
Er waren eens twee ijsblokken
Tussen hen was er een koele verhouding.
Dat was begrijpelijk.
De ene dacht. Waarom komt die andere niet dichter bij mij ?
Maar de ijsblok kon gaan, noch komen.
Toen dacht die ene: als de andere ontdooit, ontdooi ik ook.
Maar vermits die ijsblok niet uit zichzelf ontdooide, ontdooide geen van beiden.
Na maanden, of was het jaren,
ontdekte de ene ijsblok op een middag toen de zon straalde,
dat hij kon smelten en hij zag dat hij vervloeide tot water en dat hij toch zichzelf was.
Ook die andere deed die wonderlijke ontdekking.
Langs de alledaagse greppel vloeiden ze naar elkaar toe.
Ze ontmoetten elkaar.
Ze proefden elkaars koude nog wel,
maar ook elkaars kleinheid en elkaars goede wil.
Elkaars nood en die van de anderen.
Ze vonden ook dat ze elkaar nodig hadden en dat ze één moesten worden
Toen kwam er een kind, en nog één, en nog vele andere kinderen…
die lieten kleine scheepjes varen op dat grote sterke water.
Ze hoorden dat die kinderen gelukkig waren.
Er waren eens twee ijsblokken… die smolten voor elkaar.
2 reacties op dit bericht
Het raakt mijn hart!
Verdriet of vreugde?