De rechtvaardige zal zich in
de Heer verheugen en bij Hem
schuilen. Ps. 64:11
In deze psalm van David neemt de vijand een
belangrijke plaats in. De wapens die hl) hier
tegen hem gebruikt, zijn die waarmee ook wi] zo
vaak te maken krijgen. Geen letterlijke zwaarden
en pijlen, maar woorden en overleggingen. Hoe
treffend lezen we dat in vs. 4: 'Een bitter woord
dat werkt als een pijl die doel treft. Kennen
wij dat niet uit ervaring? Soms kan zo'n bitter
woord iemand jarenlang grote schade berok-
kenen doordat het pijn en verbittering veroor-
zaakt. Als het ons treft, laten we dan doen wat
David hier ook doet: het aan de Heer vertellen,
ons in Hem verheugen en bij Hem schuilen.
Gelukkig zijn we als we, net als David, de dingen
aan God kunnen overgeven. Hoe ondoorgronde-
lijk het hart van mensen ook mag zijn, Hij kent
het. Hij is de hartenkenner. En op zijn tijd en
wijze zal Hij ingrijpen. We leren uit deze psalm
dat het goed is om het van God te verwachten.
Over onze Heer Jezus lezen we dat de mensen
zich verbaasden over de woorden van genade
die uit zijn mond kwamen. Zijn woorden zijn
nooit bitter; Hij kwetst niemands gevoelens (l
Kor. 13). Laten we bij de Heer schuilen. En erop
letten dat de woorden die uit onze mond komen
goede woorden zijn: woorden van zegen en
genade, die werken als balsem op de wonden die
door bittere woorden geslagen zijn.