MIEKE MANTEL


WAT JE AAN JEZUS GEEFT,BEN JE NIET KWIJT
MIEKE MANTEL

LEVEN IN OVERVLOED.LEVEN IN OVERVLOED.
'Het leven in overvloed dat Jezus geeft, bestaat
niet uit wat wij doorgaans de zegeningen van
het leven noemen, ondanks alles wat u te vaak
van de kansel hebt gehoord of in te veel boeken
hebt gelezen. Zegeningen zijn goed, maar ze
zijn niet voldoende. Niet voor uw ziel. En dat u
een ziel hebt, dat weet u. U bent ziel, geschapen
door God, voor God, om u in God te bevinden
en dan uw leven te leven door God.
Misschien is het nooit eerder tot u doorgedron-
gen dat wat u ontbreekt het gedeeltelijke genie-
ten van God is - niet meer gehoorzaamheid,
niet meer discipline, niet meer zegeningen, niet
een grotere bediening, niet meer emotionele
geborgenheid, niet meer gebed, niet meer eigen-
waarde.
Wat er aan uw leven ontbreekt, is een zuivere,
diepe ervaring van de tegenwoordigheid van
God, een ervaring die u in het diepst van uw ziel
mag genieten.'
Larry Crabb
uit: 'De druk van de ketel - leven kan ook
anders'
EIGEN EER ZOEKENEIGEN EER ZOEKEN
Een Egyptische architect kreeg de opdracht van
een Farao aan de monding van de Ni j l een vuur-
toren te bouwen. Op een rots die daarvoor zorg-
vuldig was uitgekozen bouwde Cnidus, de archi-
tect, een prachtige vuurtoren. Aan de voet van
de vuurtoren was in het cement de naam van de
Farao gegraveerd. Na verloop van jaren had de
wind en de regen de bovenste laag cement doen
verdwijnen en de naam van de Farao was niet
meer te lezen. Toen ontdekte men dat de sluwe
Cnidus daaronder - onuitwisbaar - zijn eigen
naam in het graniet had gebeiteld.
Zo wordt ook veel christelijk werk schijnbaar tot
eer van God gedaan. Maar als de daaronder lig-
gende motieven tevoorschijn komen, blijkt vaak
dat onze eigen eer de drijfveer was van onze
daden.
Ik zal Mij ontfermen over wie Ik
Ik zal Mij ontfermen over wie Ik
Mij ontferm.
Rom. 9:15
Vandaag lezen wij een klein gedeelte, dat op het
eerste gezicht erg moeilijk lijkt. God kan Zich
over een mens ontfermen of hem verharden.
Van dit laatste is Farao in het boek Exodus een
voorbeeld. Is dit niet erg onrechtvaardig? Als
God -hem verhardt, wat valt Farao dan nog te
verwijten? Maar het ligt anders: Farao wilde niet
naar God luisteren. Juist omdat hij God weer-
staat, wordt hij verhard. God heeft nog nooit
een berouwvolle zondaar verhard. Natuurlijk
niet. Hij ontfermt Zich juist over zondaars en
trekt hen tot Zich. Zij komen niet in de hel,
maar voor de genadetroon van Jezus Christus.
Een geweldig bewijs van Gods grote liefde en
genade.
DE ROEPING VAN MOZES
Mozes trekt met zijn kudde schapen door de
woestijn. Hier in Midjan, waar hij veertig jaar
geleden op zijn vlucht voor de Farao van Egypte
terecht is gekomen, heeft hij een gezin gesticht,
hier is hij gelukkig. En dan is er de ontmoeting
met God, vanuit een brandende braamstruik.
God roept de herinnering in Mozes wakker aan
zijn volk, levend onder de verdrukking van een
nieuwe Farao. In zijn jonge jaren leefde de hun-
kering in Mozes zijn volk te redden. Het leidde
hem tot onbedachtzame daden. Nu is de vlam
in hem gedoofd, en leeft enkel nog het verlan-
gen naar rust. Maar God roept Mozes terug naar
Egypte. Hij roept hem om het volk uit Egypte te
leiden.
Dan breekt het verzet in Mozes open. 'Wie ben
ik, dat ik dat doen zou? Ik ben niet bekwaam.
Och Heer, zend toch iemand anders.'
Maar God zal zijn plan met Mozes ten uitvoer
brengen. Hiertoe heeft Hij hem gered uit het
water van de Nijl. Hij zendt Mozes terug naar
Egypte. God geeft hem wél iets mee. Niet alleen
de steun van zijn broer Aaron; ook: 'Ik ben
immers met u.' Dan volgt Mozes de weg die God
hem wijst.
De weg die Mozes met het volk gelopen heeft
door de woestijn, is een zware weg geweest.
Maar God heeft Mozes' leven zo rijk gemaakt.
Hij heeft het volk mogen brengen tot aan de
poorten van het beloofde land. God ging met
hem mee. 'Ik ben die Ik ben.' Met die naam
mogen wij God aanroepen in ons leven. Het
is een naam vol majesteit. Die naam staat borg
voor Gods trouw, zijn liefde, zijn aanwezigheid.
In die naam ligt Gods heil besloten, waarin Hij
ons opneemt.
Onder de zegen van die naam mogen wij onze
taak in het leven op ons nemen. Soms worden
we geroepen om een zieke te verzorgen, en voe-
len wij ons misschien beknot in onze vrijheid.
Een gehandicapt kind kan ons toevertrouwd
worden. Wij kunnen alleen komen te staan voor
de opvoeding van de kinderen. Wij kunnen een
functie bekleden waarvan de verantwoordelijk-
heid ons drukt. Hoe vaak vragen wij: Waarom
moet ik het zijn, die dit op mij moet nemen?
Maar tot welke taak wij ook geroepen worden,
God zal zijn naam in ons leven waar maken: 'Ik
ben die Ik ben.' Ik zal er bij zijn. In die naam ligt
onze kracht en onze rijkdom.
Een van de belangrijkste verantwoordelijkhedenEen van de belangrijkste verantwoordelijkheden
in het christenleven is zich het lot van anderen
aan te trekken - hen met een glimlach tegemoet
te treden en een vriend te zijn voor mensen
zonder vrienden. God wil jou gebruiken om zijn
andere kinderen te helpen.
'En de Koning zal hun antwoorden en zeggen: Voor-
waar, Ik zeg u, in zoverre gij dit aan één van deze
mijn minste broeders hebt gedaan, hebt gij het Mij
gedaan.'
Matth. 25:40 NBG
(Dobson)
IEMAND IS HET VERGETEN.IEMAND IS HET VERGETEN.
Een armoedig geklede jongen stond op straat en
riep: Tk ben koud en ik heb honger!' Een vreem-
deling sprak hem aan en zei: 'Geloof je dat God
voor je kan zorgen?' Ja, dat geloof ik', zei de
jongen vol overtuiging. 'Waarom stuurt Hij dan
niet iemand om je kleren en eten te geven?'
Hierop antwoordde de arme jongen: 'Mijnheer,
ik wéét dat God tegen iemand gezegd heeft dit
te doen, maar ik denk dat diegene het vergeten
is.'
Wat zegt Jakobus hiervan? 'Broeders, wat voor
zin heeft het te zeggen dat u christen bent als
dat niet blijkt uit wat u voor anderen doet? Kunt
u door zo'n geloof gered worden? Als uw vriend
niet genoeg te eten krijgt en bijna geen kleren
heeft en u zegt tegen hem: "Het beste ermee,
hoor! Vat geen kou en zorg dat je niet verhon-
gert", is dat toch zinloos, als u hem niet geeft
wat hij nodig heeft'
Jak. 2:14-16).
ZEEP EN EVANGELIEZEEP EN EVANGELIE
We zien tegenwoordig een vreemde paradox in de wereld. Terwijl we aan de ene kant een geestelijke opwekking zien, lijkt er aan de andere kant ook een toename te zijn in goddeloosheid. Er wordt vaak spottend gezegd: "Het evangelie heeft zijn kracht verloren". Terwijl duizenden Christus belijden, gebeurt er niet veel.Maar dat is niet de schuld van het evangelie. Veel mensen noemen zich christen maar zijn in feite niet wedergeboren.
Een evangelist ontmoette op straat de eigenaar van een grote zeepfabriek. In het gesprek dat ontstond, zei de fabriekseigenaar: "Dat evangelie dat jij brengt stelt niet veel voor, want er zijn nog een massa slechte mensen." De evangelist zag dichtbij een kind dat zandtaartjes maakte van modder. De kleuter zat van top tot teen onder de modder. Hij zei tegen zijn vriend: "Die zeep van jou stelt niet veel voor, want er is nog een heleboel vuil in de wereld. Kijk maar." De man antwoordde: "Nou, het helpt natuurlijk alleen maar als je het gebruikt." "Precies!" zei de evangelist veelbetekenend.
GERED VAN EEN MISSTAPGERED VAN EEN MISSTAP
Toen Sir James Thornhill bezig was het koepel-
dak van de beroemde St. PauFs Cathedral in
Londen te beschilderen, moest hij werken op
een steiger, heel hoog in de lucht.
Op een dag, toen hij een detail waaraan hij
dagenlang met de grootste zorg had gewerkt, af
had, stopte hij even om zijn werk nauwkeurig te
bekijken. Vol aandacht keek hij. Heel langzaam
ging hij een paar stappen achteruit, totdat hij
op de rand van de steiger stond. Nog één stap
en hij zou te pletter vallen. Een andere kunste-
naar die het gevaar zag waarin hij verkeerde,
maakte met zijn verfkwast een lange streep over
het kunstwerk. Woedend sprong Thornhill naar
voren. Maar toen zijn collega hem had uitgelegd
aan welk gevaar hij ontsnapt was, was hij hem
uiterst dankbaar.
Ook wij kunnen soms de wegen die God met
ons gaat niet begrijpen. Het kan zo moeilijk zijn
om tóch te vertrouwen op zijn wijsheid en lief-
de: 'Schijnen mij uw wegen duister, zie ik vraag
u niet waarom...' Vaak zien we Gods liefdevolle
zorg pas achteraf.
DE MEESTER EN DE VIOOLDE MEESTER EN DE VIOOL
Een rijke Engelsman had in zijn verzameling
van kostbaarheden een heel bijzondere viool.
Fritz Kreisler, een. beroemde musicus, wilde deze
kostbare viool graag hebben. Maar de eigenaar
weigerde het instrument aan hem te verkopen.
Daarop vroeg Kreisler of hij dan slechts één keer
op het instrument mocht spelen. Dat mocht
wel. Met een bevende hand stemde de kunste-
naar het instrument en begon toen te spelen.
Hij speelde zoals alleen een kunstenaar kan spe-
len. Hij legde zijn hart in de muziek. De eigenaar
van de viool luisterde ademloos toe. Hij had nog
nooit zulke prachtige muziek gehoord. Hij zei
geen woord. Toen de kunstenaar stopte met spe-
len en de viool heel voorzichtig terug legde in
de antieke kist, zei hij: 'Neemt u het instrument
maar. Ik heb geen recht het voor mezelf te hou-
den. Het behoort u toe, omdat alleen u er zo op
kunt spelen!'
Behoort uw en mijn leven ook niet toe aan onze
Schepper, Die als enige weet hoe wij tot volle
ontplooiing kunnen komen?
Unto thee o LORD

EEN JOOD LEEST HET NIEUWE TESTAMENT .EEN JOOD LEEST HET NIEUWE TESTAMENT .
Het antisemitisme, de haat tegen alles wat Joods
is, loopt als een donkere draad door de geschie-
denis. Het is niet iets van alleen onze tijd. Jaren
geleden werden in Hongarije enige Joden aan-
geklaagd. Zij zouden een christenmeisje gedood
hebben en haar bloed hebben gebruikt bij de
viering van hun Pascha. Zonder enige vorm van
proces werden ze in de gevangenis gegooid. De
vervolging van de Joden was toen geen nieuw
verschijnsel, maar een zodanig hard optreden wekte
toch wel enige opschudding. Op aandringen
van het Oostenrijkse keizershuis werd de zaak
grondig onderzocht. Toen bleek dat er niets van
de beschuldiging waar was, kwamen de Joden
weer vrij.
Inmiddels waren er gelukkig velen die opriepen
de Joden niet langer te vervolgen en te verdruk-
ken. Vooral de beroemde hoogleraar professor
Delitzsch uit Leipzich was sterk tegen de ver-
volging van de Joden, omdat dit inging tegen
de leer van Jezus Christus en van het Nieuwe
Testament.
Dat professor Delitzsch opkwam voor de belan-
gen van de Joden was begrijpelijk. Hij was
namelijk een oude Joodse rabbijn. Maar dat
hij zich baseerde op het Nieuwe Testament was
iets bijzonders. Dat boek had hij altijd voor een
verachtelijk geschrift gehouden. Toch begon hij
op een dag erin te lezen. Later schreef hij: 'Toen
ik het Nieuwe Testament persoonlijk had leren
kennen, oefende het een wonderlijke macht op
me uit. Een heerlijk licht kwam in mijn hart. Ik
had doornen gevreesd, ik vond rozen. Ik ont-
dekte parelen in plaats van waardeloze stenen,
liefde in plaats van haat, vergeving in plaats van
vergelding, vrijheid in plaats van gebondenheid,
ootmoed in plaats van hoogmoed. In plaats van
de dood, vond ik het leven, heil, opstanding en
hemelse rijkdom.'
Deze ervaring kan iedereen meemaken die eer-
lijk en oprecht de Bijbel gaan lezen en de bood-
schap dat er in staat op zich laat inwerken. Wie
zo het Woord van God leest, wordt niet teleur-
gesteld!
Slaven van de gerechtigheidSlaven van de gerechtigheid
geworden.
Rom. 6:18
Wij waren allen slaven van de zonde, maar, God
stelt ons voor de keus. Wij kunnen slaven van
de zonde blijven of als rechtvaardige mensen
God als slaaf dienen. De vrucht van die keus is
de dood of het eeuwige leven.
Slaaf zijn betekent gehoorzaam zijn aan een
meester. Wie een slaaf van de zonde is, heeft de
zonde als meester. God is de Meester van ieder
die gelooft. Hij heeft ons door de Heer Jezus
alles geleerd. Slaaf zijn betekent ook leven naar
het voorbeeld van de Heer Jezus, vrijgemaakt
van de zonde. Daarbij ontvangen wij ook nog
de geweldige genadegave van God: het eeuwige
leven in onze Heer. Twijfelt u nog steeds wie u
wilt dienen?
wie in zichzelf

als ware het

Nu zijn wij van de wet vrij gemaakt.Nu zijn wij van de wet vrij gemaakt.
Rom. 7:6
Zonder verkeersregels zou het in het verkeer een
chaos worden, hoewel er geen regels zouden
worden overtreden. Zonder de wet van God
kunnen wij Gods geboden ook niet overtreden.
Maar het wordt wel een chaos in ons leven.
Daarom heeft God wetten gegeven. Hij wist
natuurlijk wel dat wij deze wetten massaal zou-
den overtreden - Hij kent ons toch? Hij biedt
ons gelukkig wel een uitweg aan; Hij Zelf wil
ons vrijmaken van de (vloek van de) wet. Wie
Christus toebehoort, is met Hem gestorven, en
mag - vrijgemaakt - een nieuw leven met Hem leven.
LUCAS 9.35




DE DUISTERNIS LATEN VERDWIJNEN…
Een Australische prediker ging naar een klein
kerkje in het binnenland om daar een dienst te
houden. Het was al donker toen hij daar aan-
kwam. Het zaaltje was onverlicht en hij vroeg
zich af wat hij daaraan kon doen. Maar na een
tijdje zag hij buiten in de rimboe lichtjes die
langzaam bewogen en dichterbij kwamen. De
leden van de kerk kwamen eraan. Ze hadden
allemaal een lamp bij zich. Toen ze binnen
waren, zetten ze hun lamp neer op planken
aan de muur van de kapel. Na een tijdje was het
gebouw helemaal verlicht en kon de voorganger
met de dienst beginnen. Elk lid had meegehol-
pen om de duisternis in de kerk te laten verdwij-
nen.
Ook de wereld waarin we leven is geestelijk in
duisternis gehuld. Elke gelovige hoort een licht
te zijn in deze wereld - samen laten we de duis-
ternis verdwijnen.
MIEKE MANTEL
MIEKE MANTEL



"Kijk eens wat God wil doen, als een man bereid is zichzelf volledig aan Hem over te geven
Dwight L. Moody
"Op een dag zul je in de krant lezen dat D.L. Moody uit East Northfield dood is. Geloof er geen woord van! Op dat moment zal ik meer levend zijn dan ik nu ben. Ik zal dan naar boven zijn gegaan, dat is alles, uit deze oude aardse tent naar een huis dat onsterfelijk is - een lichaam dat niet kan sterven, door de zonde niet geraakt kan worden, een lichaam gelijk aan Zijn glorieuze lichaam" [..] Ik ben naar het vlees geboren in 1837, geestelijk ben ik in 1856 geboren. Dat vleselijke zal op een dag mogelijk sterven. Maar wat uit de Geest geboren is, zal voor eeuwig leven"
Jeugd
Dwight L. Moody is -zo zijn veel mensen van mening- de grootste evangelist die ooit geleefd heeft. In veertig jaar tijd won hij miljoenen (!!) zielen, stichtte drie Christelijke scholen, startte een Christelijke uitgeverij, een conferentie-centrum en inspireerde letterlijk duizenden predikers en evangelisten om zielen te winnen (mensen tot geloof te brengen) en opwekkingen te starten.
Moody werd geboren op 5 februari 1837 en stierf op 22 december 1899. Hij was de zesde van negen kinderen. Zijn vader, Edwin Moody, stierf al op 41 jarige leeftijd en het gezin leed bittere armoede. Na het afmaken van de lagere school moest hij in zijn eigen levensonderhoud voorzien. In 1854 vertrok hij dan ook naar Boston, achttien jaar oud, om bij zijn oom te gaan werken in de schoenenwinkel. Eén van de voorwaarden die zijn oom stelde was dat de jonge Dwight wél regelmatig naar de kerk ging. En zo bezocht hij de diensten van de kerk waar zijn oom lid was, de Mount Vernon Congregational Church, een orthodoxe kerk. Hij was zo onder de indruk van de prediking dat hij in 1855 het lidmaatschap van de kerk aanvroeg. Men vond echter dat hij nog te weinig kennis van zaken had en zijn toelating als lid zou een jaar uitgesteld worden. Dwight besloot echter zijn geluk elders te beproeven. Hij had zich ten doel gesteld minimaal 100.000 dollar per jaar te gaan verdienen, en dat zou niet lukken zolang hij in dienst bleef bij zijn oom. Hij ging daarom als verkoper werken voor een ander bedrijf, in Chicago, waar hij al snel een (voor die tijd) hoog jaarsalaris van $ 7.000 bereikte.
Daarnaast was hij actief als onderwijzer in het zondagsschool werk. Zijn interesse voor de Bijbel bleef, ondanks zijn "wereldse" doelstelling om een echte "grootverdiener" te worden. Hij kreeg op de zondagsschool de "drop-outs", de moeilijkste jongeren, toegewezen. Tot ieders verbazing gingen ze er onder zijn leiding zienderogen op vooruit! Het was ook in die tijd dat Moody zelf tot levend geloof kwam.
Evangelist
Al snel werd Moody hoofd van de zondagsschool (North Market Hall Sunday-school) welke onder zijn leiding sterk groeide, tot meer dan 1500 bezoekende kinderen en jongeren. Hiervoor, in 1861, gaf hij zijn eigen bedrijf op en ging als onafhankelijk zendeling aan het werk. Dit resulteerde in 1863 in het stichten van Moody's eerste gemeente: Illinois Street Church. Hij vergaarde met zijn zondagsschoolwerk grote bekendheid.
Vanwege gezondheidsproblemen van zijn vrouw moest Moody in 1867 naar Engeland reizen. Hij maakte daar kennis met enkele evangelischen en "deed er wat evangelisatiewerk". Eén van de mensen die daardoor tot geloof kwam was John K. Mackenzie. In 1872 reisde Moody weer naar Engeland, en hield er een groot aantal evangelisatiebijeenkomsten welke er toe leidden dat hij met diverse prominente evangelicals bevriend raakte. Door hen werd hij uitgenodigd nogmaals naar Engeland te komen voor het houden van "revival-samenkomsten". Hij nam Ira David Sankey met hem mee. Hij had Sankey ontmoet in Indianapolis, waar deze als zangleider actief was. Hij benaderde hem rechtstreeks en zei: "Jij bent de man naar wie ik al acht jaar op zoek ben, geef je baan op en kom met mij mee". Sankey deed dit, zonder tegenspraak! Daarna was het gezegde: "Moody preekt - Sankey zingt!"
Deze combinatie bleek, om het zo maar eens te zeggen, zeer succesvol. Moody reisde samen met Sankey door heel Engeland en Amerika en het waren de best bezochte evangelisatie-samenkomsten die ooit geweest waren. Daarna reisden ze over de gehele wereld en deze evangelisatie-reis wordt tot op heden als "de meest succesvolle evangelische opwekkingstournee van de eeuw" beschouwd.
Succesformule?
Maar wat was nu zijn "succesformule"? Waarom waren kinderen, jongeren én volwassenen nu zó onder de indruk van zijn preken dat zij hun leven, met duizenden tegelijk, aan Jezus gaven?
Boven alles was het het feit dat Moody leefde naar zijn prediking! Hij was een eerlijk mens, predikte wat hij zelf volledig geloofde, predikte eenvoudig en "recht toe - recht aan". Hij wás een eenvoudig mens met maar weinig opleiding! Hij geloofde daarnaast de Bijbel letterlijk. Hij preekte levendig en .. ondanks dat iedereen hem graag op een voetstuk plaatste bleef hij altijd de eenvoudige "schoenen-verkoper". Hij weigerde zich het hoofd op hol te laten brengen.
Moody en Sankey zijn ook verantwoordelijk geweest voor de liederenbundel die onder de naam "Sankey-liederen" (ook in Nederland) bekendheid kregen. In Nederland zijn een groot deel van deze geestelijke liederen ook opgenomen in de bekende bundel van Johannes de Heer. Tot aan het jaar 1900 waren er van de bundel van Moody en Sankey miljoenen exemplaren verkocht, wat meer dan één miljoen dollar aan royalties opleverde. In zijn jongere jaren zou Moody wel raad geweten hebben met dit geld,... immers: het was zijn doel om rijk te worden. Nu ging hij er anders mee om: hij stichtte er diverse scholen van waaronder een school speciaal voor meisjes (die toen vaak uitgesloten waren van hoger onderwijs), een school voor Jongens en zijn befaamde Bijbelschool (gemengd).
Vandaag de dag herinneren zeer veel boeken, geschriften en boven alles het Moody Bible Institute en de Moody Church in Chicago aan Dwight L. Moody. Ook zijn er nog steeds veel Bijbelleraren en predikanten die gebruik maken van zijn geschriften als studie-materiaal.
Mieke Mantel
