Ik ben mark dejongh
Ik ben een man en woon in Sint Gillis-Waas (Belgie) en mijn beroep is ziekenhuisapotheker.
Ik ben geboren op 23/08/1953 en ben nu dus 59 jaar jong.
Mijn hobby's zijn: joggen, tafeltennis, fietsen.
ik heb ook een mooie verzameling van meer dan 61.000 kroonkurken uit 200 verschillende landen.
Maar veel belangrijker, al meer dan 35j gehuwd met Irma en vader van vele lieve kinderen : Christophe, Thomas, Tine, Katrijn, Frederik, en Roeland.
opa gaat op stap
Relaas van de wandeltocht van St. Gillis-Waas naar Santiago de Compostela 112 dagen op pelgrimstocht : ontdekken, ontmoeten, onthaasten.
15-04-2012
Een ezel
Onze
volgende slaapplaats is een boerderij in Le Cros, een mini gehuchtje van St. Geneys-près- St.Paulien . Bij onze
aankomst om 15u45 staat de deur al open voor ons terwijl de eigenaars nog volop aan het
werk zijn: ze hebben 350 schapen te verzorgen. We installeren ons boven op de
slaapkamer en Denis botst al eens met zijn hoofd tegen een laaghangende balk.
Hij hangt prompt een deken over die balk om te voorkomen dat hem nog eens hetzelfde
overkomt. Een beetje later zit ik met Jean-Louis beneden en weer horen we een
zware boenk, gevolgd door enkele straffe uitspraken. Wat er juist gebeurd is
hebben we nooit geweten. ’s Avonds zijn we te gast bij Martine en Jean-Louis, 2 sympathieke
hardwerkende mensen met een hart van goud. Vroeger waren het fervente joggers. Zij, Martine, heeft jarenlang het
wedstrijdrecord van de 15km van le Puy en Velay op haar naam gehad, tot er
loopsters met een donkere huidskleur begonnen deel te nemen. Tot slot krijgen we een
lekkere eau-de vie van bosbessen om de kilte te vergeten van de smeltende
sneeuw die onzelaatste twee stapdagen “opsmukte”. Gelukkig hadden we de wind meestal van achter en stapten we veel door de bossen, zodat het koudegevoel toch een beetje minder erg was! De gastheren tonen ons ook een krantenknipsel dat gaat over een soort van loopwedstrijd die start aan de kathedraal van le Puy en Velay en eindigt in St. Jean-Pied-de-Port, gespreid over verschillende dagen. We zijn het er allen unaniem overeens dat dit een smaakloze stomme uitdaging is die niet thuishoort op het caminotraject. Er zijn genoeg andere GR's om de lange-afstandslopers hun kunnen te laten demonstreren.
We slapen
vanavond in een grote gite waar een hele groep “routards” (motorrijders) hun
bed gereserveerd hebben. Denis is niet zo opgezet met dat type volk, maar we
hebben hem goed de les gespeld: "soyez poli ". Hij heeft zich in de
loop van de dag ook al serieus druk kunnen maken over de crossbrommers. Het is namelijk
zaterdag en in de mooie bossen komen we twee motocrossers tegen die, om ons te
imponeren, degashendel flink opendraaien
op die zandwegel vol keien. We hebben onze bedenkingen bij al dat lawaai, die
stank, en de losgerukte keitjes van die 2 rustverstoorders. Na al die dagen in de stille natuur is dat echt "confronterend". Maar dan komt ons
“moment de gloire”. Ineens horen we wat verder een moto sputteren. We wandelen
rustig door en naderen de 2 supermannen. Eén probeert uit alle macht zijn moto
weer op te starten, tevergeefs. Hij roept wat schietgebedjes tot de heilige
Gasoil of zoiets. We verstaan dat gemompel niet zo goed en wandelen met een brede
glimlach rustig voorbij. Even later komt de tweede crosser ons voorbijgereden, en een tiental minuutjes later keert hij terug met een busje naft voor zijn goeie vriend.
De groep
motorijders in de gite zijn gelukkig van het beschaafde type en maken niet veel
kabaal. We hebben geluk dat er nog plaats is voor ons, want ze zijn heel
talrijk. Het winkeltje, de bar-tabac en
de bakker zijn al gesloten als we daar toekomen. De kerk is wel nog te bezichtigen. De eigenaar van de gite
verkoopt ons de laatste blikjes van zijn persoonlijke voorraad bier: 3 Leffe en 2 Hoegaarden voor elk 1€ ’t
stuk. We gaan het eerlijk verdelen. Omdat de vloer van planken is op onze slaapzaal moeten we van de uitbater onze botinnen beneden laten staan en krijgen we mooie flashie pantoffeltjes aangeboden om binnen rond te lopen.
We ontbijten
de volgende morgen samen met de groep motards. Jean-Louis stelt me voor
aan enkele van hen:"Il est parti
tout seul près d'Anvers" . Ze snappen er niks van, van wat pelgrimeren
betekent. Ze zijn meer bezig met hun
blinkende machines en leren pakjes.
We
vertrekken ongeveer gelijktijdig: wij nemen een kleine binnenweg. De motards
maken al een flink ommetje door de smeltende sneeuw . Rond de middag passeren
we, al flink uitgeregend, langs een
dorpje met een hele mooie naam: Bellevue la Montagne. Er is helemaal geen mooi
uitzicht, en bergen zijn er ook al niet. Gelukkig staat er een “Hotel des
Voyageurs”, op 700m buiten onze route. We gaan onze natte spullen weghangen en
staan in het toilet voor een grote spiegel. Hoe zie ik er uit na 6 weken,
zonder after-shave, zonnecrème, revitaliserende crème, parfum, deodorant,anti-rimpelcrème met Q10, collageen restucturizer voor de oogcontouren enzoverder… We trekken er een
mooie foto.
Ik heb ook
enkele mooie foto's getrokken van een "salers" : een bruine koe die
tegen de kou bestand is en hele grote horens heeft!
Het ontbijt
in Chabreloche enkele dagen terug bestond uit 1 croissant en 1 stukje brood en
een klein tasje thee. Het ontbijt daarboven op de Col des Supeyres was van een
ander niveau: de uitbaatster was in de vroege morgen al (speciaal voor ons waarschijnlijk?)naar St. Anthelme gereden (2 x 13km) om verse
baguetten te gaan kopen. Het ontbreekt ons aan niets en bovendien is de zon van
de partij. Soms is
gastvrijheid echt wel geen ijdel woord op de Camino!We hebben daar bovendien een prachtig
uitzicht op de Puy de Dome en de andere uitgedoofde vulkanen van het Centraal
Massief.
In de loop
van de dag belt Denis met zijn moeder, die hoogbejaard is en in een rusthuis
verblijft. Zijn ma vraagt hoe dat met hem gaat natuurlijk. Ik hoor hem antwoorden
dat alles onder controle is :nous avons
des “pieds tous terrains”(naar analogie met het woord VTT vélo tous terrains)(we hebben
voeten voor alle terreinen)... We hebben in de voormiddag een lange afdaling tot Saint Anthelme over asfalt. Denis komt er als eerste aan en hij heeft bij de warme bakker al een quiche lorraine en nog wat anders lekkers uit de microgolf gevonden voor 2.80€ per persoon. We eten het smakelijk op in de bar op de markt met een lekker pintje en een tasje koffie erbij.
Heel de dag stappen we langs bergweiden vol gele paasbloemen, "les jonquilles", de
natuur op zijn mooist! We houden halt in la Chapelle en Lafaye. Dit is een
klein dorpje met een hele oude geschiedenis: reeds voor het begin van onze
jaartelling kwamen de Kretenzers daar vanuit Marseille naartoe om lood te kopen
en ze trokken nog verder door naar Bretagne op zoek naar zout. We slapen in de pastorij naast de kerk die is omgebouwd tot een gezellige gite en gaan naar het lokale restaurant - café nog 2 pintjes drinken. Ze voorspellen weer slecht weer , zelfs sneeuw, vanaf overmorgen maar ook dat went en we laten de moed niet zakken : Ultreia. Op aanraden van de verantwoordelijke van de gite nemen we een andere route dan deze die beschreven is in de "guide Lepère" en die ongeveer 1 dagetappe korter is. Ze loopt langs die eeuwenoude historische route van de Cretenzers: " la route de César".
De volgende
morgen klimmen we naar Montarchet, een prachtig dorp boven op een heuvel. In
Usson zijn we weeral eens goed nat. We eten daar een complete menu en pas rond half 3 trekken we verder, eerst langs een heel grote houtzagerij en dan verder in het bos waar we een vos zien weglopen. We volgen de route de Bollène en dan de routede César, dat wil zeggen een weg recht op het doel af.
Na een copieuze maaltijd in het "Centre d'Accueil" op de Col de la Loge slapen we heel goed na de zware tocht van gisteren. Maar er wacht ons een heel mooi stuk vandaag : Via Col du Béal naar Col des Supeyres.Bij mooi weer kan je vanop de bergkam de Alpen zien aan de ene kant en de Puy de Dome en andere oude vulkanen aan de andere kant. Naar het schijnt echt supermooi. We zien het wel zitten. Omdat in de Col de Béal de chauffageleidingen kapotgevroren zijn is die gite halfweg gesloten. We moeten dus verder tot de volgende col. Reservatie is gelukt , want we zijn weer de eerste pelgrims , en het seizoen is nog niet bezig... Een uitgebreid ontbijt deze keer: We eten ons buikje vol met brood en confituur, want meer krijg je niet op je bord in la Douce France als ontbijt. Er zitten ook 6 mountainbikers te ontbijten wiens spullen zeiknat aan de open haard te drogen hingen sinds gisterenavond. Ze kwamen van de Col du Béal en de Col des Supeyres: ze hadden veel sneeuw gehad. We kijken eens naar mekaar maar zeggen niks: dat belooft denken we alle 3... Ik doe een onderhemdje extra aan , want we stijgen tot 1600m en meer vandaag, da's hoger dan de oversteek van de Pyreneeën. We vertrekken met wat regen en smeltende sneeuw. Maar in het bos blijven we redelijk droog en het eerste uur valt het nog best mee. We stijgen en komen op een hoogvlakte terecht; Amai wat veel sneeuw en wind! We banen ons vol goeie moed een weg in de 5-10 cm sneeuw. De GR tekens zijn ondergesneeuwd hier en daar. Maar de wind waait ferm en onze poncho volstaat niet. In geen tijd is mijn broek kletsnat van de sneeuw!! Aan de Col du Béal raken we niet binnen zoals voorspeld: Alles toe, nergens een hoekje om te schuilen en dus trekken we verder. Stilstaan is echt geen optie meer want dan begin je te verkleumen met je koude natte spullen. We nemen een (verboden) macadamweg van het Franse leger, parallel aan de GR, die ons omhoog leidt naar een grote ondergrondse bunker en 2 torens vol met allerlei satellietmateriaal en schotelantennes in La Pierre sur Haute. (Elisabeth zal me later vertellen dat ze daar in de streek smalend les Grandes Oreilles worden genoemd). Die militaire weg is volledig sneeuwvrij gemaakt, zodat we makkelijker kunnen stappen, maar het stijgt alsmaar meer. Ondertussen zien we geen 50m meer voor ons ogen van de mist en de wind doet ook geen deugd. We komen op de militaire basis zelf terecht, en willen ze oversteken. Maar er is maar 1 ingang, en we moeten terugkeren naar de plaats waar we de basis "binnendrongen als ongewenste gasten". Gelukkig worden we niet als spionnen opgepakt want op het eerste gezicht is daar geen levende ziel te bespeuren. Na die militaire basis belanden we weer op de GR route in de sneeuw, maar we komen op de hoogvlakte en zien de weg niet meer liggen. Overal oneffenheden vol sneeuw, geen bomen, dus de GR tekens bevinden zich soms op een rots op de grond ONDER DE SNEEUW. Maar door die verse sneeuw zie je het smalle wandelpad niet meer in die vlakte. Het kan eigenlijk naar alle kanten lopen... Er hangt een dikke mist, dus je ziet niet waarheen de weg voor je neus zou kunnen leiden. Het geeft je een heel beangstigend gevoel. Gelukkig zijn we met 3. Terwijl ik de weg afdaal op zoek naar mogelijke GR-tekens op een klein paaltje daar beneden, in een drassig moeras, blijven de andere 2 wachten. Gelukkig maar, want van wat lager daar beneden zou ik in een totaal verkeerde richting terug gelopen zijn, helemaal gedesoriënteerd door die dikke mistbrij!! En zo hebben we samen deze dag overleefd: Jean-Louis met de stafkaarten van deze streek en Dénis met het kompas!! Een echte "jour de pénitence" zeggen die mannen. Het zal wel zo zijn zeker ? En misschien wel een klein wonder dat ik op 2e paasdag weer op die 2 supermannen ben gebotst om me hier door deze extreem moeilijke omstandigheden te loodsen waar ik niet op was voorzien. Leuk is wel wat anders: Zeiknat in de mistbrij en ploeteren in 10 cm sneeuw soms op hobbelige wegjes vol ondergesneeuwde keien. We passeren de plaats van het oneindig mooie vergezicht, en we zien wel 10 mont blancs, maar niet de echte, het zijn er heel kleintjes. Soms houdt het wat op met sneeuwen. Aan de kant van een onbewoond huisje schrokken we al rechtstaande wat eten naar binnen rond half 2. En dan weer verder sukkelen in die sneeuw. Alleen maar sneeuwvlaktes, en heel soms een wit en een rood GR- lijntje dat ons de weg wijst op een kei waar er geen sneeuw op ligt. We hebben het gehaald, en een oud vrouwtje kwam ons al tegengewandeld. Ze wist van onze reservatie in de gite en was er eigenlijk niet zo gerust in. Ik kan mijn sokken uitwringen... Ik heb geprobeerd om wat foto's te trekken van de miserie van vandaag want eigenlijk schieten mijn woorden veel te kort. Morgen is het bergaf en is de sneeuwmiserie al zeker voor een tijdje van de baan....
Pelgrimsgroeten
Mark Ps : mijn buikje is al weggesmolten zoals sneeuw voor de zon de laatste dagen. En nu komen mijn vriendjes vragen waar ik uithang. Ik stop dus met tokkelen op de PC want er staat nog iets speciaals op de agenda: ik vier vandaag mijn 1000e km (ongeveer natuurlijk). Eerst een aperitief aangeboden door mijn maten en ik zorg voor de pousse café: een Verveine du Velay, super lekker.
Van Chabreloche vertrekken we richting col de la Loge Ik ga het kort houden: Een heel karig ontbijt in het hotel: één croissant, één stukje brood met confituur en een kleine tas thee. Mijn schoenen zijn gemaakt, joepie! Het regent al van 's morgens vroeg en we gaan ons al direct weer bevoorraden bij de bakker. In het bos liggen een aantal bomen omgezaagd, en op die manier vinden we de GR tekens niet. Ik geraak met moeite vooruit en we stoppen pas voor de picknick rond half 2. Ik heb dan al 2 bananen op...Als we ons goed en wel hebben geinstalleerd in het gras komt er een zoveelste ferme hagelbui. Het parcours is echt zwaar : steeds maar stijle hellingen en afdalingen over zandwegen bezaaid met grote en kleine rotsblokken, gevaarlijk met je rugzak... Rond een uur of 3 komen we aan in Couvent Notre Dame, op een hoogte gelegen midden in de bossen en met een prachtig vergezicht richting Alpen. De "buvette" is nog gesloten, maar ze doen er speciaal voor ons open ! We willen iets warm drinken, omdat het buiten zo koud is heel de dag al, maar bestellen dan toch maar een bruine Pelfort. Ik koop er uit sympathie ook een potje hééél dure "baume du pèlerin" voor 16€! Het is waarschijnlijk een foutieve prijs want ik kom later een pelgrim tegen, Alain die ook zo'n potje kocht in Rijsel voor 10€ ... We gaan een half uurke later weer verder voor het laatste stuk. Het hagelt non stop en we worden moe het laatste stuk van onze wandeling. Om half 7 zijn we eindelijk op onze bestemming. Vandaag 1360 meter gestegen (met het GPSke van Jean-Louis gemeten)
's Avonds is onze pijp uit na 31 km over zulk geaccidenteerd parcours met zware rugzak ( vol picknick voor de volgende 3 dagen op de cols die volgen)
Dinsdagmorgen bellen de 2 copains me al vroeg wakker op mijn GSM. Ze komen al om 8u., een stuk vroeger dan daags voordien was afgesproken om me op te pikken. Na enkele dagen van alleen stappen, omdat ze naar een familiefeest moesten, zijn we weer samen op weg met 3! "Waarom vertrekken we zo vroeg?" De gastheer waar ze sliepen stelde voor om hun bagage met zijn auto mee te pakken (al om 7u. 's morgens) tot in Lavoine, zo'n 15 km verder! Ze vonden dat ze dat voorstel niet konden afslaan... En zo sta ik daar dan met mijn Drappy vol met alle proviand die ik de dag daarvoor kocht op de markt. En die andere 2 lekker fris en monter, met een klein rugzakje op hun schouder... In Lavoine eten we samen in Auberge des Bois Noirs ( zo noemen ze de bossen in deze streek : "Bois Noirs"). Een super menu met alles er op en aan en nog een pint erbij en een fles wijn, voor nog geen 15€ per persoon. Echt aanbevolen! Buiten staat er een heel speciaal horloge dat werkt met lopend water, dat potjes vult, en door het gewicht dan houten bollen laat rollen. Terwijl ik er op sta te kijken rolt er een bol uit zijn goot. Hopelijk kent er iemand wat van dat ingewikkelde mechanisme en komt de bol weer op de goeie plaats terecht, anders zitten ze daar in Lavoine wel met een groot probleem... Vanaf half 2 stappen we weer met 3 rugzakken tot Chabreloche. Daar staat ons bedje klaar in hotel Le Mandrin. Er is ook een schoenmaker, en ik weet niet of ik het al verteld heb, maar de naden van mijn schoenen scheurden open ! Eerst een heel klein beetje, maar met al die keien en heuvels van de Morvanstreek en die regen af en toe erboven op werd dat steeds maar erger. Nog 1700 km te gaan, dat zou nooit lukken zonder reparatie. We komen er pas aan rond half 7. Ik trek direct naar de schoenmaker twee straten verder op mijn sandalen, de botinnen in de hand, terwijl het flink regent. "Is het dringend? Anders neem ik ze mee naar de fabriek morgen? " "Ja eigenlijk nu direct, als het kan." Gelukkig staat er nog een aftandse stikmachine in de plaats waar vroeger het schoenmakerijtje was. En ja hoor, ik mag er een half uur later weer om komen... 't Is 5 € , ik wil er 10 geven voor de snelle service, maar dat wil de vriendelijke man niet! Wat zit dat weer even mee, juist op tijd een schoenmaker ( 't is de eerste die ik gezien heb op heel mijn tocht tot nu toe) en dan nog DIRECT.... Het avondeten is niet super, maar dat geeft niet, want mijn schoenen zijn hersteld! We slapen samen op een familiekamer, ik slaap in het grote bed voor de ouders, en Jean-louis en Denis in de "kinderbedden"... De badkamer moeten we delen. We zijn allen moe na 32 km wandelen en 1050 m stijgen .
Zoals al verteld had ik 's morgens een gebakje mogen kiezen bij de bakker in le Mayet de Montagne. In de namiddag heb ik dat samen met de hele groep op het terras opgegeten. "Kijk daar nog 2 stappers" roept er iemand. Ik kijk om en ongelooflijk maar waar: Jean-Louis en Denis passeren op straat, aan de overkant van het riviertje dat naast de camping stroomt. Ze slapen 1 km verder. Ik loop even naar hen toe en we spreken af om de dag erop weer samen al vroeg te vertrekken. Wat een verrassing of is het een helpende hand van hierboven die ervoor zorgt dat ik niet alleen in deze eenzame streek moet stappen ? (dat zul je enkele verhaaltjes verder wel begrijpen)
Pasen 2012. Om nooit te vergeten: bij het vertrek in de gîte in Droiturier krijg ik een potje confituur mee en enkele paaseitjes. Ik wandel recht naar Arfeuilles waar ik bij de bakker 2 broden koop. De kleine bakkerij staat proppensvol mensen die allen hun reuzegrote paasbestelling komen afhalen. Het is er een gezellige drukte, maar ik voel me niet echt op mijn gemak: bij elke klant zie ik het broodrek in de winkel steeds meer leeg geraken. En als het eindelijk mijn beurt is schiet er echt niet veel meer over. Dan is het tijd voor een picknick maar het is maar 6 graden. In de café-tabac is het alleen maar "tabakwinkel en geen "café". Dus ik stap verder en boven op de heuvel vraag ik of ik even binnen mag om te eten aan een meneer en mevrouw op het terras van hun huisje. Er woont een oude dame alleen. Haar 2 kinderen + familie zijn op paasbezoek. Ik voel me niet op mijn gemak maar dat duurt maar even : apéritif maison (champagne) en dan een glas rode wijn.....Als mijn boterhammetjes op zijn krijg ik nog een stukje taart aangeboden. Ik heb wel effe geluk zegt de oma, dat haar kinderen er zijn , als ze alleen was zou ze me misschien niet hebben binnengelaten Ze vndt het ook wel een beetje gevaarlijk voor mij : zo alleen .... Ik zeg haar dat ik me voel als een heel klein vogeltje in de handen van Onze Lieve Heer. En tot nu toe is dat altijd al super goed afgelopen vind ik, hopen dat het zo blijft; Een heel gézellige babbel nog met die toffe familie en dan trek ik vol goeie moed opnieuw verder, maar eerst nemen we nog een mooie foto van ons allen op het terras in het kille zonnetje. Ik krijg nog een chocolade paashaas mee als souvenir, die ik in de namiddag begin te verorberen in Charguéraud op een bankje, want ik ben moe...Ik was al gepasseerd in La Croix des Chabannes (wat een leuke namen toch hier voor al die gehuchtjes) Enkele uren verder in het bos staat een auto uit NL. aan een huisje. Ik zeg "dag" en prompt krijg ik iets (een Heineken) aangeboden om te drinken op het terras van de vrouw des huizes. Het is al wat warmer gelukkig dan vanmiddag. Een beetje later komt de heer des huizes erbij zitten, hij was zijn gras aan het afrijden...Het zijn 2 Rotterdammers. Weer kom ik niks te kort en ik krijg nog een busje ravioli,wat energiekoeken, en wat snelverband mee (dat had ik niet mee van thuis). Toen ik enkele dagen terug een goeie totter maakte 's avonds in de afdaling ontdekte ik dat een schaafwonde snel opgelopen was, zodus vroeg ik het nu maar aan die lieve mensen ... De gastvrouw vertelt me nog dat de kat met een adder aan het spelen was die middag...
Ik kom veilig aan rond half 7 in camping les Plans in St. Clément en ik slaap in bungalow Hortensia. De sleutel ligt onder de mat. Ik zoek eerst tevergeefs naar de sleutel aan bungalow les Bluets want ik was vergeten dat er nog een last minute wijziging was doorgebeld...
Na de douche en eten ga ik wat wandelen en bij de buren vraag ik een zakje thee. Het is al donker . Ik moet binnenkomen. Een opa ("je suis le patriarch") is met zijn kinderen en kleinkinderen op paasweekend in 2 bungalows. Weer een glaasje wijn en wat theezakjes en wat klontjes suiker cadeau gekregen . Ik trek rond half 10 weer naar mijn bungalow en de patriarch gaat mee naar buiten om zijn pijp te roken: "Waar is uw vrouw?" "Die is het afgebold en heeft me laten zitten met de kinderen." Hij komt al meer dan 20 jaar telkens met zijn familie naar die camping met Pasen. In 1958 vocht hij met het Franse leger in Algerije: Ze zijn vertrokken met 20 en na 2jaar kwamen ze weer thuis met 6. Meer dan 50 jaar later heeft hij "er nog steeds veel last van..." "Tot morgen en à propos, hoe ken jij Filip, de eigenaar van de camping?" vraagt hij nog. Al die gastvrijheid en goedheid, ik ben er echt niet goed van.
Maandag: 2e paasdag Ik wordt wakker om half 9 en heb vannacht 11u geslapen. Het regent zachtjes heel de tijd door. Ik veeg de bungalow proper met een borstel. Om 10u30 stipt staan de buren aan mijn bungalow : zoals afgesproken nemen ze me mee MET DE AUTO naar de paasmarkt in Le Mayet de Montagne,een klein stadje in de buurt. Ik heb daar een paraplu gekocht en een nieuwe sim kaart voor de GSM. Verder nog wat bananen en Franse kaas. Ook een zakje paaseitjes voor Jules, Tom en Oscar, de 3 lieve kinderen van het koppel dat me meeneemt. Ik zeg hen : "je moet ze tellen om te zien of er even veel in zitten voor elk van jullie" Onmiddellijk begint de jongste te tellen : 20 eitjes, elk 6 en 1 voor mama en papa. Dat is dan weer goed opgelost. Mama is een verpleegster, papa werkt op een bedrijf dat industriële afval verwerkt. Bij de bakker moet ik een gebakje kiezen om straks samen met hen op te eten.!!! Al die spontane goedheid en vriendschap is ongelooflijk om te ervaren!!!
De wereld is nog lang niet om zeep !!! Ik tik dit verhaaltje op het terras buiten ( binnen heb ik geen internet verbinding) op een iPad van de papa van de drie jongens.("pas de problèmes, fais ce que tu veux") Sorry voor de tikfouten (die ik nu , enkele dagen later verbeterd heb) : de pc verandert voortdurend al wat ik typ naar het Frans !!! Morgen ga ik weer verder op stap richting Santiago.. . Ik trek de bergskes in !!! Hopelijk wordt het niet te koud daarboven. En hopelijk vind ik een slaapplaats want reserveren vandaag lukt niet. En weer zeg ik " je zal me even niet horen".
OOK NOG DANK VOOR AL JULLIE BERICHTJES.!! IK LEES ZE ALLEN MET VEEL PLEZIER !