Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht
de palm

In het Midden - Oosten heeft men de gewoonte op de bladerkroon van een jonge palmboom een steen te leggen, om te verhinderen dat de boom al te groot wordt. De stam van de boom wordt daardoor sterker, het hout wordt harder en de vruchten worden beter. Een gezegde in verband met deze gewoonte luidt:' De palm groeit onder de druk.' Zo legt de Here ons soms een last op, omdat Hij weet dat dit nuttig is voor ons. Wij worden daardoor innerlijk sterker en zijn beter in staat de invloeden van buitenaf te weerstaan. Ook drijft deze last die ons wordt opgelegd, ons uit tot gebed. Als de inboorlingen van Afrika door een snelstromende rivier moeten trekken, leggen zij een zware steen op hun hoofd als ze geen last hebben te dragen. Het gewicht helpt hen veilig door de rivier te komen. Het maakt hun schreden vast en zo verliezen ze niet gauw hun evenwicht. Zo doet de Here ook vaak met ons. Hij legt ons een last op die bewerkt dat onze gang zekerder wordt en dat we standvastig zijn in de stormen en stromen van het leven. We moeten niet bidden om lichtere lasten, maar om sterkere schouders, opdat Hij zijn doel met ons kan bereiken in ons leven.
De ark van Noach

De ark van Noach leert me alles wat ik in het leven nodig heb! EEN: Mis de boot niet. TWEE: Denk erom dat we allemaal in dezelfde boot zitten. DRIE: Plan tijdig. Toen Noach aan de ark begon te bouwen, was er niet eens sprake van regen. VIER: Verzorg je lichaam en blijf fit. Het is mogelijk dat je pas op je 60e zult gevraagd worden aan de job van je leven te beginnen. (Zoals Noach). VIJF: Luister niet naar criticasters. Doe de job waarvan je overtuigd bent dat je ze moet doen. ZES: Bouw je toekomst op grote hoogte. ZEVEN: Om je eigen veiligheid reis je beter niet alleen maar minstens met twee. En beman je project met voldoende reisgenoten. ACHT: Snelheid is niet altijd een voordeel. Noach had zowel slakken als jachtluipaarden aan boord. Ieder heeft zo zijn eigenheid om een deel van het werk uit te voeren. NEGEN: Als je ten onder gaat aan stress: ga een tijdje ronddobberen. TIEN: Onthoud dat de ark gebouwd werd door één amateur en de Titanic door tientallen ingenieurs. ELF: Als de storm begint en God is met je, wacht er altijd ergens een regenboog op je.
Het raam en de Glazenwasser
Er was eens een raam. Het zat in een muur, op zo\'n hoogte dat je er gemakkelijk doorheen kon kijken. En dat hadden de mensen dan ook vaak gedaan. Net zoals bij alle andere ramen, zonder er bij na te denken.
Het raam keek uit op een klein, simpel pleintje. Dat dacht het raam zelf ook. Vroeger werd er nog veel gespeeld door de jongeren. Er werd geknikkerd, gefietst, opgeschept over de voetbalwedstrijd en heel soms, als het al wat schemerig werd, werd er wel eens gekust. Het was dan ook een handig raam voor de moeders die graag hun kinderen in de gaten wilden houden. Maar tegenwoordig kwam er haast niemand meer.
De Glazenwasser kwam regelmatig langs en vroeg dan aan het raam of het gewassen wilde worden. Maar het raam zei dan: \'Nee\'.
Waarom zou het ook? Op het pleintje gebeurde wel eens wat, maar eigenlijk nooit meer iets interessants. De laatste tijd werd het zelfs erger. Er werd wel eens ruzie gemaakt op het pleintje. Er waren een paar groepen die het pleintje ideaal vonden om te vechten. En de kussende stelletjes ... Zeg nou zelf, zoiets doe je toch niet buiten. Dat is geen zoenen meer!
Het raam kreeg er elke dag meer verdriet van. \'Iedereen die door mij heenkijkt, wordt alleen maar teleurgesteld. Wat ben ik nu voor raam? Wie wil er nog door mij heen kijken?\'
Het raam raakte zo diep bedroefd, dat het steeds meer vuil begon aan te trekken. Wind en regen en zand vormden vegen en vlekken op het glas. Zoveel, dat na verloop van tijd haast niet meer te zien was dat er ooit glas in het raam had gezeten.
\'Net goed,\' dacht het raam vol wrok. \'Er is toch niets om naar te kijken. Moeten ze maar niet zoveel vechten.\'
Het werd herfst en er vlogen bladeren tegen het raam. Ze bleven aan het vuil kleven en bedekten het hele raam. Oei, wat jeukte dat. Maar niemand haalde ze weg. Waarom zouden ze?
\'Eigen schuld\', dacht het raam. \'Ik kan niet eens dat doen waarvoor ik gemaakt ben. Ik heb niemand iets te bieden\'.
Een storm stak op en er vlogen takken tegen het raam en oude kranten. Oei! Dat schuurde! Hagel en sneeuw sloegen tegen de muur en het raam.
\'Help me toch! Haal ze toch weg\', dacht het raam wanhopig. Maar niemand kwam. Wie wist er nu nog dat daar een raam zat? Langzaam, heel langzaam gleden de herfst en de winter voorbij.
Op een dag, vroeg in het voorjaar, kwam de Glazenwasser weer langs. \'Arm raam. Zal Ik jou eens wassen?\'
\'Waarom zou je dat doen? Ik ben nutteloos. Ik kan immers niet eens het simpelste doen waarvoor ik gemaakt ben. Het zou beter zijn als je me helemaal weg zou halen\', zei het raam.
De Glazenwasser ging er even bij zitten. \'Goed, mooi raam, je bent hier geplaatst door mijn Vader de Venstermaker. Om de mensen in dit gebouw een beetje verlichting te geven. Een beetje uitzicht. Weet je dan niet hoe bijzonder je bent? Vergeet niet: als simpel raam zorg je ervoor dat ook de zon in de huizen kan schijnen. En wanneer je Mij elke keer al het vuil van je laat verwijderen, let maar eens op waar je dan toe in staat bent. Mag Ik?\'
Het raam stemde toe en de Glazenwasser begon. Het was een flinke klus, compleet met schuursponzen en krabbers. Maar met elke laag vuil die eraf ging, werd het makkelijker. Tot het raam weer helemaal schoon was.
\'Let nu maar eens op\', zei de Glazenwasser en Hij nam een speciale fles en een zachte doek. Met geduld en heel precies wreef Hij het hele raam ermee in. Geen millimeter vergetend. Toe Hij klaar was, deed Hij een stap achteruit om de zon ruimte te geven. De stralen van de zon gleden over het ingewreven raam. Even was het of er een vuurwerk spetterde en toen verschenen er overal in het huis kleine regenbogen, sterren en dansende vonkjes. Het was of het raam met het zonlicht speelde. Kleuren en vormen gleden en dansten door de kamer. Als de zon fel scheen, ontstonden mozaïeken. En als er een wolk voor de zon gleed, werd de kamer gevuld met een warme gloed.
\'Een raam alleen kan dit niet. Maar dat heb Ik ook nooit van je gevraagd. Ik vraag je alleen of Ik je af en toe opnieuw mag wassen en inwrijven, zodat je kunt blijven stralen. Alleen op deze manier kun je meer zijn dan je bent. En alleen op deze manier kun je dat doen waarvoor Mijn Vader je gemaakt heeft\'.
Uit : EO Visie nr. 33
Robespierre


Tijdens de Franse revolutie speelde een zekere Robespierre een belangrijke rol. Hij was een bruut en stond onverschillig tegenover elke vorm van godsdienst, hoewel hij katholiek opgevoed was. Tijdens de revolutie gebeurden er in Frankrijk verschrikkelijke dingen. Al gauw zag Robespierre in dat het verwerpen van alle godsdiensten een verwoestende uitwerking zou hebben op de hele maatschappij. Daarom begon hij te pleiten ten gunste van een godsdienst. Hij eindigde zijn eerste toespraak over zijn nieuwe ideeën met de woorden: \'Als God niet bestond, zou het nodig zijn Hem uit te vinden.\'
Gelukkig hoeft dit laatste niet. God bestaat en Hij heeft Zichzelf geopenbaard aan de mensen, zodat ieder mens Hem kan leren kennen. God heeft Zichzelf geopenbaard in de schepping, maar vooral door zijn Woord. Door in de Bijbel te lezen kunnen we God leren kennen.
Verschillende Bijbelvertalingen


Er zijn heel wat Bijbels in de omloop. Het is belangrijk om de verschillen te kennen. Zo kun je zelf voor je eigen kiezen welke Bijbel je wil gebruiken. Wist je dat er zelfs Bijbels bestaan in hedendaags, begrijpbaar Nederlands?
Ik wil graag een overzicht geven van de meest gebruikte Nederlandstalige Bijbels en hun verschillen onderling. Er zijn twee soorten verschillen in de Bijbels: in inhoud en taal.
Verschil in inhoud
Verschil in taal
Een vergelijking
1. Verschil in inhoud
Hiervoor moet je goed opletten. Omdat ik in dit artikel enkel de verschillende vertalingen wil voorstellen, ga ik niet diep ingaan op het ontstaan van de Bijbel. Toch moet ik een kort overzicht schetsen van de origine van de Bijbel.
De originele Bijbelteksten noemen we de grondtekst. Deze is vaak op boekrollen of perkament geschreven. De geschriften van het Oude Testament (OT) zijn voornamelijk in het Hebreeuws. Die van het Nieuwe Testament (NT) in het Grieks, de toenmalige wereldtaal.
Er zijn niet één of twee boekrollen gevonden waaruit de grondtekst is voortgekomen, neen, er zijn meer dan 5000 boekrollen en perkamenten gevonden die samen de inhoud vormen van de Bijbel! Bijna alle Bijbelgedeeltes komen meerdere malen voor, en steeds blijken ze identiek te zijn. Deze zijn geschreven en overgeschreven door zo\'n 40-tal verschillende schrijvers op totaal verschillende geografische gebieden en over een tijdspanne van zo\'n 1500 jaar. Dat de inhoud van deze geschriften dezelfde is gebleven, toont aan dat het waarheidsgehalte van de beschreven gebeurtenissen zeer hoog is.
Was het dan makkelijk om de Bijbel samen te stellen?
Voor het grootste gedeelte wel, omdat men zoveel archeologische documenten heeft. De boeken waarvan men 100% zeker is dat deze betrouwbaar zijn, noemt men canonieke boeken. Deze samen noemen we de canon. Zij vormen zowieso de Bijbel. Dit zijn in totaal 66 boeken en bevatten het Oude Testament en het Nieuwe Testament. Men is het hierover eens dat deze geschriften door God geïnspireerd zijn.
Maar uit die duizenden documenten zijn er ook een paar boeken waarover men zwaar heeft moeten nadenken of deze wel betrouwbaar zijn. Sommige menen dat deze geschriften wel door God zijn geïnspireerd, anderen menen van niet. Men heeft deze geschriften apocrief of deuterocanoniek genoemd. Het woord \'apocrief\' komt van het Griekse apokruphos dat geheim, verborgen betekent.
Wie erkent deze apocriefe of deuterocanonieke geschriften?
Wel, de meeste van deze boeken worden erkend door de Rooms-Katholieke Kerk (RKK). Ik zeg duidelijk \'de meeste van deze boeken\', want niet alle apocriefe geschriften worden erkend door de RKK. Sommige Orthodoxe Kerken echter, geloven dat zo goed als alle deuterocanonieke boeken betrouwbaar en door God geïnspireerd zijn. Het Protestantisme erkent enkel de canon als gezaghebbend en verwerpt de apocriefe boeken als door God geïnspireerd.
Wie heeft nu wat?
Een Katholieke Bijbel = de canon + een groot deel van de apocriefe boeken.
Een Protestantse Bijbel = enkel de canon
Sommige Orthodoxe Bijbels = de canon + bijna alle apocriefe boeken.
De canon is dus voor iedereen dezelfde. Wat ook belangrijk is om te weten, is dat in al deze Bijbels, het Nieuwe Testament hetzelfde is. Enkel bij het OT heeft de één wat meer boeken dan de ander.
Er bestaan wel apocriefe geschriften van het NT, maar die worden door niemand erkend als geïnspireerd door God, bijgevolg vind men deze niet terug in een Bijbel.
De Nederlandstalige Bijbels worden gedrukt door:
Het Nederlands Bijbelgenootschap (NBG) : Protestanste Bijbels
De Katholieke Bijbelstichting (KBS) : Katholieke en Orthodoxe Bijbels
Sekten en stromingen.
Naast het onderscheid tussen canonniek en apocrief, zijn er nog andere Bijbels in de omloop. Vele sekten hebben zelf een Bijbel, die aangepast is aan hun leer.
Het meest bekende voorbeeld hiervan is \"De nieuwe wereld vertaling\" van de Watchtower Trade Organisation. Ook wel bekend als de getuigen van Yehovah. Zij hebben in hun vertaling woorden weggelaten of toegevoegd die in de grondteksten helemaal niet staan. Dit was de enige oplossing om oa de drieëenheid te ontkennen. Wanneer men hun Bijbel kritisch gaat vergelijken met de brontekst, zijn heel duidelijk hun vervalsingen te zien.
Let hiervoor dus goed op!!
NEEM TIJD
Onlangs gingen mijn vriend en ik op doorreis een klein restaurantje binnen.
Terwijl we zaten te praten, wees mijn vriend opeens naar een poster die op de muur achter de toonbank was opgehangen. Het stelde een vredig tafereel op een meer voor. In de vroege morgenmist waren een vader en zoon zichtbaar die in een roeiboot zaten te vissen. Alles was rustig en sereen. De boot bewoog niet op het stille water en de vissers zaten kalm te kijken naar de twee bewegingloze dobbers op het vreedzame meer.
Het geheel maakte een indruk van rust en kalmte. In de hoek van de poster waren twee woorden gedrukt: neem tijd.
Deze twee woorden klinken in onze oren als een vreemde taal. We spoeden ons vaak net zo snel voort door het leven, als we met onze auto's op de snelweg rijden. En door zo gehaast en snel te leven, vergeten we God vaak. De Heer Jezus zei eens tegen zijn discipelen: 'Rust een beetje.'
Laten wij ook tijd nemen om rustig alleen met de Heer te zijn. Laten we tijd nemen om de Bijbel te lezen en te bidden
Gezocht ambassadeurs
De Heer Jezus heeft geen behoefte aan geheimagenten
die Hem in het verborgene navolgen.
Hij zoekt ambassadeurs die Hem in het openbaar
willen vertegenwoordigen.
Het Recht
Wat stelt het hugenotenkruis voor?



Het hoofdbestanddeel is het zogenaamde maltezerkruis. Het kenteken van de ridders van Malta, een geestelijke ridderorde uit de Middeleeuwen. Het kruis heeft gelijke armen, wijd uiteenlopend aan de top; misschien een figuur, die verkregen is door vier pijlpunten naar het midden te keren.
Het maltezerkruis is door hugenoten aanvaard, omdat men wel christenen wilde zijn, gekenmerkt door het kruis, maar niet door het 'Latijnse' kruis, het 'roomse'. Het maltezerkruis wordt gezien als symbool der wedergeboorte. De acht punten stellen voor de acht zaligsprekingen uit het Evangelie (Mt. 5:310)
De armen van het kruis worden verbonden door een krans van vier lelies (lisbloemen) of harten, symbolen van reinheid en trouw.Het oorspronkelijke aanhangsel onderaan was peervormig, volgens sommigen een kruikje (teken van de zalving van de Franse koningen? of met de Geest?), volgens anderen een traan (teken van het lijden der Franse protestanten). Omstreeks 1688 is dit peervormig aanhangsel vervangen door de duif, het symbool van de Heilige Geest.
Telt men alle punten (parels en lelies) bij elkaar op, dan krijgt men het getal 12, overeenkomstig de 12 artikelen van het 'algemeen en ongetwijfeld christelijk geloof, waarvan de hugenoten zich belijders wisten.
De waterdrager
De waterdrager
Een waterdrager in India had twee grote emmers; elke emmer hing aan één kant van een juk dat hij over zijn schouders droeg. Eén van de emmers had een barst en de andere emmer was in perfecte staat. Terwijl die tweede emmer aan het einde van de lange weg tussen de rivier en het huis van de meester een volle portie water afleverde was tegen die tijd de gebarsten emmer nog maar halfvol.
Dat ging zo twee volle jaren verder. De waterdrager leverde altijd maar anderhalve emmer water af in het huis van zijn meester. Natuurlijk was de goede emmer bijzonder trots op zijn prestaties omdat hij perfect voldeed voor het doel waarvoor hij gemaakt was. Maar de arme gebarsten emmer was beschaamd om zijn gebrek en voelde zich ellendig omdat hij maar de helft kon presteren van wat je van hem had mogen verwachten. Nadat hij zich zo twee jaar lang als een mislukking had beschouwd begon hij op een dag bij de rivier tegen de waterdrager te praten.
\"Ik ben beschaamd over mezelf en ik wil me bij jou verontschuldigen.\"
\"Waarom?\", vroeg de waterdrager. \"Waarom ben je beschaamd?\"
\"Omdat ik de laatste twee jaar slechts in staat ben geweest om maar een halve portie water af te leveren. Door die barst in mijn zijwand verlies ik voortdurend water onderweg naar het huis van je meester. Door mijn falen moet jij zo hard werken en krijg je niet het volle loon voor je inspanning\", antwoordde de emmer.
De waterdrager kreeg echt medelijden met de oude gebarsten emmer; hij wilde hem troosten en zei: \"Als we dadelijk teruggaan naar het huis van mijn meester moet je eens goed op die prachtige bloemen letten aan de kant van de weg\".
En inderdaad: toen ze de heuvel opliepen zag de gebarsten emmer de prachtige wilde bloemen langs de kant van de weg en dat bracht hem toch een beetje troost. Maar aan het einde van de reis voelde hij zich toch weer ongelukkig omdat de helft van het water weer was weggelopen en hij verontschuldigde zich opnieuw bij de waterdrager omdat hij weer gefaald had.
De waterdrager bekeek de emmer en zei: \"Heb je dan niet gezien dat er alleen maar bloemen groeien langs jouw kant van de weg en niet langs de kant van de andere emmer?
Dat komt omdat ik altijd al wist dat je een beetje lekte en ik heb daar mijn voordeel mee gedaan. Ik heb bloemzaadjes geplant aan jouw kant van de weg en elke keer we terugkwamen van de rivier heb jij ze water gegeven
En zo heb ik twee jaar lang telkens prachtige bloemen kunnen plukken om de tafel van mijn meester mee te versieren. Als jij niet zou zijn zoals je nu eenmaal bent dan zou zijn huis er nooit zo prachtig uitzien.\"
En zo heeft ieder van ons zijn eigen \"lekken\". We zijn allemaal gebarsten emmers. Maar als wij er open voor staan dan zal de Heer ons falen kunnen gebruiken om de tafel van Zijn Vader op te fleuren.
In Gods grote plan gaat er nooit iets verloren. Wanneer je dus een manier zoekt om elkaar te dienen en als God je voor een bepaalde taak heeft geroepen, maak je dan geen zorgen om je zwakke punten. Wees je er wel van bewust maar geef Hem de mogelijkheid om er Zijn voordeel mee te doen en zo kan jij ook meewerken aan schoonheid langs Zijn weg.
Ga dapper voort en weet dat we in onze zwakheid Zijn sterkte ervaren.
uit: Whispering hope
Zijn Zoon
De vuurtoren

Eens op een keer voer een slagschip, op weg naar de thuishaven in Engeland, dicht langs de kust in een dichte mist.
'Toeoeoet!' blies de misthoorn. Het was een naargeestig geluid. De stuurman en de kapitein moesten heel goed uitkijken waar ze voeren. Er waren uitkijkposten uitgezet om te helpen kijken. Het was immers in de tijd dat er nog geen radar was. Plotseling doemde uit de mist een donker gevaarte op met een zwaaiend licht. De kapitein schrok erg. Hij pakte de grote scheepsroeper en riep: 'Hier kapitein Thompson van de Independence, Ga ogenblikkelijk opzij. Herhaal! Opzij, twintig graden stuurboord.'
De stuurman hield het grote rad stevig in handen en met een verbeten gezicht bleef hij, zoals de kapitein hem beval, rechtdoor varen. Daar klonk van over het water een stem: 'Hier matroos Stevens, U moet opzij, Independence. Twintig graden stuurboord. Herhaal: Ga direct opzij!'
'Wel nou nog mooier,' mopperde de kapitein. 'Zo'n stomme matroos. Waar is zijn kapitein? Laten ze maar gauw maken dat ze weg komen.'
Hij greep naar zijn roeper en schreeuwde: 'Hallo, Stevens... hier kapitein Thompson... Dit is een slagschip, herhaal slagschip. Ga ogenblikkelijk opzij, anders gebeurt er iets verschrikkelijks met jullie... Twintig graden stuurboord!'
Even was het stil! Gespannen trachtte iedereen door de dichte mist heen te kijken. Zou het andere schip opzij gaan? Dan klonk weer de stem van de matroos uit de richting van het donkere gevaarte dat angstwekkend dichterbij kwam.
'Kapitein, ga ogenblikkelijk opzij! U bent dan wel een slagschip, maar dit is een VUURTOREN!
Bliksemsnel gaf de stomverbaasde kapitein het bevel: 'Twintig graden stuurboord!'
Gelukkig konden ze dit verhaal nog na vertellen. Gods Woord is net als die vuurtoren. Het waarschuwt ons voor verkeerde dingen en wijst ons de weg in de duisternis. Sommige mensen denken het beter te weten dan de Bijbel. Ze willen er niet naar luisteren. Toch kunnen ze dat maar beter wel doen. Anders strandt hun levensscheepje nog.
want elke boom
Rachel - 17 jaar
Als je vandaag zou sterven
Wat gebeurt er dan met jou?
Morgen is geen belofte.
Maar een mogelijkheid.
Misschien komt er voor jou geen morgen.
Wat komt er na de dood?
Waar brengt jij je eeuwigheid door?
Krijg jij \'n eeuwig leven bij onze liefhebbende Vader...
Of wordt je weggerukt uit de armen van Jezus?
Aan jou om te kiezen!
Rachel-- 17 jaar
2 weken voordat ze werd neergeschoten in Columbine H. school USA
Vertaalt door Filip.V

Bij een spoorwegovergang staat vaak een andrseaskruis als waarschuwing, genoemd naar Petrus’ oudere broer. Wie is hij eigenlijk? Hij is een van Jezus’ eerste discipelen. Andreas was de broer van Simon Petrus. Zodra Andreas, via Johannes de Doper, tot Jezus gekomen is, gaat voor hem het licht schijnen.Eindelijk is de Messias, Christus, de Gezalfde van God gekomen! Zo’n grote ontdekking houd je niet voor jezelf. Hij gaat naar huis en brengt ook zijn jongere broer Petrus tot Jezus. Het is moeilijker om aan familie of vrienden het evangelie door te geven en vóór te leven dan aan vreemden. Andreas doet dus het moeilijkste. Over Petrus horen we hierna nog heel vaak. Over Andreas heel weinig. Volgens de overlevering heeft hij na het Pinsterfeest het evangelie verkondigd in Klein-Azië en de landen rond de Donau. Ten tijde van de regeringsperiode van keizer Nero werd Andreas door stadhouder Ageas gearresteerd. Hij werd gedwongen de goden te offeren maar hield standvastig vol en bleef weigeren. Daarop sprak de stadhouder het doodvonnis over hem uit. Omstreeks het jaar 60 is hij te Patras in het noorden van de Peloponnesus (Griekenland) aan een X-vormig kruis gestorven (het Andreaskruis).
laat uw wijze

De jacht naar geld of succes brengt de mens geen geluk , omdat je je op die manier afhankelijk maakt van dingen buiten jezelf.
Stille Tijd
STILTE is afwezigheid van lawaai.
In de STILTE kun je luisteren naar God en opklimmen naar Hem, maar in de STILTE kun je ook Gods zwijgen ervaren.
STILTE is een keuze, het valt niet altijd mee om voor de STILTE te kiezen, STILTE kan strijd zijn.
STILTE is wachten op God, het is een vindplaats van God.
STILTE is tijd nemen en aandacht hebben.
STILTE kan ook bedreigend zijn, je kunt in de STILTE een beklemmende angst ervaren.
STILTE kan eenzaam zijn, maar in de STILTE kun je ook de Ander ontdekken, en de ander.
STILTE wordt je geschonken, maar STILTE kan soms ook onnatuurlijk aanvoelen.
STILTE is voor alles discipline, STILTE moet je beoefenen.
STILTE is een weg van loslaten.
STILTE is dichter bij God komen.
DE WONDERMOOIE SCHEPPING VAN GOD
Een plantkundige in Schotland trok er op een
mooie zomerdag op uit om de flora op de heide
te bestuderen. Toen hij een paar heidestruiken
ontdekte die opvielen door hun buitengewoon
prachtige bloei, knielde hij neer en nam zijn
loupe om dit overbekende bloempje nog eens
goed te bekijken. Terwijl hij zo bezig was, hele-
maal verdiept in wat hij zag, viel er een schaduw
over hem heen. Hij keek op en zag het door
weer en wind verweerde gezicht van een herder.
De herder keek hem aan met een glimlach, alsof
hij wou zeggen: 'Wat voor een groot kind moet
jij zijn, om zo te kijken naar een doodgewoon
heidebloempje.' De botanist bood hem vrien-
delijk zijn loupe aan met de woorden: 'Wil je
ook eens kijken?' De herder bukte zich en keek
door de loupe. Onder het kijken veranderde zijn
gezicht. Vol bewondering bleef hij kijken. 'Is het
niet schitterend?', vroeg de botanist. 'Ik heb er
geen woorden voor', zei de herder. 'Wat erg: wat
heb ik vaak zonder er bij na te denken, vertrapt
wat God zo mooi heeft gemaakt!'
<IMG src="http://www.freephotohost.com/out.php/i11202_a15.gif
"border="0">


