GENADE ZO ONEINDIG GROOT
GENADE ZO ONEINDIG GROOT
De jonge Sadhoe Soendar Singh hoorde tot een adelijke familie in India. Toen hij in aanraking kwam met de Bijbel was hij heel vijandig. Op de zendingsschool weigerde hij de boeken van de christenen te lezen. Hij verliet de school en werd het hoofd van een bende die er op uit was met modder en stenen naar de evangelisten te gooien. In zijn woedde verbrandde hij zijn bijbel.
Maar hoe meer hij zo bezig was, hoe onrustiger hij werd. Allerlei kwellende vragen kon hij niet meer van zich af zetten. Hij kwam tot de conclusie: 'Ik moet die vragen oplossen - of ik maak een eind aan mijn leven.'
Toen zei de Heer Jezus tegen hem, net zoals tegen Paulus die op weg was naar Damaskus: 'Ik ben Jezus!' Hij luisterde naar die stem en geloofde in de Heer Jezus. Dat was genade van God.
En die genade hebben wij allemaal nodig. Genade, ontvangen in Christus Jezus, die Zichzelf voor ons heeft overgegeven op het kruis van Golgotha, zodat we kunnen zingen: 'Genade zo oneindig groot, dat ik, die het niet verdien, het leven vond, want ik was dood...'





