Klaprozen

Klaproos : speels, broos en oh zo kwetsbaar!!

Klaprozen
als tere vlinders
zie ik ze weer
fladderen
zorgeloos spelend
met licht en wind
bert van der linden
Een hobby die een obsessie werd !!
Niet alle afgebeelde kant is door mij gemaakt,
dat zou trouwens onmogelijk zijn.
Ik wil alleen
ALLE
facetten van
KANT
belichten !!

Klaprozen
Klaproos : speels, broos en oh zo kwetsbaar!!

Klaprozen
als tere vlinders
zie ik ze weer
fladderen
zorgeloos spelend
met licht en wind
bert van der linden
Gentse Valencienneskant
Gentse Kant à réseau varié
Net zoals Binche was Gent oorspronkelijk een belangrijk centrum voor Valencienneskant. Men spreekt dan ook van
‘Gentse Valenciennes’.
De Blauwe Meisjes, zoals de weesmeisjes van de Onderstraat werden genoemd, hadden zich in deze kant gespecialiseerd. In 1805 werd deze instelling onder de bevoegdheid van de zusters van O.L.Vrouw Visitatie gesteld. Om te ontsnappen aan de 19de eeuwse crisis in de kant, zocht Virginie Vrancken, directrice, een nieuwe methode in de samenstellingswijze van de apart vervaardigde kanten.
Dit resulteerde in de
"Dentelle de Gand à réseau varié"
of
“Gentse kant op verschillende gronden”.
De bloemen worden afzonderlijk vervaardigd en met de typische vierkante Valenciennesgrond verbonden. Typisch, zoals de naam ook laten blijken, is het voorkomen van verschillende gronden of siervullingen. Het klooster verkreeg een octrooi voor deze kant, waardoor deze instelling de exclusiviteit voor deze kant bekwam. Alle kanten van deze soort werden hier geklost. 
Afbeelding : Een strook Gentse Valenciennes à réseau varié.
Bron : De historiek van kanten
Valenciennes kant
Valenciennes kant
Eind 17de eeuw werd in Valenciennes een kloskant ontwikkeld op basis van de bestaande Antwerpse kant. Doorheen de tijd werd deze kant verfijnd zodat in de 19de eeuw de meest perfecte Valenciennes werd vervaardigd. Typisch voor deze kant is de aanvankelijk ronde, later vierkante mazengrond waarvan de vier zijden gevlochten zijn. Dit resulteert in een bijzonder stevig en sterk kantwerk. Opvallend is dat deze kantsoort geen of weinig reliëf bevat, want de motieven zijn op de mazen verwerkt met een sterk aangetrokken linnenslag, een van de basisslagen in de kloskant, en zonder enige omtrekdraad. Doordat er geen reliëf is, is Valenciennes gemakkelijk te strijken. Deze kant wordt vaak verwerkt in linnengoed.

Dit is een foto van een oud volwerkje Valenciennes kant. Waarvoor het eigenlijk diende weet ik niet voor 100 % maar ik vermoed dat het de bedoeling was om het te incrusteren in een kleedje.
Waar een wil is, is een weg...
Waar een wil is, is een weg…
Onder deze titel kreeg ik van een dame een e-mail toegestuurd.
Het zijn niet altijd de mooie creaties van ervaren kantklossters die in de bloemetjes moeten gezet worden.
Het doet mij plezier dat er mensen zijn die diegenen met minder geluk dan wij, kunnen motiveren tot een creatie waarop zij dan geweldig fier mogen zijn!
In aansluiting op uw blog onderwerp van 18/5/07 wil ik u ook iets toesturen.
Ik geef kantklosles in een dienstencentrum. Een van de cursisten is ook iemand die pas 1 jaar klost en die wegens ziekte zich heel moeilijk kan concentreren.
Met grote inzet en veel moed van haar kant is haar eerste kantwerk af. Ze is er heel fier op.
Zoekend naar een gepast onderwerp, patroon en techniek, hier een eenvoudig lint in linnenslagen maar vooral met heel veel geduld en kalmte van de leerkracht is ook voor deze mensen een creatieve oplossing te vinden.
Beste groetjes en tot later. Landecuttela.

De klosjes van Edith !
Het doet altijd “deugd” als er een positief vervolg komt op een gestelde vraag.
Ik ben een beetje fier op het feit dat ik deze dame niet alleen heb aangezet om te beginnen met kantklossen maar ook omdat ik daardoor een figuurlijk steentje heb bijgedragen aan het ontstaan van een andere mooie “creatie” !!!!
Hallo Gisela,
Vorig jaar nam ik contact met je op om te vernemen of mijn zware bijziendheid een reden zou zijn om niet te leren klossen. Je moedigde me aan om toch de stap te zetten. Inmiddels zit mijn eerste cursusjaar bij Lieve Lams er al bijna op . En, zoals vele anderen, vind ik veel plezier in het kantklossen. Dat het kantklossen onze creativiteit stimuleert mag blijken uit het gedichtje dat ik hierbij voeg.
Ook een proficiat voor je informatieve blog en de vele mooie werken die jij al realiseerde.
Veel leesplezier !
Klosjes

Klosjes liggen maar heel even in mijn hand.
Ik gooi ze altijd meteen naar de andere kant.
Ze worden voortdurend heen en weer verlegd.
Komen telkens op een andere plek terecht.
Vrolijk dansen ze over het kussen heen.
Altijd samen, nooit is er eentje alleen.

Klosjes hebben verschillende nationaliteiten.
Men kent ze dan ook in veel variëteiten.
Ze verschillen in kleur, maat en gewicht.
Ik ben al vaak voor hun schoonheid gezwicht.
Want het mooi glanzend, gladde hout
heeft voor mij de waarde van goud.

Sommige klossen zijn trots op hun buikje, mooi rond.
Een grammetje meer vinden zij niet ongezond.
Andere pronken dan weer graag met hun slanke lijn.
Terecht ! Hun ranke silhouet mag er zeker zijn.
Mondaine klosjes, niet door bescheidenheid gehinderd,
zijn met kleurrijke motiefjes beschilderd.
Engelse klossen willen steeds weer de loef afsteken.
Met parels en kralen getooid, doen zij de concurrentie verbleken.

Mijn verzameling breidt zich steeds verder uit.
'k Ben altijd op zoek naar een nieuwe buit.
De spaarpot is er niet mee gebaat,
maar een mooie collectie is wel het resultaat.
Ik koester mijn klosjes stuk voor stuk,
en deel graag met anderen dit geluk.
Het zal je dan ook niet verwonderen.
In een pronkkastje zijn ze te bewonderen.
Edith Meurrens, Leuven

Keizerin Maria Theresia

Maria Theresia van Oostenrijk
(Wenen, 13 mei 1717 –29 november 1780),
aartshertogin van Oostenrijk, koningin van Hongarije en Bohemen van 1740 tot 1780, Duits keizerin van 1745 tot 1765.
Keizerin Maria-Theresia wenste een kleed in de befaamde verfijnde kant uit de toenmalige Oostenrijkse Nederlanden. In een akte van 16 juli 1743 staat opgetekend dat de staten van Vlaanderen 25.000 floreinen wilden spenderen voor een kanten kleed voor de keizerin. In december van hetzelfde jaar was het kleed klaar en werd het haar ten geschenke gegeven ter gelegenheid van haar intrede in
Gent op 17 april 1744.
Enthousiast over dit geschenk liet de keizerin zich te Wenen portretteren door de hofschilder Martin von Myetens.
Door oorlogstroebelen kon dit schilderij dat in 1745 klaar was en voor Gent bestemd was, niet dadelijk ter bestemming worden gebracht. Het bereikte de stad Gent pas in 1749. Kort na de aankomst van het schilderij in Gent, nam Brugge het initiatief een kopie ervan te laten maken door Matthias de Visch.
Het lijfje en de rok van het kleed vertonen alle kenmerken van de Brusselse kant. De omranding van de transparante pelerine, de ovaalvormige halsuitsnijding en de engageantes of mouwstroken zijn waarschijnlijk in een kantsoort met doorlopende draden geklost, mogelijkerwijze in de uiterst modieuze Mechelse kant. Diverse kantcentra zouden hun medewerking verleend hebben aan de realisatie van het kleed.
Staatsieportretten kunnen worden geschilderd, getekend of gefotografeerd; de persoon die wordt afgebeeld neemt hiervoor een houding aan die gezag of symboliek uitstraalt. Het portret wordt meestal vervaardigd door een bekend vakman. Vroeger waren de hofschilders belast met het vervaardigen van een staatsieportret, vandaag zijn dat erkende fotografen
Terug van weg geweest...

Na een deugddoende reis naar een “zonovergoten” Corfu, ben ik boordevol energie om mijn klosjes aan het werk te zetten!!
Vanavond nog begin ik aan een tweede masker.

PS. Zelfs in Corfu kon ik het bloggen niet laten!
Masker

Maskers…
Een masker in kant vind ik fascinerend, broos en opwindend terzelfder tijd.
De tekening, van M. Bruggeman, heb ik 50 % verkleind en uitgewerkt met katoen nr 120, en natuurzijde. In sommige delen heb ik piepkleine pareltjes verwerkt.
Ter illustratie…het prachtige gedicht van Alice Nahon.
Maskers
Alice Nahon (1896-1933)
De mensen doen hun maskers af,
ze kijken vreemd elkander aan
verwonderd dat ze naast elkaar
lijk vreemden staan.
Nochtans ze stonden zij aan zij
in zelfde strijd voor zelfde brood;
Sleepten zij niet dezelfde sleur
van zorg en nood?
Viel niet dezelfde klacht en scherts
van uit hun bitter-blije mond?
Was 't niet of men de hele dag
elkaar verstond?
De mensen gaan zover vaneen
wanneer de schemering is nabij;
ze worden er niet triestig om
of ook niet blij.
Ze speelden immers maar een spel
waarin de ziel geen teken gaf;
ze deden enkel met elkaar
wat lief, wat laf.
En met een gauw-vergeten groet
een scheiding zonder lach of leed,
gaat ieder naar zijn eigen huis
dat stilte heet.
Daar zijn er die te dromen gaan
langs paden mul van schemering,
naar 't land dat 's avonds schoner wordt,
herinnering.
En velen worden stil-devoot
om rein profiel van lief gelaat
dat in de voorhal van hun ziel
gebeeldhouwd staat.
Ik weet er ook die sprakeloos
en moede van d'ondankbre strijd
de avond danken om zijn uur
van eenzaamheid
De mensen doen hun masker af,
hun mooie-spelen moe-gedaan,
och arme, zij die levenslang
gemaskerd gaan.
Gemaskerd door hun eigen trots,
vergulde lach of kranke lust.
Zij krijgen van geen enkle dag
wat avondrust.
Ze gaan, 'lijk zwervers, altijd door
langs dageraad en avondrood;
ze vinden nergens 't eigen huis
dan in de dood.
Onze Lieve Vrouw ter Sneeuw

Devotieprent van O.L.Vrouw ter Sneeuw
De kantwerksters aanriepen deze heilige om wit en verzorgd kantwerk te verkrijgen.
Afbeelding :
Burijngravure (kopergravure) toegeschreven aan
P.P. Bouchée (ca 1680)
Brugge, Provinciale bibliotheek.
Volksprent de Heilige Anna

Volksprent : Sint Anna
Zoals ik reeds eerder geschreven heb, is de heilige Anna de patroonheilige van de kantklossters.
Op de afbeelding de heilige Anna met Maria.
Deze volksprent is geschilderd op perkament.
De hoofddoeken en mouwboorden zijn bekleed met stukjes
Vlaanderse kant.
Brugge, privé verzameling
postkaart

Kanthandels lieten postkaarten maken bestemd voor klanten en toeristen.
De tekst was meestal in het Frans wat er op wijst dat de meeste klanten tot de Franssprekende bourgeoisie behoorden.
Aux Galeries Brugeoises
5 Dyver
Bruges
Reclame
Ook de kanthandel maakte reclame voor haar producten.

Reclame aankondiging uit 1912, in het Frans en Engels, van het huis
A.Houpelyne-Mulier.
Zuidzandstraat 40
Brugge
Kantliederen 5
Het vervolg van het lied gaat over de “voordelen” van het kantklossen!
De Nijverheid heeft zich verplaetst,
Nu troont zy in de schole.
Ziet eens hoe men daer kletst en kaetst!
’t Is rechte carambole.
Ziet eens hoe ’t kloske wipt en draeyt,
Zoo rap, schier als de wind die waeyt,
Het gaet lyk een viole.
Nooyt heb ik raerder spel gezien,
‘k Zou my daer blind op kyken.
Ey! Dochtertjes hoe kan’t geschiên
Waer vindt men Uw’s gelyken?
En wie toch koopt die massa kant?
Is ’t Spangnien of is ’t Engeland,
Die ’t geld op u laet stryken?
O kinders, God is wonder goed,
Gy mogt Hem wel bedanken :
’t Is Hy die ’t leven u verzoet,
en al die schoone franken
U winnen laet door heel het jaer.
God is toch wonder goed, nietwaer?
Gy mogt Hem wel bedanken.

Kantliederen 4
Vervolg van het “Kantwerksterslied”
De spinsters hebben lang gedaen,
‘k Hoor ’t wielken niet meer ronken.
Den vent met zyn rood broeksken aen,
Heeft haer die poets geklonken.
Al speelt hy zoo den grooten heer,
Den Franschman draegt geen lynwaed meer,
Hy heeft zyn geld verdronken.
Toen ik nog een kleyn boontje was,
Deed vader ook in ’t linnen.
Terwyl ik in een boeksken las,
En ’t spinnewiel en ’t weefgetouw
Bevrydden ons van druk en rouw,
Wy konden ’t broodje winnen.

Kantliederen 3
Na de schooltijd, klonken deze liedjes verder in straten en in de huiskamers.
Het “spellewerksterslied” was een “arbeidslied” en Brugge had, zoals andere Vlaamse steden, een eigen repertorium dat meestal aangepast was aan het ritme van het klossen en het activeerde de werkzaamheden.
Hier volgt een authentiek Brugs spellewerklied.
Het “Kantwerksterslied uit Brugge”
Gezongen door Célestine Delbol-Warnitz.
Opgetekend door Marcel Van de Velde.
Een lied van omstreeks 1840.
Ey toch ! Waer trekken zy naer toe,
Die honderd duyzend kantjes,
Die ‘k onze meisjes, nimmer moe,
Zie vlechten met haer handjes ?
Zy spellewerken in de steê,
En buyten doen zy ook al mee,
Onz’ Theresekens en Wantjes.
Morgen de volgende strofe…

De Rolweg te Brugge 1907.
Ets van Jules De Bruycker (1870-1945)
Brugge, Gezellemuseum.
kantliederen 2
De kantscholen waren katholieke scholen en gedurende het klossen werd er godsdienstles gegeven of er werd gebeden.
De meisjes die al enige ervaring hadden, ze klosten steeds dezelfde kantsoort, hoefden zich niet meer zo danig te concentreren en het zingen bracht dan ook enige afwisseling in het monotone geluid van het ‘klossengekletter”!
De samenzang in de “spellewerkscholen” was mooi en aangrijpend en menige voorbijganger bleef stil staan om te luisteren.
Zo maakte elke leerling zich een rijk repertorium “spellewerkliederen” eigen…een schat voor het nageslacht!
Wordt vervolgd.

Kantliederen 1
Het volkslied
Het volkslied weerspiegelt de mentaliteit van een heel volk!
Gedurende de lange winteravonden, samen met de familie rond het haardvuur werden er volksliederen gezongen. Door de verandering in leefomstandigheden verdwijnt dit deel van de volkskunst.
Gelukkig werden er in de 19de eeuw vele van deze liederen verzameld en opgetekend.
Naast Kerst –en lofzangen, zedelijke en stichtende liederen, sagen, balladen, minneliederen, kinderliedjes enz. vinden we hier ook “tellingen” uit de “spellewerkscholen” terug.
Aan deze scholen danken we het feit dat er heden nog zoveel tellingen en liedjes bekend zijn.
In de “spellewerkscholen en ook in scholen waar gesponnen werd, zongen de meisjes om een zeker ritme te verkrijgen.
In naai –en breischolen was het zingen eerder een ontspannende bezigheid.

Wordt vervolgd.
Bron : Brugge & Kant, Martine Bruggeman
De week van de amateurkunsten
WAK

Vandaag begint
De Week van de amateurkunsten.
Ook Kaprijke en Lembeke doen mee. Op 4 verschillende locaties kun je de werken bewonderen van amateurkunstenaars uit de gemeente.
Een bezoek aan de mooi gerestaureerde pastorij, Gentstraat in Lembeke, is een aanrader!

De statige Pastorij van Lembeke dateert van 1772 en werd gebouwd aan de rand van een parkhof. Het neoclassicistische gebouw heeft een driehoekige fronton waarin twee guirlandes en het bouwjaar aangebracht werden. Het gebouw werd in 1982 binnen en buiten volledig gerestaureerd.
Spijtig dat de tuin er verwilderd bijligt nu de pastoor al enkele jaren overleden is maar de gemeente Kaprijke, eigenaar van het gebouw, belooft er wat aan te doen.
Werken van volgende amateurkunstenaars :
Annie Lefebvre - pastel, acryl
Oscar Lippens - pastel
Gisela Altruye - kant
Gisela Lyon - sculpturen, aquarel
Sjaal

Sjaal met aan de uiteinden een strook in Russische kant.
De kant is geklost in zijde met een aflopende kleur.

Zwaan

Dit is de afgewerkte kant van de
“ Zwaan “
Er is echter nog werk aan de winkel !!
Bovenaan kun je zien dat de kant dubbel ligt. Daar moet hij “gelast” worden.
Eens die klus geklaard, wordt er in het midden fijn linnen of batist genaaid.