Maandag 3 april 2006
Petrarca om ons gerust te stellen

Hoe vaak horen we (oudere) mensen niet hun beklag doen dat het vroeger zoveel beter was, dat de jongeren van vandaag alle besef voor waarden en normen hebben verloren, dat Louiske niet meer met twee woorden spreekt en Marieke nog nauwelijks goeiedag zegt, dat Kevin zich alleen nog interesseert voor computerspelletjes en je tegen Valerie geen woord meer kan zeggen omdat ze constant met oortjes rondloopt?Het is een fenomeen dat zich doorheen de tijden manifesteert, de oudere generatie die zich aan de jongere ergert omdat die andere waarden hanteert en andere interesses heeft.
Zo is het ook met ons, intellectuelen (ahum ahum). De kunstfreaks ergeren zich mateloos aan de massa die elke belangstelling voor kunst en cultuur heeft verloren. In plaats van een toneelstuk verkiest ze \'Big Brother\', in plaats van een tentoonstelling staart ze zich blind op de \'Royals\', in plaats van naar een opera te gaan loopt ze storm voor \'Mama Mia\', in plaats van een goed boek leest ze \'Story\' of alles over de butler van prinses Diana.
Ook deze oprispingen zijn van alle tijden. In de antieke wereld reeds werd er door filosofen en schrijvers steen en been geklaagd dat het volk geen interesse voor de Schone Kunsten meer opbracht en zijn tijd verdeed met brood ende spelen en in de 14 de eeuw schreef Petrarca een gedicht waarin hij met droefheid vaststelde dat hoongelach slechts zijn deel was.
Laat dit gedicht (vertaling: Frans van Dooren) daarom een balsem zijn op de ziel van de verontruste kunstminnaar en ik zeg u: nee, er is niets veranderd en ja, we zijn een minderheid en een minderheid zullen we blijven .
Laat ons in de eerste plaats positief blijven, de ander zijn geluk gunnen, ook al gaat dat niet in onze richting, en het onze vooral innig koesteren.
7
Vraatzucht en slaap en lege vadsigheid
hebben van de aarde elke deugd verdreven,
en door de waan der dagen afgeschreven
is de natuur haar spoor volledig kwijt.
Gedoofd is \'t sterrenlicht, dat wijd en zijd
weldoend gestalte gaf aan \'s mensen leven,
en spotternij en hoongelach omgeven
wie zich aan schrijven of aan dichten wijdt.
Wie taalt er nog naar mirte of lauwertak?
De op winst beluste massa roept misprijzend:
\'Och Wijsheid, jij bent arm en naakt en zwak!\'
Edelgestemde geest, jij die al reizend
dikwijls alleen zult zijn, ik wil je vragen
om op je hoge tocht niet te versagen.
Vraatzucht en slaap en lege vadsigheid
hebben van de aarde elke deugd verdreven,
en door de waan der dagen afgeschreven
is de natuur haar spoor volledig kwijt.
Gedoofd is \'t sterrenlicht, dat wijd en zijd
weldoend gestalte gaf aan \'s mensen leven,
en spotternij en hoongelach omgeven
wie zich aan schrijven of aan dichten wijdt.
Wie taalt er nog naar mirte of lauwertak?
De op winst beluste massa roept misprijzend:
\'Och Wijsheid, jij bent arm en naakt en zwak!\'
Edelgestemde geest, jij die al reizend
dikwijls alleen zult zijn, ik wil je vragen
om op je hoge tocht niet te versagen.


