Naar de inhoud

Bernerhof

de ecologische siertuin
akke.beakke.be

Archief

De Variabele waterjuffer

De Variabele waterjuffer is in België redelijk zeldzaam. De verspreiding in België is erg verbrokkeld en hun aanwezigheid is grotendeels beperkt tot de Scheldevallei, de laagveengebieden in de Kempense beekvalleien en enkele verspreid gelegen gebieden als het Torfbroek (Berg), de Blankaart (IJzervallei), de vallei van de Haine, La Hulpe, Ben-Ahin en de Semoisvallei. Ook  zijn er nog enkele geïsoleerde vindplaatsen bekend in Wallonië en in de omgeving van Brugge.

Vroeger kwamen ze vrij algemeen en vaak in grote aantallen voor in een groot deel van Vlaanderen. Op veel van die plaatsen komt deze soort nu in veel lagere aantallen voor of is ze geheel verdwenen, zoals uit een groot deel van West-Vlaanderen, een deel van de Scheldevallei of de Zuiderkempen. Dat komt vooral omdat ze voorkomen in laagveengebieden en die zijn nu net veel minder talrijk geworden dan vroeger.

Tot er gisteren uitgerekend aan mijn tuinvijver, die overigens kilometers ver van laagveen verwijderd is, zo'n beestje komt binnenvliegen. Straf hé !



2144438-bf8f71969f319ef3d31bb582debd092a.JPG

Geschreven door Roger om 08:46 Reageer op dit bericht

Prairieborder : make-over

De prairieborder had een opknapbeurt nodig. We waren eigenlijk een beetje van het concept afgedwaald door een aantal bijzonder soorten Rudbeckia & co aan te planten die het lastig hadden met de concurrentie van siergrassen en onkruid. Het was zo dat de prairieborder er mooi uitzag vanaf augustus maar de maanden daarvoor eigenlijk vrij saai oogde. Daarom nu een make-over. En ja, de puristen hebben gelijk, dit wordt ook geen echte prairieborder "pur-sang". Er komen weliswaar terug Echinacea, Rudbeckia, asters en siergrassen. maar ook wat extra structuur door een aantal planten die weliswaar niet bloemen maar wel het hele jaar de aandacht naar zich toetrekken. We hebben gekozen voor een subtropische toets. Trithrinax is redelijk vorstbestendig (-15°C), Formium, Yucca rostrata en Agave & Co staan in pot die in een iets grotere ingegraven pot staan zodat ze in de oogwenk de serre in kunnen. In het voorjaar kan je hier dan bvb. een pot tulpen of hyacinten voor in de plaats zetten. Winterharde donkerblauwe Agapanthus (Dr Brouwer) staat in volle grond en bloeit midden in de zomer. Er komt ook nog een Trachycarpus wagnerianus, deze heeft iets kleinere stijvere bladeren, die beter tegen de wind kunnen dan die van de alomgekende T. fortunei. En T. wagnerianus is nog net iets beter winterhard (tot -18°C) en kan dus zonder problemen in de volle grond mits deze zijn water goed kwijt kan. De prairieborder zelf wordt ook nog beschut tegen de koude oostenwind door de gevel van ons stulpje. In de vroege zomer zullen daglelies en enkele éénjarigen voor wat extra kleur zorgen. De werken zijn bijna gedaan, nog een laatste ronde "onkruidje trek" en dan een lading schors overal tussen.

We zien wel wat het wordt, tuinieren is zoals decoreren. Bevalt het resultaat niet dan maak je er volgend jaar toch lekker iets anders van. Leuk toch?



2144223-6dc0eed6fd377751c7a6ffa8038947bf.JPG

2144223-5040bbcb495df5167fc2ca09d24ee18f.JPG

Geschreven door Roger om 11:35 Reageer op dit bericht

Groetjes uit Bernerhof

Groetjes uit het zonovergoten Bernerhof.

Onze jongste Berner maakt het goed momenteel. De aanvallen van hersenvliesontsteking zijn nu hopelijk onder controle met een minimum dosis cortisone. Duimen dat dat zo blijft en ondertussen genieten, want dat doen die sloebers ook hoor!



2144032-77e3556ee3496ba54b5b6ed43799d850.JPG

2144032-60e61010c1325467ff27299e4a0ad46e.JPG
Geschreven door Roger om 12:30 Reageer op dit bericht

Vliegend juweeltje

Een vliegend juweeltje, zo zou je deze vuurjuffer kunnen omschrijven. Deze waterjuffer kan je regelmatig zien in de Kempen, in de rest van België zal je iets langer moeten zoeken om ze te vinden. Vanwege hun knalrode kleur en zwarte poten kan je ze niet verwarren met andere juffers. Enkel de koraaljuffer komt qua kleur in de buurt maar die heeft oranje poten en vliegt pas later in het seizoen. Net zoals bij de echte libellen worden de eitjes onder water afgezet op waterplanten. Dat is niet risicoloos want de kikkers liggen op de loer en lusten wel een juffertje. De larven (nimf genoemd) leven onder water en zijn geduchte rovers die allerlei diertjes bejagen. In het voorjaar als de temperatuur begint te stijgen transformeren ze naar hun volwassen stadium (imago genoemd) en dan kan de cyclus opnieuw beginnen. de volwassen juffer leeft niet lang, sommige soorten één seizoen maar de meeste veel korter. Als ze al niet in een hongerig kikkermaagje belanden ! Op de foto een mannetje.

2143929-3aac726f312b523c40b309a479c4cf74.JPG

Geschreven door Roger om 08:56 2 reacties Reageer op dit bericht

Zomertijd

De zonnewijzer duidt 8 uur aan maar toch is het al 9 uur. Foutje? Neen, zonnewijzers doen niet mee aan de zomertijd, als je hem "juist" zou zetten duidt hij het noorden (de poolster) niet meer correct aan. Wie hem toch wil gelijk zetten met het zomeruur, ik hou je niet tegen!





2143883-eb772bf163c167e0b9d9cd734129fbd0.JPG

Geschreven door Roger om 20:58 Reageer op dit bericht

De boompioen

Pioenen worden opgedeeld in twee grote groepen: boompioenen (= P. suffruticosa) : deze groeien uit tot forse struiken. Ze zijn de eerste om te bloeien maar daardoor ook vorstgevoeliger.

De tweede groep zijn de kruidachtige pioenen (pioenroos). Deze bloeien ongeveer een maand later, daar komen we op terug als deze in bloei staan.

Paeonia suffruticosa (P.arborea), in het Nederlands boompioen  is een middelgrote, blad verliezende heester met mooie rechtopgaande vorm met middelgroene bladeren met een blauwachtig groene onderkant. De basis van deze heester verhout en da’s het grote verschil met de pioenrozen die elke winter bovengronds afsterven en in het voorjaar vanuit de grond terug uitlopen.  De boompioen schittert in de lente met zijn grote, soms dubbele, witte, roze, gele of rode geurende eindstandige bloemen, in de herfst gevolgd door bronskleurige zaaddozen. Paeonia suffruticosa houdt van een standplaats in de zon of halfschaduw en beschermd tegen felle wind, hij houdt er niet van verplaatst te worden. De plant verlangt een pH neutrale grond alhoewel  hij het op mijn lichtzure bodem ook niet slecht doet. Ze behoeven weinig snoei. De boompioen is goed winterhard en ziekteresistent. De grote bloemen wegen redelijk zwaar, het is geen slecht idee ze wat op te binden om afknakken te voorkomen. Met de nogal felle wind de vorige dagen was dit geen overbodige luxe. Gelukkig was het droog weer, anders waren de bloemen nog zwaarder geweest van de regendruppels en was het slecht afgelopen.

Alleen spijtig dat de bloei nogal kort duurt, daarom is het nu het moment om er eens zo hard van te genieten zo lang het feestje  nog  duurt.

En o ja, het wordt prachtig weer dit weekend. Geniet er van en voor diegenen die niet (meer) hoeven te gaan werken kan dat genieten nu al beginnen.





2143715-aadd5848e17e09529b072e8763420ddc.JPG

Geschreven door Roger om 09:10 Reageer op dit bericht

Trithrinax campestris

Campestris, met zo'n naam moet je wel goed zitten in de Kempen. Als je palmbomen voor de volle grond zoekt kom je meestal vrij snel bij Trachycarpus uit. Dit zijn zowat de enige soorten die -15°C aankunnen. En daar stopt het meestal. Wel, dit klopt niet helemaal !

In Argentinië en Uruguay groeit in de eindeloze vlaktes en in de bergen Trithrinax campestris of de blauwe dadelpalm.  Heel bestendig tegen koude, zomerhitte, overstromingen evenals droogte. Ze zijn ook prima bestand tegen felle wind.

Hun grijsgroene bladeren zijn zeker één van de taaiste van alle palmbomen en zij blijven na uitdroging aan de plant hangen. Hierdoor bedekken zij de stam, wat dit een heel herkenbare soort maakt. Ze vertakken zich meestal vrij laag boven de grond.

Ze worden weinig gecultiveerd wegens hun trage groei. En toch is dit een zeer interessante soort door zijn uitzonderlijke resistentie tegen de koude. Plant ze in volle grond op een zonnige plek op een verhoogde, goed gedraineerde plaats zodat ze in de winter geen natte voeten hebben. Je vind ze wel niet in het normale tuincentrum, je zal het bij gespecialiseerde kwekers moeten gaan zoeken!





2143310-99ed718cab3c9318842eaec6fb57e53a.JPG

Geschreven door Roger om 08:51 Reageer op dit bericht

Bonte brandnetelmot (Anania hortulata)

Wie langs brandnetels loopt, maakt kans om overdag verschillende nachtvlindersoorten op te jagen die zich tussen de netels schuilhouden. Een van de meest algemene netelgebonden nachtvlinders is de bonte brandnetelmot. Ze behoort tot de familie van de grasmotten (Crambidae). Soms kom je ze in de literatuur ook tegen onder de naam bonte brandnetelroller.

Deze nachtvlinder is niet zeldzaam, zeldzaam is wel dat ze nu blijkbaar al actief zijn. Normaal vliegen ze pas vanaf juni. De winter overleven ze als rups, je raadt nooit op welke plant! Juist ja! Nog een reden extra om ergens een hoekje met een paar brandnetels te laten staan.

Deze zat in de veranda op de onderkant (=typisch) van een bananenblad. Geen paniek, de nachtvlinder komt hier enkele schuilen voor de momenteel nogal koude nachten. Ze lusten geen bananen(blad).



2143167-09005bdeb01ebb5cbb67260e667b68cd.JPG

Geschreven door Roger om 08:23 Reageer op dit bericht

Wilde hyacint of Boshyacint

De Wilde hyacint of Boshyacint (Hyacinthoides non-scripta) is een plant uit de aspergefamilie (Asparagaceae). Ze zijn afkomstig uit West-Europa en zijn behalve in Engeland opde meeste plaatsen vrij zeldzaam. Op het Iberisch schiereiland en N-Afrika komt de Spaanse hyacint (Hyancinthoides hispanica) voor die bredere bladeren (1-1,5 cm) en een rechtopstaande stengel met geurloze, klokvormige bloemen met blauwe helmknoppen heeft. Meestal zijn het cultivars hiervan die in onze tuinen voorkomen.

Als ze in het voorjaar massaal gaan bloeien is dit een fantastisch zicht (bekend is het Haller bos ten zuiden van Brussel en het bos van Ghlin (Henegouwen). In Engeland en Wales waar ze nog heel veel voorkomen spreekt men van "Blue Bell's".

De bij ons voorkomende planten zijn meestal ontstaan door kruisingen tussen Hyacinthoides non-scripta en Hyacinthoides hispanica, waarvan beide waarschijnlijk niet (meer) in zuivere vorm voorkomen. Hoewel men plaatselijk wel enkele planten kan vinden met ogenschijnlijk 'zuivere' kenmerken van één der oudersoorten, lijkt het beter om zulke planten op te vatten als de uiterste vormen van de volkomen vruchtbare hybriden van de oorspronkelijke soorten.

Ze worden vooral bestoven door hommels en zweefvliegen. De plant wordt bedreigt door twee oorzaken :

  • De ontbossing: De soort groeit alleen in oude bossen en wegens haar grote zaden zaait ze zich slechts in haar onmiddellijke omgeving.
  • De tuinen: Door het in tuinen planten van de Spaanse hyacint (Hyacinthoides hispanica) ontstaat er in toenemende mate verbastering.

De krachtige hybride, Hyacinthoides × massartiana heeft bredere bladeren (1,5-4 cm), zwak geurende, licht klokvormige bloemen met blauwachtige meeldraden op een minder gebogen stengel. De hybride is fertiel en door terugkruising ontstaan tal van tussenvormen. Daardoor is er een reëel risico dat de soortechte Hyacinthoides non-scripta op termijn op vele plaatsen verloren zal gaan.

In de tuin doen ze het prima op een schaduwplekje. Het is wel belangrijk dat je het blad met rust laat tot het verdord is. Loop er ook niet tussendoor, als je op het blad trapt komt daar volgend jaar geen plant meer tevoorschijn en hou je kale plekken over!



2142727-be053720b5742f97da72d16d9f48b322.JPG

Geschreven door Roger om 09:01 Reageer op dit bericht

Ziektes bij Rododendron

Ziektes bij Rododendron :

Lapsnuitkever (Taxuskever) :

Deze eet kleine ronde gaten in het blad wat op zich geen kwaad kan, de larven echter  eten de bast en de wortels waardoor de plant het volgend voorjaar ineens verwelkt en doodgaat. Je kan een houten plank onder de plant leggen waar de kevers dan onderkruipen, je kan ze dan makkelijk vangen. Je zou eventueel kunnen spuiten met Spruzit van Ecostyle. Zelf heb ik hier geen ervaring mee

Knopsterfte of dode knoppen :

Dit is vaak te wijten aan een schimmelziekte die verspreid wordt door een cicade. Men kan de cicade bestrijden door de plant te bespuiten met Spruzit van ecostyle. De dode knoppen zoveel mogelijk verwijderen, gooi deze niet op de composthoop  (verbrand ze of gooi ze in de restafvalcontainer).

Sommige Rododendronsoorten uit warmere klimaten hebben soms ook last van bevroren knoppen, hier valt niets tegen te doen.

Japanse vlieg :

Dit wordt in toenemende mate een probleem bij Rododendrons, waarschijnlijk door het  door het ontbreken van strenge winters . Planten die een droge standplaats hebben en in de felle zon zijn extra kwetsbaar. Het schade beeld is duidelijk te zien aan de vele (zuig)vlekken. Men ziet dit soms ook bij Pieris, een plant die hier ook gevoelig aan is. De vlekken worden veroorzaakt door een zogenaamde nepwants, deze zuigen aan de onderkant van het blad waardoor bruine roestachtige vlekken ontstaan. Hier is weinig aan te doen in een ecologische tuin. Het geeft wel aan dat de plant zich niet lekker voelt. Verplanten naar een plek meer schaduw kan de oplossing zijn. Geef dan ook wat extra turf en water. Verwijder aangetaste bladeren. Als de plant erg aangetast is kan je hem snoeien. Rododendron loopt terug uit en na een paar jaar zie je er niets meer van.

 

Je zou kunnen gaan denken dat Rododendron moeilijke planten zijn maar niets is minder waar. Zorg dat ze in een goed waterdoorlatende, zure grond staan en voldoende schaduw hebben. Ik heb op 25 jaar welgeteld één Rodo verloren aan de Lapsnuitkever. De plant stond eigenlijk te droog (te dicht tegen de noordgevel van het huis). De andere Rodo’s hebben hier nooit last van gehad. Knopsterfte heeft een aantal jaar geleden veel struiken aangetast in de Kempen, door systematisch wegplukken van de aangetaste knoppen is dit beperkt gebleven en komt nu nog nauwelijks voor.

 2142573-c00ecdfaf6c6b0cef04d80582c4c183c.JPG

Geschreven door Roger om 12:14 Reageer op dit bericht

Meer van Bernerhof

↑ Terug naar de berichten