PAUL..
PAUL..
De bel gaat en Paul loopt naar de deur: hij vindt het altijd leuk als er bezoek komt. Maar zijn vader is er eerder en doet open. Daar staat de buurman. Paul, die een verstandelijke beperking heeft, blijft half achter zijn vader staan. 'Dag buurman. Joh, wat kijk je zorgelijk. Is er wat aan de hand?' Buurman zucht en trekt zijn mond strak. Terwijl hij voor zich uit staart, zegt hij: 'Het is verschrikkelijk. Wij hebben vandaag te horen gekregen dat mijn vrouw kanker heeft, van een soort die niet te genezen is. De dokters hebben gezegd dat zij nog maar een paar weken te leven heeft.'
Paul heeft even staan luisteren, maar rent dan naar binnen. Vader praat nog een tijdje verder met buurman en probeert hem te bemoedigen. Als zij afscheid hebben genomen, gaat vader Paul zoeken. Hij vraagt zich af hoe hij dit het beste aan zijn zoon kan uitleggen. Eindelijk vindt hij hem op zijn slaapkamer: op zijn knieën voor zijn bed en hard huilend. Als vader dichterbij komt, hoort hij dat zijn zoon tussen zijn snikken door aan het bidden is. 'Alstublieft God, maak buurvrouw weer beter. Ik vind het zo erg voor buurman.' Vader laat zijn zoon rustig uitspreken en gaat ondertussen op het bed zitten.
Hij trekt Paul naar zich toe en slaat zijn armen om hem heen, onderwijl zijn best doend om uit te leggen dat God van alle mensen houdt. En dat iedereen een keer moet sterven. En dat wie gelooft in de Heer Jezus bij God in de hemel mag wonen. Maar Paul vraagt: 'Waarom maakt God buurvrouw niet beter?' Vader kan niet echt een antwoord geven. 'God maakt soms mensen beter en soms ook niet. Wij moeten vertrouwen hebben in God. Hij weet beter dan wij wat goed is. Hij maakt geen fouten. Hij wil altijd met ons meegaan in vreugde en verdriet. Hij laat ons nooit in de steek.'
Maar het onmogelijke gebeurt: de buurvrouw geneest! De dokters staan voor een raadsel. Het gezwel is zonder enige aanleiding zich gaan terugtrekken en gaan verschrompelen. Na enige tijd wordt buurvrouw uit het ziekenhuis ontslagen. Zij is volkomen genezen verklaard.
Waarom God het gebed van Paul heeft willen verhoren en sommige andere gebeden niet, dat weet alleen God. God legt geen rekenschap af. Hij vertelt ons niet waarom Hij dingen wel of niet doet. Hij is Wie Hij is. Dat moet voor ons genoeg zijn.




