Over de konijnenkweek.
Over de konijnenkweek.
Om de huidige uitzonderlijke vleeschaarste in zekere mate te keer te gaan,kweken ontelbare personen zowel in de stad als op den buiten, veel pelskonijnen.Ze bekomen hierdoor regelmatig,gemakkelijk en schier zonder kosten,benevens voedzaam en smakelijk vlees,goede huiden welke ze aan intressante prijzen kunnen afzetten of zelf looien en daarna tot mooie,warme en sterke pelsartikels kunnen verwerken.
In dien sommige opperbest lukken, zijn er anderen-bijzonder de beginnelingen-die diep teleurgesteld zijn wat betreft de voorteling en opfok van konijntjes,waarvan er vele omkomen..Ze ontmoedigen zich en zeggen vaarwel aan deze thans zo nuttige uitbating,overtuigd zijnde dat de konijnen zwakke dieren zijn ,waarvan de opkweek moeilijk en wisselvalig is.
Niets is minder waar.
Zeker is het konijn,juist zoals elk ander dier,vatbaar voor allerhande ziekten welke soms heel snel ganse hokken decimeren.Gewoonlijk gebeurt dit slecht bij oningewijde telers die volgens den ouden slenter kweken en niet op de hoogte zijn van de grondprincipes waarmee rekening dient gehouden bij de opvatting van t'hok,de keus van de voorttelers,het paren, het spenen, de voeding, de hygiëne ,het vetmesten en het voorkomen van de meeste ziekten.
De winstgevende exploitatie van het konijn,trouwens zoals die van van de nutduif, de leghen, de geit,t'melkschaap enz. moet oordeelkundig gebeuren en eist een minimum vaardigheden zonder de welke een voldoende resultaat louter denkbeeldig is.
uit Akker-tuin-neerh of.


