Naar de inhoud

.

akke.beakke.be
WELKOM OP DEZE WEBSITE GEWIJD AAN ALLE ASPECTEN VAN HET OUDE EGYPTE DER FARAO'S
indexpicturepr6.jpg

Inhoud



Een herschikking van het blog is aan de gang om alle delen aanklikbaar te maken vanuit het centrale Inhoudsmenu. Enig geduld wordt op prijs gesteld. Ondertussen kan u nog steeds bij de artikels terecht via de inhoud in rechterkolom
e-mail van de auteur: ronald.milo@skynet.be

Archief

De andere payrus van Turijn

Papyrus van Turijn

We gingen het vandaag hebben over de papyrus van Turijn met de koningslijst. Maar er is nog een andere papyrus van Turijn en toevallig las in de campuskrant van de Universiteit van Leuven een artikel waar ondermeer deze papyrus in voorkomt naast twee ostraca (potscherven waarop geschreven werd) die evenals deze papyrus een nogal expliciet verhaal vertellen. Het artikel is van Wouter Verbeylen

Twee Demotische ostraca. Of: twee potscherven met wat tekst erop. Dat is wat onderzoeker Mark Depauw van de Afdeling Oude Geschiedenis voor ons op tafel legt. Echt oogverblindend zijn ze niet, maar het verhaal dat erachter schuilgaat is gekruid met een stevige scheut mysterie en een tikkeltje seks. De scherven doen alvast vermoeden dat de oude Egyptenaren net iets minder kuis waren dan doorgaans wordt aangenomen.

egostraca15cv.jpg

De twee potscherven zijn er eigenlijk vier (zie foto): elke scherf is op zijn beurt in twee stukken gebroken. Tot voor kort had de Faculteit Letteren er slechts drie in haar bezit, twee samenhorende delen en een derde onvolledig exemplaar. Wijlen professor Quaegebeur kocht de drie scherven aan in 1987 via een Brusselse antiquair, vertelt Mark Depauw. Het deel dat naadloos aansluit op de derde scherf kregen we pas onlangs - vijftien jaar later - in handen. Iemand van de universiteit van Lille (Rijssel) had in augustus bij een Zwitserse antiquair een scherf onder ogen gekregen waarop de naam Ai voorkwam. Nu is Ai een bijzonder onbekende godin - de professor herinnerde zich dat zij ook op onze scherven voorkwam en waarschuwde ons. Die scherf bleek het ontbrekende puzzelstuk van ons tweede ostracon.

Oud-Egyptische ostraca of beschreven potscherven zijn op zich niet zo een zeldzaamheid. Ze waren in hun tijd het goedkoopste schrijfmateriaal, een gratis alternatief voor het dure papyrus, en dus werden ze gebruikt voor minder belangrijke boodschappen zoals takskwitanties en rekeningen. Voor antiquairs hebben ze ook weinig waarde, want echt esthetisch zijn ze niet. Het Demotisch schrift op de scherven is eigenlijk een cursieve vorm van de hiëroglyfen, die in de eeuwen voor en na Christus in Egypte werd gebruikt. Mark Depauw: Van de vorm van het schrift kunnen we afleiden dat onze scherven uit de Ptolemeeëntijd stammen, dat is de periode tussen Alexander de Grote en Cleopatra.

Maar deze scherven zijn dus wel bijzonder. Ostraca met literaire of religieuze teksten komen al een stuk minder voor. En de tekst die we op deze scherven vonden, is helemaal zeldzaam: het is een sacraal-erotisch document.

Sacrale seks

Laat hem drinken, laat hem eten, laat hem seks hebben voor de godinnen. Zo vertaalt Mark Depauw een deel van de tekst op de scherf. Ja, zo staat het er, vrij cru eigenlijk, het expliciete woord "nek" wordt gebruikt. De tekst handelt over een priester die deze handelingen en andere moet doen ter ere van de godinnen Ai en Nehemanit. Meestal worden zulke seksuele verwijzingen heel verbloemd of eufemistisch weergegeven. De tekst op beide scherven is grotendeels gelijkluidend. Wat hun doel was? Het jammere bij ostraca is dat de context volledig verloren gegaan is. We kunnen dus alleen gissen aan de hand van interne criteria. Een hypothese is dat het hier gaat om spiekbriefjes om te gebruiken bij het reciteren. Eigenlijk was het al langer bekend dat de oude Egyptenaren niet vies waren van seks. In niet sacrale contexten werden wel vaker fallische afbeeldingen (=penissen) ontdekt. En er is de befaamde satirisch-erotische papyrus van Turijn. Mark Depauw: Dat document werd al in de negentiende eeuw ontdekt, maar is pas in 1973 voor het eerst integraal gepubliceerd. Dat is een zeer expliciet document, waarvan je de inhoud zou kunnen omschrijven als "de avonturen van een priester in een bordeel". Het is dus ook sacrale erotiek, en mogelijk gaat het zelfs om een gelijkaardig feest als dat waar onze ostraca naar verwijzen.

Het merkwaardige is dat de egyptologen de papyrus van Turijn liever verborgen hielden voor het grote publiek. Van de Romeinen en de Grieken waren zulke uitspattingen immers al langer bekend. Blijkbaar wilden ze de reputatie van hun studieobject hoog houden. Kuis als geen ander volk , omschreef een Duitse egyptologe de oude Egyptenaren ooit. Maar onze potscherven staven dus een heel andere waarheid. Waarschijnlijk was de situatie bij de oude Egyptenaren vergelijkbaar met de onze: over seks kon gepraat worden, zelfs op sacrale seks rustte geen taboe, in de context van een soort vruchtbaarheidsritus, een feest van het teveel. Maar toch: een priester die seks heeft op een podium voor een massa mensen - je fronst toch even je wenkbrauwen. (einde citaat)

Moet kunnen zouden we zeggen maar niet "life " op prime time in de U.S.A. daar heeft men al moeilijkheden met een blote borst van Miss. Jackson. We weten nu in elk geval dat seks ook in het Oud-Egyptisch bestaat. Dus ondertussen toch nog maar eens uw kennis getest:wat staat hieronder ? de betekenis is vrijen en het laatste teken is een determinatief. Maar dat had u al gemerkt waarschijnlijk. 

egnek8rs.jpg
Zie zo, maar nu morgen weer het ernstige werk.

Geschreven door ramsesje om 00:00 2 reacties Reageer op dit bericht

Les 2


LES 2

Het Oud-Egyptisch werd zoals gezegd alleen met medeklinkers geschreven. Moest dat in het Nederlans ook zo zijn dan zou de groep mn, kunnen staan voor men, menu, amen maar niet voor mens want dit zou mns zijn. Meestal is uit de context wel af te leiden wat dan de preciese betekenis is. Denk bv. aan volgend berichtje in de koopjeskrant onder afdeling vastgoed: "Hs t kp, Lvng, 2 slpkmrs, bdkmr, grg glkvlrs".We snappen dat hier staat: huis te koop,living, 2slaapkamers, badkamer, garage gelijkvloers alleen al uit de context. De Egyptenaren hadden daar nog een bijkomend trukje voor om zich niet te vergissen. Na het woord slpkmr tekenden ze (dit is maar een voorbeeld) een slapend mannetje. Dit teken werd dan bij alle woorden die met slapen te maken hadden aan het eind bijgevoegd. Dus de woorden bed, laken, kussensloop maar ook slapen en misschien wel vrijen zouden elk aan het eind een slapend mannetje krijgen. Zo een teken wordt een "DETERMINATIEF" genoemd. Zo een determinatief heeft geen klankwaarde alleen betekenis waarde en wordt dus niet uitgesproken. Een determinatief staat steeds aan het eind van het woord.

Omdat de uitspraak van een opeenvolging van medeklinkers voor een modern oor niet te verteren valt en de juiste uitspraak alleen nog door ingewikkelde vergelijkingen met het " Koptisch (d.i. de liturgische taal van de Egyptische Christenen) te achterhalen valt, hebben de egyptologen de gewoonte aangenomen tussen alle medeklinkers een doffe of scherpe "e" te plaatsen om het te kunnen uitspreken. Dus nefer (spreek uit neefer) ipv nfr, neb ipv nb. De uitspraak is net als in het Nederlands open lettergreep lang, gesloten lettergreep kort). Het heeft echter niets te maken met de uitspraak van de Egyptenaren die een egyptoloog  niet zouden verstaan maar wel via schrift met hem zouden communiceren.

egneb3wd.jpg

Het rieten mandje dat we reeds kennen en de betekenis van meester heeft en in het Egyptisch stond voor de tweeklank nb, wordt door de egyptologen uitgesproken als neb. Het mandje alleen volstond om de klank neb uit te drukken maar de oude Egyptenaren schreven er nog een mannetje achter om zo te laten zien dat het hier om een persoon gaat. een meester dus. Het mannetje is hier een determinatief.

egalfabet2qo.jpg

Het schrift kende op zich geen alfabet, maar een aantal tekens die één, twee of drie medeklinkers konden voorstellen. De tekens die slechts één medeklinker voorstelden werden door de egyptologen in een soort alfabetische volgorde gezet om zo woorden in een woordenboek beter te kunnen rangschikken. Om alvast wat tekens te laten memoriseren geven we hierboven een lijstje met de éénlettertekens of het egyptologenalfabet.

.

We starten met de vier eerste tekens. Het zijn in feite halfmedeklinkers want ze kunnen soms de klankwaarde van een klinker soms die van een medeklinker hebben.

  • De Egyptische gier wordt conventioneel a uitgesproken maar is in feite een keelklank zoals net voor de eerste a in ge-aard.Nu we dat weten onthouden we alleen de klankwaarde "a".
  • Het tweede teken : een pluim van bloeiend riet heeft de klankwaarde "j" of "i"
  • Het tweede teken kan ook dubbel voorkomen en heeft dan de waarde "j" of "i" zoals de enkele pluim maar wanneer het op het eind van een woord voorkomt wordt de dubbele rietpluimm "e" uitgesproken.
  • De arm is een speciale klank, het is een keelklank zoals gemaakt bij gorgelen, als ayin in het Arabisch bekend. Gemakshalve wordt ze door de egyptologen ook als "a" beschouwd en door ons dus ook.
  • Het kwartelkuiken, want dat is het, heeft de klankwaarde "w" of "oe"

Vandaag houden we er mee op. Tenzij nog dit even dit. Hieronder een herhaling over de leesrichting. Waar de wezentjes naar kijken daar begint men te lezen.Twee richtingen in een regel komt voor op monumenten. Indien er geen dwingende reden was schreven de Egyptenaren van rechts naar links ( dus omgekeerd aan onze schrijfrichting.

egleesrichting14pw.jpg

egleesrichting27qd.jpg

Hierbij nog een opmerking. Indien de tekens op gelijke hoogte staan leest men eerst de bovenste en daarna naar onder toe

OEFENING :

egtekentoet4ap.jpg

Kan je dit woordje lezen het betekent "beeld" en komt voor in een vrij bekende koningsnaam. Welke koning ?

!!!Indien iets u niet duidelijk is aarzel niet mij te mailen. Ik zal pogen iedereen persoonlijk te antwoorden en mocht een probleem bij verschillende mensen voorkomen geef ik een herhalings les.!!!

Geschreven door ramsesje om 00:00 Reageer op dit bericht

Bronnen 3

BRONNEN 3

De tablet van Karnak

Bevindt zich momenteel in het Louvre te Parijs. Hierop stonden oorspronkelijk de nesoe namen van 62 koningen van Menes tot Thoetmose III. De lijst is in waarde niet te vergelijken volgens W.B.Emery met de lijst van Abydos want deze lijst zou hoofdzakelijk gebaseerd zijn op traditie en niet op geboekstaafde kronieken. Is echter wel van belang daar deze lijst de namen van de koningen van de duistere periode, die de Tweede Tussentijd was, vermeldt.

De lijst van Sakkara

Bevindt zich momenteel in he museum van Caïro. De lijst werd gevonden in het graf te Sakkara van de koninklijke schrijver Thoeneri. Hij omvat de nesoe namen van zevenenveertig koningen beginnende bij de zesde koning van de eerste dynastie Merbapen en gaat door tot Ramses II. Mogelijks werden de eerste vijf namen weggelaten omdat deze lijst de opvatting van Neder-Egypte vertegenwoordigde die (door de recente verovering ?) deze koningen niet erkende. Hij bevat nog 47 cartouches, oorspronkelijk 58 maar de koningen uit de Tweede Tussentijd ontbreken.

egpalermosteen12zm.jpg\"
de palermosteen
De Annalensteen

Het is de oudst bewaarde koningslijst. Hij dateert waarschijnlijk uit de vijfde dynastie. Hij is gehakt uit zwart dioriet (olivijnbasalt) en was oorspronkelijk twee meter lang en meer dan een halve meter hoog. Het is een tragisch geval want we weten niet waar hij gevonden werd en we bezitten slechts een vijftal fragmenten ervan. Het is waarschijnlijk dat de ander brokken nog ergens onder het zand verborgen liggen maar men weet niet waar men ze moet zoeken. Een groot fragment bevindt zich momenteel in het museum te Palermo en wordt daarom de Palermosteen genoemd. Andere kleinere fragmenten liggen in het museum in Ca¨i;ro en in het Petrie museum in het University College in London. De steen is aan beide zijden beschreven. We weten dat alle koningen uit het archaïsch tijdperk hier beschreven werden met hun regeringsperiode en de voornaamste gebeurtenissen tijdens hun bewind. Op de voorzijde staan de namen van de koningen die Opper- en Neder-Egypte afzonderlijk bestuurden voor eenmaking gevolgd door de heersers van de twee landen tot en met Bicheris, de 5e koning van de vierde dynastie. Op de achterzijde vinden we dan de namen te beginnen met koning Mykerinos, de zesde koning van de vierde dynastie, om te eindigen bij Neferefre, de vijfde koning van de vijfde dynastie. Men vermoedt dat de steen ongeveer kort na of nog tijdens de vijfde dynastie tot stand kwam. Dat zou dan betekenen ongeveer 700 jaar na de gebeurtenissen wat toch vrij dicht bij vermelde feiten aansluit.

De steen van Palermo was tot in 1877 in privй handen en werd dan afgestaan aan het Museo Archeologico van Palermo. Het fragment meet 43 bij 25cm. Op de voorzijde vindt men zes registers tekst en deel van het zevende register. Hierbij is elk register onderverdeeld in drie horizontale banden.Het tweede en derde register bevatten de annalen van de acht koningen van de eerste dynastie en het vierde en vijfde register deze van de negen koningen van de tweede dynastie. Door toepassing van de jaartallen van Manetho heeft men wiskundig aangetoond dat deze jaartelling vrij goed overeenkomt met deze van de steen.

egpalermo21yw.jpg\"
Uitvergroting van de Palermosteen ( voorzijde) waarbij U onderaan een beeld van de ganse Annalensteen ziet en P de Palermosteen en C1 het Caïrofragment vertegenwoordigt
Geschreven door ramsesje om 23:43 Reageer op dit bericht

Hiërogliefen Les 1

CURSUS DEEL 1

De Egyptische Taal

Eerste punt: je moet geen genie zijn om hiërogliefen te kunnen lezen. Er zijn duizende Egyptenaren geweest voor jou die het ook aangekund hebben. Dus !

Een tweede punt dat we dienen te noteren en waar we niet altijd aan denken is het volgende: de Egyptische taal evolueerde gedurende meer dan 3000 jaar.  Er bestaat dus  geen enkelvoudige standaardtaal maar verschillende vormen van eenzelfde taal. Wat wij hier zullen bestuderen is het "klassiek Oud-Egyptisch" of de taal van het Middenrijk. Om dit te illustreren; denk maar eens aan het oudste Nederlandse vers "hebban olla vogelas nestas begunnan hinasce ick anda thu "( hebben alle vogels hun nestjes begonnen behalve ik en jij), die een verliefde monnik nog geen duizend jaar geleden in de kantlijn van een boek schreef. Monniken zijn er niet veel meer en ze zouden nu misschien eerder iets zeggen in de aard van "'t is keitof dat gij de pil neemt want...". er is dus een immens verschil tussen de taal van het Oude Rijk en de taal uit de tijd van Cleopatra. Wij zullen voornamelijk het hiërogliefenschrift van het Middenrijk bestuderen en af en toe eens uitweiden over de andere vormen.

Ten derde het Oud-Egyptisch is een Hamitisch-Semitische taal en bovendien vormt zij in deze groep van talen een aparte (derde) groep naast de Hamitische en de Semitische talen. De Hamitische talen zijn genoemd naar Cham, een zoon van Noach, de man van de zondvloed en de ark met al die beestjes in. Cham zou volgens de bijbel de voorvader zijn van de Afrikanen. De Semitische talen daarentegen zijn afgeleid van Sem, een andere zoon van Noach, en voorvader van de arabieren, joden, enz. Het Oud Egyptisch, dat nu nog overleeft als het Koptisch,  is een mengvorm van Hamitisch en Semitisch.
 Koptisch wordt nu hoofdzakelijk nog gebruikt als liturgische (=kerkelijke) taal van de christenen in Egypte.  Waarom is dat nu belangrijk ? Wel omdat deze talen een wat andere structuur hebben dan onze Indo-Germaanse talen.

Eerst en vooral staan in deze talen de medeklinkers op de voorgrond. In het oud Egyptisch werden alleen maar medeklinkers geschreven. Mis roep je enthousiast want ge hebt hieronder verklaard dat een pluim een klankwaarde van "i" bezat en een gier deze van "a". Juist en niet juist want in feite zijn deze klanken maar een paar verbasterde medeklinkers die een beetje als een klinker zijn gaan klinken. Hierover later meer.

Daarnaast hebben al deze talen gemeen dat men bijna de ganse woordenschat kan afleiden uit groepen van drie medeklinkers "STAM" genaamd. Voorbeeld: in het Arabisch heeft KTB de algemene betekenis van schrijven. Van hieruit leiden we af KiTaB = boek, KaTiB = schrijver, maKTaBa = bureel enz... Ook voor het Oud-Egyptisch geldt deze vaststelling.

Noteren we verder dat er naast het hiërogliefisch schrift ook nog  vereenvoudigde vormen van dit schrift bestaan: nml.  het hiëratisch schrift . Dit is te vergelijken met onze gedrukte letters en werd direct afgeleid uit het hiërogliefen schrift.  Daarnaast bestond er ook nog een demotisch schrift dat te vergelijken is met een handschrift. Het was een cursieve vorm van het hiëratisch. Het woord hiëroglief is samengesteld uit twee Griekse woorden namelijk: "hiëro" wat staat voor "heilig" en "glyph" wat staat voor " kerven". Heilige inkervingen dus. Hiërogliefen werden inderdaad het meest gebruikt voor het aanbrengen van teksten op gebouwen en voorwerpen. Het hiëratisch betekent zoveel als priesterschrift. Het werd veel gebruikt op tempeldocumenten en papyrussen. Het demotisch werd afgeleid van "demos" wat het volk (cfr democratie) betekent. Dit volkschrift werd vooral gebruikt voor handelstransacties en dagelijkse correspondentie. In deze studie zullen we ons beperken tot het hiërogliefenschrift. 

Volgens de Egyptenaren zelf waren de hiërogliefen "medoe netjer " of "woorden van God", omdat volgens hun traditie het de god "Thot" (afgebeeld in menselijke gedaante met een Ibiskop) was die het schrift had uitgevonden en aan de mensen had aangeleerd.

egthotschrijver0da.jpg

Hierboven ziet u de god Thot met zijn schrijversgerief. Een paletje met boven een tablet rode en zwarte inkt ( vergelijk met de tabletjes waterverf voor kinderen) en in het palet groeven om de penselen in op te bergen. Hij is trouwens met een rietpenseel op het tablet aan het schrijven. Onderaan bij de groep hiërogliefen op de rechter zijde die zijn naam en titels weergeven, zie je nogmaals ditzelfde schrijfgerief: netjes met een koordje samengehouden tablet en penseel en aan het palet  bengelt nog een koordje met een inktpotje. Het is de hiëroglief voor "schrijven" en "schrijvers" met daarachter drie streepjes, die het meervoud aanduiden. Net erboven staat een vlaggetje. Het is de hiëroglief voor god met klankwaarde ntjr =netjer. Net daarachter bevindt zich een soort  knots of stok. Dit hiëroglief betekent woord, met klankwaarde md=med. Daarachter bevinden zich drie streepjes die aanduiden dat het hier om een  meervoud gaat. Bij de uitspraak wordt het meervoud van med gevormd door toevoegen van een "oe" dus medoe  De stok dient dus niet alleen om het begrip stok uit te druken maar ook het begrip "woord". Medoe netjer = woorden van god = hiërogliefen.

In feite staat er wel netjer medoe en niet medoe netjer want  we moeten de hiërogliefen beginnen lezen vanuit de richting waarnaar de figuurtjes kijken ( de ibis bovenaan kijkt naar rechts) en van boven naar onder toe. Deze verwisseling van volgorde van de woorden is in het Oud-Egyptisch gebruikelijk wanneer het om goden of de koning (vertegenwoordiger van de goden op aarde) gaat. Uit eerbied voor god of koning worden deze woorden (god, koning) of hun namen steeds vooraan geplaatst maar voor de betekenis horen ze achteraan. Dus is de correcte lezing wel medoe netjer.

Onthouden : 1. Alleen medeklinkers worden geschreven 2. Alle woorden zijn vrijwel afgeleid uit stamwoorden van drie medeklinkers. 3. Leesrichting: men begint aan de kant waarnaar de figuurtjes kijken 4. Uit eerbied voor een god wordt zijn naam of het algemeen begrip God=vlaggestok=netjer  steeds vooraan in het woord, waarvan hij/het deel uitmaakt, geplaatst. Voilà dat was de eerste les.

Geschreven door ramsesje om 00:00 2 reacties Reageer op dit bericht

Lijst abydos

DE BRONNEN 2

Lijst van Abydos
egabydoslist28nd.jpg egabydoslijst10ue.jpg

Deze lijst vindt men op een muur in de tempel van Seti I te Abydos. Hij toont ons Seti I en zijn zoon Ramses II die de voorvaderen eren onder vorm van hun cartouches. Deze lijst bevat de nesoe namen van 76 koningen die voor Seti regeerden. Er ontbreken wel enkele namen zoals deze uit de Tweede Tussentijd en deze van de vrouwelijke farao Hatsjepsoet en verder Achnaton en de andere farao's van de ketterse Amarna periode (Smenckare, Toetanchamon en Aië) die door Seti juist wegens hun ketterij aanzien werden als niet bestaand. De cartouches staan op drie rijen maar de onderste rij is slechts een herhaling van de cartouche van Sethi

Op deze lijst wordt geen onderscheid gemaakt tusssen de dynastieën. We nemen dus een beetje dogmatisch de eerste acht als behorende tot de eerste dynastie. We lezen :



Meni Teti Iti Ita Djati Mer-ba-pen Semsem Qebh

egabydoslijst35zj.jpg

De goede opmerkers onder U zullen al gezien hebben dat het het halve rondje gelezen dien te worden als letter "t" en de veer als letter "i". Ook vinden we het rechthoekje met de streepjes terug dat we ook zagen in de naam van Toet-anch-Amon of Toet-anch-imen en dat dit dus "men" moet betekenen. In feite gaat het hier om de afbeelding van een soort bordspel.Als we nu nog aannemen dat de giervalk ongeveer de klankwaarde "a"heeft dan kunnen we reeds naam 1,2 en 4 en stukje van naam 3 lezen.Voor alle duidelijkheid merken we nog op dat het getand tekentje"overeenkomt met de letter "n". Waarom wordt Meni dan niet Men-n-i geschreven. Wel de Egyptenaren hadden de goede gewoonte bij bepaalde tekens die de klankwaarde van meer dan een letter hadden ofwel vooraan ofwel achteraan enkele letters te herhalen. Men kon dus "men" schrijven als "m-men-n", of als "men-n" of "m-men-en". De combinaties zijn zowat eindeloos. Dit diende eigenlijk allen de schoonheid van het schrift want men trachtte de hiërogliefen steeds in mooie vierkantjes te combineren. We zullen in een volgend berichtje eens al wat we reeds over deze tekens en hun grammatica gezien hebben netjes op en rij zetten.

We zullen ook eerst de andere bronnen bekijken vooralleer we een vergelijking met de lijsten van Manetho enz.. aanvatten.

Geschreven door ramsesje om 14:02 Reageer op dit bericht

bronnen 1

DE BRONNEN 1

Manetho:

Manetho was een priester uit Sebennytos in de Delta, die zijn ambt echter uitvoerde in de tempel van Heliopolis. Hij leefde in de derde eeuw v.Chr. en schreef na 271 v.Chr. een geschiedenis van Egypte in opdracht van de toenmalige Griekse heerser van Egypte Ptolemaios II . Van de Griekse schrijver, Plutarchus, vernemen wij dat hij een van de twee geestelijke adviseurs van deze koning was en dat hij sterk verbonden was met de invoering van de cultus van de god Serapis (een versmelting van een Egyptische en Griekse god). Hij verdeelde in zijn \"Aantekeningen over Egypte\" de farao\'s van het begin 3100 v.Chr. tot de dood van de laatste inheemse farao, Nectanebo II, in 343 v.Chr. in dertig dynastieën. Alhoewel hijzelf als betrouwbaar geacht wordt -- hij beschikte immers over toen nog bestaande geschriften in bibliotheken van de tempels--, en hij ook reeds in de oudheid gewaardeerd was, werd geen enkele volledige tekst van zijn werk bewaard. Delen ervan zijn wel bewaard gebleven bij andere schrijvers die hem uitvoerig in hun, nog bewaarde boeken, aanhaalden en citeerden. De voornaamsten hiervan zijn de christelijke chroniekschrijvers Sextus Julius Africanus en bisschop Eusebius van Caesaerea (gestorven rond 340) . Van deze laatste zijn nog twee versies bewaard: een Armeense en een Griekse.

(pseudo)-Eratosthenes

Men spreekt van pseudo-Eratosthenes omdat er wordt getwijfeld of dit werkelijk afgeschreven werd uit het werk van Erathostenes van Kyrene (  stad in Libië moderne Shahhat - vormde vroeger met vier andere steden een Griekse kolonie, de Pentapolis =vijf steden genaamd.) Het werk is bewaard bij Syncellus, die het overgeschreven had bij Apollodorus (tweede eeuw v.Chr.), die zelf beweerde het overgeschreven te hebben bij Eratosthenes (derde eeuw v.Chr.). U ziet vroeger werd om plagiaat niet zoveel heisa gemaakt. Belangrijk is dat ook Eratosthenes evenals Manetho gebruik kon maken van Egyptische documenten. Het feit dat er bepaalde koningen niet vermeld worden kan men waarschijnlijk daaraan wijten dat deze voor de tempel of stad waarop het document steunde minder van belang waren. We zullen verder nog voorbeelden van dergelijke praktijk bij de Egyptenaren tegenkomen. 

Hieronder vindt je een lijst van de koningen zoals ze bij de verschillende auteurs voorkomen met hun regeringsjaren en het totaaal van al die regeringsjaren samen. De vlugge rekenaars onder jullie zullen reeds gezien hebben dat er onderlinge verschillen zijn maar ook dat de totalen niet kloppen. Voor Africanus is het totaal 263 ipv 253 en voor Eusebius  Grieks 258 ipv 252 en Armeens 228. Maar erg ver uit elkaar liggen deze totalen toch niet en het zijn vooral de vier eerste koningen waar dit het meest tot uiting komt.

Wat betreft de namen ziet men dat er door het overschrijven fouten zijn gemaakt maar dat ze toch sterk gelijkend zijn.

Africanus Eusebius (Grieks) Eusebius (Armeens Erathostenes
Menes 62 Menes 60 Menes 30 Menes 62
Athotis 57 Athotis 27 Athotis 27 Athotes I 59
Kenkenes 31 Kenkenes 39 Cencenes 39 Athotes II 32
Ounephes 23 Ounephes 42 Vavenephises 42
Ousaphaidos 20 Ousaphais 20 Usaphais 20
Miëbidos 26 Niëbais 26 Niëbais 26 Miabaës 19
Semempses 18 Semempses 18 Menpses 18 Pemphos 18
Biëneches 26 Oubiënthes 26 Vibenthes 26
Totaal 253 252 252
Geschreven door ramsesje om 18:53 Reageer op dit bericht

Wist Je ?

WIST JE ?

Dat tot in 1895 de kennis van de Egyptische geschiedenis niet verder rijkte dan de regering van farao Snefroe, de eerste koning van de vierde dynastie.!

Tot in de negentiende eeuw de pyramide van farao Choefoe (Cheops), gebouwd in het derde millennium voor Christus, het hoogste gebouw in de wereld was. Hoogte 146 m.

Dat op het grondvlak van deze pyramide van 5,3 ha gemakkelijk de kathedralen van Milaan, Florence, St-Pauls Cathedral en Westminster Abbey in Londen samen met Sint-Pieter in Rome konden worden gebouwd en dat er nog plaats zou over zijn.

Dat de waarde van de puur gouden binnenkist van Toet-anch-Amon, alleen maar in goudgewicht gerekend 1,5 miljoen euro zou bedragen en dat Toet-anch-Amon maar een kleine onbelangrijke farao was. Wat moet er dan niet in het graf van de grote Ramses II gelegen hebben.

Geschreven door ramsesje om 00:52 Reageer op dit bericht

HIEROGLIEFEN CURSUS ?

GRAAG UW REACTIE:
Ben je geïnteresseerd in een cursusje hiërogliefen ?
Bij voldoende interesse zou ik

HIER OP HET BLOG

zo een cursusje kunnen geven. U zal er wel geen papyrus mee lezen maar bij het eind van de cursus moet je wel in staat zijn standaardteksten op stèles en monumenten te ontcijferen
Ronald Milo alias Ramsesje.
Geschreven door ramsesje om 12:45 6 reacties Reageer op dit bericht

Bronnen van de koningslijsten vb. Eerste Dynastie

BRONNEN VAN DE KONINGSLIJSTEN
met als voorbeeld de eerste dynastie.

En gaan we nu eindelijk iets over de eerste dynastie zeggen? Inderdaad en we beginnen alvast met de vaststelling dat men het woord dynastie in de Egyptologie gebruikt voor een groep Egyptische vorsten zoals ze in de lijsten van Manetho* worden weergegeven. Men dient hier onmiddellijk aan toe te voegen dat er wel een zekere notie van familiaal verwantschap, zoals we die vandaag de dag aan het woord dynastie toekennen, aanwezig was maar dat deze zeker niet absoluut was. Zo kennen we voorbeelden waar de vader laatste koning van een bepaalde dynastie was en de zoon de eerste koning van de daaropvolgende dynastie. Bij onze notie van dynastie zouden ze beide in dezelfde dynastie thuishoren. In feite speelden bij Manetho toen hij zijn geschiedenis schreef en de dynastie lijsten opstelde naast familierelaties, ook de hoofdstad van waaruit de koning regeerde en waarschijnlijk ook nog andere factoren een rol.

Wanneer regeerden de vorsten van de eerste dynastie? Wat met een moeilijk woord de chronologie genoemd wordt. Chronologie stamt uit het Grieks chronos=tijd en logos=woord, kunde. Tijdskunde dus. Welnu de absolute chronologie van deze periode ligt verre van vast. Waarschijnlijk begon de eerste dynastie ergens tussen 3100 en 3000 v.Chr. en duurde ze ongeveer 200 jaar. Als we hier met een gemiddelde generatieduur van 25 jaar rekenen betekent dat dat er plaats is voor een achttal koningen.

Voor de eerste dynastie zijn of waren er twee grote problemen !

  • Wie was de door Manetho aangehaalde eerste koning "Menes" van de eerste dynastie. Die volgens de legende de Twee-Landen verenigde en Memfis stichtte.
  • Hoe kon men de namen van de archeologisch vondsten doen overeenkomen met de namen die Manetho gaf in zijn lijst en in welke volgorde waren ze elkaar opgevolgd.

Ja, ja beste lezers we kunnen nog niet echt beginnen aan de eerste dynastie vermits we eerst zullen moeten nakijken over welke bronnen we beschikken om de studie aan te vatten. Die bronnen delen we in in eigentijdse bronnen, die dateren uit het tijdperk zelf en de niet eigentijdse die dateren uit een later tijdperk

De bronnen
Niet eigentijdse bronnen
Manetho, zoals overgeschreven bij Africanus en Eusebius (Griekse versie en Armeense versie)
Eratosthenes
Lijst van Abydos
Lijst van Karnak
Lijst van Saqqara
Koningspayrus van Turijn
De Analensteen
Eigentijdse bronnen
Materiaal uit de necropool (begraafplaats) van Abydos, Nagada en Hierakonpolis
Materiaal uit de necropool van Saqqara
Ander materiaal
* Zie 15.02.2006 :Periodes van de Egyptische Geschiedenis
Geschreven door ramsesje om 00:00 Reageer op dit bericht

Eigennaam

DE SA-RA NAAM, GEBOORTENAAM OF EIGENNAAM

De tweede naam die in een cartouche geschreven wordt is de zogenaamde sa-Ra of sa-Re naam. Dit is de naam die de koning voerde voor hij gebroond was en die hem bij zijn geboorte werd meeggeven. De titel bestaat uit een eend gelezen als " sa" en met betekenis "zoon" en daarboven het Re of Ra teken dat we reeds kennen. Het is dus de naam van de de zoon van Re (Ra). Zo eenvoudig is dat. Het is meestal ook de naam waaronder wij de farao's kenen. Zo vinden we voor Toet-anch-amon.

egtoutanchamon27wd.jpg


De pluim de rechthoek met de streepjes en het gegolfde lijn behoren bij elkaaar en kunnen worden gelezen als "Imen" of het ons beter bekende "Amon", de god Amon dus. Het kwarteltje met een broodje voor en broodje na kan men lezen alst "toet" met de betekenis "beeld, afbeelding" en het eigenaardige kruisteken helemaal achteraan is het levensteken "anch" met betekenis "leven, adem". We lezen dus Amon-toet-anch. Maar zoals we reeds eerder vermelden wordt de naam van de god uit eerbied vooraan geplaatst en wanneer die naar de juiste plaats wordt overgebracht lezen we dus Toet-anch-Amon.Wat betekent "beeld-leven-amon". Wanneer we daar wat grammaticale regels op toepassen (die ons momenteel te ver zouden leiden) lezen we "Het levende beeld van Amon". Ziezo nu hebben we de volledige namen van onze Toet-anch-amon: "Horus de sterke stier. Hij die in relatie staat met de twee meesteressen, voortreffelijk van wetten die de beide landen tot rust brengt. De gouden Horus die de diademen opzet en de goden tevreden stelt. Koning van Opper- en Neder-Egypte Neb-cheperoe-re, de zoon van Re Toet anch Amon. Soms volgt hier nog heerser van Thebe op. Zo, een mondje vol. Maar zijn vrouw noemde hem misschien wel Toet of Toetje !

Geschreven door ramsesje om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van .

↑ Terug naar de berichten