Foto's 2










Foto's 2









Foto's verslag









Reisverslag RoemenieUitstekend geslapen. Het is droog maar zwaar bewolkt en zeer fris. Elf graden. De zomerkledij blijft in de koffers en de verwarming van de jas wordt aangestoken. Om negen uur starten we met de wijnroute, althans volgens de borden. Als ik aan wijnroute denk, denk ik ook aan: druiven, bergen, wijnboeren en eventueel een paar kastelen. Niet in Servië, niets van dit alles. Wel een verschrikkelijk slecht wegdek, maar het moet gezegd, met mooie vergezichten. Na een kilometer of tien is het echter gedaan met de pret. Ik rij een onooglijk dorpje uit met krotten van woningen en een mooi kerkje, plots sta ik voor een slagboom. Einde weg. Awel, Garmien hoe zit dat? Volgens Garmien loopt de weg gewoon verder zelfs door een natuurgebied. Kaart van Servië er bijgenomen, ook daar staat de weg op vermeld. Dan maar op onderzoek. Het blijkt dat er hier al jaren grote wegenwerken bezig zijn (steun uit de pot van Europa) Dorpsbewoners zijn razend, moeten kilometers om rijden door dit project dat waarschijnlijk nooit beëindigd zal worden. Ik zet een via punt in Garmien en we zijn terug vertrokken. Na enkele kilometers kom ik op een godsverlaten weg die langs enorme afgravingen loopt. Kilometers lopende band door het landschap. Een landschap dat echt surrealistisch is geworden. Ik parkeer Guz en ga wat foto’s nemen. Eerlijk gezegd ben ik er niet gerust in. Mag hier gefotografeerd worden vraag ik me af. Mijn fantasie slaat op hol en ik zie me al opgepakt worden als spion. Belachelijk natuurlijk, maar als je daar zo in een soort niemandsland staat kun je het je gemakkelijk voorstellen. Ben al in meer landen geweest waar ze niet konden lachen met een fototoestel. Zelfs in Griekenland, waar ik met Armin ben geweest was het op een bepaalde plaats verboden om te fotograferen. Een militair kwam ons dit uitdrukkelijk zeggen. Als ik aan de rand van die ongelooflijk grote put sta voel ik me toch wel klein en eenzaam. Moet aan mijn reis naar Finland denken, stond daar ook moederziel alleen in een zeer verlaten streek. Toch maar een paar foto’s genomen de rare gedachten uit mijn hoofd gezet en snorren maar. Guz kreunt en steunt terwijl we putten van zo’n twintig centimeter diep proberen te ontwijken. Ondanks dat het wegdek overal bar slecht is ligt er hier en daar nog een gemene drempel. Een snelheidsovertreding is hier niet te halen. Voordat ik een natuurpark in rij ga ik eerst tanken. Ja, ja ik leer bij. Omdat ik deze morgen weer aan het sukkelen ben geweest met en te lage suikerwaarde vliegen de pakjes druivensuiker nog harder de deur uit dan mijn sigaartjes. Ik koop in het tankstation voor alle zekerheid vier marsen en twee dubbele twix plus een halve liter water voor de prijs van € 2,75. Na een tiental kilometer kom ik terug langs de oevers van de Donau. Prachtig is het hier om te rijden. In de overstromingsgebieden zitten talrijke vogels. De zwaluwen scheren langs m’n helm. Er zitten talrijke aalscholvers, witte reigers, meerkoeten en ik heb zelfs twee visarenden gezien. Zolang je blijft rijden blijven de reigers zitten, zodra je stopt om een foto te nemen zijn de vogels gevlogen. Gelijk hebben ze. Ik moet me verplichten om door te rijden het is twaalf uur en er staan nog maar vijftig kilometer op de teller. Er staat nog honderdtachtig kilometer weg te wachten die constant langs de Donau blijft kronkelen. Het asfalt is bijna perfect en de bochten heerlijk. De Donau perst zich hier letterlijk door de bergen. Op het smalste punt, bekend in de scheepvaart als zeer gevaarlijk wegens de ongelooflijk sterke stroming stop ik voor de zoveelste keer om het te aanschouwen. Ik kan niet anders zeggen dan dat het van ongelooflijk schoonheid is. Hier doe ik het dus voor, vergeten de regen, vergeten de saaie stukken, vergeten het slechte eten, vergeten de eenzaamheid. Dit wil ik zolang mogelijk blijven doen. Op reis gaan en van de ene verbazing in de andere vallen. Dit is prachtig. De dorpjes aan de Donau zijn een stuk aangenamer dan waar ik voordien ben doorgereden. Het valt hier op hoe groot het verschil is tussen arm en rijk zelfs van dorp tot dorp. Ik ben voorbij bewoonde huisjes gereden die wij nog niet als schuur zouden gebruiken. Ik durfde er uit pure schaamte geen foto’s van te nemen. Grote miserie is het hier voor die mensen. In andere dorpen staan dan weer kasten van villa’s. Heel raar allemaal.
Bij de zoveelste stop komt er een wagen op de parking gereden met, jawel, een Nederlandse nummerplaat. Ik kan eindelijk nog eens een fatsoenlijk gesprek voeren. De bestuurder zit alleen in wagen, hij komt van Roemenië en is op weg naar huis. Zijn twee maten volgen op de fiets, hij zorgt voor de bagage. Gelijk heeft hij, want fietsen is hier volgens mij geen pretje. Er waait een strakke wind door het dal en het is constant stijgen en dalen. Regelmatig zit je meer dan driehonderd meter oven de Donau. Ik laat de Nederlander niet vertrekken alvorens hij een foto van mij heeft getrokken. Zoals jullie zullen zien heeft hij niet veel fantasie gebruikt voor de achtergrond van de foto. Nadat ik door diverse onverlichte bochtige tunnels ben gereden komt de grens van Roemenië in zicht. Om aan de grens te komen moet ik over een spectaculaire stuwdam. Er staat een flinke rij vrachtwagen te wachten en een stuk of dertig personenwagens. Het is ondertussen 14 uur geworden. Voorzichtig passeer ik de vracht en personenwagens tot ik aan de grens ben. Wat en verschil met de grensovergang naar Servië. Beligica, Belgica wordt er langs verschillende kanten geroepen. Ze verwijzen me naar een leeg baanvak. Bij de douanier aangekomen vraagt deze vriendelijk mijn paspoort, geen commentaar op de stempels die er al in staan en na een korte blijk krijg ik het terug. Ik durf zelfs te vragen of ik hier geen stempel krijg. Naar zijn zeggen is het al zo’n dertig jaar geleden dat ze nog stempels hebben gebruikt. Bij de volgende douanier moet ik nog een paar vragen beantwoorden; of ik alcohol bij heb en meer dan duizend Euro. Ik bekijk hem en laat een fles water zien. Als ik hem vertel dat ik nog nooit duizend euro heb gezien en moest ik die wel hebben dat ik dan zeker hier niet met een motor zou staan maar met een BMW. Hij kon er om lachen, en ik reed zonder probleem Roemenië binnen. Naast mij was een Nederlander onder toezicht zijn caravan uit aan het laden.
Roemenië, wat een verschil. Heerlijke wegen vriendelijke mensen en de zon is terug van de partij. Ik moet nu met Lei betalen. De prijzen delen door vier om het in euro’s te berekenen. Rond 15 uur ben ik op mijn overnachtingsbestemming in Dobreta. Aan de receptie van het hotel zit een mooie vriendelijke jonge dame met prachtige borsten. Ze schrijft me in en opent een poort zodat ik Guz achter een gesloten poort kan parkeren. Aangezien het mooi weer is met een redelijk windje besluit ik eerst een wasje te doen voor ik onder een welverdiende douche neem. Ondanks dat het stadje best de moeite is beslis ik op mijn kamer te blijven. Ik begin een zekere vermoeidheid waar te nemen. Uit ervaring weet ik dat daar niet tegen gevochten moet worden. Op tijd rusten is het enige medicijn. Toch zeker omdat er deze week nog een rit op het programma staat van 298 kilometer.
Het avond eten is goed, anders dan in Servië. Zoete aardappelen (best lekker) en twee stukken heerlijk gegrild lamsvlees. De ober wilde een Heineken inschenken, is niet aan mij besteed geef mij maar in elk land het plaatselijk bier. Hier is het Silva, het half litertje liep er gesmeerd in.
De weersberichten voor morgen zijn uitstekend, waarschijnlijk in zomerkledij naar Bulgarije. Ik overnacht in Belogradechik een ritje van 213 kilometer.
Morgen naar
Bulgarije om te overnachten in Belogradechik een ritje van 213 kilometer.
Beste blogvrienden, ik wordt overstelpt met mails waarvoor mijn dank natuurlijk. Mag ik jullie vragen om te reageren via de blog. Onder elk artikel staat rechtsonder reageer, als u daar op klikt komt uw commentaar rechtstreeks op de blog. Voor mij minder administratie en voor de blog in het algemeen leuker. Ik kijk uit naar uw reacties.
Reisverslag SmederevoBij de eerste blik door het raam weten we al hoe laat het is. De regen klettert op de daken. Blijf nog een beetje in bed liggen, dit is geen weer om door te rijden. Alles op het gemakje er is tijd genoeg. Een ritje van 137 kilometer kan zelfs zonder probleem na de middag gestart worden. Na het ontbijt, het is nu half tien valt de regen nog met bakken uit de hemel. Dan maar wat kruiswoordpuzzels invullen. Het wachten is niet bevorderlijk voor mijn voorraad sigaartjes. Ik zal dringend minder moeten gaan roken wil ik toe komen tot op het einde van de maand. De manager van het hotel ruikt geld. Blijf nog een nacht stelt hij voor, ik bel de gereserveerde hotels wel om ze een dag te verzetten. Geen haar op mijn hoofd dat hier aan denkt. Onder het motto; slecht weer bestaat niet, enkel slechte kledij vertrek ik rond elf uur in de gietende regen. Ik verrek het om over de autosnelweg te rijden. Ben nu hier en ik zal de toer rijden zoals gepland. Zomerkleding terug opgeborgen en de warmste kleren aangedaan die ik bij heb. Het is een schrale 12 graden. Waarom, vraag ik mezelf voor de zoveelste keer af terwijl ik door de gietende regen rij, waarom doe ik dit zo graag? Waarom niet gelijk elke oude man een beetje in de hof klooien, koers kijken op tv, en slaapje in de zetel enz. Neen, ik moet met alle geweld in de gietende regen rijden, over spekgladde wegen met putten en kuilen om u tegen te zeggen. Ik moet de hele rit aan de reis naar het Midden-Oosten denken het begint er aardig op te lijken. Voordat we Belgrado bereiken rijden we ook hier door eindeloos landbouwgebied over bar slechte wegen.
In Belgrado begint de miserie pas echt. Ongelooflijk slecht wegdek, spekgladde zebrapaden, grote geschilderde pijlen en gladde tramrails die op diverse manieren moeten gekruist worden. Regelmatig heb ik moeite om Guz recht te houden. Voornamelijk op de geschilderde toestanden voel ik Guz af en toe goed tegenpruttelen. Grote oude stinkende bussen rijden kris kras door het verkeer. Het is een nachtmerrie om op deze wijze door Boekarest te geraken. Van de stad heb ik weinig gezien, aangedampt scherm van Guz, aangedampte bril van Kees. Door de lage snelheid worden de druppels ook niet van het scherm van mijn helm weggeblazen. Geen foto’s genomen onderweg, mijn zogezegde waterdichte handschoenen zijn drijfnat, niet bepaald bevorderlijk om ze uit te doen om een foto te nemen. Het heeft trouwens geen zin om foto’s te nemen. De mist en regen maken het onmogelijk om een fatsoenlijke foto te maken. Eindelijk geraak ik zonder kleerscheuren Boekarest uit. We hebben dan twee uur gereden voor een afstand van amper honderd kilometer. Het weer wordt beter zodra we Boekarest achter ons gelaten hebben.
Het is nu eigenlijk nog een lange afdaling van ongeveer 37 kilometer naar Smederevo. Hoe lager we in het dal komen hoe aangenamer de temperatuur wordt. De omgeving wordt mooier de regen minder. Af en toe is de Donau te zien.
Om klokslag 14 uur zijn we op onze bestemming.
Stasea Appartement in Smederevo.
Drie volle uren en drie snelheidscontroles op een stukje van
honderdzevenendertig kilometer. Ik meld me aan bij de receptie. Een zeer
vriendelijke meneer geeft me al direct de raad om Guz op de koer te zetten
achter een gesloten hek. Na het inschrijven van m’n paspoort wordt ik naar de
kamer gebracht. Opeens is alle miserie vergeten. Ik heb een volledig ingericht
appartement tot mijn beschikking. Als ik het raam open zet kan ik de schepen op
de Donau horen varen. Twintig meter verder ligt er een behoorlijk restaurant
waar ik mijn avondmaaltijd kan eten.
Ik kleed me als de weerlicht om en ga een ferme wandeling langs de Donau maken. De Donau is intussen uitgegroeid tot een stevige rivier. De rivier is zo breed geworden dat ik met moeite de zwaar geladen schepen die stapvoets tegen de sterke stroom varen op de foto te krijgen. Het is hier prachtig wandelen. Daar doe ik het dus voor. Toch maar liever hier zitten en van alles beleven dan thuis in den hof grassprietjes uittrekken.
Na de wandeling ga ik op verkenning in de douchecabine. Het is zo’n ding met allerlei kranen, het water spuit langs alle kanten op je body.
Vergeet alles wat ik hier boven geschreven heb. Kom juist terug uit het restaurant. Heerlijk, vriendelijk personeel en een prachtig zicht op de Donau. De maaltijd inclusief koffie en soep kost me € 12,75. Laat de grassprieten thuis nog maar een beetje groeien.
O ja, de uitlaatpijp. Het was niet met en bout. De klusjesman had het gelast. Trots wist hij me te vertellen dat het nu nooit meer los kwam. De foto staat op de blog.
Ik krijg diverse reacties via mail. Daarvoor dank natuurlijk. Ik vraag me af, of een mail sturen gemakkelijker gaat dan rechtstreeks op de blog te reageren. Laat iets weten a.u.b.
Morgen 13/05 naar Roemenië. Ik overnacht in Dobreta in het Pensiona Turistica. We starten aan een wijnroute. Ben benieuwd wat het gaat worden. Het weer is een stuk verbeterd dus dat ziet er goed uit voor morgen.
Vervolg Foto's Smederevo








Foto's reisverslag Smederevo 1






Reisverslag Kroatie
ServieKilometers voorbij Vukovar staan er in de afgelegen velden nog steeds aan flarden geschoten huizen. Geen monumenten, geen wegwijzers voor de toeristen, niets alleen de in puin geschoten huisjes. Waar zijn de oorspronkelijke bewoners? Niet terug gekeerd? De juiste personen niet gekend om de wederopbouw te betalen? Stof om toch even bij na te denken.
Het landschap gaat over van grootschalige landbouw naar wijngaarden. Het wordt ook heuvelachtiger met hier en daar zelfs een haarspeldbocht. De gedachten aan Vukovar uit het hoofd gezet en terug genieten van de omgeving. Om 14 uur meld ik me aan bij een Servische douanier. Wat een verschil met de vorige grenspost. Een degoutante snotneus vraagt op een zeer onvriendelijke toon om mijn paspoort. Hij bestudeert nauwkeurig de stempels die er in staan van de reis naar het Midden-Oosten. Hij begint vragen te stellen in een taal waar ik geen bal van versta. Uit ervaring weet ik dat dergelijke machtsmisbruikers meestal vragen; Waar naar toe, hoe lang is het verblijf en voor welke doeleinden kom je naar hier. Ik antwoord op goed geluk in het Nederlands: naar Novi Sad, één nacht, vakantie, op weg naar Tulcea. Blijkbaar volstaat het. Met een chagrijnig gebaar knalt hij een stempel in mijn paspoort. Het is raar maar bij elke grensoverschrijding voel je en zie je dat je in een ander land bent. In Kroatië zijn de wegen een stuk beter dan in Hongarije, er ligt veel minder vuil langs de wegen, en de huizen zijn veel beter onderhouden. In Servië is de landbouw veel kleinschaliger dan in Kroatië, meer natuur, terug slechtere wegen en meer armoede. Het wordt heuvelachtiger en ik krijg weer heerlijke bochten. Uit het verleden weet ik dat er nog al wat corruptie is bij de arm der wet, ik blijf dan ook steevast een kilometer of vijf onder het toegelaten maximum snelheid. Weer een andere munteenheid, de Dinar. De prijzen delen door 111 om in euro te rekenen. In Kroatië moesten de prijzen door 7,5 gedeeld worden. Ik heb vakjes te weinig in mijn portefeuille. Euro’s, Kuna’s en Dinars. Om 15 uur ben ik in hotel Fontana, een vriendelijke manager wijst me direct de weg naar de ondergrondse parking van het hotel. Er is in de garage een klusjesman aan het lassen. Nadat ik Guz geparkeerd heb vraag ik een hamer aan de klusjesman. Door de slechte staat van het wegdek is de hittebeschermer van de uitlaat los gekomen. Niet erg hij kan er niet afvallen omdat het rond de uitlaat zit. Het moet gewoon op zijn plaats worden geschoven. De klusjesman bekijkt het even en zegt dat hij het wel zal oplossen. Hij is van plan om heel de uitlaat af te breken om het te regelen. Ik verzoek hem vriendelijk om het maar te laten zoals het is, ik rij heel de dag al zo en heb er geen last van. Klusjesman gaat terug met zijn eigen werk verder. De manager, die alles vertaald had neemt de helft van mijn bagage mee naar boven. Aan de receptie de nodige documenten ingevuld en mijn bagage wordt naar mijn kamer gebracht. En wat voor kamer, een appartement groot met een terras. Vanop het terras heb ik een redelijk uitzicht over de stad. Aangezien ik hier een terras heb e het goed weer is doe ik eerst een wasje voor ik onder de douche kruip. Na de douche ga ik naar Guz om mijn laptop te halen. Ik kon mijn ogen niet geloven toen ik bij Guz aankwam. De klusjesman had het hitteschild toch gerepareerd. Maar hoe, dat wil je niet weten. Een gat geboord in mijn amper twee jaar oude Guzzi en met een grote bout het hitteschild aan de uitlaat bevestigd. Ik was een hartinfarct nabij. Morgen maak ik er een foto van.
Geen foto’s van Novi Sad wegens hevig onweer en kletterende regen.
Morgen blijf ik nog in Servië. Overnachting in Smederevo.
Foto's Servie





Vervolg Foto's Vukovar oorlog





Foto's Vukovar deel 1 middagpauze





Foto's naar Kroatie met het Nemzeti park.










Foto's Kecskenet




Foto's Poesta
Korte wandeling door de Poesta









Foto Ooievaar
Ooievaar op het nest
Foto's Baja







Reisverslag naar Baja
Vandaag rijden we weer met twee, Guzzi en ik. Hoeveel kilometers ik al afgemaald heb met mijn Guzzi's is onvoorstelbaar aan het worden. Ik ben al maanden aan het piekeren om naar een ander merk over te stappen maar het zal er niet van komen vrees ik. De Guzzi is betrouwbaar, heeft een heerlijk geluid en rijdt ongelooflijk goed. Elke man zo toch zoiets in huis willen hebben, niet?
Foto's Boedapest 2b


Foto's Boedapest 2a






Foto's Boedapest 2




