Hij moet meer, maar ik minder worden.
Hij moet meer, maar ik minder worden.
Het zal voor Johannes de Doper niet gemakkelijk geweest zijn om zijn eigen dienst, als voorloper van de Messias, langzaam tot een einde te zien komen. Hij ziet de heerlijkheid van de Heer Jezus, de geliefde Zoon van de Vader, aan Wie de Vader alles in handen had gegeven. Hij wist dat dit zo het plan van God was: de Heer Jezus moest meer, en hij minder worden. Zo moet het ook zijn in ons leven en in ons hart: hoe meer plaats de Heer Jezus daarin gaat innemen, des te minder belangrijk worden wij zelf. Dat is niet erg, integendeel, het is juist Gods bedoeling.




