Heft dan de slappe handen op.
Hef daarom uw slappe handen op, strek uw knikkende knieën, 13 en kies rechte paden, zodat een voet die gekneusd is niet verder ontwricht raakt, maar juist geneest.
14 Streef ernaar in vrede te leven met allen en leid een heilig leven; wie dat niet doet zal de Heer niet zien. 15 Zorg ervoor dat niemand zich de genade van God laat ontgaan, dat er geen giftige kiem opschiet die onrust veroorzaakt en met zijn bitterheid velen besmet, 16 en dat niemand overspel pleegt of het heilige zozeer minacht als Esau, die voor één enkel bord eten zijn eerstgeboorterecht verkocht. 17 U weet immers dat hij daarna, toen hij alsnog de zegen wilde verkrijgen, afgewezen werd; hij kreeg geen kans meer om het goed te maken, ook al smeekte hij er in tranen om.
Heft dan de slappe handen op.
Kent u dat gevoel van 'slappe handen en knikkende knieën'? Wie eigenlijk niet? In Hebreeën 11 lezen we over geloofshelden als Noach, Abraham en Mozes. Ten onrechte zou de indruk kunnen ontstaan dat dit mannen waren die nooit last hadden van 'slappe handen en knikkende knieën'. Maar wie de geschiedenis van deze helden leest in het Oude Testament, weet dat niets menselijks hun vreemd was. Omstandigheden kunnen soms uitermate verontrustend zijn. Maar wie beseft dat God alles in Zijn sterke handen heeft en op Hem vertrouwt, kan ondanks 'slappe handen' met goede moed verdergaan.




