1962 – Zondag 28 oktober : De Chiro-jongens vierden Kristus Koning
“…Toen de kerktoren van Leest tien zware slagen over de velden joeg waren aan zijn voeten reeds een groep leiders en jongens aan ’t werk in het chirolokaal en in de zaal van Ons Parochiehuis om alles in orde te brengen voor de namiddag. In het lokaal werden de nummertjes die zouden opgevoerd worden nog eens duchtig herhaald en ingestudeerd. In de zaal was het een klaarzetten van tafels en stoelen van jewelste. Daarna werden de tassen en telloren te voorschijn gehaald en spoedig waren er een tiental vlugge handen bezig met ze op tafel te zetten. Een paar leiders installeerden ondertussen pick-up en micro want er zou muziek zijn bij het eten en de niet al te hard klinkende stemmen of muziekinstrumenten zouden moeten versterkt worden door de micro. Om halféén was al het voorbereidend werk ten einde en kon er even op adem gekomen worden. Doch reeds om kwart na één stond onze groep vertrekkensgereed op het Dorp om in mars naar het kapelleke van de Juniorslaan te stappen. Meer dan 50 bruine uniformen stonden prachtig gerijd opgesteld en bij het bevel “voorwaarts-mars” daverde de beton van de cadans. Voorop marsjeerde de muziekkapel : drie landsknechten, vier paradetrommels en vier trompetten. Deze deden al vlug de huizen daveren met een trommelmars. Daarop volgden de groepsbanier en de drie afdelingsbanieren en tenslotte drie lange rijen Chirojongens. Om twee uur werd de Kristus-Koningstoet gevormd en met de Chiro vooraan bracht deze manifestatie openbaar hulde aan Kristus onze Koning. Na het Lof stapten we in een korte mars naar de zaal, waar de muziekkapel de ouders van de Chirojongens begroette met een in ’t begin aarzelende doch spoedig zelfzekere serenade. Zoals het past werd dit Kristus-Koningfeest aangevat met de openingsformatie. Voor deze openingsformatie stond niet gans de groep op het podium vermits dit te klein is geworden voor onze groep. Daarna volgde de Kristus-Koningshulde, het hoogtepunt van dit feest. Vier afgevaardigden van de afdelingen : een burchtknaap, een knaap, een kerel en een leider bewezen, in naam van al hun makkers, eer aan Kristus door een korte, welgemeende hulde. Na het welkomswoordje van E.H. Proost en Groepsleider Karel aan de ouders, die spijtig genoeg niet te talrijk waren, werd de reeks nummertjes ingezet door de burchtknapen, de jongsten, die twee plezierige liederen zongen en daarbij voor een sobere doch welgelukte uitbeelding zorgden. De burchtknapen lieten eens zien wat ze konden op gebied van zang en uitbeelding. Zonder het minste tijdverlies werd het filmdoek geïnstalleerd en weldra verschenen op het doek honderden lachende, juichende, vechtende Chirovrienden. Het filmpje was opgenomen op de Meivaart te Hombeek waaraan onze groep deelnam. Niet weinig jongens keken verrast op toen ze hun eigen gezicht of dat van hun makkers in kleuren op het doek zagen verschijnen. De drie korte kluchtfilmpjes die daarop volgden konden de pret enkel maar verhogen. Zo was het ongeveer vijf uur geworden en nog was er niet van eten gesproken. Daar werd nu een aanvang mee gemaakt na het gezamenlijk gebed. Heerlijk ruikende koffie werd opgediend en lachende jongensmonden en gemoedige ouders lieten zich de koeken goed smaken. Tijdens het eten werden er lotjes verkocht van de tombola want die prachtige prijzen die daar van voor stonden moesten een eigenaar vinden op het einde van het feest. Vooraleer het tweede gedeelte begon kwam de Landelijke Jeugd binnen om te komen kijken en luisteren naar de nummertjes. De kerels startten ditmaal met een aardig schimmenspel : een operatie. In de zaal werd er gehuiverd en gelachen bij het zien van zulke gruwelijke en tevens onverstaanbare behandeling, maar het was wel allemaal trucage hoor. Een wit doek en een sterke schijnwerper doen het uitstekend om de onschuldigste behandeling als iets afgrijselijk te projecteren. Daarna kwamen de burchtknapen aan het woord met hun nummertje : “Professor Kumulus geeft opstel-les” welke een grote dosis lachwekkende schranderheid inhield. Het laatste nummertje van de burchtknapen was het “Kozakkenkoor” waarin een klein zangertje de dirigent, die reeds een paar man achter de schermen een kopje kleiner had gemaakt, naar de andere wereld hielp en triomfantelijk zei “Kapotski”. De rol van kleine zanger werd gespeeld door Joske, de jongste van de groep. De kerels kwamen nog een laatste maal op met “De Bloempot” waarin de politie eens getoond werd hoe ze soms bij de neus genomen wordt. Van de twee burchtknaapleiders kreeg men in samenspel van mandoline en gitaar een reeks melodieën te horen die varieerden van Chiroliedjes over heimatliederen tot schlagers (kwestie van iedereen te bevredigen). Aan muziek ontbrak het deze dag niet want na elk nummertje speelde een knaap of een kerel een paar liedjes op blokfluit of melodica. De knapen, die tot hier toe niet veel van zich hadden laten horen, kwamen nu op de proppen met een kort toneelstuk in zo maar eventjes drie bedrijven. Opmerkelijk was de acteerkunst en duidelijkheid van uitspraak die deze voor het voetlicht brachten zodat iedereen deze klucht kon waarderen als een half-uurtje echt vrolijk lachen. Na dit toneelstukje werden de eigenaars uitgeloot van de prijzen. Oud-leiders Louis, Jos en Jan, waren aanwezig en deze laatste twee zorgden er voor de prijzen met de nodige commentaar bij de gelukkige winnaars te doen belanden. Tot slot richtte groepsleider Karel het woord tot allen om hen te bedanken voor hun sympathie en wenste iedereen wel thuis. De donker en de stilte waren over het dorp gevallen en deze dag van Kristus-Koning was voorbij. Zo goed ze kon heeft de Chiro op deze dag hulde gebracht aan Kristus-Koning. Deze dag was geen punt achter iets dat gedaan is, maar een nieuwe start, want ieder Chirokameraad weet dat straks het uur komt waarop hij zal zingen : “En ziet, ons Chirovendels treden aan, Ons wimpels waaien wapp’rend weer Waarrond wij trouw soldaten staan Voor KRISTUS DE KONING, dapper te weer.” Roger Silverans, “DB”, november 1962.
De groepsleider van de jongenschiro van Leest, Karel De Borger, was te Leest geboren op 5 maart 1944 en overleden te Kapelle-op-den-Bos in het WZC Akapella op 20 september 2019.
Foto’s :
-Groepsleider Karel De Borger tijdens twee fasen van zijn leven.
1962 – Oktobernummer “De Band” : Nieuws van de B.J.B.-meisjes
“DE TIJD IS CORTE, er is veel te doene, sijt fier te minne, ende coene !” “Vol verwachting trokken we zoals elk jaar op studiedagen ; dit jaar naar O.L.Vrouw Waver; 5 meisjes bestuursleden vertegenwoordigden er het bestuur van onze B.J.B. Bij onze aankomst werden we dadelijk opgenomen in de gemoedelijke sfeer die er op elke B.J.B.-bijeenkomst heerst. Na een stijlvolle formatie werden deze studiedagen ingezet met een H. Mis. Er stond ook deze eerste dag al een zeer interessante les op het programma. “WANNEER DE HEER HET HUIS NIET BOUWT” door Kan. DELMOTTE. Zo werd het dan vrijdagmorgen ; na een goede slaap werden deze studiedagen voortgezet. We werden verwend met een zang-uur onder leiding van Madeleine Jacobs. Monseigneur Hanssens van de Belgische Boerenbond was tegenwoordig. Kan. GHOOS, nationale Proost van B.J.B. en Boerinnengilde, legde ons de nieuwe Encycliek “Mater et Magistra” uit. En dan volgde de aanstelling van drie nieuwe groepsleidsters. Monsg. DAEMS, de bisschop van het zo pas opgerichte bisdom Antwerpen, had er aan gehouden zelf deze plechtigheid in te leiden ; hij sprak ons zeer gemoedelijk toe, het was zo zei hij, de eerste maal dat hij voor de jeugd optrad, en het was dan ook een zeer ontroerend ogenblik wanneer alle meisjes geknield de zegen ontvingen. Het was een dag geworden, die velen onder ons zich nog lang zullen herinneren. “MEISJE ZIJN” was een les gegeven door Godelieve De Meyer. De eigenlijke vrouwelijke waarden en talen werden er door naar voor gebracht. Een zeer elegante Heer nl., de heer Verhoeven, van de zeer gekende dansschool “Verhoeven” van Antwerpen, gaf een voordracht met enkele voorbeelden over “VROUWELIJKE ELEGANTIE” dit hield in : -Roeping van de vrouw in de moderne elegantie. -Noodzakelijkheid der elegantie daar tegenover. -Uitdrukkingsmiddelen der elegantie. -Houdingsleer-bewegingsleer. -Wellevendheidsvormen. -Geestelijke elegantie. -Hoge levensvisie, edelmoedigheid en welwillende dienstbaarheid. Dit werd werkelijk een zeer interessante les. En zo had deze tweede dag weer zijn taak volbracht. De zaterdag werd ingezet met een H. Mis. Lode Dieltjes, welbekend toondichter en koster van Berlaar, gaf een zeer belangrijke zangles. Een paar nieuwe liedjes werden aangeleerd. “WIJ WERKEN ALLEN” gesprekstechniek, ingeleid door Michel Huveners, nationale leider van de B.J.B.-jongens. ’s Namiddags werden die vele grote vraagstukken (vraagtekens) die al 2 dagen onze formatieplaats versierden, onze gemoederen nieuwsgierig en onrustig maakten, opgelost. Er werd nl een grote parade ingericht. Per gewest stapten we rond de formatieplaats. Rekening werd gehouden met stijl en algemene orde, ook met het uniform. 40 punten konden verdiend worden, maar…Mechelen moest zich tevreden stellen met 26,5 en met de grote troost dat 4 gewesten een buis behaald hadden. Ja, we vonden het zeer spijtig, er was geen vrachtwagen ter beschikking om die mee te brengen. Nu gingen we per sectie een vergadering houden, de gedachten waren er evenwel niet goed meer bij, ieder gewest had immers zijn geheimpje, voor de creatieve uitbeelding die opgevat was als een kwis ! De gewestvergadering werd voor ons alleen nog een goede kans om alle data’s vast te leggen voor het volgend werkjaar. Na wat heen en weer gepraat werden we het toch eens en hadden de nonnekens van ons gewest, waaronder eentje van Leest, en de Moeder overste hun kappeke over het hoofd gekregen ; ik moet bekennen het was een zeer strenge moeder overste, een devoot zusterke. De andere gewesten brachten hun thema ook zeer goed naar voor, als bijzonderste “circus, school, modeshow” waarin prachtige toiletjes gefabriceerd uit lakens en erepapier werden vertoond door zeer charmante mannequins. En dan…volgde het toppunt van deze avond : Het afscheid van onze Nationale Leidster, Juliana LIEVENS, ook dat van José DE BOODT, Nationaal Beroepsverantwoordelijke, die zich nu volop gaan inzetten voor de Boerinnenbond. Het was een avond vol verrassingen. En zo kwam de zondag en meteen de laatste dag aan de beurt. Juliana moedigde ons nogmaals aan om als apostelen in dienst van Kristus en de B.J.B. te staan. Annie THYS opvolgster van Juliana voelde de wijkleidsters van het arrondissement Mechelen en Antwerpen even aan de tand. De slotles werd gegeven door onze Diocesane Proost Z.E.H. Van Broeckhoven. En zo kwam de viering van het H. Misoffer, gezongen in het Nederlands. We verenigden voor de laatste maal op de formatieplaats en in twee grote kringen werd het afscheidslied gezongen. Ja…schone dagen zijn het geweest want, “JEUGD IS DE BRUG NAAR HET VOLLE LEVEN, DE TOEKOMST STRAALT VOOR ONS, WANNEER WE ONS DAPPER VOORBEREIDEN OM ONZE TAAK OP TE NEMEN. ONZE JEUGDBEWEGING MOEDIGT ONS AAN EN IS DE WEGWIJZER.” Vertel dit aan deze die het nog niet weten : “ZONNIGE, BLIJE MEISJES WORDEN ALLEN UITGENODIGD”, zij horen bij ons. Beullens Jeanne.”