Dinsdag 17 augustus.
Na lang welles nietes ben ik dan terug aan het toetsenbord gaan zitten om een berichtje op m’n dagboek bij te zetten. Er hebben zich verschillende factoren een rol gespeeld, die mij er van hebben weerhouden. De laatste drie dagen heb ik me zelfs een beetje ziekjes gevoeld, vorige zaterdag kreeg ik zelfs koude rillingen, zelfs zo erg dat ik m’n armen niet stil kon houden en m’n tanden op elkaar klapperden. Met daarop volgend uitbarstingen van zweet, zodat ik zuivere kleding moest aantrekken.
Die zelfde zaterdag moesten Anita en ik naar een etentje in een restaurant ‘Schaliënhuis’ gelegen in Loenhout. Ook daar heb ik een koude en warmte aanval gehad en dat is alles behalve gezellig en als de beleefdheid het toeliet, zijn we zovlug mogelijk vertrokken. Gelukkig waren we met familie afgesproken en dan kun je hen er van op de hoogte stellen.
Veel uitleg was er niet nodig, ik zat gewoon weg te klappertanden van de koude en het was zelfs zo ver dat Anita een geweven vest uit de auto is moeten halen. Na een tijdje ging het dan over, maar dan brak het zweet me weer uit, enfin het was voor mij allesbehalve een leuke avond ondanks het feit dat het een geweldig goed restaurant was, met een knappe kok aan het fornuis. Maar omstreeks half negen zijn we dan toch maar huiswaarts getogen, maar we waren er van vijf uur.
Vanaf vandaag schijnen alle verschijnselen tot het verleden te behoren, maar veiligheidshalve ga ik donderdagmorgen maar eens langs bij m’n huisarts. Deze ochtend heb ik een bloedstaal laten nemen en tegen donderdag is de uitslag dan reeds bij de dokter. Wat een mens toch allemaal kan krijgen en zo onverwachts.









































