Ik heb 40 jaar geploeterd,
ik heb moeten werken als een paard,
ik heb nu een leuk pensioentje,
en we hebben wat gespaard.
We wonen in een aardig huisje
met een voortuin als plantsoen,
ik dacht nu ga ik wat rusten
omdat ik niets meer hoef te doen.
Ik werk wel door zei moe venijnig,
ik word nooit gepensioneerd,
het is niet meer dan billijk,
dat je mij wat assisteert.
Ik hou van netjes en gezellig,
en mijn huisje in fatsoen,
goed zei ik, ik zal wel helpen
omdat ik toch niets heb te doen.
’s Morgens moest ik al beginnen
als stofzuiger machinist,
ik zuig van boven naar beneden
geen hoekje wordt door mij gemist.
Ik kan nu ook al koffie zetten
doe de was, ik strijk en boen,
ik dek de tafel, was de kopjes
omdat ik toch niets heb te doen.
We hebben achter ook een moestuin
die moet worden uitgebuit
dat kun je zelf wel, zegt mijn eega,
dat scheelt ons dan een hele duit.
En nou sta ik te spitten
poot, andijvie, sla en meloen,
ik heb blaren aan mijn handen
omdat ik toch niets heb te doen.
Mijn vrouw heeft ook twee poezen
die zijn zo lief zegt ze en mak,
ze geven koppen en ze spinnen
maar ik zit met de kattenbak.
En die krengen kunnen miauwen
maar dat ligt aan het seizoen,
dan komt de kater van de buren
omdat die ook niets heeft te doen.
Is mijn kleinzoon soms wat knorrig
doet ie niets dan kattenkwaad,
dan zegt mijn dochter ga naar opa
die weet toch met zijn tijd geen raad.
Zij en oma gaan dan winkelen
en in ’t restaurant een bakkie doen
en ik? Ik speel met kleinzoon indiaantje
omdat ik toch niets meer heb te doen.
Mijn vrouw gaat vaak op koffieklets
zij vermaakt zich opperbest
en als ze dan voldaan weer thuiskomt
vindt zij het opgemaakte nest.
Eigenlijk ben ik een doetje
maar wat kan ik er aan doen,
oma heeft het hef in handen
omdat ik toch niets heb te doen.
Ik ben dienstmeid, ik ben tuinman
en ik dweil en poets en schrob;
mijn vrouw doet of ze ’t druk heeft
want ze houdt er toezicht op.
Ik loop te zwoegen en te zweten
met een hoofd als een pioen
ik raak verdraaid nog overspannen
omdat ik toch niets hoef te doen.