DE AARDE


De aarde ademt nog
de warmte van hun huid
een blauwe lucht verhaalt
nog hun verhalen
licht dat de mijngebouwen bespeelt
wandelt als een witte mars voorbij
het regent in mij
als ik aan betraande ogen denk
nog horen wij
het bonzen van hun hart
ontdekken wij
de heimwee die hier leeft
en zie in de bomen ginds
hangen witte sluiers van de morgen
laat ons nog zoeken
naar verre herinneringen
en luisteren naar het zachte zingen
van bomen in de wind
velen hier waren
een mijnwerkerskind.
Edith Oeyen



