AAN ZEE
AAN ZEE
Als een zonderling
waad ik mijn weg op je strand.
Sterven wil ik
als jij doodgaat.
Vaag verdriet streelt mijn tranen
terwijl ik naar de eeuwigheid
van de wind tast.
Een lucht die blauwe linten weeft
laat zich beminnen
om haar schoonheid.
In onvruchtbaar zand
schrijf ik een afscheidsbrief
met oneindigheid aan woorden.
Later,
veel later
herinner jij mijn wandelgang
als de stilte hoorbaar wordt.
Edith Oeyen





