere sociale klasse. uiteindelijk besluit zij dat onderwijs, i.p.v. een opstap te zijn voor kinderen uit de lagere klassen naar een beter leven, vooral dient om de jeugd uit invloedrijke famlies te promoten.
op dit ogenblik wil annie ernaux niet langer tot een of andere klasse behoren, het interesseert haar niet langer. het beleven van een passie, of het nu de liefde is, of de passie voor het schrijven: dat helpt. tenslotte vraagt zij zich af, waarom we leven zoals nu, waarom wij de vrije zondagen doorbrengen in supermarkten en winkelketens, waarom wij consumptie verkiezen boven revolutie.
ik vat in bovenstaande italics de voonaamste punten uit het interview samen en vind mij helemaal terug in annie ernaux.
ook ik haat het overdreven consumptiegedrag dat gepromoot wordt in deze tijden, dat leidt tot knotsgekke toestanden als bijvoorbeeld de ontzetting door de politie van de c & a in de nieuwstraat in brussel een paar dagen geleden.
waar zij wij in godsnaam mee bezig?
tot slot: gisteren met stijgende interesse een docu gezien: happy people, een jaar in de taiga. de trappers die de siberische winter doorbrengen in jagershutten, in het gezelschap van hun hond, zouden perfect gelukkig zijn in de eenzaamheid van de immense bevroren en ondergesneeuwde wereld.... en ik moet zeggen: na urenenlang te hebben gekeken naar schitterende beelden van ruimte en witheid, voelde ik me vreemd genoeg intens ontspannen, ik sliep daarna in als een marmot...
* zie het artikel in uitgelezen, de morgen van 15/12/2011, joost houtman over het nieuwe francofiele boek van bart van loo, betreffende het franse chanson.
bart van loo, chanson, de bezige bij antwerpen, , 2011
* Annie Ernaux, Ecrire la vie, Quarto/Galimard, 2011, 1088p, 100ill., 25 euro
* Deze nieuwssite heet "Straat 89", "omdat een straat
synoniem staat voor verkeer, ontmoetingen, leven, tarrasjes, cafees...
en "89" omdat dat het jaar was waarin de internetrevolutie gestalte
kreeg". De site is opgericht inmei 2007 door voormalig journalisten van het Franse dagblad Libération. Rue89 profileert
zichzelf als een kruising tussen beroepsjournalistiek en participatieve
journalistiek. Dankzij een paar primeurs en scherpe artikelen over
maatschappelijke en culturele onderwerpen, is Rue 89 een succesformule waar Franstalige internetgebruikers niet meer om heen kunnen.
*Happy people – A year in the Taiga, Documentaire uit 2010 van Dmitry Vasyukov en Werner Herzog, over het
leven van Russische trappers in het dorp Bakthia aan de Yenisei-rivier
in de Siberische taiga.
De film volgt mensen van het dorp gedurende een jaar, op het ritme
van de vier seizoenen met telkens hun eigen kenmerken en uitdagingen.
Het leven in het dorp, de routine en de tradities zijn al honderden
jaren hetzelfde gebleven.
In de lente begint de machtige rivier te ontdooien en komt hij met
veel gekraak en gebulder tevoorschijn van onder het ijs. De zomer is het
visseizoen, én dat van de muggen. De herfst brengt eindeloze regen: het
moment voor de dorpelingen om hun voorraden verder het woud in te
voeren. Ze bereiden zich voor op de lange en harde winter, maken of
repareren vallen, ski’s, kano’s en hutten. Dat doen ze met het materiaal
dat de aarde en de natuur hen schenkt en op precies dezelfde manier als
hun voorouders dat al eeuwenlang hebben gedaan.
wil ik hier de brutale reclamejongens terechtwijzen die mijn blog misbruiken om reclameteksten als reactie op mijn verrukkelijke literaire berichtjes te plaatsen.
na een schorremorrie tekst over uggs heb ik voorlopig mijn blog zo geregeld, dat geen reacties nog worden gepu.
ook heb ik alle haiku-berichten verwijderd en overgeheveld op mijn haiku-blog, http://demaaninmij.blogspot.com/
tijd om op te ruimen, 2011 is bijna voorbij! joepie!
jaja, af en toe werken dichters in de lage landen bij de zee aan een gezamenlijk project, onder leiding van een witte raaf.
zo iemand is thierry deleu uit oostduinkerke. sinds enige jaren realiseert hij het project 'de 50 meester-dichters van de lage landen bij de zee'. in de raadzaal 'de kokpit' in koksijde stelde hij zijn tweede jaarboek voor. heel geëngageerd had hij het over de malaise in de literaire wereld:
'Is er een
malaise in de literaire wereld? Een moeilijk te beantwoorden vraag. Het
antwoord hangt af van wie je bent, wat je wilt en wat jouw plaats is in het
geheel. Ik bedoel: schrijf je kookboeken of reisverhalen? Dan is er geen
malaise. Juist!
Indien er een malaise is, - en ik
vermoed het sterk, - durf ik nogmaals stellen dat vooral de overheid
verantwoordelijk is.
Ik bied een oplossing aan, met name: het “Plan Boek”. Het “Plan Boek” vertrekt
vanuit drie prioriteiten.
Primo: een
collegiale en transparante procedure tot aankoop van boeken, en/of subsidiëring
van de auteur, secundo: een overheidscommissie die de ingestuurde boeken
beoordeelt en afhankelijk van dit oordeel een aantal boeken aankoopt en/of de
auteur bijkomende steun verleent, tertio: de creatie van een label van
“Onafhankelijke Auteurs” (dit kunnen debutanten zijn, maar zeker degenen die in
eigen beheer, in welke vorm ook, uitgeven).
Deze drie
prioriteiten kunnen enkel efficiënt werken mits het aanwenden van drie
werktuigen.
Eén: de
samenwerking (juister: de inspanningsverplichting)) tussen overheid, uitgevers,
auteurs en bibliotheken.
Twéé: de
coöptatie van auteurs in alle overheidscommissies die (ook) boekenbevoegdheid
hebben; alle auteurs betekent hier: gekazerneerde én dakloze auteurs.
Drie: een
overheidsdistributiesysteem voor de uitvoering van prioriteit twee.
Het resultaat
van “Plan Boek” moet leiden tot een aangenaam retrogevoel: de jaren ’70, toen
boeken werden aangekocht van de meeste auteurs en verdeeld over scholen en
bibliotheken.
Wat is de
positie van de uitgever in dit voorstel? Nergens. Logisch toch! De uitgever
hoort thuis bij de commerciële ondernemers'.
hieronder aan aankondiging van het feest, plus enkele foto's van henri lemineur.
07 december 2011
- Koksijde
VLAAMS-NEDERLANDS DICHTERSGENOOTSCHAP
DE 50 MEESTER-DICHTERS VAN DE LAGE LANDEN BIJ DE ZEE
VOORSTELLING VAN HET TWEEDE JAARBOEK
DE 50 MEESTER-DICHTERS VAN DE LAGE LANDEN BIJ DE ZEE
Op woensdag, 7 december 2011, om 16.30 u, in de raadzaal “Kokpit” van
het Gemeentehuis van Koksijde, Zeelaan 303, te 8670 Koksijde
Hieronder een aantal foto's:
de zaal loopt stilaan vol, ik zit op het puntje van mijn stoel om toch maar niets te missen!
dit zjn ze dus, de 50, of beter : een deel ervan...
Dichteres Nicole Van Overstraeten met Thierry Deleu. zie mij glunderen..
Dichteres Nicole van Overstraeten met kunstschilder Walter Vilain * (een kanjer!)
Fernand laforce, voorzitter van de Vlaamse Kunstkring Houtland en dichteres Nicole Van Overstraeten.
waw! bijna 2 maanden geleden dat ik nog een blogbericht heb ingetokkeld. ondertussen is heel wat gebeurd!
een nieuwe dichtbundel van me is verschenen, de tuinen van thevenet* (daarover later meer, ik voeg hier alleen de cover met de schattige grasklokjes en anjers aan toe), mijn essay de dagen zijn huiveringwekkend mooi (over de poëzie van guy van hoof) staat in de steigers, ik ontmoette een paar dagen geleden een mysterieuze dichter (het bleek de auteur te zijn van de verrukkelijke frans vlinderman-gedichtjes) in koksijde (tijdens de presentatie van de tweede uitgave van de 50 meesterdichters van de lage landen bij de zee, waarover ook later rmeer)*, we hebben nu ook een regering, en ..... ik ben er eindelijk in geslaagd, na een tip van marleen de smet* een utube filmpje te plaatsen op mijn blog!
het is maar een momentopname, ik voer een telefoongesprek. maar toch wil ik het filmpje op mijn pagina, als eerste van een hele reeks, hoop ik toch!
toen ik nog niet zo
lang geleden uitgenodigd werd om mee te doen aan het project hommage aan
willie cools, een kunstschilder uit duffel, die overleed op 4 juli 2011, was
het voor mij even schrikken: eigenlijk kende ik willie cools niet echt. ik
bezat alleen maar een prachtige monografie, de sprong in de ruimte*, met
een uitzonderlijke selectie schilderijen.
wat moest ik doen? ik verzamelde zoveel mogelijk commentaren op internet. ik
keek en keek en keek naar de afbeeldingen in de monografie. oeps! ik voelde me
een beetje overweldigd door zoveel 'drukte', haha, ik bedoel dit niet negatief,
maar de dames op de schilderijen en tekeningen van willie cools zijn wel heel
erg beweeglijk en kleurrijk, net of ze een woeste oerritus
uitvoeren op doek. daarbij zijn ze allemaal naakt.
hoe voelt een vrouw zich bij het kijken naar deze schilderijen? ik denk in
eerste instantie toch een beetje ongemakkelijk, in tweede instantie wat
opgelaten. haha, ziet de kunstenaar ons nu echt zo (ik plaats mijn handen in mijn
zij, borstjes vooruit, billen samengeknepen) en moeten we dan zo (ik wiebel en
ik wemel, ik beweeg) dansen? ik werp mijn linkerbeen de lucht in, dan het
rechterbeen, ik beweeg mijn heupen, schokschokschouder en gooi mijn hoofd naar
achteren... hoho, oppassen, ik wil hier niet oneerbiedig zijn. toch moet ik
bekennen dat ik, een beetje lacherig, bovenstaande dansbewegingen stiekem op
mijn kamer uitprobeerde.
indruk maakten deze schilderijen dus wel op mij. bij nadere observatie werd ik me
bewust van het pure vakmanschap van willie cools: door zijn teken- en
schilderkunst worden deze naakten ontdaan van alle vulgariteit. eigenlijk gaat
het willie cools niet om het naakte, zelfs niet om de vrouw, maar om het
beleven en tot expressie brengen van een schildersdynamiek: het gaat om vorm,
kleur en ritme.
erotiek wordt ontluisterende kunst.
.
aan dit project
werkten 19 dichters mee, 6 vrouwen en 13 mannen. ik wil in dit blogbericht
focussen op de reacties van de dames–dichteressen: hoe werkten zij hun hommage
uit, wat zagen zij in de schilderijen van cools, wat voelden zij? niet dat ik
hier absoluut een manonvriendelijk bericht wil neertokkelen - de gedichten van
mijn mannelijke collega’s zijn super!
maar ik was een
tikkeltje nieuwsgierig: zouden de dames, onder de indruk van al dat vrouwelijk
geweld in cools’ schilderijen, een specifiek erotisch uitgangspunt hebben
aangenomen voor dit project? zouden zij gedichten hebben geschreven met een
vleugje wellust, of zou dit poëtisch eerbetoon een soort sublimatie van pijn en
verdriet worden om het afscheid, vooral voor wie willie cools bij leven heeft
gekend?
.
een vriendin van willie, de dichteres begga mariën, mailde
me:
‘ik kan me niet precies herinneren wanneer willie me
gevraagd had om aan een nieuwe uitgave mee te werken, maar zijn bedoeling was
van verschillende dichters (ik weet niet precies wie) bij zijn werk te
betrekken en in die zin iets nieuws te brengen met zijn (nieuw?) werk. daarop
heb ik toen mijn positieve medewerking beloofd.
...
iedereen die willie kent weet dat zijn opzet was van
mensen, kunstenaars, met elkaar in contact te brengen’
eigenlijk was dit
project dus een idee van willie cools zelf, dat na zijn dood verder werd
uitgewerkt. geheel volgens zijn opvattingen: laten we de kunst en het leven
eren en omarmen, laten we samen, geïnspireerd door mijn schilderijen, in alle
vriendschap, iets nieuws uitproberen...
.
de schrijfster en
dichteres suzanne binnemans uit lier verbaasde me door de fijnmazige, ietwat
melancholisch- sensuele toon in haar gedicht. niets naakte oervrouw dus, maar
wel een schroomvolle, bijna onderworpen minnares, die zich schikt in de
krijtlijnen die voor haar zijn opgezet. waarom denk ik plots aan gustav
klimt, en zijn mooie zinssnede: "… want
ik vrees en respecteer echte liefde."
suzanne binnemans’
vrouwelijke figuur geeft zich gewillig over aan de strelingen van haar minnaar,
de dichteres vertolkt op verukkelijke wijze het versluierde verlangen naar
liefde en geborgenheid, de fragiele droom van elke vrouw...
suzanne binnemans
‘Door het gaas van
mannenwimpers
worden vrouwen dag en nacht bespied’
(Johan Anthierens)
eerst
verborg je nog mijn gezicht
liet je mijn armen en handen dwalen
mijn benen en tenen spelen
over een maagdelijk blank vel
mijn lot lag in jouw handen
je deed me bewegen tussen grenzen
binnen de krijtlijnen voor mij uitgezet
zelf mocht ik niet kiezen
strelend creëerden jouw vingers
ik wentelde me in jouw kleuren
bedachtzaam leunde je over mij heen
ik voelde jouw hete adem
wanneer je mijn naakte lichaam
zorgzaam toedekte met witte sluiers
angstvallig volgde ik jou
je dwong me te kijken
schroomvol vouwde ik me dicht
plooide toen weer open
ik gluurde naar wie mijn hoeder was
getrouw werd ik de jouwe
.
oeps, mijn gedicht.
totaal anders. ik besloot, na het schokeffect dat door het door mij gekozen
schilderij een nieuwe zomer had teweeggebracht (het vrouweljk naakt
zinderde werkelijk van op het doek, ik werd als het ware overrompeld door al
dat oranje en roze en vermiljoen) de sterke vrouwenfiguur op het schilderij
zelf aan het woord te laten. zij schijnt met haar linkerhand vriendelijk uit te
nodigen tot de dans, daarom laat ik dit op het einde ook gebeuren.
nicole van
overstraeten een nieuwe zomer
omtrent mijn zogenaamde woestheid
wil ik echt geen woorden kwijt, ik weiger
pertinent.
ik zeg: dit zomerrood is vuur. ik
presenteer
de weerbaarheid van vlees, het wachten
op het zachte – maar ook het dieproze
vertoeven.
ondanks mijn tintelende opening, mijn huichelen,
mijn dijen zogenaamd, spijt het mij zeer.
dat jokkend reflecteren van jouw licht -
niets anders dan een droom, een land van zand.
jij mag mij desondanks wel welig koesteren,
dat sta ik teder toe. genieten van mijn eigen
veinzen.
ik weet, mijn schacht is hoog, mijn buik is
zoet,
een hemelvaart van honing. ik wiebel in
oranje,
ik wemel karmozijn, ik zinder en hou dapper
stand.
ik feliciteer en zeg: dans, dans, dans nu met
mij,
reik mij de hand. in deze nieuwe zomer
schuim ik ronduit vermiljoen.
ik kan niet vragen
aan willie cools wat hij van mijn gedicht vindt, maar ik heb toch vaag de
indruk dat hij het soort vrouw dat ik beschrijf echt wou tekenen. mannen die
van vrouwen houden, laten ze bestaan in al hun kracht en sensualiteit. zij
onderwerpen ze niet, zij mogen in alle vrijheid dansen...
aanvulling: hieronder een superleuk fulmpje, mij toegestuurd door enkele geheimzinnige bewonderaars, de gekke dans dus van HH Marat Joy Tchundyk anda his bastardbrotha Marat Tchundyk Gundo.
.
rose vandewalle
introduceert een vrouwenfiguur die wankelt, valt en terechtkomt in een kolkende
spiraal. haha, sommige schilderijen van willie cools met wervelende
vrouwenfiguren hebben dus dit effect: dat je van het dansen draaierig wordt als
een derwisj, dat het uiteindelijk allemaal eindigt in een val.
maar wie dit
gedicht subtiel leest merkt op dat de wankelende (dansende?) vrouw eigenlijk
wanhopig en angstig op zoek is naar houvast, het zijn de muren van de kamer die
bewegen, de dans eindigt in een huiveringwekkende tuimel. ik durf het bijna niet
zeggen, maar ik vermoed dat rose hier in enkele penseeltrekken, in enkele
verzen, het levenseinde beschrijft. een passend gedicht in deze hommagebundel,
vind ik.
rose vandewalle de kamer
plots kantelt en keert
vangt me op
in haar grijpgrage armen
haar handen zo fel van het willen
bewerkt me
met elk van haar vurige tongen
omsluit me beneemt me
de kamer hitsige adem
kolk en spiraal
de kamer
o ze wentelt en wankelt
weldra in versnelling
sleurt me mee in haar val
komt tot een tuimel
tot een huivering wekkende tuimel
.
hannie rouweler
heeft ook een schilderij uitgepikt, waarrond ze een gedicht schrijft. ha, die
hannie! virtuoos als ze is, schrijft ze een verrukkeljk lang gedicht met een
waaier aan ervaringen, die dan nog in een grotere waaier van interpretaties
kunnen worden opgevangen. haar verzen zijn zwierig,
mededeelzaam. haar zinnen zijn bijwijlen intens, maar soms ook zacht als
velours.
geen briesje dus,
maar een felle wind zet ze gewind op papier.
passie, erotiek,
een spreekwoord, beelden uit haar jeugd, psychologie, vervreemding, humor - dit alles passeert het oog van de lezer.
strofe drie intrigeert me danig: ‘de metamorfose van de tijd buiten het
gewricht/ de anonimiteit die in het geel verdwijnt/ granenveld’.
een sleutelvers,
vind ik. want dit is wat hannie doet: elementen die deel uitmaken van het
schilderij, maar ook haar eigen denken en voelen plaatst ze buiten de tijd, ze
worden eeuwige abstractie. heel mooi is het einde: alleen het woord granenveld
staat daar, als representatie van haar gedachtenvlucht. het beeld van de weidse
graanvelden katapulteert de gele fetisj en de poëzie van hannie
naar de ruimte, naar de oneindigheid.
hannie rouweler
DE SCHILDER EN HET
MODEL
(Willie Cools, Gele Fetisj)
Dat de passie spreekt – in Gele Fetisj
dat is duidelijk. De schilder en het model
voelen zich er blijkbaar beiden niet
ontspannen bij:
zij toont haar kut – maar aan wie of wat?
Aan hem, aan haar, de kijker, een
vreemdeling,
haar ogen staren in het niets. De droom,
suggestie.
Ik denk aan het boerenland van mijn oom,
regen
en zon, groei en verval, geluk en dikke
pech.
‘Als de vos de passie preekt
boer, let op je kippen’!
Dit zal niet helpen. Het onbedwingbare in
de lust,
de lijnen die het beeld doorkruisen –
de vrouw zit niet stil, ze verplaatst zich
voortdurend.
De metamorfose van de tijd buiten het
gewricht,
de anonimiteit die in het geel verdwijnt.
Granenveld.
In juni is het vaderdag. Ik geef mijn
vader Jan
postuum een van deze schilderijen op zijn
90e.
Als meisje waarschuwde hij me al dikwijls
als ik me stond op te maken voor de
spiegel
aan de binnenkant van een deur, in de
woonkamer:
‘Hannie, je draagt te korte rokken’.
Kunstenaars en dichters. Pas daar maar
voor op.
.
begga mariën en marije kos schreven de meest abstracte
gedichten. zij interpreteren totaal, de beelden staan verder af van de concrete
schilderijen. ze inspireren zich nog wel op een doek, maar hun gedicht neemt
een meer naar binnen gerichte en tegelijk hogere en verdere vlucht.
toch vind ik beide gedichten (alhoewel ze natuurlijk een
eigen profiel hebben) heel romantisch. zij lijken in een droom te zijn
geschreven, of op het moment van het ontwaken uit die droom.
de nobelprijswinnaar tomas tranströmer omschrijft
trouwens dit moment als ‘een parachutesprong, een bevrijding uit de
verstikkende omstuimigheid’...
Waking up is a parachute jump from dreams.
Free of the suffocating turbulence the traveller
sinks toward the green zone of morning.
begga laat een vrouw spreken met een zwarte ziel
(wow!) die in haar wezen een zee van klapwiekende meeuwen ervaart (wat
een mooi beeld) en ook hier symboliseert het lopende zand de
voorbijvliedende tijd.
marije kos’ gedicht vind ik nog geheimzinniger: een herinnering
maakt zich los uit het blauw (prachtig beeld)... maar welke herinnering? en wie is die schim,
van wie zijn die ogen, die warme hand, wie ervaart pijn en venijn, wiens zicht
wordt belemmerd, wie wordt uiteindelijk gered van de ondergang? gaat het om de
schilder, zijn model of gaat het om de dichteres? marije kos’ gedicht roept bij mij blijkbaar heel
indringende vragen op.
maar in deze laatste gedichten eren ook deze dichteressen
een kunstenaar die desondanks – en dit is misschien een troostende gedachte, de
verstikkende omstuimigheid van het leven heeft ingeruild voor – ik
interpreteer en fantaseer nu zelf- de
groene zone van de oneindigheid.
begga mariën
INNERLIJKE
WAARHEID
Hoe helder moet de nacht zijn
om mijn zwarte ziel te verblinden
die tussen wier en algen wordt
verzwolgen?
- Een zee van meeuwen
klapwiekt in mijn wezen -
Hier zijn geen kruimels
voor een weg terug.
De dwaalster bevleugelt het vuur;
luide rook wordt zachter
en balsemt lenig
het zand dat loopt.
marije kos Bij het
schilderij De Ondergang.
De ondergang
een schim uit het verleden
maakt zich los uit het blauw
herinnering dringt zich op
glooiende vorm gloeiende kleur
strelen zijn ogen
een lach klinkt
een warme hand raakt
maar het is maar even
zweet parelt en adem stokt zoetgevooisd klinkt anders nu
zacht en rond wordt scherpgetand
prangend fel en giftig
zijn napijn en venijn
de hersenschim vervaagt
ragfijne spinnenwebben
en donkere stofdraden
belemmeren het zicht
net op tijd gered
van de ondergang
Guy van Hoof,
Willie Cools, De sprong in de ruimte, vzw De Gebeten Hond, Harelbeke,
2002.
De Zweedse dichter Tomas Tranströmer kreeg de Nobelprijs literatuur 2011!
Nieuwsgierig als ik ben, sprokkelde ik onmiddellijk (van allerlei websites) gedichten van hem bijeen. De Nederlandse vertalingen zijn van Bernlef.
1. Tomas Tranströmer publiceerde zijn eerste bundel 17 dikter in 1954.
Prelude, het openingsgedicht van het eerste boek van Tranströmer:
Waking up is a parachute jump from dreams.
Free of the suffocating turbulence the traveler
sinks toward the green zone of morning.
Things flare up. From the viewpoint of the quivering lark
he is aware of the huge root systems of the trees,
their swaying underground lamps. But above ground
there’s greenery — a tropical flood of it — with
lifted arms, listening
to the beat of an invisible pump.
2. Tranströmer schreef ook haiku's. Hier eentje uit 2004:
Birds in human shape.
The apple trees in blossom.
The great enigma.
3. Een gedicht is ok als het einde ok is, zegt men. Dit einde is subliem:
A page of the night-book
I stepped ashore one May night in the cool moonshine where grass and flowers were grey but the scent green.
I glided up the slope in the colour-blind night while white stones signalled to the moon.
A period of time a few minutes long fifty-eight years wide.
And behind me beyond the lead-shimmering waters was the other shore and those who ruled.
People with a future instead of a face.
3. Dit stukje schijnproza heeft ook een schitterend einde:
IJSLANDSE ORKAAN
Geen aardschok maar hemelbeving. Turner had het kunnen
schilderen, vastgesjord. Zojuist wervelde één enkele want voorbij,
verscheidene kilometers van zijn hand vandaan. Ik moet met tegenwind
naar dat huis aan de overkant van het veld. Ik fladder in de orkaan. Ik
ben geröntgend, mijn skelet dient zijn ontslagaanvrage in. De paniek
groeit terwijl ik laveer, ik ga ten onder, ik ga ten onder en verdrink
op het droge! Wat is het zwaar, alles wat ik plotseling mee te slepen
heb, wat is het zwaar voor de vlinder om een praam te slepen! Eindelijk
aangeland. Een laatste worsteling met de deur. En ditmaal binnen.
Binnen. Achter de grote glasruit. Wat een eigenaardige en grandioze
uitvinding is glas toch – dichtbij zijn zonder betrokken te raken.
Buiten stroomt een horde doorzichtige reuzensprinters over de
lavavlakte. Maar ik fladder niet langer. Ik zit achter glas,
bewegingloos, mijn eigen portret.
4. Transparant, ongerept, gecondenseerd, dat zijn de trefwoorden bij Transtömers poëzie:
UIT MAART ’79
Moe van iedereen die met woorden komt, met woorden maar niet met taal
begaf ik mij naar het sneeuwbedekte eiland.
Het ongerepte heeft geen woorden.
De ongeschreven bladzijden breiden zich naar alle kanten uit!
In de sneeuw stuit ik op hoefsporen van een ree.
Taal maar geen woorden.
Besluit: en of ik een fan ben van Tranströmers gedichten!
Wim Vandekeybus werd geboren in Herenthout, op 30 juni 1963 en is een Vlaamse choreograaf, regisseur, acteur en fotograaf.
Door zijn loopbaan heen week hij steeds verder af van de
traditionele dansvoorstelling en integreerde hij daarin woord, beeld,
dans en muziek. Samen met onder andere Anne Teresa De Keersmaeker is hij
mee verantwoordelijk voor de bekendheid van België in de internationale
wereld van hedendaagse dans.
Bron: Wikipedia
eind september woonde ik in de kvs een voorstelling bij: oedipus/bêt noir, dans en theater. wim vandekeybus/ultima vez zorgde voor het spektakel, jan decorte schreef een eigenzinnige bewerking van sofokles' oeidipus. dames en heren, terwijl u dit leest, luister ik naar de muziek die bij het utube filmke hoort, waarvan ik de link helemaal onderaan heb geknipt en geplakt. de rillingen lopen nog over mijn rug.
link openen en kijken dus, beste lezers...
verleden jaar had ik al een voorstelling van wim vandekeybus gezien in westrand dilbeek (ik denk dat de titel nieuw zwart was), maar toen vond ik deze prestatie nogal een gewriemel en de dansers weirde acrobaten. ze smeten zich her en der op de scène, maakten bokkensprongen en botsten ei zo na tegen elkaar zomaar in de lucht, ik begreep er toen niet veel van.
maar misschien komt het door de tekst van jan de corte en het indringende verhaal van sofokles....deze keer vond ik de voorstelling adembenemend.
misschien een beetje te lang, vooral naar de smaak van n. ik was ook op een vreemde manier verbaasd dat wim vandekeybus een theaterrol had in dit stuk, hij speelde oeidipus (op glorieuze wijze!) en zijn bijwijlen brussels accent intrigeerde me danig, soms kwam hij over als een grappig ketje. het optreden van de blueslegende roland was ook fabuleus. de muziek trouwens helemaal top, bracht bij momenten ijzingwekkende spanning tussen de acts. niet te verwonderen dus, dat wim vandekeybus wereldberoemd is....
en ook niet te verwonderen, dat hij nu tot mijn favorieten behoort. hij is trouwens op mijn verjaardag geboren: 30 juni en jaja, kreeftjes lijken op elkaar... haha, grapjeeee!
het is bijna herfst en heel wat moois komt op me af
. onder andere dit lied van de hollandse band de kift, een songtekst die door merg en been snijdt...
Tot slot
Ik begreep dat je niet mijn moeder was,
maar mijn dochter, nu houd ik je stevig vast
en over je hoofd heen kijk ik ver
uit het raam naar daar waar ik jaren her
als snotneus rondhing, met om me heen
het gajes - en toch was ik altijd alleen,
waar ik heimelijk rookte in de wind,
je enige zoon, je geliefde kind.
Ik hoef je alleen maar steviger vast
te houden, ik moet je niet loslaten straks
in dromen land, bij regen en mist,
de enige die van mijn onschuld wist.
En wanneer je moet huilen in de nacht,
heb ik in gedachten mijn handen zacht
op je schouders gelegd en tot slot erkend
dat je niet mijn moeder, maar mijn dochter bent.
En later, veel later komt er een tijd
dat je niet in zwart-wit, maar in kleur met mij -
niet op foto's, maar in de werkelijkheid -
precies zo omstrengeld zult staan, waarbij
je rimpels verdwijnen en je weer kind
zult worden - een kind in de wind
met een wapperend lint van rood satijn.
...Als jij niet meer bent, als ik dood zal zijn.
de kift, een heel goeie band, de muziek is
bij momenten heel bevreemdend, ja om kippenvel van te krijgen, bij
momenten meeslepend en vooral vrolijk als fanfaremuziek, je krijgt
zin om mee te zingen en te dansen. jaja, het zijn oerhollandse kerels, chapeau voor wat
ze reeds hebben verwezenlijkt, hun website is ook supergrappig!
ik glijd dit rode
land in als gelei, het zand beweegt als wolken. ik draaiduizeldroom, ik
stuifzand.ik plet mijn
schoot, plant mijn gympen.hij
wil o wee mijn spiegel zijn. ik schud hem van me af, maar hij blijft vast aan
mij. de zon bedriegt me in mijn nek,het lijkt of ik verlies. ach liefje, luister niet naar
zijn gefluister. je alfabet, je namen, het is niets. je liefdes, het is niets.
je schaamte, je bedrog, je verraad, het is niets.
bovenstaand schilderij is van de antwerpse pauline niks*, een superbe artieste die nog deze zomer tentoonstelde in galerij montanus in diksmuide, voor de 5de biennale van jonge schilders. een tentoonstelling met de mooie titel pure peinture*. oeps! ik kende dit schilderij al van een eerder (internet)project, waar ik zelf aan heb deelgenomen, de vallei v, van de onvolprezen antwerpse dichter-plastisch kunstenaar françois vermeulen*. bij elke aflevering van de vallei vraagt françois vermeulen aan vijf dichters poëzie te schrijven bij schilderijen van een door hem geselecteerde kunstschilder. ik wil hierbij de initiatiefnemer feliciteren, want alhoewel het een 'klein' project is zonder veel poeha, is het op de juiste manier uitgeschreven, de opdracht is helder verwoord en de deadlines worden perfect gerespecteerd. het resultaat is dan ook heel fijn, beste lezer, ik nodig u zo meteen uit om te gaan kijken op de website van de vallei* en te proeven van de gedichten en het beeldmateriaal.
.
voor mij was de deelname aan dit project een fantastisch experiment. ik had eerst, zoals het mijn gewoonte is, een heel lang gedicht geschreven van liefst 158 woorden.
woestijnmeisje, zelfbedacht runenspel
in de schilderijen van pauline zit ik in hurkhouding.
ik pluk zilveren lepels uit de lucht, raap rode
beukenootjes
in een blauwbomend bos. maar wat ik hier doe is
onduidelijk.
droom ik rugwaarts in een zee van zand? is dit waar ik
bang voor ben
of waar ik naar verlang, een witte woestenij en ik
daar middenin?
ik glijd dit parelmoeren land in als gelei, het zand
beweegt als wolken.
ik draaiduizeldroom, ik stuifzand. ik plet mijn
schoot, plant mijn gympen.
zij laten duistere sporen na, zij stoppen hier en
houden schaduw bij.
hij wil o wee mijn spiegel zijn. ik schud hem van me af,
maar hij blijft
vast aan mij. de zon bedriegt me in mijn nek, het
lijkt of ik verlies.
ach liefje, luister niet naar zijn gefluister. je
alfabet, je namen,
het is niets. je liefdes, het is niets. je schaamte,
je bedrog,
je verraad, het is niets. sweetheart, it’s nothing. (158)
het gedicht klopte helemaal, en was, vond ik, leuk om lezen voor zij die het schilderij van pauline niks kennen en voor zij die mij kennen, want de laatste tijd krijg ik als commentaar dat ik typische 'nicole' gedichten schrijf, ahum, een compliment. maar o wee, daar kwam ik tot de constatatie dat dit lange gedicht niet paste in de lay-out van de vallei en dat ik dus moest schrappen, het gedicht herleiden tot de essentie.
het werd dus dit:
woestijnmeisje
droom ik rugwaarts in een zee van zand?
is dit waar ik bang voor ben, of waar ik naar
verlang, een witte woestenij en ik daar middenin?
ik glijd dit parelmoeren land in als gelei,
het zand beweegt als wolken. ik draaiduizeldroom,
ik stuifzand. ik plet mijn schoot, plant mijn gympen.
hij wil o wee mijn spiegel zijn. ik schud
hem van me af, maar hij blijft vast aan mij.
ach liefje, luister niet naar zijn gefluister.
je alfabet, je namen, het is niets. je liefdes,
het is niets. je schaamte, je bedrog, je verraad,
het is niets. sweetheart, it’s nothing. (102)
56 woorden minder dan de vorige versie.
.
maar tegelijk stuurde pauline mij ook een andere versie op van het schilderij. het wordt als het ware transparant door de lichtinval en geeft een inkijk in een bijzondere omkadering, nl het atelier (vermoed ik) van de schilderes. je ziet een tafel, een stoel en andere objecten uit het dagelijks leven van de artieste doorschemeren. pauline zei me ook dat zij eerst als basiskleur rood had gebruikt, en dan met wit het rood had overschilderd. hieronder ziet u hetzelfde schilderij dus als een rechthoekig rood artefact temidden van de leefomgeving van de artieste. de schaduw waarop de centrale figuur neerhurkt is immens geworden en heel weird.
ik zeg altijd: als
dichters met taal hetzelfde zouden durven doen als andere kunstenaars met hun
materiaal, dan zou dit fantastische varianten kunnen opleveren. ik heb dus de
essentie van mijn gedicht ook in een kader gezet, het woord parelmoeren
vervangen door rode en een ander lettertype gebruikt. het resultaat ziet u in een volgend bericht...
mag ik u attenderen op een uitgave van demerpress, waaraan ik met plezier heb meeewerkt. het is een eerbetoon aan willie cools, kunstschilder uit duffel, die overleed op 4 juli 2011.
EEN VELD VAN VERWILDERDE ROZEN
Hommage aan de kunstschilder en
graficus Willie Cools door diverse dichters.
Publicatiedatum: oktober 2011
Gedichten naar
aanleiding van schilderijen van de Vlaamse kunstschilder en graficus Willie
Cools (1931-2011). Een hommage. Dichters: Richard Foqué, Theo Slachmuylders,
Thierry Deleu, Suzanne Binnemans, Nicole Van Overstraeten, Ferre Denis, Tony
Rombouts, Erwin Steyaert, Rose Vandewalle, F.A. Brocatus, Ulrich Bouchard,
Hannie Rouweler, Frank Decerf, VPM bio, Roger Nupie, Joris Iven, Marije Kos,
Guy Commerman en Begga Mariën.
“Willie
Cools schildert uitbundige taferelen op grote bladen papier in een al even
uitbundig coloriet van rood en geel en groen met witte sluiers van achtergrond
of overlapping. Meestal beeldt hij personages uit, vrouwelijke bij voorkeur met
een heerlijk onbevangen lichaam dat weliswaar minder aan de werkelijkheid dan
aan een dominerende gedachte beantwoordt. Er treden inderdaad vervormingen op
die duidelijk refereren naar een persoonlijke benadering van de thematiek of
van de sfeer. Die vervormingen zijn echter ook de functie van het ritme van de
aanwezigheden. De kunstenaar gaat vrij ver op dat vlak en toch slaagt hij er
wonderwel in een intern evenwicht te bewaren, een vormelijke elegantie in stand
te houden Zijn figuren voeren vaak een vreemde dans uit; zij bezitten bijwijlen
iets animaals. Hun gestalte is duidelijk meer ideëel dan realistisch hoewel het
oog best kan genieten van hun zinnelijke vormentaal. Ritme en gestalte hebben
iets onwezenlijks dat tevens sublimerend overkomt.
dames en heren, ik heb een oorworm. al sinds enkele dagen zeurt een prachtig lied door mijn hoofd, ik raak het niet kwijt. en het is godbetert een song van rod stewart, waarvan ik hier de eerste strofen knip en plak.
When I need you I just close my eyes and Im with you And all that I so want to give you Its only a heart beat away
When I need love I hold out my hand and I touch love I never knew there was so much love Keeping me warm night and day
Miles and miles of empty space in between us A telephone cant take the place of your smile But you know I wont be traveling forever Its cold out but hold out and do like I do
waar heb ik toch dit lied vandaan? welwel, hoogstwaarschijnlijk waaide het mij toe door een openstaande deur van een bruin café in den haag, leiden of delft. want daar heb ik, jaja, de laatste dagen rondgezworven.
dit bericht is dus een mini-reportage, met leuke foto's van leuke momenten en wat commentaar.
.
vanmorgen om vijf uur klaarwakker met deze deun in mijn hoofd. ik denk dat hij blijven hangen is omdat ik in een toestand van overexitement (oververmoeidheid?) was geraakt. mijn gezelschap bestond namelijk vier dagen lang uit drukke, kwieke, babbelzieke mediterranen (die laat opstaan, laat slapen gaan en straffe koffie drinken om halfdrie 's nachts), helemaal my opposite way of life, you know. zut, heb in nederland te veel engels gesproken...
haha, wat een volkje!
fotootjes nemen deden ze om de haverklap. zelf heb ik weinig foto's gemaakt, alhoewel ik blijkbaar toch prutste met een fototoestel. maar wat ik in 's hemelsnaam wou fotograferen in de intercitytrein naar amsterdam, is me een raadsel...
deze foto vind ik de mooiste uit onze map. het is de oude kerk in de binnenstad van delft, met als karakteristiek een scheve toren. de foto is genomen doorheen het glazen dak van de boot, die met toeristen rondvaart door de grachtjes en onder de bruggetjes van de oude binnenstad. de regendruppels en een barstje laten de torentjes zien doorheen een waas van craquelé, wat een effect!
by the way: het waaide en het regende ferm daar in holland. ik kocht een weirde asymetrische stormparaplu, pour épater mes amis...
op het feestje ter ere van de pensionering van mijn zwager (de eigenlijke aanleiding van onze reis), die enkele decennia lang hoogleraar arabische taal en cultuur aan de universiteit van leiden was, was het ook een en al gefotografeer, zeer tot misnoegen van n., die riep: no paparazzi please!
deze foto heb ik zelf genomen en ben er supertrots op. a. en s., twee mediterrane heren, wandelend en keuvelend in het mooie tuintje palend aan de koffiekamer van de faculteit. een beetje donker uitgevallen foto, maar wat een stijlvol duo!
toespraken en speeches: kunnen heel saai zijn. maar deze dame, hoogleraar en moeder, hield haar baby vast terwijl ze in hollands engels anekdotes vertelde omtrent het leven van a. aan de faculteit. de heer links schijnt blijkbaar heel erg geschrokken te zijn van wat ze vertelt!
dit alles gebeurde in de ruime koffiekamer, waar o jee! een heel originele verzameling theepotjes en theedoosjes en koffiepotjes en koffiemolentjes was tentoongesteld. spijtig dat net iemand anders mijn camera vasthield, anders had ik hier niets anders dan theepotjes getoond...
een etentje in een restaurant hoort er natuurlijk
ook bij. maar we moesten heel lang wachten op onze bestelling. oesj!. n.
las dus even een boekje, om de verveling te verdrijven..
tussen haakjes: het eten in restaurant karalis was wel superlekker. ik
koos een bord spaghetti met olijfolie, look en bottarga, een soort
italiaanse kaviaar. hemel, ik proefde de zee.
en tot besluit het feestvarken, met zijn gracieuze dame aan zijn zijde.
een student vond, dat zijn prof op een teddybeer leek.
tja, a. en a. en s., drie kleine broers, drie kleine kwieke beertjes...
.
ik beweer meestal dat ik niet hoef te reizen, because I just close my eyes and I am everywhere.
maar zo'n weekendje weg werd uiteindelijk toch fijner dan ik dacht.
tot slot dus: de url naar mijn oorworm. om voor altijd te linken aan mijn uitstapje holland...
bijna snakken naar het einde van deze flutzomer. de
laatse weken te maken gehad met allerlei bobokes: muggen- of spinnenbeten, weet
niet waarvandaan, maar ze zaten zelfs tot in mijn haar en het jeukte de hele
tijd, blaasjesbroebels tussen mijn vingers als het dan weer snikheet was zoals
gisteren, een tintelende rechterhand omdat ik tot stukken in de nacht pd james
had gelezen en mijn vingers tijdens de slaap klem raakten onder dat dikke boek,
chronische insomnia en tegelijk ook nieuwe nachtmerries in de korte
slaapuurtjes in de vroege ochtend enz enz...
leve september, als het fris en koud wordt en de zon de boomkruinen omvormt tot
gouden wolken...
.
tot mijn grootste consternatie ook te weten gekomen dat de met vegetatie
begroeide gebouwen in warchau (van vorig bericht) nep zijn! ik had in de maand
juli een mailtje gestuurd naar jaroslaw kozakewicz. op 18 juli
kreeg ik antwoord:
On 2011-07-18, at 06:14, Jarek Kozakiewicz wrote:
Dear Nicole and Ward,
Thank you very much for your kind e-mail.
As far as the
"Nature of/for living" is concerned, the film which is on show at
BOZAR is just an artistic fiction. I was asked to present a project regarding
the modernist architecture of the 60 and the 70 which still is a problem in
contemporary Poland because of a-human solutions. Since I'm interested in
ecology and environmental problems and I work quite often with scientists, I
came up with the idea of this artistic science-fiction in order to show the
urbanist and architectural absurd solution in the communist Poland in an
undirect and quite an ironic way. I ment also to point out some urbanistic
problems in Warsaw such as the lack of green spaces.
Which means that the
modernist buildings are not covered with vegetation and this is just an
imaginary situation. I chose the form of documentary film in order to make it
ironic and funny.
you can find more
information about "Nature of/for living" and some other projects of
mine on my website: www.kozakiewicz.art.pl.
We admired your project Nature of/for Living (2007) in the expo The
Power of Fantasy in Bozar, Brussels.
We were all the time asking ourselves: is this thing real, or is this a product
of the imagination of the artist?
In other words: can we really visit in Warsaw those magnificent buildings
covered with vegetation?
And also: where can we find more info about the project, what did nature do,
what did the artist do?
Once more: congratulations for this magnificent project!
Nicole & Ward
Belgium
argh! voor de zoveelste keer tot de conclusie gekomen
dat ik tamelijk lichtgelovig ben. eigenlijk geloof ik alles,
haha, het is zeker geen heldendaad mij voor de zoveelste keer in het ootje te
nemen... soms vind ik fantasieën zo mooi dat ik wenste dat ze werkelijkheid
waren. vooral als de werkeljkheid rauw, ontluisterend, grof, ontgoochelend
lelijk en verwerpelijk is. dan is fantasie de reddingsboei, de opstap naar een
nieuwe hemel. een van de redenen denk ik, dat ik reeds als kind onderdook
in de literatuur: een paar uurtjes lezen en de saaie realiteit vernevelde in
een spannend of dromerig gebeuren.
.
maar soms is de realiteit niet te evenaren, ze is dikwijls dramatischer,
intenser nog dan om het even welke verbeelding.
want de zomer, die voor mij gelijk staat aan toch wel enkele weken zon, aan
terrasjesbezoek, aan uitstapjes en de welige weelde van het nietsdoen, aan
lezen en luieren - dus: van het dieproze vertoeven in een ingebeeld
paradijs.... is een zomer van rampen geweest. niet alleen regende het
constant in de maanden juni, juli en augustus, er deden zich in de wereld
onvergelijkbare drama's voor. epidemieën, mediaschandalen, seksschandalen,
massamoorden, vreselijke onweders met dodelijke afloop, overstromingen...
we hebben het deze zomer allemaal gehad!
.
desondanks ben ik in de regenmaand juli begonnen met het schrijven van een verhaal, met de
alomvattende en tegelijk nietszeggende titel: regen. eigenlijk een verhaal over de illuminati, een geheim genootschap gelinkt aan aliens en wiens
doel het is de wereldorde over te nemen. ook lady gagainspireerde mij, tegelijk ook het project van jaroslaw,
dat zoveel indruk op mij gemaakt had dat ik het wou 'gebruiken' in mijn
verhaal.
deed ik dit om de vervelende realiteit, de dagelijkse confrontatie (mede door
de media) met die rampscenario's te ontvluchten? is het leven dat
ik beschrijf in mijn verhaal mooier dan de regenrealiteit deze zomer? ja en
neen.
door dit verhaal te bedenken voelde ik me niet langer overgeleverd aan actoren:
mensen, dingen, gebeurtenissen.... die, vond ik mezelf teveel overweldigden
(tegen natuurrampen is bijvoorbeeld niemand opgewassen). neen, ik kon ze
loslaten en creëerde een klein stukje eigen werkelijkheid, een entiteit die ik
zelf maakte en voor een klein deel zelf bestuurde - want natuurlijk schrijft
een verhaal ook zichzelf! maar toch: terwijl ik zat te tokkelen, en ook toen ik
mijn eerste versie (met veel te veel verkleinwoorden en bijvoeglijke
naamwoorden) samen met een vriend las en herlas, verveelde ik me absoluut niet,
integendeel: ik vond het leven plots weer spannend en interessant.
ben ik iemand die de realiteit niet aankan, ben ik een vluchthaas, een
controlefreak, een verveelde vrouw, a lunatic? neen. ik vind het nog
altijd gewoon heerlijk om verhalen te bedenken, terwijl ik onder mijn afdakje
zit en luister naar de regen. a. steekt voor mij een paar kaarsjes aan, ik schenk
me een piepklein glaasje cognac biscuit in, rook eenmalig een sigaartje
met de smaak van rum en amaretto en daar vloeien mijn gedachten ineen tot
ideeën, die dan de volgende vroege ochtend, door een geheimzinnige chemie in
mijn hoofdje, omgezet worden in zinderende zinnen. een nieuw verhaal betekent
voor mij: mezelf vernieuwen. weg met de flutzomer en ikke daar middenin. it's
over... ik zeg dus: een nieuwe herfst, een nieuw geluid.
oeps!, daar floept onbewust de aanhef van het gedicht 'mei' van herman
gorter door de chemie van mijn hoofdje. de verzen plots omgezet naar de
herfst toe...
Mei
Een nieuwe
lente en een nieuw geluid:
Ik wil dat dit
lied klinkt als een gefluit,
Dat ik vaak
hoorde voor een zomernacht
In een oud
stadje, langs de watergracht-
In huis was 't
donker, maar de stille straat
Vergaarde
schemer, aan de lucht blonk laat
Nog licht, er
viel een gouden blanke schijn
Over de gevels
in mijn raamkozijn.
herfst
een nieuwe
herfst en een nieuw geluid:
ik wil dat dit
lied klinkt als de regen
die ik vaak
hoorde in een zomernacht
in mijn
achtertuin.
in huis was 't
donker, maar het stlle terras
vergaarde
schemer, op de trapjes flakkerde laat
nog kaarslicht,
er viel een gouden blanke schijn
over de
muurtjes over de struiken
jaja, nu moet ik natuurlijk verder dichten, maar dit
blogbericht is al te lang geworden. ik voeg hier twee links aan toe, eentje
over de illuminati, eentje over herman gorter.
bozar, tentoonstelling hedendaagse poolse kunst, in het kader van het poolse voorzitterschap van de raad van de europese unie.
bevreemdend, absurd, surrealistisch, magisch, waanzinnig, dat zijn de adjectieven die ik wil gebruiken om deze avantgardistische tentoonstelling te omschrijven. jeetje! een eerste schilderij, Strange Garden van Józef Mehoffe, waarbij een reuzengrote libel de idyllische wandeling van een elegante dame en een lief cherubijntje verstoort, zette ons reeds op weg.
volgden nog een in wit en roze katoen gehaakte rij reusachtge woonblokken, een vreemd geel mannetje met twee lege bierflesjes in de handen, dat zegt:
I won’t leave the World Alive (W?odzimierz Pawlak1986) en een weird filmpje van een groepje naakte mensen die tikkertje spelen in de gaskamer... en onze fascinatie was compleet!
maar wat mij het meest zal bijblijven is het gefilmde project van Jarosław Kozakiewic*.
gedurende enkele jaren filmde hij de metamorfose van een reeks woonblokken
in het hartje van warschau. wij vroegen ons af of dit fictie was of
realiteit.
toch denk ik, dat deze zeer ongewone en originele stadstuin echt te bewonderen is in het centrum van de poolse hoofdstad!
'in het centrum van warschau werd in de periode 1965-1972 een woonproject gerealiseerd,
hetza żelazną
bramą. negentien
residentiële woonblokken bestemd voor 25000 bewoners. za żelazną bramą
was bedoeld als symbool voor het welvarende en vooruitstrevende polen. maar na
de val van het communisme werd dit project bekritiseerd om de chaotische
inplanting in het volle centrum van de stad. ook het bekrompen design van de
appartementen werd gelaakt: kleine kamertjes, keukentjes zonder raam, lange
donkere corridors, het geheel van dubiueze kwaliteit.
toch waren deze
woonblokken niet opgetrokken met behulp van de gehate prefab betonnen en toxische bouwtechnologie, maar
eerder in oorspronkelijk stevig monolitisch gegoten beton. wat echter niet kon
verhinderen dat na enkele decennia deze woonblokken begonnen te vervallen en een
urbanistisch probleem werden in het centrum van de stad.
maar door de
stijging van de temperaturen door de ‘global warming’ voltrok zich een wonder:
micro-organismen als cladosporium en stachybotrys hadden de structuur van het
beton zodanig gewijzigd, dat vegetatie, tot dan toe alleen aanwezig in parken
en botanische tuinen, een ideale ondergrond vonden in de poriën van de muren
van de woonblokken, die door deze vorm van isolatie een stabiele temperatuur
kregen. lege appartementen werden kleine groentetuintjes en het centrum kreeg uiteindelijk
14 hectare biologische oppervlakte bij, die jaarlijks ongeveer 65 ton dioxide
omzetten in zuurstof.'
oeps! na het tumult van mijn verjaardagsfeest verleden zaterdag...
(goed
gezelschap, w. was er ook. toch is het feestje abso niet
uitgemond in intellectueel gezever. het ging er redelijk chaotisch aan
toe, ik werd o.a. pardoes uit de keuken gezet. s. maakte de taboulé
en de sla en later op de avond vergastte hij het gezelschap op een arabisch rock 'n roll-concertje, a. onderging een metamorfose en werd chef, waarbij hij ons heerlijke uiensoep met rode wijn voorschotelde, w. had quiche
meegebracht en a2 heeft staan afwassen en opruimen tot 3 uur in de
nacht. j. bracht zijn pendel van amethist mee en wiebelde iedereen om te weten te komen wie hij of zij in een vorig leven was...)
blijft een schitterende oogst aan boeken (= KADOOTJES) over.
aan de uitdeinende rafelige vermoeidheid van het feest plakte ik dus ook al enkele slapeloze nachten (!) om de verrukkelijke scheepsberichten van annie proulx te lezen, tussendoor begon ik aan onze oom van arnon grunberg en aan zelfportret, columns van barber van de pol. in een van haar stukjes beschrijft deze dame wonderlijk wel hoe ik zelf lees: vanalles door elkaar en tegelijk en geheel en fragmentarisch en achterstevoren en ondersteboven en ik open pardoes een boek en begin zomaar te lezen. mijn boeken liggen op het bureau, op tafel, naast en onder mijn bed, onder mijn hoofdkussen. ik vertoef als het ware in een boekenroes en dat bevalt me uitstekend!
ook al veel plezier gehad met
en wat een mooi kaftontwerp:
truman capote (zijn naam heeft hij van zijn cubaanse stiefvader) leest als een trein, heel vervelend, kreeg pijn aan mijn ogen, zo vlug ging het...
(jaja, beste miss amelia, vond het woord vervelend
ook niet zo best, ik bedoelde dat ik zo rap las dat mijn ogen
begonnen te pikken en dat dit heel vervelend was, omdat ik moest
stoppen met lezen.
maar wat je bedoelt, moet je ook schrijven op een zodanige manier
dat de lezer dit ook zo begrijpt.
zal mijn blogbericht dus aanpassen.
dank je, miss amelia!
yasmin
(ps: natuurlijk ben ik een fan van truman capote, in cold blood was
een roman om van achterover te vallen...)
dus: ... leest als een trein, ik kreeg prikkende ogen, zo vlug ging het (wat heel vervelend was, want ik moest stoppen met lezen!)
en chaja polak bewaar ik voor het laatst.
waw, een hele zomer leesplezier dus. en het is nog niet gedaan... gisteren kreeg ik ook nog in een mum van taal van stefaan van den bremt en een verrukkelijke dichtbundel van kathelijne vanderhallen, woordzang!
oeps! misschien, misschien zou het wel verstandig zijn wat minder te lezen en wat meer te slapen, want gisteren zei ik per abuis eau de javel en ik bedoelde fruitsap, haha!
heb daarnet zitten bedenken dat ik eigenlijk een bericht over les murray wou schrijven, maar op een of andere manier heb ik in het vorige bericht de voorrang gegeven aan ann cotten, misschien omdat het een dametje is, een leuke (jonge) dame nog wel, met een trendy kapsel, zo'n beetje krom op een schattige manier en haar teksten waren trouwens ook de eerste die ik las op de website van poetry international 2011*.
toch wil ik even terugkeren naar les murray. ook omdat ik binnenpretjes kreeg toen ik die dikkerd (en ik zeg dit met tederheid) ongegeneerd, lichtjes hijgend en met zwier zijn teksten zag voorlezen. in 1998 deed hij het ook, gehuld in een kleurige strepentrui en het is ook in dat jaar dat hij een toespraak hield met als titel defence*, de verdediging van de poëzie.
ik publi hier het deel van zijn betoog waar hij het heeft over het ontstaansproces van een gedicht, waarbij hij eerst en vooral uitgaat van de stelling dat elke onbeschadigde
mens 2 geesten en 1 lichaam heeft. de ene geest is die van het wakkere
bewustzijn, de andere is de occulte geest van de dromen,
die ons volledig in beslag neemt wanneer we slapen maar bovendien in de vorm
van dagdromen aanwezig is als we wakker zijn. de geest van het dromen is verantwoordelijk voor het mysterie van de poëzie, het wakkere bewustzijn voor de vormgeving ervan, het lichaam voor het ritme en 'de emotionele dans'.
het lezen van defence is als een baken voor mij, een geruststelling ook. defence geeft me een verklaring voor de veelvuldige momenten van trance waar ik reeds mijn gehele leven 'last' van heb, en waar ik soms moet tegen vechten, omdat ik vind dat ik ook 'wakker en bewust' door het leven moet stappen om mijn dagelijks leven een beetje comfortabel in te richten.
toch ben ik van plan naar de toekomst toe mijn droomsessies opnieuw meer ruimte te geven. in de winterse beslotenheid lukt dit hoogstwaarschijnlijk beter dan in de zomer, want als het zonnetje schijnt wil ik naar buiten...
'Wanneer ik mezelf bij
het schrijven van een gedicht observeer, merk ik dat ik in een soort trance
raak die mijn twee geesten en hun meesterknecht mijn lichaam met elkaar
integreert. De impuls een gedicht te schrijven kan van elk
van de drie afkomstig zijn, en ze leveren alledrie hun bijdrage aan de
creatieve trance. Het wakkere bewustzijn levert de woorden, de meeste ideeën en
waarschijnlijk ook een groot deel van de vorm van het gedicht. De droom
verleent het zijn tijdloze karakter en zijn mysterieuze en onaardse aura; ik
vermoed dat in elk gedicht de meer gedurfde vluchten en associaties - waartegen
het daglicht-bewustzijn zich zou verzetten als het niet op magische wijze tot
zwijgen werd gebracht - worden aangedragen op het vliegende tapijt van ons
droomleven. Het lichaam zorgt op zijn beurt voor gevoel en ritme, voor de vrije
en gebonden dans van woorden en beelden, en het levert ook de wetten van de ademhaling
die in het gedicht worden ingebouwd. Iemand met een diepe, ruime borstkas zal
in sommige gevallen bijzonder lange verzen schrijven, gewoon omdat hij er de
adem voor heeft. Wanneer je het gedicht aanvangt in de juiste fase van het
groeiproces in jezelf, versmelten al die bijdragen in een duizelingwekkende
gelijktijdigheid. Onderbreek je die innerlijke ontwikkeling te vroeg, dan is de
kans groot dat het een verwarde, ongearticuleerde brei wordt; ben je er te laat
bij, dan krijg je algauw een steriele, uitgeloogde tekst, als een programma.
De geïntegreerde trance waarin het gedicht is geschreven houdt bij mij nog
enige tijd aan, enkele uren of dagen, en dan kan het nog een paar dagen duren
voordat ze helemaal is verdwenen. In die tijd kan ik het gedicht polijsten,
indien nodig veranderingen aanbrengen en de kwaliteit enigszins beoordelen. Pas
wanneer de trance helemaal weg is, kan ik het gedicht tenslotte echt
beoordelen, en soms blijkt achteraf dat de persoonlijke ervaring van de
integratie beter was dan het resultaat. Carl Jung en vele anderen voor hem
zouden die integratie-ervaring mijn ziel hebben genoemd, maar omdat ik niet
teveel wil pretenderen en me niet wil verlaten op een woord dat in het gebruik
zo is afgevlakt, heb ik het liever over mijn poëtische zelf. De versmelting van
mijn drie gewone zijnsvormen verhevigt elk van die drie op zich, en veroorzaakt
vaak zo'n hevige opwinding dat ik het niet al te lang achter elkaar uithoud
maar moet opstaan en me naar buiten haasten om even tot rust te komen; dan kan
ik terugkeren voor een tweede sessie. Het gedicht dat ik tijdens zo'n ervaring
schrijf, bevat die ervaring zelf, ook nadat de trance in mij al is verdwenen,
en dat des te duidelijker naarmate het gedicht beter is.
Wat ik in feite
maak is een nieuw lichaam geschapen uit woorden en de effectieve ordening van
woorden, waarin mijn ziel zoals die op een bepaald moment was, zal blijven
voortbestaan. Anderen, die op de poëtische of misschien kunnen we beter
zeggen artistieke ervaring zijn afgestemd, zullen de in mijn gedicht
belichaamde werkelijkheid op hun beurt ervaren, en als ik me bijzonder goed van
mijn taak heb gekweten, zal het alle anderen na hen net zo vergaan, zolang mijn
taal nog wordt gesproken of vertaald kan worden. Wat mijzelf betreft, ik kan
een gedicht nog na jaren herlezen en opnieuw iets van de trance van de
integratie beleven, maar nooit meer met dezelfde intensiteit. Om dat opnieuw te
ervaren, datzelfde niveau van innerlijke esthetische versmelting, zal ik een
nieuw gedicht moeten schrijven. Of kennismaken met een ander kunstwerk dat me
volledig in vervoering brengt. Ik heb al dikwijls verteld hoe ik voor het eerst
naar boven ging in het Van Gogh-museum in Amsterdam en werd geconfronteerd met
zijn schilderijen - op wat precies het juiste moment in mijn leven moet zijn
geweest - ik heb me toen op een van die zachte banken laten zakken en eerst een
tijdje geslapen, als had ik er behoefte aan me van die aanvankelijk
verpletterende indruk te bevrijden. Ik hou nog steeds erg van zijn werk, maar
dat heb ik nooit meer hoeven doen.
Er schijnt in dit leven, in dit stadium van
onze evolutie, een intrinsieke wet te zijn die bepaalt dat we ons hele zelf -
het volledig aanwezige besef van alles wat we zijn en kunnen zijn - weliswaar
kortstondig maar niet als een stabiele, permanente toestand kunnen verdragen.
De versmelting blijft voortbestaan in het produkt, maar niet in ons. Dit is
naar mijn mening het essentiële model en de structuur van alle menselijke
creatie, en de reden waarom we nooit ophouden te creëren, hoe armzalig de door
ons vervaardigde ziel-lichamen ook mogen zijn. We hebben dat proces poëzie
genoemd (poiesis: maken), duizenden jaren voordat er andere namen aan werden
gegeven, en het is zo goed als zeker dat we het eerder hebben uitgedrukt in
woorden, muziek en dans dan met andere middelen, hoewel grotschilders daar
weleens tegen zouden kunnen protesteren, wanneer ze even uitrusten van het
schroeien en inkleuren van hun slangen en bizons op de kalkstenen rotswanden.'
hoe ijdel moet ik zijn om dit gedicht te schrijven...
(ann cotten)
In droomritme ademen als je wakker bent en ver van je bed, dat is de gave. Tragisch zijn met een boek op je hoofd.
Les Murray, 'Het instrument'. Iemand met een diepe, ruime borstkas zal in
sommige gevallen bijzonder lange verzen schrijven, gewoon omdat hij er de adem
voor heeft.
Les Murray, 'Defence', 1998.
de 42ste uitgave van poetry international is weer eens verleden tijd, maar op het web kun je de voordrachten herbekijken en al de gedichten nalezen*. waarom ik al jaren zo gek ben op poetry international? omdat ik mij voorhoud dat daar in rotterdam het beste van het beste wordt getoond, op wereldniveau, en omdat ik mij daaraan eigenlijk altijd al een beetje wilde optrekken, of beter gezegd, omdat ik vaag de ambitie had dat niveau te bereiken. ondertussen besef ik wel, dat ik niemand hoef na te apen, dat ik gewoon zelf moet proberen mijn eigen 'gave' te ontwikkelen, door nooit op te houden met schrijven, door 'mijn tijd niet te gehoorzamen' en 'in droomritme te ademen terwijl ik wakker ben', niet bang te zijn tragisch rond te lopen 'met een boek op mjn hoofd'... ik citeer hier de australische dichter les murray, voor een tijdje weer een van mijn absolute favorieten.
samengevat: mijn passie voor literatuur blijvend beleven.... ambitie is goed, overmoed is belachelijk, daarom de titel van dit blogbericht.
toch vind ik dat het bekijken van de livestream van de 42ste poetry international mij toch wel iets heeft bijgebracht: namelijk de overtuiging dat het de huidige tendens is ademlooslange teksten te schrijven. zonder hoofdletters, punten of komma's, zonder strofevorming, zonder vast metrum of rijm, zonder opvallend verschil met proza, of het zou het ontbreken moeten zijn van interpunctie en klassiek- correcte syntaxis.
een voorbeeld hiervan is het gedicht solidus, van de duits-oostenrijkse ann cotten, dat op het eerse zicht een opsomming lijkt. bij nadere lectuur ontwaar je toch denkende en voelende links, ook lees je automatisch hele zinnen, paragrafen, betoogjes, die er eigenlijk niet staan, maar die zich in en buiten het gedicht vormen. in ons hoofd, in ons hart, in onze tweede 'geest' - waarover les murray het heeft in zijn schitterende 'verdediging' van de poezie*. waarom nog hele verzen neerschrijven als deze zich - in alle mogelijke varianten - toch automatisch in de geest van de lezer vormen?
SOLIDUS
De klinker bij Kinker / de daling in Staring / het
Waterlooplein / de druipende naalden / de loop door de kamer / het
deksel / het geeuwen / de blinkende daken / de stap van het type dat
achter me loopt / de stappen op trappen / de vlekken op trappen / het
kraken van gangen / de liefde in hallen / het mooie van versmaat / de
hinkende versmaat / het scandeerhuis / de trucjes / de lasser / het
liegende bed / de slogans op bussen / de zeiler op reis / het
voorlaatste blaadje / het voorlaatste blad / de regen op daken / de
duiven op bordjes / de zangval van zinnen / de passende maat / het
beukende ritme / het smeulende peukje / de spiegel / de haven / de
wratten / de arm Het schuine verzetten / de hand onder water / het radicale het
kiepen van flessen / het kieken in huis / het knippen in niksigs / de
stromende lucht / de verbeterde grap / en kevers / en breuken / en
drinken / en tonnen en banden die piepen en randen / en plagen /
en laarzen / atomen / atomen in banken / verbindingen / slogans / en
zwendel / en schuren met reeën en hooi / vervaging in nachten /
verscheping in kisten / insomnia / kraken / en volume control / en
dammen / en blaten / en blikken, gewiekste / zich legende kisten / en
kennis / en schisma’s / tropismen en neuken / ontglippende sokken / het
gonzen van dieren / register van dingen / het gloeien van wangen / het
trekkende lachen / het malle van grappen / het op zijn van wijn / het
dweilen van vloeren / het kijken naar striemen / het jij-woord / het
zwellen / het glippen van riemen / de hoogbouw / het hondje / verdelers /
vervangers / en kammen / en dimmen / en liefjes / kantines / en floppen
/ en kusjes / en raspen / en kieuwen / de longen in stalletjes /
slingeren rond
de verdichting die ann cotten hanteert is heel intens. ik krijg vaag het vermoeden dat zij hiermee aantoont hoe woorden en zinsdelen zich in onze geest wentelen en nestelen en hoe moeilijk het is een taal te verzinnen die door iedereen op dezelfde manier wordt geinterpreteerd. dit geldt niet alleen voor de literatuur, maar ook voor de gewone 'dagelijkse' communicatietaal. dus ook voor de taal van de media die, zoals we weten, met de juiste manipulatieve truuks, ongelooflijk veel invloed kan hebben op het maatschappelijk bestel, op onze manier van denken en voelen.
een onrechtstreeks bewijs dat woordentaal niet volstaat om te communiceren en tegelijk ook een aanwijzing dat de slogan: 'de taal is het volk' en dus afgeleid daarvan, het talige eenheidsideaal larie en apekool is en het democatisch denken en voelen grandioos in de weg staat.
een bevrijding vind ik het, dat deze gedichten bestaan en toonaangevend zijn. een troost voor alle dichters en ook voor alle mensen die berispt worden omdat zij weigeren binnen de lijntjes te kleuren.
http://www.poetry.nl/read/defence98: 'Elke onbeschadigde mens heeft twee geesten en een lichaam. De ene geest
is die van het wakkere bewustzijn, de andere is de occulte geest van de
dromen, die ons volledig in beslag neemt wanneer we slapen maar
bovendien in de vorm van dagdromen aanwezig is als we wakker zijn'.
ik wil eerlijk bekennen dat ik sinds enkele weken, maanden, het land heb.
samen met de heerlijke temperaturen in april en mei steeg dit gevoel van onbehagen zienderogen. net alsof bij mij het omgekeerde plaatsgrijpt: hoe meer zon, hoe meer melancholie. ik heb het land aan dit land, aan de mensen van dit land. ik heb het land aan mijn huisje, aan mijn geliefden.
ik heb het land aan mijn illusies, aan mijn verbeelding. ik heb het land aan het feit dat ik het land heb, want tegelijk ervaar ik een soort angst: gaat dit stoppen, dit liefhebben? ga ik dit niet langer tolereren, deze dingen, deze lichamen om me heen? zij die bewegen, geluiden maken, stellingen verkondigen, grapjes maken, me aanraken, voortdurend om aandacht vragen, ga ik ze wandelen sturen? zal ik, zoals indertijd greta garbo met zwarte bril, verkondigen: I want to be alone? ach, ach, als ik jonger was, zou ik diep in mijn dip duiken en het allemaal nog geloven ook. maar ik word eind deze maand 65 en ik weet: misschien is het tijd om weer beginnen te tokkelen.
want deze onrust, deze irritatie, dit rommelen en dreinen, is niets anders dan....literatuur. fijn toch, dat dit kan: het broeden omzetten in poëzie en me dan met een zucht van opluchting opnieuw bezighouden met het leven, het echte leven, dat volgepropt lijkt met leuke dingen (zoals mijn gepland verjaardagsfeestje, haha!)
men noemt dit relativeren, geloof ik.
gisteren gekeken en geluisterd naar poetry international (livestream) en om te beginnen genoten van de gulle, schijnbaar nonchalante gedichten van truong tran uit vietnam.
zowaar een zielsgenoot ontdekt!
approach it as you will but do so knowing
that the line which connects the perceptions to the perceived is crossed
with the line of the needs and necessities and there at the crossing
are the casualties fragments to stories some still struggling to find
the beginnings
bezie het zoals je wilt maar doe het in
het besef dat de lijn die de waarnemingen verbindt met het waargenomene
doorsneden wordt door de lijn van de noden en noodzaken en waar ze
elkaar snijden bevinden zich de slachtoffers fragmenten bij verhalen
sommige nog zwoegend op zoek naar een begin
consider the path of a falling leaf the
distance in between the branch and the earth the slightest breeze could
alter its course now consider yourself as that falling leaf falling
falling and where did you come from and where are you now
kijk naar de weg die een vallend blad
aflegt de afstand tussen de tak en de aarde de minste windvlaag zou zijn
richting kunnen veranderen bekijk jezelf nu als dat vallende blad
vallend vallend en waar kwam je vandaan en waar ben je nu
perhaps in another time our story would be
different there would be no leaving and thus no returning you would be
the teacher in a northern village and i the fisherman we would live
quietly to the background singing of cicadas the whispering of the
ocean’s breath and poems like weeds would go from the cracks of our
lives perhaps in that life the frog and the scorpion are better off as
lovers
in een andere tijd zou ons verhaal
misschien anders worden er zou geen weggaan zijn dus geen terugkeren jij
zou de leraar zijn in een dorp in het noorden en ik de visser we zouden
rustig samenwonen met op de achtergrond het sjirpen van krekels het
fluisteren van de zeeadem en gedichten zouden als onkruid uit de
scheuren van ons leven groeien misschien zijn de kikker en de schorpioen
in dat leven beter af als geliefden
(ik kan niet anders dan zeggen: waw en wat een troost is poëzie!)
teruggevonden: nog enkele foto's van muziektheatervoorstellingen in de kvs, beide een schitterende afsluiting van het seizoen.
de gehangenen (josse de pauw en jan kuiken) en het desdemona-project (kvs & bozar /toni morrison, rokia traoré & peter sellars)**
de gehangenen gaat over mensen die het aangedurfd hebben te protesteren tegen 'het systeem' en daarom opgehangen worden. een politiek statement als geen ander! desdemona is het verhaal van shakespeares othello, maar dan verteld van uit het perspectief van desdemona, de bruid van othello die door hem uiteindelijk wordt omgebracht (prachtige poëtische teksten van toni morisson!)
ik publi dit materiaal op mijn blog, deels omdat mijn herinneringen eraan zo levendig blijven, deels omdat ik hiermee toch wel een eer wil bewijzen aan josse de pauw, die mijn lievelngsacteur geworden is. sinds ik de voorstelling weg van hem gezien heb in oostende, die hij beëindigde met het zingen van een intens doorleefd liefdeslied (in het frans nog wel!) heeft hij mijn hart gestolen...
'De gehangenen zijn zij die luidop vragen stelden, die luidop hun
bevindingen verkondigden, die zich niet wilden neerleggen bij wat al
geweten was of bij wat geschreven stond, ze eisten de vrijheid op om te
twijfelen en te onderzoeken. Vaak moesten ze die nieuwsgierigheid met
hun leven bekopen. De muzikanten van het Orchestre Royal de Chambre de
Wallonie voeren de muziek van Jan Kuijken uit. Een muzikaal verhaal waar
acteurs, zangers en Jan zélf met cello en opgenomen materiaal, hun plek
in vinden. Boven het strijkersensemble worden drie zangers en twee
spelers opgehangen.'
.
van toni morrisson ben ik al jaren een fan, haar
boeken prijken glorieus in mijn boekenkast. rokia traoré, daar had ik al
het prachtige liedl laidu beluisterd, van het album desert blues2 *... peter sellarsis een olijke, waanzinig getalenteerde theaterregisseur met schitterend opgebrushed kapsel.
DESDEMONA
literatuur & muziek & theater
(Elke dag inleiding door Peter Sellars om 19u)
'Als reactie op Peter Sellars Othello (2009) hebben Toni Morrison,
Nobelprijs literatuur, en singer-songwriter Rokia Traoré een intiem en
diepzinnig gesprek uit het hiernamaals gecreëerd tussen Shakespeares
Desdemona en haar Afrikaanse kindermeisje. Na eeuwen kolonialisme en
racisme delen twee vrouwen verhalen, liedjes en hoop op een betere
toekomst.
Rokia Traoré en band brengen live de muziek, steractrice Elizabeth Marvel speelt Desdemona.'
Mijn naam is Desdemona. Het woord Desdemona betekent ellende. Het
betekent noodlottig. Het betekent verdoemd. Misschien vermoedden of
kenden mijn ouders mijn lot al toen ik geboren werd. Misschien was het
feit dat ik een meisje al genoeg om te weten hoe mijn leven er zou
uitzien. Dat het zou onderworpen zijn aan de grillen van mijn ouderen en
aan het gezag van mannen. Dat was zeker gangbaar, nee, verplicht voor
vrouwen in het Venetië van de vijftiende eeuw. De mannen stelden de
regels op, de vrouwen volgden ze. Noodlot en rampspoed lagen altijd op
de loer. Mijn ouders waren zich sterk bewust van dat systeem en keurden
het goed. Ze konden de toekomst van een dochtertje tot in de details
voorzien.
Ze hadden het mis. Zij kenden het systeem, maar ze kenden mij niet. Ik ben niet de betekenis van een naam die ik niet zelf heb gekozen.
de digitale revolutie (2) hanne rouweler, dichteres en e- uitgeefster
publishing on demand
onlangs aan den lijve ondervonden wat zoiets
als publishing on demand (pod) is: een systeem waarbij je als
auteur van een eigen publicatie maar net zoveel boekjes moet laten drukken,
aankopen en verspreiden als je zelf wil. ook kunnen je boekjes meestal gedownload
worden als e-book. dus: gedaan met papierverspilling, geen
stoffige kartonnen dozen met vergane onverkochte dichtbundels meer op zolder!
demerpress, een kleinschalige e-uitgeverij, gevestigd in
diepenbeek (limburg), heeft reeds een fraaie lijst poëzieuitgaven op haar naam.
vele auteurs die in het gevestigde literaire circuit niet aan bod komen kregen de
kans om hun pennenvruchten picco bello gedrukt te zien. de enthousiaste lady
achter al dat moois is de nederlandse dichteres hannie rouweler (op de foto met haar man joris iven).
zij wil poëzie toegankelijk maken voor iedereen, haar motto is: poetry for
all!
ik denk hierbij: poetry for all poets! want dank zij de inspanningen van hannie
en haar team hebben heel wat bundels het daglicht gezien en auteurs, of het nu
debutanten zijn of ervaren schrijvers, major- of zogenaamde minor- poets:
zij kunnen toch maar een nieuwe uitgave op hun naam schrijven!
want volgens hannie bestaan er geen slechte gedichten.
als een gedicht niet klopt is het doodgewoon geen gedicht. ook nog: wie bepaalt
de waarde van goede of slechte literatuur? de academici, die geen weg weten met
hun intellectuele hoogmoed? het volk, dat een zwak heeft voor simpele frietgedichten
en literaire abstracties in de prullenmand gooit? of een paar zelfverklaarde literaire
goeroes, dikwijls leden van het mannelijk geslacht die zich opstellen als
(en ik deze term leen ik gezwind van hannie) acp's, arrogant chauvinist pigs? haha, ik overdrijf, want ik ken
natuurlijk ook ernstige en waardige literatoren met een suikeren hart en een zwak voor vrouwenliteratuur.
maar ik wil het hier niet hebben over de emancipatie van vrouwelijke
auteurs.gezwind keer ik terug naar
hannie en haar toch wel heel sociaal project'poëzie voor allen' en vooral: haar
profilering als dichteres. het is ok je volledig in te zetten om een goed
auteur te worden en jezelf op superieure manier te managen en te promoten, maar
anderen de gelegenheid geven ook eens mee te doen - dan ben je reeds op een
hoger trapje beland, los van het pure ego-trippen dat zoveel literatoren kenmerkt.
zodra hannie terug in mijn vizier kwam (want ik kende
haar naam reeds uit een ver verleden, hoogstwaarschijnlijk had ik al poëzie van
haar gelezen) ben ik gaan surfen op internet, nieuwsgierig als ik was
naar haar persoon en haar gedichten. en ja, ik kon ontelbare web-adressen
openen waarop de bio- en blblio-gegevens van hannie in volle glorie prijken. en
o wonder, zij is niet alleen dichteres en uitgeefster, maar ook een begenadigde
schilderes.
hannie rouweler, een beminnelijke vrouw
een gedicht dat vermoed ik, kenmerkend is voor het
huidige profiel van hannie rouweler is 'het langzaam stromen van water',
een gedicht gepubliceerd in de bundel rozentuin, klavierklanken (waar ondergetekende ook een bijdrage in leverde!) en
waarin zij het langzaam stromen van de rivier de dommel associeert met 'het
gaan van een beminnelijke vrouw, 's zomers in een ruisend kleed met bloemen in
haar haar, in de lente als een schuchter meisje, in de winter een bevroren
uiltje dat uiteindelijk de seizoenen weerstaat en voeling heeft met de
eeuwigheid’.
ik heb zo een vaag gevoel dat hannie in dit gedicht zichzelf portretteert:
is zij niet die beminnelijke vrouw, bijwijlen schuchter en die soms spreekt als
was zij met een laagje ijs bedekt (dat, ahum, door zijn lagere dichtheid blijft
bovendrijven maar zo het leven onderwater voor de eeuwigheid bewaart) - een
nuchtere vrouw, die het leven naar zijn werkelijke waarde schat?
maar ach, laat ik a.u.b. de nodige afstand bewaren: de persoonlijkheid
van een dichter of dichteres afleiden uit de analyse van zijn teksten is er
volkomen naast. beweren dat hannie beminnelijk is, schuchter, ijzig: dit is
mijn interpretatie. eigenljk een beetje grof, zo onrechtstreeks en ongevraagd willen
binnendringen in iemands persoonlijkheid. hannie schreef me trouwens onlangs: ‘dichter en mens moet je altijd scheiden, hoewel ze
elkaar invullen en aanvullen’.
zei descartes niet: wie verborgen heeft
geleefd, heeft goed geleefd. ik breek hierbij dus een lans voor het respecteren
van de kunstenaar als privé-persoon. het echte leven moet zo eenvoudig en bescheiden
mogelijk worden geleefd, het leven als kunstenaar moet vervat worden in zijn
(of haar) kunst. of is dit weer een te ver doorgedreven stelling, lopen die
twee ‘levens’ automatisch in elkaar over?
en altijd opnieuw dat stromen van water
ik ga in deze drie volgende gedichten toch op bezoek
bij hannie, speurend naar invul - en
aanvulmateriaal. mijn bedoeling is een glimp op te vangen van wat
haar als mens en dichteres boeit – als kennismaking is dat voor mij voldoende,
de rest is... tja...literatuur!
in gezichtsvormen en in leeg station,
drukt zij een ervaring uit die ik zó herken, in de setting zou ik zó zelf
hebben kunnen meespelen. hannie creëert2 x een content waar ik makkelijk kan inkomen (is wat ons, dichters en
dichteressen bindt, niet eenzelfde soort gevoeligheid): namelijk het weerzien
van geliefden in een droom of in een soort déjà-vu (men meent een geliefde
persoon te herkennen, maar het is maar verbeelding). toch lijken de personages
reëel, zij bewegen, spreken, glimlachen.
in een paar verzen, schijnbaar los uit de pols, weet de dichteres hannie
rouwelier hier een moment op te roepen dat ons diep meevoert naar de duistere
regionen van het onderbewustzijn, de herinnering, de droom. en altijd opnieuw
dat stromen van water, dat meegevoerd worden door de wolken, het voorbijglijden
van de tijd, de eindeloosheid...
heb ik hier dé sleutel ontdekt tot de poëzie van hannie?
GEZICHTSVORMEN
Ik heb je weer gezien en ik kon
weer in je geloven omdat
je handen langzaam bewogen
en je voeten helder waren
zoals het water dat langs ons stroomde
toen de zon schaduwen wierp
van onze lichamen op de zwarte aarde.
De woorden klanken meevoerden
als een vlucht ganzen boven onze hoofden
voorbij de wolken vlogen,
waardoor het leek alsof geen einde naderde.
Ik zag je terug en het was niet meer in
duisternis
en ook niet in het licht waarin men vele dingen
meent te bespeuren die er niet zijn. We waren
even samen tot elk van ons weer verdween in de
openingen van het verleden, achter gesloten
vensters.
LEEG STATION
Ik zag mijn broer
aan de overkant op het perron staan
enkele seconden gleden in stilte voorbij
op een verlaten station in Twente
met tussen ons een dubbelspoor
voor treinen uit beide richtingen.
Hij keek mij aan en een glimlach
verscheen op zijn gezicht.
Net voordat ik hem wilde wenken,
zijn naam riep, kwam een sneltrein voorbij
vond achter kleine ramen geen teken,
geen gestalte die op hem leek.
Hij verdween zoals hij was gekomen,
mijn broer, op die dag waarop niets
terugkwam.
het gedicht als touchscreen
ik wil nog een derde gedicht noteren, dat hannie
rouweler geschreven heeft voor haar dochter: na al die tijd van vage dromen, gepubliceerd in van alles 1 + 1, de jubileumuitgave van demerpress.
ik vind hier een heel leven terug. hannie beschrijft hoe het was toen haar
dochtertje nog een ukkie was, hoe zij heeft genoten van haar kinderlijke
verbeelding. hoe zij zich de huizen en plaatsen herinnert waar zij samen verbleven.
hoe haar kind plots schoksgewijs volwassen werd en de grote dag aanbrak: in het
wit gekleed, met om haar hals een fijn kettinkje: een huwelijk, het grote
loslaten. maar dit proces resulteerde niet in een onoverkomelijke afstand: de
band blijft desondanks bestaan, niets kan hen scheiden.
mooi verhaal. maar toch wil ik de aandachtige lezer ook wijzen op de
intense verdichting van dit gegeven. hoe de dichteres in enkele verzen een heel
menselik bestaan omschrijft, hoe zij werelden kan concentreren in enkele
woorden. niet alleen laat zij verzen tegen elkaar opbotsen of in gesprek gaan,
ook de witruimtes omvatten oceanen. op twee plekken van dit gedicht is dit
overduidelijk: twee volkomen wat ik noem ‘onaangekondigde verzen’.
het eerste vers in je stralende blauwe ogen gooit hannie abrupt
op het papier. het lijkt een vers dat eigenlijk een aanvulling had moeten zijn
van een ander, bijvoorbeeld ‘ik zag het geluk in je stralende blauwe ogen’. maar
neen, hannie begint haar vertelling met een bijwoordelijke bepaling van plaats.
het onderwerp en het werkwoord, daar laat zij naar raden. het kan ook zijn dat
een hele paragraaf, een hele reeks verzen, een opmerking, een stelling aan deze
bepaling voorafgaat.
de lezer mag deze items, deze bewustzijnslagen, zelf aanvullen, mag zelf
graaien in zijn verbeelding... als dat geen sublieme vorm van verdichting is, dan
weet ik het niet meer! en het beginvers van de derde strofe, je meteen
gevonden kan worden is schijnbaar ook een ‘stuk’ van een vers, dat hier
midden in het gedicht wordt gegooid.maar door dit procédé zet hannie weer de lezer aan het werk: hij kan
gissen naar en fantaseren over wat vooraf is gegaan en wat zou kunnen volgen...
hannie is, vind ik (en ik gebruik deze termen voorzichtig), een redelijk
klassieke dichteres, zij schrijft zachte, vloeiende verzen. een meesteres in de
dichtkunst, die haar vak grondig beheerst. maar door bovenstaande gedurfde
procedure balanceert zij op een supermoderne schommel. dit is poëzie van deze ‘schokkende’
tijd. haar gedichten zijn als touchscreens, je tikt ertegen met je vinger en
ja, een waaier van mogelijkheden opent zich...
NA AL DIE TIJD VAN VAGE DROMEN
In je stralende blauwe ogen.
Namen gaf je aan alle dingen:
'kijk, mijn schaduw is een donkere spiegel.'
Ik raakte de tel kwijt van zelf bedachte woorden.
Dat ik na zoveel jaar, zoveel straten, dorpen, steden,
voorbij al die woningen die ik met je deelde
weer geluk vind in een glmlach. Weelderige ogen.
Geen omwegen om eindeloos in te verdwalen.
Je meteen gevonden kan worden. Blindelings
in die grote dag, wit gekleed. Om je hals
een fijn kettinkje. Op je huid zonlicht zichtbaar.
Als meisje groeide je schokoksgewijs, naar dit moment.
Ik vergeet bijna dat ik je moeder ben. Zoveel afstand
is genomen. Zoveel andere bruggen over diezelfde rivier.
Niets kan ons scheiden. Je blijft mijn kind. Alles hetzelfde.
tot slot: toch nog enkele kiekjes!
twee vrouwen...(noot van Hannie: geschonken aan de dichteres CHAWWA Wijnberg, Middelburg) Acryl op papier, potlood.
de droom van irma... acryl op canvas..(noot van Hannie: gekocht door een vrl hoogleraar, Heerlen).
neen, neen, dit is niet hannies dochter uit het gedicht, maar haar kleindochtertje elise... een dotje! (Hannie: MIJN POPPEMIEKE….)
zaterdag 14 mei jl. op de schrijfdag in hasselt*
(georganiseerd door creatief schrijven*) een workshop gevolgd omtrent de
digitale revolutie: ‘schrijven met i- durf’. lesgeefster was de
sublieme an mertens*, 'multimediaal verhalenschrijfster'.
wablief? kun je tegenwoordig verhalen (en gedichten) publiceren op internet?
super! en ze ook lezen op e-readers, i-pods, e-pads, of
tablets door simpelweg te touchscreenen? jawel!
zaterdag heb ik dus van deze heel leuke docente vernomen dat er oneindig veel
mogelijkheden bestaan om te schrijven op internet, met een schitterend
spectrum aan tools om je content zo fraai mogelijk vorm te geven.tof!
gedaan met honderden euro's te besteden aan het verzenden van manuscripten
naar uitgevers, die toch alleen maar geïnteresseerd zijn in hun marktaandeel,
of 500 tot 1000 (!) euro te moeten betalen voor enkele tientallen bundeltjes
uitgegeven in eigen beheer. gedaan met aanschurken bij literaire
kliekjes om toch maar via via ergens gepu te raken, gedaan met leuren met
boekjes op doodsaaie literaire avondjes... internet, here I come!
ben weer eens overenthousiast! heb droombeelden van pagina's en pagina's (op
een site met de subversieve naam hotglue.me*), krioelend van leuke teksten en gedichten van
me, geïllustreerd met foto's, videofilmpjes en een layout die vrolijk
resulteert in de ultieme kick. maar oeps! daar val ik met beide voeten op de
grond! heb namelijk al een website - dedeze dus - en ik kan mooie foto's downloaden.
haha, toch al heel wat!
hierbij direct enige noodzakelijke links. op het u-tube-filmpje een verslagje van de schrijfdag, daarna een kleine profilering betreffende het fenomeen an mertens, het adres van haar hoogstoriginele blog en... hotglue, hét toverwoord van de schrijfdag,!
haha, ik laat de lezers op hun honger zitten ...maar wie er bij was, weet waar ik het over heb... even deze links openen is een absolute aanrader!
* An Mertens schrijft,
redigeert en vertelt verhalen. Ze experimenteert met analoge en digitale vormen
van vertellen, als lid van Constant (vzw voor kunst en nieuwe media) en via
persoonlijke projecten als Boektegoed (Bronks, Bib Elsene), CIAO/CU (digitale
vertelling + roman), Space Stories (The People Speak)...
Do not go
gentle into that good night,
Old age should burn and rage at close of day;
Rage, rage against the dying of the light.
Though
wise men at their end know dark is right,
Because their words had forked no lightning they
Do not go gentle into that good night.
Good men,
the last wave by, crying how bright
Their frail deeds might have danced in a green bay,
Rage, rage against the dying of the light.
Wild men
who caught and sang the sun in flight,
And learn, too late, they grieved it on its way,
Do not go gentle into that good night.
Grave
men, near death, who see with blinding sight
Blind eyes could blaze like meteors and be gay,
Rage, rage against the dying of the light.
And you,
my father, there on the sad height,
Curse, bless me now with your fierce tears, I pray.
Do not go gentle into that good night.
Rage, rage against the dying of the light.
in vorig blogbericht legde ik wel tot in de puntjes uit wat een sonnet en een sestina is, maar ik vergat te vermelden dat een middeleeuwse villanella uit vijfvoetige verzen bestaat, opgebouwd rond twee rijmklanken en verdeeld over vijf terzienen en een kwatrijn. de eerste en de laatste regel uit de eerste strofe komen volgens een vast schema in de andere strofen als keervers terug en vormen aan het eind van het gedicht een refrein.
een villanella oeioei, als ik dit woord hoorde vond ik dit super, ik dacht aan een mooie villa, van een meisje dat nella of zo heette, maar het is dus een schijnbaar aartsmoeilijke dichtvorm.
het lijkt erg ingewkkeld en dat is het ook wel een beetje, maar een recept uit de keuken van peeter goossens is dat ook, temeer daar hij aanraadt twee keer verse frituuroiie te gebruiken om frietjes te bakken, haha....
de beroemdste villanella is bovenstaand gedicht van de ierse dylan thomas (Swansea, 27 oktober 1914 – New York City, 9 november 1953) - een van mijn vroegere lievelingsdichters, nu opnieuw in de schijnwerpers gezet door jan decleir in een programma dat in onze zalen speelt met de titel under the milkwood.
dylan thomas schijnt geen moeite te hebben met al die versvoeten en rijmklanken en keerverzen, maar ik geloof dat ik zelf zou zwoegen als ik het eens zou uitproberen!
‘Quirky, witty, moving. Katryn Simmonds’ gift is to find
joy and beauty in unexpected places. She invests the everyday world with an extraordinary
luminosity.’ Jackie Kay.
de laatste dagen diende zich, in zijdelingse en echte gesprekken omtrent literatuur, volgend item aan: het gebruik van klassieke vormen in hedendaagse poëzie. catharina boer, een collega - dichteres in rozentuin, klavierklanken*, grijpt bijvoorbeeld in het jaar 2011 terug naar de petrarcaanse sonnetvorm. om een sonnet te schrijven moet je ontegensprekelijk het vak beheersen, je schrijft twee strofen van elk vier vijfvoetige jamben, die samen het octaaf vormen, en twee strofen van elk drie vijfvoetige jamben, die samen het sextet vormen. zelf heb ik dit nog nooit geprobeerd, laat staan dat ik me zou wagen aan een middeleeuwse villanellaof een sestina.
de
sestina is een ingewikkelde versvorm, uitgevonden door de 12de eeuwse
occitaanse troubadour arnaut daniel. ze bestaat uit zes strofen van zes regels,
gevolgd door een strofe van drie regels, waarbj de eindwoorden van elk vers uit
de eerste strofe in een bepaalde volgorde terugkeren. ook in de afsluitende drieregelige strofe
worden ze ale zes herhaald.
een sestina schrijven, dat doet de britse auteur Kathryn Simmonds in haar gedicht 'S ZONDAGS IN DE HUIDWASSALON * dus wel. simmonds veroorlooft zich echter vrijheden met de
strakke structuur. ze doet dat door in sommige strofen het eindwoord te
vervangen door een woord dat daarop rijmt.
maar het resultaat is een om van achteroveropjebuiktevallen gedicht. zij beschrijft in een surrealistische scène hoe enige mensen naar het wassalon gaan, niet om hun kleren te wassen, maar om hun vel af te stropen en dit in de wasmachine te stoppen.
katryn simmonds slaagt erin gewone gebeurtenissen een metafysische dimensie te geven. de naakte staat van de personages laat hen toe diep in hun ziel te kijken:
Nu zijn huid/ wordt gezwierd, bekijkt de man zijn hart. De dames zijn druk/ met hun lijf, of tillen zacht hun borsten op, sluitwerk/ waar een ziel achter verborgen zit.
hier komt het dus, katryn's pièce de résistance: een lyrisch, exuberant, theatraal gedicht, dat ondanks de inhoud niet zwartgallig is, maar geestig, humaan en warm.
'S ZONDAGS IN DE HUIDWASSALON
Het wekeljks bezoek aan geurige stoom. Ernaast,
op straat, valt bijbelse regen, die zegt: wees rein.
Niemand binnen, merkt het; te druk met het werk
een machine te kiezen, pasmunt te zoeken, te zien
of de temperatuur ok is. Men tracht het product
nergens te strooien dan in het bakje. Andere huid
begint voor plastic patrijspoorten te draaien. Huid
van een Thai, een Keniaan, een Jamaicaan naast
een blauwig wit, getaoeëerd goedje, mislukt
vol vlekken en striemen, elke haarsoort net en rein.
Een dikkerd zit op een bank gebogen, je kunt zien
hoe hij uitgebreid vouwen scheidt, alles in het werk
stelt om zijn penis los te pullen. Een secuur werk.
Zijn borstkas zwelt als hij worstelt met zijn voorhuid,
broos als sushi, dan de ballen, totdat we zien
hoe zijn immense satijnen kont los raakt. Naast
hem pelt een meisje haar arm, hanschoen van fijn grein
zonder pezen. De man stroopt, nog steeds gebukt,
zijn vette klauw, raapt zijn vel op, het meisje drukt
glossy lagen om haar heupen, onderbreekt dat werk
voor de knieënklus, de lastige tenen. Reine
bedwelmende damp stijgt op wanneer ze haar huid
als een avondjurk over haar arm drapeert. Naast
haar kleedt een oude vrouw zich omzichtig uit, misschien
om haar ellebogenrag niet te scheuren, misschien
om haar moedervlek te sparen. Ze stopt en plukt
aan de schram op haar slaap, gefrommeld als een haast
versleten rits. Het is een kies, delicaat werk
dat alles los te tornen, het wrikken aan de huid
die nu dun is als mottenvlerken, tot haar fijn
skelet vol kreukelzijde hangt, en haar lijf ein
delijk wordt bevrijd. Zo wachten ze en overzien
hun lijstje, staren naar de machine. Nu zijn huid
wordt gezwierd, bekijkt de man zijn hart. De dames zijn druk
met hun lijf, of tillen zacht hun borsten op, sluitwerk
waar een ziel achter verborgen zit. Buiten, naast
de deur, rimpelt regenhuid de schemerstraten. Water rukt
op door gaten, het zwiept de straten rein, en we zien
hoe alles nieuw oogt, ernaast gaat men door met het werk.
gisteren kreeg ik van een onbekende dame, maartje slot, een felicitatie voor mijn vertaling van het gedicht van sirkka turkka. zij voegde er aan toe:
Woorden kunnen zo rakend zijn. Soms zijn er vele malen te veel woorden op deze wereld, soms zijn ze bescheiden en veelzeggend en welkom in mijn Hart.
alleen al om dit soort reacties vind ik het de moeite waard om deze blog te behouden... en me blijvend te verdiepen in de literatuur! literatuur is mijn grote levensbron, mijn grote moeder, mijn verafgodin. literatuur en poëzie in het bijzonder: mijn dromerige dagelijkse woestijnreis, mijn anker, mijn dessert. van gedichten kan ik genieten als van frambozenijs, als van aardbeien met slagroom, als van sabayon met champagne. ik verorber ze met kleine delicate hapjes, soms laat ik ze gulzig vloeien langs mijn verhemelte en raak ik er helemaal van doordrongen.
ik besef dit meer en meer: als ik tijd maak voor mensen en luister naar hun esbattementen, kennis neem van hun dagelikse vreugdes maar vooral van hun drama's, ben ik blij dat zoiets als literatuur bestaat, want juist door alle verhalen en woorden, al sinds jaren gesaved in mijn hoofd en hart en ingewanden, kan ik luisteren, vergelijken, verdragen, meeleven, plaatsen, uitbreiden, minimaliseren, fantaseren en ... mijn medemensen troosten. want verbeelding helpt echt en wat algemeen als waarheid en definitief wordt aangenomen is dikwijls relatief, vluchtig, efemeer... ook ben ik ondertussen al op een leeftijd gekomen (en ik zeg dit met bescheidenheid!) waarop ik fijntjes kan oordelen over wat literatuur en mensen die schrijven voor mij en voor anderen betekenen. soms heb ik echter zelf literatuur nodig als troost, een verhaaltje voor het slapen gaan.
welke dichters ik bijvoorbeeld wil koesteren en blijven koesteren, als mens en als kunstenaar? een heleboel, maar af en toe wordt mijn lijstje aangevuld en ben ik superenthousiast omtrent mijn nieuwe ontdekkingen...
.
nog niet zo lang geleden
leerde ik een dichteres kennen met een naam die klinkt als een ruiker
bloemen, of neen, als een bloemenkrans:christina guirlande*.
ik geloof dat ik reeds vele
gedichten van haar vluchtig gelezen heb in de loop der jaren, in
tijdschriften en bloemlezingen... mijn werk als leerkracht gaf me
trouwens niet veel tijd om dieper in te gaan op alles wat las.
hoogstwaarschijnlijk zal ik haar poëzie vroeger niet modern genoeg of te damesachtig gevonden hebben. ondertussen ben ik wijzer
geworden en ik kijk ook naar andere dingen dan het eigentijdse: namelijk
vakkennis, volgehouden inspanning, afwerking, inhoud, achtergrond,
beschaving, het menselijke, zoiets als waardigheid... christina heeft
tijdens haar schrijversloopbaan veel van dit alles verworven, zij is een
van de ankers in onze huidige literaire landschap, daar ben ik van
overtuigd! sinds een tijdje sturen wij mekaar prettige mails (zij gaf mij bijvoorbeeld ook een pluimpje omtrent de vertaling 'uit de losse pols' van het gedicht van sirkka turkka) en ik kreeg tot mijn groot genoegen een primeur in mijn mailbox: een verukkellijke cyclus gedichten over rozen, samen met foto's van haar sublieme tuin.
ik wil hier geen recensie
schrijven, geen diepgaande analyse betreffende christina's poëzie, niet
naar referenties zoeken of naar verwantschappen, neen! christina is
christina, met al haar kunde en vakmanschap, haar vermogen te ontroeren
en de lezer mee te slepen in haar verrukking om zoveel schoonheid.... ik koos drie gedichten voor
dit bericht. onder elk gedicht een kleine reactie. voorts, beste lezers,
vuur ik deze poëzie vol ontroering op u af!
CyclusGEDICHTEN OVER
ROZEN
II.
Rosa ‘New Dawn’
Roos als een parelmoeren kus,
draai mij geen rad voor de ogen,
wuif als de weerlicht de
waanbeelden weg, zeg dat je
echt bent en weet wat je doet
met je teerroze meisjesblozen.
Roos, neem mijn wensen voor lief,
hou geen blad voor de mond
in de nijdige wind. Laat niet toe
dat ik perken te buiten ga en
uitzinnig de dag wil prijzen
nog voor de avond gevallen is.
heel prettig vind ik hier dat
christina tegen de new dawn roos praat. zij verweeft handig talige
uitdrukkingen (iemand een rad voor de ogen draaien, als de weerlicht
wegwuiven, je wensen voor lief nemen, geen blad voor de mond nemen, de
perken te buiten gaan) in haar monoloogje, schermt met alliteraties,
splitst woordgroepen, zodat zelfs een lidwoord achteraan het vers in
zijn dooie eentje staat en het geheel oogt heel natuurlijk en aangenaam om lezen...
III.
Rosa ‘Phillis Bide’
Als honigtranen: regen op het abrikozengeel.
Hun parels glijden bloem voor bloem in
zachte kistjes van fluweel. Wie draagt ze later
om haar hals, wie leent ze uit als pand
wanneer ze plots, liaan geworden, zich
haar oude naam herinnert ‘Perle d’Or’.
Tot eind november geeft ze weerwoord
aan de wind, tot ze haar schatten opbergt
en zich overgeeft. Zoals ze nu de juliregen
twijnt, juwelen rijgt, de zon weerkaatst
en waterdruppels omzet in concert voor
carillon en glasharmonica.
met het heerlijk
beginvers over honing en abrikozen glijden we hier een fluwelen wereld
binnen. het is net of we, zoals dauwdruppels, toegelaten worden in het
zachte hart van de roos. mooi vind ik het beeld van de rozenliaan, een
slinger van gouden rozen, die door de glans van regenparels
ineengestrengeld lijken, de zon weerkaatst in de druppels en het
geheel schittert en twinkelt en waarempel, je hoort muziek, een beiaard
of een glasharmonica. hoe muzikaal en speels, dit gedicht!
VI.
Rode roos blauwe maan
(Bij het schilderij ‘red rose blue moon’ van Georgette
Van Noppen)
Ik lig als een wig tussen aarde en maan, tussen
wachtende blauwe aarde en zeldzame blauwe
maan, en de hemel dreint blauwe tranen.
Ik trek mij op aan de rode roos, aan het groen
van haar blad en haar takken, de doornen deren
mij niet. Haar geur maakt de wonden zoet.
Wind is afwezig en toch suist een bries door mijn
lange losbandige haren, bezoekt mijn albasten huid.
Ik ben vrouw en van alle tijden, het rode van
hartenbloed, het blauwe van maan en water, de koortsige
kramp van het kind. Mijn angstdroom: dat ik een leven
lang de verwonde roos van een schietschijf ben.
Christina Guirlande
juli2010
dit is mijn lievelingsgedicht. het begint subliem, ach, al dat blauw, al dat blauw... en eindigt met een vers 'op de rand van de afgrond'. laten we niet naïef zijn: elke dag riskeren we, om het even waar we ons bevinden, in het centrum van een schietschijf terecht te komen en dodelijk gewond te raken.... christina profileert zich hier als 'een vrouw van alle tijden', haar 'lange losbandige haren' suggereren een suizende levenskracht, het rode hartenbloed wijst op warmte en hartstocht, het denken aan een koortsig kind appeleert aan haar moederrol en achter dit alles zweeft de angstdroom een verwonde roos te zijn.
met dit gedicht overstijgt deze dichteres zichzelf, zij is waarlijk van alle plaatsen en van alle tijden... bravo, christina!
van 11 februari tot 27 maart 2011 werd in de halse stadgalerie de oude post werk vertoond van hedendaagse keramisten. als wij het woord keramiek horen, denken we vooral aan potten en beelden, maar niet aan zoiets als avant-garde! toch ben ik bijna twee maanden lang (ik was aangesteld als suppoost) geconfronteerd geweest met heel bijzondere kunstvoorwerpen en de reacties daarop van een heel bijzonder publiek.
zelf had ik na een paar weken al mijn
lievelingsobjecten uitgesorteerd. de installatie van unfold & tim
knapen, l'artisan électronique, waarbij het pottenbakken gecombineerd
werd met nieuwe digitale media, vond ik een technisch hoogstandje en was
een pubiekstrekker, maar slaagde er niet in mij te doen dromen. ook van de
lieflijke witte porseleinen gebruiksvoorwerpen van masami yamamoto en de
bokshandschoen van sisley xhafa was ik niet erg onder de indruk. de sponzen tabletten van martine de bruyn, de perfecte porseleinen schijven van christophe fink en zijn atlas der bewegingen waren werkelijk de moeite waard, maar toch ga ik me in dit bericht beperken tot de beschrijving van de kunstwerken die ik persoonlijk subliem vond.
zoals de zilveren fles op de porseleinen draaischijf waarop, volgens de
techniek van de anamorfose, een vogel (wielewaal!) werd weerspiegeld, op de
schijf alleen aanwezig in de vorm van een handgeschilderde aquarel van
een uitgerokken, onherkenbaar en vertekend beeld. jammer genoeg bezit ik
van het werk van sofie lachaert & luc d'hanis geen foto...
van lemm & barkey (keramisten houden blijkbaar van het ampersandteken!), die hier een porseleinen installatie toonden, gecreëerd naar aanleiding van een dansvoorstelling van needcompany, the porcelain project, heb ik wel een foto. le tourneur de toulouse, een soort wonderlijk draaiende 'lampadair' uitgevoerd in ragfijn porselein, op een draaivoet waarvan de randen subtiel en delicaat waren uitgerafeld. als je met je vingers langs de porseleinen draden aaide, hoorde je een heerlijk tingelend geluid, als van een bamboe windklok in een zenboeddistische tuin.
bezoekers vroegen mij dikwijls naar het werk van morgane deffense, een dame die een reiskoffer meebracht met porseleinen voorwerpen, die als een waaier uitgespreid op de vloer lagen. de kwaliteit van het porselein was optimaal, de referenties naar porselein als reisvoorwerp (porselein is uit het verre oosten tot ons gekomen, leveringen porselein werden in scheepsruimtes naar het westen vervoerd, het duurde soms jaren vóór ze hun einddoel bereikten, vele objecten gingen onderweg kapot) vond ik nostalgisch mooi.
georgette uittebroeck maakte voor deze tentoonstelling een enigmatisch kunstwerk. vele bezoekers en ikzelf wisten niet wat dit voorstelde: ingewanden, een reuzenpaddenstoel, hersenkronkels, schelpen, een zeemonster? maar bij een flitsbezoekje vertelde deze 65-jarige rondborstige dame met gloed dat zij een boomstronk in ontbinding had gemaakt, waarop een soort 'bellen' sybool stonden voor het nieuwe leven dat uit houtmolm ontstaat. haar realisatie en de verhalen errond vond ik uitermate boeiend, het materiaal stevig en wonderlijk, de binnenkant in een prachtig rood geschilderd. een onthutsend kunstwerk naar vorm en inhoud en pregnant aanwezig in de tentoonstellingsruimte. georgette vertelde mij ook dat zij zich nu verdiepte in de filosofie van nietzsche en daarrond wilde werken. bravo, gerogette, je bent een dame naar mijn hart!
de franse carole deltenre is een suprême feministe. zij vervaardigde een heel eigen komboloi, een interpretatie van de traditionele rozenkrans die alleen griekse mannen mogen manipuleren. het spelen met de kralen zou een vorm van meditatie zijn en leiden tot een gevoel van gelukzaligheid. de komboloi van carole deltenre is een porseleinen rozenkrans bestaande uit 99 +1 kraal. in elke kraal heeft zij de plooien en kronkels van een vulva getekend. dit kunstwerk toont de vrouwelijkheid open en bloot, maar tegelijk is deze realisatie een bewuste aanklacht tegen de duistere praktijk van de besnijdenis.
tot slot een kunstwerk van de parijzenaar damien gernay van dustdeluxe, voor mij het mooiste kunstwerk van de tentoonstelling. eigenlijk had damien een buffetkast moeten meebrengen, waar ook op dezelfde wijze de emailverf van 'afdruipt'. het geheel wekt associaties op aan een ontbijtgevecht met klodders zwartebessenstroop of vloeibare chocolade. ook is het alsof dit kleitablet druipt van bloed en tranen. ik vond dit kunstwerk heel erg zen, indrukwekkend.in zijn simpele eenvoud!
de vraag die ik me tenslotte de hele tijd stel: hoe komt het dat deze tentoonstelling zoveel leuke en toffe mensen kon aantrekken, die verrukt fluisterend doorheen de ruimte schuifelden en achteraf spontaan hun indrukken in het gastenboek neerpenden?
keramiek zit blijkbaar in de lift! bij deze kunstwerken werd niet alleen het zintuiglijke, het sensuele tasten en voelen van de mens geactiveerd, maar het visuele element werd gelinkt aan beweging.
het maken, het vertonen, het bekijken van dit soort avant-garde keramiek: een weergaloos spel, een verrukkelijke belevenis, niet alleen voor de kunstenaar, maar ook voor de toeschouwer!
"In het derde studiejaar was ik
verliefd op juffrouw Anita. Op het examen zang - ik kon eigenlijk
helemaal niet zo goed zingen - keek ik naar haar en ik zong alsof er een
engelke in mijn keel zat met een heel klokkenspel erbij. Juffrouw
Anita was mijn eerste muze." Na haar volgden er nog vele andere...
Diva's, tragédiennes, kunstenaressen, superpoezen en moeilijke tantes.
haha, pascale* kwam het toneel op met een zilveren boodschappentas van... chanel! zij toonde ons uitdrukkelijk, als inleidend grapje, de naam chanel en even later had zij het over yves-saint-laurent.
daarna vertelde zij ons, met getuite pruillippen, over diva's waar zij al een levenslange bewondering voor heeft.
maria callas, marilyn monroe, mathilde willink, dalida, louise bourgois, sissi en wat zij noemde de 'huisvrouwdramaqueens'...
zij toonde in de openingsscène hoe zij inspiratie kreeg van de muze melpomene*, de muze van zang en dans en -volgens pascale- van de lingerie. daarom moesten alle dames in de zaal op zeker ogenblik hun bh tonen (= hun shirt naar omhoog strollen). niemand durfde dit natuurlijk, maar pascale liet een knappe knalrode soutien zien, hilarisch was dat.
pascale wordt vijftig, maar is een superelegante en sexy verschijning. zij stond op het toneel in zwarte nauwsluitende korte jurk, zwarte kousen, roodgelakte nagels en idem dito knalrode kniehoge laarzen, een peroxide marilyn-kapsel en bloedrood geverfde lippen, waw!
de voorstelling was flitsend, subtiel, vrouwvriendelijk, geraffineerd tot in de puntjes en bij momenten hilarisch, bijvoorbeeld toen zij vijf- tv bij wijze van opzettelijke verspreking wijf- tv noemde, haha!
ik amuseerde mij kostelijk, en dacht aan andere diva's als marlène dietrich, garbo, liz taylor, grace jones, withney houston, tina turmer, lady gaga..
vrouwen die zo goed kunnen vertolken wat wij allemaal willen:
bedwelmd en overwelmd worden door weltschmertzen die ons hart doen bloeden, onze ogen laten vollopen en onze schmink helemaal doen uitlopen...
---) we tonen onze ogen en lippen (werkwoord): dior..
* http://www.pascaleplatel.be/hallo.html
* Melpomene (Grieks Μελπομένη) was één van de negen Muzen uit de Griekse mythologie.
Haar naam betekent 'koor' of 'zingende', en ze was de muze van de zang
en dans samen. Zang en dans kwamen bij de Oud-Grieken zeer vaak voor,
vooral bij godsdienstige plechtigheden. Uit die godsdienstige koorzangen
en reisdansenontstond langzamerhand de tragedie of treurspel waarvan
Melpomene ook muze is. Haar attributen zijn het tragedie-masker, een
knots, zwaard of dolk en kothurnen (toneelsandalen). Ze werd ook voorgesteld met een druivenkrans op haar hoofd.
Wat
gebeurt er als de espresso op de bodem van je kopje voor je gevoel de enige
zwarte stip is aan de horizon?*
Volgens de
Russische Nobelprijswinnaar Joseph Brodsky is een gedicht een gesprek tussen de
schrijver en zijn lezer, het met elkaar delen van twee eenzaamheden. In The
Brodsky Concerts brengt acteur Dirk Roofthooft de essentie van zijn poëzie
over op het publiek. De muziek van Kris Defoort onthult wat voor de woorden
onmogelijk is. Samen brengen ze een hommage aan Brodsky’s poëzie, aan haar
melodie en haar rijm, aan de grote metafysische thema’s die de poëzie van
Brodsky met zich meedraagt: de zin van het leven, de dood, met of zonder
geliefde je bewegen door tijd en ruimte, verbondenheid met iets of niets, zijn
tussen iemand en niemand.
*Dirk Roofthooft naar Joseph Brodsky
(tekst en foto geknipt en geplakt van http://www.lod.be/)
dit heb ik er voor over gehad om naar de meesterlijke vertolking van de poëzie van joseph brodsky (of brodskii) door dirk roothooft te gaan luisteren: een drie uur durende treinreis naar een uithoek van dit landje, een slapeloze
nacht in een nochtans heerlijk comfortabele sofa, een shoppingsessie in hasselt
die ik eigenlijk niet wilde maar die ik mezelf had aangedaan en last but not least een verplichte recup
die een paar dagen lang duurde.
maar ik werd heerlijk beloond: een subliem optreden, het beste sinds jaren.
dirk roofthooft beleefde brodsky's poëzie als groeide en stulpte ze doorheen zijn gehele lichaam. als openbloeiende bloesems barstten de woorden los, in de stiltes tussen de woorden zinderden de echo's voortdurend na, het was bijna hallucinant wat dirk roothooft met deze verrukkelijke voordracht bereikte: in mijn hoofdje reciteerde ik en scandeerde ik en zong ik zijn woorden mee.
zelfs al kende ik die woorden niet, toch had ik het gevoel dat ik zelf (woelend en wiegelend als altijd) in de gedichten van brodsky woonde.
en kris defoort het fantastische klankbord!
op de koop toe werd mij op mijn logeeradres een overheerlijk dessert van croissants en boterkoeken gemarineerd in suikerroom met een geklutst ei, met als sidekick twee bollen vaniileijs van het ijsboerke, aangeboden. mmmmmffff!
avond voor 200 % geslaagd, zou ik zeggen, voor herhaling vatbaar.
hieronder nog drie schitterende (ik tokkelde sjitterende, daar gaan we weer, wanneer kan ik nu eens ernstig zijn?) gedichten van joseph bordsky, uit de cyclus romeinse elegieën. weer heb ik het gevoel dat ik zelf met mijn rug tegen een koude tegelmuur leun in het snikhete rome, dat ik kijk naar de ondergaande zon in de villatuinen, ik voel het droge laurierblad op mijn schedel, ik luister naar brodsky's gefluister en dromerig stap ik in het sacrale licht.....
VI
Omhels de zuivere lucht, à la de takken der pijnbomen
hier:
aan de vingers blijft niet meer dan aan een glas of
tule kleven.
Ook de vogel keert uit de wolken niet blauwer weer,
en onszelf kun je moeilijk miniatuurgoden heten.
Juist omdat we nietig zijn zjin we gelukkig. Hoogten,
verten enz. zijn van de gladde huid afkerig.
Lichaam en ruimte zijn nu eenmaal elkaars tegenpolen.
En dat maakt ons dan weer ongelukkig, voor eeuwig.
Leun liever tegen de portieken, doe je sandalen uit,
door je hemd voelt de schouder de kou van de stenen,
en kijk hoe de zon in de villatuinen ondergaat,
hoe het water, dat ons de welsprekendheid leerde,
neerstroomt uit roestige sleutelgaten,
zonder iets te herhalen, behalve de nimf met de
ocarino,
behalve het feit dat het koud en nat is,
en het gezicht verandert in een ruïne.
X
Privé-leven. Verscheurde gedachten. Angsten.
De gewatteerde deken is vormlozer dan Europa.
Dank zij het blauwe hemd en het gekreukte jasje
heeft de spiegel tenminste nog iets om te tonen.
Laten we theedrinken, gezicht, om de lippen te
scheiden.
De kamer drukt zwaar op de lucht als belasting.
Troepen gaaien fladderen op uit de pijnboomrijen,
één toevallige blik uit het raam en daar gaan ze.
In Rome zit een man papier vol te schrijven.
De staart van een letter – een rat die voorbijflitst.
Zo worden de dingen in hun perspectief kleiner,
omdat dat hier perfect is. En over het ijs van de
Tanais
sjokt men langzaam voort tot men uit het zicht
verdwijnt,
de schedel bedekt met gedroogd laurierlad,
rillend van de koude, in de richting van de Tijd,
die buiten het bereik ligt van elke grootmacht.
XII
Buig je hoofd, neig je oor naar wat ik Jou
toevertrouw:
Ik ben je dankbaar voor alles, voor de botjes van de
kip,
voor het gesjerp van de schaar die de leegte voor mij
knipt,
want, niet waar, ook die is van jou.
Ze is zwart, akkoord. Oké, ze heeft niets,
geen arm, geen hand, zelfs geen ovaal als gelaat.
Hoe onzichtbaarder een ding, des te echter het is,
des te zekerder dat het ergens bestaan heeft op aard,
des te meer is het overal.
Jij was de eerste met wie dit gebeurde, niet waar?
Slechts wat niet in tweëen te delen valt,
dat blijft door een spijker bij elkaar.
Ik was in Rome en ik heb er zoveel licht gevangen
dat een ruïne er alleen maar kan van dromen!
Op mjn netvlies blijft een gouden stuiver hangen.
Genoeg om heel de duisternis mee door te komen.
Spiegel Internationaal, moderne poëzie uit 21 talen, samengesteld door
Maarten Asscher en Laurens Vancrevel, Meulenhoff Amsterdam, 1988, p.204
jaja, zoals ik in vorig bericht vermeldde, heb ik het redelijk druk tegenwoordig. toch wil ik even nog aandacht wijden aan de tentoonstelling van schilderijen van lucienne stassaert in het elzenhof in antwerpen (nog tot 19 maart).
lucienne stassaert, een van onze beste dichteressen, is ook een begenadigd kunstschilder. ondanks haar leeftjd (zij is reeds zeventig!) vindt zij het nog de moeite meer dan een jaar lang te werken aan een reeks schilderijen en ze dan nog tentoon te stellen ook.
toen ik samen met frida (ook al een dame van 70!) de expo bezocht stond ze daar, met een glorievolle exentrieke hoed op en prachtige bijoux (ik herinner mij lucienne op een receptie, zij had toen oorbellen van jade aan die doorhingen tot op haar schouders) en een wandelstok, waarop zij indrukwekkend elegant voortschreed.
lucienne maakt bijzondere schilderijen, dat moet ik zeggen. alhoewel ze elk een verhaal vertellen, was ik vooral overweldigd door het kleurengebruik: van azuurblauw tot delfts blauw tot kobaltblauw tot pruisisch blauw en indigo en ultramarijn - en dan nog alle schakeringen van groen en geel en zelfs rood.
het resultaat is een reeks mysterieuze schilderijen waarin eenzame personages ronddwalen. soms zie je deze figuren niet, maar je kunt ze wel vermoeden achter de raampjes van de gebouwen of ze verstoppen zich achter de bomen in het veld of ze lijken verzwolgen door de golven van de zee.
de illustere dichter roger m. de neef, die op de vernissage de inleiding verzorgde, omschreef het zo:
'Je
ontmoet in haar verbeelde landschappen afzonderlijke silhouetten die er
uitzien als
symbolen die een richting aangeven of gewoon wachten naast de weg.
Zij staan er frontaal of in zij-aanzicht als pionnen verspreid op een
afgeblot schaakbord. Ook ontmoet je meermaals solidaire
silhouetten in groep.
Het
lijken dan onbewolkte blauwe pelgrims aangevreten door een streep schor
krijt van
wit. Zo vormen zij wel eens dammen of muurtjes van getaande
sluitstenen, gesnoeide uitgeregende hagen langs de weg van onmacht en
vergankelijkheid. En telkens opnieuw zijn zij van een
eensluidende en eenvormige eenzaamheid gemaakt. Telkens opnieuw zijn
zij blauw gewurgd door een tekort aan zuurstof. Zijn zij blauw verbrand
door een teveel aan zuurstof en
kou.
Verder zijn er enkele schilderijen en tekeningen ontstaan uit residuen van foto’s uit
kranten..Naast vele zeegezichten zijn er ook schilderijen die echte hommages zijn of die men kan
lezen als in memoriams voor vrienden.. Er is het ontwerp van affiche voor deze tentoonstelling in het Elzenveld dat ontstaan is
uit een gestileerde en eigenzinnige interpretatie van een persfoto over een Mars voor werk in Wallonië.. Er
is de aanklacht tegen de verloedering van het milieu. Daarover het
beeld van de vogel
onder de olie op het strand. Lucienne maakte er een geschilderde
sculptuur van de doodsangst van: een verkrampte albatros als offer boven
het Golgotha van zijn eigen ei.
Er
zijn de talrijke tekeningen en schilderijen waarop kleine intieme
kamers door
Lucienne zijn uitvergroot en nadrukkelijk onpersoonlijk als publieke
ruimte zijn neergezet met verf, nageschilderd en naverteld alsof daar
niet langer muren of doorgangen bestaan. Er zijn alleen
buigzaamheden en ellipsen, labyrinten, gekamde gebaren, - ja
beschutte onaffe gebaren van verf, tederheid, ingekorte strelingen.
En overal woont en woekert strijdig –vaak tegenstrijdig – het
licht..'
Roger DE NEEF
zo mooi gezegd dus. ik durf hier bijna niets aan toe te voegen. ach ja, ik bekende lucienne dat ik als het ware verdwaalde in haar kleuren. ze leek heel tevreden met mijn opmerking, ik geloof zelfs dat ze straalde onder haar supermooie hoed!
ik kan niet anders dan deze kunstenares feliciteren voor haar werkkracht en haar enthousiasme. wat een illuster voorbeeld voor ons, ouder wordende dames én heren!
Lucienne Stassaert in het Elzenveld.. De tentoonstelling loopt van 15 januari tot en met 19 maart.. Open: donderdag t/m zondag van 12.30 tot 17.30u. Socio-
Cultureel & Congrescentrum Elzenveld vzw, Professor Sommézaal,Lange Gasthuisstraat 45, 2000 Antwerpen.
het gaat goed met mijn cultuurverslaving. de afgelopen weken doe ik zelfs vrijwilligerswerk in de stadsgalerie: ik bewaak een originele eigentjdse keramiektentoonsteling, kick ceramick, echte avant-garde. ik zit in shiften van drie uur aan de ingang, ontvang geïnteresseerden, verkoop de kleine catalogus, doe enkele rondleidingen en luister soms verbouwereerd naar de levensverhalen van de bezoekers.
tussendoor minstens twee andere tentoonstellingen bezocht, drie of vier toneelstukken. een indringende film gezien. wellicht heb ik te weinig ruimte en tijd om stil te staan bij deze verrukkingen. toch wil ik deze keer vooral enkele theatermomenten bewaren in mijn herinnering. daarom deze commentaren, daarom dit knip-en plakwerk. ik citeer telkens uit 'de officiele commentaren' en voeg er een kleine eigen bedenking aan toe.
1. GREGORIA, KVS, 4 maart 2011
'Het boek Gregoria van de Vlaamse auteur Maurice Gilliams gaat over wittebroodsweken. Maar is deze roman wel een liefdesroman? Of is het eerder een griezelroman, een gothic novel? Bart Meuleman maakt er theater van...
Toen de Vlaamse auteur Maurice Gilliams op 82-jarige leeftijd stierf, had hij Gregoria nog steeds niet afgemaakt.
Een half mensenleven volstond niet om deze tijd uit zijn leven vorm te
geven. Nochtans gaat het over iets wat toch gelukkig zou moeten maken:
de wittebroodsweken. Voor Gilliams echter blijken verloving en huwelijk een nachtmerrie.
Achtergrond van het gebeuren is de toenemende modernisering in het
Antwerpen van de jaren dertig. Zij behoort tot de nouveaux riches. Hij (Elias!) is telg van verarmde adel - dat wil hij ons toch doen geloven.'
gregoria, oeps! wat een vreemde voornaam! na enkele googlesessies weet ik het ondertussen: gregoria was de naam van de gade van keizer constantijn III van het byzantijnse rijk (!) en het is ook een soort zeeanemoon, haha. maar in dit toneelstuk is gregoria een depressieve, nurkse jongedame, volledig in de ban van haar dominante moeder (gespeeld door een man!) en die niet in staat blijkt tot enige vorm van communicatie met haar toekomstige echtgenoot. het huwelijk wordt niet geconsumeerd en elias gaat af als een gieter.
heel bijzonder vind ik dat dit toneelstuk gespeeld werd door oudere acteurs en de rollen van de oudere vrouwen door mannen. het gaf het geheel een bijzondere wrange sfeer. als elias sprak, was dit in mooi literair nederlands, de dames spraken een soort antwerps dialect. de bruid werd net voor haar huwelijksnacht door haar zus gul besprenkeld met eau de cologne en op de receptie viel ze flauw van teveel porto te drinken.
a. vond dit typisch 'un mariage a la flamade'. tja, soms zijn relaties tussen supergevoelige mensen bijzonder pijnlijk.
2. RUE DU CROISSANT
"... ingehouden ironisch, tegelijk scherp afgesteld, vindt
Ouachen de balans tussen tongue in cheek en gevoelig respect. Topsport." - De Standaard
Erika, Martine, Rachid, Augustine, Dylan, Hector, Anne, Amélia, André,
Désiré, maar ook Tchoupi, de kat en nog vele anderen. Wat ze met elkaar
gemeen hebben? Dat ze in de
Rue du Croissant wonen. Een typisch
Brusselse straat waar mensen uit alle hoeken van de wereld wonen. Plots
gebeurt er iets. Een ongeluk, een overval, een aanslag? Allemaal maken
ze hetzelfde mee. Maar allemaal op een andere manier, vanuit hun andere
beleving. Auteur Philippe Blasband schreef een ingenieuze monoloog die
weergeeft wat er zich afspeelt in hun huizen en hoofden. Het verhaal
wordt op magistrale wijze vertolkt door Mohamed Ouachen.
allemaal goed en wel, maar ik viel tijdens de voorstelling bijna in slaap. was het mijn siesta- moment, of scheelde er werkelijk iets aan dit theater? uiteindelijk wist ik waarom dit magistrale stuk mij niet zo kon boeien: teveel tekst, te weinig handeling op de scène. mooi, dat mohammmed zoveel typetjes kon immiteren, maar er was geen duidelijk uitgewerkt verhaal, heb ook niet kunnen lachen, er was ook geen parfum.
haha, vind dat bij elk toneelstuk een parfum hoort, zoals die eau de cologne hierboven. soms verspreidt een toeschouwer in mijn omgeving een heerlijk geurtje, als ik dan aan dat toneelstuk terugdenk ruik ik echt parfum. hilarisch, niet?
3. Almschi
'Ontembare muze. Oversekste circe. Drankzuchtig monster. Walkure met
vetbubbels. Majestueuze travestiet. Heerseres van haar tijd. Eerste
feministe. Het mooiste meisje van Wenen. Geen kunstenaarsvrouw sprak zo
tot de verbeelding als Alma Mahler. Deze componiste, vrouw van Gustav
Mahler, Walter Gropius en Franz Werfel, maar ook minnares van Kokoschka,
Klimt en Zemlinski, wilde een grote daad stellen in haar leven. En dat
deed ze. O ja. Annelies Verbeke schreef een sprankelende tekst voor het
theatercollectief SKaGeN. Octopus Solisten zingt een 16-stemmige
soundtrack van haar leven, transcripties van Gustav en Alma Mahler, A. Berg, R. Schumann e.a. met een creatie van Joachim Brackx.'
de actrice die alma mahler moest uitbeelden vonden wij te jong voor haar rol. anders een zeer ongewoon en eigentijds toneelstuk. arme alma, die zoveel mannen-kunstenaars moest plezieren en om de haverklap zwanger werd. van al dat babygeweld bleef uiteindelijk maar 1 kind in leven. de anderen stierven op heel jonge leeftijd - of alma pleegde abortus. niet zo fraai, maar dit item werd op grapppige manier uitgebeeld door witte voddenpoppen, die met een touwtje eraan werkelijk 'ten hemel stegen'. of hoe de vertolking van de grootste ellende toch nog met een beetje humor kan worden afgezwakt.
en de muziek was hemels.
* Tekstbewerking Bart Meuleman - Regie Bart Meuleman, met Ivo Kuyl, Goele
Derick, Herman Gilis,... - Productie KVS ism Ro Theater (NL)
* Tekst Philippe Blasband, met Mohamed Ouachen Medewerkers David Strosberg (coaching) Productie KVS & Théâtre Les Tanneurs * Een productie van OCTOPUS Solisten en SkaGeN in coproductie met
Oostende Cultuurstad 2010, i.s.m. De Tijd, en met de steun van de
Vlaamse Regering.
ter illustratie van mijn 'noorderlijke verwantschappen' heb ik een poging gedaan een gedicht van de verrukkelijke sirkka turkka, de dichteres van 'duizend meter sneeuw' op haar hart, te vertalen uit het engels. vermits jozeph brodsky zegt, dat elk gedicht eigenlijk een vertaling is, heb ik durven schrijven uit de losse pols. ik wou 'mijn eerste indruk' van dit gedicht niet kwijtraken, daarom.
Wish for anything you want, anything.
You can have the music beaten to the veranda
windows by autumn rain, beaten for you
by ivy vine, by past generations.
Make a wish, you'll get everything, the archives lie in the room,
in narrow beds, that's where the music is sleeping,
at rest is the music of lung cancer, split heart,
torn aorta, brain eaten up by sorrow,
at rest is the beautiful land, the snow that comes.
Everything is blanketed in music, high and beautiful.
All this you shall have.
wens alles wat je wil, alles.
je kunt muziek krijgen van de herfstregens
die tokkelen op de ramen van de veranda,
zij tokkelen langs wijnranken, sinds generaties.
doe een wens en je zult alles krijgen, de archieven
liggen in de kamers,
in smalle bedden, dat is waar de muziek slaapt,
de muziek van de longkanker slaapt, de muziek van het gebarsten hart,
van aneurysmen, van het brein opgegeten door verdriet.
het mooie land slaapt, de sneeuw die komt.
alles is in muziek gewikkeld, hoogstaand en mooi.
dit alles zul je hebben.
SIRKKA TURKKA (b. 1939) has
written 14 books, both poetry and prose. She was awarded Finlandia Prize in
1987, Yleisradio’s (the equivalent of the BBC) Tanssiva Karhu (Dancing Bear)
prize in 1994 and Eino Leino Prize in 2000. She has also worked as animal
attendant and head stableman.
voor valentijn kreeg ik een heerlijk flesje chanel n°5. ik kookte voor mijn huisgenoten een recept uit dagelijkse kost (met
jeroen meus), linguini met kippenlevertjes en als dessert was er taart
met slagroom en aardbeien. ik las in de krant dat valentijn niet meer
zo druk gevierd wordt (maar 13 procent van de vlamingen vieren dit), maar bij ons is dit nog altijd een feestje!
lang geleden dat ik nog heb
getokkeld op mijn blog. reden: in de maand januari hard gewerkt aan acht
gedichten voor demer press. zij zijn opgenomen in een verzamelbundel,
de cover ziet u hieronder. ook nog meegedaan aan een literair project in holland, een nieuwe blog opgezet http://demaaninmij.blogspot.com/ voor
mijn 'kleine' gedichtjes, naar tentoonstellingen geweest, een toneelstuk
gezien, de arabische revolutie op tv gevolgd en vooral: heel veel gelezen.
Rozentuin, klavierklanken
Paperback, 64 pagina's*
Publicatie: februari/maart 2012. Acht ongepubliceerde gedichten van zes
dichteressen: Christina Guirlande, Marleen De Smet, Rozemarijn van
Leeuwen, Nicole Van Overstraeten, Catharina Boer en Hannie Rouweler.
Voorwoord door de dichter/vertaler Joris Iven.
onlangs poste ik een boutade aan een dichteres, waarmee ik een beetje in discussie gegaan was omtrent het wel of niet toelaten van vreemde dichtvormen in de nederlandse literatuur: ik voel mij verwant met scandinavische dichteressen maar ben verliefd op mediterrane dichters. haha, kan ik wel zeggen, want ik zie er ook uit als een noordelijke dame, mijn witte haren en bleke sproetenhuid en voluptueuze lichaamsvormen spreken voor zich. en dan heb ik ook nog een mediterrane man...
maar altijd, zeg maar mijn hele leven lang, ben ik op zoek geweest naar mezelf. verwantschap met dedie, interesse in dedat... al deze esbattementen hebben mij gemaakt tot wie ik ben, mijn eigen schitterend ikje. let wel; ik wil hier zeker niet het ultieme ego-pad bewandelen, maar blij ben ik toch dat vrienden en vriendinnen me de laatste tijd, vooral als het over mijn poëzie gaat, wijzen op mijn ontegensprekelijke eigenheid.
ik wil deze analyse nog niet afsluiten. de vraag is, of een ultieme eigenheid de communicatie en samenhorigheid met anderen niet in de weg staat. toen ik mijn bijdrage stuurde naar demer, vroeg ik me paniekerig af of ik wl paste bij de vijf andere dichteressen die zo mooi poëtisch hun zinnen kunnen vlechten, terwijl ik dan toch het woord condoom gebruik in een van mijn gedichten, ook het woord asshole en mer-de! en dan ook nog een bijwjlen stokkend debiet heb, met veel punten midden in het vers...
ach, misschien wil ik in mijn gedichten meer waarheidsgehalte inbouwen, een venster openen naar de realiteit. wie spreekt trouwens tegen zijn huisgenoten, collega's en vrienden in bloementaal? ach, ik weet, poëzie kan en moet een verlangen naar schoonheid uitdrukken, een verwoording van een verrukkelijke plek vol avondschemer, rozentuinen en vrouwen in zeeblauwe jurken... maar voorlopig zeg ik nog altijd: it ’s not only rock ‘n roll baby, not only rock ‘n roll!
wat niet betekent dat ik in het dagelijkse leven voortdurend vloekend wil rondlopen of schuttingtaal gebruik. neen, integendeel, ik hecht heel veel belang aan hoffelijkheid en correcte omgangsvormen. maar af en toe stuift het wel in mijn dagelijks leventje en ach, daarna kijk ik gulzig naar mijn stulpende tulpjes en piepkleine boshyacintenstruikjes en de frisgroene in elkaar gedraaide nieuwe blaadjes van mijn pothortensia en verrukt ben ik over het spanningsveld van de naderende lente...
om maar te besluiten: het leven is divers, een ultieme mix van rauwe realiteit en verrukkelijk poëtsch welzijn.
vloekende roosjes en gesuikerde condooms in zilveren geschenkverpakking, is dat geen prachtig valentijnscadeau?
Vooreerst dit: fijn toch, dat het in de Arabische wereld begint te
bewegen. Natuurlijk zal 'het gewoel' daar niet als gevolg hebben dat het
dageljks leven daar plotseling drastisch verandert in positieve zin. Ik leef
mee met de vreugde van deze bevolkingsgroepen, die tot de meest vernederde in
de wereld behoren, maar toch een schitterend potentieel hebben aan intellect en
werkkracht. Getuige hiervan hun rijke culturele geschiedenis!
.
Afgelopen maand januari lekker veel gelezen, zalig
ingeduffeld in mijn bedje. Ook enkele prachtige tentoonstellingen gezien en een
toneelstuk. Cultuur is een grote troost en (voorlopig!) nog betaalbaar, ook
voor steuntrekkenden en gepensioneerden, haha... In deze bijdrage een afdruk -
of is het een indruk? - van de tentoonstelling die vier maanden lang in KMSK
te bezichtigen was, 'Van Delacroix tot
Kandinsky, oriëntalisme in Europa'.
Ach, die ongelooflijke aantrekkingskracht van het Oosten... toen ik twaalf was,
leerde ik mezelf het Toeareg-alfabet schrijven (het Tifinagh- dat direct van
het Punische alfabet is afgeleid), omdat ik door het lezen van een onnozel
feuilletonnenke in de Gazet van Halle (!?!) of een andere krant, weet het niet
meer, verliefd was geworden op de heldhaftige blauwe mannen.. Wat me
fascineerde was het feit dat bij dit volk de mannen zich sluierden, de vrouwen
niet.
Wij hebben rare ideeën over gesluierde mensen. Feit is, dat Afrikaanse en Oosterse
mensen oorspronkelijk hun hoofd en aangezicht met doeken bedekten om zich tegen
de zon of de droge woestijnwind te beschermen en dus niet om religieuze
redenen.
Wij vonden de tentoonstelling fantastisch. Prachtige monumentale doeken
afgewisseld met pareltjes van kleinere schilderijen en zelfs miniaturen. Ik heb
hier vijf van mijn favoriete doeken geknipt en geplakt, omdat zij elk voor zich
een inkijk geven op een levensfeer die ons aan het dromen zet. Maar owee! Onze
romantische opvattingen over de mysterieuze Oriënt werd af en toe getemperd
door de realiteit... in mijn bericht orentalisme 2 kunt u deze vijf schilderijen zien, met mijn commentaren...
.
Tot slot vier protretten van vrouwen die wereldberoemd zijn geworden, omdat zij
het waagden in hun tijd, ik spreek over vorige eeuwen, naar den Orient te
trekken en daar te bestaan, als sultana, als echtgenote van een
ontdekkingreiziger of als avonturierster die verliefd wordt op een
bedoeïenenhoofdman of een spahi, een cavaleriesoldaat in Noord-Afrika...
Aimée du Buc de Rivéry (19 december 1776 – 1817) werd als 11-jarige uk
gekidnapt op weg naar haar thuisland Martinique. Zij was het nichtje van
Joséphine de Beauharnais, Keizerin der Fransen en werd volgens de legende
weggevoerd naar de harem van Abdulhamit I in
Istanboel.
De geschiedenis
van Aimée du Buc de Rivéry is moeilijk te geloven, maar in talrijke
romans werd zij moeder van Sultan Mahmud II en kreeg zij de Turkse naam Nakşidil
(Nakshidil).
Een van de meest onvervaarde Angelsaksische reizigsters was wel Isabel Burton (geboren Isabel Arundell) (20 Maart 1831 - 22 Maart 1896). Zij was de
echtgenote en partner van de befaamde ontdekkingsreiziger, avonturier en
schrijver Sir Richard Francis Burton.
.
Jane Elizabeth Digby, Lady Ellenborough (3 April 1807 – 11 Augustus 1881) was een Engelse
aristocrate die een schandaalleventje leidde vol romantisch avontuur, op twee
continenten nog wel. Zij had vier echtgenoten en veel minnaars, waaronder koning
Ludwig I van Beieren, zijn zoon Koning Otto van Griekenland, staatsman Felix
Schwarzenberg, en een Albanese
rover. Zij stierf in Damascus, Syrië, als echtgenote van Sheikh Medjuel el
Mezrab, die twintig jaar jonger was. Op bovenstaand portret staat zij afgebeeld
in de traditionele bedoeïenenoutfit, kijk maar hoe mooi zij haar lange rode vlechten
draagt onder haar sluier. Daaronder een jeugdportret, toen zij nog een Engelse
lady was.
Isabelle Eberhardt(Genève, 17 februari 1877 - Ain sefra, Algerije, 21 oktober 1904)was een
Zwitserse/Russische ontdekkingsreizigster en schrijfster die in Noord- Afrika leefde en reisde.
Voor haar tijd was Isabelle Eberhardt een buitengewoon
onafhankelijke vrouw, die de conventionele Europese moraal afwees, haar eigen
weg koos en zich bekeerde tot de islam.
Onder de schuilnaam Si Mahmoud zwierf zij te paard door de woestijn en bezocht zelfs de
islamitische heilige plaatsen. Haar reizen betaalde ze met het schrijven voor
Europese kranten.
De levensstijl van Eberhardt - zij rookte hasjiesj, dronk als een
man en was seksueel vrijgevochten - baarde in die tijd het nodige opzien.
Eberhardt stierf op 27-jarige leeftijd, toen haar
hutje werd meegesleurd door een plotseling optredende modderstroom. Haar dagboeken zijn na de overstroming teruggevonden en in ook het
Nederlands vertaald.
.
Terwijl ik bovenstaande zinnen schreef, vroeg ik me af
wat het toch in mijn leven heeft betekend, die aandacht en passie voor het Oosten.
Tja, na mijn liefde voor de Toearegs ben ik mij een tijdje gaan verdiepen in Ierse
literatuur, omdat ik dacht dat de beste dichters uit Ierland kwamen, maar vanaf
het ogenblik dat ik in Theatre 140 een voorstelling gezien had van het Japanse
Kabuki-theater zou het Oosten mijn volle en definitieve aandacht krijgen, haha!
Ondertussen staan mijn boekenplanken, naast natuurlijk
Nederlandstalige literatuur, vol met verrukkelijke titels uit het Verre en
Nabije Oosten. Deze boeken zijn altijd mijn tedere kompanen geweest en hoe rijk
voel ik me... Deze twee culturen hebben mijn leven beeïnvloed, zij hebben mij
geestelijk en emotioneel gevormd tot de persoon die ik ben. En daar ben ik
trots op.
Je ne regrette rien, zingt Edith Piaf. Wel, ik heb
zeker geen spijt van alle wonderlijke uren die ik heb doorgebracht in mijn
diepgaande studie van het Oosten. Uiteindelijk ben ik een oriëntaliste...
* ORIENTALISME is de term die door Edward Said en anderen wordt gebruikt ter
aanduiding van de dominante westerse opvatting van de Oriënt, oftewel het Oosten in culturele zin, zoals die ontstaan is sinds de tweede helft van de 19de eeuw — de tijd van de mondiale kolonisatie door de grote westerse mogendheden.
* Toeareg is en Afrikaanse bevolkingsgroep. Zij noemen
zichzelf Kel Tamasheq, Kel Tamajaq (Tamasheq"), Imouhar, Imuhagh, of Imashaghen ("Nobel en
vrij"). Maar er zijn ook Arabische Toeareg zoals de tuaregue van Marokko.Een
andere naam die zij voor zichzelf gebruiken is Kel Tagelmoust hetgeen
'Gesluierden' betekent. De Toeareg zijn vooral bekend geworden vanwege het feit
dat bij dit Islamitische volk de mannen hun gezicht sluieren, en de vrouwen
niet. Deze sluier wordt tagelmoust of eghewid genoemd. In het Arabisch
worden de Toeareg daarom ook wel Mulathimin genoemd, hetgeen 'Gesluierden'
betekent. De traditionele gezichtssluier is gemaakt van Alasho: een stof
geweven in de Nigeriaanse stad Kano,
en geverfd met natuurlijke indigo, die blauw afgeeft op het gezicht. Vandaar de
bijnaam 'blauwe mannen' die voor de Toeareg wordt gebruikt. * The Wilder Shores of Loveby Leslie Blanch, EXPLORATION,
2010, PAPER, 352 PAGE
Op dit schilderij van Jean-léon Gérôme,
De harem in de Kiosk, gemaakt in
1870-1975, zie je een soldaat (een eunuch?) een groepje vrouwen bewaken die
zich verpozen op een soort overdekt terras aan zee. Wat me onmiddellijk opviel
was de zee: de kleur van het water, de verre horizon...
De aanblik van dit moois was misschien het enige spleetje vrijheid die de
haremvrouwen en odalisken tijdens hun gevangenschap konden ervaren. Jaja, de
harem... ook daar hebben wij een geromantiseerde voorstelling van. de realiteit
was wel anders! in het boek The Wilder Shores
of Love vanLesley
Blanch, dat ik me aanschafte in de museumwinkel, las ik dat het leven in de
harem alles behalve fun was. Bij ongewenste zwangerschappen (en die kwamen
veelvuldig voor, want slechts de favorieten mochten kinderen baren) werd direct
tot abortus overgegaan, er was trouwens altijd een hofuitdrijver aanwezig... Slavinnen
die het waagden te ontsnappen, werden algauw gevat, gedood of in de zee geworpen,
gewikkeld in met stenen verzwaarde zakken... Toch had de harem veel aanzien,
want vele meiden prefereerden een luxueus leventje boven het gezwoeg en de
honger op het platteland.
.
De Oostenrijker Hans Makart schilderde De
dood van Cleopatra in de jaren
1874-1876, in de beste diagonale en theatrale traditie, haha!. Mooi is ze wel,
Cleo, we bewonderden haar gordel en haar juwelen en haar ivoorkleurige huid. Op
de grond een donkerhuidige slavin, ook met ontblote boezem. Rond haar tepels
zijn met henna fijne motieven getekend, mooi zo, beter dan een sportbh!
Nog een mooie madam. José Tapiró Baró noemde dit schilderij Schone
uit Tanger (1876). In Noord-Afrika hebben vele
mannen en vrouwen een ebbenhouten huid, omdat er hoogstwaarschijnlijk vermenging
is geweest met zwarte volksstammen. Ik zie prachtige stoffen, kettingen en
oorbellen uit goudkleurig metaal, een collier uit agaat en parels dicht tegen
de hals... deze dames konden zich mooi versieren... Maar wat me vooral trof was
de uitdrukking van lichte melancholie en ook de geslotenheid op het gelaat van
deze dame...
Dit vond ik een van de mooiste schilderijen van de tentoonstelling. Het
flitste me terug in mijn kindertijd, toen ik me dus interesseerde in de Toearegs..
James Tissot noemde
zijn schilderij De
drie wijzen onderweg (1894). De
pracht en de uitgestrektheid van het woestijnlandschap is hier schitterend in
okerkleurige en oranje tinten uitgebeeld, de kracht dIe uitgaat van een
karavaan bedoeïenen en hun kamelen is overrompelend.
Maar N. was het meest enthousiast over dit markttafereel in het Algerijnse
stadje Blidah, dertig mijl het land in, aan de spoorweg naar Oran. De Vlaamse Henri Evenepoel schilderde de Sinaasappelmarkt
te Blidah in 1898. Het is al oranje en
bloedappelsien dat hier de klok slaat, wat een ongelooflijke kleurenpracht...
voor ik met plooien begon, voor ik (aan de
bovenkant)
het rechterhoekje tegen het linkerhoekje legde.
de doeken eerst in de lengte, dan in de
breedte
gevouwen, daarna de hoekjes weer bij elkaar
en weer eens helemaal doormidden.
tot ik een vierkant pakje in handen hield,
dat ik voorzichtig op het stapeltje legde.
buiten zorgde vijf cm verrassingssneeuw
voor onnoemelijk veel licht
(woensdag
1 maart 2006)
met deze schitterende foto, gedownload van de gratis fotodatabank van seniorennet, en een teruggevonden krabbel van enkele jaren geleden, wil ik al mijn vrienden en lezers van seniorennet een prettig nieuwjaar 2011 toewensen.
mijn bedboek of hoofdkussenboek is nu: het beklemmende hartedier van de roemeeense nobelprijswinnares 2009 herta müller. het is een poëtisch boek dat in de mooiste taal een van de meest gruwelijke regimes van oost-europa beschrijft, namelijk het bewind van de roemeense dictator nicolae ceauşescu. (1918-1989). ik citeer uit wikipedia*:
Om de staatsschuld terug te dringen mocht er in de winter amper
worden gestookt. De temperatuur binnen mocht niet hoger zijn dan 14
graden; wasmachines waren uit den boze en per woning mocht één gloeilamp
van 40 Watt gebruikt worden. Uiteindelijk werd de staatsschuld
inderdaad teruggedrongen, maar dat het volk daar hinder van ondervond,
deerde de dictator blijkbaar niet; evenals zijn plan om de Roemenen
ervan te overtuigen dat ze te veel aten. (De ware reden was dat er te
weinig voedsel was).
Halverwege de jaren tachtig kwam Ceauşescu met zijn meest bizarre
idee: het platteland en de plattelandsdorpen moesten in hun huidige vorm
verdwijnen. De oude dorpen moesten worden vernietigd en vervangen door
een soort agrarische centra. Boeren zouden dan een soort agrarische
arbeiders worden. Dit leidde tot binnen- en buitenlandse kritiek. Deze
plannen werden niet uitgevoerd doordat Ceauşescu's dictatuur in 1989 ten val kwam.
Op
20 december 1989 sprak de roemeense dictator Ceauşescu het land toe op de
televisie, waarin hij de Westerse imperialisten de schuld gaf van de chaos in
het land. Een dag later organiseerde de partijafdeling van Boekarest een
massabijeenkomst van trouwe partijleden voor het gebouw van het Centraal
Comité. Toen Ceauşescu aan zijn toespraak begon, begonnen de mensen voor het
gebouw te demonstreren en eisten het aftreden van Ceauşescu. Die avond opende
de Securitate het vuur
op demonstranten. Het leger koos de zijde van de opstandelingen en de volgende
ochtend moesten Nicolae en Elena met een helikopter vluchten waarbij de piloot
onder schot werd gehouden door een of meerdere van de lijfwachten. Toen de
brandstof van de helikopter opraakte, landde de piloot en werd door de
lijfwachten van Ceauşescu een auto gevorderd. Later stapten ze over in een
andere auto. Laat in de middag werden de Ceauşescu's echter herkend en
gearresteerd. Nicolae en zijn vrouw Elena werden na een schijnproces
geëxecuteerd. De executie vond plaats op een militaire basis in Târgovişte en werd
als bewijs van hun dood gefilmd en wereldwijd per televisie vertoond. Het paar
is vervolgens begraven, waarbij een valse naam op de houten kruisen was gezet.
Dat moest grafschennis voorkomen. Hun drie kinderen hadden steeds betwijfeld of
het paar inderdaad daar begraven was.
Nicolae
Ceauşescu werd opgevolgd door de gematigde ex-communist Ion
Iliescu.
.
waarom ik dit bericht wijd aan het roemenië van herta müller? in mijn archiveringswoede (deze winter moet en zal ik mijn schrijfsels ordenen!) vond ik onderstaand gedicht terug. tja, indertijd schreef ik nog joekels van politieke gedichten, haha....
de executie van de dictator was wereldwijd te zien op tv, en ik moet zeggen dat ik toch tamelijk ontdaan was toen ik dat oude witte mannetje en zijn krakende vrouw zag neerzijgen in de sneeuw. maar tja, misschien was het zijn verdiende loon, alhoewel herta müller zegt dat ondertussen nog niets wezenlijks veranderd is in roemenië....
ach, in deze dagen verontwaardigen wij ons over andere dingen, maar toch vind ik dit gedicht passen in deze tijd.
we schreven roemenië, 24 december 1989
ik heb het nooit geweten
nooit heb ik het geweten
zei het witte mannetje uit boekarest
dat mensen zo’n gewelddadige slachtpartij hadden
aangericht
such
a butchery, such a butchery
once
in a lifetime, once in a lifetime
en ach ja, hij toonde ons huilend
de honderden lijken die hem met rood doorlopen ogen aanstaarden
achteloos gestapeld op de met bloed besmeurde stenen
vloeren
van het te kleine ziekenhuis
schouder aan schouder en schaamteloos naakt
waren ze daar op een grijze ochtend binnengebracht
net op de dag die volgde op de vlucht
van vadertje nicolae ceauşescu uit zijn presidentieel paleis
nicolae ceauşescu, de grote conductor, het genie der karpaten
we schreven roemenië, 24 december 1989
tja broederlijk lagen ze daar, graatmager en slap
in de grauwe gauwte neergesmakt en gretig gefilmd
door de westerse tv-camera’s
deze helden van de democratie, deze slachtoffers van de revolutie
deze mensen die zomaar blauw van de kou en grenzeloos enthousiast
waren gestorven voor de vrijheid, voor de vrijheid, voor de vrijheid
en wat konden wij hier in het voorbeeldige vrije westen
wat konden wij hier anders doen, dan enige overbodige truien
en enige evenzeer overbodige zakjes paprikachips stoppen
gisterennamiddag in prille kerstsfeerstemming naar het theater: Van Plato tot Nato, een productie tot stand gekomen door de samenwerking van KVS & De Enthousiasten voor het Reële & Universele VZW.
lieve deugd, wat een mooie naam voor een theatercollectief...
in mijn eerste innerlijke commentaren had ik het over 'een politiek stuk, met fantastische projecties, beelden uit oude hollywoodfilms en foto's uit krantenartikels uit vorige eeuw, betreffende howard hugues enzo'. ook het spel van schaduwen van schaduwen van schaduwen intrigeerde mij en ik had napretjes als ik dacht aan de actrices in bh en tangaslipjes met daarover een panty of netkousen en hoe ze hoerige arabische dansjes opvoerden om te lachen. ik bewonderde mieke verdin (56) omdat zij zonder schaamte haar rondingen toonde en charlotte vandermeersch zeg, die kon zelfs opera zingen!
ik legde ook uit aan n. dat het hier ging om symbolen, maar hoe meer ik praatte over het stuk (aan a. legde ik bijvoorbeeld uit dat de griekse filisoof plato niet hield van een democratie, want die werd altijd opgevolgd door een tirannie. plato vond de ideale staat een oligarchie, waar het geld dus aan de macht was, een oligarchie die zich voordeed als democratie)... hoe meer ik het eigenlijk een ingewikkeld geheel vond, met al die collages en verwijzingen, waar ik soms de samenhang niet goed van begreep. maar toch al bij al een heel mooie ervaring, de acteurs speelden geweldig...
a. vond plato maar een stupido ,we leven trouwens nu in west-europa in een oligarchie voegde hij eraan toe, en wat is het resultaat? crisis overal en de banken blijven maar cadeautjes krijgen voor hun stommiteiten...
haha, daarna moesten we weer lachen want a. maakte van de naam plato een plateau en van tirranie tiramisu en ik zei dat indertijd toen ik geschiedenisles moest geven altijd aan olie moest denken als ik het woord oligarchie uitsprak, ook mijn dutskes van leerlingen vonden dit een moeilijk woordje...
alle gekheid op een stokje; vanmorgen op google commentaren gelezen over dit stuk (hieronderaan de links) en een korte intro gevonden, die ik hier knip en plak:
KVS & DE ENTHOUSIASTEN
VAN PLATO TOT NATO
theater
In De Republiek beschrijft Plato zijn ideale staat. Die heeft maar
weinig gemeen met een democratie. De absolute macht komt er immers toe
aan een elite van filosofen. In een beruchte passage in het derde boek
verbant Plato alle schilders, beeldhouwers, dichters, acteurs… uit zijn
republiek. Muziek en dans kunnen wel, maar enkel in de vorm van
glorierijke militaire marsen.
Waarom waren kunstenaars niet welkom? En
wat had Plato tegen de democratie?
(tussen haakjes: de titel, ‘Van Plato tot Nato', is gebaseerd op de snelcursussen
westerse beschavingsgeschiedenis aan amerikaanse universiteiten. de
toeschouwers krijgen eveneens een spoedcursus westerse geschiedenis mee. het historische overzicht eindigt met het rondwaren van het spook van
de vrijheid. we dénken dat we in een democratie leven, maar in feite is
het een oligarchie waarbinnen enkele machtige rijken en rijke machtigen
de plak zwaaien)
naar het schijnt waren de perscommentaren (in knack, op de site van cutting edge, in de morgen) niet zo positief, alleen anna luyten schreef er een ietwat poëtisch-dromerig commentaar over, dat u, dames en heren, kunt nalezen in onderstaande link (1)
ik wil hier besluiten met het volgende: tijdens de voorstelling ontwaarde ik de ganse tijd een geur van muskaatnoot, peper en hout. heel vreemd.
heb dat dikwijls: in het theater raak ik bedwelmd door geuren: zeepgeuren, bloemengeuren etc... dit keer was het dus muskaatnoot.
misschien zat de geest van howard hugues in de zaal, want het was een hele pittige mannelijke geur....
de titel van dit stukje (niet de foto, zie hiervoor
tweede deel) refereert naar de sublieme roman* van louis
couperus (1863 - 1923), een bijna vergeten schrijver uit vorige
eeuwen, wiens boeken ik indertijd allemaal wou uitlezen, omdat de stijl en de
inhoud van zijn verhalen een onweerstaanbare melancholie en een literaire adel
uitstraalden, eigenschappen die ik toen in de literatuur heel erg waardeerde.
.
oude mensen: te dikwijls een mensensoort
die, in een wereld waar jong en trendy zijn het adagio is, aan de kant
worden geschoven en moeten doen wat 'past' bij hun leeftijd: lid worden van een
seniorenclub, kaarten, schrabbelen, petanque spelen, tv kijken,enz....als ze
dingen wilen doen die een beetje extravagant zijn, zoals bergen beklimmen,
zingen, dansen, schrijven, dan worden ze wel met scheve oogjes
bekeken...
.
nochtans beklom de de 77-jarige nepalees min bahadur sherchan
nog in 2008 de top van de hoogste berg ter wereld, de 8848 meter hoge mount
everest. de stokoude japanse butoh-danser kazuo ohno (大野一雄ohno kazuo(1927 – 2010) danste voor antony and the johnsons en
prijkte op de cover van hun schitterende cd the crying light, 2009. ,
.
maar ook de dames laten zich niet onbetuigd: de
zangeres op blote voeten cesaria evora (geboren in 1941) uit de
kaapverdische eilanden brengt nu in november nog een cd uit. en ik wil het hier
eigenlijk niet hebben over bijvoorbeeld grace jones (geboren in 1948), die ook deze
maand optreedt in rotterdam voor the night of the proms, waarbij
zij nummers uit haar nieuw album hurricane zingt. deze krachtige
reuzin staat bijna buiten elke categorie....en ik heb het ook niet over de
dames in benidorm bastards,
wier gedrag wij eens allemaal zouden moeten imiteren, de wereld zou misschien
veel veel grappiger worden...
.
genoeg
spectaculaire voorbeelden, genoeg small talk.
ik keer terug naar de literatuur, naar het fragiel-mooie schrijven. ik wil hier
de naam van een oudere dichteres van bij ons vermelden, die ondanks haar
leeftijd (81) nog genoeg materiaal heeft bijeengesprokkeld om een nieuwe
dichtbundel uit te geven: niemand minder dan lydia
schoonbaert (schuilnaam: jozefa
van houtland). ik heb nog geen van haar nieuwe gedichten
gelezen, maar bezit wel haar vorige bundel, op het terras van de
maan.
ik citeer met graagte
enkele van haar gedichten, parels van helderheid en concentratie:
.
Prehistorie
Je hebt de rots bekapt met je vuistbijl ik werd idool van vruchtbaarheid. Met je vuistbijl heb je gespeeld op mijn huid en de strelingen werden zigzagband. Je gaf mij ogen van zilver tepeltjes en een ring. Ik werd een ding.
Neolithicum
...
Wij hebben als goden gegeten we hebben schuren en huizen gebouwd we hebben om land gevochten. Nu wonen we in een dorp en zijn we oud.
Maar ieder jaar weer als de zomer komt kras ik scheiend een zon in het zand van mijn hut. Ik zou als een rendier willen vluchten.
Pelgrim
Ik word opnieuw mijzelf
een oude reis
op scheefgelopen stenen
het nestjong
in de mist
van onvervulbaarheid
.
opnieuw jezelf worden, als
alles voorbij is (liefdes, huwelijk, werk, huishouden, kinderen...)
dames: ouder
worden, het is niets....
*Van oude menschen,
de dingen die voorbijgaan, 1906
* Lydia
Schoonbaert, (Izegem1930) is een Vlaamse
conservator, docent en schrijfster. Zij studeerde aan de universiteit van Gent, waar zij verder doctoreerde
in de Kunstgeschiedenis op het werk van Albert Servaes. Zij was later ook de hoofdconservator van het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten te Antwerpen. Zij schreef talrijke monografieën over voornamelijk
kunstenaars uit haar tijd, onder meer James Ensoren
Albert Servaes. Ze publiceerde ook eigen poëzie onder de pseudoniem Jozefa van
Houtland.
De titel van haar nieuwe dichtbundel zou zijn: Mijn
naam op het behang
* op zondag 17 oktober in de kvs een schitterend optreden gezien: dure woorden, een geëngageerd programma over de armoede (in de wereld, in belgië). enkele cijfers: 1 op zeven personen leeft in armoede, 1/4 van de brusselaars idem dito, het maandelijks leefloon voor een alleenstaande ligt 158,68 euro onder de armoedegrens. mensen, we hebben het hier over een beschaafd rijk land, waar dure woorden worden gebruikt zoals alternatieve herverdelingsstrategie en deeltijds begeleide autoresponsabilisering en multifunctionele zefredzaamheidsprojecten, maar waar in de praktijk dikwijls niks van terechtkomt voor de mensen zelf...
erik vlaminck las voor uit zijn hilarische brieven van dikke freddy, vitalski las uit het zomert in barakstad van j.m.h. berckmans,, de dakloze schrijver lee stringer kwam helemaal uit amerika verhaaltjes voorlezen die hij schreef toen hij zelf op straat belandde, en gie van geel van de antwerpse sociaal-artistieke werkplaats tutti fratelli
(waar reinhilde decleir, zus van jan decleir de artistieke scepter
zwaait), las een totaalgedicht van hugo claus voor, de rillingen kropen over ons lijf! het programma dure woorden duurde tot zeven uur (start om vier uur!) en ik huilde toen aan het eind het lied Stand By Me | Playing For Change | Song Around the World* werd getoond én gezongen...
misschien lijkt het allemaal een beetje melige '68 nostalgie, maar de laatste tijd vraag ik me toch af of de armoede en de welig tierende uitsluting een toevallig item is, of het zoveelste logische gevolg van de zeer actuele hebzucht, hebzucht, hebzucht. de sluiting van fabrieken, werkloosheid, vluchtelingenstromen over heel de wereld, toename van illegalen, zichtbare toestroom van daklozen in de straten van onze grootsteden enz... zetten me aan het denken: is er een kilte binnengeslopen in ons hart? kiezen wij wel voor de juiste leiders, die bezorgd zouden moeten zijn over het welzijn van ons allen, of spelen wij de spelletes mee en klagen wij alleen maar over het feit dat onze buurman per toeval frans spreekt?
* 'in een tijd waarin sommigen koortsachtig proberen de macht van fracties te versterken en de stam tot hoogste vorm van sociale organisatie willen verheffen en daarbij de ene nationale groep ophitsen tegen de andere, zijn kosmopolitische dromen niet alleen wenselijk, maar ook een heilige plicht; dromen die de speciale band benadrukken die de vrijheidskrachten samenhouden.'
deze gevleugelde woorden komen van nelson mandela*, de man die, na jarenlange gevangenschap, mentale en fysische foltering, op de dag van zijn vrijlating in kaapstad een weergaloze toesprak hield, waarin hij iedere zuid-afrikaan opriep om nooit nog een andere persoon te discrimineren.
ik moest aan deze woorden denken, toen ik intekende voor een petitie
zeven jaar (?) geleden, toen iemand mij vroeg mee te ijveren voor de splitsing van bhv, voorspelde ik al het jarenlange gerommel dat dit politieke item zou veroorzaken en toen al had ik besloten niet meer te denken of te schrijven over politiek. maar toch wordt het tijd dat mensen eindelijk eens beginnen te reageren tegen de kille cinema die daar in de wetstraat en in de vergaderzalen van de politieke partijen wordt opgevoerd.
kosmopoitisch denken en dromen, dat is opnieuw broodnodig en vooral meer menselijkheid en warmte. let wel: politieke dossiers moeten geregeld worden, daar niet gelaten. dossiers lezen en behandelen en daarover helder, eerlijk en onpartijdig communiceren naar de mensen toe is trouwens de taak van alle regeringen.
maar veranderingen in een maatschappij gebeuren geleidelijk. het is niet omdat er aan een wet gesleuteld wordt dat mensen daar onmiddellijk beter van worden: sommige gevolgen zijn maar na enkele jaren voelbaar en ondertussen is de maatschappelijke constellatie ook al veranderd, zodanig dat weer een nieuwe wijziging nodig is.
de menselijke factor: geen wetten kunnen het menselijk gedrag tot in de puntjes regelen, anders wordt het leven als in een strafkolonie, waarbij mensen als robotten moeten meehuilen met de wolven. een regering is een algemeen kader dat het voortbestaan van een land moet garanderen, zonder de mensen te verplichten alleen maar 1 denkpiste te bewandelen: dat van het stamhoofd.
anders denken, anders voelen, dat noemt men misschien: creativiteit.
en cultuur is, zoals een van de ondertekenaars van de petitie het zo mooi verwoordt, niets anders dan de universele ziel van de mens.
* een onthutsend toneelstuk, dat het leven in een imaginare strafkolonie uitbeeldt is in de strafkolonie, het hol, twee kortverhalen van de sublieme franz kafka. ik knip en plak hier de intro van de website van de kvs:
Na een geslaagde Titus Andronicuspresenteren Toneelhuis en KVS een nieuwe coproductie: In de strafkolonie / Het hol, een regie van Bart Meuleman (Martens, The Bult and the Beautiful,...) naar twee kortverhalen van Franz Kafka. In In de strafkolonie
Krijgt een reiziger van een legerofficier uitleg over een vernuftige
executiemachine. Straks zal dit sinister apparaat een doodvonnis
uitvoeren en de reiziger mag het live meemaken. Waar bevinden wij ons?
In Afrika? Is de reiziger een westerling? En wil de officier met zijn
complexe redeneringen en technische kennis bewijzen hoe ‘modern’ hij is?
De conversatie over beschaving en geweld verloopt zéér ongemakkelijk.
Deze novelle wordt voorafgegaan door een enscenering van Het hol, een intrigerend kortverhaal en de ultieme parabel over onze obsessie met veiligheid. * en tot slot: gisteren ook nog in theatre national naar het vrijheidsfestival geweest. ontluisterende kortflmpjes gezien over palestina:jeruzalem moments. palestijnse bouwvakkers die rondkruipen in holen, wonen in krotten, 's nachts hun leven riskeren door stiekem over de muur te klimmen om naar hun werk (woningen bouwen voor de kolonisten!) te kunnen....
toch ook leuke beelden gezien over palestijnse rappers die in vluchtelingenkampen een schitterende rapcultuur creëren (tsjonge, zij kunnen het!), maar toch: mensonterende toestanden, mensonterend, mensonterend. ach, israël, of all places....ook dit land kampt met een gigantisch armoedeprobleem: 30 procent van de israëli's leeft onder de armoedegrens!
* http://www.youtube.com/watch?v=Us-TVg40ExM
* In gesprek met mijzelf. Vertaald door Rob de Ridder, Lannoo, 2010 * http://www.youtube.com/watch?v=5P1ACAklfiY&feature=related
verleden week nog tegen sofie spincemaille (net ontdekt dat zij een beetje lijkt op juliette binoche) de verzuchting uitgesproken: waarmee ben ik toch bezig?. ik had het namelijk over mijn levenslange liefde voor literatuur en in het bijzonder voor poëzie. een belangstelling die ik met niet zoveel mensen uit mijn naaste omgeving deel. wat hier in halle door de meesten als poëzie wordt beschouwd overstijgt het niveau van de karamellenverzen niet en zelfs in gesprekken met personages uit de cultuursector kom ik tot de ontstellende ontdekking dat hun appreciatie van literatuur populistisch en simpel is. zodra andere regionen worden aangesproken dan emotietjes omtrent het huisje-gezinnetje-kindjes gefrazel is de interesse zoek en als je, zoals ik, de hele zomer enthousiast gedichten van ramsey nasr of de deense ursula andkjær olsen hebt gelezen, haar gedicht tuingevoeligheden vertaald hebt en op je blog geplaatst en daarover wil vertellen, besef je dat je een vreemde dame bent, een gekkin met rare gedachten.
het zit blijkbaar diep, zei eergisteren nog een tedere vriend van me. ik had net mijn teleurstelling omtrent bovenstaand item verwoord, maar je kunt niet zomaar de situatie veranderen, zei hij, het duurt nog eeuwen voor een kleine stad als halle anders denkt en er een voedingsbodem aanwezig is voor interessante literaire en poëtische evenementen. ach, het minste wat ik kan hopen is dat halle vlug een echte voorstad van brussel wordt. argh!
.
(uit een mail naar rose vandewalle)
daarnet nog even op
de antwerpse annmarie sauers nieuwe blog gesurfd* om wat achtergrondinformatie op te doen
betreffende haar festival*, dat zij organiseerde van 16 tot 18 september 2010 in antwerpen. jaja, eigenlijk moet ik alleen maar schrijven
over zaterdag, wat ik met eigen ogen heb gezien, wat ik heb ervaren. de
sterren van de avond (peter holvoet-hansen, de duitse dichter fred schywek - uiterlijk een kruising tussen rimbaud en zeg maar, friedrich schiller -) , annmarie sauer, roger nupie misschien) heb ik
ter plekke reeds bewierookt en gefeliciteerd. ach, ik stel me aan met mijn
complimentjes...
de volgende dag in de morgen zo geen goede commentaren gelezen omtrent peters optreden
op zuiderzinnen, tja, ik vind zijn 'kabaal' juist heel meeslepend, zoals
ik freds drive ook heel krachtig vond. annmarie een klein zwart
prinsesje, die haar prins op het witte paard bewonderend knuffelt, roger
nupie die me zei dat hij liever presenteert dan gedichten leest... ach, ach,
er is natuurlijk een groot verschil tussen schrijven en performen, een
tekst kan oplichten door de voordracht, maar ook in het niets verdwijnen
als de juiste accenten ontbreken. er zijn teksten die sober moeten
gelezen worden, er zijn teksten die zich uitstekend lenen tot cabaret.
hilde pinnoo vond ik een indrukwekkende zegging hebben, jouw voordracht
ontroerde juist doordat je de indruk gaf ook totaal ontroerd te zijnen
je tekst helemaal te vertegenwoordigen, ik weet niet of ik het goed
uitdruk, heb het altijd gezegd, je hebt een mooie stem, zelfs al vind
jij ze bibbertremolo. mijn bobonne had dat ook, vooral als ze zong....
zeker sinds ik weg heb gezien van josse de pauw vind ik dat
poezie perfect kan geperformed worden, ik vind josse niet alleen een
keigoede acteur, maar ook een echte dichter. ik luisterde ook op
internet naar de voordrachten van poetry international 2010 en zag hoe
krachtig sommige teksten overkwamen, omdat ze heel goed voorgedragen werden...
stage-diven, je reikt me weer een tof woord aan, lieve rose, en wees
maar niet teveel onder de indruk van je vriendinnen, eigenlijk betekent
het allemaal niet zoveel, die zogenaamde ervaring.... wie je bent op dit
ogenblik, je attitude tegenover de wereld en de anderen, dat is wat
telt. zelf heb ik het op dit ogenblik, vind ik, moeilijk, eigenlijk
schuilt er een schaduw in mij, een woede en ontgoocheling en gevoel van
totaal onrechtvaardig behandeld te zijn, een verdriet, ik weet het wel,
uiterlijk neem ik er afstand van, probeer zo positief mogelijk te leven
en samen met a. veel te lachen.
ach, als ik zo een beetje rondom me kijk zijn er veel ergere drama's dan
wat wij hebben meegemaakt en nog meemaken... het enige wat we kunnen
doen is rustig verder leven. en schrijven... ben zo een beetje begonnen
met een lang gedicht als invulling van hannie rouwelers uitnodiging (zes
dichteressen), niet voor niets is mijn werktitel schaduwvrouw, chlorofyl.
maar het komt er vreemd genoeg hortend en stotend uit, terwijl ik tegen iedereen altijd zeg, dat ze moeten zingen...
hehe, deze mail bewaar ik voor mijn blog!
mvg
nicole
. op onderstaande foto enkele momentopnamen van net voor het festival. kijk hoe stijlvol rose in het grijs gekleed was. zij liep wel een beetje zenuwachtig rond...
op deze foto, van links naar rechts: rose vandewalle, roger nupie, nicole van overstraeten, lucienne stassaert en de leuke marleen desmet.
jaja, poëzie-optredens vind ik nog altijd het van het en ja,ik kan er veel over zeggen, positieve en negatieve zaken. ik moet eerlijk bekennen dat ik soms binnenpretjes heb als ik ze zo bezig zie, die dichters en dichteressen. zijn zij echt de crème de la crème van de literatuur of een bende aanstellers?
en tout cas (gisteren kreeg n. bezoek van een haïtiaanse vlaamse vriendin die in brussel woont en die grappige franse stopwoordjes gebruikt, ik moet mezelf ook altijd op dat gebied corrigeren, want tja, veertig jaar werken in brussel en een tweetalige opvoeding laat zijn sporen na), rose is op dat gebied van de roomsoort, een crème van een dichteres.
ik publiceer hier niet het gedicht dat zij voorlas, maar een verrukkelijk knispergedicht dat zij schreef over een ardens stadje, hatrival. zij koos dit onderwerp omdat zij toen al een beetje wrevelig stond tegenover een bepaald soort kleffe dorps-en stadsgedichten, die door even kleffe dorps- en stadsdichters worden geproduceerd en die het alleen maar over het eigen gelijk hebben.
poëtische ontroering kan je immers overvallen om het even waar je je bevindt, in je eigen tuin of elders...
ochtend in Hatrival
deuren zwaaien open
slaan toe
stemmen waaieren uit
rue de Libin
in een wasbak
vloeit
als van oudsher
water vloeit tijd
*
laatnamiddag
kantje boord zomer
op de wip met de
herfst
geen hond die niet
blaft
geen schaap dat niet
mekkert
telkens weer galmt
de kerkklok
door de kuip van het
dorp
*
rust komt pas echt
als het koor van de
krekels
gaat zwijgen
sterrenstil wordt
het
rue de Libin
het woud is nu
voelbaar nabij
vossen houden zich
klaar
oren gespitst
snuit in de aanslag
de straat is geen
straat meer
maar verlengde van
woud
is melkweg
hemel heelal
wijl vuurwater
vult onze glazen
verdampt onze adem
diep in september
rue de Libin
à Hatrival
* Havenklanken en de liefde. Het eerste kleine Festival van de Europese Dichtkunst brengt een twintigtal Europese dichters van 16 tot 18 September 2010 naar Antwerpen. Dit festival is een onafhankelijk satelliet project bij Roergebied 2010, culturele hoofdstad van Europa.
daarnet nog eens mijn blog in zijn geheel bekeken: heb al 112 berichten ingevoerd, waarvan 25 met algemeen-culturele inhoud. 50 berichten gaan specifiek over literatuur en 37 berichten heb ik ingevuld met gezellig babbelen. alhoewel ik mezelf toesta een multiple lady te zijn, met belangstelling voor een heleboel items, ben ik toch van plan mijn leven meer te ordenen. als ik de moed en de tijd heb, start ik een nieuwe blog met alleen maar literatuur, vermits dit onderwerp mijn toch het meest boeit. misschien nog beter: ik start een blog of een website over mezelf, mijn louter literaire teksten en gedichten eindelijk verzameld...
ach, wat bij de meeste mensen een makkie is: praten over zichzelf, lijkt mij een bijna onoverkomelijke moeilijkheid: ik praat liever over anderen (en daar ben ik supergoed in) dan over mezelf. maar ik besef dat dit ook een kwestie van angst is, van de neiging me te verstoppen, van me niet kwestbaar te durven opstellen, van het moeilijk evenwicht tussen literatuur en privé-leven...
maar in dit bericht wil ik het gewoon hebben over boeken. op mijn nachtkastje ligt weer een stapel: norwegian wood van haruki murakami (moet ik lezen voor de leesclub) en een verzameldichtbundel van ramsey nasr: tussen lelie en waterstofbom (het superlange gedicht geen lied vind ik goddelijk). ook ligt hier spoetnikliefde van dezelfde murakami en twee boekjes van de zuid-afrikaanse schrijver j.m. coetzee: in het hart van het land (1985) en wachten op de barbaren (2002)
netjes opgeruimd en in mijn overvolle boekenkast geklasseerd: het sublieme sprakeloos van tom lanoye, 's nachts komen de vossen van cees nooteboom en het verrukkelIjke marcel van erwin mortier.
ach, ik lijd natuurlijk weer aan een imperiale literaire overdaad....
gisteren nog, tijdens een prachtige nazomerkuierdag in brussel mij moeten bedwingen in de boekhandel tropismes een leuk dik boek over rimbaud te kopen en het scheepsjournaal van cees nooteboom (tot mijn groot genoegen lag scheepsjournaal daar te blinken in het nederlands, hoezee!). heel veel werken van nooteboom zijn blijkbaar in het frans vertaald.... maar ook onderstaand boek van gerbrand bakker in franse vertaling opgemerkt, en godenslaap van bovengenoemde sublieme vlaamse schrijver erwin mortier...
het was een prachtige septemberdag, ik kon in de zon zitten zonder mij ongemakkelijk te voelen en de quiche in le roi des belges in de jules van praetstraat smaakte overheerljk. toch verlang ik al vaag naar herfst en winter. de rozige nevels in de ochtend, het heerlijk rillen van de kou en dan lekker vroeg in bed, met mijn boeken, mijn plastic flesje water met een likje muntsiroop en een heerljk smeuïg potje yoghurt voor het slapengaan, op dit ogenblik het ritueel om mij een droomnacht te bezorgen...
verleden zondag geheel onverwachts een geïmproviseerde art nouveau wandeling in elsene meegemaakt.
hier ziet u mij staan in de portiek van het huis Van Tassel, in de Paul Emile Jansonstraat nr 6. dit prachtige art nouveau huis werd door Victor Horta gebouwd in 1893, in opdracht van Emile Tassel, geometrieprofessor aan de Université Libre de Bruxelles en net als Horta lid van de vrijmetselaarsloge Les Amis Philanthropes (ik schrijf hier opzettelijk hoofdletters, kwestie van waardigheid).
haha, het was een zeer aangenwame wandeling daar in de keurige straten van elsene*, de huizen overdonderend mooi, de sfeer op zondag eigenlijk heel sjiek... ik droeg een jurk van cora kemperman, een bloemensjaal van l & l, een gebreid jasje (het was een beetje winderig) van peter hahn, een armband van esprit, een paarse paraplu van esprit, palestijnse oorbelletjes gekocht in het centre du monde arabe in parijs, een italiaanse paarse tas zonder merk maar van uitstekende kwaliteit, een pantalon van 3 suisses en sandalen van scholl en ik lach een schitterende vollemaanslach... (wou schrijven: fullmoonface, maar vollemaanslach klinkt leuker!)
bovenstaande ietwat dwaze striptease, dames en heren, om u even toe te laten in mijn emoties. zoveel prachtige gevels hebben we bewonderd en gefotografeerd (zie hieronder nog enkele mooie gevels), ook het sublieme hortahuis bezocht (daar mochten we niet fotograferen!). ik vroeg me tijdens de wandeling de hele tijd af, hoe die mensen toch leefden toen, in die tintelende versierde huizen met honderden krulletjes en koperen trapleuningen in arbesque-motieven en ijzeren ballustrades en boudoirs met blinkend gepoetste parketvloeren... hoe liepen ze daar rond, in welke jurken, kostuums en schoenen? hoe bewogen ze, hoe gingen ze zitten, hoe praatten ze, hoe ging dat in die tijd: ontbijten, lunchen en dineren ... ach, het echte leven van vroeger zullen we nooit kunnen reconstrueren...
ik ben nu, in het jaar 2010 van de eenentwintigste eeuw, dolblij met mijn vrijheid, mijn
supermakkelijke schollsandalen en mijn paarse paraplu, maar hoe zou mijn
leven er hebben uitgezien eind negentiende eeuw?
hoogstwaarschijnlijk zou ik, zoals mijn allerliefste bobonne (geboren in 1875!) een
eeuwig-zwarte wollen jurk hebben gedragen en een witte katoenen
gesteven schort. ik zou in een meidenkamertje hebben gewoond, authenteke
groentensoep (op basis van een bouillon getrokken van mergpijpjes)
hebben leren klaarmaken in de burgerkeuken van het sous-sol en dagenlang
koperen trapleuningen hebben gepoetst in het sjieke huis van mijn baas (in elsene of in
de louisalaan)...
oeps! plots gemerkt dat ik dit onafgewerkt blogbericht direct had gepost op mijn blog... hieronder dus het vervolg.
de aanstookster van bovengenoemd avontuur was anna, mijn hollandse schoonzus, die hier net haar dure nikon-fototestel manipuleert. ondanks haar keurige kapsel is deze dame een avontuurlijke reizigster: zij trok doorheen het midden-oosten, gewapend met haar rugzak en haar nieuwsgierigheid en zij heeft hele verhalen over hoe fout wij toch denken over de arabische landen. onderweg is zij altijd met de grootste voorkomendheid behandeld en zij is praktisch nooit bang geweest, zelfs al reisde zij alleen. voor haar job moest zij al enige malen in yemen zijn en zij is in de wolken als zij oude prenten (in sepia?) over dit land te pakken kan krijgen.
we hadden enkele leuke gesprekken over literatuur: indertijd las ik graag reisboeken geschreven door vrouwen, van en over isabelle eberhardt bijvoorbeeld en omtrent alexandra david neel. ook de nederlandse carolijn visser kon mij met haar verhalen bekoren en natuurlijk ook onze eigen belgische lieve joris ontbrak niet op het appèl. anna noemde ook de geschriften van de engelse freya stark, die leefde van 1893 tot 1993, de eerste westerse vrouw die door de arabische woestijn trok en het aandurfde helemaal in haar eentje rond te reizen in onherbergzame gebieden, waar nog nooit een westerling - laat staan een vrouw - een voet had gezet. sterke dames, die wereldreizigsters!
verder publiceer ik hier nog een kiekje van mijn ernstig kijkende schoonbroer (ik noem hem beautiful brother, de letterlijke vertaling uit het nederlands en het frans) en daaronder een sfeerbeeld van het feestje ter gelegenheid van de verjaardag van a. (eigenlijk ook beautiful brother's verjaardag. allebei verjaren ze eind augustus met 1 dag verschil). johan (rechts op de foto) is ongelooflijk gevoelig voor stralingen en veroordeelt ferm het gebruik van gsm's, draagbare telefoons en microgolfovens (zij zouden een nefaste invloed uitoefenen op onze gezondheid) en is vooral een subliem gitarist. zijn echtgenote (de dame met het grappige neusje) heeft haar zeven (!) kinderen naarstig opgevoed en zij is dol op kantklossen.
maar zoals bij de reportage van mijn tuinfeestje (zie het vorige bericht personages) wil ik deze sessie beëindigen met een fotootje van pipo, die een nieuwe slaapplek had gevonden (op de modem!) en zich van al dat mensengedoe geen sikkepit aantrok...
heb in het hete julimaand van 2010 vier kanjers van haruki murakami gelezen (op dit ogenblik een van de bekendste japanse auteurs*). ik wil in dit bericht blijven stilstaan bij kafka op het strand*, de roman die ik net heb uitgelezen, na de lichtvoetige verhalenbundel blinde wilg, slapende vrouw en de twee turven: 1q84, deel 1 en deel 2. in kafka op het strand lopen enkele verhaallijnen tegelijk parallel en tegelijk ook door elkaar.
maar ik ga het hier niet hebben over inhoud en vorm, noch over de personages, maar over de delen die zich afspelen in het woud. murakami weet als geen ander de weelde en het woekeren van het woud te beschrijven, de overvloedige plantengroei, de schaduwen, de paadjes... en ook de stilte, die resulteert in een soort sinistere geheimzinnigheid.
bij het lezen van die fragmenten kroop de griezel over mijn huid...
toevallig kreeg ik in diezefde periode knisperend-mooie foto's toegestuurd van een bevriend echtpaar, dat op reis was geweest in de jurastreek, frankrijk. groen, groen, groen! vooral de laatste foto vond ik intrigerend: een afbakening van stenen leidt ogenschijnlijk naar de diepten van het woud.
ik was net op pagina 191 geraakt van mijn roman. lieve deugd, de foto's pasten als bij wonder (toeval bestaat niet!) bij de zinnen die ik net had gelezen. alhoewel het jurawoud toch iets liefelijker lijkt dan het woud bij murakami:
er is een gemakkelijk te volgen pad. het is op een natuurlijke wijze ontstaan, gemaakt door mensen of dieren die zich een weg door de wildernis wilden banen, en het volgt de contouren van het terrein, maar hier en daar is het geplaveid met plattte rotsblokken. op plaatsen waar er gevaar voor verzakking is, wordt
het gestut door dikke palen, en waar het dreigt te verdwijnen tussen
het woekerende onkruid is er zorg voor gedragen dat je het goed kunt onderscheiden. ...
dit pad volg ik, dieper het woud in. aan weerskanten van het pad torenen bomen hoog op. vale stammen; dikke takken, alle kanten uitgegroeid; een dicht bladerdak dat neerhangt tot vlak boven mijn hoofd. de grond is een tapijt van onkruid en varens die zich verdringen om het klein beetje licht dat ze bereikt te absorberen. op plaatsen waar het zonlicht helemaal niet doordringt, kruipt het mos zwijgend over de rotsen. ...
de stammen van de bomen staan elkaar in de weg en belemmeren het zicht op een wijze die niets goeds voorspelt. het is schemerduister en de lucht is dood onder al dat groen. ik hoor niet één vogelstem. ik krijg opeens kippenvel, alsof ik op de tocht zit. er is niks aan de hand, zeg ik tegen mezelf. er is een pad! zolang ik dat niet uit het oog verlies, kan ik de weg naar het licht terugvinden.
enige honderden pagina's verder (p. 567) lezen we, dat diep in het woud de doden een paralelle wereld hebben opgebouwd.
eindelijk ondertitlels. replieken. ze zijn een beetje plat, maar we mogen ook eens lachen..
heb de smaak van de fotoreportages te pakken. plots
herinner ik me dat vroeger in geïllustreerde magazines (damesbladen vooral, in
stationromannetjes en streekkranten, misschien ook in de ciné-revue en zeker in
het rijk der vrouw) fotofeuilletons verschenen, liefdesverhalen meestal.
inhoudelijk kon je ze vergelijken met verhalen uit de bouquet-reeks, des romans
à l'eau de rose, zoals mijn moeder ze noemde.
bedoeling was de lezeressen die niet graag lettertjes lazen en/of geen tijd
hadden lange teksten te verorberen, toch met behulp van foto's met
onderschriften of tekstballonnetjes, een redelijk verhaal op te dissen. ze
moesten de foto's bekijken en een paar lijnen lezen. de fotoromans werden soms
gespreid over ettelijke weken, zodat de dames lezeressen elke week met spanning
uitkeken naar het vervolg van hun fotoroman. ik herinner me dat ik als klein
meisje droomde mee te spelen in zo'n verhaal, maar wij hadden geen fotoapparaat
en dus bleef mijn droom maar een droom.
gisteren was er bij ons een geïmproviseerd feestje en ik wil enkele leuke
foto's bewaren op mijn blog. ik knip en plak hier de personages, waaronder
ikzelf. wij zijn in gesprek, kijken beduusd of ernstig of dromerig of trots of
hebben binnenpretjes... op het eind komt pipo te voorschijn, als een tijgertje
uit de kleine jungle van mijn tuin.
mijn bedoeling is nu de volgende dagen van onderstaande foto's een fotoverhaal
te maken, ik zoek leuke onderschriften of replieken. heb er al enkele in mijn
hoofdje, maar wie wil meedoen stuurt maar een mailtje! de volgorde mag trouwens
gewijzigd worden en heb ook nog andere foto's in voorraad, voor als het een
echt feulleton wordt...
wablief? liepen de mannen in zweden tijdens de
hittegolf in zwembroek op straat?
neen, eigenlijk waren het heel korte shorts, of bermuda's bijna tot aan hun
lies.
oeioei, wat een zedenverwildering...of liever: schitterend toch!
oeioei, krijgen we nog onverwacht bezoek ook...
wa reekekikee? reekekikeekakofkakkekikee? shit, shit, shit!
shit,
shit... why are people always talking shit?
I must be in a certain state of drunkness before I start talking shit.
but not now... now I am
smoking shit, so my thoughts are becoming clouds... see what circles out of my
pipe?
hey, three times a week I go to fitness. so I am a strong man, like rambo or
popeye
en heb ik je al verteld van die dikke madam?? ochier, by allah, en ze doon moe voesj...na eet dane voe ui doesjescheum
me chocolat mei
j' ai un joli cleavage, oui. mais aussi une allergie carabistouillarde, un snotneus, qui durera, selon une copine, 7 ans, memememe
taisez vous tous.....comme disait voltaire: j'ai
décidé d'être heureuse,c'est meilleur pour la santé..
terweel zijle zitte te memmen, pikkik ee en betsje
fraise, haha...
ze zijn weer bezig, die zogenaamde grote mensen...
ja zeg pipo, wadde gezaag...wie altijd met beide voeten op
de grond blijft staan, komt nooit een stap vooruit...
onlangs las ik dat er nieuw soort mensjes is ontstaan: de weps, of de welgestelde positieve senioren. een dwaze bank, i-n-g genoemd, had bepaald dat senioren maar 1000 euro per week mochten afhalen van hun rekening.
luid protest van de weps. we laten ons niet betuttelen, zijn heus groot genoeg om zelf over onze uitgaven te beslissen, ik zeg: we. want ik behoor misschien wel tot dit soort mensjes... welgesteld ben ik nu niet bepaald (leef bij momenten heel zuinig) maar postitief ben ik geloof ik wel en hedoniste op de koop toe.
verleden week in oostende het theaterfestival bijgewoond, ben superenthousiast en nog altijd in de wolken over de voorstellingen die ik heb gezien. de oostendse marollenopera,de pruimelaarstraat, yard sale, het komieke betoog van michiel vandevelde (een afgang en daarom superkomisch), uitgelezen met caroline gennez (die dacht dat ze in een politiek panel zat, terwijl er van haar verwacht werd in alle staten over literatuur te zingen), en als kers op de taart: het sublieme weg, met josse de pauw.
zaterdag motregende het (heerlijk!) en we gingen naar di caprio, de film inception. uren daarna, in mijn bedje, had ik nog last van de special effects, ik dacht dat ik aan het plafond hing....
onderstaande foto's zijn donderdag genomen op het strand van oostende. dans, dans, dans...heb duidelijk geen special effects nodig om te zweven, haha. luisterde wel met mijn ogen dicht (ziet u mijn i-pod?) naar de suprême libanese zangeres fairuz...
ach, ik wou deze foto's nog op mijn blog, wellicht zal ik in volgende berichten weer aandacht besteden aan anderen: de personages die mijn leven bevolken. heb trouwens nog altijd geen ondertitels gevonden voor mijn fotoromannetje. geen nood, heb zeeën van tijd...
om te besluiten nog enige fragmenten uit mijn e-mailverkeer betreffende taz:
09/08/2010
ward mertens wrote:
Vandevelde brengt, o zeldzaamheid onder de theatermakers, zijn
theorie in praktijk en maakt van theater weer kunst van en voor de
gemeenschap.
Ben het eens met deze stelling als je 'Vandevelde' vervangt door Yard
Sale. Had ik hetzelfde gevoel als jij, met hen wil ik meedoen, niet met
Vandevelde. Maar bon, smaken verschillen en iedereen heeft recht op een
eigen mening. Dat cultuur er kan zijn op zoveel verschillende manieren
is het mooie eraan. Ik vond het maar niks. Wat wel klopt in de
commentaar op Yard Sale is dat de samenhang niet helemaal duidelijk
was, maar is dat niet typisch voor 'onze generatie'. Ik beschouw
mijzelf (nog even) als jongere en merk dat ook ik over vanalles wil
proberen, zeer uiteenlopende dingen wil lezen, en ja, de samenhang
daartussen is soms zoek. Ik denk dat onze generatie (lelijke term
trouwens) in dat patchwork van proeven en maken coherent is. De
samenhang is dat er geen samenhang is. En door dat te zeggen ben ik het
weer grondig oneens met de auteur van tazette.
Date: Mon, 9 Aug 2010 07:22:58 +0200 From: nicole.van.overstraeten@telenet.be To: wardmertens@msn.com Subject: Re: Zee
het is kwart voor zeven, jouw mail open ik als eerste... ik zit al enkele minuutjes in mijn roze gestreepte pyjama en met een kopje koffie voor mijn scherm, mijn plan was nu eindelijk replieken te vinden voor mijn personages op zoek naar een auteur en een nieuw bericht te verzinnen, natuurlijk over taz. haha, vrijdag weg gezien met josse de pauw, absolute topklasse...
in het gazetje van taz, tazette, waren de commentaren over onze nomadenavond niet helemaal mijn ding.. de optredens van de vijf flinke meiden en de 2 schattige knullen werden als te licht bevonden, michielke brengt zogezegd het theater naar het publiek....
vind zelf dat yard sale heel wat in mij heeft losgemaakt, wou zo gaan meedoen.. ach, dat gezever van michiel vond ik een soort geweldpleging (al je niet meedeed beleefde je geen magisch moment) en bedrieglijk: wij werden als kleuters behandeld en ik wou absoluut NIET MEEDOEN!
heb wel al enkele tientallen minuutjes zitten nadenken waarom hij zo over het paard wordt getild door de commentator, daar kunnen wij ook eens een avondje over pinten...
waarom ik dit en voorgaand bericht schland noem, zal de lezer misschien wel een raadsel zijn. schland is de afkorting van duitsland en tegelijk de oerkreet van de duitse voetbalfans die hun ploeg brons zagen halen tijdens het wk voetbal in port elizabeth (zuid-afrika)! je moet het woord schland bij zo'n gelegenheden niet zomaar uitspreken, weet ik ondertussen...
op 16 juli jl kreeg ik deze denderende mail:
Hallo!
Tot nu genoten van jouw reportages uit Schland - en de foto's zijn ook
goed geworden. Ik ben benieuwd naar het volgende bericht.
Nog iets
over 'SCHLÁÁÁND: de eerste keer hoorde ik dat woord een maand ofzo
geleden als ik diepgrollend 'Deutschláááánd', op bezoek bij mijn zoon,
intoneerde, als artistieke voorbereiding op het wereldkampioenschap, en
als kleine inside joke tussen ons. Hij vertelde dan, dat het intussen
'schláááánd! is geworden. Met veel alcohol in je hoofd, en moe van het
luide brullen, is 'schláááánd voor de supporters natuurlijk eenvoudiger
uit te spreken (!?!?!). 'Schlááááánd' op de juiste manier
brullen en grollen, is de perfecte germaanse schlachtkreet. Dus: kelig,
rokerig, grof, erbij spugend. Misschien bel ik je op, om je nog eens
live van 'Schláááááááánd te laten genieten.
Schláááááánd, Jaak
hieronder dus een foto van de aanstoker van mijn patti smith avontuur... de strjidkreetbrullendealcoholdrinkendedodelijkvermoeideartistiekejokingbastard.
haha, dames en heren, de persoon die in ik deze
finale reportage over duitsland wil voorstellen is niet de eerste de
beste scorpion: kijk maar naar het intelligente venijn in de oogjes -
of zijn het nog de rokerige naweëen van een nachtje slempen?
haha, deze schlandbrullende duitser kom je liefst niet tegen in een
donker verlaten steegje! wees er maar zeker van dat hij bij gevaar de
eerste stralen van een dodelijke injectie zal pietsen naar zijn
tegenstander, die niets vermoedend de verkeerde prooi heeft
uitgepikt... want voor jaak is het bijvoorbeeld een koud kunstje rond te
dwalen in een van de gevaarlijkste steden ter wereld: het braziliaanse sao
paolo, criminele broeihaard bij uitstek.
je moet daar ongelooflijk op je hoede zijn, zegt hij, acteren dat je een slechterik bent, anders word je zelf het nietsvermoedende slachtoffer van een of andere zakkenroller of crimineel.
the queen en ik waren het er over eens: ondanks zijn
aandoenlijk talent om met dames over koetjes en kalfjes te praten, over
kwikjes en strikjes, om lekker met diezelfde dametjes een terrasje te doen en
alcoholvrij bier te drinken (en wat mij betreft: de sahnetorte en
beerentorte in het colner cafehaus in de minoritenstrasse waren
overheerlijk...) is hij een mannetje.. .
en een suprême chauffeur. honderden kilometer rijden om ergens een evenement bij te wonen is tweemaal niks. keulen - bonn, bonn - keulen, zo geflikt! even naar maastricht om.de finale wk bij te wonen...een spielerei....naar bremen om de zoon te bezoeken, ach wat, een detail!
heb bewondering voor jaak, eigenlijk in oorsprong een nederlander uit rotterdam. hoe hij zich helemaal ingeburgerd heeft in duitsland. hij spreekt de taal als geen ander, schrijft schitterende teksten in een soort zelfuitgevonden literair uberdeutsch, en heeft een supersupersociale baan: hij begeleid psychisch zieke mensen en werkt theaterprojecten uit in gevangenissen, waar hij met (super)zware jongens of zelfs moordenaars fantastische plots en ingenieuze mise-en scenes verwezenlijkt...ahum,ahum,ahum, wat anders dan die egotrippende dichtertjes en zogenaamde kunstenaars die ik her en der in eigen land ontmoet...
en met duitsland voelde ik me vreemd genoeg gedurende heel mijn uitstap (en ook nu nog) sterk verbonden. duitsers zijn schitterende mensen, heel het maatschappelijk gebeuren ademt hoe dan ook beschaving en degelijkheid uit. een paar dagen geleden (op 18/07/10) zag ik nog een reportage over de duitse deelstaat noordrijn-westfalen, waar naar aanleiding van ruhr 2010, het ruhrgebied
als culturele hoofdstad van europa, op een van de drukst bereden
autosnelwegen van voor een lengte van 60 kilometer een reuzepicknic werd greorganiseerd, 3 miljoen duitsers schoven aan aan tafel, heerlijk.... en duitsers hebben naar het schijnt een andere mentaliteit op de autosnelweg: zet je je
knippers aan om een wagen voorbij te steken, dan laten de auto's op het rechter rijvak je door.....
duitsers zouden van hun schuldgevoel betreffende de tweede wereldoorlog moeten afraken. al is dat al zo bij de jongere generatie. de vorige (en daar behoort bijvoorbeeld the queen toe) heeft soms nog moeite om bijvoorbeeld de horror van de concentratiekampen te plaatsen. ah, gisteren nog keek ik naar een engelse serie, spooks, waar werd gezegd dat de engelsen tijdens wo ii gemarteld hebben en ik las ergens dat de geallieerden die ons land zogenaamd kwamen bevrijden zich schaamteloos vergrepen aan jonge vlaamse boerenmeiden.....ach, in oorlogstijd zijn er geen goeden of kwaden....
hieronder nog een fotootje van jaak en the queen tijdens het concert. moet dringend aan jaak vragen of hij de plastic bekers met origineel handvat, waarvan ik er een aantal had verzameld en die ik jammer genoeg vergat mee te nemen, nog bijgehouden heeft. als hij nog eens in halle op bezoek komt moet hij ze dan meebrengen, mooi souvernir van duitsland vind ik...
om het portret van de schland-bruller nog te vervolmaken, verspreid ik voor de geïnteresseerden jaaks eigen stroomlijn-biografie
Zo, hier is de verbeterde versie van mijn stroomlijn-biografie, die je natuurlijk graag kunt gebruiken:
Ik
ben een intussen 57 jarige, voormalig in Nederland en Belgie maar nu al
29 jaar lang met onderbrekingen in Duitsland wonende, intellectuele,
éen-maal-in-vier-jaar-voetbalkijkende, schrijvende, soms voordragende,
orphische, tussen Apollo en Dionysos vliegende, in een met
germania-haatliefdeverhouding staande, humoristische, ironische, maar
ook nuchtere, theaterregisserende, sociaal-werkende, mannelijke,
van-2-kinderen-gevaderde, in een transcontinaal huwelijk zich
bewegende, goede victualien en weinen genietende, om zijn geld
werkende, muziekminnende, wereldreizende, kunstscheppende, godzoekende,
anarchistische, ascetische en hedonistische, alle jaargetijden
lievende, het vrouwelijk geschlacht bewonderende, pure extase
belevende, de sprong over het grote niets makende, soms onuitstaanbare,
onbegrijpelijke halve Lage Lander. Het kan echter ook anders geweest
zijn -
Hm, dat zou toch ook een prachtige contact-advertentie zijn?
jaja, jaak, een prachtadvertentie en het is allemaal waar, niet alleen van dat schrijven en die pure extase, maar ook van dat onuitstaanbare en dat onbegrijpelijke.! haha, grapjeee...maar over je hond staat niks vermeld, daarom deze leuke foto. zegt men niet dat na jaren het hondje op het baasje begint te lijken, of is dat nu omgekeerd?
op onderstaande foto, door jaak genomen in het kolumba-museum, dit schattige blazende cherubijntje. waarom hij dit engeltje een foto waard vond, begreep ik pas later: in zijn woonkamer tetterde jaak naar hartelust, als een overjaarse puber, op zijn vuvuzela (je bent nu eenmaal fan van het wk of niet!) en daarom moest hij een foto hebben van iets dat voor hem onmiddellijk herkenbaar was, argh!
alle gekheid op een stokje: de strjidkreetbrullendealcoholdrinkendedodelijkvermoeideartistiekejokingbastard heeft het talent iedereen aan te steken met zijn enthousiasme en vitaliteit!
hij is niet alleen alles wat hierboven is vermeld, maar ook: een uitstekende performer en theaterregisseur. zijn teksten (jaak is, als het jullie nog niet was opgevallen, een literair natuurtalent) bulken van leven. op dit ogenblik werkt hij aan enkele gedichten waarrond een dansproject zal worden gecreëerd...
en over brazilië, het land waar hij binnen enkele jaren (eventueel) definitief naartoe wil (want daar, zegt hij, ligt nog alles open), schreef hij deze glorieuze gedachtenstroom:
MONOLOGUE EXTÉRIEUR
BRASILIEN (voor Nico)
kijk hier lukt het de
puntjes op de ë op dit toetsenbord in de stad met miljoenen mensen miljoenen
auto’s ze rijden hier op vier of acht of twee rijbanen of met z’n tweetjes
naast elkaar op 1 rijbaan met er tussenin zigzag jawel zigzag geen vierkante
lichtmetalen dozen maar motors en brommers altijd nog veiliger dan de duitse
autobahn een wilde dans in blik volgens een geheime choreografie tussen de
duizenden wolkenkrabbers in de lucht helikopters wolkenkrabbers verbonden door
kleine huisjes in rood geel en blauw de villa van harvey die naast tarot ook
nog met schelpen orakelt voor de mensen hier zwart koffiebruin geel en wit en daartussen
alle kleurovergangen in een achterhuis staat de computer in een tuin met kamerplanten
die bomen zijn geworden en bloesems knalgeel en rood kleine groene papagaaien in
zwermen op de takken het geluid van radio’s toch is het hier een oase van rust dankzij
de hoge muren en de wachtpostjes tegen het canaille de onzichtbare vijand uit
de straat uit het bos de jungle op elke hoek een klein huisje met de zwarte man
die kijkt of alles in orde is tussen de bomen
vruchten guaves mango’s
ananas papayas die hier mamaõs heten ze zijn ook inderdaad te vrouwelijk om
alleen papaya te zijn kokosnoten groen vol sap het beste nog rietsuiker
uitgeperst door de molen gehaald en gedronken hier is alles te krijgen
middeltjes voor en tegen grote markten met fruit en groente alles voor 1 reai per
kilo gisteren en vandaag in een huisje van een tante aan de kust een uurtje
rijden op de viersporige snelweg door de bergen naar beneden daar ver weg is de
atlantische oceaan het is feest en honderdduizenden hebben hetzelfde idee
rijden naar santos en praia grande zodat op de tegenrijbaan een paar banen
worden vrijgemaakt voor het verkeer richting zee de stranden een dertig kilometer
lange loodrechte lijn langs de oceaan met een dertig kilometer lange boulevard zijstraatjes
met vakantiehuizen voor de hondderdduizenden toeristen uit saõ paulo op het
strand is er voor iedereen plaats de filosoof t.c. kronstadt tussen duizend mooie
vrouwen weet niet meer wat hij moet denken het is winter
maar prachtig weer zo’n dertig graden vandaag ‘s avonds terug in de stad
eenentwintig graden we bevinden ons immers 700 meter hoger maar
straks is het lente primavera goed voor veertig onder de zon zijn we dan ook
nog zo snel vis eten en zwemmen slapen en weer eten in kilorestaurants het eten
gewogen per kilo of restaurants waar je voor vijf of zes reais zoveel kunt eten
als je wilt de puntjes op de ë is dat niet schitterend loopt op het strand
tot het besef gekomen dat het de moeite is om dit bericht te splitsen in schland 1 en schland 2. niet voor niets ben ik een inwoonster van halle, waar men het de laatste jaren over niets anders heeft gehad dan splitsen, haha, van bhv natuurlijk en van belgië, tweemaal haha.... maar ik wil dat dit een speels berichtje wordt, zo van rara, wie heeft hier het fotootje gemaakt... in schland 2 wil ik iemand voorstellen, andere koek!
deze eerste foto van me is genomen door mijn dierbare echtvriend a., op het terrasje van sam's cafe in het brusselse zuidstation, waar we een half uurtje voor het vertrekken van de thalys een koffietje dronken en grapjes maakten over de reuzenzebra aan de ingang (niet te zien op de foto, zal dringend de tijd eens moeten nemen voor een kiekje, wil ook absoluut de tekst lezen die tussen diens strepen is geschreven!).
gelukte foto, vind ik, heb een leuk wijs smoeltje, mijn neusje is niet te groot is en mijn armen lijken poezelig. ben duidelijk zenuwachtig, want ik speel met mijn linkeroorlel.
heb zo een theorie: de fotograaf moet houden van zijn onderwerp, of het tenminste de moeite vinden, dan lukt de foto altijd. foto's van me gemaakt door mensen die eigenlijk niet om me geven, daar sta ik altijd verschrikkelijk stom op. en rara, wie is dus de fotograaf van deze twee volgende foto's? jaak en ik zitten op een terrasje in bonn, waar we een lichte lunch hadden besteld. we zijn al in drukke conversatie, ik ben duidelijk in de wolken van woorden en formuleer op de tweede foto hoogstwaarschijnljk een mooie zin. wat ik ook alleen maar zo netjes doe in puik gezelschap. mijn décolleté valt elegant, mijn bloesje heeft meisjesmouwen en mijn oorbelletjes zijn goed zichtbaar.
aan de tafel links achteraan zit een dame in een prachtige zomerjurk. de lunch was overheerlijk en spotgoedkoop (ik koos een groenteschotel met tagliatelli en currysaus en dronk tweemaal een appelsapje, betaalde maar 13,50 euro!) maar terwijl we genoten van de zon, het pittige praten en het eten zwierf voortdurend een dakloze rond de tafeltjes, bedelde om geld. oeps! daar maakte ik abrupt kennis met de sociale realiteit in het supermachtige duitsland:: uit vele vergelijkende studies blijkt dat 6,5 miljoen duitsers – 8 procent van de
bevolking – zich in een positie van uitzichtloze armoede bevindt....
ik laat de lezer nog even wachten voor ik de verzamelde identiteit(en) van de fotograf(en) onthul. vorige foto's waren van vóór het concert van patti smith, de volgende zijn de dag daarna genomen... en ja, dit is een duitse sandwich, heerlijk brood, een sneetje worst, komkommer, een sausje en een blaadje sla, zo sierlijk geëtaleerd op het bord, dat je het broodje bijna niet durft op te eten. daarom maakte ik van het geheel een schilderijtje...
ik beken: ik was zelf de begenadigde fotografe, andy warhol achterna...
we verorberden dus heerlijke broodjes, dronken italiaanse wijn en waren verrukt....om deze 'broodjesplek' te bereiken reden we eersts langs duizelingwekkende slingerwegen door het bos. onderweg kwam ik te weten dat zich in de omgeving nog reeën, marters, wasdieren, adders, konijnen en hazen ophielden...jaak maakte me bang door daar ook nog beren en wolven aan toe te voegen (?) ...en hier en daar zag ik sporen van antieke esbattementen, zoals dit supergrappig heuske, oorspronkelijk het plekje om na een zalige maaltijd je behoefte te doen, maar tegenwoordig in onbruik, wegens te primitief, haha...
dit heuske was een aanhangsel van een fijn gerenoveerd boshuis, waar de fotografe van de terrasjeskiekjes woonde. haha, heb dus al een sluier van het raadsel opgelicht: een van de fotografen is dus een duitse dame, een lady, een bosnimf... the queen, zoals jaak haar graag noemt...
the queen maakt mooie schilderijtjes, van bloemen en wolken...
en draagt een schattig deens hesje, met een ceintuur van frida kahlo, of liever: geënspireerd op...
en hoho, hier zijn we dan: de koningin en haar vlaamse vriendin, vrolijk naar de dieptes wuivend, waar jaak zich bevindt. want het terrasje was gesitueerd op de top van een heuvel, vanwaar je een panoramisch uitzicht had op een landschap van steile glooiingen, bossen en wolken.... the queen woont hier heel alleen, midden in het bos, en zij vindt haar sublieme alleenheid overheerlijk!
deze foto is de finale, the queen and me. wat een mooie haren heeft die meid, wat een knappe dame! gevaarlijk toch, met een dame op de foto staan die duidelijk knapper is dan jezelf, argh!... maar ach, ben met mijn eigen face redelijk tevreden. alhoewel de sporen van een slapeloze (want overgoten met heerlijkheden als olijfjes en artsjokkenhartjes en japanse zoute pruimpjes en mini paprika's gevuld met kruidenkaas en een heel bord yoghurt met zwarte bessen en wijn en wijn en wijn)... duidelijk zichtbaar zijn, hehe...
triomf, triomf: ik slaag erin mijn foto's in de gewenste grootte te plaatsen, heb de truuk eindelijk te pakken! mijn commentaren over schland en zijn bewoners zullen nog even uitgesteld worden, eerst wil ik vertellen over de dom en het aartsbisschoppelijk museum kolumba, een ontdekking...
neen, niet de schijnbaar aartsdomme inspecteur columbo heb ik op mijn
duitsland-trip ontmoet (flauw grqpjeee...), maar zoals een echte toeriste ben
ik even de reusachtige dom van keulen binnengewandeld en heb een fotootje
gemaakt van dit schitterend nieuw glas-in-loodraam van gerhard richter, een van
de belangrijkste moderne kunstenaars van duitsland. hij maakte het van 11263
handgemaakte, vierkante stukjes glas.
hij heeft de eeuwenoude dom, het populairste
monument
van duitsland, met zijn kunstwerk eigenhandig de 21ste eeuw in
geparachuteerd. het knappe is dat zijn venster de indruk wekt
alsof het
er altijd al is geweest, want het oude glas-in-loodraam in de dwarsbeuk, haast negentien meter hoog
en
ruim negen meter breed, werd in de tweede wereldoorlog vernietigd en dit is dus het nieuwe, dat wonderwel past.
vanuit het aartsbisschoppelijk museum kolumba maakte ik dwars door de ramen deze snapshot, en ook de weerspiegeling van mijn bloesje waarop vreemd genoeg de naam van het tibetaans juwelenwinkeltje vlak naast het museum, vond ik een fotootje waard, wat zeggen jullie ervan?
woesj! een tafel die 75 graden voorover helt, in kolumba? in de achtergrond groeit een stoel in de muur... en wat doet dat mini-boodschappenkarretje met penaten-zalf (zinkzalf, middel tegen eczeem) hier plotseling? is dit historische avant-garde of zo? het museum is gebouwd op de resten van een laat-gothische kerk en sinds 1973 zijn ongeveer op dezelfde plek de grondvesten van een romeins huis blootgelegd. wat doen die absurde meubeltjes hier dan, temidden van deze schitterende middeleeuwse muren?
haha: tot 30 augustus is een tentoonstelling gaande, genoemd bequest, gewijd aan wat achtergelaten werd, met de dingen die we maken en gebruiken, die ons onderdak geven en kleden (ik vertaal uit de kleine brochure). zeker in deze historische locatie en temidden van de archeolgische artefacten is het ingenieus van de organisatoren sporen van menselijk leven te traceren en bij elkaar te brengen, dagelijkse antieke en moderne objecten. tegelijk wil deze tentoonstelling onze verantwoordelijkheid tegenover het historisch erfgoed stimuleren.
een artiest uit munich (kurt benning) toont zelfs een video waarbij alle objecten van een appartement (!) worden opgenoemd, net voor het verlaten wordt door zijn bewoners. het opsommen van de voorwerpen doen associaties en herinneringen in ons ontstaan en het is met dit uitgangspunt dat de selectie van werken in deze tentoonstelling is gemaakt...
stefan wewerka, table 75˚, 2003, holz, lackiert
stefan wewerka, zwei stuhlskulpturen (eingang lesezimmer und gegenüber
lastenaufzug) 1969, buche, lasiert
thomas rentmeister, ohne titel, 2003
maar ook echte antieke en relgieuze kunst was hier te zien. merovingische grafstenen, stenen wapenschilden, oude tunieken, gebedenboeken, kruisbeelden, relieken (met o.a. de tong van sint nepomuk, achttiende eeuw. ...wat een naam, een eskimo waardig...), reliëfs, madonna's, bustes van koningen, manuscripten, merveilleuze triptieken enz... onderstaand polychroom mariabeeldje (dat ik jammer genoeg niet kan situeren) vond ik superschattig, zou ik zo mee naar huis willen nemen...
en deze houten buste van een ernstige salzburgse koning uit de tweede helft van de veertiende eeuw kijkt dwars doorheen de tijd. door het spel van weerspiegeling is het net of hij onze wereld aanschouwt in gedachten. opvallend vond ik de symmetrie in dit beeld. zelfs de krullen zijn in spiegelbeeld aangebracht, de kroon, de wenkbrauwen, de ogen. alleen de neus staat ietwat krom.
zo, dit was de tweede shift. op naar het derde bericht!
heel trots ben ik op onderstaande foto's! want net vierenzestig geworden en voor het eerst in mijn leven een rockconcert bijgewoond, van een legendarische leeftijdsgenote nog wel: de sublieme patti smith. had een hele reeks foto's, maar ze waren te groot en ondanks mijn verwoede pogingen ze allemaal te compresseren en te verkleinen, kreeg ik vanochtend , o wonder, alleen maar deze foto's op mijn blog. ik pruts maar en pruts maar en plotseling lukt me iets - maar ik vergeet dan wat ik precies heb gedaan, daarom speel ik voorzichtig: wat ik nu heb is ok, dus ik verander niks meer, want ik zou, stom als ik ben, wel eens alles kunnen kwijtraken. op deze blog natuurlijk. maar hehe, is dat niet een levensles? blij zijn met wat je hebt, het onmogelijke en ingewikkelde loslaten, haha, hoe melig toch...
het groots spektakel greep plaats op 4 juli 2010, om 19 uhr in de kunst-und ausstellungshalle in de friedrich-ebert-allee 4 in bonn. vriend jaak had me uitgenodigd om even naar duitsland te sporen, want hij had tickets en ja, dat zou dus een heel speciaal verjaardagscadeau worden... en zo geschiedde!
ik herinner me de massa. we stonden urenlang recht tussen enthousiaste fans, jonge, oude, dikke, dunne, langharige, hippe, dreadgelockte, kale, behaarde en bekrulde rockfanaten, die luidkeels patti's songs meezongen. het was tropisch warm. ik voelde als het ware de zweterige huid van de mensen kleven tegen de mijne, al vraag ik me af of dit geen inbeelding was, want ach, ja, beschaafd ging het er wel aan toe.. en tegelijk gingen ontelbare witte en sproeterige armen de lucht in, zingen was niet genoeg, er moest ook nog gezwaaid worden, haha..
rock is nooit echt mijn ding geweest, maar toch kreeg ik het uiteindelijk te pakken: ik neuriede mee, wiebelde op maat, verplaatste mijn voeten zo goed en zo kwaad als het kon in een kriebelig danspasje... en had twee uren lang kramp in mijn linkerbeen. maar ik hield vol als de oersterke madam die ik uiteindelijk ben (zeggen ze toch)...
dit concert is wellicht een kantelpunt, een van de vele die ik tegenwoordig ervaar. had me stilletjesaan beginnen voorbereiden om rustig oud te worden, maar beleef de laatste tijd zonderlinge dagen en momenten. ontmoet steeds maar meer en meer mensen die op hun zestigste nog enthousiast aan een nieuw leven beginnen, ze hebben de meest fantastische plannen. vroeger had ik soms het gevoel: dit en dat doe ik nu voor de laatste keer, want mijn leeftijd...maar ben tot het glunderend besef gekomen dat ik wellicht niet het type ben om een pateekesmadammeke te worden, die met een aantal dikke vriendinnen afspreekt om een pateeke te gaan eten in een pateekeswinkel en de hele tijd zit te zeveren over bobokes en kleinkinderen... ach, daar kan ik niet aan meedoen!
zo wil ik dus niet zijn. ik wil houden van: mijn supertoffe vrienden, van patti smith en antony and the johnsons en van mythische arabische en zuidamerikaanse en steppenmuziek, van haruki murakami en ursula andkjær olsen, van reisverhalen over scandinavië en verfijnde theedegustaties, van mijn nieuwe zonnebril en van heerlijke smoothies, van een bruine leffe of een orvalleke 's avonds voor het slapen gaan en van de wolken en de hete wind boven het terras van t.& w. daar in de kempen...
dames en heren, bekijk onderstaande foto nog een keer, want ga nu mijn bericht afsluiten,.volgende maal heb ik het over mijn vriend jaak en schland, zoals hij duitsland noemt.
---) ---) ---) altijd een natuurtalent geweest, in de breedste betekenissen...
There is no land but the land
(up there is just a sea of possibilities)
There is no sea but the sea
(up there is a wall of possibilities)
There is no keeper but the key
(up there there are several walls of possibilities)
Except for one who seizes possibilities, one who seizes possibilities.
(up there)
I seize the first possibility, is the sea around me
I was standing there with my legs spread like a sailor
(in a sea of possibilities)
I felt his hand on my knee
als dan in de maand juni de groene weelde openbarst,
is het feest.
ook in mijn tuintje!
ik zie de reuzenvlier bloeien, winde heeft
zich reeds kunstig om de rode ballustrade van het stenen trapje geslingerd en wederik
en lavendel beloven binnenkort een feest in geel en mauve. eind
juli zullen purperen en zachtroze hibiscusbloemen hun frêle gezichtjes
wenden naar de zon.
volgend weekend laat poetry international in
rotterdam (ik wil er graag naartoe, maar we moeten gaan stemmen,
jammerjammerjammer...) dichters voordragen in 'verborgen tuinen'.
een van de
dichteressen is de deense ursula andkjær olsen, die in al haar
gedichten geinspireerd is door “green, green – made up of tiny parts, green
– that belongs to no one, green that collapses and rots, green that from a
distance looks lavender and blue and hazy”
in onderstaand gedicht, tuingevoeligheden, dat
ik uit het engels heb vertaald, verwoordt zij die groene weelde, alhoewel er
toch ook wat anders aan de hand is.
het gaat hier over het benoemen van dingen, het geven
van namen...
in deze context: de knoppen, franjes, bloemschermen,
bladeren, bloembollen, peulen en bessen....
het onstaan van de taal.... is de beschaving, de
menselijke communicatie niet opgestart toen mensen de dingen begonnen te
benoemen?
wat een naam heeft, maakt gelukkig, ruist en ritselt,
brengt rust.
maar owee.... dit gedicht begint met een groot
enigma: wat als alles al een naam heeft? ’in een tuin waar alles een
naam heeft is niets mogelijk’.... bedoelt zij: als de dingen af zijn, is
leven onmogelijk????
TUINGEVOELIGHEDEN
de namen zijn
geschreven op tekens/ de groei is hoog en weelderig in
de tuin vindt
alles zijn naam/ vol ingehouden adem
en ruisend
wat zal ik
zeggen in een tuin waar alles een naam heeft
niets?
*
en ook een
andere vraag: wat kan ik zeggen?
rechtvaardigheid
vraagt verbeelding/ vraagt
versiering/
overvloed/ poëzie/ geen
blootstelling/
zodat waarheid overvloed wordt/ het bevestigt vooral wat is
nog eens en
niets anders
*
in een tuin
waar alles een naam heeft is niets mogelijk/ maar
heeft alles een
naam? bestaat die tuin?
in een tuin
waar sommige dingen een naam hebben en andere niet is alles
mogelijk/ alles
wat menselijk mogelijk is
in zo’n tuin
niets niets
menselijks is er vreemd aan hier is juist
naamverdrinking/
naamloos
*
binnen de
omheining/ wat kan ik zeggen
naamverstrengeld
*
ik geef
knoppen, franjes, bloemschermen, bladeren, bloembollen en peulen hun namen om
van hen meer te
genieten en ze te horen ruisen als
zij zijn/ en laat hen mijn neerslachtigheid verbannen
*
een tuin waar ik alles bij zijn eigen naam heb genoemd
waar ik de dingen kan benoemen/ alleen ’s nachts ’s
nachts is
genoeg/ het is een plotselinge zaligheid
hier zal ik mijn naamdorst lessen
*
hier zal ik rusten, de armen verstrengeld
*
waar ik alles bij zijn eigen naam heb genoemd/ alles
dat benoemd
moest worden
en laat de rest maar zijn
een wachtende ritselende plaats/ waarop wacht het ?
waarop wacht het?
over dingen spreken die geen naam hebben
die nochtans zo klein zijn/ of denken aan dingen die
zo slecht zijn dat zij niet langer
een naam hebben/ met ingehouden adem/ niet
toegelaten zijn nog een naam te hebben
zou niets menselijks
vreemd voor me zijn? ik hoop het of anders
hoop ik het niet
*
de overvloed is er altijd/ zelfs al is het een
overvloed
die niemand nodig schijnt te hebben
alles heeft een naam maar
ik zou kunnen aankomen met een heleboel nieuwe namen als ik wou
ik ben alleen wakker zodat
groene waaiers rode kralen sluieren en ontsluieren/
gezonde en ongezonde nacht met torenhoge bliksems
zelfs universele wetten voelen vrij/ nu
klein schildpadschild/ huist in mijn klein schildpad
schild
nu
*
tuinen lijken
menselijker dan
mensen/ met al hun kostuums
de speciale rangorde
*
noch te veel
vrijheid noch te weinig
spreken is zo
menselijk het is als de
sfinxsenlaan/
sprakeloze gezichten/ steenzware meningen niet een
woord over de lippen/ terwijl alle vormen/ de bomen de huizen bloemen en ramen
en de gordijnen
van de buren en de woonkamers daarachter misschien zijn het stille
stille
woonkamers
niemand is onschuldig maar sommigen zijn puur en velen
velen hebben
vleugels
*
maar de
kostuums
zijn deel van de droom dat een deel is van
de werkelijkheid/ daarom is de onversierde als een sfinxs/ als een ding zonder
naam
*
de tuin groeit
dichter en dichter
meer en meer hangend/ vol/ droog
naamverstrengeld is dat allemaal versiering? het is
overvloed/
overdaad/ versiering als versiering onvermijdelijk is/ wat kan ik zeggen?
goedenachtschaduwen
goedenachtschaduwen
de tuin is stil voor het vruchtdragen/ vannacht gaan de namen uit
amsterdam is de meest vrije stad ter
wereld. amsterdam is numero uno op het gebied van levenskwaliteit, het
minumuminkomen is er het hoogst, de democratie is prima geregeld,
persvrijheid het hoogste goed en 27 procent van de amsterdammers voelt
zich vrij om atheïst te zijn.
we hadden op moederdag tickets voor
een reisje amsterdam. vermits ik besloten heb mij naar de toekomst toe minder als een grijze muis te gedragen en mij duchtig te profileren (cogito ergo sum!), publiceer ik op dit bericht toffe foto's van mezelf.
op deze schitterende take, dames en heren, ziet u mij plechtig zitten in de
intercitytrein naar amsterdam: mijn rechterhand is, vind ik, heel mooi en elegant, met die antieke ring en ik doe eerlijk gezegd een beetje giechelig over mijn andere hand, waarvan de vingers grappig boven het leuntafeltje komen piepen...
op deze foto, net voor het uitstappen in amsterdam centraal, werk ik nog even mijn oogschaduw bij, want dat heb ik ook besloten: ik wil voor de rest van mijn leven een superchique dame zijn. niet zo eenvoudig, want door onze levenswijze (wij hebben geen wagen) stappen wij heel veel in weer en wind en dan kan een streepje bleu chatoyant metalisé van bourgeois vlug vervagen...
eigenlijk waren we getipt over de feestelijke uitreiking van de el hizjra-literatuurprijs in het bibliotheektheater 't woord aan de
oosterkade aan de haven van amsterdam. de el hizjra-literatuurprijs is de belangrijkste prijs in nederland
voor literair talent van arabische afkomst. auteurs als mustafa stitou,
abdelkader benali en khalid boudou kwamen in het literaire circuit
terecht via deze prijs.
omdat ik door mijn job in een brusselse
school dagelijks geconfronteerd werd met tieners van buitenlandse
afkomst, die thuis een andere taal spraken dan op school, wou ik het
gehalte aan interculturaliteit van een bepaald deel van de amsterdamse jeugd toetsen aan mijn
eigen ervaringen betreffende het proces van taalverwerving en
integratie. en ik moet zeggen: in amsterdam is multiculturaliteit een
werkelijkheid, incontournable in de samenleving, alle geruchten van mislukking
en het met vreemdelingen te volle nederland ten spijt...
de
stedelijke bib van amsterdam is een reusachtig gebouw van zeven
verdiepingen, met een schitterend moderne architectuur en op het dak een
weids houten terras vanwaar je een panoramisch zicht hebt op de haven. op
dezelfde verdieping bevindt zich ook een restaurant, la place
genoemd.
hier ziet u ondergetekende, duchtig smsjes versturend,
in de prachtige hall van de bibliotheek
het was een interessante en bijwijlen hilarische voorstelling, die uitreiking van de el hizjra-literatuurprijs. op het gevarieerd programma stonden namen als lodewijk asscher (waarnemend burgemeester van amsterdam, die een welkomstwoord sprak), karim eharruyen met zijn band zharbia bedouin, die berbermuziek brachten, een wilde dansdame genaamd laila wiersma die tijdens haar optreden verwoed met appels gooide, marokkaanse bergmuziek door ghaita, enz.. natuurlijk was het voorlezen van teksten en het bekendmaken van de prijzen de hoofdbrok en ik moet zeggen: wat een verrukking!
met plezier zag ik die nederlands-arabische jonge en oude mensen (er waren trouwens winnaars van alle leeftijden!) het podium opdribbelen, met ontroering hun gedichten en verhalen voorlezen en hun prijzen in ontvangst nemen. ik moet hier trouwens een eresaluut brengen aan de olijke presentator mimoun ouleed radi, nederlands acteur bekend van de film shouf shouf habibi, die op een soepele en vrolijke manier de touwtjes van het feestgebeuren in handen hield. maar mijn grootste bewondering gaat naar schrijver khalid boudou, die het beruchte en bejubelde schnitzelparadijs schreef, en die op dit ogenblik meewerkt aan de verfilming van zijn jeugdroman pizzamaffia... khalid boudou was voorzitter van de jury en las op guitige maar erudiete wijze een puik juryverslag voor. boudou is een echte!
hieronder toon ik de bundel het leed van hedda, de verzamelbundel met de geselecteerde teksten, uitgegeven door van gennep*. de titel is ook de titel van het winnende verhaal van souad aabad, in de categorie van 16 tot 25 jaar. er waren trouwens heel veel categorieën: poëzie van 15 tot 18 jaar, van 18 tot 25 jaar en van 25 +. voor proza hetzelfde, dan nog eens alles overgedaan voor teksten in het arabisch en aanmoedigingsprijzen. sommige categorieën hadden dan nog gedeelde (dubbele) prijzen, zodat van de 121 deelnemers er minstens 32 deelnemers een prijsje behaalden... iedereen dus content!
een opvallend feit: ook echte nederlanders (alsof er onechte zouden zijn!), ik bedoel: nederlanders die geen arabische of andere buitenlandse roots hadden, konden meedingen voor een prijs (het publiek was trouwens zelf heel gevarieerd in leeftijd en kleur)... en waarlijk, twee hollandse snotapen sleepten een prijsje in de wacht, dok kunneman met gedichten over de liefde, zijn moeder en de dood, en pieter olde rikkert met een gedicht over de stad. ook een dame met de oerhollandse naam annemieke bergman schreef een verhaal, de kinderbijslagmeisjes en danielle dürst britt zegde: schilder mij...
een literatuurwedstrijd voor auteurs met een arabische achtergrond als opstapje voor beginnend nederlands talent? zou bij ons ook moeten kunnen. want sinds onze vlaamse minister van cultuur joke schauvliege
literaire subsidies aan kleine literaire groepen en tijdschriften heeft afgeschaft, zijn er weer enige opstapjes minder voor schoorvoetende debutanten. tja, haar argument is dat alleen 'professionelen' de moeite waard zijn in deze tijden van crisis. maar hoe kun je nu onmiddellijk professioneel bezig zijn als je eerst geen inlooptijd krijgt??? lees-en schrijfgroepen en andere kleinschalige literaire projecten zijn een kweekvijver voor talent. zo ook bovenstaande literatuurprijs. in vlaanderen zal het nog jaren duren voor een gezond intercultureel project als de el hizjra-litratuurprijs van start gaat*...
in een wereld waarin de interculturaliteit evenwichtig en menswaardig is uitgebalanceerd (en ook hier zal binnen tien jaar 30 procent van de bevolking van vreemde afkomst zijn) zou eigenlijk geen el hizjra-prijs moeten bestaan, gewoon: literaire prijzen. want is niet iedereen die in nederland woont eerst en vooral nederlander, zoals mijn lieve schoonbroer (schitterend vertaler, in tweespan met kees nijland, van arabische poëzie met wie ik op onderstaande foto vrolijk klink) met klem beweert, en dan maar pas afkomstig uit....
tot besluit citeer ik hier een strofe van een gedicht van bilal elkourafiti, dat hij in het arabisch schreef in de beste arabische traditie (met wijdlopende verzen) en waarmee hij een glorieuze tweede prijs behaalde:
laten we elkaar ontmoeten als twee zielen luchtig in waarvan wij houden en wat ons beweegt we lopen op het trottoir om onze wandeling van gisteren af te maken ik vind het heel prettig als zij haar hoofd omdraait om te denken en mij vergeet als ik afwezig ben een vlinder lacht om wat komt
* HET LEED VAN HEDDA, DE WINNAARS VAN DE EL HIZJRA LITERATUURPRIJS 2O1O, UITGEVERIJ VAN GENNEP, AMSTERDAM, 2O1O * lees ook het schitterend artikel van
Tom Van Imschoot op http://www.urbanmag.be/artikel/1467/naar-een-vlaamse-minderheidsliteratuur
in het beginhof van diest werd tegelijk met literatuur op zondag (zie bericht van 5 april 2010) een kleine antiquariaat-boekenbeurs ingericht. ik zag daar dat oude wenskaarten van het interbellum aan 2 euro het stuk werden verkocht en ook schafte ik mij voor 50 cent een licht vergroende (want de kaft was oorspronkeliijk bloesemgroen) dichtbundel van pablo neruda aan, de vijftiende zang uit zijn canto general, ik ben ( yo soy)*.
pablo neruda schreef dit meesterwerk begin vorige eeuw. vannacht las ik het eerste gedicht en ik was weer eens voldaan. weg met mijn schuldvraag van: wat lees ik weer voorbijgestreefde poëzie en ben ik dan zelf zo'n kwakkel geworden dat ik hier in mijn warme bedje lig te genieten van de poëzie van dode dichters, in het trendy literaire wereldje hoogstwaarschijnlijk niet meer modieus???
maar pablo neruda is grandioos. daarom pen ik, net als james ensor, teksten die ik knap vind over in mijn schriftje, mijn eigen leuke blog, mijn literair dagboek après la lettre... wie weet reproduceer ik binnenkort een gelijksoortige radieuze tekst over wat ik het eerst zag, want ook mijn jeugd speelde zich af van station tot station...
De grens (1904)
Het eerste wat ik zag waren
bomen, ravijnen
met wilde bloemen getooid, wilde schoonheid,
vochtig gebied, bossen die ontvlamden,
en de winter achter de wereld, onmetelijk.
Mijn kindertijd: natte schoenen, geknakte stammen
geveld in het woud, door kevers verslonden,
overwoekerd doorlianen,
zoete dagen boven de haver
en de goudblonde baard
van mijn vader die vertrekt
naar de majesteit van
de spoorwegmaatschappij.
Voor
mijn huis groef het zuidpoolwater
diepe paden, poelen van duister leem
’s zomers veranderd in gele atmosfeer
waardoor de karren huilden en kraakten,
zwanger van negen maanden koren.
Vluchtige zon van het Zuiden:
stoppels, rookwolken
boven wegen van scharlaken aarde, oevers
van rivieren met uitgeholde bedding,
hoenderhoven
en paardeweien
waar de middaghoning schitterde.
De stoffige wereld kwam trede voor
trede
de schuren binnen, tussen tonnen en touwen.
naar graanzolders vol met de rode
oogst
van de hazelaar, al de oogleden van het
bos.
Het leek alsof zij in haar
hete
zomerdracht opsteeg
met de dorsmachines,
langs hellingen, op de
met struiken geverniste aarde,
rechtop tussen de
eiken, onuitwisbaar,
klevend aan de wielen
als vermorzeld vlees.
Mijn jeugd reisde van station tot
station: tussen
de rails,kastelen van nieuw hout,
mijn huis zonder stad, nauwelijks
beschut
door vee en appelbomen met onbeschrijfelijke
geur,
liep ik, tengere jongen; mijn bleke
gestalte
werd doordrongen van verlaten
bossen en pakhuizen
vol graan.
* Pablo Neruda, Canto General, IK BEN, VIJFTIENDE ZANG, Masereelfonds Poëzie,1981, Gent
2010 is het ensorjaar in oostende. wij
hadden gratis kaarten voor de tentoonstelling bij ensor op bezoek
in mu.zee. gisteren dus om halfelf de trein op, het was zonnig en fris,
ideaal wandelweer. maar aan zee waaide het heftig en in de schaduw was
het barkoud. toch waren de bloesems reeds van de partij. hieronder een take van me (ik poseer werkelijk) in het leopoldpark.
gelukkig bood het mu.zee beschutting, de tentoonstelling in de romestraat was een aangename en (ver)warm(d)e intro voor
ons maandeljks oostends uitstapje. want wij zijn gek op oostende, onze
liefste badstad...
heb mij altijd afgevraagd of ik nu wel hield
van james ensor, van zijn maskers, zijn skeletten (hierbij een grappige aankleding van een doodshoofd)
Ooit waren wij iemand anders.
Vin Diesel in ‘The
Chronicles of Riddick’(2004)
zijn stillevens met
schelpen, zijn intrede van christus in brussel en zijn burleske
spelletjes en parades betreffende leven en dood... feit is dat mu.zee wel een mooie tentoonstelling heeft
opgebouwd rond deze gevierde en beruchte kunstenaar, zo met afwisselend moderne crèmekleurige zetels en oude tapijten en meubeltjes en
installaties met oude witzwarte en sepia foto's en snuisterijen en
brocante uit de belle-époque, verspreid over de zalen van de eerste étage
van het gebouw... op de achtergrond oude muziek en het geruis van het
afspelen van authentieke filmpjes over oostende in de belle-époque, die
je in mysterieuze salonnetjes terzijde kon bekijken.
in het blauwe
salon (dat zo genoemd werd naar het authentieke blauwe salon in het
ensorhuis) hangt een reuzengroot wandtapijt. een imitatie van de
oorspronkelijke intrede van christus in brussel, een doek (2,5 m. op
4.3m) geschilderd in 1889 en dat nu in het getty museum in los angeles
hangt. dit meesterwerk licht schitterend op in het mu.zee, een
feest voor het oog. maar ik vertoefde met graagte in het literaire
salon, waar ik las dat ensor fragmenten van zijn geliefkoosde auteurs in
schirftjes overpende... in vitrines heel oude fragiele exemplaren van
boeken uit ensors bibliotheek, ik lees zelfs de datum 1903 op de
voorpagina van een van de boekjes...
maar in een betreffende uitgave van knack* lees ik net een artikel, geselecteerd uit ensors biografie*, waarin zijn raadselachtige relaties met enige dames wat nader worden belicht. tja, ensor keek, fantaseerde en schreef over vrouwen, maar ze konden hem niet echt over de streep halen. de auteur van dit artikel vergat echter te vermelden dat ensor toch ook schitterende vrouwenportretten schilderde. wij fotografeerden stefanie in het wit, een dame aan het ochtendtoilet en de oestereetster.
en helemaal onderaan ziet u een surrealistische foto van een dame die uit het oorspronkelijke raam van ensors atelier naar buiten kijkt. mooi, toch?
* KNACK EXTRA, 2de jaargang 2, 5 februari 2010,
België -ISBN 0772-3210
* Eric Min, James Ensor. Een biografie, Meulenhof/Manteau, 2008
joseph haydn werd geboren in 1732 en stierf in 1809. dimitri verhulst werd
geboren in 1972 en is nog niet dood. toch hebben die twee blijkbaar iets met
elkaar, want het literaire wondersnotjong reist sinds november vorig jaar door
het vlaamse land met een heerlijk literair-muzikaal programma: zeven sonates
van haydn gebracht door het ensor strijkkwartet* met als sublieme
tussendoortjes (of is het net andersom?) zeven verhalen over leven en dood, geschreven
en voorgelezen door dimitri himself*.
hij trad op in meise, lier, koksijde,
evergem, bierbeek, borgerhout, kraainem, willebroek, bree, evere, rekem,
mechelen, waasmunster, heusden-zolder, leuven, wilrijk, bonheiden en
wij woonden de laatste performance bij in het begijnhof van diest, toepasselijk op paasdag 2010, 4
april 2010. eergisteren dus.
twee dingen vond ik wonderlijk: verhulst die zich een bijbelse thematiek (de
zeven laatste woorden van christus) eigen maakt en de optredens in duidelijk kleinere
culturele centra. niet in de vooruit in gent, niet in bozar in brussel, niet in
de antwerpse bourla. goed zo, optreden voor grote zalen lijkt misschien
spectaculair, maar een viertallig strijkkwartet en een literaire wonderboy
smaak je toch beter in de intiemere sfeer van kleine zalen...
ondertussen las ik in een interview dat het kerkelijke verhaal, ondanks zijn evolutie naar een breder humanisme, hem
(dimitri) niet zo vreemd is: zoals wij allemaal ging hij als kindnaar de mis en op zijn kostschool werden zelfs nog
latijnse missen gelezen.ik moet zeggen
dat die bevreemdende latijnse titels boven dimitri's verhalen me wel iets doen:
pater, dimitte illis, non enim sciunt, quid faciunt(vader, vergeef het hun want zij weten niet wat zij doen) amen dico tibi: hodie mecum eris in paradiso, (voorwaar ik zeg u, heden nog zult gij bij mij zijn in het paradijs)mulier, ecce filius tuus, et tu, ecce mater tua (vrouw, ziedaar uw zoon, zoon, ziedaar uw moeder) eli, eli, lama asabthani? (mijn god, waarom hebt gij mij verlaten?) sitio(ik heb dorst)consumatum est
(het is volbracht)pater! in manus tuas commendo spiritum meum.
(vader, in uw handen beveel ik mijn geest)
.
van de zeven schitterende verhalen wil ik vooral
het tweede verhaal onthouden (over een illegaal die als verstekeling op een
boot naar engeland wil geraken), omdat er heerljk poëtischepassages over de
zee in voorkomen, het vierde verhaal (over de vrouw die haar gewelddadige man
verlaat), heerlijke story, en het verhaal over de levensloop van een man die,
op het ogenblik dat hij aan de barbecue worsten bakt, plots tot de ontdekking
komt dat het leven meer is dan dat... ik herinner me niet meer of dit het
laatste of voorlaatste of voorvoorlaatste verhaal is, maar de inhoud herinner
ik me des te meer, dimitri was zowaar grappig en las zijn teksten voor op
meesterlijke wijze, met omfloerste, laag gehouden stem...)
.
ach, het is toch wat met die plechtige latijnse taal, het
is toch wat met dimitri, het is toch wat met de godsdiensten… maarde schrijver dimitri
verhulst heeft me volledig over de streep getrokken: mijn mening dat hij niet
vriendelijk is voor vrouwen doet er niet meer toe, hij is een fantastisch
verhalenschrijver en als figuur vind ik hem ook leuk: dat boleroke, dat
donkerroze hemd, die vettig-leuke warrige kop met brutaal jongensachtig bakkes,
haha...
.
op paasmaandag gingen n. en ik trouwens nog naar een
religieus
geïnspireerde film in cinéma arenberg, brussel.
titel van de film: hadewijch.
hieronder een prachtige foto + wat uitleg:
Hadewijch
Bruno Dumont
2009 . FRANKRIJK . MET JULIE SOKOLOWSKI, KARL SARAFIDIS,
YASSINE SALIME - 1U45 - FRANS OV NL OND.
Geschokt
door het extatische en blinde geloof van de novice Hadewijch, zet
moeder overste haar aan de deur. Hadewijch wordt weer Céline, een jonge
Parisienne en dochter van een diplomaat. Door haar hartstochtelijke
liefde voor God, haar woede en haar ontmoeting met Yassine en Nassir
balanceert Céline tussen genade en waanzin en bewandelt ze gevaarlijke
wegen.
(Toronto International Film Festival -
Prijs van de internationale kritiek FIPRESCI)
.
ach, wat een verrassing: wij dachten een supererotische film te zien (jaja,
een nonnetje dat buitengegooid wordt in het klooster en bevriend raakt met
arabieren…). maar wat kregen we echt te zien? een film over de waan van de godsdienstige
extase, die kan leiden naar extreme handelingen (hadewijch wordt vaag betrokken
in een aanslag). wij kwamen tot het besef dat godsdiensten allemaal eenzelfde gezicht hebben. in het beste
geval biedt godsdienst troost, orde en ascese, in het slechtste geval is
godsdienst een open riool naar domheid en extremisme..
wij waren vooral in de wolken over de respectvolle manier waarop vriendje yassine
zijn parijse petite amie bejegent, eens iets anders dan de raaskallende
verhalen over 'de onderdrukking van de
vrouw in de islam' zoals dat tegenwoordig in elk schandaalbericht over de islam wordt benadrukt....
.
besluit: ons paasweekend was weer eens heel tof. vooral het etentje in het café-restaurant van het begijnhof van diest (terwijl het buiten pijpenstelen regende, heel stemmig) zal me bijblijven.
op de muren van dit druk bezochte resto heel grappige gezegden over begijntjes, zoals:
Alle baten helpen zei de begijn, en zij
roerde heure pap met een naalde..
de ontbijttafel dekken wij zoveel mogelijk van de avond tevoren en ook de koffie is op de timer gezet, zodat ik 's ochtends direct aan tafel kan gaan om te smullen van boterkhammekes met bosbessenjam en choco en een sneeuwwitte petit suisse met vloeibare acaciahoning. als de koffie nog niet helemaal doorgelopen is pers ik nog een bloedsinaasappel, feest compleet!
meestal ontbijt ik alleen (zalig!) want ben een uitgesproken ochtendmens, mijn huisgenoten doen net andersom: zij slapen 's morgens uit. zodoende zit ik hier op deze zaterdagochtend weer te tokkelen dat het een lust is, wil veel zeggen en vooral van alles tegelijk.
al een tijdje geleden hoor, dat ik nog mijn blog heb gebruikt. ik zeg wel degelijk: gebruikt. mijn blog is een soort dagboek dat ik vooral voor mezelf bijhou, om dingen die mij raken neer te schrijven, maar ook als oefening om een behoorlijk schrijfélan te bewaren.
want schrijven is bewegen, als je niet beweegt word je stram en oud en dat geldt dus ook voor het schrijven. heb al gemerkt dat mijn stijl langdradig en landerig wordt als ik een tijdje stil lig. daarna moet ik schrappen en nog eens schrappen om behoorlijke zinnen op papier te krijgen.
.
tja, wat een wintereinde is dit geweest. in de maand februari heel veel gedroomd, heel veel op dromensites gedurfd. verleden woensdag in de yoga van de vriendelijke godelieve nog enkele adressen van dromensites gekregen, gevonden in het wetenschappelijk tijdschrift EOS (april 2010, nr 4). ik noteer ze hier onmiddellijk, zodat ik ze niet kwijtraak...
www.dreambank.net
www.dreamresearch.net
www.allesoverdromen.nl (goede nederlandstalige informatie over slaap en dromen van de universiteit van utrecht)
ik noteer mijn dromen en wil enkele dromenverhalen schrijven, daarom.
.
in het fraaie magazine victoire, horend bij de krant le soir, een artikel gelezen over de franse kunstenares orlan. was onmiddellijk verkocht, wou haar tentoonstelling orlan remix in ter kameren zien, gisteren was het de laatste dag. maar owee: een verstuikte wijsteen en een afgerukt douchegordijn gooiden roet in het eten. gisterennamiddag dus, na een sessie voltarenmassage, voorzichtig naar de gamma om dat steeds neervallend douchegordijn te vervangen door een glazen badwand.
toch publiceer ik hier de nota's die ik over orlan heb opgetekend, want zij is een bijzondere dame...
V als orlan
orlan remix is een kortfilm die een sequentie uit clair de femme van costa-gavras remixt, waarin yves montand, aan een toog hangend, aan japanners vraagt: est-ce que vous êtes belge? een racistisch mopje, dat uiteindelijk resulteert in een anti-racistisch manifest.
orlan heeft deze beelden gemengd met beelden van huidcellen, haar eigen huidcellen en ook cellen van anonieme lichamen. tegen het dagdagelijks racisme antwoordt ze: hybridons-nous.
de metafoor die dit gezegde omsluit, is de mantel van harlekiijn. de mozaïek van de diamantvormige lapjes, naast de beelden van cellen van verschillende kleuren en origines, die meestal verkocht worden als openlijke raciale identificaties.
dezelfde mozaïek versiert de opblaasbare limousine (van een bruidspaar?) in gigantische afmetingen, op het einde van het filmpje en ook als installatie in ter kameren zichtbaar. de wagen heeft superafmetingen, zoals ook onze dromen over luxe, uiterlijk en sociale erkenning,
racisme wordt in onze maatschappij dagelijks gevoed door dromen van uitsluiting en het bewaren van de gefantaseerde raciale puurheid.
maar ik geloof niet in het versterken van nationalismen, zegt orlan, maar in de vermenging...
tussendoor hebben wij het al een paar dagen over het incident met benno barnard in de universiteit van antwerpen.
de jongelui die luidop hun ongenoegen over de lezing van benno barnard leve god, weg met allah hebben geuit hebben hoogstwaarschijnlijk net het omgkeerde bereikt van wat ze eigenlijk wilden: protesteren tegen de negatieve kritiek van benno, omtrent de islam. benno staat nu in het zonnetje, hij werd zelfs al uitgenodigd bij de zuinig sprekende phara.
waarom hebben de veiligheidsdiensten de oproerkraaiers niet gewoon uit de zaal verwijderd, zodat de lezing toch kon doorgaan? ook vind ik het onethisch dat een universiteit (toch een intellectueel hoogstaand instituut) ook niet (en waarom niet in debat) een tegenpartij uitgenodigt: iemand die gespecialiseerd is in islamkunde en die bedaard en op academisch niveau de wellicht onjuiste of onvolledige stellingen van schrijver benno barnard op wetenschappelijke en intrinsieke wijze kan weerleggen.
want een schrijver die zich aan niet onderlegde en tendensieuze kritiek waagt, om het even of het nu over godsdienstige, wetenschappelijke of politieke kwesties gaat, zit goed fout. schrijvers produceren literatuur en misschien is het best dat zij zich aan de literaire canon houden, de rest wordt uiteindeljk een lachertje, of is misschien zelfs gevaarlijk.
.
hoe dan ook: de geboorte van de lente is dit jaar niet zonder schokken en stoten gebeurd. ik vergeet nog het afschuwelijke treinongeluk in buizingen te vermelden: een event dat mij ook weken heeft verlamd. verontwaardigd was ik, dat ons veiligheidssysteem op de spoorwegen niet werkte. de echte verantwoordeklijken voor zoveel ellende verdienen de strop! ik correspondeerde over dit treinongluk met rose en schreef een gedicht:
lieve rose
je laatste mailtje heeft mijn man weer, ijverig als hij is, in een of
andere map weggemoffeld, maar ik herinner me duidelijk wat je schreef,
over mensenleed dat op dit ogenblik belangrijker was dan
dierengedichten en waarover ik zou (kunnen, moeten?) schrijven...
gisteren zijn we overrompeld: telefoontjes, smsjes, mails.. familie van
ahid, vriendinnen van natasja, kennissen, ze wilden allemaal weten of
we er niet bij waren... zo'n treinramp is natuurlijk
sensatoneel....
zelf was ik onder de indruk van die kille witheid, het beeld van mensen
die aan de kant zaten in dekens gewikkeld... en van de man die een
vrouw, een kind (het lichaampje in zijn armen, in een deken gewikkeld,
had lange, zwierig-donkere haren...) schommelend over de gladde sporen
droeg. ook was ik een beetje verontwaardigd: de eerste uitspraak van de
burgemeester .... een politieke positionering: dit was provinciale
materie...
en inge vervotte die bitsig respect opeiste voor het parket, dat zijn
werk moest doen.... die rommel, allemaal, in plaats van medeleven te
tonen voor de slachtoffers, die bloedend rondstrompelden... ook heb ik
even gelachen: mibnister vn binnenlandse rampen turtelboom versprak zich
bijna, zij vond het nodig eerst
de natio(correctie: identiteit) van de slachtoffers te achterhalen..
en daarachter, onzichtbaar bijna, het individuele leed van zij die
gekwetst zijn, zij die een dierbare verloren in dat vreselijke
ongeluk...
ik ben geen ramptoerist, maar misschien zit hier wel een historisch gedicht
of verhaal in...
mvg
nicole
ontbijt met sneeuw
opgedragen aan de hoogzwangere suzan demirci ((27)
uit quaregnon,
slachtoffer van de treinramp in buizingen, 15 februari
2010
.
op de trein ontbijt zij met sneeuw.
witte chocolade, acaciathee. hoelang nog
voor zij verandert in melk, in honing?
de sneeuwkoningin. zij smaakt naar bleke bechamel,
bearnaise, ijsgratin in de ochtend. yoghurtbol
uit kazakstan met gesmolten suiker.
de
karamelserail.
.
hoe konden deze wrede splinters
van staal
haar plots op deze
wijze omarmen?
hoe kon dit koele
vensterglas, dit ijzeren
gaatjesrooster, dit
armplankje van zilver
haar blijven zoenen
tot in de oneindigheid?
de
gsmshandtassensjaaltjesbrillen
wintermutsenportemonneesboterhammendozen
zij pletten haar
poriën tot zichtbaar bloed.
.
zij zochten haar, de
ijskoningin.
lag zij tussen de rode
lichamen op de bermen?
lag zij op de sporen,
tussen de kiezels?
zij sliep vloeibaar
tussen puin.
het gruis bedekte haar
openingen, haar schreeuwmond.
tijd voor een nieuw bericht. het is nog putteke
winter. vandaag voorspellen de weerorakels sneeuwbuien en andere
nattigheid. sinds ik nieuwe zevenmijlslaarzen heb gekocht bij new joseph (in de solden), durf ik onvervaard stappen over modderhoopjes sneeuw en gladde ijsplekken. in de ochtend hoor ik vaag vogels zingen. het is nog
te vroeg natuurlijk, maar toch: voor even een splintertje lente... voorts
vind ik dit een toffe tijd: ik lees elke avond prachtige pagina's. het
stapeltje boeken naast mijn bed groeit zienderogen.... een paar dagen
geleden stuurde mark meekers* me (gratis!) zijn nieuwe dichtbundel land van stand.
mooi, fragiel klein boekje met krachtige, weelderige verzen. hou ik van!
zondag
naar oostende gereisd, het was prettig wandelweer, de zee in mooie
diepgrijze schakeringen met witte schuimpjes. de lucht tintte waarempel
blauw. het was lekker koud, beetje winderig zelfs. we waren gekleed in onze dikste winterjassen...
heel blij was ik, dat we nog op de valreep charlotte mutsaers' tentoonstelling in de venetiaanse galerijen(aangespoeld met pen en penseel) hebben
kunnen zien, het was de laatste dag. leuke madame, die charlotte. a.
had onmiddellijk een reeks schilderijtjes uitgepikt waarop je telkens
een dame kon zien met een konijnenhoofdje. ze stond mysterieus in de
deuropening van een kamer - of kwam ze juist de living binnen?
in de standaard boekhandel vond ik de nieuwe dichtbundel hier van wislawa szymborska* (als altijd is deze dame even spits en geestig!) en ook kocht a. mij een mooi rood boekje met als titel: ontbijt op bed, liefdesgedichten van een zekere marc pairon*.
wat een ontdekking! zo'n vlot leesbare, prettige en ingenieuze verzen
had ik al lang niet meer gelezen. ook had die marc pairon een volkomen
eigen stijl, zo met korte, heftige zinnentjes met veel punten en
witruimtes. vreemd, van die marc had ik nog nooit gehoord....natuurlijk
zocht ik algauw info over deze dichter op internet. en oeps! naar het
schijnt is marc pairon de best verkopende vlaamse dichter van dit
ogenblik....
hoho, vaag begon mijn enthousiasme te temperen als
ik lucht kreeg van de promotiemachine achter marc pairon. ook zjn
levensbeschrijving deed me even de wenkbrauwen fronsen... een jonge
kerel die op vijftienjarige leeftijd aan een jarenlang zwerversbestaan
begint en die nu een curriculum presenteert als designer, uitgever van
luxueuze kunstboeken en andere spectaculaire ouvrages? een dichter met
een literiar agent (adres genoteerd!), die zijn boekjes laat uitgeven
door de charles catteau-stichting (klinkt prestigieus!) en een dikke
vriend is van nic van bruggen, een ouwe rakker die mede met enkele
andere kornuiten in 1972 de dichtersgroep de pink poets* oprichtte??
ach,
ondertussen weten we wel dat in de literatuur veel kan en mag, gelukkig
maar. desondanks kijk ik, na alle weetjes en anekdotes over een
schrijver/dichter, daarna opnieuw en met ongestoord frisse blik naar de
regels op het papier. marc pairon bevalt me. zijn prozagedichten
bijvoorbeeld graven diep, alhoewel... het geheel laat toch een heel lichte, dus makkeljk leesbare indruk na.
onmiddellijk bedenk ik, of
ik zelf zo'n luchtige, pittige gedichten zou kunnen schrijven.
liefdesgedichten betreffende jonge minnaars bijvoorbeeld. want marc
pairon, geboren in 1959 (hij is dus 51!) schrijft duidelijk niet over
prachtige, volrijpe vrouwen. zijn liefdesobjecten zijn, heb ik zo de
indruk, jong en fragiel. getuige daarvan zijn erotisch woordgebruik!
zijn verzen wemelen van (verklein)woorden als malse billetjes, bips, lijfjes, onschuld, glimlachjes, mondjes, tepeltjes.... desondanks toch heel vertederende verzen....
marc pairon overdrijft echter met zijn stoppunten (bijvoorbeeld in verzen als: Vaardig zal ik zijn. Met het verwennen. Als een ontbijt op bed. Bekwaam. Met het tot stand brengen. Van onze scheppIng.) en zijn taal doet me daardoor af en toe aan sos-taal of aan rappers denken. spelenderwijs heb ik een gedicht van marc pairon (zie p.
83), gewoon door het weglaten van (4!) verkleinvormen en (9!)
hoofdletters, omgewerkt tot een 'rijpere', meer 'gewone' of 'vloeiende'
tekst:
ik verzamel/ het langzaam/ van je lijf/ hoe je op
wolken loopt/ ik verzamel/ het brak van je tranen/ in conserveblikken/
ik verzamel de windstilte van je hart/ bij mijn weersvoorspellingen/ ik
verzamel jou/ in het plakboek/ van trots.
zo wordt dit misschien ook een (grappig?) gedicht voor oudere dames, cougars included....
* Mark Meekers, Land van Stand, een op vraag van de Provincie geschreven gedichten over Vlaams-Brabant, ter gelegenheid van Gedichtendag 2010. * Wislawa Szymborska: Hier. Vertaald door Karol Lesman, De Geus, 2009. * Marc Pairon: http://www.marcpairon.com/nl/indepers.htm * Charles Catteau (1880-1966), de meest veelzijdige
keramisch kunstenaar van zijn generatie, schiep als ontwerper, leraar,
chemicus en artistiek directeur een uitzonderlijk oeuvre. *De Pink Poets, een dichtersgenootschap dat in 1972 was opgericht door Patrick Conrad en Nic van Bruggen, en zich met taalgerichte, neoromantische en experimentele poëzie afzette tegen het nieuw-realisme.
ondanks mijn voornemen alleen mijn felle en levendige dromen van de laatste dagen (weken) te noteren*, wil ik in dit bericht eerst mijn indrukken kwijt omtrent de voorstelling 'het kind van de smid' van en door josse de pauw in de kvs verleden zondag.
kon mij absoluut niet voorstellen waarover dit stuk zou gaan, had opzettelijk geen info opgezocht omtrent inhoud en vorm. groot was mijn verbazing op de scène een grote tafel te zien, met daarachter vier acteurs met hun boekskes: frank vercruyssen, willy thomas, josé verheire en josse de pauw zelf. oeps! het zou dus geen echt theaterspel worden met spannende interactie, ingenieuze enscenering en decoreffecten, maar gewoon een lezing! op een groot scherm zagen wij een tekst geprojecteerd in het frans, tegelijk met de krachtige wit-zwart tekeningen van beeldend kunstenaar koenraad tinel.
ach! na amper een paar minuten luisteren werden we ingepakt: het verhaal kende zijn gelijke niet. een schitterend avontuurlijk epos over een ierse migrant, die een paar eeuwen geleden naar amerika trok, met een indiaanse huwde en twee zonen opvoedde. de eerste zoon van de indiaanse vrouw sacajaweja had eigenljk een canadese vader, werd door 'de smid' (want dat was het beroep van de ier) geadopteerd en groeide op samen met zijn halfbroer.
de jongste zoon trekt naar ierland en komt door een samenloop van omstandigheden in een strafkolonie in australië terecht, waar hij een hele tijd noodgedwongen verblijft. hij slaagt er echter in te ontsnappen. terug in amerika zwerft hij van reservaat naar reservaat, op zoek naar zijn ondertussen blind geworden halfbroer.. . via het leven van deze twee personages schetst de auteur (josse de pauw zelf) de geschiedenis van de exploratie van de
noordwestelijke amerikaanse gebieden en het contact met de indiaanse
stammen, de hongersnood in ierland en de (straf)kolonisering van australië.
2.
verhalen... nu, het verhaal zelf van om het even welk theaterstuk, om het even welk gedicht, om het even welke roman of literaire thriller, is altijd het eerste wat wordt verteld en misschien het enige wat bijblijft. alles is verhaal. maar nog intrigerender vind ik bij een voorstelling de connotaties daaromtrent. had josse de pauw de tekst zelf geschreven of niet? blijkbaar wel, hij inspireerde zich op een roman van robert hughes * over de geschiedenis van australie. waar kunnen we die tekst terugvinden? wie waren de acteurs, wie maakte de tekeningen?
en ach, hoe was de sfeer in de zaal, in brussel, die bewuste zondag 10 januari 2010?
daarom schrijf ik dit bericht. ik wil me de sneeuw herinneren, de pittige kou en mijn voorzichtig schuifelen door de lakense straat, de fantastische muziek in café congo, de heerlijke koffie met een jeneverke en de plattekaastaart met speculoos, (te) vlug verorberd bij het wachten vooraf. en dan zag ik, onopvallend bijna, josse de pauw door het café drentelen. ach, hoe gewoon zien acteurs er uit als ze niet spelen of in functie zijn, ik heb zelfs de indruk dat ze dan een grijze muis willen zijn. het publiek de vijand. ook vond ik josse oud.
maar wat een acteur. wat een stem! en hoe prachtig beschrijft hij de natuur, passages die de gruwel even doen vergeten, zodat wij, het publiek, kunnen ademhalen bij een verhaal dat ons ademloos maakt. bravo...
* sinds 1994, schrijf ik, soms sporadisch, op andere momenten heel trouw en systematisch, mijn dromen op...
* HUGHES, ROBERT De fatale kust, Amsterdam, Uitgeverij Balans, 1989
de eerste sneeuw is reeds verdwenen, de korte maar heftige winterprik van een paar dagen voor kerst behoort al tot de verleden tijd. maar ik vond het heerlijk bij mijn ronkend kacheltje te zitten en dromend naar al dat wit buiten te staren....
ondertussen heb ik mijn oude dichtbundels overgetypt en ik plaats ze bij deze op mijn blog. foei! in mijn eerste bundel zette ik nog een punt na elke titel... ach, in mijn vroegere gedichten was ik zeker niet consequent bij het gebruiken van leestekens... maar geen nood: nu heb ik de gedichten altijd bij me. vond het wel een vreemde ervaring mijn vroeger werk over te typen..
blij ben ik dat ik me dit jaar heel bewust bevrijd heb van wat ik 'invloeden' (maatschappelijke, literaire, spirituele, ideologische...) noem. ik wou me losmaken van de zienswijzen door anderen opgedrongen en opnieuw op zoek gaan naar mezelf.
ik zeg tegen iedereen dat ik in niets meer geloof. alhoewel deze attitude misschien bij sommigen als beangstigend overkomt, voel ik mij heel licht...
hieronder drie wintergedichten, 1 uit elk van mijn bundels.
3 november
het is ijskoud in deze kamer.
ik ga een eindje
in de mist wandelen.
mijn gevoelens van ongenoegen
doen verdwijnen door twee sneetjes brood te eten
van het merk wonder.
wat gouda kaas, een potje fruit,
en een hap hollandse verkade chocola
met vulling van hazelnoten, rozijnen en amandelen.
het jaar 2009 is bijna ten einde. ondanks het verrukkelijke sneeuwtapijt (eindelijk een witte kerst?), de glitterlichtjes in mijn huiskamer, mijn ronkend oeroud godin-kacheltje (dat ik net nog een beetje opgepookt heb, lekker ouderwets) en de pittige kou buiten voel ik me vreemd te moede: een nieuw woord gonst door mijn hoofdje, het woord hybride, ik sta ermee op en ga ermee slapen.
ik las een paar dagen geleden dat we nog nooit zo'n hybride tijd hadden meegemaakt als nu. door de globalisering ligt werkeljk bijna alles (?) binnen ons bereik. maar wat betekent hybride? als je op google dit woord intikt, kom je bij sites terecht waarbij men het heeft over hybride wagens, auto's dus, of ook wel bij tuinsites waarbij prachtige hybride bloemen- en plantensoorten (als aarbeien, tomaten, hamamelis, belladonna..) worden voorgesteld en geloofd om hun veranderende eigenschappen, bekomen door kruising van soorten.
hybride komt van het oudgrieks en betekent eigenlijk nauwe vermenging van ongelijksoortige zaken. hybride betekent dus gemixt. er bestaan hybride aandrijfsystemen, hybride hypotheken, hybride fokvarkens enz. enz. hybride is dus een fusie van systemen en eigenschappen, om te komen tot iets nieuws en beters... ik denk ook aan de term fusion, in de keuken, waarbij gerechten en ingedriënten uit de hele wereld worden samengesmolten tot een schitterend nieuw geheel. mmmmm...
maar het gevoel dat ik al een hele tijd meedraag en mijn eigen particuliere doelstelling van de laatste maanden (jaren?) is juist die extreme mix proberen uit te schakelen en te streven naar soberheid. omdat ik in mijn leven te veel mix heb en te weinig eenvoud. ik vond en vind mijn leven tot nu toe
ontzettend veelzijdig, te veelzijdig. ben dit jaar dus ook enorm bezig
geweest met loslaten, omdat ik heel naïef (en misschien zelfs
romantisch) naar een vorm van eenheid en harmonie streef.
2.
maar toch: is mijn streven naar zgn. zuiverheid en authenticiteit niet een beetje belachelijk? is mijn hybride levens- en denkwijze nu echt een reden tot paniek? ach, zelfs politiek vind ik mezelf niet helemaal zuiver: alhoewel ik van mezelf denk dat ik een groenlinkse instelling heb, betrap ik mezelf op hopen kritische bedenkingen op dit soort uitgangspunt en vind ik vertegenwoordigers van andere partijen soms schatjes. de nauwe vermenging van ongelijksoortige zaken (ideeën) is een politiek feit. het resultaat van de top in kopenhagen zegt genoeg. dit overmoedig megagebeuren (dat ongetwijfeld tonnen euro's gekost heeft) eindigt zoals ik het had vermoed: met een hybride opstellling van de grootmachten als amerika en china en zonder zuivere concrete doelstellingen.
ik schreef onlangs nog naar anne, mijn groene vriendin, toen we het hadden over de non-believers: de waarheid ligt altijd een beetje in het midden en de natuur is vrij, wie zijn wij om de natuur te willen bedwingen? trouwens, de groene revolutie zal er een van de basis zijn of zal niet zijn; de grootmachten kunnen beslissen wat ze willen, het zijn de kleine mensen die het leven groen zullen maken of niet. sober leven doe je zelf, niet in opdracht. zuinigheid is een basisgegeven en overdaad schaadt.
ach, ik moet eerlijk bekennen dat ik het niet weet: is het zo dat wij allen op straat moeten komen, megarellen moeten veroorzaken om de groten ervan te overtuigen een andere taal te spreken? moeten we de chinezen, het topgroeiland dat duidelijk niet in het verhaal meewil, muilkorven???? mooie woorden allemaal, maar hoe gaan jij en ik daarbij te werk? dat is mij een volkomen raadsel. ik heb trouwens al een hele tijd geleden voor mezelf beslist, dat ik liever een gedichtenbundel lees dan mee te stappen in een betoging. het gevoel van machtige samenhorigheid dat je krijgt als je meeloopt in zo'n massa heb ik niet nodig: wil me eigenlijk niet meer binden. nu ik eindeljk een beetje vrijheid en rust heb, zou ik wel knettergek zijn om me weer te engageren in een 'massamovement'. en natuurlijk ben ik ook wat te oud geworden voor dat soort verhalen....
3.
het woord hybride is wonderlijk genoeg ook verwant met het begrip hybris, overmoed. in het oudgriekse klassieke oertoneel een van de basisthema's. ik surfte op het woord hybris en oeps! ik kwam per ongeluk bij de romeinse dichter catullus* terecht, die in zijn beroemde imitatie van een gedicht van sappho* het begrip 'gelijk aan god' nuanceert (zie vers 2) , want hij was zich sterk bewust dat zich gelijkstellen aan de goden gevaarlijk was. ik plak hieronder de twee schitterende liefdesgedichten: catullus neemt bijna letterlijk de versie van sappho over (naar het schijnt was hij echt verliefd op de beroemde lesbische dichteres) maar voegt er een veelbesproken strofe aan toe, die me toch weer aan het denken zet: ijdelheid en nietsdoen zouden de oorzaak van alle kwaad zijn...
Sappho
Fragment 31
He seems to me the peer of gods, that man who sits and faces you, close by you hearing your sweet voice speaking,
and your sexy laugh, which just this moment makes the heart quake in my breast: for every time I briefly glance towards you, then I lose all power of further speech.
My tongue is smashed; at once a film of fire runs underneath my skin; no image shapes before my eyes; my ears are whining like a whirling top;
cold sweat pours down me, and in every part shuddering grips me; I am paler than summer grass, and seem to myself to need little to make me die.
Gaius Valerius Catullus
Carmen 51
This man seems to be an equal of the gods.
This man, if it is right, appears to surpass the gods:
He who, sitting opposite you,
gazes at you and listens to your
sweet laughter again and again. Those things
from my misery snatch my senses: indeed,
the instant I look at you, Lesbia,
nothing of my voice is left in my mouth.
My tongue is tied, a thin flame of love
flows down through my limbs,
my ears ring with their own sound and
my eyes are covered with the twin night.
Catullus, leisure for you is troublesome:
In leisure do you rejoice and delight too much:
Leisure has, in the past, ruined kings and beautiful cities.
4.
besluit: laten we het leven gewoon liefhebben zoals het zich aandient. niet overmoedig denken en willen dat veel ineens zal en kan veranderen.
en genieten van kleine verrukkelijke momenten: een heerlijke kop zwarte thee drinken met een kruidenmix van kaneel, cacao en caramel en daarna in de gouden ketting op de grote markt in halle snoepen van een bord italiaanse ham met rucola, gedroogde tomaatjes en mozarella. tegelijk nippen van een heerlijk glaasje witte wijn, even een oester meepikken van ahids bord. 's avonds lekker in bed verbouwereerd een verrukkelijk historisch boekje lezen met als titel: mémoires d'un eunuque dans la cité interdite van de chinese historicus dan shi, specialist van de qing-dynastie, de keizerlijke familie die aan de macht was net voor de revolutie van 1912..
en vanmorgen, terwijl het buiten weer zachtjes is beginnen sneeuwen, dit stukje schrijven en deze momenten uit mijn superhybride (westers, oosters, grieks, italiaans, oesterlijks, groen, hals enz) leventje proberen te bewaren voor altijd...
* Published in Love Shook My Senses. Lesbian Love Poems, ed.
Gillian Spraggs, London, The Women’s Press, 1998. A slightly different version
was published previously in What Lesbians Do In Books ed. Elaine Hobby
and Chris White, London, the Women's Press, 1991
* DAN SHI, MEMOIRES D'UN EUNUQUE DANS LA CITE INTERDITE, Editions Philippe Picquier, 1995, MAS DE VERT, 13200 Arles
woeps! eindelijk een beetje slaapcomfort! het wegdek van
de auguste de maeghtlaan,
mijn straat, is nu volledig gerenoveerd. twee weken lang, van 21 uur 's avonds
tot 5 uur in de ochtend, werden wij uit onze slaap gehouden door het enerverend
geluid van motoren, drilboren, het gutsen en storten van asfalt op de baan, het
geroep en getier van de werklui... met alle respect voor die stoere kikkers (je
moet het maar doen, 's nachts, in weer en wind, met de voortdurende stank van
het warme asfalt in je neus, banen herstellen en witte strepen trekken), maar
zelf heb ik de indruk uit een draaiende mallemolen ontsnapt te zijn.
ben dus mijn getergde zenuwen weer de baas. ik zal geen reuzeplasticbox met berlijnse bollen of berlinerbollen zoals ze genoemd worden
in de reclamefolder van carrefour (3.75 euro per 6 stuks, 4 +2 gratis) meer
ondersteboven op de grond laten vallen tijdens mijn boodschappensessie in de
GB. ik heb geen vreemde droombeelden meer, midden op de dag (mijn lieve moeder die me drie heel jonge oranje
poesjes schenkt en/ of een ongelooflijk wederintreden van mezelf in de halse
politiek, waarbij ik plots naast yves leterme in de zetel zit)....
mijn hoofd is niet
langer een vreemd aquarium met springvissen en luchtbellen en plastic zeewier
en nepkoraal, maar mijn eigen hoofd zoals het altijd is geweest: vol woorden en
zinnen en gedachten en flitsende emotionele esbattementen.
2.
daarnet een mail gekregen van rose vandewalle, over de uitgave van een nieuwe
dichtbundel:
‘Langs beide oevers van de Maas’, een bundel die
verscheen in het kader van ‘De scheiding der Limburgen’, 175 jaar geleden.
Vlaamse en Nederlandse dichters (zoals Emma Crebolder, Frits Criens, Richard
Steegmans, Quirien van Haelen, Fred Papenhove, Joris Iven, Leo Vroman, Henk van
Zuiden) laten hun poëtisch licht schijnen over de provincie(s). Samenstelling:
Hannie Rouweler
bij een uitgeverij met de toffe naam 'kleinnood & grootzeer'*
rose vandewalle is al jarenlang,
samen met françois vermeulen,
de gedegen redactrice van het internettijdschrift voor poëzie genaamd stroom, dat jammer genoeg met het
decembernummer 35 aan zijn laatste uitgave toe is. rose vandewalle behoort ook
tot een vriendinnengroepje van talentvolle schrijfsters uit het antwerpse
milieu, vrouwen die mekaar door dik en dun steunen en solidair en geduldig
elkaars pennenvruchten lezen en waarderen. af en toe heb ik het geluk met deze
dames te kunnen afspreken: ik ontmoet ze op een boekvoorstelling, een
vernissage, een poëzieavond, een etentje....
wij hebben het
dikwijls over het door mannen overheerste literaire wereldje, waar je (net
zoals in andere sectoren van de samenleving) als vrouw heel hard moet vechten
om aan je trekken te komen... haha, ondertussen hebben wij onze feministische
militante stellingname bijgesteld, want ach ja, achter elke man schuilt een sterke,
liefhebbende vrouw, maar mannen zijn soms toch ook wel erg lief...
3.
in het laatste nummer van stroom
lees ik met genoegen een behoorlijk gestoffeerde bijdrage* van rose over de in
juli 2009 overleden antwerpse dichter marcel
van maele. waarom krijg ik, altijd als ik deze woorden
en zinnen lees en herlees, het beeld van een penseeltrek, breed geborsteld
bij de aanvang en licht uitlopend naar het einde toe, of van een
inktvlek die op een zachte ondergrond (een tissue, een tafelkleedje) openvloeit tot een onwaarschijnlijk mooi motief????
vroeger zou ik hebben gezegd: dit komt omdat deze tekst op gracieuze wijze door een vrouw
geschreven is. nu kijk ik naar de structuur, de opbouw van items, de
argumenten en punten en ja: rose begint haar ding op een originele
manier, ze valt pardoes met de deur (of misschien, om in vrouwelijke
termen te spreken: met de fraaie
draperie, de schitterende vitrage, de stijlvolle ornamentiek) in
huis en refereert reeds in de titel naar een cyclus gedichten van mvm, verschenen
in de poëziekrant eind
2008. daarna, over enige waarderende paragrafen betreffende de
mooie uitvaart van mvm heen en na een citaat komende uit de prachtige
begrafenisrede door roger m.j. de
neef, komt rose vandewalle tot haar punt: het mooie gedicht 'zon van de nacht', dat marcel schreef
voor zijn vrouw carine en dat
eindigt met de versregels 'als ik verzink
in uw gedachten/ hou me dan vast/ vanbinnen'….
carine lampens
ontmoette mvm toen zij 30 was. een jonge vrouw die verliefd wordt op een man,
meer dan twintig jaar ouder. een vertrouwd beeld, de soort relatie die
maatschappelijk volledig wordt aanvaard. vooral: marcel is een
succesvol dichter en beeldend kunstenaar uit de antwerpse artistieke scène - en
misschien wel, in zijn persoonlijke entourage, een charmante man. maar
ik wil hier geen cynisch esbattement opstarten over liefdesgeschiedenissen,
amourettes en andere affaires (voorgaande benamingen over de liefde zijn al
oneerbiedig genoeg, ik heb mij trouwens het recht ontzegd om ook nog maar 1
opmerking te maken over het privé-leven van anderen, ondertussen zijn wij
vreedzaam geworden, gelijkmoedig, zacht en sereen...) want die piste is te
dwaas om ook maar woorden aan te verspillen.
marcel was al
slechtziend toen hij carine ontmoette, op het einde van ziin leven was hij
volledig blind. carine stond hem al die jaren bij (daarvoor verdient zij niet
alleen mooie liefdesgedichten, maar een standbeeld!) en vertelt in een
vertederend betoog aan rose hoe marcel, ondanks zijn zware handicap, koppig
zichzelf bleef en verder werkte aan zijn artistiek project. zijn beperking
loste hij op door beroep te doen op andere mechanismen, zoals het inspreken van
zijn teksten op bandrecorder. ik heb ze beiden eens bezig gezien, tijdens een
optreden in de zaal KAVA en schreef hierover een badinerend stukje:
In het zaaltje was het om vijftien uur poëzievoordracht met onder andere
Marcel van Maele en Joke van Leeuwen. Marcel van Maele, daar heb ik in zijn (en
mijn) jonge jaren nog mee bovenop een Leuvense kachel (die natuurlijk niet aan
was) gezeten, in een of andere artiestenkroeg. Hij vertelde me toen over de
oorlog in Korea, waar hij aan deelgenomen had. Nu was Marcel van
Maele ondertussen blind geworden, maar hij was nog steeds artistiek bezig. Ook
gedichten schrijven deed hij, hij las ze voor met een cassette en oordopjes. Ik
denk dat hij zijn gedichten bij voorbaat op cassette zet en ze dan afspeelt
tijdens de voordracht en ze tegelijk luidop zegt. Een ingewikkelde manier van
doen, maar toch heb ik bewondering voor Marcel, dat hij blind zijnde nog zoveel
energie wil steken in kunst. Zijn gedichten gingen over de plicht die de jicht
zou zijn van het geweten, over waarden en waardinnen en over de duivel die op het
raam zou roffelen en ook heeft hij gedichten over heksen. Originele gedichten,
zeg ik, ze deden me een beetje aan sprookjes denken. Maar ik vind dat Marcel
iets zou moeten doen aan de vreemde fluistertoon waarop hij spreekt, dat
fluisteren van hem maakt van zijn gedichten fluitstergedichten en dat is jammer
voor zo’n groot dichter, dat hij zo fluistert.
oorspronkelijk
had ik fluiten geschreven i.p.v. fluisteren,
nu vind ik de toon van mijn zin een beetje oneerbiedig (alhoewel marcel
werkelijk een beetje fluitend voordroeg) en ach, ik wil niet verder afdwalen.
terug naar rose en haar (t)issue. ik kan rose volledig bijtreden in haar keuze van
citaten over mvm, waarbij ze werkelijk to
the point een verfijnde (karakter)schets maakt van marcel, als
kunstenaar en als mens. hoe hij burgerlijke gehoorzaamheid hekelt, zgn.
logische verbanden minacht en hoe zijn verbeelding hem over de verbittering en
het zelfgenoegzaam fatalisme heen helpt - al bij al heel lovenswaardig - en ik
heb het hier ook over rose, die deze attitude schitterend belicht. zelf ben ik in de
wolken over de in deze bijdrage opgenomen poëtische pastiche van guido gezelle,bevlogen en bevangen, waarin marcel de
zoetgevooisde poëzie van gezelle op charmante wijze parodieert. als toetje
refereert rose dan nog naar een gedicht over james ensor en zijn uitbeelding van de menselijke
maskarade en dat ragfijn eindigt op deze versregels:
Onder een grijze lucht die grauwer wordt
een schijn van licht dat langzaam donkert
en de vreugde onder een vlies van blauw
verdriet en lauwe dauw
rose weet blijkbaar als geen ander dat een commentaar over een dichter als
mvm op deze wijze afronden veelzeggender is dan om het even welke schitterende
retorische eindzin. zij beëindigt haar tekst met een elegante penseeltrek, die
uitloopt op een heel fijne, bijna transparante, ogenschijnlijk op niets
uitlopende punt.
wat dan volgt is de zachte witruimte.
subliem.
* http://www.kleinood-en-grootzeer.com/
* http://users.telenet.be/francois.vermeulen1/Stroom.htm
* 'Dat
men met volle handen geen vlinders vangen kan'
woeps! heb
een tijdje op de homepage van karen
maitland* vertoefd. toffe dame, die karen. zij heeft een eigen
website, waarop zij haar boeken presenteert ( o.a. de splinternieuwe The Mandrake's Taleen The Falcons of Ice and Fire).en ook vertelt over haar grote
passie voor middeleeuwse mythen en legenden. zij werkt aan een index met uitleg
over middeleeuwse begrippen, woorden, uitdrukkingen, omschrijvingen en daar
horen ook recepten bij!
waw!
eigenlijk een fantastisch concept: bij elk boek een recept... onlangs las ik
dat iemand een literaire wijnbar had geopend,. bij elke exclusieve wijnsoort
zocht de barkeeper een boek uit (in de aanwezige rijk gevulde boekenvoorraad in
het café) voor zijn klanten....a. zegt dat met zo'n concept geen geld te
verdienen valt en zeker niet in halle. natuurlijk, natuurlijk.... maar toch
vind ik het een knalidee: een gerecht uitzoeken dat past bij mijn hoofdkussenboek (= het boek dat ik
net bezig ben met lezen) en het dan ook klaarmaken. zo wordt het plezier
totaaaaal...deze week plaatste karen een recept dat zij comfort food for cold days - and every daynoemten dat volgens mij perfect past bij het gezelschap van leugenaars....zie
vorig bericht....
de titel van het recept is in oud engels en voor ons onverstaanbaar, maar
het is gewoon een eenvoudig receptje voor hutsepot. ik geef hier de
oorspronkelijk engelse versie en daarna de eigen vertaling:
Lange wortys de chare
- A form of pottage. Pottage was the main meal eaten
in the Middle Ages by wealthy and poor alike. There were lots of variations
depending on whether it was a flesh (meat-day) or Lenten and fish day.
* 1lb shin beef
* 2 leeks
* 2 onions
* 2 stick celery
* Quarter of firm cabbage
* Salt & pepper
* Beef or vegetable stock
* 4 oz
stale white breadcrumbs
* Few strands of saffron
Cut meat into small pieces. Add the meat to 2 pints
of stock, bring to the boil, cover and stew until tender.
Meanwhile chop vegetables into large pieces and boil in separate pan for ten
minutes. When beef is ready add the vegetables together with a little of the
water they were cooked in. Continue simmer until vegetables are soft. Add breadcrumbs, saffron and seasonings, bring back to the boil and cook for 2
- 3 minutes before serving.
Lange wortys
de chare
- Een soort stoofschotel of hutsepot. Hutsepot was de
voornaamste maaltijd in de middeleeuwen, zowel bij de armen als de rijken. Er
waren vele varianten, naargelang het een vleesdag was, een vastendag of een
visdag.
* 1 pond
(= 453
g) rundsvlees (schenkel)
* 2 preistengels
* 2 uien
* 2 selderijstelen
* Een kwart stevige kool
* Zout en peper
* Vlees- of groentebouillon
* 4
ounces (1
ounce = 28,35
g) oudbakken brood
* Enkele lijntjes saffraan
Snijdt het vlees in kleine brokken. Giet er twee pinten (1
pint = 0,568 l)
boullion over, breng tot het kookpunt, bedek en stoof het vlees tot het zacht
wordt.
Ondertussen de groenten hakken in grote stukken en
gedurende 10 minuten koken in een afzonderlijke pot. Als het vlees gaar is, de
groenten bijvoegen met een beetje kookvocht, verder laten stoven op een klein
vuurtje tot de groenten gaar zijn. Broodkruimels, saffraan en kruiden toevoegen, opnieuw
tot het kookpunt brengen (2 tot 3 minuten). Opdienen.
argh! het gaat slecht met mijn slaaptijd. sinds enkele dagen sta ik om 4 uur in de ochtend op, voel me dan fris als een kippetje. na een total breakfast in pyjama ben ik dan klaar om de dag te beginnen.... maar om wat te doen? daarstraks heb ik reeds een hoofdstuk uit een semi-trashie historische roman gelezen: het gezelschap van leugenaars, van karen maitland. een mysterieuze pageturnerthriller over de pest in engeland in 1348. daarna heb ik heb een deur afgewassen, mijn nieuwe kleren van bij cora kemperman nog eens gepast (de zwarte tulen rok kan op 3 hoogten gedragen worden, de sweater op drie manieren gedrapeerd. I adore this.. ). haha, heb het dus erg druk vanaf wolftijd, maar straks, zo rond de middag, zal ik een onwaarschijnlijke drang voelen om terug in bed te kruipen...
2.
ondertussen werk ik verder aan een klein project: wil mijn drie vorige dichtbundels in deze blog opslaan, zo heb ik ze altijd bij de hand. wel een vreemde ervaring, dat overtypen van meer dan 30 jaar oude teksten. soms denk ik: ik rond hiermee mijn 'carriere' van dichteres af, want ik word oud. maar neen: ondertussen heb ik nog twee bundels en een manuscript in de maak, en ook nog minstens drie verhalen in embryonale vorm. maar ik laat ze wijselijk rijpen tot ik het goede moment aankomt om ermee naar buiten te treden. soms twijfel ik of het in deze tijden nog verantwoord is een boekje uit te geven, want is het niet beter, met de uitvinding van e-books, niet alle literatuur op internet uit te geven??? maar ach, van uitgeverij meulenhoff net deze mail gekregen, over een recente literaire (papieren) uitgave, waarbij jonge schrijvers het idee dat boeken verouderd zijn volledig ontkrachten:
print is dead 'De wereld staat op zijn kop. In de vier
windstreken woedt er een zelden geziene crisis. Her en der wordt het
einde der tijden afgekondigd, het einde van de welvaartsstaat, vaarwel
luxe, calme et volupté. Kranten verdwijnen, weekbladen krimpen, de
rokken worden weer langer en ook de literatuur komt er, zo lijkt het,
bekaaid af. Want wordt er nog wel geschreven? En is zo’n papieren boek
niet hopeloos verouderd? In Print is dead komen 21 jonge schrijvers en schrijfsters aan het woord die de onheilsprofeten de mond snoeren. Het plezier van het schrijven staat voorop. Ja, literatuur heeft nog
wat te zeggen. En nee, het boek is nog niet dood. Om dit alles kracht
bij te zetten wordt het omslag van Print is dead gezeefdrukt en met de hand van stempels voorzien. Elk exemplaar van deze unieke bloemlezing is uniek..
3.
toch ook nog even een paar woorden over een film die ik net heb gezien: de helaasheid der dingen, dé film van felix van groeningen op basis van de roman van dimitri verhulst. reeds meer dan een half miljoen mensen hebben deze film gezien, maar hebben deze meer dan een half miljoen mensen zich wel eens afgevraagd: tja wat is nu het punt???
een soort lompe verheerlijking van mannelijke viriliteit? de vrouwelijke personages in deze film zijn maar sukkels! de schrijver maakt zijn vriendin zwanger en laat ze daarna stikken - niet bepaald een vrouwvriendeljk thema, zou ik zo zeggen. ach wat, zal het boek van dimitri dus zeker niet nalezen....
* Karen Maitland, Het gezelschap van leugenaars, Uitg. De Vliegende Hollander, mei 2009 * Print is dead, verschijningsdatum:
12/11/2009, uitgegeven door: Meulenhoff /Manteau
bezig zijn met taal is een bastion
tegen verveling en een middel om gelukkig te zijn met mezelf, zonder
bijkomende stimuli. louter geestelijk en emotioneel genot, dat dan nog
intenser wordt als ik dan per toeval iemand ontmoet die ook bezorgd is
om bijvoorbeeld.... de puntkomma. ik ga danprompt op zoek naar alle aspecten van dit fenomeen, lees teksten na louter en
alleen, haha, om mij af te vragen waarom de puntkomma daar staat en wat
de gevolgen daarvan zijn betreffende tekstbegrip en -interpretatie...
nog beter: ik ben er elke dag meer van overetuigd een juist
gebruik van leestekens een tekst levendiger maakt en waarachtiger overkomt.
een
komma, een punt, een dubbele punt: iedereen weet waar en wanneeer zo'n
leesteken kan worden gebruikt. een komma gebruik je om
even te pauseren, een punt gebruik je aan het einde van een zin. een
dubbele punt kondigt aan dat je uitleg gaat geven of een opsomming
maakt. maar een puntkomma? is een puntkomma een mengvorm van een punt
en een komma, of is een puntkomma een dubbele punt afgezwakt door een
komma, of nog wat anders????
na een mini-zoektocht op internet
kwam ik tot het besluit, dat het weer allemaal niet zo helder en
duidelijk is en dat een kommapunt soms gewoon door een komma, een punt,
een dubbele punt of een gedachtenstreepje kan vervangen worden...
yeah, daar gaan we weer....
hieronder in vogelvlucht mijn notities, met voorbeelden...
* Een kommapunt is een combi van een (dubbele) punt met een komma. Gebruik
je dus om even adem te halen, want wat daarna komt is een hele rits woorden,
opsommingen, uitleg, bedenkingen..
* Een kommapunt gebruik je tussen samengekoppelde zinnen, ze geeft dan een
langere pauze aan dan de komma. in dit geval kan er meestal evengoed een punt
staan.
Over de tuin hangt een late, vale
klaarte; het licht schijnt uit de dingen zelf te stralen.
*Een kommapunt gebruik je tussen gelijkwaardige bijzinnen:
We vermoeden dat die avond de
botsing komen zou; dat geen macht op aarde de twee broeders nog beletten kon,
elkaar te vernietigen; dat we allen laf zouden zijn.
* Er is veel onzekerheid bij het
gebruik van de kommapunt. dikwijls zijn samengekoppelde zinnen slechts door een
komma gescheiden
Kom mee naar de kermis, het is
daar prettig.
* Gebruik echter een kommapunt,
als er reeds komma's staan in de samengekoppelde zinnen:
Wat hij ook doet, alles slaat hem
tegen; hij is een echte ongeluksvogel.
* Een puntkomma gebruikt worden om zowel enige scheiding aan te geven als de
delen enigszins bij elkaar te betrekken. Het nadeel van veelvuldig gebruik van
de puntkomma is dat een tekst erg drammerig over kan komen en een voordeel is
dat door gematigd gebruik ervan een tekst wat meer gaat leven en eventueel
kilheid verliest.
Iedereen is welkom op mijn
verjaardag; ik hoop echter dat mijn neef Piet wegblijft.
* De
puntkomma wordt ook gebruikt in puntsgewijze opsommingen.
mijn finaal besluit: ik denk dat een kommapunt een uiteindelijkheid, een soort eindpunt bij een opsomming of een uitleg accentueert.
en nu genoeg theorie (heel even waande ik me weer een slimme docente!). ik wil dit bericht eindigen met een voorbeeld uit de wereld van de poëzie; een fragment uit een gedicht van elma van haren, uit haar nieuwe bundel flitsleemte*. de aandachtige lezer zal de puntkomma wel hebben opgemerkt. deze puntkomma geeft overduidelijk een scheiding aan, evenals een link naar... en een uiteindelijkheid...
de dichteres maneuvreert ons handig van een fait-divers (de brand) naar een indiansummerdroombeeld (de late vlinder op de tafelrand). en uiteindelijk, in het laatste vers, flitst zij ons de ruimte in (nog nooit lag het leven zo opgelegd) na een ingenieuze opsomming van (ik heb het nageteld) minstens 10 items.
de puntkomma vervangt hier een zee van woorden en verdicht de tekst tot een spannende scène, mooi...
het zijn okerdonkere dagen met diepblauwe luchten, de was in één middag droog, de verwarming kan uit. het zijn de hoogtijdagen vol hoop en genade, euforisch kloppend in een uitwaaierend najaar. terwijl in een belendend pand de rookwolken uitslaan en de vlammende brand wordt geblust door een uitzinnige brandweer, wordt deze kop op de razende voet gevolgd via moderne communicatie; arcadisch verbeeld door een vlinder hier op de rand van de tafel, waaraan wij koffiedrinken midden op een te warme dag eind november. nog nooit lag het leven zo opengelegd.
* elma van haren, flitsleemte, uitg. de harmonie, 2009
beleef ik vlagen van zinsverbijstering? is het echt waar dat ik mij weer bezighou met onbenulligheden (daarnet stuurde ik naar 12 vrienden en vriendinnen een e-mail: lakshmi for good fortune... lakshimi is een hindu-godin die gelinkt is aan voorspoed, als je haar eert komt het geld naar je toegerold...) wablief, wablief???
en de laatse tijd peins ik me een ongeluk over...(en ik geloof dat iedereen dit nu wel weet, want ik praat er zelfs luidop over tewijl ik dingen doe, koken enzo...) leestekens. wat ze doen in een tekst. ik weet: er bestaat een manier van schrijven, zonder punten of komma's die monologue intérieur,stream of conscousness, of gewoongedachtenstroomtechniek wordt genoemd, waarbij je je gedachten de vrije loop geeft en zomaar zinnen en woorden na mekaar opschrijft zonder aan de syntaxis te denken. heel aanlokkelijk, het effect is grandioos.
maar toch: leestekens doen een tekst ademen, pulseren, bewegen, ordenen, stilworden en openstellen voor wat (daarna) komt..
argh! wat een omweg maak ik weer (leuter, leuter,leuter....) om te komen tot het onderwerp van dit bericht, een zeer bijzonder leesteken: namelijk de puntkomma.
toch ga ik niets schrappen. hier volgt mijn uiteenzetting, verspreid over 2 berichten (dus, geachte dames en heren, deze in omgekeerde volgorde lezen...) zoals ik ze een paar dagen geleden was begonnen en gisteren wou afmaken. maar ik moest plots afhaken ....door het onverwachte bezoek van mijn chinese vrienden, een echtpaar dat en paar jaar geleden een takeawayrestootje had vlak aan de overkant van mijn straat....
de puntkomma, haha
in het gewone leven - en ik bedoel hiermee de interactie tussen gewone mensen, zij die niet zo intens met taal bezig zijn als schrijffanaten (auteurs, journalisten, vertalers, copywriters, leerkrachten enz...) maakt niemand zich zorgen om leestekens en zeker niet om een puntkomma. in de gesproken taal bestaan geen leestekens (stel je voor dat iedereen tijdens het spreken komma's en punten en dubbele punten en haakjes en gedachtenstreepjes en puntkomma's in de lucht tekent...) en deze taal wordt hoe dan ook door het merendeel van de mensen als enige taalvorm gebezigd.
zij die lezen, beroepsmatig of voor hun plezier (kranten, tijdschriften, brochures, verslagen, e-mails..) zijn dan nog dikwijls weinig opmerkzaam omtrent het wel of niet correct gebruiken van leestekens en als deze bleekbeige raven (want de witte, dat zijn zij die literatuur verorberen, haha!) de pen ter hand nemen of op de pc beginnen tokkelen, zijn zij zich niet echt bewust van dit taalmiddel en schrijven of foutief hortende zinnen of onvolledige zinnen of ellenlange zinnen zonder komma's, gedachtenstreepjes of ... puntkomma's.
want belangrijk is wat ze willen meedelen, de vorm is totaal ondergeschikt aan de inhoud.
bovenstaande stelling, die ik hier om 4u44 's nachts (mijn geest denkt dat het het kwart voor zes is, nog geen wintertijd) uit de mouwen van mijn seringenkleurige pyjama schudt, is natuurlijk met een korreltje zout te nemen, want hoogstwaarschijnlijk zijn er meer mensen die zorgvuldig met taal omgaan dan ik vooropstel. maar blijkbaar leef ik, mede door mijn statuut van zestiger, in een omgeving waar bekommernissen om taal niet (meer) aan de orde van de dag zijn, want tja, waar praat je over met leeftijds- en lotsgenoten? over bobokes (ik bedoel daarmee lichamelijke ongemakken en ziektes), over tv-programma's, over witse, over kleinkinderen, over busreizen naar spanje, over eenzaamheid, over stuklopende vriendschapsrelaties... small talk dus.
in het beste geval spreken mijn vrienden en vriendinnen over een goed concert of een tentoonstelling die ze hebben bijgewoond, of over een fantastisch toneelstuk zoals the broken circle breakdown featurig the cover-ups of alabama van compagnie cecilia (zag ik eergisteren in de kvs) of over een nieuwe dans, de apollo swing*, een dansstijl overgenomen uit de jaren twintig en nu weer in de mode.
zelf ben ik, na al die jaren, (gelukkig, of jammer genoeg?) nog elke dag met taal bezig. ik luister altijd heel intens naar wat mensen zeggen, lees wat ze schrijven en observeer daarbij intonatie, stiltes, ritme, toon, stijl, klankzuiverheid... jaja, beroepsmisvorming, zegt u, ok, ok, ok... maar toch heel boeiend, want inherent aan de meest menselijke expressievorm die taal nu eenmaal is en voor mij dus een stimulans om te denken, te voelen, te bewegen, aandacht te schenken....
* Lakshmi (Sanskrit: लक्ष्मीlakṣmī, Hindi pronunciation: [ˈləkʂ.miː]) is the Hindugoddess of wealth, prosperity, light, wisdom, fortune, fertility, generosity and courage; and the embodiment of beauty, grace and charm.
heb daarnet nog enige pagina's herlezen uit goed oud van diana athill, op dit moment zeker mijn lievelingsboek. met haar wijze en waardige uitspraken reikt diana mij ultieme referentiepunten aan die helpen een positieve kijk op de wereld te behouden. vooral nu het herfst wordt (maar eigenljk, eigenlijk... ben ik dol op dit seizoen!) en mensen rondom mij het blijkbaar moeilijk krijgen en slechtgeluimd hun negatieve vibes ventileren...
ok, het wordt kouder, we hokken weer bij mekaar in superverwarmde huiskamers, cafés, cinema's en theaterzalen, we werken door onze tics en chagrijnige ego-avonturen mekaar een beetje op de zenuwen. we worden oud, hebben pijnlijke spierkrampen, rugklachten en snotverkoudheden en we verwensen alles en nog wat... en iedereen gaat weer eens voor de zoveelste keer dood...
maar oud worden en doodgaan behoort tot de levenscyclus, zegt diana athill terecht. zij put daarbij heel veel kracht uit haar omgang met jonge mensen:
het is wellicht niet verrassend dat we makkelijk in een algemeen gevoel van pessimisme glijden, maar het is erg saai en het maakt die akelige laatste jaren nog akeliger. terwijl er mensen zijn die binnen en buiten ons bewustzijn voorbijschieten, die nog aan het begin staan en voor wie de jaren voor hen nog lang en vol zijn van weet ik wat. dat herinnert ons eraan - sterker nog, stelt ons in staat weer te voelen - dat we niet alleen stippels zijn aan het eind van dunne zwarte lijnen die zich richting het niets verplaatsen, maar onderdeel zijn van een brede, veelkleurige rivier die wemelt van ontstaan, ontwikkeling, verval, een nieuw begin - dat we daar nog steeds deel van uitmaken en dat onze dood er deel van uitmaakt, net zoals de jeugd.... ; dus zolang we nog steeds toegerust zijn om dit te zien moeten we onze tijd niet verspillen met mopperen.
omgaan met jonge mensen helpen ons deze notie vast te houden, zegt diana, zij fungeren als een spiegel en verschaffen ons door hun dolle capriolen een nuttig tegenwicht tegen de minder aangename elementen van het ouder worden.
als je oud bent en een lief kind je aankijkt alsof hij of zij denkt (zelfs al is dat ten onrechte) dat je wijs en slim bent: wees gezegend! het is niet zo dat een vluchtige glimp van jezelf je op wat voor blijvende manier dan ook in een wijs en aardig iemand omtovert; het is meer als een goede sessie reflexologie waarbij je je, hoewel het niks geneest, terwijl het gaande is en ook nog de uren daarna een beter mens voelt, en alleen al dat gevoel is absoluut de moeite waard...
haha, zelf heb ik door mijn fantastische job het immense geluk gehad heel veel om te gaan met jongelui. ik denk dat mijn veerkracht zelfs steunt op mijn herinneringen daaraan. het is zelfs zo dat ik, ahum, af en toe nog de gedaante van een puber aanneem... gisteren bijvoorbeeld knipte ik uit het tijdschrift elle een foto van het engelse model agyness deyn, want ik wou naar de kapper en dit keer moest en zou ik een kapsel krijgen à la agyness, zo een beetje naar de hoogte gewaxt.
en waarempel, het lukte nog ook, ben dit keer grenzeloos tevreden en het kapstertje verkocht mij prompt een doosje heerlijk geurende wax, waar ik de volgende dagen gretig gebruik van ga maken...
naschrift: haha! het schrijfbeest loopt als gesmeerd, zou ik zeggen. sta al opnieuw op de zevende plaats in de rangschikkig van de literatuurblogs op seniorennet. mijn volgend bericht zal gaan over.... de puntkomma, want op dit leesteken maakte mij onlangs een schrijfvriendje attent. ik speur nu in alle teksten obsessioneel naar puntkomma's en vraag mij telkens af waarom ze daar worden gebruikt... hierboven staan ook puntkomma's, waar? waar? waar? rara..
zaterdag in leuven een afspraak met een groepje oudleerlingen van een
brusselse school waar ik bijna een jaar lang (van 10-10-69 tot 30-06-70, ik was
toen 23, zalige leeftijd)...heb lesgegeven: het
koninklijk atheneum van sint-pieters-woluwe. de eerste
oudleerlingen die ik in de tiense straat ontmoette waren twee schattige
tweelingzussen, de zusjes van keymeulen.
pittige verzorgde dametjes van midden in de vijftig, alletwee met hetzelfde
kapsel en nog altijd dezelfde leuke manier van lachen en bewegen. terwijl we stonden te wachten op de anderen, kwamen de tongen los en de eerste verhalen
wasemden door de lucht: wie van de school ze nog kenden, waar ze woonden, wat
ze deden, of ze getrouwd waren of werkten of niet werkten en of ze allang dood
waren... oef! zoveel oudleerlingen en collega's waren al echt
dood, ik vond dit wel een beetje schokkend, heel eng. er was zelfs een verhaal
over de moord op jacqueline, hun klasgenote die nota bene door haar eigen echtgenoot om het leven was
gebracht en ook het verhaal over ines,
die clocharde was geworden trof mij recht in het hart!
maar toen we allen (we waren met zevenen!) aan tafel zaten en genoten van ons koninckske werden nog meer namen
genoemd en ach, ook succesverhalen werden uit de mouw geschud. zoals het
verhaal van de schitterende claude
perignon*, die de grote baas was geworden van thomas cook reizen en nu overgestapt was naar tui.
geert was een keurige landmeter geworden en de vriendelijke en warmhartige ludo, was nu docent aan een hogeschool voor
journalistiek in hasselt. hij had trouwens in de krant gestaan omdat hij nog
elke dag naar zijn werk fietste...
en ach, in die tijden waren het nog echte winters, met heel veel sneeuw.
getuige daarven de anekdotes van de guitige huguette
van dormael, die van wal stak met een hilarisch verhaal van toen zij en nog enkele andere sloebers voor de grap een sneeuwman midden in de
klas hadden gemaakt. ook was er het verhaal over de leerkracht, die net met een
pak examens onder de arm van achter de hoek kwam aangedrenteld en die ze per
abuis met sneeuwballen hadden bekogeld en alhoewel er sneeuw achter zijn bril
zat was die niet afgevallen! huguette had trouwens iets met sneeuw, vond ik,
want was haar zoon ivan niet
naar de noordpool getrokken, heel stoer en avontuurlijk en op zijn eentje????
haha, de stemming zat er goed in, mijn oudleerlingen (die eigenlijk maar enkele
jaren jonger waren dan ikzelf, ik gaf toen nederlands in laatste jaar
middelbaar!) haalden herinneringen op en ik had het gevoel dat er iets moois
aan het groeien was daar in dat cafeetje in leuven... ik moest jammer genoeg
reeds om zeven uur weg, de dames en heren bestelden juist een lekkere steak en
alhoewel ik zin had om mee te eten heb ik het maar niet gedaan: had al met n. die
middag frietjes met stoofvlees gegeten. deze winter wil ik het absoluut sober
houden, gedaan met het bourgondische slempen, ik wil ayurvedische thee
drinken en mijn yogaoefeningen doen....!
ik wil hier besluiten en met een leuke opmerking van de zusjes van keymeulen én
met een gedicht dat ik in die jaren geschreven heb*, ik weet niet meer of het
omtrent dIe school in sint- pieters-woluwe ging of omtrent het atheneum van etterbeek, maar ik vind het toepasselijk voor hoe ik me toen voelde..
1. opmerking: naar het schijnt was ik toen te mager, ik droeg mini-rokjes en laarzen en gebreide mutsjes en vlechten, ik was de hippie-juf, waw....
2. gedicht
10 maart
ik heb vandaag
goede lessen gegeven
mijn kamer opgeruimd
afgestoft (de boekenrekken, het tuintafeltje, de plinten ..
gestofzuigerd (de matten)
een groene appel gegeten
gedichten gelezen van Henry Wadswordth Longfellow
(My last Youth: refrein: and the thoughts of youth are long, long thoughts...)
en van Ernest Dowson (1867-1900)
(Non sum qualis eram bonae regno cyranae...)
onbeschrijfelijke zevertitel.
strofe I.
then falls thy shadow, cyrana!
the night is thine: and I am sick and desolate of an old
passion, yea hungry for the lips of my desire:
I have been faithful to thee, cyrana! In my fashion.
wat aan mijn lessen geknoeid
wat in de brief van Jaak gelezen (ik zoek nu reeds
fragmenten voor ons boek)
een gedicht van Jan Emiel Daele ontdekt in Vlaanderen Vandaag.
een gedicht van Raymond Hereman ontdekt in het Declamatorium van de Nederlandse poëzie.
de naam Ebenezer Z. ontdekt in dezelfde dichbundel als hierboven, Oxford University Press.
met mijn zus de rosse buurt ontdekt in Etterbeek.
(we zochten een eethuisje, vonden het niet, probeerden een paar straten, een vrouw met wind in de haren toonde ons de weg, eindelijk vonden we de kazernen, sloegen linksaf, en eensklaps waren daar de rode en paarse lichten van de dancings, de eethuisjes en de kaberdoezen van de kazernebuurt, een klein soho voor eenzame soldaten, landdienaars of hoe je ze ook noemen wil. ook zagen we hoekige, verlegen diensters, anders de vriendelijkse meisjes ter wereld).
* Krantenbericht van 15 JANUARI
2009, Het Nieuwsblad: Claude Pérignon van Thomas Cook naar TUI
BRUSSEL - Claude Pérignon, kwaliteitsdirecteur en
woordvoerder van Thomas Cook België, verlaat de touroperator. Hij maakt de
overstap naar TUI Plc. Pérignon verlaat Thomas Cook Belgium per eind februari. Daarna
start hij als director European Affairs bij TUI Plc, de internationale groep,
zo bevestigt hij berichtgeving hierover van Info travel. Hij zal er instaan
voor gesprekken met de Europese autoriteiten over toerismedossiers.
* nicole van overstraeten, de dagen van de winter, uitgeverij dilbeekse cahiers, 1989, p.37
zo opwindend vond ik het gisteravond, naar boven te klimmen (ik slaap op de eerste verdieping) met waanzinnig leuke boeken in een papieren tas waarop de wolkjes van magritte geschilderd. ik had deze tas gekregen in de artshop van het magritte-museum, nu gehuisvest in de kmsk op de koninklijke plaats in brussel. de tas diende als verpakking voor een minuscuul boekje bertreffende magritte: mots et images*, van een zekere jacito lageira. ik schafte me dit boekje verleden zaterdag aan, omdat ik tijdens het bezoek aan de tentoonstelling besloten had dat de teksto's van margritte me eigenlijk meer interesseerden dan zijn schilderijen zelf: die zegden mij eigenljk niets, haha!
ik heb het boekje op het stapeltje naast mijn bed gelegd. daar ik de gewoonte heb verschillende boeken tegelijk te lezen, zal ik misschien een dezer dagen (of nachten, want de laatste tijd slaap ik weer barslecht!) dit schattige boekje (met uitplooibare prenten) pagina per pagina verorberen.
maar op dit ogenblik lees ik nog altijd (zie vorig bericht) goed oud van diana athill (een heerlijk, troostend, waanzinnig beschaafd boek, dat ik voor altijd koester in mijn hart) en ook moordliederen*, een bundel ijslandse poëzie, verleden week besteld en eindelijk gedropt in mijn postbus. samen met - stel je voor - het honderdste nummer van portulaan*, een brussels cultureel tijdschrift waarin ik af en toe een verhaal of een dagboekfragment publiceer, plus een cadeautje van de uitgever van dit tijdschrift: de hallucinante novelle leprechaun, een verhaal om kippenvel van te krijgen...
toen a. me mijn post bracht, buitelden mijn ingewanden over elkaar: ik kon bijna niet wachten met lezen, maar ach, ik moest wel, want ik moest broccolistoemp maken, de frituurketel schoonmaken, later in de namiddag kleine lisa vertroetelen, want ze had felle koorts en de snottebellen dropen op haar lipje...
maar le moment suprême arriveerde: ik doorbladerde eerst moordliederen en zowaar: ik herkende me helemaal in de poëzie van de ijslandse dichteressen*. hun foto's stonden in ouderwets zwart-wit afgedrukt in het boekje. wat een look heeft vigis grímsdóttir, met haar zwartomlijnde khologen, hoe netjes ziet ingiborg haraldsdottir eruit, wat een gevoelige gelaatstrekken heeft steinunn sigurðardottir... ik dacht eerst aanknopingspunten te vinden bij de poëzie van ingiborg, maar ook (weliswaar maar na een eerste kennismaking) lees en herlees ik de gedichten van steinunn..
toch wil ik hier ter illustratie een gedicht intikken van de pittige sigurbjörg prastardóttir. aan dit gedicht is hoogstwaarschijnlijk de titel van de bundel ontleend. de toon doet me denken aan het videofilmpje van pipilotti rist, ever is over all*, waarin met eenzelfde sluipende gretigheid de illusie van liefelijkheid wordt doorprikt. de jonge vrouw in het filmpje gaat met een reuzenmeeldraad auto's te lijf en slaat in een mum van tijd de ramen aan diggelen. de jonge dichteres in onderstaand gedicht wil iemand doen stikken door hem (of haar?) een berkenblad in de keel te stoppen...
Moordlied
de herfst bedacht zich
kwam terug met kerst
ik zette mijn schoen bij het raam
en kreeg een piano
maar ook dit berkenblad
legde het in een dik boek
dat ik nooit gelezen had
zie nu pas hoe bekend het blad me voorkomt
het heeft dezelfde vorm
als je keel
wat ik zou kunnen doen
is het voorzichtig in je keel stoppen
zodat je kon ophouden met ademen
zonder enige inspanning
een oerijslands loofblad
flnterdun
is de mooiste dood
vind je niet
* JACINTO LAGEIRA, MAGRITTE, MOTS ET IMAGES, HORS SERIE DECOUVERTES GALLIMARD, 2003
Heb ik nu een
writer's block of heb ik het niet? De afgelopen weken al eens 's morgens
opgestaan met in mijn hoofd een aanzet tot een verhaal, een gedicht of gewoon
zin in bloggen. En toch niet in staat tot tokkelen, dit om allerlei redenen. Ik
stel me altijd dezelfde vragen: is dit bloggedoe geen tijdverlies, zit ik wel
goed bij seniorennet, beperk ik mij niet beter tot het echte werk???? Of ga ik
nu eindelijk eens een echte website ontwikkelen, met al mijn publicaties
online?
Feit is dat
ik hier nu, op deze blog, aarzelend weliswaar, ben herbegonnen. Misschien omdat
ik op dit ogenblik een aardig, of liever, subliem boek lees, Goed Oud van Diana Athill*. Deze 92-jarige oud-redactrice van de Londense uitgeverij Andre
Deutch (en in die hoedanigheid nauw samenwerkte met literaire
kanonnen als Philip Roth, Norman Mailer,
John Updike, Simone de Beauvoir, Jean Reys en V.S. Naipul)schrijft op frisse, eerlijke wijze haar mémoires, met de focus op de gevoeligheden van het oud worden.
En alhoewel
ik nog niet eens in de helft ben, moet ik al besluiten: dit boek is tegelijk
een troostend luchtig chocoladeschuimpje en een smeuïge vette dame blanche met
kruidige chocoladesaus. Voor mij en bijna al mijn vriendinnen, die zoals ik een
drukke loopbaan achter de rug hebben, minnaars en echtgenoten hebben gehad,
vrolijk hun interesses en persoonlijkheid hebben ontwikkeld, houden van kunst
en cultuur, van topmuziek (Diana houdt van J.
S. Bach) en van topliteratuur (zie hierboven). Nog beter: ook voor
dames die in hun leven een fantastische relatie hebben durven aangaan met een
man van een andere huidskleur en een andere cultuur (in Diana's geval de
Jamaïcaanse theaterschrijver Barry
Record) is dit boek een aanrader.
Zonder
schroom vertelt Diana Athill, zelf afkomstig uit de hogere Londense
burgerkringen, over haar liefde voor een zwarte man, die niet, zoals men zou
denken, alleen maar een soort assertief exotisme uitstraalde, maar integendeel
overbeschaafd was en verfijnd tot in de toppen van zijn zwarte tenen....
* ATHILL, DIANA, GOED OUD, UITG. NIJGH & VAN DITMAR, juni 2009
het
zit me erg hoog: onder het mom van democratisering, cultuur voor en door het
volk, blijven een categorie mensen (waartoe ik behoor, ik besef dat nu ten
volle!) compleet in de kou staan. mensen die willen genieten van bepaalde
vormen van literatuur en theater, waar volgens de inrichtende macht 'toch
niemand op afkomt'. william shakespeare in halle: dat moet ik nog eens zien
gebeuren!
ook voor het komende
seizoen komen wij niet aan onze trekken: maar amper twee echte theatervoorstellingen
zijn gepland, foei! wel veel muziek (ook my tribute to the diva, over marlène
dietrich, van en met leah thys is een muziekoptreden) en comedy. toch laten
praktisch alle programmatitels me ijskoud...
moeten we weer eens besluiten dat 'het altijd zo is geweest' en 'altijd zo zal
zijn'? zaak is: een paar dagen geleden stuitte ik op enkele dagboekaantekeningen
(onder de verzameltitel: 'halse kroniekjes') van twee jaar geleden. in de eerste zeg ik ongeveer hetzelfde als hierboven (verval ik in herhaling?), de tweede is een toemaatje...
Vrijdag 10 augustus 2007
Het nieuwe programmaboekje van het CC ’t
Vondel voor het seizoen 2007-2008 oogt prettig - maar owee wie van theater
en/of literatuur houdt: dit keer komen zij beslist niet aan hun trekken!
In het voorwoord worden ons ‘verrassingen,
warme en ontroerende momenten, sfeer, gezelligheid en feest’ beloofd, maar is
dat niet een beetje een sullig vooruitzicht? Moet cultuur worden herleid tot
ontspanning, tot louter hoempapa-toestanden en billengeklets?
Of zouden beleidsmakers ook moeten proberen
het Halse publiek andere waarden bij te brengen, bijvoorbeeld het besef van de
schoonheid en de kracht van het woord? De existentiële dimensie van de taal,
uitgedrukt in de ontroerende, onthutsende en ontluisterende vormen die theater
en literatuur kunnen aanreiken?
Maar 5
theatervoorstellingen zijn geprogrammeerd, tegenover meer dan dertig
muziekprojecten!Ook geen spoor van literatuur!
Ach, het argument zal weer zijn: wij
willen wel goede literaire voorstellingen plannen, maar er komt geen volk op
af!En nog gelijk hebben ze ook: de twee
schitterende literaire projecten (Tom Lanoye en Antje Krog, en Koningsblauw)
verleden jaar kregen maar weinig respons.
Maar geen nood: wij hebben
hier thuis reeds een lidkaart gekocht voor het nieuwe seizoen van de KVS en ook
plannen we filmvoorstellingen en concerten in Brussel.
En deze winter lezen wij
ons te pletter!
Zaterdag 11 augustus 2007
In Brazilie kunnen
homokoppels mekaars pensioen erven als een van beiden sterft.
Hier in Belgie, dit
benepen, doch welvarende Belgie, kunnen dames meestal het pensioentje van hun
overleden echtgenoot erven, maar andersom is niet altijd mogelijk.
Men zegt altijd dat ondanks de emancipatie vrouwen nog altijd achtergesteld
zijn, maar het omgekeerde is dikwijls waar!
ach, als het cultuuraanbod pover is, de winter saai en koud, kunnen wij natuurljk gaan schrijven en schilderen. zoals ijslanders doen, weet ik uit goede bron. halle een ijsland...
al weer meer dan een weekje geleden, het
theaterfestival TAZ* in oostende. sinds enige jaren pikken we vlug of toevallig een of andere voorstelling mee, tijdens een
daguitstpje aan zee bijvoorbeeld. maar dit keer hadden we het beter
georganiseerd: met een flair-bon een paar nachtjes gereserveerd in het
ramada-hotel, aan het marie-joséplein, krek in het centrum van
oostende.
het weer was schitterend: donderdag 6 augustus
was de kleur van de zee van uitzonderljk diepblauwe kwaliteit, zelfs
identiek aan de kleur van de lucht. als je op het strand stond kreeg je
de indruk in een azuurblauw lucht- of onderwatervideofilmpje van, laat
ons zeggen, pipilotti rist (haha!) mee te spelen...
blijkbaar heeft pipilotti een enorme indruk op
me gemaakt: ik zie overal sporen van haar, in commercials
bijvoorbeeld... de ranke blonde dame (in een reclamespot voor
coca-cola), die haar gezicht tegen een glazen wand platdrukt en zo een
knotsgekke snuit trekt is een vrolijke versie van een take uit de
onthutsende video be nice to me, de onderwaterzwevende dames van vt4 zijn ontsnapt uit sip my ocean en zelfs de onderwaterfighters van spa barissart rood spuiten zó uit pipilotti's leefwereld... om van de song wicked game maar te zwijgen: op onbewaakte momenten, bij het opstaan, slapen gaan, bij het bereiden gisteren van het tapagerecht salmorejo neuriede ik vrolijk mee met de flarden muziek die door mijn hoofdje speelden.
ondertussen toch ook de herinneringen aan vier
toneelstukken en 1 film (Pubic Enemy), met Johnny Depp, in my mind
opgeslagen. alhoewel wij Jan Decortes 'Wintervögelchen' de beste voorstelling vonden - Jan Decorte is een genie - konden wij toch ook de monoloog van Annelore Crollet NINA ZARETSNAJA, naar De meeuw van Tsjechov en de performance Vieuwmaster (een hedendaagse versie van de 19e eeuwse ‘Pepper's
ghost illusion') van de groep Rebecca September (met een
melancholische cover van ‘Come as you are' van Nirvana als bijna-hoogtepunt) heel erg appreciëren.
n. was voorts in de wolken met de filmvoorstelling Public Enemies, omtrent de gangster John Dillinger, die in de periode 1931-1935 de banken in Chicago overviel, maar die toch heel menselijk in de film wordt geportretteerd. knap acteerwerk van Johnny Depp trouwens, moet ik eerlijk bekennen...
mijn 'vakantiejob' als suppoost bij de tentoonstelling in de oude post in halle is me een supergenoegen. telkens weer, bij iedere shift, dompel ik me onder in de sublieme videopresentatie'Grossmut begatte mich'
[Edelmoedigheid verenigt zich met mij], de droomonderwaterwereld van pipilotti. de song van chris isaak,wicked game, jengelt uren daarna nog door mijn hoofdje. een week lang, 's morgens bij het opstaan, in de badkamer, bij het ontbijt, is het dit liedje waar ik de dag mee begin, haha...
ik heb de uitgever van Apricots Along The Street, een prachitg kunstboek met foto's en beelden van pipilottis werk, een mail gestuurd met de vraag of ik uit dit boek mocht sampelen voor op mijn blog, maar kreeg gewoon geen antwoord. mijn vorig bericht omtrent pipilotti, voor even opnieuw als kladversie opgeslagen, heb ik dan maar weer tevoorschijn gehaald en toegevoegd aan mijn blog, tant pis... in mijn moleskine notaboekje staan tientallen gedichten van pipilotti, ijverig overgepend tijdens mijn shift. want zij is dus ook .... dichteres!
hieronder wil ik een gedicht, dat ik zelf de titel you are heb gegeven, publiceren als citaat... pipilotti charmeert, verleidt, heeft lief op een door en door vrouwelijke wijze. haar videoinstallaties zijn daar een schitterend voorbeeld van, maar vermits ik me ook (en vooral) toespits op tekstmateriaal, poëzie dus, wil ik hier een poëtische structuur duiden, waar pipilloti gretig gebruik van maakt in haar gedichten: namelijk de vergelijking, een syntactisch (= structureel) en semantisch (= inhoudelijk, betekenisdragend) eenvoudig en loepzuiver taalmiddel, met een cascade aan effecten.
in het gedicht hieronder vergelijkt pipiloti haar geliefde vrolijk en een beetje brutaal met originele objecten en
begrippen, zonder eigenlijk van het verbindingswoordje als of zoals
gebruik te maken. het resultaat is een tegelijk kinderlijke en sublieme liefdesboodschap, waarbij zij uiteindelijk (zoals in de goeie ouwe klassieke tijd) droomt van eenwording met haar geliefde...
you are a butterflower you are a mammal (een zoogdier!) you are a molecule you are woman mouse (minnie mouse?) you are a mouse you are different from me you are nothing you are the king you are pollen (stuifmeel, plantensperma???) you are full of pain (auw!) you are the cerebrum cerebellum (grote en kleine hersenen, mmmm) you are with toes at he end (haha...) you are a good friend
I will become like you
zij zegt : jij bent een boterbloem, of: jij bent een molecule, of : jij bent de kleine hersenen....
als iemand dit laatste tegen mij zou zeggen, zou ik me FANTASTISCH voelen: de kleine hersenen, daarmee worden beweging, houdig en evenwicht geassocieerd...
waw! ben dus een danseres!
een boterbloem zijn, zo geel en fragiel en mooi: twee keer waw!
of een molecule, zo schattig klein en helemaal zelfstandig, zo lief...
* 2001 - Apricots Along The Street. Scalo: Zurich/Berlin/New York, ISBN 3-908247-50-0 * http://e-klas.net/ns/nlvade1.htm * Een molecule is de kleinste eenheid van een autonoom geheel dat al zijn chemische eigenschappen behoudt.
van mijn
beste schrijfvriend ward (schuilnaam: chocolat) een prachtige reeks foto's
doorgekregen van ijsland. een droomreis, jaren gepland, eindelijk ten uitvoer
gebracht. gosh! waarom gaat iemand naar ijsland? waarom de zuinig gespaarde
centjes verkwanselen aan een land waar niets te zien is? geen schitterende
steden, chique hotels of resorts met alles erop en eraan en een bar vol mojito's
en singapore slings en cosmpolitans en bloody mary's, maar bescheiden houten
gastverblijven met kamers waarin alleen een paar bedden, bouwels
van golfplaat waarin ijslanders hun mysterieuze donkere winters doorbrengen (om
wat te doen?) een land met niks dan water, wolken, stenen en geisers??
wat zei je, in ijsland niets te zien? wel, wel, op de foto's zie ik toch:
schitterend spuitende warmwaterfonteinen, watervallen, blauwe ijslandschappen,
een haven vol sierlijke boten, schattig grazende pony's... en dit zijn maar
vijf foto's uit de reeks! blijkbaar is er toch beweging in dat naakte land,
activiteit, dynamiek... en zelfs al ligt ijslands economie te zieltogen door
het faillissement van hun belangrijkste bank, toch heb ik ondertussen ontdekt
dat ijsland een land is van ... dichters! nog beter: dichteressen! enkele
namen: Vigdís Grímsdóttir (1953), Ingibjörg Haraldsdóttir
(1942), Gerður Kristný (1970), Steinunn Sigurðardóttir (1950) en Sigurbjörg
Þrastardóttir (1973).van deze vijf dichteressen
die het oude en het nieuwe ijsland vertegenwoordigen, is een verzamelbundel
gemaakt die ik ab-so-luut wil in handen krijgen. de titel luidt:
moordliederen*.
met zo'n titel is, geloof ik, alles gezegd....
als toetje citeer ik hier een uit het ijslands vertaald gedicht van ingibjörg
haraldsdóttir, gevonden op een groningse literaire website*
zij is de oudste. mijn generatie dus.
en wat een mooi gedicht, met een weids einde.
eindeloos wijd en weids.
zoals ijsland zelf,
veronderstel ik.
NOVEMBERZANG
Ging op een
afstandje zitten. Wachtte
ik tot de sneeuwstorm bedaarde.
Meende ik.
Toen klonk in
mijn oren
een zucht
vanuit het Oktoberbos:
Naakt en zwart
stonden de bomen,
ijskoud alle zangvogels
en ijzig kil de stilte
hieronder een tweede reeks huishoudgedichten. een stream of consciousnessà la james joyce. maar dit keer polijste ik mijn gedichten tot richels, zoompjes en plooitjes...
richels
richels
poets je zo
je maakt met je wijsvinger
een
leuk teutje in een poetsdoek
je wrijft
dan zorgvuldig met zachte rukjes
het
vuil weg. heel nauwkeurig aandringen
eens
voelen. dan verrukt kijken naar het resultaat
een
blinkende crèmekleurige richel op zijn mooist
lichtjes
glanzend, mooi afgelijnd en perfect schoon
een
huis met propere richels is de max. het toppunt
vandaag
poets ik dus
voorzichtig
en zonder enige vorm
van
schroom de richels aan de raampjes
van
de sjieke negentiende-eeuwse spiegeldeuren
in
het salon, de richels aan de plinten, de richels
aan
de houten lijstjes rond mijn devedeleer-schilderijen
ook
de bovenrand van de kastjes wil ik nog eens overdoen
want
stof, zegt de sjamaan
brengt
het kwaad in huis en de slechte geesten
als
je de toiletklep per toeval laat openstaan, dringen
kwade
geesten je huis binnen, langs alle gaatjes in de huiskamer
langs afvoeropeningen in de keuken, gaatjes waarlangs broodnodige
warmte
onder de grond verdwijnt enzovoorts enzovoorts
gaatjes, zij zijn voorwaar de
valkuilen van dit bestaan
zoompje
je jeans hangt reeds drie dagen
over de leuning
van de keukenstoel het is een
chocoladebruine honderd procent
zachtkatoenen lee cooper work
master LC10 ZP W 32''L34'' niet zo nieuw
hier en daar wat slijtageplekjes
maar toch nog de moeite waard
bij het wassen zag ik dat het
zoompje aan de rechterbroekspijp loshing
moest ik dus repareren eerst het
zwart lintje prutsend verwijderen
sommige draadjes zaten nog
stevig vast andere niet
het was vingerwerk met behulp
van een klein antiek schaartje
zo vind je er geen meer kon ik
dan toch alle draadjes
wegpulken en het zoompje
openstrijken
foei in het zoomplooitje plakte
nog wat stof zelfs het zeepsop
in de wasmachine was hier
klaarblijkelijk niet tegen opgewassen
stof bevindt zich overal in de
hemel op de aarde en op alle plaatsen
stel je voor wij lopen allemaal
rond met vieze stofrandjes
in de zoompjes van onze dure
calvin kleins armani's
en lacroix's wegen dat zoiets
doet niet te doen
tja toen moest ik het zoompje
opnieuw omplooien en vastmaken
maar owee de rand was schiftig
ik bedoel er hingen overal ongelijke draadjes
zo kon ik niet naaien eerst wat
bijknippen de stof was taai terwijl ik knipte beet ik
tot bloedens toe op mijn
lippen surfileren maar gek woord eigenlijk
je moet met
schuine steekjes in aangepaste kleur van draad zijde
als het kan regelmatig om het randje naaien zodat de draadjes
worden
tegengehouden als de twee surfileertoertjes
zijn afgelopen met een gekruiste steek
het zoompje opnieuw vastmaken
het duurde een uurtje
of zo
oef nu nog strijken
doeken
ben gisteren
met doeken bezig geweest
heb ze geplooid, heb ze gevouwen
de zomen langs de binnenkant gedraaid
voor ik met plooien
begon, voor ik het rechterhoekje
tegen het linkerhoekje
aan de bovenkant van de doek hield
beide hoeken
tussen duim, wijsvinger en middenvinger
een
tussendoortje: gesteund door het feminisme van pipilotti
rist en haar gebruik van objecten uit de dagelijkse omgeving
(huiskamers, winkels, straten..) durf ik hier enkele teksten publiceren,
uit een reeks die ik tot voor kort mijn 'huisvrouwgedichten' noemde. ik voel heel veel verwantschap met pipilotti, alhoewel ik alleen maar woorden gebruik, geen beelden. maar mijn woordenstroom roept beelden op, die beelden vloeien wel in elkaar over net als in de video's van pipilotti..
1. dozen
dozen rechthoekige
& vierkante: koekjesdozen ijsdozen ronde toffe toffeedozen libanese
gebakjesdozen kaasdozen van philadelphia met hardblauw deksel doe ik ook met
woorden wat ik met deze dozen doe ze afstoffen schoonmaken sorteren stapelen ze
op of naast of in elkaar passen ze hoog op de keukenkasten plaatsen of in het
vakje boven de frigo per soort rood blauw of goud de prentjes van
beertje petzi met zijn kompanen zeerob pinguin pelikaan schildpad mooi naar
voren gedraaid met het chinees tempeltje goed zichtbaar volgende week draai ik
de koekjesdozen om dan nogmaals draaien zodat tenslotte ook egypte en de eskimo’s aan de
beurt zijn chocolat chip cookies
macintosch’s chocolates en toffees viking danish buttercookies patisserie ghazi
al hallat & sons fondée en 1881 beyrouth- raouche- rue choura rode
lettertjes groene gele blauwe en het omvangrijke glazen botervlootje
waarnaar ik jaren heb gezocht toen vond ik er 1 met 1 koe op het
doorzichtige deksel
2. tokuyin yoshioda
bestel ik nu de
stoomreiniger van happydays om overal te gebruiken voor reiniging &
ontsmetting snelle opwarmtijd 5 minuten veel accessoires, stoompijp,
maatbekers, trechter, slang, kierenborstel, draaggordel en ramenwisser 900w ?
ook wil ik een huispak lichtblauw of crèmekleurig vande wibra maat xltokuyin yoshioda ontwierp
gedeukte krukjes van polyethyleen ze komen echt tot hun recht als je erop zit
het lijkt dan of ze bezwijken onder je gewicht ze zijn bestand tegen weer en
wind en kunnen zowel binnen als buiten geplaatst worden maar o jee stikduur zo wil ik ook met deze
woorden overal wil ik ze gebruiken in huis buitenshuis op de grond & aan de
muur voor zakelijke of literaire bedoeningen zo wil ik mijn & jouw woorden
met helder stomend water van alle goedkope smet ontdoen na een opwarmtijd van
een kwartier (ondertussen drink ik een kopje koffie met kardamon eet een lekkere
boterham met dikke krokante korstjes wat zeg je ja ontbijt) daarna ga ik reinigen mijn
woordenvloed matigen ergens nog woorden proberen tussen te trechteren als een
slang met woorden sissen tussen de kieren van jouw vel wil ik woorden stomen
zelf draag ik mijn overkokende woede om mijn gordel lap jouw ramen doorzichtig
in mijn crèmekleurig sponsen pakje wil ik nu alleen maar zijn: de vrouw die
droomde van gedeukte krukjes
3. prei
prei
bussels gisteren op de markt gekocht selder wortelen uien walnoten een
savoojekool & een krop sla maak ik nu een heerlijke groentesoep of ga ik
watergroene keukendeurtjes afwassen met cif oxy-gel forest with active oxygen
diep reinigend en langdurig zuustoffris eerst soep dan poetsen goed zo agenda
ok als er nog even tijd
overblijft commentaren schrijven bij tjennes wolvengedichten ben tot het
besluit gekomen dat mannen schrijven over onbelangrijke zaken wat hebben wolven
nu te maken met het dagelijks leven? we zitten hier toch niet in canada? belangrijk is goei soep en walnoten
eten om de nodige portie linol en alpha-linolzuur dagelijks binnen te krijgen
vijf noten uit de dordogne zijn hiervoor genoeg ze leveren ook magnesium ijzer
calcium en de vitamines b1 b6 e en a ik snij dus gezwind met het
keukenmes alle woorden in stukjes laat ze even aanbakken in bakboter vermengd
met een scheutje olijfolie voeg er veel water bij kruiden oeps de
lauwerenkrans niet vergeten dan wrijf ik over alle deurtjes die vanaf nu mijn
woorden zullen bedekken gelukkig maar ik wrijf tot ze blinken en lekker ruiken
naar de wouden van canada achter zo’n lekker ruikend
blinkend deurtje wil ik deze woorden voor altijd verbergen in een diepvriesbox
of laat ik ze in het pannetje staan eeuwig tot aan mijn dood blijf ik walnoten
knabbelen in mijn keukentje en tel ik de vitamines
ben volkomen in de wolken over de huidige videotentoonstelling
in het cultuurcentrum 't vondel! op dit ogenblik zoek ik naarstig naar
referenties over deze zwitserse dame op internet. hieronder reeds een
aankondiging, die ik van de webpagina van het BAM* heb overgeplukt, enkele videobeelden en last but not least een reeks
sublieme gedichten van haar (gevonden in de referentiewerken aanwezig op de
tentoonstelling). ik laat voorlopig punten en komma's weg, want ik heb ze in de vlugte genoteerd en weet niet meer of ik de interpuctie accuraat heb overgepend...
ik brei ook nog een vervolg aan mijn berichten over pippiloti rist, een schitterende kunstenares,
helemaal mijn ding!
HALLE - CC 'T VONDEL - VISITE - PIPILOTTI RIST Opening vrijdag 3 juli 2009 om 19u00
Gedurende
een aantal maanden verwelkomen een veertigtal cultuurcentra, waaronder
ook CC 't Vondel in Halle, één of meerdere kunstwerken uit de collectie
van het MuHKA. CC 't Vondel ontvangt 'Grossmut begatte mich'
[Edelmoedigheid verenigt zich met mij] een videowerk van de Zwitserse
kunstenares Pipilotti Rist. De beelden in 'Grossmut begatte mich' tonen
een feeërieke onderwaterwereld. Op het door de kunstenares zelf
ingezongen deuntje van Chris Isaaks 'Wicked Game' wisselen
paradijselijke en zeemzoeterige beelden elkaar af. Omringd door
reusachtige videoprojecties verdrinkt de toeschouwer haast mee in de
onderwaterwereld. Pipilotti Rist lijkt ons aan te moedigen om mee te
wiegen op het liefdesliedje.
Dit tijdelijk project wil de aandacht voor hedendaagse beeldende kunst in de cultuurcentra stimuleren. VISITE reveleert samenwerkingsmogelijkheden tussen cultuurcentra en het MuHKA en de grote Vlaamse instellingen.
Info: Van 3 juli tot en met 16 augustus 2009 CC 't Vondel, De Oude Post (achter de basiliek), Cardinaal Kardijnstraat 9, 1500 Halle
. gisterennamiddag met twee toffe dames op stap geweest. we waren met drieën: dorothée, een voluptueuze jonge oude dame in roodfluwelen jasje, toevallig ontmoet in de oude post (waar het eerste optreden van de halse stadsdichter plaatsgreep), de kleine, spitse godelieve (met de verstandige ogen en de mooie elegant klingelende oorbellen van bij isis) en ondergetekende, de dame met de vele namen.
wat de poëtische prestatie van de halse stadsdichter betreft: in drie kwartier tijd hoorden we o.a. een mini-gedicht over madonna, niet de echte maar de halse, waarin het vrome dorpse karakter van het vrome dorpje halle werd geloofd. het zaaltje bleef onheilspellend stil. wij, dorothée, godelieve en nicole maria julia zijn dan maar hard beginnen applaudisseren, ambiance please. dan kwam een gedicht over een vriendin met kanker (vonden wij ok!), dan een vrouwonvriendelijk gedicht waarvan wij alleen hebben onthouden dat het over knopjes indrukken ging en daarna een onhoorbaar gedicht, dat werd verpletterd door het luide muzikale accompagnement. een lichtpuntje: de stadsdichter las een citaat voor van tom lanoye, een referentie om u tegen te zeggen.
haha, de rest was geklets. op het ogenblik dat we te weten kwamen wat het troetelnaampje was van de respectievelijke geliefden van lieve v., de tintelende secretaresse van de dienst vrije tijd en van de burgemeester himself (pieke, patatje, titi en tata en trallala), besloten we op te stappen, want we hadden zin in een frisse pint.
. toch geef ik de stadsdichter het voordeel van de twijfel en zijn ietwat onhandige optreden weze hem gul vergeven... het is toch nog maar het begin van zijn poëtische carrière!. ik moet zeggen: op zijn leeftijd koesterde ik mijn kleine meisje en lachte ik elke dag om de fratsen van mjin knappe superleerlingen, en was ik zeker geen stadsdichteres.
maar: daar ik het gewoon ben overal vrolijk onthaald te worden vroeg ik hem vooraf een zoen (wat hij mij stug en stuntelend toestond, tja, de stadsdichter was een beetje zenuwachtig!) en als hij het was die geen stoelen voorzien had, (jong en oud moesten aan hoge ronde tafels hangen, waarover nonchalant een wit papierachtig doek hing en waarop we met moeite met de ellebogen konden leunen), dan pas heb ik reden tot ergernis en kan ik hem een oen vinden. ach, hoffelijkheid en warmte schijnen niet op het programma te staan van het halse stadsdichterschap....
. beste stadsdichter...als je nu eens de schikgodinnen*, of beter: de drie gratiën* (bijvoorbeeld dorothée, godelieve, nicole maria jula, het mogen natuurlijk ook andere namen zijn!) om wijze raad had gevraagd, dan hadden zij gezorgd voor bloemen op de tafels, romantische gouden (of eventueel roze) strikken rond het tafelkleed, comfortabele zitjes, kaarsen, hapjes, een glaasje wijn... zij zijn niet voor niets geboortefeeën en het is je geraden rekening met hen te houden, zij bepalen namelijk de levensloop van zowel stervelingen als goden...
de oude schikgodin urd had misschien gezegd dat je vooraf best eens behoorlijk had gerepeteerd, zodat de timing ok was en het geluid je voordracht niet kon overstemmen, de godin verdandi had je geleerd je gedichten gevoeliger en rustiger voor te dragen, de stiltes te respecteren en wat afwisseling in het programma te brengen door bijvoorbeeld de genomineerden voor het halse stadsdichterschap of enkele illustere onbekenden uit te nodigen een gedicht recht uit het hart voor te dragen. tenslotte had skuld je dan kunnen voorspellen dat de poëzienamiddag op 11 juli in de oude post te halle een moment zou geweest zijn vol emotie en buikgevoel, een stemmig feest vol schoonheid, dromen...en poëzie!
de trotse nederlandse stad rotterdam werd tijdens de tweede
wereldoorlog platgebombardeerd. de verrijzenis daarna was indrukwekkend. rotterdam werd een van
de weinige nederlandse steden met een hoge skyline
en de talloze wolkenkrabbers geven de stad een hypermodern,
internationaal allure.
elk jaar vindt in rotterdam ook een groots poëziefestival plaats, poetry international. wij waren
uitgenodigd op een boekpresentatie.
ik kopieer en plak eerst de aankondiging:
Schilders en dichters gaan voor Gaza
Onder
leiding van een professionele veilingmeester gaan bekende Rotterdammers
als Straatkrant redacteur Sander de Kramer, oud-CBK directeur Hans
Abelman, deelraadsvoorzitter Carlos Gonçalves, D66 gemeenteraadslid
Salima Belhaj en Adriaan Zeijlans bij de speciale kunst en
cultuurveiling proberen €10.000,- extra binnen te halen voor de
medische campagne van de Stichting Palestina. Dit doen zij door onder
andere een gedicht van Jules Deelder, een bronzen kat van Albert Kramer
en een aquarel van dichter-schilder Rien Vroegindeweij te veilen. De
veiling vindt plaats op zaterdag 13 juni van 13.00 tot 18.00 uur in het
Centrum Beeldende Kunst aan de Nieuwe Binnenweg 75 te Rotterdam.
Tijdens de veiling presenteert uitgeverij De Brouwerij de Nederlandse vertaling van Mahmoud Darwish bundel Waarom heb je het paard alleen gelaten.
Darwish, die vorig jaar overleed, was een graag geziene gast op Poetry
International. In samenwerking met Poetry International zullen
internationale dichters, onder wie Mourid Barghouti (Palestina), Dunya
Mikhail (Irak/VS), Matthew Sweeney (Ierland), Luke Davies (Australië)
en Nederlandse dichters als Jana Beranová, Rien Vroegindeweij en Salah
Hassan werk van Darwish en van henzelf voordragen.
gosh! niet alleen zou ik naar gedichten van mijn geliefde mahmoud darwich
kunnen luisteren (wiens bundel trouwens uitstekend vertaald werd door Kees Nijland en Asad Jaber), ook van de gedichten van jana beranova, stadsdichteres van
rotterdam, matthew sweeney enluke davies(wiens werk ik reeds kende) zou ik
kunnen snoepen.
ik vind een namiddag of avondje poëzievoordracht heerlijk, dus hadden wij (a.
en ik) gezwind treintickets richting rotterdam gekocht. maar owee! deze reis
zal voor altijd in ons geheugen gegrift blijven! we vertrokken thuis om acht
uur en kwamen maar om halftwee in rotterdam centraal aan.....met een halve dag
vertraging.
reden? in antwerpen was een bovenkabel gebroken en de ganse flow reizigers werd geëvacueerd naar
een treintje richting kapellen.
dan 20 kilometer
met bussen naar essen, dan op
een treintje naar roosendaal, dan
weer op de trein naar rotterdam.
tussendoor wachten, wachten, wachten...onder
begeleiding van het rode kruis en de politie.
ik had 's morgens al een vreemd voorgevoel: toen ik poesje pipo van zijn portie poezenkorrels perfect fit für
verspielte energiebündel pour les petites boules d'énergie voor speelse
deugnietenvoorzag, glipte het zakje pardoes uit mijn handen en daar rolde
een zee van korrels over de keukenvloer... daarna morste ik een grote plas
koffie op tafel en ik wist het: vandaag zou een onvergetelijk gekke dag worden,
met stommiteiten en miserie, vandaag zou alles vierkant draaien haha!
argh! toen we in het kunstencentrum arriveerden, was het eerste deel van het
programma reeds afgelopen. toch kon ik nog naar de schitterende barghouti luisteren (die niet van
retoriek houdt, naar hij zelf zegt, opmerkelijk, voor een arabier!) en de
voordracht van luke davies en
matthew sweeney vond ik
helemaal ok.
sweeney, een ierse dichter, was vooral heel erg iers, dat wil zeggen: helemaal
dronken (van poëzie!), hij droeg zijn gedichten met de nodige zwier voor, maar
vooral luke vond ik heel pittig. een laatste vers van zijn gedicht blijft door
mijn hoofdje spoken:
and I loved him for his pretending.
hij had het over zijn vader, dat hij hield van zijn vaders doen alsof, oooooh..
Yes, I' m a great pretender...
het liedje van The Platters startte
onmiddellijk op en ik bleef het de hele tijd binnensmonds zingen, tot laat in
de namiddag zelfs, op een zonnig rotterdams terrasje, bij het verorberen van
een vegetarische koekoe...
ik hou van mensen die kunnen doen alsof. doen alsof ze dromen, doen alsof
ze iemand zijn, doen alsof ze liefhebben, doen alsof ze gelukkig zijn, of
treurig, of plezant. doen alsof houdt ons in leven, we moeten zowel de
droefheid als het geluk op een staander kunnen zetten, er afstand van nemen, er
naar kijken en luisteren, als was het iets buiten onszelf.
ik heb een geliefkoosd pintenplekje in halle: een neventerrasje van het café de
sleutel op het possozplein, onder de platanen. daar spreek ik dikwijls af
met vrienden om een pint te pakken. het bier is er lekker en goedkoop, je zit
wat afgezonderd van het café- en grotemarktgewoel en je kunt er ook een balleke verorberen met een kuipje
mosterd, een lekkernij die heerlijk smaakt bij een frisse orval, mijn favoriet ardens bier dat
naar mijn mening nergens anders in halle op zo’n puike wijze wordt geserveerd.
verleden zaterdag had ik weer prijs. het was wel een beetje kil buiten maar op
een of andere manier belandden we toch onder de platanen. ik vertelde aan mijn
schrijfmaatje over mijn aardbeienconfituuravontuur. dit keer was het experiment grandioos gelukt: dikke, smeuïge brokken aardbei in een schitterend karmozijnrode
jam met tegelijk stevige en zachte textuur.
(van mijn afghaanse buurman had ik een grote hoeveelheid
rijpe bioaardbeien cadeau gekregen, als dank voor mijn hulp bij het schrijven
van een brief. ik was al om zes uur 's ochtends begonnen met het sorteren van
de vruchten, ik wou de te rijpe exemplaren eruit en hield uiteindelijk
nog een enorme hoeveelheid flink gewassen vruchten over, die ik dan gezwind tot
heerlijke confituur verwerkte).
ik
zeg altijd bij mezelf: ik wil bij literaire gesprekken niet afdwalen, niet
beginnen kletsen en roddelen, maar ondanks mijn goede voornemens lukt dit
nooit. nadat ik een kersvers (ik wou
bijna zeggen: aardbeienvers) verhaal van mijn maatje w. (nee, niet een supersized maatje in een
kledingwinkel voor dames met een grote maat, maar de schitterende initiaal van
mijn schijfvriend, in het engels klinkend als debbeljoe) onder de
loepe had genomen, nadat ik mijn gedicht noet
uit mijn tas had opgediept, mijn vorderingen in het sublieme dans, dans, dans van haruki murakami van commentaren had
voorzien, nadat ik 's nachts komen de
vossen van cees nooteboom
en een sublieme dichtbundel van william cliff
aan mijn maatje had uitgeleend, kwamen de tongen los en begon het
leukste deel van dit literair bedoelde gesprek: een sessietje small talk.
ik vertelde w. (bij het verorberen van het balleke) hoe ik per ongeluk in mijn
tuintje vliegen had ingeslikt en mijn haar had verbrand bij het aansteken van
een flinterdunne havannasigaar (verbrand haar stinkt trouwens verschrikkelijk!). debbeljoe
vertelde me over zijn voornemen om de reuzengrote opgeblazen badeend te gaan
bekijken die in de hasseltse kanaalkom ronddobbert (hilarisch!) en natuurlijk had hij het
ook over de verkiezingen...
2.
ach, de verkiezingen... eigenlijk wil ik niet teveel tijd besteden aan een item
dat ik heb losgelaten (literatuur is al overrompelend genoeg), maar toch las ik
de ochtend van de resultaten dat tim vanhamel, rockmuzikant, er ernstig over dacht naar wallonië te verhuizen en op het vrt-nieuws zeiden ze dat weer 450 banen worden geschrapt bij dhl..
daarom knip en plak ik hieronder mijn recent mailverkeer met mijn maatje, de lezer moet maar zijn conmclusies trekken...
Subject: RE: la belle
From: Ward Mertensmsn.com
Date: 8/06/2009 20:51
To: Nicole Van Overstraeten@telenet.be
Lieve Aardbeiendame,
Ik kan jouw analyse alleen maar bijtreden.
Gisterenavond gelezen in William Cliff. Leest zeer vlot, zit vol spitse humor
en literaire vondsten. Heerlijk!
Groeten,
Ward Mertens @ chocolat
Date: Mon, 8 Jun 2009 06:42:20 +0200
From: nicole.van.overstraeten@telenet.be
To: wardmertens@msn.com
Subject: Re: la belle
vanmorgen zoemde al een blogericht door mijn hoofd
betreffende de verkiezingen, misschien schrijf ik het wel op. wallonië stemt
prachtig links, maar ik heb ook een vaag vermoeden dat de ps en de cd&v
voor beide bevolkingsgroepen eenzelfde emo-waarde hebben. wat hun regeringen er
in de praktijk zullen van terechtbrengen: wel, ik ken het klimaat in halle en
ik ben me er meer en meer van bewust dat ik eigenlijk een grootstedelijke
(brusselse) mentaliteit heb. ik bracht ook bijna 40 jaar van mijn leven door in
grootsteden. maar wat weet ik van la flandre profonde? niets. ben altijd
verbaasd dat vlamingen zo vlaams willen zijn, heb de indruk dat zij steeds
bezig zijn met het construeren en reconstrueren van een ego, een platstrijken
van een gedeukt gevoel van eigenwaarde. terwijl ik vind dat een gevoel van
eigenwaarde niets te maken heeft met pathologie...
wanneer zullen politici zich eens gaan bezig houden met echt grote thema's: het
sociaal en ecologisch klimaat, de natuur, werkgelegenheid, menswaardigheid,
vriendelijkheid???
dit klinkt erg soft, maar ach, ik vind vriendelijkheid en hoffelijkheid
belangrijk...
mvg
nicole
ward mertens wrote:
Hey Nicole,
Het was gezellig onder de platanen (met Orval en balleke) en ik ben benieuwd
naar mijn ontdekkingen in de poëziebundels.
Ik ben vandaag voor het eerst elektronisch gaan stemmen en ben de uitslagen aan
het volgen via de vrtnieuwssite. Ik weet dat ik niet verbaasd zou mogen zijn,
maar dit was niet de uitslag die ik verwachtte. 'k Ben wel blij dat Ecolo
het goed doet, maar verdorie toch, de vlamingen stemmen niet (meer?) op Groen. Qua
zetels lijken ze wel status quo te blijven. Wel goe dat ze in Halle
een procent vooruit gaan. Over Leuven is er nog niets bekend. Tijdens het
stemmen zag ik dat Erwin op de lijst stond. Ik heb hem een stem uit sympathie
gegeven.
Genoeg verkiezingen gezien en erover nagedacht. Ik zwier mijn computer over 5
minuten uit.
Morgen nieuwe week, hopelijk een nieuw hoofd, veel schrijven en graag zien. Daarvoor heb ik Groen! niet nodig
Groeten,
Ward Mertens @ chocolat
3.
Bien, bien, na alle esbattementen en turbulentie, ben ik toch echt van plan om vanaf deze
zomer de mooie steden en dorpjes in wallonië te gaan ontdekken…
ben
pompaf van de uitstap naar mons gisteren! we kochten een b-dagtrip
en bezochten de tentoonstelling* van de duizelingwekkende keith
haring, de amerikaanse homoseksuele kunstenaar die in 1990 in new york op 31-jarige leeftijd stierf aan aids. .
voor het eerst in ons land werden authentieke tekeningen, schllderijen, en
beelden van deze kunstenaar uit de pop-art of graffiti-art periode, die
samen met andy warhol, jean-michel basquiat, en christo (de kunstenaar die befaamde gebouwen inpakte) de artistieke icoon was van de laatste decennia van de twintigste eeuw,
getoond.
ach, wij werden bijna
draaierig van deze knettergekke fluo-schilderijen! in gifgroen, feloranje,
knetterblauw en bloedrood, heel indrukwekkend en grappig allemaal, de details
een uitdaging voor het oog en de geest, maar tja, zouden wij zo'n schilderij
wel in ons huis willen???? keith haring was een typische straatkunstenaar. zijn oorspronkelijke bedoeling was kunst naar het volk te brengen en zijn
reusachtge doeken en tekeningen passen wonderwel op gevels van gebouwen en op
muren van scholen, metro's en stations. de t-shirts, het speelgoed, de posters, de
badges en de magneetjes van zijn pop-shop (in soho) waren en zijn nog altijd
begeerde gadgets, vooral bij het jonge publiek.
.
bergen, de hoofdstad van henegouwen, is werkelijk een fabuleuze stad van
bergen: de straten en lanen gaan voortdurend bergop en bergaf en de bestrating
is nog met kinderkoppen, zeer hobbelig, met vele trapsteegjes enz... oef! mijn
benen zijn vandaag dus niet te doen, want we hebben uren rondgewandeld in deze
waalse ville, die overigens heel charmant is, met natuurstenen huizen,
spaanse barokke gevels, insolente winkeltjes en grote lommerbomen in
plantsoenen en op pleinen...
mons is eigenlijk dichtbij (een halfuurtje met de
trein), net zoals edingen, binche, soignies, jurbise, boussu... allemaal
stadjes en dorpen op een boogscheut van mijn woonplaats en het ontdekken
waard....
.
altijd weer word ik in mijn leven geconfronteerd met de clash van natuur en
cultuur. ik vraag mij voortdurend af of het publiek dat tentoonstelligen bezoekt ook het
publiek is dat in natuurreservaten naar vogels tuurt en met rubberen laarzen de
moerassen intrekt. ik hoor nog altijd de smalende opmerking van dirk draulans,
de befaamde vlaamse bioloog die zich inzet voor het populariseren van de
sociobiologie, over citytrips, die 'echt niet aan hem besteed waren'.
maar echte natuurreizen en -uitstappen kosten handenvol geld, alleen al aan
uitrusting en benzinegebruik, want die gebieden zijn niet met het openbaar
vervoer te bereiken. daarom blijf ik bij de gedachte dat een trendy ecologische
levensstijl alleen maar voor de gegoeden is weggelegd. ons uitstapje naar mons
kostte welgeteld ongeveer 60 euro, treintickets en entreegeld voor de
tentoonstelling, terrasjes en lunch inbegrepen.
de laatste tijd heb ik dus de neiging om naar die snoeshanen als dirk draulans
nog nauwelijks te luisteren, ik hoor liever toevallige verhalen over hoe
delicaat de smaak is van een eerste zelfgekweekte aardbei in een volkstuin...
* In
het nieuwe BAM
(Beaux Arts Mons, rue Neuve) et Anciens Abattoirs (Place de la Grande Pêcherie)
MONS.
de menselijke psyche, het menselijk handelen: een ontluisterend enigma. wat
zit er onder de ogenblikkelijke realiteit verborgen? wat drijft een mens, wat
houdt hem in leven? het ongebreideld consumeren van verrukkingen en genot, de
droom van geldstromen en gewin? de actieve en passieve gewelddadigheid waarmee
het lenigen* van materiële honger en affectief verlangen gepaard gaat?
de dunne laagjes huid die onze wemelende emoties, onze gedachten en gevoelens,
onze stock aan herinneringen en ervaringen omvatten, zijn in werkelijkheid heel transparant.
de boomschors die ons lichaam bedekt en beschermt volstaat niet om de positieve
en negatieve impulsen, die ons dagelijks beroeren, in bedwang te houden. bij de
minste beweging kan die beschermlaag barsten en komen de meest
onwaarschijnlijke esbattementen aan de oppervlakte.
wat doen we als wij onze huid voelen barsten? als voorspoed de oorzaak is van
deze beweging, dan kunnen wij luidkeels een vreugdelied zingen. als echter het
scheuren wordt veroorzaakt door tegenspoed, honger en verdriet komen negatieve
gevoelens en impulsen aan de oppervlakte. pijn, agressie, angst en destructief
gedrag. maar ook dan kunnen we zingen. geen vreugdelied dit keer, maar een
blues of een soullied of een intens droevige ballade...
.
vanmorgen geluisterd naar anthony & the johnsons, mijn nieuwe
favoriete groep. proberen te peilen hoe diep anthony's verdriet wel (geweest)
moet zijn om zo'n indringende muziek te maken, om schuddend en bevend als was
zijn lijf aan een eruptie toe, die emoties te verwoorden die mij op een of
andere manier raken. en ach ja, ik wil wel zijn teksten kennen, maar zijn
lichaamstaal en zijn stemgeluid zeggen me eigenlijk genoeg.
dit doet men dus als de huid begint te scheuren - een ballade zingen, de pijn
diep in zichzelf omvormen tot schoonheid. uiteindelijk is dit de enige uitweg.
opgekropte frustraties op medemensen projecteren is ordinair en laaghartig, ze
omvormen tot kunst voortreffelijk. dat kunstenaars een groot ego hebben, is misschien wel te begrijpen: zij zijn tenslotte de onschadelijke goden die hun
medemensen andere waarden dan laaghartig compensatiegedrag presenteren.
maar ach, ik wil hier niet teveel de zogenaamde superioriteit van
kunstenaars benadrukken: zij zijn ook maar mensen. maar wat ze maken kan
anderen vreugde verschaffen, hun geest en hun hart verlichten. het aanschouwen,
beleven en creëren van schoonheid is tenslotte pure verrukking en vormt een
zachtaardig alternatief tegenover de gewelddadig-materiële wereld.
.
in minder dan 1 maand tijd zag ik drie toneelopvoeringen. op 26 april onschuld
van dea loher in de kvs, door het gezelschap kvs en het ro theater,
op 8 mei de rafaëls van filip vanluchene, gespeeld door de
queeste in het wagehuys in leuven en op 16 mei de tuin van
de honger, door de amateurgroep d°effektin de markten in brussel
(zie bijlagen).
het laatste toneelstuk was het meest avant-garde. het decor was origineel en
grappig, de teksten steengoed en het jonge, absurd-vertederend spel van de
acteurs perfect getimed. vooral de bloemige, pulpeuze jongedame op hoge hakken
beheerste zwierig het podium, ondanks de drama's die ostentatief uit de voegen
van dit stuk vol onvervuld verlangen losbarstten.
de rafaëls, een toneelopvoering
gespeeld door drie vrouwen, speelde zich af tijdens de tweede wereldoorlog, in
augustus 1943, de dag voor maria-hemelvaart. een bloedhete zomer lang werden wij,
de toeschouwers, geconfronteerd met oeioei! het hemelse en het aardse, de
leugen en de waarheid. maar omdat dit stuk, ondanks de tragische achtergrond,
met een knipoog werd geënsceneerd en daardoor a sense of humour bevatte,
was onze ervaring ronduit positief. de vondst om elke actrice te wapenen
met een sifonfles (!) waar zij voortdurend gretig gebruik van maakten
(want het was snikheet die zomer, dames en heren), was een voltreffer en zorgde
bij het publiek de hele tijd voor gegniffel en binnenpretjes...
maar indien ik dit seizoen alleen het stuk onschuld van dea loher
in de kvs had mogen bijwonen, was ik ook volkomen tevreden geweest. dit
stuk was ronduit super, het beste wat ik in jaren had meegemaakt. de poëtische teksten, het schitterend decor in geel en blauw en feloranje, de
fantastische acteurs maakten van deze toneelervaring een hoogtepunt. alleen al
de scène waarin de roodharige actrice fania sorel helemaal naakt
een intense blues zingt is de moeite waard....
.
in alle drie de toneelstukken stond uiteindelijk schoonheid centraal.
desondanks. doorheen het wemelen van (wan)hoop en verlangen, de pogingen tot
zingeving en bevestiging, de droom van verlossing, de bevrijdende worsteling
met de leugen, de eenzaamheid en de verveling sijpelde een ongeëvenaarde schoonheid - de schoonheid van het leven zelf.
* lenigen: bevredigen -buigzaam maken -laven
-lessen -vorm van lenig -mitigeren -nederlands werkwoord -soulageren -stelpen
-verhelpen -verlichten -verzachten
vloed. als ik een tekst lees, als ik schrijf, moet het vloeien. teveel worden wij om de oren geslagen met het credo: schrappen, schrappen, schrappen. natuurlijk moeten wij, sublieme schrijffreaks, vervelende passages, een teveel aan bijvoeglijke naamwoorden en nietszeggende bijwoorden (zoals bijvoorbeeld er) durven bannen uit onze epistels, maar als door het veelvuldig schrappen onze tekst op een stoppelveld begint te lijken en de woordenstroom begint te wijken voor onhandig gesputter, dan prefereer ik een vloedgolf van woorden boven een onduidelijk wegebbend gestamel.
het summum van schraplust in de literatuur is natuurlijk de extreem korte japanse haiku. zeventien lettergrepen, alsjeblief en een wereld wordt opgeroepen. maar haiku heeft zo zijn eigen inhoudelijke en formele wetmatigheden. een haiku is een ademtocht, een zucht van verrukking om bijvoorbeeld een schoonheidsbeleving.
niet te vergelijken met proza, moderne (?) westerse (?) poëzie of poëtisch proza - of prozaische poëzie - waarbij de schrijver amechtig een verhaal, een langvolgehouden lijn of beweging, een lang uitgesponnen dans, een lied dat tot in de oneindigheid blijft nazinderen, het voortdurend dreinen van het gemoed dat een leven lang kan blijven duren of een innerlijke of uiterlijke reis verwoordt.
wat ik wil zeggen: een tekst moet gewoon goed zijn, de taal puntgaaf, de inhoud en de vorm in volmaakt evenwicht of eventueel in een schitterende of anders onthutsend (on)evenwichtige balans.
dit zalige weekend las ik mijn lieve schrijfmaatje een paar gedichten voor. hij suggereerde olijk een schrapsessie. misschien had hij gelijk, maar toch vond ik dat mijn hele tekst eraan ging. maar van intocht der orchideeën, mijn laatste onbetamelijk aanmatigend subliem rommelgedicht, zei hij dat ik eindelijk een gedicht had geschreven dat donker begon en licht eindigde en niet omgekeerd. dat het niet stopte bij een akelig woord als perpendiculair of warmtegeleidingsvermogen was een tweede pluspunt. daarom publiceer ik gezwind dit product. eigenlijk stel ik een zekere fragiliteit (gesymboliseerd door de verzuchtingen van de oude dame) tegenover de overrompeling van een zich steeds brutaler manifesterend leven (de sensueel ogende orchideeën).
het eindigt trouwens ook, denk ik, op een verontrustende noot, ondanks de ogenschijnlijke verlokking..
intocht der orchideeën
.
eind februari, nog woelt winterkou
door mijn gebeente, ijsrif, bevroren
skelet.
vrouw van aardalkali ben ik, met krakende,
passerpassend pulserende calciumledematen,
lijf van rammelende ouwevrouwenknoken.
heupen als kurkentrekkers, knobbelvoeten,
eelt.
.
nog dreigt sneeuw, maagdelijke
snertsneeuw,
merde. bij het haardvuur
rommel ik stiekem
met de telramen: ze zijn met honderden,
de orchideeën. wereldvreemd, als van papier,
parmantig op hun stengel. ze staren me aan,
ietwat verwilderd gracieus, in bochten
gewrongen
met open mond en nog opener exotische
kont.
hij, mijn lachende afghaanse kruidenier,
mijn vreselijk bruine buurman met openstaande
kraag, vraagt 15 euro voor een orchidee.
daarbij
krijg ik ook nog een toef tomaatjes
cadeau. waw!
glimlachend glijd ik in de afgrond, mijzelf
bevrijdend van referenties of onterechte
angst.
kocht ik tekens van leven? met twee
potjes
kersenjam erbij, de meest exquise
toevoeging.
.
ach, orchideeën! fel vlees. witgeel, dieproze,
paarsblauw. ongeëvenaard grijs, met schakeringen
van - 25%, (black orchid, bijna zwart) - 40%
(bijna halfzwart, met zweem van choco), -
50%
(halfzwart) of - 80% (misnoeglijk teder,
ietwat vaal).
orchideeën overal, aan ramen, verdomde uitstalramen,
op vensterbanken, salontafels, in soaps.
in wachtkamers, etablissementen. op het
toilet.
(zie je dan niet hoe ze ons elke dag
overdonderen,
hoe we schabouweljk verwonderd, verbouwereerd
verbaasd, hoe we pertinent, perplex en
pardoes
worden gewaarschuwd, hoe we angstig dromen
over de intocht, de intocht bij dag, de
intocht
bij nacht, de intocht der orchideeën?)
in bloemenzaak edelweiss, op sint-rochus,
bij anne k., bij sofie s., op de halleweg
nummer 15.
ik tel ze elke dag, elk uur, elk moment, ze
wenken
ik ben dus niet verkozen tot stadsdichteres van halle! zeven kandidaten
hadden zich aangemeld, drie werden geselecteerd (waaronder de schitterende
ondergetekende, yasmin), maar nipt werd een nog onbekende (jonge) halse dichter
gelauwerd. zijn naam wordt pas binnen enkele maanden bekendgemaakt. ben heel
nieuwsgierig, niet alleen naar zijn persoon, vooral naar zijn schrijfsels. zijn
taak (het dus is bijna zeker geen vrouw!), zijn taak zal niet de minste zijn:
twaalf gedichten in opdracht schrijven, gedichten in hals dialect schrijven (?),
aanwezig zijn bij evementen en in de jury zitten van de halse poëzieprijs,
haha!
het interview met de jury was wel spannend (ik was het eerste slachtoffer!), de
juryleden hadden zichtbaar pret omdat ze hun vragen zomaar konden afvuren op
het leuke grijze dametje dat haar gedichten zo gevoelig kon voordragen.
alhoewel ik een beetje uit mijn nek heb zitten kletsen, vond ik toch dat ik
goeie reclame voor mezelf heb gemaakt. ach, mijn palmares is toch niet de
minste: ben redactielid geweest van twee literaire tijdschriften en heb
voorlopig drie dichtbundels uitgegeven. mijn roman in schijfjes zit bij
de uitgever, ik heb een literaire blog en zeker genoeg materiaal voor twee
nieuwe dichtbundels. ik weet ook iets af van het theater (zie mijn
persoonsbeschrijving) en organiseerde talloze schrijfateliers op school.
tenslotte ben ik ook een fervente haiku-dichteres, waw!
heb ik er verkeerd aan gedaan te refereren naar david lynch (wiens film inland
me toch lichtjes inspireerde voor het gedicht over halle), ramsey nasr (die
als stadsdichter van antwerpen probeerde toegankelijke gedichten te
schrijven), radio klara (op wiens website ik had zitten lezen over clichés
betreffende poëzie), het steenwegenproject (waar ik toch met veel
enthousiasme aan had meegewerkt en waarvoor ik de leuke gedichten ontijd en
plaslion had geschreven) ??? ach,
misschien is het juist die veelzijdigheid, die verspreiding, die veelheid aan
referenties, die me de spreekwoordelijke das heeft omgedaan. hoe ouder ik word,
hoe meer ik besef dat het beter is je duidelijk met maar een paar disciplines
bezig te houden dan je te zeer te spreiden. wat je dan doet, doe je goed en
afgelijnd.
ook ontdekte ik bij mezelf misschien te veel gevoelens van bereidheid (ik ben
echt te plat gaan liggen, alhoewel ik aan een jurylid, de dorpsdichter
van galmaarden, toch brutaal heb durven zeggen dat hij mijn gedicht niet
goed had gelezen), te veel enthousiasme en misschien zelfs een beetje te veel
happigheid naar geld en eerbetoon (money, money...). niets menselijks is mij
vreemd. want alhoewel de 2000 euro, het bedrag dat ik na een snelle berekening
vooropstel als totale verloning van de halse stadsdichter, maar een piepkleine
maandwedde (in vroegere jaren) voor me betekent, is het geld toch maar goed
meegenomen in deze tijden van crisis, haha!
maar er spookt nog een ander argument door mijn hoofdje: werd ik misschien te
oud bevonden door de heren en dame van de jury? het is waar: deze winter
heb ik voor 't eerst in mijn leven mezelf voelen ouder worden, heel vreemd. ik
werd er zowaar depressief van. maar gelukkig ben ik al aan een tegenbeweging
bezig: ik ga elke week naar de yoga en probeer trouw (zoals ingeborg)
elke dag enkele houdingen op mijn tapijtje in te oefenen.
eigenlijk wil ik dansen.
2.
ondertussen bereiken mij enkele reacties, mensen houden mij op straat tegen om
mij moed in te spreken en mij bijna gefluisterde boodschappen door te
geven. naar het schijnt doen geruchten de ronde, als zou de verkiezing van de
halse stadsdichter nep zijn, een vooropgesteld scenario met politieke
connotaties (ik kan er makkelijk zelf enkele bedenken).
dit zou me verbazen en vooral veel verdriet doen, een afgang voor de poëzie, de
literatuur en de politiek an sich. ik weet: er is ook zoiets als de
tijdgeest en in eerste instantie is het handig om je met de tijdgeest mee
te laten drijven. maar ik ben hoogstwaarschijnlijk ouderwets (of liever: wijs)
en laat mij niet meer zo makkelijk meeslepen. in dit meest zuidelijke
stadje waar nederlands gesproken wordt is het tegenwoordig zowaar de trend het
zogenaamde zuiverevlaamse karakter van halle koste wat koste te willen
behouden. met het eerste deel van deze wens ga ik plus of min akkoord, alhoewel
ik mij voortdurend afvraag wat dat 'zuivere vlaams' nu eigenlijk betekent. over
het tweede heb ik enige reserves.
als politieke ideeën mensen tegen elkaar opruien met even ingebeelde als
waardeloze argumenten (taal, huidskleur, geslacht, afkomst, ideologie), wat dan
resulteert in het goedpraten van onwaarschijnlijk grof en gewelddadig gedrag,
dan neem ik afstand. meningsverschillen mogen bestaan, ruzie maken mag (liefst
zelfs), maar toch stel ik een warme, menswaardige en open samenleving
voorop. uiteindelijk hebben we allen maar 1 gemeenschappelijke vijand: domheid,
egoïsme en eigenbelang in al zijn uitingsvormen.
daarbij zijn er, naast de lawine van economische crisissen waarmee we de laatste
tijd worden overdonderd (al die ontslagen moeten toch zware
gevolgen hebben op de dagelijkse levensomstandigheden van de betrokkenen, zeg?!?!?) geopolitieke
evoluties aan de gang waar wij toch even stil moeten bij staan: maandag 23
maart naar koppen XL gekeken, dames en heren? als de aarde 6 graden
opwarmt verdwijnt alle leven op aarde...
ach, mijn gedachten zijn misschien te algemeen en te open-minded. misschien
moet ik ook een krengerige en hautaine attitude aankweken als ik weet dat dedie
en dedie er voor bepaalde zaken een andere mening op nahoudt dan ik, zo pas ik
beter in een bepaald plaatje. misschien om deze redenen dat ik (nog) geen stadsdichteres
van halle ben geworden?
3.
maar argh, alle gekheid op een stokje: ik ben eerder het type vrouw dat zich
amuseert. ben heel tevreden dat ik heb durven deelnemen aan de wedstrijd stadsdichteres
van halle. ben ook tevreden over mijn inzending (zie bijlage), die
misschien de aanzet is tot een nieuwe cyclus.ook moest ik een paar dagen geleden monkelen toen een jonge schrijversvriend
me voorstelde om schaduwdichteres van halle te worden. ik zou dan iedere
keer als de stadsdichter aan het werk wordt gezet een schaduwgedicht (cool!)
moeten schrijven. leuk idee, ik zie me al de stadsdichter voortdurend schaduwen,
spannend!
lieve leden van de jury (1 vrouw en voor de rest allemaal mannen, haha, heb ze
in gedachten allemaal sprookjesnamen gegeven), wees dus gewaarschuwd:
dit grijze gevoelige dametje zal - lichtjes loensend misschien van het overdadig
(dit zal ondertussen weer een bericht worden van 1785 woorden, de teller duidt
het aan) tokkelen op deze verdomde pc- nooit stoppen met schrijven, of het nu in de
schaduw is, of in het immense licht.
ps: in bijlage twee vragen uit een
interview met miriam van hee over het gentse stadsdichterschap (geplukt
uit het digitaal literair tijdschrift meander, zie http://meandermagazine.net/wp/2009/03/gedichten-64/).
dit is de cover van de zesde (!) roman van suzanne binnemans, een
verrukkelijke dame uit lier die verrukkelijke romans schrijft.
ik wil dit bericht dus
wijden aan prooi, een boekje van 128 pagina's. het verhaal leest
als een trein, maar als vrouwelijke lezer stel je je toch heel veel vragen en
misschien blijf je zitten met gevoelens van vervreemding en verwarring, zo
intrigerend is deze roman van suzanne binnemans.
ik knip en plak hierbij eerst de algemene introductie, zoals ik ze kan lezen op
de achterflap en ook op de webpagia van haar uitgever:
Eva, een
getrouwde vrouw van net veertig, is de gedroomde prooi. Ze zoekt iemand die
haar weer gelukkig kan maken, iemand die na haar opa’s dood zijn plaats in kan
nemen, iemand bij wie ze het gevoel kan hebben dat ze leeft. Hij, een man op
leeftijd, wil haar niet bezitten in de betekenis die andere mannen eraan geven.
Hij wil dat ze van hem houdt, dat ze verslaafd raakt aan zijn oordelen en
meningen. Hij wil haar binden door macht. Verlangt naar onvoorwaardelijke
toewijding en onderdanigheid. Er ontstaat een soort ‘bedrog’, een soort
overspel. Haar nood tot spreken en begrepen te worden is echter net zo groot
als de zijne. Tot hij te ver gaat en er een machtsstrijd ontstaat. Ze willen
beiden zien wie het langst stand houdt en wie het meest heeft geleerd. Eva’s
angst om verlaten te worden en zijn problemen met de onmacht en aftakeling die
bij het ouder worden horen, klinken door tot in iedere zin.
oeps, de beschrijving
van een relatie tussen een oudere man en een jonge vrouw? niks bijzonders, zou
ik zo op het eerste zicht zeggen, niks origineels, maatschappelijk totaal
verantwoord. als dit boekje nu zou gaan over een oudere dame die verliefd wordt
op een jonge man? tegenwoordig ook wel in de mode, zo’n rijpere vrouwelijke geliefde
wordt dan een poema genoemd…
hehe, yasmientje, lees
eerst en verorber, voor je met je belachelijke vooroordelen afkomt!
en dat heb dus ik de
laatste paar uren amechtig gedaan. het boek is een bevreemdend relaas in de
ik-persoon van een oude man van 75, een zakenman, die mijmerend verslag
uitbrengt over zijn liefdesavontuur met de veertigjarige eva.
het verhaal is in
eerste instantie ronduit vertederend. de oude man is als een zorgzame vriend,
die troost en bescherming biedt aan een jonge vrouw, wiens huwelijk net op de
klippen is gelopen. de oude man is voor haar een surrogaat grootvader, want
haar eigen opa is oud en ziek en tot immens verdriet van evaatje gaat hij dood.
de toon gebezigd door
de oude zakenman in zijn bijna-dagboekrelaas, lijkt aanvankelijk zacht en
luchtig en onthecht. af en toe bekent hij zelfs openlijk aan de lezer dat hij
zich anders voordoet dan hij is. hij heeft altijd geleerd zich te profileren
als mannelijk en sterk en weigert een softe houding aan te nemen. diep in zichzelf
beseft hij dat zijn krachten zienderogen afnemen.
door het
leeftijdsverschil heeft hij de indruk dat hij eva volledig kan manipuleren,
haar gedachten en gevoelens kan leiden en sturen in de richting die hij wil.
tot hij fataal een grens overschrijdt en eva zich verontwaardigd en gekwetst
terugtrekt. zij wil niet misbruikt worden, haar oude zachte vriend blijkt niet
de persoon te zijn die zij dacht, maar een mannetjesputter die zijn prooi wil
vernederen en bezitten. hij wil haar in zijn macht. maar dat is zonder de
vrouwelijke intuïtie gerekend. net op tijd worden eva’s ogen geopend en
zij zoekt hem niet langer op.
het verhaal baadt in een sfeer van warme familierelaties. het verleden (in
de gedaante van de levensverhalen van de ouders en grootouders van eva) wordt
door suzanne binnemans kunstig verweven met de actuele setting, een ijvere
omgeving van zakelijke werksituaties en een dagelijkse levenssfeer zoals wij
die allemaal kennen. naar het einde toe wordt de toon killer, en het boek
eindigt bijna als een psychologische thriller, waarbij de lezer zelf de
dramatische uitkomst van de relatie tussen de oude man en zijn geliefde eva kan
invullen.
suzanne binnemans doet hier een poging om in de huid te kruipen van een
oude eenzame man. de vraag die ik me voordurend stel is: slaagt zij hierin? of
liever: kan een (oudere) man echt een mix zijn van vriendelijkheid en
machtswellust? kan een man zijn 'mannelijkheid' alleen maar bewijzen door daden
te stellen die getuigen van een misselijk makende pervertie? eigenlijk zou ik
het advies van een mannelijke lezer moeten inwinnen, die dan misschien met meer
zekerheid zou kunnen beamen of een man zo denkt als het hoofdpersonage van prooi.
mijn eigen evaringen zeggen me wel dat mannen heel subtiel en zachtaardig
kunnen zijn, ontzettend gevoelig en attent en tegelijk ook heel macho en
viriel. maar bewijst suzanne binnemans hier niet dat er altijd een angeltje
onder het gras schuilt? wat is nu eigenlijk de bedoeling van een man als hij
een vrouw begeert? hoe functioneert hij werkelijk in een liefdesrelatie? kunnen
we de bedreigende portretten die de schrijfster hier van onze mannelijke
vrienden en geliefden schetst voor waar aannemen, of zijn de oude zakenman en zijn
zoon alex prototypes van het soort individuen, waar we maar best bij uit de
buurt blijven???
in elk geval heb ik genoten van dit verrukkelijke boekje. suzanne binnemans
gebruikt een loepzuivere taal en haar stijl is ietwat onderkoeld. toch zijn haar
personages heel vriendelijk, levenesecht en charmant. ik raad iedereen aan, om
de winter knus te beëindigen,, dit boekje op de nachttafel te leggen en zich te
laten bekoren door de vertelkunst van deze te weinig gekende vlaamse
schrijfster.
Suzanne BINNEMANS, Prooi,
Haarlem, In de Knipscheer, 2008, 128 p., 14,50 €.
hèhè, eindelijk ben ik erin geslaagd twee foto's tegelijk te publiceren. oef,
ze verschijnen plots onder elkaar op deze blogpagina, daarom plaats ik er mijn tekst tussen.
onderste foto is de cover van de zesde (!) roman van suzanne binnemans, een
verrukkelijke dame uit lier die verrukkelijke romans schrijft. bovenste
foto is haar liefelijk portret.
ik wil dit bericht dus
wijden aan prooi, een boekje van 128 pagina's. het verhaal leest
als een trein, maar als vrouwelijke lezer stel je je toch heel veel vragen en
misschien blijf je zitten met gevoelens van vervreemding en verwarring, zo
intrigerend is deze roman van suzanne binnemans.
ik knip en plak hierbij eerst de algemene introductie, zoals ik ze kan lezen op
de achterflap en ook op de webpagia van haar uitgever:
Eva, een
getrouwde vrouw van net veertig, is de gedroomde prooi. Ze zoekt iemand die
haar weer gelukkig kan maken, iemand die na haar opa’s dood zijn plaats in kan
nemen, iemand bij wie ze het gevoel kan hebben dat ze leeft. Hij, een man op
leeftijd, wil haar niet bezitten in de betekenis die andere mannen eraan geven.
Hij wil dat ze van hem houdt, dat ze verslaafd raakt aan zijn oordelen en
meningen. Hij wil haar binden door macht. Verlangt naar onvoorwaardelijke
toewijding en onderdanigheid. Er ontstaat een soort ‘bedrog’, een soort
overspel. Haar nood tot spreken en begrepen te worden is echter net zo groot
als de zijne. Tot hij te ver gaat en er een machtsstrijd ontstaat. Ze willen
beiden zien wie het langst stand houdt en wie het meest heeft geleerd. Eva’s
angst om verlaten te worden en zijn problemen met de onmacht en aftakeling die
bij het ouder worden horen, klinken door tot in iedere zin.
oeps, de beschrijving
van een relatie tussen een oudere man en een jonge vrouw? niks bijzonders, zou
ik zo op het eerste zicht zeggen, niks origineels, maatschappelijk totaal
verantwoord. als dit boekje nu zou gaan over een oudere dame die verliefd wordt
op een jonge man? tegenwoordig ook wel in de mode, zo’n rijpere vrouwelijke geliefde
wordt dan een poema genoemd…
hehe, yasmientje, lees
eerst en verorber, voor je met je belachelijke vooroordelen afkomt!
en dat heb dus ik de
laatste paar uren amechtig gedaan. het boek is een bevreemdend relaas in de
ik-persoon van een oude man van 75, een zakenman, die mijmerend verslag
uitbrengt over zijn liefdesavontuur met de veertigjarige eva.
het verhaal is in
eerste instantie ronduit vertederend. de oude man is als een zorgzame vriend,
die troost en bescherming biedt aan een jonge vrouw, wiens huwelijk net op de
klippen is gelopen. de oude man is voor haar een surrogaat grootvader, want
haar eigen opa is oud en ziek en tot immens verdriet van evaatje gaat hij dood.
de toon gebezigd door
de oude zakenman in zijn bijna-dagboekrelaas, lijkt aanvankelijk zacht en
luchtig en onthecht. af en toe bekent hij zelfs openlijk aan de lezer dat hij
zich anders voordoet dan hij is. hij heeft altijd geleerd zich te profileren
als mannelijk en sterk en weigert een softe houding aan te nemen. diep in zichzelf
beseft hij dat zijn krachten zienderogen afnemen.
door het
leeftijdsverschil heeft hij de indruk dat hij eva volledig kan manipuleren,
haar gedachten en gevoelens kan leiden en sturen in de richting die hij wil.
tot hij fataal een grens overschrijdt en eva zich verontwaardigd en gekwetst
terugtrekt. zij wil niet misbruikt worden, haar oude zachte vriend blijkt niet
de persoon te zijn die zij dacht, maar een mannetjesputter die zijn prooi wil
vernederen en bezitten. hij wil haar in zijn macht. maar dat is zonder de
vrouwelijke intuïtie gerekend. net op tijd worden eva’s ogen geopend en
zij zoekt hem niet langer op.
het verhaal baadt in een sfeer van warme familierelaties. het verleden (in
de gedaante van de levensverhalen van de ouders en grootouders van eva) wordt
door suzanne binnemans kunstig verweven met de actuele setting, een ijvere
omgeving van zakelijke werksituaties en een dagelijkse levenssfeer zoals wij
die allemaal kennen. naar het einde toe wordt de toon killer, en het boek
eindigt bijna als een psychologische thriller, waarbij de lezer zelf de
dramatische uitkomst van de relatie tussen de oude man en zijn geliefde eva kan
invullen.
suzanne binnemans doet hier een poging om in de huid te kruipen van een
oude eenzame man. de vraag die ik me voordurend stel is: slaagt zij hierin? of
liever: kan een (oudere) man echt een mix zijn vriendelijkheid en
machtswellust? kan een man zijn 'mannelijkheid' alleen maar bewijzen door daden
te stellen die getuigen van een misselijk makende pervertie? eigenlijk zou ik
het advies van een mannelijke lezer moeten inwinnen, die dan misschien met meer
zekerheid zou kunnen beamen of een man zo denkt als het hoofdpersonage van prooi.
mijn eigen evaringen zeggen me wel dat mannen heel subtiel en zachtaardig
kunnen zijn, ontzettend gevoelig en attent en tegelijk ook heel macho en
viriel. maar bewijst suzanne binnemans hier niet dat er altijd een angeltje
onder het gras schuilt? wat is nu eigenlijk de bedoeling van een man als hij
een vrouw begeert? hoe functioneert hij werkelijk in een liefdesrelatie? kunnen
we de bedreigende portretten die de schrijfster hier van onze mannelijke
vrienden en geliefden schetst voor waar aannemen, of zijn de oude zakenman en zijn
zoon alex prototypes van het soort individuen, waar we maar best bij uit de
buurt blijven???
in elk geval heb ik genoten van dit verrukkelijke boekje. suzanne binnemans
gebruikt een loepzuivere taal en haar stijl is ietwat onderkoeld. toch zijn haar
personages heel vriendelijk, levenesecht en charmant. ik raad iedereen aan, om
de winter knus te beëindigen,, dit boekje op de nachttafel te leggen en zich te
laten bekoren door de vertelkunst van deze te weinig gekende vlaamse
schrijfster.
Suzanne BINNEMANS, Prooi,
Haarlem, In de Knipscheer, 2008, 128 p., 14,50 €.
even op een rijtje zetten wat mijn opdrachtjes zijn de komende dagen (om de tel niet kwijt te raken en niets te vergeten):
1. elke dag mijn potjes krokussen, die ik uit de tuin naar binnen heb gehaald, nauwkeurig bewonderen en bestuderen. een potje-met-krokusbolletje had ik al wat vroeger dan de anderen op de vensterbank gezet en zowaar, de tedere lila kopjes openen zich elke dag een millimeterstreepje wijder. ik zie langs de binnenkant van de kelkblaadjes donkere paarse stipjes, heel mooi. maar 's avonds sluiten ze zich opnieuw, het is trouwens nog altijd grijs druilerig februariweer, zo intriest...
2. al een beetje aan de grote schoonmaak denken, hier en daar een kastje opruimen, overgordijnen in de wasmachine steken en stapels papieren ordenen...
3. beginnen met de opdracht voor de leesclub: heb al opgezocht wat elementaire deeltjes zijn, ben al aan hoofdstuk 3. ga namen noteren en nog wat termen opzoeken, want van genetica en scheikunde heb ik geen kaas gegeten.
4. men heeft mij ook gevraagd een oordeel uit te spreken over een reeks van 270 (!) haiku's. het gaat met cijfertjes, maar toch ben ik verplicht in totaal 810 verzen en 4590 lettegrepen te lezen, whaw!
4. het artikel van walter over de theeceremonie lezen en van een kleine commentaar voorzien.
5. mijn boeken van de bib uitlezen.
6. dit blog verder indelen en verfraaien.
7. aan mijn haikublog werken.
8. aan mijn twee dichtbundels- in- voorbereiding werken.
9. haiku's schrijven over tekens van leven
10. het kleine verrukkelijke boekje van annie ernaux uitlezen, passion simple, over een obsessioneel liefdesavontuur, waarbij alles, maar dan ook alles in het dagelijkse leven van de ik-persoon in het teken komt te staan van die liefde. le moment suprème...
oei, oei, foei, foei. zo weinig tijd de laatste dagen!
ik wil eigenlijk al enkele ochtenden een bericht schrijven over de toffe nederlandse dichteres anne vegter, maar eigenlijk spookt een gedachte, of liever een vraag door mijn hoofdje, dat door zijn bijzondere lading eigenlijk meer tot het domein van de levenskunst behoort, de flosofie, de ethiek en de moraal. maar ben er helemaal mee bezig, moet er uit zien te raken, het is een bijna levensnoodzakelijke queeste, alsof ik zonder antwoord niet zou kunnen overleven..
dit is de vraag: moet ik nu, op mijn toch wel rijpere leeftijd, na alles wat ik in dit leven heb moeten smaken en met alle dramatische tijdingen die me de laatste dagen bijvoorbeeld bereiken (a. heeft kanker, b. gaat dood aan diezelfde kanker, c. zijn vriend heeft zichzelf gedood, c. zijn dochter is aan het scheiden, d. heeft maar 1 onderwerp waarover ze
kan praten en juist over dat onderwerp wil ik niet praten, daarom gooit
ze woedend de telefoon neer, e. heeft zich onder een trein gegooid, f. is voor zijn leven lang gehandicapt, niet omdat hij, zoals hij eerst vertelde, door een waanzinnige patiënt is aangerand, maar wel omdat hij zelf zijn polsen met messen heeft bewerkt, zijn vitale zenuwbanen definitief heeft doorgesneden omwille van een vrouw enz enz)...
moet ik nu medeleven betonen, solidariteit, emoties, omwille van al deze drama's??? moet ik mezelf confronteren met deze onaangename toestanden, er zelf ook onder lijden (mee-lijden), dit alles uit menselijkheid, mededogen, naastenliefde enz... moet ik dit in mijn leven toelaten, of mag ik deze drama's mentaal van me afzetten en me alleen concentreren op positieve ervaringen, dingen die me gelukkig maken, schoonheid, kunst, liefde, ontspanning, onthechting enz...
ik heb een voorgevoel dat, als je extreem het onaangename (en ook mensen die je onaangename gevoelens bezorgen!) uit je leven bant en je zogenaamd laat medrijven door het geluk, het niet-geluk plots opnieuw zal verschijnen als een grote donkere allesoverheersende wolk, als donder en bliksem, je zal er dan niet tegen opgewassen zijn... ach, ik probeer het zo: als ik het onheil een beetje beu ben, dan sluit ik me af, zoek andere energiebronnen op, lees, lees en lees, luister rnaar prachtige muziek en vermijd vooral mensen. heel egoistisch, maar het zij zo.
daarna kan ik weer wat aan. schrijven moet ik, al is het maar dit tokkelen op mijn blog. de laatste dagen droom ik van bloesemwandelingen in haspengouw: dit is mijn volgend onhandig en dus fantastisch project!
2.
anne vegter dus. van de bib heb ik de dichtbundel spamfighter* geleend. gebiologeerd staar ik naar haar verzen, probeer ze te snappen, kom tot de ontdekking dat je ze niet vlug kunt lezen, heel langzaam ontdooit het ijs waarin haar woorden gevangen zitten, maar o, wat een revelatie...
Er was op deze dag - tijdens
de lunchpauze - iemand die wilde weten hoe ik werk,
waar mijn ideeën vandaan
komen. Tja, zei ik het probleem van de idee is
dat de problemen precies
daar beginnen waar ze vandaan komt, neem nu dit gesprek.
(fragment)
haha, schitterend aforistisch woordenspel. de idee als oorsprong van alle kwaad. heeft wel iets, dit vers!
All inclusive
Wat wil je geven? Of beter vragen wat het laatste is wat
je onthield,
het kon wel eens de moeite waard zijn. Hecht je aan boodschappen?
Vandaag kocht ik doodgewone groene rijst. Ik trof een
wethouder
in de supermarkt die tegen me zei: hoe snel het organisme zich herstelt!
Ook slechte mensen overleven gemakkelijk. Ons gesprek was
van christelijke aard,
want overigens zijn we het oneens. Hij eet met kerst bij voorkeur in zijn
hoekhuis.
Ik heb je liefde genoemd als woord en daad en jij valt
van de trap en je hoofd knapt
en het geheugen stroomt uit je oren. Liefste, zwijgen verheft niet
steeds.
We zullen middelen moeten vinden om onze eindigheid te
vervullen.
Keer de attracties niet de rug toe. Botsen, zweven, duiken, rollen, hangen
en trilling lengt tijd.
tijdens het lezen van anne vegters gedichten vroeg ik me telkens af: kan ik ook zo schrijven? het is alsof anne vegter zomaar flarden van gesprekken noteert, in de surrealistische, soms grappige en dikwijls incoherente volgorde waarin gesprekszinnen mekaar opvolgen. heerlijk! maar haar eigen commentaren en verdichtingen maken het gedicht wat het is. ik vraag nog eens: kan ik dit ook?
Negen
moest ik worden, negen werden
ik en mijn vriendjes
later, allemaal vroeger, maar
ik zei neger, een woord
dat wel kon, ik word
negerrrrrrr. Mijn broer fluisterde
in me dat ik groot werd en dat
onder de haren van grote
kunstenaars kleine
oren zitten en dat oren groeien als je ouder wordt
maar die van kunstenaars blijven klein
(fragment)
Zeventien werd ik
en op een dag voelde ik mij waardeloos omdat ik zeventien
werd.
Mijn haar viel uit, ik vond ochtendbossen op de sloop.
We deden huidje en transplantatietje, ik had al eens een
neger gehad.
Ik speelde twintig maanden in reservetijd met oude mandarijnen.
Schoor de neger, hij was lief. Hij had zijn ouders nog. Toen
sloopte hij
mijn kleine driehoek. Het schreeuwen van een kut in mijn slip:
ik wilde op de buik, inzwarte ander. Hij nam het kind op,
mijn natte bit. Zo oud kon je niet – die ouders leefden toch.
Later, zei hij, echt zou hij schrijven.
in deze twee gedichten gaat het over opgroeien, ouder worden. zal ik naar dit voorbeeld eens beginnen schrijven over hoe het aanvoelt, oud te worden - op je zestigste?
de volgende opdracht in de leesclub read and meet: de elementaire deeltjes van de franse schrijver michel houellebecq*. ik lees hem in het frans, zware opdracht. zal nota's nemen...
* MICHEL HOUELLEBECQ, Les particules élémentaires, Flammarion,
1998
de stad halle heeft een galerie: in het oude postgebouw mogen kunstenaars die het willen hun kunstwerken tentoonstellen. motor achter deze activiteiten is een vereniging, de kader genoemd geloof ik, waar jean-pierre laus een van de inspirerende leden is.
dit keer was ik uitgenodigd op de vernissage van de tentoonstelling not now/here (kan ook gelezen worden als: not nowhere) van bruno hardt* - zie canvas labodelux. ik publiceer hier een paragraaf uit de bijhorende tekst, die ik verrukkelijk vindt, omdat jpl - misschien zonder dat hij het zelf beseft- in een paar zinnen de eenzaamheid van het moderne individu omschrijft:
vanuit een 'beeldenbank' die hij heeft aangelegd, boetseerde bruno hardt plaasteren hoofden die her en der in de tentoonstellingsruimte werden geplaatst. ze tonen bruno's kijk op een wereld van vervreemde individuen die zich afschermen van de anderen door het dragen van luisteroortjes van ipod en mp3 of mobiele spelapparaten. andere passed-out-figuren zijn dan weer het slachtoffer van manipulatie of bevinden zich in een roes. allen slaken een kreet van wanhoop en happen naar lucht. bruno confronteert de bezoeker met een stilgelegd moment van ontreddering.
volgende zondag hou ik de galerie open. tijd zat dus om deze intrigerende kunstwerken van nabij te bekjken. wat niet zo erg lukte op de vernissage, want er was toch wat volk en ik weet niet wie dit had uitgevonden: de zaal was verduisterd, heel mysterieus. alleen de kunstwerken waren belicht.
het publiek bewoog zich daarentegen in een schaduwwereld. een kunstwerk op zich, moet ik zeggen.
* van 6 februari tot 22 februari 2009, in de oude post te halle
de palestijns-nederlandse dichter ramsey nasr is de nieuwe dichter des vaderlands!
mijn vreugde kan niet op. hij was overduidelijk mijn favoriet. hij verdient de prijs voor honderd procent. hij is dan ook de auteur van verrukkelijke gedichten als:
wonderbaarlijke maand
dat was in de wonderbaarlijke maand
van bloesemingen en overvloed
toen mijn borstkas opstoof als papaver
ribben in sierpennen uitwaaierden
mei mijn magere taal openbrak
vergelijkingen vrat als vuur water
ik schaamde mij diep naar poldergewoonte
in loden jas tussen druppel en wind
ongevoelig bij takken struikgewas doornen
had ik licht opgevat
ik wreef haar in
en doorzichtig vernederend fonkelniezen
kwam over mij o wonder daar ging ik
men zou van mij minder uit schamen gaan
maar dit was mijn ziekte baarlijke liefde
Gedicht van Ramsey Nasr uit de bundel: ‘onhandig bloesemend’ (2004).
overheerlijk, niet?
maar met dit gedicht verantwoordde hij zijn dichtersschap:
ik wou dat ik twee burgers was (dan kon ik samenleven)
en dit is mijn gedicht, komt u binnen let niet op de galm, wees niet bang laat ons beginnen in leegte welkom in mijn krater van licht
ooit kwamen wij samen, u en ik, weet u nog koel leefden wij op in de glans van een roemer onze schaduwen als helder kristal onze roem even terloops als de lichtval op de brief van een windstille vrouw
goudbestoft waren wij bleek, bijna doorschijnend van liefde waren wij wij loken de ogen voor de ander
en wij hielden van boetedoen vroeg iemand hoe het met ons ging dan zeiden we naar waarheid we schamen ons kapot, meneer wij waren er heilig van overtuigd dat wij ooit onze bloedeigen heer zelf met gesels ineengeslagen en op eigen houtje gekruisigd hadden de apocalyps stond bij voorbaat als straf op ons netvlies gebrand
en wat is er gebeurd in die paar eeuwen dat wij even de andere kant opkeken?
ik wilde u graag een vaderland tonen vormvast, zuiver en met volgehouden metaforen een gedicht kneden over ons, maar toen ik begon moest ik toezien hoe hier het ene volk het andere spontaan begon te vagen als twee onverenigbare republieken
hoe kwamen wij zo snel van nietig tot lomp van weerschijn tot alomaanwezige schreeuwhomp? hoe kon uit zuinige rupsen dit hummervolk opstaan?
ze zeggen: omdat god verdween - onze vader had besloten nog wat onzichtbaarder te worden dan hij al was, kijken of dat kon, nee dat kon niet weg was god en in dit stilleven met grote afwezige stonden nu de verbijsterde nederlanden hun monden nog vol van vergankelijkheid vol wuftheid en alom gewaardeerd doodsverlangen
al hun ijdelheid was ijdelheid gebleken al hun schijn, hun gekoesterde slijk, heel dit spiegelpaleis dat men ooit voor oneindigheid hield werd nu voorgoed onbewoonbaar verklaard je hoorde de rijp op hun zielen kraken
en uit dat gat – daar werden wij geboren kevin, ramsey, dunya, dagmar, roman en charity als bij toverslag kwamen wij tevoorschijn bungeejumpend, met oranje opblaashamers gillend en krijsend en antidepressief of zwijgend voor een breezer gegangbangd welkom in nederland vakantieland
ja dat krijg je ervan, dit volk houdt men over wanneer je de schuld uit ons lijf ramt we vullen de holte met glimmende leegte
tussen psalmenzangers en pillenslikkers tussen het goud en het blingbling vond ik een land dat werd opgeheven
dit land is de wraak van de voorvaderen als een beeldenstorm razen zij in ons voort maar het bestaat – zoals ook het verband tussen kinderstring en boerka bestaat tussen karnemelk en comazuipen: hol en bol schuiven wij onze eeuwen ineen
elkaar opheffen is onze kracht wij streven van nature naar leegte zoals een cycloop naar diepte snakt
ziet u, een vaderland wilde ik u tonen niet deze woestijn van oneindige vrijheid maar hier wonen wij, en hoe mooi zou het zijn als iemand ooit als een tweedehands godheid rijm voor rijm een land zou bouwen voor dit volk dat zijn volk mist
hier, in de open kuil van onze ziel juist hier zou iets groots kunnen worden verricht laat ons beginnen met een gedicht
bij de eedaflegging van de gloednieuwe amerikaanse president barack obama was een dichteres uitgenodigd, elizabeth alexander, ooit geboren in harlem, nu professor in yale. ik vond dit gedicht terug gisteren, bij het opruimen van tijdschriften en kranten. ik vertaalde het, enigszins met nonchalance, maar toch met veel enthousiasme:
Praise song for the
day.
Each day we go about our
business, walking past each other, catching each others’ eyes or not, about to
speak or speaking. All about us is noise. All about us is noise and bramble,
thorn and din, each one of our ancestors on our tongues. Someone is stitching
up a hem, darning a hole in a uniform, patching a tire, repairing the things in
need of repair.
Someone is trying to make
music somewhere with a pair of wooden spoons on an oil drum with cello, boom box,
harmonica, voice.
A woman and her son wait
for the bus.
Elke dag doen we ons ding, we lopen mekaar voorbij, maken oogcontact of
geen oogcontact, we gaan spreken of niet spreken. Alles omtrent ons is
gekrakeel. Alles omtrent ons is gekrakeel en zwarigheid, doornen en lawaai, al
onze voorvaders liggen op onze tong. Iemand naait een zoom, verstelt een gaatje
in zijn uniform, herstelt een lekke band, verstelt en herstelt de noodzakelijke
dingen.
Iemand probeert ergens muziek te maken met een paar houten lepels op een
olievat met een cello, geluidsbox, harmonica, stem.
Een vrouw en haar zoon wachten op de bus.
A farmer considers the
changing sky; A teacher says, “Take out your pencils. Begin.”
We encounter each other
in words, words spiny or smooth, whispered or declaimed; words to consider,
reconsider.
We cross dirt roads and
highways that mark the will of someone and then others who said, “I need to see
what’s on the other side; I know there’s something better down the road.”
We need to find a place
where we are safe; We walk into that which we cannot yet see.
Say it plain, that many
have died for this day. Sing the names of the dead who brought us here, who
laid the train tracks, raised the bridges, picked the cotton and the lettuce,
built brick by brick the glittering edifices they would then keep clean and
work inside of.
Praise song for struggle;
praise song for the day. Praise song for every hand-lettered sign; The figuring
it out at kitchen tables.
Some live by “Love thy
neighbor as thy self.”
Others by first do no
harm, or take no more than you need.
Een boer kijkt naar de veranderende hemel: Een leraar zegt: ‘Neem jullie
potloden. Begin.’
We ontmoeten elkaar in woorden, beenharde woorden, zachte woorden,
gefluisterde of gedeclameerde, woorden om over na te denken en om opnieuw over
na te denken.
We steken modderige straten over, banen die iemands wil markeren en van
anderen die zeiden: ‘Ik moet zien of er zich aan de andere zijde iets beters
bevindt’.
We moeten een plek vinden waar we ons veilig voelen;We wandelen naar hetgeen we nog niet kunnen
zien.
Zeg het ronduit, dat menigen gestorven zijn voor deze dag. Zing de namen
van de doden die ons hier naartoe brachten, die de treinsporen legden, de
bruggen bouwden, die katoen plukten en de sla, die steen voor steen de gebouwen
oprichtten die zij daarna schoon zouden houden en waarin ze zouden werken.
Lofdicht voor de strijd, lofdicht voor de dag. Lofdicht voor elk
handgeschreven teken: het uitschrijven ervan op keukentafels.
Sommigen leven bij ‘Hou van je buur zoals je van jezelf houdt.’ Anderen
doen geen kwaad en nemen alleen wat ze nodig hebben.
What if the mightiest
word is love, love beyond marital, filial, national. Love that casts a widening
pool of light. Love with no need to preempt grievance.
In today’s sharp sparkle,
this winter air, anything can be made, any sentence begun.
On the brink, on the
brim, on the cusp - praise song for walking forward in that light.
Wat als het machtigste woord liefde is, liefde verder
reikend dan huwelijk, kinderen, natie. Liefde die een weidse lichtbron vangt.
Liefde die het niet nodig vindt voorbij te gaan aan verdriet.
In de scherpte van de dag, in deze winterlucht, kan alles
gemaakt worden, elke zin begonnen.
Op het bord, aan de kant, aan het gewelf - lofdicht om
voorwaarts te treden in dit licht.