NATASCHA
Ik ben opgegroeid als enig kind in een katholiek
gezin. Éénmaal per week moest ik naar de kerk.
Ik geloofde wel in God, maar voelde me op den
duur niet meer thuis in de kerk. Op zestienja-
rige leeftijd was ik erg nerveus vanwege mijn
eindexamen. Mijn ouders vonden het tijd om
iets aan die nervositeit te doen en zij namen
me daarom mee naar een gebedsgenezeres. Die
vrouw gaf mij kaartjes met gebeden die ik elke
dag moest opzeggen. Ook kregen mijn ouders
flessen met water mee naar huis. De gebedsge-
nezeres zegende de flessen en zei dat als ik elke
dag een beetje water zou drinken en -zou bidden,
de nervositeit minder zou worden. Maar dat
gebeurde niet. Alles bleef hetzelfde.
Gelukkig had ik in die tijd een buurjongen, die
pas de Heer Jezus Christus had leren kennen.
Ik vertelde hem wat ik van de gebedsgenezeres
moest doen, maar hij reageerde geschrokken
en zei: 'Dat is niet goed!' Hij legde mij uit dat
ik de Heer moest danken dat Hij voor mijn
zonden aan het kruis gestorven was. Dat deed
ik, maar zonder de betekenis te beseffen. Toen
is die buurjongen met mij gaan bidden of de
Heer mij duidelijk wilde maken dat wat ik deed
niet goed was. Diezelfde avond keek ik voor het
slapen gaan naar de fles water. Die zag er nog
normaal uit. Maar de volgende ochtend zaten
er onder in de fles allemaal groene schilfertjes.
Dit was voor mij een teken van God. Vanaf dat
moment ben ik de Bijbel gaan lezen, iets wat ik
voorheen nooit deed. Zo heb ik de Heer leren
kennen als mijn Heiland en Verlosser. Eindelijk
heb ik innerlijke rust gevonden. ('Komt tot Mij,
allen die vermoeid en belast bent, en Ik zal u
rust geven'Matth. 11:28).