Naar de inhoud

Joe Harris en The Pink-Umbrellas

Geyskens Paul.
akke.beakke.be

joskeharris2fs.gif welcom2ddiamond5to.gif
De tijd van toen, wie zou die niet willen overdoen... Image and video hosting by TinyPic Vanwege de omvang van dit blog gelieve de archieven te raadplegen in de rechterkolom... Veel plezier Paul

WILL TURA " Aan de keizer "

Will Tura " Aan de keizer ".
Klik op de foto voor vergroting, klik dan nog eens op de vergroting.
Hoe vind je dit bericht? 11 stemmen
Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

Tomaten voor WiLL TURA,

Tomaten voor Will Tura.
Natuurlijk is dit niet letterlijk. Dit kolommeke is geschreven door een jaloerse kerel, zo zullen en nog wel een paar honderd zijn geweest in die periode.
Klik op de afbeelding voor vergroting, klik dan nog eens op de vergroting.
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Reageer op dit bericht

Doorbraak van ENGELBERT HUMPERDINCK ( 1968 )

ENGELBERT HUMPERDINCK. ( foto uit het blad MUSIC FAN ).
Dat moet deze perioden zijn geweest dat wij samen hebben gespeeld in dancing " DE TOEKOMST " in Putte ( Putte bij Mechelen )
Klik op de foto voor vergroting, klik dan nog eens op de vergroting.
Hoe vind je dit bericht? 6 stemmen
1 reactie Reageer op dit bericht

Foto van MARC DEX.

Foto van Marc Dex uit het muziekboekje MUSIC FAN November 1968.
Klik op de foto voor vergroting.
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Reageer op dit bericht

De rode loper en LEAH THYS. ( Marianne uit 'THUIS ')

Optreden van Leah Thys in Elisabethzaal te Antwerpen.
Ik heb in de 'RODE LOPER 'alleen maar flitsen gezien van het optreden, maar heb wel met veel bewondering gekeken. Dat Leah een goede actrice is, en dan ook haar ' waar ' kan verkopen wisten wij al, maar dan ook nog de moed heeft gevonden om een hele reeks van liedjes te brengen van toch wel een speciaal iemand zoals zeker Marlène Dietrich, chapeau.
Ik vond ook fijn te horen zeggen van haar, dat ze tijdens het optreden er aan dacht dat ooit de echte MARLENE daar echt had gestaan waar zij nu stond, wel dat heb ik nu ook nog altijd. Als er beelden op TV zijn van om het even welk programma die door gaan in die zalen, kijk ik altijd naar de plaats waar ik toen ergens moet gezeten hebben.
Want in 1974 heb  ik als gewoon saxofoniske van Tessenderlo de eer gehad om toen in het begeleidingsorkest te spelen, samen met muziekanten uit de René Beckers Big Band.
Het eerste optreden was te Vorst National, het tweede optreden in de Elisabetszaal, en het derde optreden in Carré in Amsterdam.

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
5 reacties Reageer op dit bericht

Marlène Dietrich optreden in België en Nederland.

28-02-2006
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.
Klik op de afbeelding om de link te volgen

In 1974 kwam MARLENE DIETRICH naar Belgie, een optreden in VORST NATIONAL, een in ELISABETHS ZAAL, een in CARE in AMSTERDAM. Een week voor datum van optreden kwam de rythme-sectie overgevlogen, voor de blazers zou de inrichter instaan, zo kwam hij bij RENE BECKERS BIg-BAND terecht. Er was één week dagelijkse repetitie voorzien, ( ook betaald ), de muziek was niet zo speciaal, het waren wel copies van copies, niet zo duidelijk dus. 
Bij de laatste repetitie werd er flink gewerkt in de zaal, de geluidsinstallatie, en de verlichting werden opgesteld en opgehangen. Op zeker ogenblik stond er een mevrouw voor op het podium die aanwijzingen gaf, waar de spots moesten geschoven worden. Zij was gekleed in jeans die zeker niet uit een "stockamericain" kwam, maar wel op maat gemaakt, dat was MARLENE DIETRICH.
De inrichter wist ons later te vertellen welke eisen mevrouw stelde, ze moest afgehaald worden in een bepaalde wagen, er mochten geen foto's genomen worden, de kleedkamer moest op het zelfde niveau als het podium zijn, zodat ze als het nodig was met een rolstoel kon verplaatst worden (die had zij bij ) De binnenzijde van haar kleedkamer moest in rode "floer"zijn. Tijdens het optreden stonden er " bodygards" klaar, moest er iets gebeuren. Achter het gordijn van het podium stonden vier grote tafels tegen mekaar,; daar op lag haar nertssenmantel, met allemaal kaartes er rond geplaatst , in drie talen , NIET AANRAKEN. Dat was de mantel die zij droeg in de film.                DE BLAUWE ENGEL. Ik ben wel fier zo'n madam begeleid te hebben, ik een klein saxofoniske uit LOOI

0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1
Hoe vind je dit bericht?
Reageer op dit bericht

Biografie van Marlène Dietrich.

Maria Magdalena (Marlene) Dietrich (Berlijn, 27 december 1901 - Parijs, 6 mei 1992) was een Duits/Amerikaans actrice en zangeres.

Op 27 december 1901 wordt Maria Magdalena Dietrich geboren. Ze heeft lang geprobeerd het idee op te houden dat ze in 1904 geboren was. Haar voornaam "Marlene" creëert zij als kind uit haar beide voornamen. Zij zou hem later gebruiken als een pseudoniem waarmee de hele wereld haar zou aanspreken. Grote bekendheid krijgt ze met haar rol als revuezangeres Lola in de film Der blaue Engel, vooral met het lied Ich bin von Kopf bis Fuß auf Liebe eingestellt. Deze film uit 1929 wordt nu gezien als een van de meest tijdloze films ooit gemaakt. Tijdens de Tweede Wereldoorlog wordt ze nog bekender met haar vertolking van het lied Lili Marleen, geschreven in 1915 en aan weerszijden van het front geliefd (zij het in verschillende talen).

In 1930 verhuist Marlene Dietrich naar de Verenigde Staten. Daar werkt ze met de Oostenrijkse regisseur Josef von Sternberg. Ze wordt door Hitler gevraagd terug te keren naar Duitsland. Hij ziet in haar het toonbeeld van de Duitse vrouw. Maar ze weigert. Ze verafschuwt alles waar Hitler voor staat. In de oorlog gaat ze voor de geallieerde soldaten aan het front optreden om hun moreel te versterken. Vanwege haar moeder, die de hele oorlog in Berlijn is blijven wonen, wordt Marlene een van de eerste niet-militairen die na de bevrijding de grens van Duitsland oversteken. Ze treedt nog éénmaal in Berlijn op, waarna ze er nooit meer terugkeert. Dit omdat ze wordt uitgejoeld als verraadster.

Marlene is niet zomaar een filmster. Ze is een symbool voor velen. Haar stijl wordt later gekopieerd door Madonna en ook door Britney Spears. Maar niet alleen haar uiterlijke verschijning, ook haar seksuele uitstapjes zorgen voor bewondering en minachting. Ze kwam er openlijk voor uit biseksueel te zijn. "Ein bisschen bi schadet nie" is een uitspraak van haar. Onder haar vrienden bevonden zich het Amerikaanse sekssymbool Mae West, schrijver Ernest Hemingway, Noël Coward en Hildegard Knef. Ze had onder andere relaties met John F. Kennedy, Mercedes D'Acosta, Jean Gabin en Claudette Colbert.

Marlene begint wanneer haar filmcarrière stokt een nieuwe loopbaan als zangeres en entertainster. Concerttournees en optredens in Las Vegas met een orkest onder leiding van Burt Bacharach brengen haar nieuwe faam. Met Marlene zelf gaat het minder goed: zij raakt verslaafd aan alcohol, slaappillen en barbituraten en heeft steeds meer moeite haar ouderdom te verbergen. Op tournee in Australië breekt zij "spontaan" een van haar fameuze benen. Zij zal nooit meer in de openbaarheid verschijnen.

Op 6 mei 1992 overlijdt ze, na 15 jaar als een kluizenaar geleefd te hebben, in haar appartement in Parijs. Als een gebaar van verzoening wordt ze begraven in Berlijn.

Marlenes dochter Maria Riva publiceert na haar moeders dood een onthullend boek over haar moeder waarin de schandalen, het drank- en drugsmisbruik en de egocentriciteit van de grote Dietrich worden onthuld. Het boek wijst ook op Marlenes discipline, vakmanschap en haar inzet voor de geallieerde zaak in de Tweede Wereldoorlog.

Een deel van Marlenes bezittingen, waaronder haar garderobe en haar "Haute couture" is in het filmmuseum in Berlijn ondergebracht.

Hoe vind je dit bericht?
Reageer op dit bericht

Korte biografie van CHICK COREA. ( piano )

CHICK COREA ( piano).

Armando Anthony "Chick" Corea (Chelsea (Massachusetts), 12 juni 1941) is een Amerikaans jazz-pianist/toetsenist en componist.

Onder collega-jazzpianisten wordt Corea beschouwd als één van de invloedrijkste pianisten sinds Bill Evans (naast Herbie Hancock, Keith Jarrett en McCoy Tyner). Hij nam deel aan de ontwikkeling van de fusion-beweging als lid van Miles Davis' groep in de jaren '60 en vervolgde dit pad individueel met Return to Forever (met o.a. Stanley Clarke en Al Di Meola in de jaren '70. Momenteel is hij actief bezig met zijn Elektric Band.

Hij speelde met Herbie Hancock, Sarah Vaughan, Miles Davis, Gary Burton, Chaka Khan en Friedrich Gulda; zijn stijl werd beïnvloed door Ornette Coleman, John Cage en Karlheinz Stockhausen.

 

Hoe vind je dit bericht?
Reageer op dit bericht

Korte biografie van COLEMAN HAWKINS, (sax tenor)

Coleman Randolph Hawkins (St. Joseph (Missouri), 21 november 1904 – New York City, 19 mei 1969) was een Amerikaans jazzmuzikant.

Hij was een van de pioniers van de jazzmuziek en heeft met name de saxofoon een hechte plaats binnen de jazz gegeven. Vandaar zijn bijnaam 'vader van de tenorsaxofoon'. Hij begon op 5-jarige leeftijd echter op piano en wat later ook op cello. Op zijn negende verjaardag kreeg hij een, toen in de de Verenigde Staten populaire en goedkope, C-melody sax. Hoewel wat kleiner dan een tenorsax toch een groot instrument voor een kind, maar de jonge Coleman was er bezeten van.

Zijn kennis van muziek en zijn vermogen om muziek te lezen was groot en al met 12 jaar trad hij regelmatig met anderen op. Zijn grote kans kwam toen hij 16 was en hij door de toen razend populaire vaudeville-zangeres Mamie Smith voor haar showband werd gevraagd. Zijn moeder weigerde in eerste instantie om toestemming te geven, maar gaf twee jaar later toch toe. Hij speelde er zowel cello als saxofoon, waarbij hij de C-melody al snel inruilde voor de tenorsax.

Zijn eerste standplaats was Chicago, in die tijd van de 'drooglegging' de eerste jazzstad waar ook bijna alle muzikanten vanuit New Orleans naartoe getrokken waren. Onder deze muzikanten waren onder andere King Oliver, Jelly Roll Morton en Louis Armstrong. Bovendien was Chicago de stad was waar jonge blanke musici als Benny Goodman, Bix Beiderbecke en Glenn Miller opgroeiden.

Al snel speelde Hawkins ook met topmusici in New York. Hij verliet Mamie Smith in 1923 om onder meer te gaan werken met Fletcher Hendersons orkest.

Geïnspireerd door pionier Adrian Rollini bespeelde Coleman daar korte tijd ook de grote bassaxofoon en dubbelde hij ook regelmatig op klarinet en bariton. De tenor zou echter zijn grote liefde blijven. Het was in deze periode dat zijn spel tot rijpheid kwam en zijn naam voorgoed werd gevestigd. Een jaar lang maakte ook Armstrong deel uit van de Henderson-band en al bleven de twee solisten afstandelijk ten opzichte van elkaar, toch zullen ze elkaar zeker gestimuleerd hebben.

In 1934 was Hawkins aan verandering toe en vertrok naar Engeland voor een engagement met het toen beroemde orkest van Jack Hylton. Een jaar later had Hylton een tournee in Duitsland waar toen al geen zwarte Amerikanen werden toegelaten. Daarom reisde hij door naar Nederland, met regelmatige uitstapjes naar Parijs en Zwitserland. Gelukkig zijn in die periode veel platen gemaakt, onder andere met het Nederlandse orkest The Ramblers met zang van Annie de Reuver en met musici als Django Reinhardt en Stéphane Grappelli.

Net voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog keerde Hawkins in 1939 naar New York terug, waar hij op 1 oktober in Kelly's Stables Body and Soul opnam, dat hem op slag wereldfaam opleverde, ook buiten jazzkringen. Hij ging nu zijn meest vruchtbare periode in en met alle groten van de jazz maakte hij de ene opnamesessie na de andere, met name ook met jonge muzikanten die een nieuwe muziekvorm hadden bedacht: bebop.

Zijn muzikale smaak was zeer gevarieerd en hij bezat veel platen van Chopin en Schumann tot Mahler en Strauss, maar Bach was ongetwijfeld zijn grootste favoriet en diens muziek hield hij ook altijd aan jonge musici als voorbeeld voor. Hij was zelf een goed pianist en speelde ook veel klassiek op zijn Steinway vleugel. Als saxofoon koesterde hij het zwaar vergulde exemplaar dat hij persoonlijk van Maurice Selmer, directeur van de gelijknamige saxofoon'fabriek', had ontvangen.

Eind jaren veertig maakte Hawkins' stilistische voorbeeldfunctie (G. Slagmolen sprak van 'een superbe sonore swingstijl') plaats voor die van zijn vibratoloos spelende tegendeler Lester Young om na het door Miles Davis geïnstigeerde tijdperk van de 'cool'-jazz weer speurbaar te worden in het spel van Sonny Rollins en (eind jaren 60) Archie Shepp. Dit neemt niet weg, dat hij in de jaren 50 een prominente rol speelde in het reizende muzikale 'circus' van Norman Granz met zijn fameuze 'Jazz at the Philharmonic'.

Daarnaast waren er de, vaak eveneens door Granz georganiseerde, festivals zoals het meest beroemde in Newport. En in 1959 werd door hem de zoveelste versie van Body and Soul gespeeld, die voor veel kenners geldt als nog beter dan het 'origineel'. Feit is dat Hawkins (of 'Bean', zoals hij vaak werd aangeduid) ook in deze periode dingen heeft neergezet, zoals zijn prachtige solo's op het Benny Carter-album "Further Definitions" en met het orkest van Duke Ellington.

Vanaf zijn zestigste werd echter wel een gestage neergang ingezet en ging hij zichzelf verwaarlozen. Altijd al een zware drinker at hij nu nauwelijks meer en dronk alleen nog maar. Spelen deed hij nog steeds, maar zwaar leunend tegen een piano, omdat hij anders niet meer overeind bleef. In plaats van zijn altijd zeer verzorgde uiterlijk waren zijn kleren nu verkreukeld en zijn haren ongekamd, zijn ogen leeg en starend. Hij stierf op 65-jarige leeftijd.

Er is geen tweede voorbeeld van een jazzmusicus, die zonder zijn eigen stijl te verloochenen in de voorste gelederen is blijven spelen tot aan zijn dood toe, o.a. als jongeman samen met de jonge Louis Armstrong, later met de topbopper Dizzy Gillespie en in de jaren 60 met John Coltrane. Zijn absorptievermogen was te danken aan een verbluffende muzikale intelligentie.

Hoe vind je dit bericht?
Reageer op dit bericht

Meer van Joe Harris en The Pink-Umbrellas

↑ Terug naar de berichten