als ik....


Als ik 's avonds slapen ga
in m'n ledikantje.
Komt de paashaas er weer aan
met aan zijn arm een mandje.
Op pantoffeltjes van leer legt hij zacht iets lekkers neer.
Je mag drie keer raden...
een ei van chocolade!
als ik....

Als ik 's avonds slapen ga
in m'n ledikantje.
Komt de paashaas er weer aan
met aan zijn arm een mandje.
Op pantoffeltjes van leer legt hij zacht iets lekkers neer.
Je mag drie keer raden...
een ei van chocolade!
paashaas

Paashaas....
Lief klein haasje, wil je morgen
Bij ons paaseitjes bezorgen?
Lief klein haasje, breng ons snel
Bonte eitjes uit het veld.
Groene twijgjes, mos heel zacht
hebben we voor het nestje gebracht.
Gras en klaver om te eten
zijn wij evenmin vergeten.
Wanneer wij aan ons bed toe zijn,
Gaat de waakhond aan de lijn,
Opdat je ongestoord je gang kan gaan
De enige die toekijkt, is de maan
-O-
paaseieren zoeken
o, moesje

O, moesje
O moesje, o kom er eens kijken
er is zo iets heerlijks gebeurd.
De kip heeft vannacht op het paadje
een paasei gelegd met een plaatje
en helemaal roze gekleurd
Ik keek of de tulpen al bloeiden
en vond toen dit prachtige ei.
En moesje je zult niet raden
een tweede van chocolade
lag zo maar in het perkje erbij.
-O-
pasen..... eitjes rapen

oude kip...

Ik ken een oude kip,
daar kraait geen haan meer naar.
Haar kammetje staat scheef,
haar veren zitten door elkaar.
De haan vindt haar een lelijk beest.
Alleen de paashaas die is blij,
want op eerste paasdag
legt ze een chcolade ei.
-O-
versjes....Paashaas

Paashaas....
De paashaas is weer in het land,
met zijn mandje in zijn hand,
hij stopt alle eitjes weg,
wie niets vinden kan heeft pech.
_-O-_
Paashaas
De paashaas is geboren
met twee lange oren
en met een mandje op zijn rug
brengt hij de eitjes vliegensvlug.
--0--
het eitje....

de paashaas

De paashaas
Hup, zegt de paashaas
ik haal in een wip
een heleboel eieren
bij mama kip
ik schilder er
vrolijke kleurtjes op
niemand mag kijken
waar ik ze verstop
jij mag ze zoeken
ga maar gauw,
al die paaseitjes
zijn voor jou
paasei....

honderd kleine haasjes

Er huppen honderd kleine haasje
met een mandje in het rond
en ze leggen waar ze komen
steeds een eitje op de grond
Bij de vijver, bij het schuurtje
op het gras en bij de heg
maar als ze mensen aan zien komen
rennen alle haasjes weg
Honderd kleine lieve haasjes
met een mandje op hun rug
en zijn de mensen weer verdwenen
komen alle haasjes terug.
zonnelied

Zonnelied
Tekst: A. Fles - Muziek: C. van Rennes
Zie, hoe het vriend'lijke zonlicht
Schittert op weide en op woud
Zie, hoe zich velden en heide
Baden in stromen van goud!
Lieflijke zonne, zo helder, zo rein
Diep in mijn hart dringt uw heerlijke schijn
En uit een dankbaar gemoed
Breng ik u blijde mijn groet
U kan geen winter verjagen
Stralen uit zalige tijd
Trouw zal mij hart u bewaren
Regen en stromen ten spijt
't Hart, eens verkwikt door uw vriend'lijke schijn
Zal ook der winters vol zonneglans zijn
Daarom uit dankbaar gemoed
Breng ik u, zonne, mijn groet
lentebloesem
Lentezang

Daar komt de Lente:
Ze spreidt algauw
Haar hoge tente
Van licht en blauw!
De velden laaien
In zonnegloei;
De weiden waaien
Vol bloemenbloei!
Het beekje huppelt
Zo vlug en fris;
En zilver druppelt
Van bies en lis.
De bomen strekken
Hun armen uit.
De wilgen lekken,
De berk loopt uit.
Al! takken, twijgen,
Al wierookwerk!
De leeuweriks stijgen
Op vlammenvlerk!
En liefde en hopen
Het al doordringt:
Het hart gaat open,
De ziele zingt.
O zonnedagen!
O geur en fleur!
Een hemelwagen
Staat vóór de deur.
René de Clercq
spring....lente....
voorjaar

Voorjaar
Het spruit aan de boomen,
Het groent in de wei
En vogeltjes zingen
Een liedje er bij.
Zij keerden naar hier weer,
Van 't zonnige Zuid,
En vieren de Lente
Met vroolijk geluid.
Wat vriend'lijke klanken!
Wat schitt'ring van kleur!
Wat zonnegetoover
En lieflijke geur!
En klanken en kleuren
En geuren en zon,
Ze zeggen ons blijde:
"Het voorjaar begon!"
Tekst en Muziek: C.J.C. Geerlings
de lente
er zat een klein kaboutertje...

er zat een klein kaboutertje...
Er zat een klein kaboutertje te huilen op een steen.
Huilen huilen, de hele dag alleen.
Sta op kaboutertje en droog je traantjes af.
Kies een kindje uit de kring
met wie je dansen mag.
kabouterland
op een grote.....

Op een grote paddestoel
Op een grote paddestoel,
Rood met witte stippen,
Zat kabouter Spillebeen,
Heen en weer te wippen.
Krak, zei toen de paddestoel,
Met een diepe zucht,
Allebei de beentjes,
Hoepla in de lucht!
Maar kabouter Spillebeen
Ging toch door met wippen.
Op die grote paddestoel,
Rood met witte stippen.
Daar kwam Vader Langbaard aan
En die zei toen luid:
"Moet dat stoeltje ook kapot?
Spillebeen, schei uit!"
1 reactie op dit bericht
Goedendag Jos
Mooi gedichtje Jos. Ik wens je een mooie Goede Vrijdag. Nog heel veel lieve en warme groetjes van mij, *Monique*