Naar de inhoud

Poëzie en gedichten

seniorennet.beseniorennet.be
HOU VAN DE MENSEN ZOALS ZE ZIJN , ER ZIJN GEEN ANDERE

Het verstandige kind                 K.W.Bilderdijk

 

Eens viel Jan ,door wilt te lopen

Op een grote steenklomp neer :

Hoe bloedde Jantjes hoofdje ,

En wat deed zijn knietje zeer !

 

Gauw kwam Willem aangelopen ,

En hij hielp hem spoedig op ;

“daar ,daar,(riep hij )is een stokje ,

Geef die stoute steen een klop”.

 

Kleine Willem wist niet beter ,

Daarom deed hij zo verkeerd :

Want , met langs de straat te spelen

Had hij niets dan kwaad geleerd .

 

“Foei ! dat ik zo dwaas zou wezen”,

Zei de zoete , brave Jan :

“Immers weet ik , lieve Willem ,

Dat die steen ’t niet helpen kan .

 

En zo hij al schuld kon hebben ,

Weet je niet wat vader zegt ?

Kwaad met kwaad te willen lonen ,

Is ondeugend ; ja is slecht !

 

Neen , ik zal voortaan in ’t lopen

Liever meer voorzichtig zijn ,

En , daar dit mijn eigen schuld is ,

Ook niet klagen over pijn”.

 

Geschreven door Joanna om 20:52 Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

Het kinderlijk geluk.

Het kinderlijk geluk      Heromynus van Alphen

 

Ik ben een kind ,

Van God bemind ,

En tot geluk geschapen .

Zijn liefde is groot ;

‘k Heb speelgoed , kleed’ren , melk en brood ,

Een wieg om in te slapen .

 

Ik leef gerust ;

Ik leer met lust ;

Ik weet nog van geen zorgen .

Van ’t spelen moe ,

Sluit ik mijn oogjes ’s avonds toe ,

En slaap tot aan de morgen .

 

Geschreven door Joanna om 20:57 Reageer op dit bericht

het nieuwe leven .

Het nieuwe leven                     Gottfried August Bürger

 

Ha! Nu ken ik zorg noch druk ,

‘k smaak een nieuw en vrolijk leven !

Welk een zonne van geluk

heeft de droeve nacht verdreven !

Welk een blijde morgengroet

voert mij de ochtend tegemoet !..

 

Hoe ! ziet mijn verheldert oog

paradijse dreven bloeien !

Welke tonen !...’k hoor omhoog ,

Hemelmelodieën vloeien !

In elk koeltje , dat hier zucht ,

streelt mij Edens balsemlucht .

 

Wijngod ! zijt ge mij zo na

met uw schuimende pokale ?

Vult ge met ambrosia

en met nectar ied’re schale ?

Nectar en ambrosia !...

Wijngod ! zijt ge mij zo na ?

 

Liefde schenkt uw toverkracht

mij een nieuw en vrolijk leven ?

Wilt ge in ’s aardrijks duistre nacht

mij reeds hemelwellust geven ?

Eeuwig jong en eeuwig blij !...

O verrukking ! blijf me bij .

 

Geschreven door Joanna om 23:38 Reageer op dit bericht

Een tuin in de avond .

Een tuin in de avond            Rudger Kopland

 

Er gebeuren dingen hier en ik ben

De enige die weet welke ,

 

Ik zal ze noemen en ook zeggen waarom

 

Er staat een oude tuinbank onder de

Appelboom er ligt een oude voetbal

In het gras er komen oude geluiden

Uit het huis er is oud licht in de lucht

 

Dit gebeurt hier : een tuin in de avond

 

En wat je niet ziet hoort en niet ziet –

De plekken waar we kuilen groeven en

Die huilend dichtgooiden

 

Ik vertel dit omdat ik niet alleen

Wil zijn voordat ik het ben .

 

 

 

 

Geschreven door Joanna om 22:26 Reageer op dit bericht

De verschijning

De verschijning          Alfred de Musset

 

Mijn vriend , uw vader hoort ook mij ,

Ik ben geen engel aan uw zij ,

Geen kwade geest die u zal deren ,

‘k Weet niet waarheen uw leven leidt ,

Ik heb nog kwaad noch goed bereid

Op ’t glibbrig pad , waar wij verkeren ;

 

Ik ben noch God noch duivel , neen !

‘k Verhoor uw klachten noch gebeên ,

Toch broeder kunt ge mij wel noemen ,

Waar gij zijt zal ik bij u zijn,

Ook als gij rust van zorg en pijn

Te midden van de kerkhofbloemen .

 

God zelf vertrouwde mij uw hart ,

En , voelt ge u neergedrukt door smart ,

Ik zal als gij uw zorgen weten

Ik volg u over zee en land ,

Toch grijp ik nimmer uwe hand ,

Vriend , ik ben eenzaamheid geheten !

 

Geschreven door Joanna om 20:38 Reageer op dit bericht

De ratelsnoek      c. Buddingh

 

Wanneer je aan een beekje woont ,

Een sloot , een plas , een ven ,

Hoor je soms ‘s nachts , heel onverwachts ,

Zachtjes iets ratelen .

 

Het klinkt niet blij en niet echt droef

Niet dreigend of dramatisch ,

Niet nijdig ,niet rebels , nee , eer 

Wat tobberig , wat apathisch .

 

Maar stel je ’t ook eens even voor

Zo’n ratelsnoekbestaan .

Ben ik blij dat ‘k niet elke nacht

uit ratelen hoef te gaan .

Geschreven door Joanna om 20:14 Reageer op dit bericht

Ik las het je voor

Ik heb het je toen voorgelezen                  Rutger Kopland

 

Ik schreef een vers over jou gezicht ,

Dat het zo afwezig was , ik vergeleek het

Met water waarin ik het gezicht zag

 van een paard , en toen ik opkeek

 

Was de overkant verlaten .Ik vergeleek

Het met wind waarin ik de adem hoorde

Van een dode hond , en toen ik luisterde

Was het zo godvergeten stil in huis .

 

Ik heb het vergeleken met veel , met veel

Meer , meer dan ik mij herinner , maar

Ik kan het vers niet meer vinden .

 

Het was niet alleen maar water , wind ,

Je ziet me nog als ik niet kijk , je ademt

Als ik niet luister , leest wat ik niet schrijf .

 

Ik heb het je toen voorgelezen .

De ramen stonden open , op het terras

Dronken de vrienden limonade , de appelboom

Bloeide . Ik heb je voorgelezen

 

Wat ik wilde : weg , met jouw . Naast mijn bed

Een prachtige fruitmand . Geen druif

Nam je , geen sinaasappeltje , nee , nee ,

Die waren allemaal voor mij , voor mij

 

Alleen . Ik moet in slaap gevallen zijn ,

De ramen waren dichtgedaan , alsof er

Iemand was geweest , de wekker tikte

De maan scheen op het grijze fruit .

 

Ik heb de volgeschreven papieren waarvan

Ik voorlas , gevonden en verscheurd .

 

 

Geschreven door Joanna om 20:57 Reageer op dit bericht

Hans Lodeizen

God zijn spiegel .

Toen God de wereld had geschapen ,

En ze daar klaar voor hem lag –

Rustig als een baby aan het slapen –

Was hij niet blij met wat hij zag .

 

Men zou toch zeggen hij had alles

Zelf naar zijn eigen wens gemaakt :

Wij zaten parterre , hij zat stalles ;

De film werd als hij wou gestaakt .

 

Maar nee , in een geweldig pesthumeur

Zat hij alleen in zijn stoel te kniezen ;

Hij keek aanhoudend naar de deur ,

Men dacht : straks pakt hij nog zijn biezen .

 

De wereld was naar zijn evenbeeld

En precies als hijzelf geworden

En daarom keek de Heer zo verveeld :

Hij was niet gevleid met de horde .

 

Caïn sloeg Abel in een kwaje bui ,

De zondvloed kwam , een beetje later ,

De toren van Babel verwarde de lui

En tenslotte sloeg Jezus een flater .

 

Eén ding was duidelijk: het was niet goed

Wat hij gedaan had met zijn vrije uren .

Hij herkende overal zijn eigen snoet

En de mensen bedreven zijn dolste kuren .

 

Nu is god van de wereld gegaan ,

Maar een fout is er om een les te leren

Kijkt mijn spiegelbeeld me met liefde aan

Dan wil ik het de rug toekeren

Geschreven door Joanna om 00:00 Reageer op dit bericht

Thuis...

Dat gelukkig niet

 

Op tweehonderd meter van waar ik woon

Staat het huis waar ik ben geboren .

 

Ik kom er haast iedere dag een keer langs .

 

Daar heb ik geknikkerd , gehoepeld , getold ,

Ben ik onder een paard en kar gelopen .

 

Ja , wat men ook van mij zeggen kan , niet

Dat ik ver van mijn oorsprong ben afgedwaald .

 

Geschreven door Joanna om 20:56 Reageer op dit bericht

De mussen

Het solemiomusje .      c.buddingh

 

 

Het solemiomusje fladdert

Van boom tot boom .

Zij zoekt haar kleine zusje .

Wie helpt haar uit de droom ?

 

Ze heeft namelijk geen zusje ,

Zelfs niet een geelgenopt .

Geef haar maar gauw een klein kusje

Als ze ook bij jou aanklopt .

 

Geschreven door Joanna om 20:16 Reageer op dit bericht

winter ?

Sneeuw bij avond

 

Voor het slapen gaan kijk

 Ik nog even naar buiten :

Dikke , donzige vlokken

Dwarrelen omlaag als

Minuscule parachutistjes :

Koning winter neemt weer

Bezit van de aarde .

 

En ik tuur er vol vertedering naar .

 

Maar vroegen zou ’t in

Mij hebben gejuicht :

‘Morgen sneeuwballen gooien !’

 

Geschreven door Joanna om 19:40 Reageer op dit bericht

De zwaartekracht , bijvoorbeeld.

 

Ik geef toe ik ben bepaald geen rebel .

Maar tegen wie moet je in opstand komen ?

 

De zwaartekracht , bijvoorbeeld haat ik vaak

Mateloos :altijd met je neus op de aarde gedrukt .

 

En aarde is : ellende , verval , ziekte , dood .

Maar probeer er maar eens vanaf te springen .

 

We zitten gekerkerd in ’t nu en hier

En magere Hein is onze cipier

Geschreven door Joanna om 21:44 Reageer op dit bericht

binnen en buiten

Binnen en Buiten

 

Kom binnen ,

En ik draag je op handen

Naar waar je niets meer kunt verzinnen .

 

Als ik je verfris

Waar de zee de zee is ,

Ween je omdat je weent

Zonder dat het je bevreemdt .

Je lacht omdat je lacht

Je leeft omdat je leeft

Ik ontvang en jij geeft .

 

Wanneer je ogen sluiten

Gaan we naar buiten .

 

Jacop der Meistersänger

 

 

Geschreven door Joanna om 19:43 Reageer op dit bericht

Samen

Samen

 

Samen de ochtend omhelzen  

En met de zon hoog op de kruin

Rabarber eten.

Samen

Terwijl het rood over de aarde kantelt

Druiven persen .

Een ster wegpinken naar de avond

En met wijn

De nacht verder dragen .

 

                     Ina Stabergh             

 

 

Geschreven door Joanna om 21:57 Reageer op dit bericht

Omdat...


Omdat de liefde geen verhalen verteld




 

Omdat de liefde geen verhalen vertelt

Vertel ik en luistert de liefde .

Vertel me niets droevigs of vrolijks

Zegt ze . Noem me geen namen maar

Spreek van haar handen

 

Haar handen , zeg ik , graven in mijn huid .

Ze graven in het donker van mijn hart

En het doet geen pijn . Ze zetten de tijd stil

Ze zetten het hart stil .Dan voel je geen pijn .

Ik vertel niets droefs en niets vrolijks .

Ik noem je geen namen maar wel hoe ze

Haar naam op mijn lippen schrijft .

 

Genoeg zegt de liefde , je hebt

Genoeg verteld . Nu krijg ik honger

We schuiven aan tafel .      Marco Nijmeyer

Geschreven door Joanna om 00:00 Reageer op dit bericht

je bent

Je Bent

Je bent gewoon je bent

Gewoon een mens dat is

Een warm en onontwarbaar

Wezen en toch kun je gebeuren

 

Als een wonder want ik heb je

Geroepen in mijn slaap

Ik riep je liefde

 

Door eigen honger

In de eigen stem ontwaakt

zag ik ; ik heb je niet gedroomd

hier ben je je bestaat

 

ik heb je liefgehad

dit is de nacht

 

ik heb je lief

ik heb je niet bedacht

 

                     Ellen Warmond

 

Geschreven door Joanna om 13:23 Reageer op dit bericht

een appel , een snee brood

Een appel, een snee brood

 

 

Nu de grote dingen verdwijnen

Worden de kleine groot:

Wat zonlicht op de gordijnen ,

Een appel , een snee vers brood .

 

Met hoeveel overbodigs

Maken we ons leven stuk :

Er is zo weinig nodig

Voor wat eenvoudig geluk .

 

Z’o zou ik oud willen worden ,

Klein en weltevree

Een boek om in te lezen ,

Een appel , een snee vers brood .

Geschreven door Joanna om 14:43 Reageer op dit bericht

Een verhaaltje voor jullie

Er waren twee kabouters , At en 0t ,zo klein dat zij niet in de mens geloofden , alleen een beetje in god .

0p een dag naar het leek als altijd kwam een prinsesje voorbij .

Ze zij kijk dat is aardig , bukte en alsof ze bloemetjes plukte , pakte ze Ot en At en stak zoals alle prinsesjes de hele zaak in haar zak . Zo kwamen ze in het paleis , de avond viel , dat hou je niet tegen , maar terstond ontstak het prinsesje opnieuw de zon , zodat Ot en At ineens wisten dat ze waren in het paradijs en god bestond . Dat was de eerste dag .

Zij sliepen die nacht in lucifersdoosjes van de koning onder zacht geurende zakdoekjes van de koningin .

En de volgende dag vroeg het prinsesje , wat zal ik eens voor jullie kopen , waarin hebben jullie nu de meeste zin .

En Ot en At wilden natuurlijk dat het kermis was met chocola , een reuzenrad , draaimolens en heel veel limonade .

Toen ging het prinsesje naar de stad en wat bracht ze mee ?

 

 

 

 

Vliegtuigjes , botsauto’tjes , geweertjes een draaiorgeltje met jesterdee , slagroomijs en mooie rode kleertjes .

En het werd alle dagen kermis in ’t paleis want At en Ot konden de trappen eerst niet op of af en nooit alleen naar de w.c. maar met het vliegtuig ging het één twee drie en was het prinsesje van de wijs dan draaiden zij het orgeltje van jesterdee .

Maar ook moesten de kabouters leren en Ot telde op en At trok af . Ze kregen boeken met gouden woorden , zo groot dat ze uren langs de bladzijden moesten lopen en ze zere voeten kregen van het leren begrijpen wat er stond , en de potloden waren zo zwaar dat ze alleen maar samen en dan nog heel korte brieven konden schrijven , bijvoorbeeld alleen hun namen .

En toen de dagen voorbij waren in het paleis gingen ze weer weg , het was een lange reis terug naar het bos en hun huisje stond er als altijd . Hoe het prinsesje dat wel vond ? Ze huilde zoals ze nog nooit had gehuild , tot ze op een dag aan het paleisraam stond en uit de bomen van het park een duif verscheen met een klein briefje in zijn mond , zo klein dat zij het haast niet lezen kon . Er stond ; Dag prinses (god) een zoen van At en Ot .

 

                                                                                    Rutger Kopland

Geschreven door Joanna om 20:29 Reageer op dit bericht

voor anderen

voor mensen die mij niet kennen
ben ik normaal
voor mensen die me lief hebben
ben ik speciaal
voor mensen die mij niet mogen
ben ik asociaal
maar voor mensen die mij goed kennen, mijn vrienden, familie
ben ik bijzonder
en dat komt doordat hun dat ook voor mij zijn

 

 

Geschreven door Joanna om 19:52 1 reactie Reageer op dit bericht

eeeIk verlang zo

                                                   Ik verlang zo naar een straaltje zon
                                                   en naar de eerste warme lentedagen, 
                                                    
                                                   naar witte wolken, die door    
                                                   \'t blauw  heen  jagen         
                                                   op weg naar iets, die ik niet vinden kon. 
                                                  
                                                   Ik wil de tulpen ruiken als ik ze pluk,
                                                   ik wil de kersenbloesem weer zien
                                                   zweven, 

                                                  magnolia\'s, de kelken opgeheven,
                                                  of ze een dronk uitbrengen op \'t geluk. 


                                                  Ik wil de knoppen weer zien opengaan
                                                  van berken, mooiste onder alle bomen; 

                                                  Ik wil nu \'k de winter ben ontkomen,
                                                  met nieuwe ogen in de wereld staan!

Geschreven door Joanna om 19:19 Reageer op dit bericht

Meer van Poëzie en gedichten

↑ Terug naar de berichten