OP REIS.
Een egaal wolkendek schuift langzaam voorbij. De wisselende grijstinten, donker en ietsje minder donker, verraden dat er beweging in zit. Regen tikkelt tegen het glas, bij een windvlaag iets nadrukkelijker. De zomer lijkt voorbij, nog voor ze is begonnen. Voor me ligt 'Het journaal van de Takebora' - het reisverslag van de eerste Nederlander die een poging deed in zijn eentje om de wereld te zeilen. Soms droom ik van zo'n wereldreis. Als dat schip met geld nu eens echt zou binnenvaren...
Wat maakt reizen nou zo leuk? Is het eigenlijk wel zo aantrekkelijk als het lijkt? Op de drempel van mijn zomervakantie schijnt de zon altijd. Want als de zon zich, net als nu, achter de wolken verschuilt, dan zoek ik haar wel op. Maar als reizen noodzaak wordt, gedwongen? Zo'n solozeiltocht is dat, zodra je op zee zit, in elk geval wel. De afvaart was een keuze, maar daarna, in die storm, na nachten zonder slaap, misselijk van het stampen en rollen, kun je de reis niet meer eventjes onderbreken. Midden op de oceaan zijn geen havens. Natuurlijk: ook voor vakantiereisjes wordt geen pleziergarantie gegeven - er zijn verzekeraars en televisiemakers die daar flink geld mee verdienen - maar er zijn reizen waarvoor geen enkele terugkeergarantie geldt, die onverzekerbaar en desondanks onvermijdelijk zijn. Mijn leven, bijvoorbeeld.enlijk staan er van dit type reizen maar een paar dingen vast: ze beginnen, ze eindigen en mijn inbreng is gering. Kleiner in elk geval dan ik vaak suggereer of zou wensen. Mazzelaars, die om de een of andere reden veel vaker op het Westelijk halfrond wonen, kunnen het zich veroorloven te denken dat het leven maakbaar is. Maar hoe terecht - in het licht van de rest van het mensdom en de geschiedenis - is dat?
En is op deze manier reizen altijd leuk? Gaat het goed? Wil ik het wel? Regelmatig stellen mensen dat soort vragen en het antwoord is, al even regelmatig, 'nee'. En dan?
Het grote verschil tussen mijn levensreis en alle andere reizen is natuurlijk dat ik er niet zelf mee begonnen ben. Van alle reizen was deze het meest onontkoombaar. Daar moet dan toch wel een heel goede reden voor zijn, en anders is het waanzin.
De Bijbel heeft hier heel opmerkelijke dingen over te zeggen, namelijk dat we geschapen zijn met een doel, een positieve bestemming, volgens Gods ontwerp en plan.
Als dát waar is, wordt leven een ontdekkingsreis en is het onderweg zijn veel belangrijker dan de angstvallige vraag of ik míjn doelen wel haal en of míjn dromen wel uitkomen. Het is veel spannender en bevredigender - niet persé gemakkelijker - om te ontdekken wat God precies voor mij in gedachten had. Saai? Nooit, echt nooit. Integendeel. Jezus is een Metgezel die me leert hoe ik een zegen kan zijn, een Gids die me loodst als het moeilijk is. Ineens is er midden op de oceaan toch een haven. Met Hem ben ik in wezen onschendbaar, wat er onderweg ook gebeurt. Er is altijd een uitweg. Ik leer wat het betekent om de reis van mijn leven te maken en de aankomst is gegarandeerd. En u?
De regen tikkert onverminderd tegen het vensterglas en ik vraag me af of de zomer in het water vallen zal. Het zit er voor een arme schrijver niet in om naar het buitenland te gaan dit jaar. Ik vind het best. Ik heb binnen nog genoeg te doen.