Brede Opklaringen deze week

WEEK VAN 2 TOT 6 AUGUSTUS
Lodewijk De Vocht (1887-1977) …was een belangrijke pion in de Belgische laatromantiek, voornamelijk door zijn werklust. Zijn omvangrijke oeuvre omvat symfonische gedichten, kamermuziek, instrumentale solowerken en veel meer. Vandaag is zijn naam synoniem met vocale muziek, waaronder veel religieuze muziek en liederen.
Hij was 15 toen hij als musicus aan de slag ging. Groeninghe, zijn eerste cantate, volgde hij op met het symfonisch gedicht Avondschemering en het volkslied O Jesu, allerliefste Kind. Hij beperkte zich echter niet tot het schrijven van muziek : als violist scheerde hij hoge toppen in het orkest van de Maatschappij der Nieuwe Concerten.
Maar vooral als dirigent ontgon hij nieuw terrein. Zijn uitvoeringen van Kodály, Caplet, Milhaud (Les Euménides), Roussel en Stravinsky werden ook internationaal gewaardeerd.
François-Auguste Gevaert (1828-1908) …was de medestichter van de muziekuitgeverij Gevaert. Zijn broer Vitus startte in het Gentse met een winkel die piano’s van Gevaert verkocht. Het ondernemerschap zat de Gevaerts in het bloed, maar François-Auguste blijft toch vooral bekend als begenadigd componist en pianist.
België was al snel te klein voor hem : in 1853 vestigde hij zich in Parijs, waar hij zich enkele jaren later tot koordirecteur van de Grand Opéra kon opwerken. Oorlogsperikelen dwongen hem naar zijn vaderland terug te keren, waar zich volledig wijdt aan pedagogische taken. In 1871 volgt hij F-J Fétis op als directeur van het Brusselse Conservatorium.
Hierdoor kon hij minder componeren, maar professioneel ging het hem in de herfst van zijn carrière meer dan ooit voor de wind : hij stichtte ook nog de Société des Concerts du Conservatoire en werd kapelmeester aan het koninklijk hof.
Peter Benoit (1834-1901) …
wou vooral het Vlaamse muziekleven naar het Europese niveau van toen tillen.
In 1867 richtte hij in Antwerpen de eerste Vlaamse Muziekschool op waarvan hij zelf directeur was. Op korte tijd werd de school heel belangrijk in de moeilijke strijd voor Vlaams muziekonderwijs en voor de culturele ontwikkeling van de Vlamingen. Zijn inspanningen werden beloond door de Belgische Overheid die de school niet alleen erkende maar ze in 1898 ook de status van Koninklijk Vlaams Conservatorium gaf, met dezelfde rechten als de Franstalige conservatoria in België.
Peter Benoit was een leraar met internationale allure. Zijn conservatorium was in die tijd erg progressief. Hij wou niet in de eerste plaats virtuozen vormen maar wel “denkende” mannen en vrouwen die midden het volk staan. Hij voerde gemengd onderwijs in.
Benoit voelde ook aan dat er een Vlaams Muziektheater nodig was en richtte in Antwerpen het Nederlands Lyrisch Toneel op dat later de Vlaamse Opera werd. Zijn ideeën en structuren blijven.
August De Boeck (1865-1937)….
was een van de belangrijkste Vlaamse componisten van zijn generatie. Zijn muziek is lyrisch, spontaan en ietwat ironisch.
Hij werd organist in Merchtem, later organist in verschillende kerken zoals de Karmelietenkerk in Brussel. Hij was directeur van het conservatorium van Mechelen en later doceerde hij aan de conservatoria van Antwerpen en Brussel.
August De Boeck werd beïnvloed door de grote Russische componisten, vooral door Rimski-Korsakov en introduceerde het Impressionisme in Vlaanderen.
Lodewijk Mortelmans (1868-1952) …
gold als vernieuwer van de Vlaamse muziek. Als geen ander kon hij tekst en muziek tot een eenheid laten versmelten.
In 1893 won hij met zijn cantate Lady Macbeth de Eerste Prijs van Rome. In het begin van de 20ste eeuw ging hij lesgeven aan het Koninklijk (Vlaams) Conservatorium van Antwerpen, waarvan hij het nadien ook tot directeur schopte.
Buiten zijn dagelijkse bezigheden maakte hij deel uit van de raad van bestuur van de Muziekstichting Koningin Elisabeth, die de fundamenten legden voor de huidige muziekwedstrijd. Tot op hoge leeftijd bleef Mortelmans stukken schrijven voor diverse instrumenten.



Arthur Meulemans (1884-1966) …

















