Ik ben mark dejongh
Ik ben een man en woon in Sint Gillis-Waas (Belgie) en mijn beroep is ziekenhuisapotheker.
Ik ben geboren op 23/08/1953 en ben nu dus 59 jaar jong.
Mijn hobby's zijn: joggen, tafeltennis, fietsen.
ik heb ook een mooie verzameling van meer dan 61.000 kroonkurken uit 200 verschillende landen.
Maar veel belangrijker, al meer dan 35j gehuwd met Irma en vader van vele lieve kinderen : Christophe, Thomas, Tine, Katrijn, Frederik, en Roeland.
opa gaat op stap
Relaas van de wandeltocht van St. Gillis-Waas naar Santiago de Compostela 112 dagen op pelgrimstocht : ontdekken, ontmoeten, onthaasten.
10-06-2012
Hotel Parador in Léon
San Marco, ik dacht hier moet ik zijn vannacht, maar het was iets boven mijn budget ...
Ik ga soms ook naar mijn eigen blog kijken, om de berichtjes te lezen Als je op de subgroep " reizen " klikt dan staat de blog in de top 5 van de 1014 blogs. Plezant om te constateren dat het thuisfront mijn verhaaltjes graag leest. Want soms zou ik , na een dagje stappen wel liever een pintje drinken , dan op de PC tokkelen. Maar geen medelijden, ik hou ervan om mijn caminovreugde met jullie te delen Pelgrimsgroeten
Hallo , ik weet niet of het jullie opvalt , maar de klok links op het startscherm staat op "-99".Morgen is het 100 dagen geleden dat ik er "even tussen uit trok". Velen hadden hun bedenkingen, maar zegden niks daarover. Ik wist ook niet waar ik aan begon , maar zag het al bij al best zitten. Sommige anderen niet. Tot op heden is het een super avontuur geworden dat ik nooit had durven dromen. Daarom nogmaals oprechte dank aan Irma, mijn lieve echtgenote die het goed vond dat ik er zolang vandoor ging om mijn droom te realiseren. Dank je schat, dank je wel. Ik ben er "al" bijna, nog maar 323 km. Over 3 weken ben ik weer bij jou !!
Vanmorgen hebben we onze vriend Gégé, Gerard achtergelaten. Zijn tocht eindigt in Leon, en hij blijft een dagje hangen voor Leon. Een korte etappe vandaag, en dus laten we al die anderen allemaal voorgaan. Om 8u zijn we op pad en rond de middag zitten we aan de rand van de stad. Alle voorsteden ter wereld zijn even onaangenaam om door te lopen denk ik en Leon vormt daar geen uitzondering op. Alhoewel: we steken ergens een soort rondpunt over, niet op het zebrapad voor de pelgrims, maar een meter of 10 daarvoor. Ineens staan we oog in oog met een 5-tal mensen in een blauw uniform. "Ja , dat wordt wat gezever, en gezaag over het nut van zebrapaden" flitst al direct door mijn gedachten. Maar neen, het zijn mensen van de civiele bescherming of zoiets die de pelgrims opwachten, noteren van welk land we komen, en ons de weg wijzen op een stadsplan naar de albergue waar we willen slapen. Je moet wel wat Spaans kennen om ze te verstaan. Ons Charlotte, de dame die mijn voeten in de watten legt (figuurlijk natuurlijk) spreekt een aardig mondje Spaans, vergeleken met mijn woordenschat van 4 woordjes ( ola, olala, cana, cerveza) Een half uur later komen we aan in de albergue van de zusters "benedictines". En daar slaat het lot bikkelhard toe: de mannen slapen bij de mannen , en de vrouwen bij de vrouwen. Zo lig ik dus in een zaaltje met 24 stapelbedjes (heel oude, zonder zelfs een trapje naar boven) gelukkig van onder. Naast mij slaapt een Argentijn die enkel Spaans klapt. Ik liet hem mijn Argentijnse hoofddeksel / zonnehoed zien die ik een tijd terug meenam in Sauvelade (F) , maar hij blijkt niet van hem afkomstig te zijn. Dus ik kan hem verder blijven gebruiken. Boven mij nog een Australiër waar ik wel een beetje mee kan converseren. Nu tijd voor een kleine siësta, en dan volgt een geleid stadsbezoek. Patou heeft hier namelijk een nicht wonen die Frans doceert aan de unief en die ons straks gaat gidsen. Hopelijk niet te veel stappen, ik zal mijn benen al maar eens gaan insmeren.
Ja , we zijn er bijna doorheen, door de Meseta. Vanmorgen waren we om 8u vertrokken: weer een stuk van 18km door die eindeloze vlakten vol graan, waar een Romeine kaarsrechte heirweg doorheen trekt.
Het eerste half uur was voor mij niet te pruimen. Mijn bleintje liet zich voelen en ik liep achter de groep aan. Nadien ging het een stukje beter, de pijn ebt wat weg.
Ik was niet de enige met de spirit op een laag pitje. De hele week was het al zo "saai" en dan hadden we nog geen last van de hitte die hier soms is.
We zitten met zijn allen een lekkere tortilla te eten in Reliegos en komen er helemaal bovenop. Het is erg gezellig op het terras met zicht op een café op het hoekje, helemaal beschilderd in flower power stijl: nog maar 6 km te gaan en er schijnt een lekker zonnetje.
In Lansilla de los Mulos vinden we een gite met een camping in de voortuin.
Maar vandaag zijn er geen tentjes toegelaten, want gisteren had er een tentbewoner de ondergrondse waterleiding onder de gazon doorprikt met zijn pikket en enkel de baas weet waar die leidingen liggen onder het gras en die is er niet vandaag ...
Weer een echte caminodortoir met 11 stapelbedden in onze zaal. Daarnaast is er nog een even grote slaapzaal. Beneden is er een beenhouwerij waar je ook wat kan eten.
Na de douche en de handwas is het tijd om de Compeed van mijn blaar af te weken in een voetbadje in de tuin met een frisse pint erbij.
Ondertussen is Charlotte, de podologe, er ook aangekomen om de rest van de dag met ons door te brengen.
Van oneindig geluk gesproken. Als de compeed er heel voorzichtig is afgeweekt ( een ezel sttot zijn poot geen 2 keer aan dezelfde steen), haalt ze haar "wapens" boven : naald en draad. Ze steekt de naald door mijn blaar en trekt er een garendraad doorheen. Ik mag de kleur van de draad kiezen en ga voor roze: eerst van boven naar beneden , dan nog een draadje van links naar rechts. Nog even de draadjes mooi gelijk knippen en het lijkt precies op de snorharen van een poesje.
Ziezo, mijn blein wordt nu perfect gedraineerd, zonder dat ik er ook maar iets van gevoeld heb. Nog even goed drogen en een nieuw lapje op mijn blein en klaar is kees.
DANK U WEL CHARLOTTE. Je hebt je hart op de juiste plaats. Ik voel me weer opgelapt.
Om even te testen ben ik eens naar het dorp gewandeld: het ziet er goed uit, 't is te zeggen "het doet geen pijn".
En in het kerkje laten we allen onze geest even tot rust komen, terwijl de i-pad van Charlotte een heel stemmig "Ave Maria" laat horen. Mijn gedachten gaan naar mijn familie en mijn zieke vriend, heel ver van hier. Uit het oog , maar niet uit mijn hart.
Nog even volhouden daar, ik geef niet op en zal tegen het einde van de maand weer bij jullie zijn. Nog "maar" 340km te gaan!
Dat is de naam die we voor ons bedacht hebben. Jullie weten nog niet hoe we samen geraakt zijn sinds de oversteek van de Pyreneeën Ik begin het verhaaltje nu te vertellen en zie wel hoe ver ik geraak ( de PC werkt enkel met 1€ stukken en ik heb er maar 1)
Toen ik vanuit St. Jean-Pied-de-Port in Orisson aankwam was ik kletsnat. Een "cafe" van een gite vol met natte stappers die even halt houden om op te warmen en weer door te stappen. Anderen zoals ik hebben daar een bedje kunnen reserveren om te overnachten en hun etappe zit erop. Het is 12u ongeveer en het zit er stampvol. De buitendeur staat meer open dan dat ze toe is en het is er heel vochtig en koud binnen. Mario is een Canadees uit Quebec die ik al lang ken van andere gites. Hij beschouwt mij, na enige nachten samen slapen, als een "niet -snurker". De laatste nachten heeft ie echter niet goed geslapen, doordat er in zijn omgeving snurkers lagen. Gerard zit in mijn geburen : "Etes vous un ronfleur?" vraagt ie. "Neen, wil je dan bij mij slapen in de kamer van 6?" Patricia en Michelle zitten wat verder, ik heb ze nog nooit gezien. Hetzelfde scenario en wanneer de uitbater na de middag de kamertjes begint te verdelen vraagt Mario om ons 5 al zeker bijeen te leggen. Nog 1 kans op 6 dat we er een snurker bij krijgen! We installeren ons en gaan terug naar de kille caféruimte. Ik raak aan de praat met een koppeltje dat de oversteek heeft gestaakt en terugkeert naar St Jean. Hun eerste kennismaking met de camino was niet echt een meevaller! Mario drinkt een thee, maar er is bijna geen warm water bij, een mini thee dus. Het is zijn dagje niet en hij begint te zagen tegen de baas : Weinig thee, ijskoud in de verbruikersruimte, etc. etc.
De baas, een grimmige Bask maakt er niet veel spel van en vraagt hem kwaad en nors om direct te vertrekken als hij het daar niet goed vindt. Mario is ook gene simpele en gaat gewoon zijn spullen grimmig inpakken boven, zegt me nog even kort gedag en stapt op. Het is 16u in de namiddag en het regent nog steeds. Naar het schijnt ligt er boven sneeuw op de bergpas. Mario moet nog minstens 4u stappen...
Tot op vandaag hebben we hem niet meer teruggezien en ook niets meer via via van hem gehoord.
Maar tot op vandaag zijn wij 4 wel verder samen blijven optrekken.
Een gezellige mix van ernst en plezier. Het is dat het zo moest zijn.
Nog even vertellen dat rond 17u eindelijk de chauffage daar ging branden om het toch een beetje warmer te stoken. Naar het schijnt was er geen electriciteit wegens een storm ergens in de buurt.
Dat is het plaatske waar ik slaap vandaag. In de voormiddag passeerden we in Sahagun. We aten er een lekker gebakje met een tas koffie op het drukke terras van de bakker. We zaten gezellig in de schaduw van een paar bomen . In het stadje is alles in gereedheid gebracht voor de bull-run van het nakende weekend. De picknick was vanmiddag op het harde droge gras in de beschutting van een boom. Zo probeerden we wat te ontkomen aan de harde wind. We voelden ons precies in de uitgestekte savanne van Afrika. In de gite kost het daar weer 15€ voor 1 nacht (anders 5€). Maar we hebben voor die prijs een moderne kamer met 4 lage bedden, en zonder "ronkers" naast ons. Na een zware dag met steeds de wind op kop door die geweldige uitgestrekte velden van de Meseta zal ons dat deugd doen. Onder mijne Compeed voel ik weer een ferme blaas. Het zit niet mee voor mijn grote teen. Ik laat de blaar zitten en zie morgenavond wel hoe het er uit ziet.
In Hontanas namen we ’s morgens in een piepklein
cafétje ons ontbijt en om 7u15 waren we al weg. Wat verder , in San Anton staan
er heel mooie ruines van ….. In Castrojeriz tijd voor een koffie in de lokale
bar na eerst wat boodschappen in het winkeltje daarnaast. Gégé lukt er in om geld uit de muur te halen ,
want het is maandag, en er is een nieuwe week begonnen, nadat hij vorige week
zijn “kwotum” bij de bank had bereikt. We zijn allen blij. In Itera de la Vega
picknick op een bank, gevolgd door een heel korte siësta. Als we in Boadillo
aankomen is de eerste gite een oud schoolgebouw met 2 klassen die nu
slaapplaats geworden zijn. En verder een “speelplaats”. We besluiten om ons
geluk wat verder te zoeken en daar vinden we inderdaad een heel gezellige
propere albergue, met een grote binnentuin en achteraan een plaatsje om de kleren te
wassen. De albergue ligt onder de kerktoren waar 3 ooievaars wonen. Bij het avondeten zit ik
naast Anna, een Duitse uit Ingolstad, met een mooie glimlach en Gunter, een
politierechercheur uit Hamburg. Zij is onder de indruk van wat ik al allemaal
heb meegemaakt. Ook de Canadezen, de 2 Noorse meisjes, enkele Nederlanders, en nog
zovele anderen zijn er ook. Om 21u30 liggen we weer vermoeid, maar voldaan in
ons bedje . De volgende morgen bij het vertrek mis ik mijn zeepdoos. Ik ga
buiten zoeken aan de wasbakken, en aan de douche binnen…Niks. Ik geeft niet op
en trek terug naar buiten. Ineens valt mijn oog op een paal van 1.80m hoog
waarop mijn zeep heel de nacht op zijn baasje gewacht heeft…Oef!! Pelgrimsgroeten,
Ik zit nu in Terradillos de los Templarios Ja, zo heet dat dorpje hier. We kwamen aan rond een uur of 2 na een verkwikkende wandeling op een oude Romeinse heirweg in de meseta met eindeloze vergezichten. Deze keer zat het weder mee : Geen brandende zon maar wat wolken aan de hemel en een fris windje soms. Het was wel wind op kop , maar dat is geen probleem voor stappers, enkel voor vermoeide fietsers. Het eerste uur was niet zo plezant: mijn voet brandde in mijn schoen bij elke stap, maar dat betert na een hele tijd als je overschakelt op automatische piloot. Ik had ook een plezante conversatie met Jean-Pierre uit Parijs , die heel zijn leven in medische branche werkte: eerst in een farmaceutisch bedrijf dat contraststoffen produceerde, en later als consultant voor ziekenhuizen, voor bedrijven en tenslotte als "controleur - inspecteur" van bedrijven die medische materialen produceerden... Maar dan laat Jean-Pierre me achter, want hij wil vandaag wel 35km stappen. Niks voor mij op dit ogenblik. Koffie in Calzadilla de la Cueza en picknick in café in Ledigos. In de namiddag belt mijn vrouw het nieuws door dat mijn beste fietskameraad ernstig ziek is en in het ziekenhuis ligt. Ik ben er helemaal ondersteboven van... Toen we aankwamen in de eerste gite rond een uur of 3 was er enkel nog maar plaats om te slapen op de bovenste bedden. Het is er rommelig en erg druk, ook het binnentuintje nodigt niet uit om even te verpozen. We trekken verder naar de andere kant van het dorp. Daar vinden we een superplaats om te slapen: Er is veel meer ruimte en we hebben een kamer voor 4: dus geen snurkers vannacht naast ons. En wat doet dat eens deugd, rustig alles wegzwieren op de kamer, frisse douche, handwaske in de grote tuin waarbij Mimi alles wast en ik alles uitwring ( behalve de kledingsstukken waar metaal in verwerkt zit). Dan een siësta van een uurke, voetverzorging en , voor de eerste keer sinds heeeel lang een aperitief voor het avondmaal. De blein is doorprikt en morgenvroeg gaat er een nieuw laagje Compeed over. Ik ben weer klaar voor de volgende etappe richting Santiago de Compostella. Gelukkig ben je niet alleen als het eens wat moeilijker gaat.
Ja nog een kleine story van eergisteren die ik vergat te vertellen daarstraks. Ik dronk zonet nog een glaasje wijn met de jeugd in onze gite : de 2 Noorse meisjes, een Ier, een Duitser, een Franse, een Amerikaanse. Anna en Tune vertelden dat ze in het begin elke dag hun handwasje deden. Nu 1000 km verder nog maar om de 4 dagen of zo. Ik zei dat ik in een "handwasteam" zat. Ja soms leggen we al onze spulletjes in een plastieken bakje en wast Mimi alles in hetzelfde sopje. Ik mag dan alles uitwringen en daarna ophangen. Dat lijkt eenvoudig maar gisteren had ik bijna een probleem : Er zat een beha tussen met wat metalen onderdelen. Het scheelde niet veel of ik had hem ook eens ferm uitgewrongen
Vooraleer
we bij de eerwaarde zusters terechtkwamen hadden we al 2 andere gites bezocht:
de eerste was vol, en in de 2e waren er maar 4 bedden voor ons 5. Dat
we nu apart moeten slapen vonden we dus niet zo erg… Op de
slaapzaal zonder stapelbedden, alleen voor mannen, slaap ik naast een dikke Spanjaard. Toen hij
toekwam was hij uitgeput. Hij deed zijn eerste sportschoen uit met veel gezucht
en miserie. Overal windeltjes en klevers aan elke teen en hier en daar een
grote bloedplek op zijn sok. Zijn tweede voet was er al even slecht aan toe. Pierre,
een Parijzenaar, met wat meer stapervaring dan ik, ontfermde zich over hem en
stuurde hem naar de dokter, in plaats van verder te ploeteren.
’s Nachts snurkte hij
op de koop toe, naast de diepe zuchten van pijn als hij zich omdraaide.
Iedereen die al wat grotere kinderen heeft kan zich deze typische kindervraag nog wel herinneren. Elke dodentochtstapper stelt die vraag binnensmonds, maar nooit hardop gedurende zijn tocht. Ik moet eerlijk vertellen dat ik met die vraag nog niet zoveel ben bezig geweest, maar ik besef nu dat , na de Meseta, het einde toch wel wat dichterbij komt. Een collega stuurde me een SMS'ke en dacht dat het nog een kwestie van dagen was. Het antwoord is : nog 400 km, dat is dus nog een dikke 2 weken, als alles goed gaat. Geen probleem zie ik jullie al denken als je al meer dan 2200 km op je teller hebt staan.
Maar deze namiddag voelde ik onder mijne Compeed, boven op mijne grote teen wat branden, een nieuwe blijn... Dat belooft voor morgen : een lange rechte Romeinse heirweg in de lekkere zon van 12 km , gevolgd door nog wat eenzame stukken. Ik kijk er al naar uit , en zal alvast een nieuwe compeed over de oude restjes Compeed kleven
Mesetagroeten uit Carillon de los Condes op 402.5km van de meet volgens mijne Michelin gids!
Ja, het heeft al enkele dagen geduurd voor je weer van me hoorde. Gisteren had ik ergens internet gevonden. Ik tikte mijn verhaaltje in en als ik het wilde toevoegen was er geen verbinding meer met het internet en was ik alles kwijt Nu zit ik in een klooster en kan ik voor een gunstprijs tokkelen: 1€ per uur. Het vertrek uit Burgos verloopt vlot. Er staan veel plassen, dus het heeft die nacht ook serieus geregend. We passeren langs de gevangenis en wat verder langs een spookstad: alle straatverlichting en het wegennetwerk is mooi aangelegd, maar daar is het mee opgehouden. De Spaanse crisis heeft ook hier meedogenloos toegeslagen! Een eindje verder, in het midden van het veld
komt er een 4x4tje aangereden die ons een reclamefolderke van een bar in het
volgende dorpje, Tardajos, in onze handen steekt. We drinken er een koffie terwijl
op de TV de grote prijs Formule 1 voor
zware motoren aanstaat. Christiane en Jean-Yves zullen deze zeker ergens zitten
bekijken, wij blijven er niet voor zitten. We komen stilaan in de Meseta (tussen Burgos en Leon) : enorme graanvelden, bevloeiing, een golvend landschap. Heel mooi als het niet te warm is zoals vandaag. We stappen, dank zij de ideale temperatuur 30km tot in Hontanas. Daar zie ik Tune en Anna weer , na vele weken. Ze zijn in Le Puy en Velay (1000 km terug) op dezelfde dag als ik vertrokken. 2 Noorse jonge meisjes die ik nu maar amper nog kan volgen als ze doorstappen. Na de klassieke startproblemen van vele stappers hebben ze nu wat kilo's verloren en wat spieren aangekweekt. Hun bleinen van toen zijn genezen... Op een van de gezellige terrasjes vinden we Charlotte en Henk weer. Charlotte is een podologe en ze biedt haar diensten aan om de bleinen van Mimi en Patou te verzorgen "op straat". Patou is er eigenlijk niet erg gerust in , maar we kunnen haar toch overhalen om zich over te geven aan de goede zorgen van Charlotte. Het wordt een heel moeilijke klus, want het is al een weken oud letsel, waarover een dikke laag eelt zit, maar die Patou nog altijd veel pijn bezorgd bij het stappen. Met naald en draad door de blein prikken, draadje afknippen en een mooie Compeed erover. Dan kunnen we niet anders dan een pintje trakteren als dank voor de goede zorgen. Ik ben toeschouwer en neem enkele foto's. Ik drink natuurlijk ook mijn pintje mee. Deze keer zijn er geen feestvarkens in de buurt van onze oude aftandse "slaapzaal" van +/- 30 personen met 2 toiletten en 2 douchen. Het wordt een heerlijke, verkwikkende nacht in een afgeleefde albergue.
800.000 jaar oud en andere caminonieuwtjes uit Burgos
In Agés zijn we weer bij de laatsten voor een klein ontbijtje in onze "super-albergue". ’s Avonds zijn we nog even met ons allen naar
een eeuwenoud klein bruggetje in het veld gewandeld een eindje uit het dorp
vooraleer we in ons bedje kropen. In elk dorpje is er wel wat speciaals te zien hier Bij het ontbijt vragen we nog wat extra koffie en een broodje. En ook nu weten ze ons weer te pluimen: 4 euro alstublieft ... Dan volgt er rond een uur of 7 al direct een klimmetje langs een militair domein: daar hebben ze heel oude resten gevonden van onze voorvaderen, de homo .... Er is nu een heel educatief centrum opgetrokken daar in Atapuerca. Als we passeren is het nog veel te vroeg, alles gesloten. Om makkelijk in Burgos te raken is er een alternatief : Neem 7 km de bus naar het centrum ter hoogte van de luchthaven dan hoef je niet door die lelijke voorsteden te stappen. Ik laat me NIET verleiden, de anderen wel. Ik mis evenwel de afslag om op de camino te blijven en loop een heel eind naast de luchthaven. En wat verder stap ik door een korenveld om weer op het juiste pad te raken. Dat is echter geen probleem, want het is gelukkig droog! De “voorstad” van Burgos is niet bepaald mooi,
maar toch is het wel leuk om op een zaterdagmorgen die “universele
stadsactiviteit" eens mee te kunnen beleven. De anderen zijn een uur voor mij aangekomen, en hebben al hun plaatske in de albergue ingenomen. Toen ze aankwamen stond er een hele rij pelgrims aan te schuiven ( de herberg opent 's middags om 12u) en 4 per 4 worden ze binnengelaten. Plots zien ze de "snurker" staan in hun buurt. Bijgevolg laten ze heel wat pelgrims voorgaan, zogezegd omdat ze op mij wachten. Als ze vermoeden dat ze ver genoeg van de snurker zitten gaan ze binnen en vragen ook een plaatske voor mij. "Geen reservaties mogelijk" zegt de hospitalero, maar als ik toekom heeft die man toch een bedje vrijgelaten bij mijn vrienden en slapen we in een hoekje met 4 samen. Ook Emmanuel is goed aangekomen maar hij neemt zijn intrek in een hotelleke ergens, omdat je normaal geen 2 dagen na elkaar mag slapen in de albergue (tenzij met een doktersbriefje als je ziek bent). Oorspronkelijk wilde hij een dag extra blijven om van alles te bezoeken, nu blijft hij daar om zijn pijnlijke kuit te laten recupereren. Aan de kathedraal eten we op een terras en we genieten van de weekend-drukte op het zonnige plein. Het loopt er vol met trouwers en hun suite: sommigen met traditionele Spaanse klederdracht , anderen in "moderne outfit" waarvan ik de prijs echt niet wil weten Dan brengen we een "geleid bezoek" met een telefoon die ons van alles en nog wat vertelt over elke hoek en kapel in dit immense mooie bouwwerk. Ik ben te moe om geconcentreerd naar al die geschiedenis te luisteren en ga een uurtje slapen. Na de avondmis in de kathedraal gaan we eten in een gezellig restaurantje. Toch is er ook een beetje droefnis vandaag want Gerard wil niet mee: zijn geld is op en hij krijgt niets meer uit de geldautomaten omdat hij de laatste dagen al te veel heeft opgenomen om zijn busticket voor de terugreis te betalen We willen hem allen geld lenen maar hij blijft bij zijn besluit: geen geld - geen eten in het restaurant vanavond... En ook Emmanuel heeft het moeilijk want morgen is het namelijk de dag dat , lang gelden, zijn zoontje is verdronken. Het kind was toen 6 jaar oud. Daarenboven is hij ook een dochter verloren aan kanker. die liet een man en 3 kleine kinderen achter, waarvoor zij dan zo goed mogelijk mee hebben voor gezorgd. En dan juist voor het slapengaan ga ik mijn sokken nog van de wasdraad halen. Ik kom daar 2 Nederlandse pelgrima's tegendie een sigaretje roken en die per sé nog eens al mijn stempletjes in mijn credential willen zien. Mijn 3 companen slapen al als ik weer terugkom... Zo , na die vertraging hoop ik nog te genieten van een welverdiende nachtrust We hebben echter over het hoofd gezien dat die trouwers daar hun feestje hadden gepland in de buurt. Heel de nacht door passeerden daar lawaaierige Spanjaarden en om half 6 zijn de eerste pelgrims weeral wakker.. Een mooi modern bed staat niet steeds garant voor een goede nachtrust ...
Burgos heel in de verte, en temidden op de graffiti een gele pijl, die de weg wijst aan ons pelgrims... Wat foto's van de kathedraal en historische trouwklederdracht