mop
Mop
Een mop (ook: grap, bak) is een kort verhaal waarvan het de bedoeling dat na afloop de toehoorder(s) moet(en) lachen.
De mop bevat meestal een verrassingseffect. Aan het einde van de verhaallijn volgt meestal een onverwachte zinswending, de clou of pointe genaamd. Een mop kan ook in de vorm van een raadsel gesteld worden. Het antwoord is dan de pointe.
Veel moppen zijn taboe-doorbrekend, dat wil zeggen dat ze een onderwerp hebben waar men gewoonlijk niet over spreekt. Seks is dan ook een geliefd onderwerp. Een mop met een scabreuze inhoud wordt schuine mop genoemd.
Moppen kunnen ook racistisch zijn. Mensen van buitenlandse afkomst, worden in de maling genomen. In Nederland maakt men bijvoorbeeld moppen over Belgen. Zie ook belgenmop.
Daarnaast zijn er buitengewoon slechte moppen. Niemand lacht erom. Een voorbeeld: Het is geel en het rijdt achter een auto... Een banaanhangwagen. Als een mop al eens gehoord is, is het verrassingseffect weg. Sommige mensen doen dan alsof ze lachen, om de mopverteller niet teleur te willen stellen.
Ten slotte is er ook de zogenaamde \"zwarte humor\". Dit zijn \"moppen\" met een zeer cynische en soms kwetsende clou. Voorbeelden zijn moppen over Dutroux, Hitler, of over pasgebeurde rampen.
Bovenstaande illustreert dat men er zich dus rekenschap van moet geven dat een mop, hoewel leuk op zijn tijd, ook lang niet altijd gepast is.
Het woord \"mop\" wordt ook gebruikt als koosnaam, bijvoorbeeld : \"Simone is mijn lieve mop\" , of \"Toen onze Max een moppie was.\"




Het percentage ouders dat hulp inschakelt, is nog steeds laag: 35%. Het is zelfs iets gedaald in vergelijking met 2002. Wie hulp zoekt, gaat meestal naar de huisarts (41%). De ouders die hulp zoeken, zijn in meerderheid meer tevreden dan voorheen: 71% versus 59% in 2002. Ouders die niet tevreden waren, gaven als voornaamste reden dat het bedplassen niet ophield. Opvallend is verder dat een op de zeven ouders van de huidige bedplassers die een hulpverlener inschakelen, weer zonder hulp naar huis wordt gestuurd. 

